Onderzoeksopdracht Vlaams wetenschappelijk onderzoek



Dovnload 0.74 Mb.
Pagina1/27
Datum18.08.2016
Grootte0.74 Mb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   27
Onderzoeksopdracht
Vlaams wetenschappelijk onderzoek
en Science Sharing



Ontwerprapport voor de
Vlaamse Raad voor Wetenschapsbeleid

Ingediend door:

FROMOTOREN:

Prof. Dr. Marleen Temmerman

Prof. Dr. Jan Blommaert

Prof. Dr. Ruddy Doom

Prof. Dr. Godelieve Gheysen

Prof. Dr. Ir. Patrick Van Damme

Prof. Em. Dr. Marc Van Montagu

TEAM:
Lou Dierick

Janniek De Clercq

Wouter Vanhove

An De bisschop

Kris Rutten

UNIVERSITEIT GENT

versie 1.1

1 november 2004

Inhoudstafel


1. Inleiding

2. Doelstellingen en Methodologie

3. Ontwikkelingsrelevantie

4. Structuur van de onderzoeksfinanciering

5. Inventarisatie onderzoeksprojecten

6. Expertisegebieden

A. Natuurwetenschappen

  • Landbouw

  • Biologie

  • Milieu

B. Exacte Wetenschappen

C. Technologie

D. Menswetenschappen

E. Sociale Wetenschappen

F. Gezondheidswetenschappen

7. Hoofdactoren

8. Verslag workshop 5 december 2003

9. Conclusies

10. Aanbevelingen

Lijst van afkortingen

Annexen

1.Inleiding


De Vlaamse Raad voor Wetenschapsbeleid wenst te weten hoe er meer aandacht kan gaan naar Vlaams wetenschappelijk onderzoek met ontwikkelingslanden, "science sharing". In deze studie wordt hiertoe een eerste aanzet gegeven. De promotoren en het team, hierbij gevolgd en ondersteund door de VRWB-stuurgroep en het VRWB-secretariaat, wensten inzicht te verwerven in de bestaande toestand: welke Vlaamse teams doen onderzoek in, met of voor ontwikkelingslanden, welke gebieden van de wetenschap komen aan bod, en hoe zit de financiering van dit onderzoek in elkaar ?

Vooreerst wordt echter ingegaan op de vraag naar het ruimer kader. Waarom verdienen ontwikkelingslanden een apart, geïntensiveerd onderzoeksbeleid ? Wanneer is onderzoek relevant voor de ontwikkelingslanden ? Welke soorten onderzoek zijn minder of meer ontwikkelingsrelevant ? Onderzoek naar de vraagzijde is een boeiende oefening: wie bepaalt de themata en prioriteiten voor onderzoek ? Zijn het de donoren en financiers die de krijtlijnen uittekenen, de Westerse onderzoeksinstellingen ? Of de partners in ontwikkelingslanden ?

De aanbodzijde blijkt eveneens divers in elkaar te zitten, met een gamma van project-, mandaat- en vormingsfinanciering over de verschillende administratieve niveau's in ons land en daarbuiten. Deze onderzoeksprogramma's tonen verschillende thematische foci en geografische concentraties. De uitvoerders van wetenschappelijk onderzoek vinden we in belangrijke mate in de academische wereld en eveneens daarbuiten (privé, NGO's).

Een belangrijke vaststelling van dit onderzoek was de relatieve intransparantie van het wetenschappelijk landschap. De gegevens over onderzoeksprojecten die aan de gang zijn waren niet gemakkelijk toegankelijk, wat in contrast staat met de inherente noodzaak aan vlotte beschikbaarheid van onderzoeksgegevens, een essentiële voorwaarde voor vooruitgang in deze internationale en resultaatgerichte wetenschapssector.

Uit een steekproef van een duizendtal recente projecten werden overzichtskaarten gemaakt van de specifieke expertiseniches over alle domeinen van de wetenschap heen. Gelijklopende projecten werden bij elkaar geclusterd en gekwantificeerd op basis van de onderzoeksbudgetten. Dit geeft een boeiend beeld van de expertise van de Vlaamse teams, de belangrijkste themata, de belangrijkste partnerlanden.

Een vijftigtal van deze teams bleken een aanzienlijke activiteit in deze sector te ontwikkelen en via een vragenlijst kwam men meer te weten over eigen perceptie, plannen en ideeën van deze onderzoeksteams.

Dit alles werd op 5 december 2003 voorgesteld in een druk bijgewoonde workshop (60 participanten), met discussies resulterend in een eindrapport gestoeld op een breed draagvlak. Zowel beleidsmensen als onderzoekers bleken een dynamische groep, diep doordrongen van het belang van internationaal onderzoek met ontwikkelingslanden en bezorgd over de toekomst van deze specifieke sector.

Dit rapport eindigt met besluiten en aanbevelingen. Het belangrijkste besef dat uit deze oefening groeit is dat er heel wat onontgonnen terrein is voor verder onderzoek. De aanbevelingen concentreren zich vooral op direct toepasbare maatregelen op Vlaams niveau om onderzoekswerk in, met en voor ontwikkelingslanden te ondersteunen, te consolideren en te versterken.

in naam van de promotoren en het team,

Marleen Temmerman, UGent


2.Doelstellingen en Methodologie

Doelstellingen


  • Het inventariseren van projectgegevens over recent onderzoek ( > 2000-nu) in / met of voor ontwikkelingslanden.

  • Het schematiseren van de voornaamste expertisegebieden

  • Het identificeren van de voornaamste actoren, zowel instellingen als researchteams

  • Het formuleren van conclusies en aanbevelingen teneinde de expertise in Vlaanderen op gebied van ontwikkelingssamenwerking te optimaliseren

Methodologie


De methodologie bestond uit de volgende stappen:

  • Het oprichten van een research antenne binnen ICRH bestaande uit

    • Lou Dierick (1/2 tijds, februari-december), co-ordinator + gezondheidswetenschappen

    • Janniek De Clercq (juni-augustus), natuurwetenschappen

    • Wouter Van Hove (juli-augustus), natuurwetenschappen

    • Kris Rutten (augustus), sociaal-culturele wetenschappen

    • An De bisschop (september-oktober), ontwikkelingsrelevantie

Binnen het team werden de taken verdeeld en een activiteitenplan uitgewerkt

  • Het in kaart brengen van de donoren, onderzoeksprogramma's en verantwoordelijke administraties (de aanbodzijde).

  • Het inventariseren van projectgegevens over recent onderzoek (>2000-nu) in / met of voor ontwikkelingslanden. Deze gegevens werden in eerste instantie gezocht bij de donoren en onderzoeksprogramma's , aangevuld met gegevens van belangrijke instellingen.

  • De gegevens werden in een interactieve workshop (augustus) door het team 'geclusterd' naar expertise-niches.

  • Regelmatige vergaderingen van het team met de promotoren teneinde de resultaten te bespreken en verdere planning af te spreken.

  • Bijwonen van de vergaderingen van de stuurgroep van de VRWB.

  • Identificeren van de voornaamste actoren (instellingen en researchteams); aan 60 teams werd een questionnaire gestuurd (augustus, rappels september); verwerking van de antwoorden.

  • Schrijven van een overzicht van de huidige stand van denken in verband met het begrip 'Ontwikkelingsrelevantie'.

  • Organiseren van een workshop (5 december) ter voorstelling van de onderzoeksresultaten en om te peilen naar conclusies en mogelijke aanbevelingen.

  • Formuleren van conclusies en aanbevelingen in het eindrapport (januari 2004)

Het eigenlijk verloop van het onderzoek wordt geschetst in hoofdstuk 5.


  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   27


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina