Op de fiets naar Barcelona 2000-2001 Op de fiets naar Barcelona



Dovnload 407.86 Kb.
Pagina1/5
Datum17.08.2016
Grootte407.86 Kb.
  1   2   3   4   5

Reisverslag “Op de fiets naar Barcelona” 2000-2001


Reisverslag


Op de fiets naar Barcelona
2000-2001



Op de fiets naar Barcelona.

2000-2001

INLEIDING


Na een aanlooproute in het voorjaar van 2000 tot aan de Belgisch/Franse grens, probeerden we de tocht naar Barcelona in de zomervakantie van dat zelfde jaar af te maken. Helaas door zeer slecht weer en ziekte hebben we de tocht bijna 600 km van huis, bij Mirecourt af moeten breken. Fietsen in de regen vinden we niet leuk. Wij zijn, en blijven “mooi-weer-fietsers”. Eén buitje is geen probleem maar de hele dag in de regen en in de kou fietsen, daar vinden wij niets aan. Alles ziet er dan ook zo triest uit. In de zomer van 2001 hebben we de tocht weer op dezelfde plaats opgepakt waar we hem in 2000 afgebroken hadden. Op 1½ dag na, en een paar natte nachten, hebben we afgezien van veel tegenwind, steeds droog fietsweer gehad. De laatste 2 weken waren zelfs uitzonderlijk heet. Het was voor ons de 2e grote fietstocht. In 1999 fietsten we in 25 fietsdagen en 5 rustdagen naar Rome. Naar Barcelona fietsten we in 26 dagen en namen 3 rustdagen. In vergelijking met de tocht naar Barcelona gaf de tocht naar Rome ons toch meer voldoening. Je komt door meer verschillende landen (10) en het landschap is afwisselender. Vooral Italië maakte veel indruk op ons. Het 2e deel van de route naar Barcelona, “Cluny-Barcelona” is beduidend mooier dan het 1e deel. Tot Cluny gaat de route te veel door kleine dorpjes met een kerk en een aantal oude huizen erom heen. Winkels komt men nauwelijks tegen. Na Rome is voor de 2e keer fietsen in Lotharingen toch te veel van het goede. Vanaf Beaune is het allemaal wat rijker en ook mooier. Campings zijn er voldoende, in Italië was dat niet zo. Als we de route naar Barcelona een cijfer moeten geven dan is dat een 7 ½, voor de tocht naar Rome een 9. Misschien komt het dat de tocht naar Rome onze 1e fietstocht was. Bovendien was het een andere ervaring om het einddoel te bereiken. In Rome fietsten we echt binnen, Barcelona binnenfietsen was er niet bij omdat we aangeraden werden om de trein te nemen, omdat het laatste stuk niet veilig te fietsen was. Rome straalt ook meer uit, biedt veel meer cultuur, en doet gezelligger aan. Barcelona is ook een leuke stad, maar veel te druk. Bovendien waren we eerder in Barcelona en dan is de verrassing weg. Iets over de afstanden: Afstand Tilburg-Rome, ca. 2300 km Afstand Tilburg-Barcelona: ca. 2000 km. Dit is incl. ca. 10% extra voor verkeerd fietsen, extra fietsen naar campings, supermarkten, fietsen bezichtigingen steden. Naar Rome hadden we een daggemiddelde van ruim 90 km per dag. Naar Barcelona: 72 km. Het gemiddelde aantal km per uur bedroeg voor Barcelona (15,40) en voor Rome (14,90). De routebeschrijving in het 2e deel naar Barcelona is een stuk duidelijker aangegeven dan in alle voorgaande boekjes. Op de routekaarten staat de juiste fietsrichting extra aangegeven. Ook het aantal kilometers kwam overeen met de kilometers die aangegeven werden. Waren er in de route naar Rome verschillende “knelpunten”, de route naar Barcelona is duidelijker aangegeven. Complimenten voor de Paul Benjaminse, schrijver van de reisgids. Voor ons zelf hebben we (bertelings geschreven) een uitgebreid reisverslag gemaakt. Toekomstige fietsers naar Barcelona kunnen daarbij hun voordeel halen. De prijs van de genoemde campings = totaalprijs voor 1 tent en 2 personen. De route Amsterdam-Barcelona loopt in grote lijnen als volgt: Amsterdam, Tilburg, (Belgie>:Leuven, Namen, Dinant, (Frankrijk>:Montmedy, Verdun, Toul, Langres, oostelijk langs Dijon, Beaune, Cluny, Roanne, Le Puy-en Velay, Les Vans, Pézenas, Béziers, Estagel, (westelijk van Perpignan) (Spanje>:Figueres, Girona naar Barcelona. Achter het reisverslag vindt u informatie over terugvlucht per vliegtuig. (Virgin Airways). Een dagschema van de gereden routes kunt u achterin ook vinden.
Netty en Peter Brekelmans,

Craenweide 36

5056 BX Berkel-Enschot

tel. 013-533 30 60

e-mail: pet.brekelmans@planet.nl
Deel 1

Mei-vakantie 2000.
Van Berkel-Enschot naar Florenville. (B)

Vrijdag 28 april 2000. (1e fietsdag)

Berkel-Enschot (Gem. Tilburg) - Leuven (B.)
Afstand : 115 km

Tijd : 6:40

Gem. snelheid : 17,25 km

Max. snelheid : 32,4 km

Weer : Z. wind, kracht 2, temp. 20 graden, licht bewolkt

Overnachting : Camping de Schoolberg, Sneppenstraat 58 3010 Kessel-Lo



Tel. 016-255969, totaal € 9,50 warme douche gratis. Gebrekkige sanitaire voorzieningen. Uitbaatster zeer onvriendelijk.

Precies 1 jaar en 1 dag geleden vertrokken we voor onze eerste grote tocht op de fiets naar Luxemburg. Onze aanlooproute voor de tocht naar Rome, die we in de zomervakantie van 1999 tot een goed einde brachten. Ook dit jaar nemen we een aanlooproute voor de route naar Barcelona. Als we België uitkomen dan beginnen we deze zomer weer in Noord Frankrijk. Alhoewel we dit voorjaar weinig getraind hebben, waren we vandaag toch van plan om in een ruk naar Leuven te fietsen, het weer was er in ieder geval prima voor. We vertrokken om ongeveer negen uur, de zon scheen, en het windjack dat we over onze fietskleding aan hadden gedaan, konden we in Tilburg al uit doen. Gelukkig kennen we de route naar Baarle-Nassau, omdat we daar wel eens meer naar toe gefietst waren. In dat zelfde plaatsje stoppen we voor de eerste keer, om er bij een bakkerswagen enkele kokosmakronen en appelflappen te kopen. We maken een praatje met de verkopers die over 2 dagen naar Dallas op vakantie zouden gaan. Het Bels-lijntje voert ons deze keer langs de achtertuinen van de mooie villa’s, leuk om te zien. Het Bels-lijntje stopt even voor Turnhout. Ook daar wisten we de weg goed. We pikken een terrasje. Een Belg spreekt ons aan over onze fietsen. Hij is op zoek naar een zelfde soort fiets zoals wij hebben. Hij wil ermee naar Santiago. Fietsen in België zijn een stuk duurder dan in Holland weet hij te vertellen. Hij neemt de 1e foto van ons. Vanaf het fraaie station in Turnhout fietsen we paralel aan de spoorbaan richting Herentals. We passeren veel overwegen met oude stations en zien dat alles in bloei staat. We zien veulentjes in de wei en het weer is mooi, wat wil je nog meer. Het kasteeltje de Tielenhof ontgaat ons per ongeluk. Bij het kappelletje iets verderop bij de Hoek stoppen we even. Na de gehuchten Kraanschot, Tielen, en Heerle, nemen we even een afslag om de Toeristische Toren te bewonderen. Dat is weer even klimmen. Het laatste stuk moeten we lopen omdat de fietsen in het losse zand wegzakken. De Toren is pas vanaf 1 mei geopend; we zijn dus een paar dagen te vroeg. We nemen snel een foto, en we zijn snel weer op de route. In het mooie stadje Herentals zitten de terrassen al goed vol, maar wij hebben daar helaas geen tijd voor. We zitten maar net op de helft van de route naar Leuven. We passeren weer veel boerderijen. Iedere boerderij heeft hier een naam. Het pad dat aangelegd is op de bedding van een oude spoorbaan gaat in een rechte lijn naar het eveneens oude stadje Aarschot. Een nadeel is dat bij elke kruising, en die zijn er nog al wat, er houten paaltjes staan die het ritme van een fietser onderbreken. De paaltjes zijn er uiteraard voor bedoeld om auto’s geen toegang te verschaffen tot het pad. Vanaf Aarschot fietsen we langs het riviertje de Demer tot Werchter, bekend om het jaarlijkse rockconcert dat op de eerste zondag van juli wordt gehouden. De Demer ruikt niet fris. We rijden 10 km verder en nemen vlak voor Leuven de afslag naar Kessel-Lo, waar onze camping moet liggen. We moeten toch weer even zoeken naar de camping, die zoals in de meeste Zuidelijke plaatsen wat hoger ligt. De camping heet niet voor niets de “Schoolberg”. Het pad erna toe is niet voor bepakte fietsers bestemd. Dus dan maar 75 meter lopen. De camping is uitgestorven op 2 bejaarden en 2 tuinkabouters na. De uitbaatster is nu al onvriendelijk en slecht gehumeurd. Het seizoen moet nog beginnen! We gaan staan waar we officieel niet mogen staan, want het zou kunnen zijn dat er nog caravans zouden komen. Geen hond kwam er meer en de 2 bejaarden lieten ons ook in de steek. Geen probleem dachten wij. De hele camping was voor ons. Maar toen we ons zelfgekookte eten op hadden kwam de bazin boos op ons af. We hadden niet goed geluisterd, en moesten onze tent voor straf beneden op het trekkersveldje zetten. Ze was niet over te halen. Dus wij de tent, met inrichting en al, opgepakt en 100 meter verder verplaatst. We moesten er wel om lachen. De 2 tuinkabouters die we alleen achterlieten vonden het niet zo leuk. Na het douchen koffie gezet en toen naar bed.


Zaterdag 29 april 2000. (2e fietsdag)

Leuven-Profondeville (10 km voorbij Namen)
Afstand : 197 km

Dagtrip : 82 km

Tijd : 5:30

Gem. snelheid : 14,9 km

Max. snelheid : 32 km

Weer : Z. wind, kracht 2, temp. 16 graden, zwaar bewolkt, en een paar druppels



regen.

Overnachting : Camping Le Douaire, 43 Chemin du Herdal, 5170 Profondoville.



Tel. 081-412149, totaal € 5,25 Voor gebruik warme douche € 1,10 per persoon extra. Redelijke sanitaire voorzieningen. Beheerder uitermate vriendelijk. Picknicktafel en/of stoelen beschikbaar.
De nacht redelijk goed doorgebracht. Het is hier s’nachts nog best fris. Vorig jaar in de Hoge Venen was het overdag wel warmer rond deze tijd, maar de nachten waren wel kouder. Gelukkig waren we er nu extra op gekleed. Bovendien werden we ook nog getrakteerd op een korte regenbui. De volgende morgen om 9 uur waren we al klaar voor vertrek richting Leuven-Stad. Vanwege allerlei wegomleggingen, o.a. voor de aanleg van hogesnelheidslijnen, moeten we goed opletten. Een aardige Belgische fietser brengt ons naar het centrum van Leuven. Bij de Grote Markt gebruiken we bij een broodjeswinkel ons ontbijt. Leuven is de hoofdstad van Vlaams Brabant en doet erg gezellig aan. Het stadhuis is werkelijk schitterend. Via de Abdij van Park fietsen we Leuven uit. We merken dat het hier heuvelachtiger begint te worden. Gelukkig hebben we niet al te veel problemen door de bouwwerken aan de HS-Lijn Brussel-Luik-Aken. De brede weg die we vervolgen naar Hoegaarden is een beetje saai. Hoegaarden zelf is bekend om zijn bieren (witbier, Grand Cru, Verboden Vrucht, en DAS). Maar helaas gaat fietsen en bier niet samen. Wel kopen we op het marktplein wat vers fruit. Nettie doet zich vooral goed aan de sappige vleestomaten. Net buiten Hoegaarden nemen we het fietspad naar Namen. Het volgt een oude spoorlijn. Deze noemen ze hier RAVel 2. Het voordeel van het volgen van een spoorwegbedding is dat de helling nooit meer dan 2,5% bedraagt. Nadeel van dit soort wegen is dat ze kaarsrecht zijn en daardoor eentonig lijken te worden. In Hoegaarden spreekt men nog Nederlands, maar al na een paar honderd meter fietspad merk je al dat men hier de taalgrens oversteekt. Het bijna 40 km lange fietspad brengt ons helemaal tot Namen. Af en toe hebben we weer mooi uitzicht op de achtertuinen van de woningen die aan het fietspad liggen. Halverwege de fietsroute is de spoorwegbedding over een lengte van bijna 30 meter helemaal weg. We vermoeden dat er een gat gemaakt is om de omgewaaide bomen in de buurt, makkelijk af te voeren. Via een bouw op- en afrit door de kleigrond, komen we weer op de fietsroute terecht. De ruimte tussen de banden en de spatborden is helemaal besmeurd met klei. De klei moeten we met dunne takjes eerst verwijderen. We komen langs de gehele route diverse kleine plaatsjes tegen, met allemaal nog hun eigen station, die nu nog dienst doen als woning. In Eghezeé is in het oude station nu een bibliotheek gevestigd. In het zelfde plaatsje kopen we wat broodjes met beleg en zetten koffie. Nog 20 km en we zitten al in Namen. In Namen zitten we eerst in de verkeerde richting op het jaagpad, hier aangegeven met het bord “chemin de Halage” Daar waar de Sambre en de Maas samenvloeien verlaten we, steeds over het jaagpad, het mooie stadje Namen. (Iets buiten Namen kom je langs de route een jeugdherberg tegen.) De kwaliteit van het jaagpad is wisselend, maar over het algemeen goed te fietsen. Maar telkens als we over de kinderkopjes fietsen denk ik aan mijn vergeten reserve spaken. Maar gelukkig blijft alles heel. Langs mooie huizen, villa’s en appartementen en hoge rotswanden aan de overzijde van de Maas, bereiken we het plaatsje Profondoville. De camping ligt ongeveer 2 kilometer van het jaagpad en zoals gebruikelijk ook weer hoger gelegen. De eigenaar is heel vriendelijk en zorgt voor 2 stoelen. Ook maken we gebruik van de picknicktafel vlak in de buurt. Als we ons willen douchen moet hij doorvoor speciaal de geiser aansteken. Die doet het dan 10 minuten voor € 1,10. Peter kookt voor de eerste keer op ons nieuwe gasstel. Wat een luxe! Vorig jaar deden we het nog zonder. Naast ons staat een klein tentje met broer en zus uit Gilze-Rijen. Na het eten kletsen we nog wat met elkaar. Als het donker is om bijna half tien, gaan we slapen.


Zondag 30 april 2000. (3e fietsdag)

Profondeville – Houyet (ca. 25 KM z.o. van Dinant)
Afstand : 243 km

Dagtrip : 46 km

Tijd : 3:20

Gem. snelheid : 13,80 km

Max. snelheid : 45 km

Weer : Bij vertrek lichte regen, 17 graden, na de middag volop zon 20 graden.


Overnachting : Camping de la Lesse, Rue de la Camping 1, B-5560 Houyet.

Tel. 082-666100, totaal € 8,00. Voor gebruik warme douche € 0,50 per persoon extra. Prima sanitaire voorzieningen. Bar en restaurant aanwezig. Ligt aan de rivier de Lesse. Veel Nederlanders.



Eindelijk een camping, met een bar en restaurant waar je s’avonds kunt drinken, lezen of schrijven.
Het weer laat het even afweten. Als we klaar zijn voor vertrek begint het zachtjes te regenen. We besluiten de plastic regenjassen aan te doen, met de wetenschap wanneer je die aandoet, dat het dan weer stopt met regenen. En inderdaad binnen een kwartier begint het op te klaren. We fietsen weer op het jaagpad langs de Maas. Ook deze keer blijven de kinderkopjes ons en onze fietsen pijnigen. Weldra komen we in Dinant, waar de zon al lekker schijnt. De terrasjes zitten er goed vol. We maken een foto op een plek waar we 20 jaar geleden de luier van Katja verschoonden. Daarna even de hoofdstraat ingelopen om te pinnen, broodjes te kopen en die op een bankje langs de weg opgegeten. We vervolgen het jaagpad voor een korte tijd. Net voorbij Pont Charlemagne, bij de monding van de Lesse in de Maas houdt het namelijk op. We volgen de weg naar Walzin en rijden het dal van de Lesse in, maar weldra dienen de eerste echte beklimmingen zich aan richting Furfoz. We fietsen, lopen en stoppen af en toe. We gaan tot ongeveer 275 meter hoogte. Af en toe fietsen we met een groep mountain-bikers mee omhoog, van wie de dames in de groep het erg moeilijk hebben. In een afdaling bij Veves stoppen we weer voor een foto van een 15 eeuws kasteel. De gaten in de weg waarvoor in de gids gewaarschuwd werd moeten gerepareerd zijn, want we konden veilig naar beneden zoeven. Na de afdaling lunchen we bij een restaurant, vlak bij de kerk van het plaatsje Celles. Mooi plaatsje in de zon. In Celles ligt een mooi Engels park, vol met mooie planten. Veel platenliefhebbers uit de hele wereld komen naar “la Feuillerie”. Na Celles volgen nog 2 lastige beklimmingen, vooral die bij Sanzinne is best lastig. Voor de rest valt het wel mee. De afdaling naar Houyet maakte veel goed. We kwamen uit bij een camping aan de Lesse. Ziet er leuk uit. Met 2 gravel tennisbanen en een verwarmd zwembad. Ofschoon het nog vroeg is, besluiten we toch hier onze tent op te zetten. Omdat we de eerste 2 dagen zo veel kilometers gereden hebben, kunnen we het ons permitteren, om vandaag wat minder kilometers te maken. Bovendien zijn de 2 volgende campings volgens aanwijzingen een stuk minder van kwaliteit. Hier hebben we het meteen naar onze zin, en gaan even languit in de zon liggen. De tent die we vanmorgen nat ingepakt hebben kon ook even drogen. Daarna nog even het dorp in geweest op 300 meter afstand. Er was een kermis. Maar liefst 3 attracties. Op de terugweg komen we langs een patatkraam, waar ze van die echte Belgische frieten verkochten. We konden de verleiding niet weerstaan. Al 3 dagen in België en nog geen friet op. Na 5 minuten wachten gaven we het op. Het was tegen etenstijd en sommige gasten bestelden kilo’s tegelijk. Daar hadden we geen zin in om op onze beurt te wachten. In de bar op de camping dronken we nog wat, schreven ons verhaal, en toen het donker werd zochten we onze tent op en probeerden te gaan slapen. Toen het gelach en geklets van een paar Frans sprekende jongelui na een uur alleen maar erger werd, kon ik het niet nalaten om “doucement, s’il vous plait” te roepen. En zowaar het hielp nog ook. Ze zochten hun vertier verderop in de bar. Welterusten.

Maandag 1 mei 2000. (4e fietsdag)

Houyet - Bertrix
Afstand : 308 km

Dagtrip : 65 km

Tijd : 4:40

Gem. snelheid : 13,71 km

Max. snelheid : 56 km

Weer : Bij vertrek eerst bewolkt, na de middag volop zon 20 graden.


Overnachting : I.C. Camping Bertrix ****, Route de Mortehan, B-6680 Bertrix

Tel. 061/412281 internet: www.ic-camping.be

Prijs € 9,00 op het beneden gelegen trekkersveldje, op andere

plaatsen betaal je € 17,00 incl. warme douche. Goede sanitaire



voorzieningen
Door de luidruchtige jongens konden we slecht in slaap komen. Toch stonden we om 9 uur al op en zaten we om 10 uur op de fiets. Ook hier fietsen we weer over een rustige spoorwegbedding. We rijden nog door een vochtige, donkere, maar verlichte, tunnel. We passeren de dorpjes Wanlin en Focante. De campings die daarbij liggen stellen op het oog echt niet veel voor. Goed dat we gisteren de camping bij Houyet opzochten. Vanaf Lavaux gaan we over een lengte van 13 km weer klimmen naar ca. 450 meter hoogte. Het kasteel van Lavaux St. Anne is omgetoverd in een chique restaurant. Daar rijden we dus maar mooi voorbij. We bezoeken er wel vlug een rommelmarkt die hier op de dag van de arbeid gehouden wordt. We zien er wel enkele mooie oude reclameborden liggen. Ook verkopen ze hier “lelietjes van Dalen”. Die hebben we de afgelopen dagen al meer aangeboden zien worden. Daarna slingert de weg zich door het landschap tot we bij het kasteel van Sohier komen. Het kasteel ligt grotendeels verscholen achter bomen en beplanting. Voor Sohier zagen we op afstand 5 kerktorens, zo dicht liggen hier de dorpjes bij elkaar. Allemaal maken ze een armoedige indruk. Ook hier bij de kerk enkele huizen of boerderijen met mest voor de deur. Het volk hier houdt zich vooral bezig met de verwerking van het hout van de bossen. In Gemmes zoeken we bij de “hotel-camping” naar de oude eigenaresse die ooit te gast was bij André van Duin. Maar de zaak is gesloten. Bij Pocheresse vinden we gelukkig een winkel. De eerste die we vandaag tegenkomen. We zien er verschillende artikelen die afgeprijsd zijn i.v.m. een verlopen houdbaarheidsdatum. Gelukkig verkopen ze ook losse lampjes voor onze zaklamp. De zon komt er vanaf 13.00 goed door. Bij Naomé zoeken we naar de boer van de koeien die afgebeeld staat in het routeboekje na bladzijde 14. Hij schijnt te wonen in de laatste hoeve aan de linkerzijde, als je helemaal het dorp uitfietst. Na Merni komen we uit bij het grotere plaatsje Paliseul. Voorbij Fays-les-Veneurs worden we door een gebied gestuurd waar de weg slecht is, en waar de route beschreven is alsof het een oriëntatietocht is. Het gehucht Geripont bestaat uit 4 woningen. De asfaltweg die we vanuit dit dorpje volgen wordt steeds slechter en we laveren enkele kilometers over het slechte wegdek totdat we in leuke plaatsje Bertrix komen. Het is een leuk toeristisch plaatsje, van alle denkbare winkels voorzien. Ook zijn er diverse restaurants, bars en banken. Het leeft hier zowaar. We gaan op een zonnig terras zitten en bestellen iets van de ijskaart. Daarna zoeken we de camping die goed aangegeven staat, en natuurlijk weer wat hoger ligt. (1,5 km van de route). De camping wordt hoofdzakelijk bevolkt door Nederlanders die hun meivakantie hier doorbrengen. Het is een 4-sterren camping. Gewoon goed dus. Er is echter geen winkel op de camping. De eigenaar van de camping vindt dat de plaatselijke middenstand moet kunnen profiteren van zijn bezoekers. Het schijnt dat men in het hoogseizoen wel broodjes kan bestellen die zelfs door de bakker s’morgens heel vroeg bij de tent afgeleverd worden. Dit alles horen we van enkele Belgen met wie we s’avonds in de oude recreatiezaal contact hebben. Mooie camping, alleen jammer dat we achteraan op het trekkersveldje gedumpt worden.

Dinsdag 2 mei 2000. (5e fietsdag)

Bertrix - Florenville
Afstand : 340 km

Dagtrip : 32 km

Tijd : 2:25

Gem. snelheid : 13,24 km

Max. snelheid : 48 km

Weer : Licht bewolkt 20 graden


Overnachting : Camping “La Rossiere” B-6820 Florenville. Tel. 061.31.19.37

Prijs € 9,00. Douchemunten € 0,50. Goede sanitaire



voorzieningen. Op het kampeerterrein staan diverse picknicktafels.
Omdat we vandaag weer een korte rit hebben vertrekken we niet zo vroeg. We dalen eerst weer terug naar het plaatsje Bertrix. Het is toch nog groter dan we gisteren vermoedden. Noem het maar een klein stadje. Je kunt in deze omgeving ook weer veel kajakken op de vele riviertjes, waarvan de Semois en de Verre de grootste zijn. Via Orgeo en St. Medard rijden we het groene dal van de Verre in. Voorbij Martilly krijgen we tot de afslag naar Suxy een paar grote bulten. Bij het Mariabeeld waar men linksaf naar Suxy kan, stoppen we even. (Achteraf merken we dat we hier een trui van Peter en een lichtgewicht handdoek zijn kwijtgeraakt) We gaan niet linksaf, maar rechtsaf naar Chiny, daar moet een camping liggen. We zoeven hard naar beneden over een weg met een hellingspercentage van 12%. De camping onderaan, voor de brug links, staat ons niet aan. We horen van wandelaars dat 6 km. verderop in Florenville ook een camping is. Omdat we net hard naar beneden gedaald zijn, moeten we nu weer even fors klimmen tot we boven in het dorpje Chiny zijn. Hier gebruiken we voor de deur van de plaatselijke Sparwinkelier op gebruikelijke wijze onze lunch. En inderdaad na een kwartiertje zien we de camping bij Florenville rechts van de weg liggen. De weg er naar toe is niet zo geweldig. De receptie is gesloten, maar de beheerder helpt ons toch. Hij spreekt ook Nederlands. Op de camping staan hoofdzakelijk stacaravans, maar er is een groot veld voor vrije kampeerders.Daar is plaats genoeg voor ons. We willen ons installeren vlak bij de wasgelegenheid. Maar eerst komt iemand nog mooi het gras voor ons maaien. Wat een service. Dat er bovendien picknicktafels staan is helemaal mooi meegenomen. We zitten hier op nog geen 2 km van de Frans/Belgische grens vandaan. Nadat we de tent opgezet en ons gewassen hebben, wandelen we via een voetpad naar boven, waar we bij een kerk uitkomen. Wat verderop ligt het centrum van Florenville. Een heel leuke plaats, veel terrasjes en zo. Van hieruit kunnen we volgende keer verder via de N88 naar de Abdij van d’Orval. Daar sluit de weg bij Limes weer aan op de voorgeschreven route richting Frankrijk. Al bij al zijn we hier de Belgische Ardennen al gepasseerd. Tot Cluny zal het in ieder geval niet meer zo heuvelachtig zijn. Vergeleken met vorig jaar is de passage door de Ardennen ontzettend meegevallen. Knap zoals Paul Benjaminse je door de Ardennen loodst. Op een terras in Florenville drinkt Netty haar lievelingsbier Kriek Bellevue, van het vat nog wel. Een Belgisch bier met een zoetzure kersensmaak. Daarna hebben we voor het eerst een bakje Belgische patat met een vette hap gegeten.Morgen vertrekken we met de trein weer terug naar huis. We hopen onze tocht naar Barcelona in de zomervakantie vanaf hier weer voort te zetten.

  1   2   3   4   5


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2016
stuur bericht

    Hoofdpagina