Op 1 Januari schreef ik aan de Minister met bepaald verzoek my te benoemen,inaien de Heer van Leeuwen er geen bezwaar tegen had



Dovnload 1.54 Mb.
Pagina7/16
Datum22.07.2016
Grootte1.54 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   ...   16
2\ naar Berlijn. Te Emmerik liep de visitatie gemakkelijk af,te Oberhausen,waar wy te 7.40 arriveerden en een uur moesten wachten,at ik wat en te 8.42 stapte ik in de Curierzug aus Cöln,die te Dortmmid,Hamm en Minden telkens drie en te Hannover 10 minuten stilhield. Nu en dan sliep ik,o.a.tussen Hannover en Brunswijk en tussen Magdeblirg en Potsdam. Van Oberhausen tot Brunswijk bleef het donker en het was geducht koud,zodat myn Franse reiscompagnon zich in drie jassen en twee plaids wikkelde en nog klaagde,terwijl ik niets aanhad dan myn zomerjas. Het stoof allergeweldigst , hoewel het de laatste dagen hard geregend had.

Woensdagochtend te 71 waren wy te Berlijn en reed ik naar het Hotel St.ietersburg,dat schuins tegenover het Hotel Viktoria stond, waar wy op onze huwlijksreis gelogeerd hadden,maar dat my bleek niet veel beter te zyn. Na my opgefrist,verkleed en ontbeten te hebben, begaf ik my naar de woning van Prof Langenbeck,die dicht by de Brand*<^, poort aan het eind der Linden gelegen was,waar ik tot myn gro£e teleurstelling vernam dat de grote man te Warschau was,waar hy ontboden was door Grootvorst Constantijn,die by een oproer door een kogel in de schouder verwond was; de Prof zou niet vóór Maandag terugkomen.

Ik was nu in verlegenheid wat te doen en liep daarom naar het Ned.Gezantschap,maar de Heer Schimmelpenninck van der Oye was niet in stad en de secretaris van legatie Everwein zou eerst te 1 uur op het Bureau komen.

Jffo

XXXVII

555



Ik begaf my toen naar het Museum en trof er twee studenten aan, die my overal rondgeleidden en alles toonden en uitlegden. Wat zou Lore genoten hebben en hoezeer miste ik haar ! Ik sprak met de studenten over de Professoren o.a.ook over Langenbeck, ? en Niemeyer. De beide laatsten stonden volgens hen niet hoog aangeschreven,Lar^mt&tX wel,maar boven allen blonk Frerichs uit. Het doorlopen en bezichtigen van het Museum maakte my,vooral na de lange reis,zó moe dat ik byna niet meer op de been kon blijven en dus naar het Hotel terugging,waar ik tot 1 uur rustte zonder echter te kunnen inslapen. Te 1 uur zocht ik Mr Everwein op,die my zeer vriendelijk ontving en Frerichs en Niemeyer afraadde,de beide laatsten omdat zy niet bekend genoeg waren en Frerichs omdat hy geen specialiteit was en veel te hoog om een gewoon particulier raad te geven,daar hy adviserend geneesheer was der Kon. familie. Hy gaf my daarom in overweging om,nu Langenbeck afwezig was, Prof von Bahrensprung te raadplegen,een specialiteit voor Unterleibs- beschwerden; ik had daar wel oren naar en begaf my terstond naar diens woning,waar ik in de wachtkamer een groot aantal patiënten vond,die hy met zeldzame spoed afscheepte. Toen de beurt aan my kwam vertelde ik hem wat my deerde,en liet hy my alles herhalen,zodat ik de overtuiging had dat hy goed op de hoogte was. Niet weinig verbaasd was ik dus toen,i- mj- *1?'

Pp

pp

vroeg:" Die Dachte sind aber ruhig ?" tandis que je m'étais tué à lui dire dat de hemorrhoxden my beletten te slapen. "Dein,"hernam ik,"im "Gegenteil,ich schlafe immer sehr schlecht," en opnieuw herhaalde ik wat myn sensaties waren, Maar wederom vroeg hy of ik goed sliep,zodat ik wanhopig werd en de indruk kreeg dat de man of niet luisterde of niet wel by 't hoofd was. Daarop zeide hy dat ik een kuur van minstens vier weken te Kissingen moest gaan doen en gaf my myn afscheid na 2 Thalers voor het consult gevraagd te hebben.

Du ik door Dr van Praags raad van de hemorrhoïden genezen ben, geloof ik dat von B.'s advies volkomen juist was,maar destijds boezemde hy my niet het minste vertrouwen in. Daarby kwam dat het my niwt mogelijk was nog 4 weken verlof te nemen,daar ik de maand Augustus weer met de strafzaken belast was en op 1 Sept.by de Ie of Civiele Kamer werd ingedeeld. Ik stond nu voor het dilemma om terstond naar S.en B. terug te keren of om Langebecks komst af te wachten. Het eerste lachte my het meest toe,omdat ik my bitter alleen gevoelde en al gruwelijk het heimwee had,maar het laatste achtte ik verstandiger,daar ik nu eenmaal die verre en kostbare reis had ondernomen om L.te consulteren.

Kon ook hy my niet helpen dan had ik althans de satisfactie van myn best gedaan te hebben,en kon ik in Gods wil,dat myn lyden moest blijven voortduren,berusten.

Ik schreef een en ander aan Lore en bracht myn ^rief naar het Postkantoor,waar ik er een van haar poste restante vond,die zy de vorige avond verzonden had. Zy schreef: "Raad eens aan wie ik daareven "geschreven heb? Aan Fred.Hartsen. Hoe vindt ge dat ? Heden morgen heb "ik van Saar gehoord dat hy overal in Utrecht rondbazuint dat je ziek "bent en dat hy en Donders je naar Berlijn zonden. Hy wil natuurlijk "een beetje met je bluffen en zich daardoor roem verwerven,maar dit "hindert my zé dat mk hem het volgende geschreven heb:" HoogWelGeb Heer. "Ik hoop dat gy het my niet ten kwade zult duiden dat ik U een paar "woorden schrijf,maar,daar ik vernomen heb dat gy aan enige mensen "hebt medegedeeld dat myn man op uw aanraden en dat van Prof.D.naar "Berlijn gereisd is om Prof.L.te consulteren,zo kan ik niet nalaten ïï "dringend te verzoeken de zaak niet verder te verbreiden,daar het zyn "wensch is de reis en vooral de aanleiding zo geheim mogelijk te hou- "den. De redenen,die hem daartoe bewogen,zal hy U zeker by zyn terugkomst wel mededelen. Met de meeste achting enz."

"Qu'en dis-tu chéri? Est-ce bon que j'ai écrit cela ou le trouves- "tu mamvais? C'est bien un peu singulier que,puisque tu tiens à tenir "la chose secrète,tu n'aies pas fermé la bouche à ce sot de Fré,qui "est justement la mouche du coche."

"De Heer en Mevr.Dedel zyn hier geweest.Hy vond het ook absurd "dat er volgens de nieuwe R.0.slechts 2 substituten in Amst.zouden "blijven,maar op het zeggen van Mama dat gy als de jongste wel zoudt "aftreden,lachte hy en zeide dat hy daar niet bang voor was en gy zeker "blijven zoudt. Ik mag lijden van neen als je maar één collega krijgt. "Max vroeg:"Als de kindertjes slapen komt Papa dan terug?" Marietje is "en blijft een wolk,een zoete poes,die weer inslaapt zonder wiegen of "sussen,a bright little^darling....Laat je geen bella donna of ander "vergif in je maag stoppen...."

Op 10 Juli schreef Lore my haar tweede brief naar Berlijn,o.a.dat het by stromen regende en verder:" Je languis d'apprendre ce que tu "fais,comment a été le voyage,où tu loges,ce que le prof.a dit,si tu "devras rester longtemps etc. Dieu veuille bénir ses remèdes et te donker la guérison,après laquelle nous soupirons,mais n'oublions jamais "de ne l'attendre que de Lui seul et de Lui remettre tous nos soucis "et nos intérêts avec une entière confiance et une parfaite soumission "à Sa volonté. Les enfants avec leur manière d'être avec moi m'humilient "souvent,car je pense c'est comme cela que devraient être mes rapports "avec Dieu; cet entier abandon,cette touchante confiance,pourquoi cela "nous manque-t-il si souvent ?"

" Après que tout le monde était co^aché je mis ma lettre à Fred.H. "sur le banc,ne voulant pas qu'on la vit,mais Agnes me dit le lendemain: "Cette nuit j'ai découvert ta correspondance en apportant à 1^- une let- "tre sur le banc et en y trouvant tes lettres. What in the name of "wonder have you written to that young man?" Ik heb er maar een grap "over heen gegooid,want ik had geen lust het haar te zeggeb.

"Henkie ziet er beter uit en is zoet,Max huilt nu en dan en is "aardig,Marieke is en blijft een engel."

" Sophie van Lennep is op 8 Juli bevallen van een zoon Adolf "George (Dop). Arme Sophie,dit is reeds haar vierde zoon,volgens my "een ware)?! beproeving. "

Zy had ook al twee dochters en kreeg nog 3 zoons en 1 dochter er by,10 kinderen in 't geheel. De oudste Jacob werd 1 Juli 1855 geboren, de jongste Cateau op 13 Nov.1867. Lore vervolgt haar brief:

"Weet je wel dat Eveline,om independent te zyn,haar examen als "gouvernante had afgelegd ? Dit verklaart haar mooie brief aan Augustus. Wat zal zy nu gelukkig wezen de vrouw van Cees te worden in "plaats van Lehrerin j Cees behoeft haar dus niet te vragen of zy het "ook af wil maken! "

"Ik heb ineens bedacht dat ik niet geloof dat je een Bijbel hebt "meegnomen; dat vind ik naar. Kindlief hou je nog wel van de Heer ?" Men ziet hieruit hoe trouw Lore was om my daarop attent te maken.

Diezelfde dag schreef ik haar uit Berlijn o.a " Ziehier nu

"wat ik besloten heb. Ik reis heden avond te 11 uur naar Hamburg,waar "ik morgenochtend te 5 uur arriveer om Zondag terug te komen, Maandag "Prof Langenbeck te spreken en Dinsdag Berlijn weer te verlaten. Ik "zou zeker minder geld verteren door hier te blijven,maar le verveel "ik my hier en 2e regent het de ganse dag,niet maar enkele buien maar "gestadig,zodat ik slechts tweemaal even heb kunnen uitgaan en verder "in myn kamer heb zitten lezen."

" Gisteren,na je myn brief verzonden te hebben,heb ik Kroll's "Etablissement bezocht,waar ik my alleen schromelijk verveelde. Het "is een enorm gebouw met een theater en een tuin er naast. Er waren "niets dan officieren en equivoque vrouwen. Te 10 uur ging ik naar "bed en sliep ik heerlijk en lang tot 8 uur,toen ik door het kletteren "van de regen gewekt werd. Ka het ontbijt in myn kamer gelezen en "lang bezoek aan Everwein,die my veel van Spanje vertelde,waar hy ook "attaché geweest is. Als het droog geweest was zou ik naar Charlotten- "burg gereden zyn,waar wy de vorige keer niet geweest zyn,maar nu was "er geen denken aan. Te 3 uur table d'hote,allervervelendste buren, veel Russen en smerige Duitsers. Kaar Potsdam ga ik niet omdat de "Koning er is. Aan de paleizen in de stad is,zegt men,niets te zien "en het Museum heb ik gisteren al nauwkeurig bekeken."

" In Hamburg ga ik op raad van Everwein in Streits Hotel legeren, "van waar men het fraaiste uitzicht heeft. Equipages ziet men hier "weinig,daar de rijke lui op reis zyn,daarentegen staat het niet stil "van omnibussen en Droschken. Er zyn hier veel vreemdelingen,maar op "de Fremdenliste heb ik geen enkele Hollander gevonden. Ik hoop dat "je myn reisplan goedkeurt en dat ik Maandag Langenbeck tref. Is hy "er niet,dan kom ik by je terug. Je weet niet hoe ik naar je verlang "en je mis,en gedurig denk ik welk een dwaasheid het was om jou te "verlaten en dat heerlijke buiten,waar ik het zo goed heb."

De volgende dag 11 Juli schreef ik uit Hamburg: " Je ziet dat ik "myn plan gevolgd heb en naar Hamburg gespoord ben. Gisteren heb ik "nog een grote wandeling door Berlijn gemaakt en na gesoupeerd te "hebben ben ik naar het HamburgercStation gereden,dat vrij ver is.

"Het was te 9y geweldig begonnen te regenen en te onweren,zodat het "traject naar het Station van bliksem en donderslagen vergezeld ging. "De ganse dag had het geregend,maar desniettemin was het even druk- "kend heet gebleven,zodat het niet te verwonderen was dat de zware "lucht zich in een onweder oploste. Men schreef dan ook op myn Ge- "packschein:"Hasz eingeliefert."

" De Hamburger Bahnhof heeft dit byzondere,dat op de loketten waar "men kaartjes koopt,geschilderd staat:"Für Taschendieben wird man ge- "warnt." Ik nam een 2$ klas billet voor 7 Thaler en zat in een coupé "met 3 andere passagiers,zodat ieder een halve bank voor zich had.

"Wy vertrokken te 11 uur en te Spandau,het eerste station,legde ik "my te slapen. De weg naar Hamburg levert,naar men zegt,nie# veel "moois op,maar de volle maan scheen in al haar glorie."

"Te Wittenberg (halfweg) hielden wy 10 min.stil en nam ik een "kop koffie met een broodje. Toen het dag begon te worden sloot ik "myn ogen opnieuw en sliep ik nog heerlijk in tot het laatste station "vóór Hamburg,waar wy te 5t aankwamen. Het duurde nogal lang eer wy "ons goed kregen en op de vraag of iemand iets te verzollen had,antwoordde men natuurlijk ontkennend,zodat geen enkele koffer geopen

d"werd. Ik nam een Droschke en reed niet naar Streits,maar naar Alster- "Hotel,omdat ik my herinner dat Beels dit had aanbevolen. Myn kamerttfe "is heel klein maar het uitzicht prachtig over de Binnen-Alster,een ® "enorm bassin,wel zesmaal groter dan de Dam,vol zwanen en aan drie "zijden door huizen of beter gezegd paleizen omgeven en aan de vierde "door een weg en een brug,die de afscheiding vormen tussen de Binnen- "en de Ausser Alster,dat nog veel groter is."

o

" Op myn kamer heb ik nog tot 7i gedut,waarna ik my gewassen,ver- "schoond,verkleed en te ontbeten heb met afschuwelijke thee. Ik zou "wel koffie nemen,maar die echauffeert my. ha het ontbijt heb ik een "grote wandeling gemaakt,eerst naar de haven,die evenals de Buitenkant "en de Dokken te Amsterdam vol schepen lag,vooral Amerikaanse. De ha- "ven is echter veel minder mooi dan de Buitenkant,omdat de wal heel "nauw is en de huizen oud en lelijk. Dat gedeelte der stad schijnt "in 1842 niet verbrand te zyn. Van de haven ben ik langs al de binnen- "singels of Anlagen naar de Esplanade en zo verder over de Lombards- "brücke en de Alsterdamm naar het Hotel teruggewandeld. Dat was een "goede loop,maar ik was niet moe omdat het fris weer was. Het bleef "dEOog,doch nu,terwijl ik schrijf,heeft het weer gestortregend."

"Gisteren verhaalde my een heer,dat hy sedert Maart in Oostenrijk "gereisd maar geen droge dag beleefd had en ik hoor dat het hier ook "voortdurend regent,zodat,toen heden ochtend de zon scheen,de Ober- "kellner my zeide:"Sie haben das schone Wetter mitgebracht."

"Ik vind de Anlagen allerbeeldigst en de nieuwe stad magnifiek.

"Was je maar hier om er mee van te genieten! In Hamburg is eigenlijk "niets merkwaardigs te zien,maar de stad zelve is de moeite waard. "Morgen hoop ik naar Blankenese te kunnen rijden of varen als het "droog is en 's avonds naar Berlijn terug te keren. De reden waarom "ik 's nachts reis is dat de Curierzüge uitsluitend ' s nachts rijden.

A Adieu! ik houd van je en verlang naar je. Je liefh.M."

Wat ik aan Lore niet schreef,maar later vertelde,was dat er, terwijl ik aan myn brief bezig was,op myn deur getikt werd en er,nadat ik "Herein" geroepen had,een mooi jong meisje binnentrad,dat my bloemen te koop aanbood. Ik zeide dat ik er geen verlangde,waarop zy hernam dat ik misschien iets anders begeerde en my daarby met een paar ogen aankeek,waarvoor mefpig jong man,die niet als Jozef vast in zyn schoenen staat,zou bezweken zyn. Ik herhaalde dat ik aan niets behoefte had,maar zy bleef om me heen draaien en legde haar hand op myn schouder. Toen stond ik op,opende de deur en verzocht haar te verteek- ken. Toen ik aan de table d'hôte myn verbazing over het gebeurde aan myn buurman te kennen gaf,zeide deze my,dat dit Hamburgsche Sitte was en de Hotelhouders toelieten dat zulke meisjes zich by dömannelijke gasten aanmeldden. Hy waarschuwde my voorts op de wandeling voorzichtig te zyn daar men ook dan door jonge deernen wordt aangeklampt.

Zaterdagmiddag 12 Juli schreef ik aan Lore:" Heden heb ik my "nogal goed geamuseerd voorzoveel dit my zonder jou mogelijk is.

Xtj 8Z

"Heden ochtend ben ik naar Blankenese gereden,een dorp aan de Elbe, uur rijden van Hamburg. De weg is heel mooi,aan weerszijden liggen "de buitenverblijven der Hamburgers en men heeft steeds het uitzicht "op de rivier. Van Hamburg rijdt men eerst tot Altona,dat in Holstein "ligt en dus in Denemarken. Men ziet dan ook voor de winkels zowel "Deense als Duitse opschriften,voorts Deense militairen en de Deense "vlag. Te Blankeneseis een Faehrhaus (Veerhuis) waar wy stalden. Ik "beklom er de enige berg,die in de nabijheid van Hamburg is,de Süllberg, die ongeveer 800 voet hoog is,en vanwaar het uitzicht wunderschön is "by helder weer,maar nu was het donker en begon het te regenen,zodat "ik het rytuig moest laten dichtmaken. De voerman was zeer spraakzaam "en goed op de hoogte van de namen van de buitenplaatsen,van het getal "hunner paarden en millioenen Mark banco."

"Gisteravond na het eten ben ik naar de Uhlenhorst gewandeld,

"waar een tuin is,maar om het ongunstige weer was er geen muziek,zo- "dat ik naar het Hotel terugkeerde en in Louise Mühlbachs Napoleon heb "zitten l«zen,dat my zeer interesseert. De winkels zyn niet byzonder "mooi,het eten is heel goed. Gisteren zat ik over een Zweed aan tafel, "die my aansprak en te vergeefs naar myn nationaliteit raadde. Hy hield "my voor een Hannoveraan en eindelijk voor een Deen."

"De toer naar Blankenese heeft my tot 2\ bezig gehouden. Te 3 "uur heb ik gegeten,en nu is het 5 uur. Heden avond denk ik te 10£

"naar Berlijn terug te keren,waar ik zeker een brief van je vind,waarnaar ik enorm verlang. Het brood is hier infaam zuur. Vaarwel liefste,b Y

"beste; ik heb het gevoel dat ik myn vacantie verkwist door op reis "te zyn. Vandaag zag ik een kind dat op zyn duim zoog en dacht ik "aan de Mück (Max).Je M."

Lore schreef myio.a.:" Cher,bien cher enfant de mon coeur. Je "viens d'écrire à ta Maman pour la distraire un peu par ce temps froid "et humide et lui donner de tes nouvelles,et à présent je viens cau- "ser un instant avec toi et te remercier de ta lettre qui m'est parvenue hier 1'après midi,mais qui aurait dû venir beaucoup plus tôt,

"si elle n'avait pas d'abord été envoyée à. la Haye malgré la peine "que tu t'es donnée d'écrire 's Graveland aussi distinctement que possible. Comme je ne sais pas quelle est la vertu des eaux de Kissingen "je ne puis juger du conseil que Bârensprung t'as donné,seulement il "faut me promettre une chosejé, c' est qu'au cas que Langenbeck te conseille la même cure tu partes instantanément pour Kissingen. La cure "ne pourra être que fort courte,mais ce serait mieux que rien et tu ".pourrais la compléter l'année prochaine. Inutile de te dire combien "je souffrirais de ne pouvoir t'accompagner et de devoir être séparée "de toi pendant toute la vacance,maar geen zorgen véér de tijd. "

" J'ai rep une réponse de Ered.Hartsen,qui se disculpe et me "demande pardon,mais il me semble qu'il est aussi un peu choqué."

"Cisteren hebben de kinderen een beetje wijn gehad behalve Max, "omdat hy er niet van houdt. Dit beviel hem echter niet en hy voelde "zich verongelijkt. " Als Makkie groot is dan houdt Makkie ook wel "van wijn en dan krijgt Makkie ook een glaasje," se répétait-il à, "lui-même. Ta Lore."

Zondagavond 13 Juli schreef ik weer uit Berlijn aan Lore dat ik de vorige avond te 10-g- uit Hamburg vertrokken en Zondagochtend te 5^ weer in het Hotel Petersburg aangeland was. Ik had myn koffer natuurlijk aan het goederenbureau te Hamburg aangegeven,maar by het instappen in de tweede klasse,zeide de conducteur my dat ik ook myn reiszak moest aangeven,dewijl hy anders aan de Pruissische grenzen zou worden in beslag genomen. Ik protesteerde,maar daar de conducteur my niet toeliet in te stappen,was ik verplicht myn tas naar het bureau terug te brengen,hetgeen my niet weinig agiteerde daar de trein op het punt van vertrek stond. In de haast vergat ik myn pet uit de tas te nemen, en daar het in de trein hevig tochtte,moest ik myn hoge hoed ophouden en kon ik dus niet achterover leunen om te slapen.

Toen het dag werd las ik tot myn schrik op een in de wagen aangeplakt billet:" Spielkarten dürfen durchaus nicht eingeführt werden" op straffe van 10 Thaler voor elk spel. En nu had ik twee patience spellen in myn reisaak. En myn ontsteltenis vermeerderde toen ik vlak tegenover my een man zag zitten,die ik aan zyn pet voor een beambte aanzag. De visitatie liep echter beter af dan ik vreesde,misschien zocht men in myn tas niet omdat ik enig speelgoed aangaf dat ik in Hamburg gekocht en in myn koffer had.

De conducteur reed niet tot Berlijn mede maar slechts tot Witten- berg,en het amuseerde my dat hy al een paar stations te voren was binnengekomen om ons dit aan te kondigen:"Sogleich verlasse ich den Zug "meine Herren," terwijl hy de nodige Verbeugungen maakte. Een ogenblik later vertoonde hy zich opnieuw om zyn woorden te herhalen en te Wit- tenberg zeide hy:"Also glückliche Reise meine Herren. Ich empfehle mich. Het was natuurlijk om een fooi te doen en die kreeg hy dan ook.

In het hotel was alles bezet,ook myn vorig kamertje,maar ik kreeg er toch een even lelijk,even hoog en met hetzelfde uitzicht op de binnenplaats. Ik legde my terstond ter ruste en sliep nog heerlijk van 6-10 en na ontbeten te hebben reed ik te 11 uur naar het Potsdammer Station,waar het zé vol was dat ik zonder dringen en vechten geen billet kon krijgen.

Ik kwam te kwart voor 1 te Potsdam aan en accordeerde met een koetsier voor 15 Groschen in het uur. Ongelukkig was alleen het Heue Palais te zien,waar de Marmer-en Schelpenzalen zyn,daar Sans-Souci, Babelsberg en het Marmorpalais bewoond waren. Ik sloot my by twee heren aan,die my o.a.zeiden dat de Hohenzollerns zeer rijk waren. De tuinen en parken zyn magnifiek en goed onderhouden en het uitzicht overal prachtig. Ik vond Potsdam veel mooier dan Versailles. Het regende gedurig. Per trein van 5 uur reed ik naar Berlijn terug,waar ik en passant by Prof L.aanbelde en vernam dat hy uit Warschau terug was.

Ik schreef een en ander aan Lore onder byvoeging dat ik wel degelijk myn Bijbel had meegenomen en bovendien nog een boek van Gunning.

1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   ...   16


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina