Ondertitel: Onderzoeksrapport Instituut/uitgever



Dovnload 2.04 Mb.
Pagina4/26
Datum20.08.2016
Grootte2.04 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   26

3. Onderzoeksopzet


Om aan te geven hoe de steenmeelproef is opgezet wordt hieronder enige uitleg gegeven.
Er zijn vijf deelnemende boeren die ieder een perceel beschikbaar hebben gesteld, per deelnemend perceel zijn er 6 proefstroken waarbij er telkens 3 stroken met steenmeel zijn aangewend en 3 referentiestroken zijn. In februari 2012 zijn bij alle 6 stroken monsters van de bodem genomen. Die ieder tot stand zijn gekomen uit 10 mengmonsters per proefstrook. Deze mengmonsters zijn tot stand gekomen door exact in het midden van alle proefstroken een lijn te leggen (een proefstrook is 10 meter breed), op 5 meter vanaf de zijkant van de proefstrook en dan is er op 5, 15, 25, 35, 45, 55 ,65, 75, 85 en op 95 meter vanaf de buitenkant van het proefperceel (omdat alle deelnemende proefstroken 100 meter lang zijn) bodem geprikt. De mengmonsters zijn begin februari door Gino Smeulders genomen en verwerkt door het Eurolab Koch in Deventer.

Op 6 en 7 april 2012 is de steenmeel aangewend. Het is aangewend met een kalkstrooier. De proefstroken zijn afwisselend behandeld en onbehandeld met steenmeel, om zo later het effect van de proef duidelijk te zien. De stroken zijn ingemeten en er zijn een aantal piketpaaltjes geplaatst. Op deze manier wordt er steeds op dezelfde plaats bemonsterd en gemeten.

De hoeveelheid die aangewend is komt neer op 850 kg per proefstrook. Dit is omgerekend 8.500 kg per ha. Het was een redelijke zonnige dag, alleen waaide het redelijk hard. Doordat er beschermkleden op kalkstrooier zaten viel het verwaaien van de steenmeel mee.


Figuur 3: Het steenmeel word aangewend op het perceel van Andries Halbesma



De vijf deelnemende boeren worden telkens benoemd door hun initialen.
GV is Gerke Veenstra, melkveehouder te Damwoude

AH is Andries Halbesma, melkveehouder te Damwoude

TV is Teake Vriewswijk, paardenhouder te Damwoude

MH is Minne Hiemstra, melkveehouder te Sibrandahuis

JH is Jan Hania, melkveehouder te Westergeest

4. Te verwachten resultaten


Om een indicatie te geven wat wij als studenten van het Van Hall Larenstein aan kwalitatieve eigenschappen verwachten van de steenmeelproeven in Dantumadeel, hebben wij eerst de gegevens van de 0-situatie van de bodem bij alle deelnemers in kaart gebracht en deze direct vergeleken met de onderzochte mineralen en sporenelementen van de extractieproef die Wageningen Universiteit onderzocht heeft, om op deze manier al een verwachting te schetsen wat Basabox voor de bodem en het grasgewas zou kunnen betekenen. Uiteindelijk zal hier op terug gekeken worden in de discussie en de conclusie om uiteindelijk deze verwachtingen te evalueren.

Op alle proefstroken valt het calcium reserve waardering van de bodem op de streefwaarde van normaal (ongeveer 2mg/kg per product). Deze varieert tussen de 0,1 en de 0,7 mg calcium reserve per kg (Bijlage I). De extractiegegevens van Basabox geven aan dat Basabox het rijkst is aan calcium met maarliefst 30690 mg (is 0.030690 kg) calcium als direct opneembaar, 30980 mg per kg beschikbaar en respectievelijk 28650 mg per kg voorraad die op lange termijn beschikbaar kan komen. Onze verwachtingen zijn dan ook dat deze bij zowel de bodem als het grasgewas zeer fors gaat toenemen zowel op korte termijn als voor de eerstkomende jaren.

Bij fosfor (p-al) (het leverbare fosfaat) zijn echter de verschillen in de bodem veel extremer. Bij 3 van de 5 deelnemers varieert deze tussen ruim en goed, met uitzondering van slechts 1 uitschieter bij 1 proefstrook van zeer hoog (94). Bij de andere 2 deelnemende bedrijven (TV en MH) variëren de waarden van vrij laag (13) tot normaal tot zeer hoog (112) waarbij er een streefwaarde wordt aangehouden van 35. De extractieproef geeft aan dat Basabox een fosfaat bevat van 911 mg per kg aan direct opneembaar, 918 mg per kg beschikbaar en 147 mg per kg voorraad die op korte termijn beschikbaar kan komen. Deze uitkomsten zijn echter relatief gezien al veel lager dan bij calcium, waarbij het niveau van Fosfor (p-al) in de bodem al hoger is. Gezien deze veel kleinere verschillen denken wij dat er op basis van de steenmeelbemesting geen grote veranderingen zullen optreden tussen de referentiestroken en de steenmeelstroken. Voor de 2 percelen waar p-al metingen zijn bepaald die vrij laag zijn, zal steenmeel hier naar alle waarschijnlijkheid weinig toevoegen, echter denken wij niet dat hier zich zorgwekkende ontwikkelingen zullen voor doen.

Het kaligetal varieert bij 3 van de 5 deelnemende bedrijven tussen voldoende en hoog. Bij JH zijn er metingen waargenomen van zeer hoog (82 en 84). Terwijl er bij TV tegenovergestelde uitkomsten zijn opgevallen van zeer laag (12). De streefwaarde van het kaligetal is 28. Uit de gegevens van de extractieproef valt af te lezen dat er relatief gezien weinig kalium in zit. 91, 95 en 125 mg per kg na gelang de tijd verstrekt. Het kalium in Basabox sluit goed aan op de ruime kaligetallen van 4 van de 5 percelen, alleen het perceel van TV zou wat meer kali kunnen gebruiken.

Bij magnesium opneembaar zijn er 4 deelnemers die tussen de waarderingskenmerken goed (160) en hoog zitten (740). waarbij een streefwaarde van 310 wordt aangenomen. Bij het perceel van TV varieert het getal magnesium opneembaar tussen vrij laag (90) en extreem laag (74). Het magnesiumgehalte in Basabox op basis van de extractieproef is met 1010, 1740 en 5130 mg per kg na gelang de tijd verstrekt gunstig voor het perceel van TV. Waarschijnlijk hebben sommige andere percelen die al boven de 500 magnesium opneembaar zitten minder behoefte hier aan zoals die van MH en JH.

Het getal natrium uitwisselbaar is bij 4 van de 5 deelnemers bij alle proefstroken voldoende (9), goed of ruim (23). Echter bij het perceel van TV ligt deze onder de streefwaarde van 8. Deze varieert tussen 3 en 5 en wordt consequent aangeduid als zeer laag. De extractieproef gegevens geven aan dat er 109, 109 en 147 mg Natrium per kg in Basabox zit. Ook hier is het getal relatief gezien niet al te hoog, maar het niveau van 8 als streefwaarde is echter ook veel lager dan bijvoorbeeld kali (28).Hoe deze gegevens zich uiteindelijk zullen ontwikkelen is nu nog lastig in te schatten.

Het aantal (mg/kg) zwavel opneembaar in de bodem is bij 4 van de 5 deelnemende bedrijven te laag. Deze worden allen gemiddeld gewaardeerd op matig van 10 tot 23 (deze laatste is net voldoende). Er wordt een streefwaarde aangehouden van 35. Echter het perceel van TV laat waarden zien die wederom variëren tussen 3 en 5. Deze worden dan ook aangeduid als extreem laag. Echter als er gekeken wordt naar de extractieproef dan valt daar uit op te maken dat Basabox 911, 918 en 868 mg per kg zwavel bevat dat na gelang de tijd verstrekt vrij komt. Deze zwavelgiften zouden wel eens een hele welkome aanvulling kunnen zijn op al de 5 deelnemende percelen.

Het kobalt dat in de bodem zit wordt in de bodemanalyse uitgedrukt in mg per kg azijn oplosbaar. Deze varieert bij 4 van de 5 deelnemende percelen van vrij laag 0.05 tot matig 0.3. Alleen bij het perceel van MH zijn de uitkomsten wat gunstiger en variëren hier van voldoende 0.33 tot goed 0.43. Als streefwaarde wordt 0.4 mg per kg aangehouden. In de extractieproef zijn de hoeveelheden aan kobalt uitgedrukt in micro grammen (µg) (0,001 mg) per kg deze zijn respectievelijk 1750, 2150 en 6280 µg per kg. Op basis hiervan zijn geen grote verschillen te verwachten.

Het koper opneembaar mg/kg staat bij alle percelen als zeer laag omschreven. De uitkomsten variëren van 0.01 tot 0.05 mg/kg. Terwijl de streefwaarde van 0.12. Uit de extractiegegevens van Basabox valt op te maken dat 4, 4 en respectievelijk 9 mg koper in Basabox zit. Dit lijkt vrij weinig maar als je kijkt naar het niveau (tussen de 0.01 en 0.05 mg per kg) dan zou dit best nogal een forse verhoging kunnen betekenen.

Bij het getal zink opneembaar (mg/kg) zien we verschillen die gewaardeerd worden tussen voldoende (van 0.2 tot 1 (a 1.3, al weer iets aan de hogere kant)) en ruim (van 2 tot 2.5). de streefwaarde ligt voor zink opneembaar op 0.15 mg per kg. Aangaande de gegevens van de extractieproef van Basabox kan er verondersteld worden dat deze zeker niet zal afnemen en eerder extreem zal toenemen. Bij direct opneembaar staat maarliefst 1610 en bij voorraad die op langer termijn beschikbaar komt 2710. De voorraad die beschikbaar is, is helaas in deze extractieproef niet gemeten.

Molybdeen uitwisselbaar (mg/kg) in de bodem wordt bij 3 van de 5 bedrijven constant met een goed (van 0.11 tot 0.3) gewaardeerd. Bij AH wordt het hele perceel gewaardeerd met een normaal (0.08 tot 0.1). Terwijl er bij TV gewaardeerd wordt van laag (0.04) tot matig (0.07). De extractiegegevens geven aan dat er 80, 41 en 25 µg per kg Molybdeen vrijkomen uit Basabox na gelang de tijd verstrekt. Ook hier zullen naar alle waarschijnlijkheid geen grote verschillen optreden.

Het mangaan opneembaar gehalte mg/kg is bij alle percelen gewaardeerd als extreem hoog. De getallen gaan van 5 mg per kg tot maarliefst 31 mg per kg. Terwijl de referentiewaarde slechts 0.1 mg per kg is. De gegevens van de extractieproef van Basabox geven aan dat deze nog relatief rijk is aan mangaan met 356 mg per kg dat direct opneembaar is, 381 mg per kg die beschikbaar is en 421 mg per kg die als voorraad geld die op termijn beschikbaar kan komen. Kan verondersteld worden dat het mangaangehalte eerder iets toe zal nemen dan af zal nemen.

Tot slot

Wordt ook het aantal mg per kg ijzer aktief in de bodem meegenomen. Deze is bij 3 van de 5 deelnemers consequent normaal. Echter het perceel van TV is volledig gewaardeerd met een ruim en op het perceel van JH zijn er extreme verschillen opgetreden die gewaardeerd worden van voldoende (2) tot hoog (3). De streefwaarde ligt hier op <1. De extractieproef geeft aan dat er relatief gezien extreem veel ijzer in zit. Deze gaat van 1970, 3120 en 8830 mg per kg naar gelang de tijd verstrekt. Ook hiervan zijn de verwachtingen dat ijzer fors zal toenemen.

Uiteindelijk

Gemiddeld genomen zou er verondersteld kunnen worden dat Basabox toch zeker redelijk aansluit op de deelnemende percelen. Calcium en zink zal van alle percelen extreem toenemen zowel in de bodem als in het grasgewas. Ook zwavel, koper en natrium zullen naar alle waarschijnlijkheid in het grasgewas en in de bodem toenemen, dit zou niet hoeven leiden tot grote problemen. Het kobaltgehalte zal naar alle waarschijnlijkheid niet of nauwelijks toenemen, dit is niet wenselijk omdat de meeste percelen hier wel behoefte aan hebben.

Dat het mangaan en ijzergehalte uiteindelijk waarschijnlijk hoger zullen worden is niet wenselijk, omdat deze in de bodem al te hoog waren. Maar het is maar zeer de vraag of er andere soorten steenmeel zijn die hier beter op zouden aansluiten

De bodem is bij deelnemer TV op 6 van de verdere 12 onderzochte elementen onder gemiddeld en net zo als alle andere percelen eveneens 1x bij mangaan extreem hoog. Van alle percelen valt het wel op dat dit perceel het meest uit verband is. Wel hebben wij een goede verwachting dat Basabox voor de meeste van deze mineralen en sporenelementen een positieve uitwerking zal hebben.

De verwachtingen aangaande de kwantitatieve eigenschappen zijn lastiger in te schatten. Maar bij een door de provincie Utrecht gefinancierde proef in Achterveld – gedurende vooralsnog één groeiseizoen – zijn twee chemisch identieke, maar mineralogisch verschillende steenmeelsoorten toegepast. De proef bestond uit zes plots op een graslandperceel bestaande uit: twee blanco’s (R), twee maal steenmeelmengsel A en twee maal steenmeelmengsel B. Ten opzichte van de referentie is bij toepassing van steenmeelmengsel B de opbrengst verhoogd met circa 20 %. Waarom juist dit steenmeelmengsel zo’n hoge opbrengst oplevert is nog onderwerp van studie (Arcadis, 2012, ongepubliceerde data)

Op basis van de bovenstaande gegevens ligt ook een opbrengstverhoging bij de steenmeelproeven in Dantumadeel voor de hand. In Achterveld is echter wel een andere soort steenmeel toegediend (Smeulders1, 2012).



5. Resultaten


1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   26


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina