Op zoek en confrontatie met wilde dieren in Zuidelijk Afrika Zimbabwe, Botswana, Namibië en



Dovnload 172.32 Kb.
Pagina3/12
Datum22.07.2016
Grootte172.32 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   12

2.3 Al wandelend langs de Zambezi-rivier confrontatie met olifant

Za. 10-10-1998

Om half 7 gaat de wekker, een nacht met darmkrampen achter me latend. Vandaag willen we gaan proberen om het pad langs de Zambezi af te gaan lopen richting een camping. Het schijnt een wandeling te zijn voor ervaren safarigangers en aangezien we hier al een dag zijn moeten wij dat dus vast wel aan kunnen … Het wordt met klem afgeraden dit pad te verlaten om bij de waterkant te kijken, want in en bij het water schijnen nogal wat nijlpaarden en krokodillen te leven. Ook kudu’s, buffels en leeuwen kunnen er voorkomen …

Rond 8 uur gaan we op pad met onze rugzakken. Het is al vroeg erg warm en er staat veel minder wind dan gisteren. We horen en zien in de verte een stoomtrein (een spoorweg doorsnijdt Victoria Falls) en wachten daarna een tijdje tevergeefs bij het spoor. Richting de rivier lopen er een aantal flinke bavianen met ons op. Ik vind ze wel erg groot en hoop dan ook dat ze niet dichter in onze buurt komen. Plotseling bedenk ik me dat we niet erg wendbaar zijn met die zware rugzakken op onze rug. Toch zijn we in staat om ze ‘eruit’ te lopen. Roland heeft last van een vervelend spiraaltje voor z’n ogen. En daar lopen we dan weer, op het pad langs de Zambezi-rivier waar we gisteren ook al liepen. We komen al snel nog meer aapjes, een klein slangetje en een mooie kolonie pauwen tegen.

De hele route heb je’t idee in een dierentuin te lopen … de geur, het typische struikgewas, gecombineerd met de zilte benauwende warmte. Dan komen we op het punt waar we gisteren terug zijn gegaan, trots en met veel praatjes lopen we nu verder.

Tot we wederom een olifant tegen het lijf lopen, en wat voor één!!!

In vol ornaat komt ‘ie vanachter een aantal bomen tevoorschijn. Naar schatting is ‘ie in totaal zo’n 5m hoog, niet te geloven, wat een groot beest. Hij heeft ons zo in de gaten en komt dan spontaan op ons af.

‘Wat nu?’

‘Shit, hij blijft ons volgen, nee hè?!’

Voor zover we kunnen, rennen we met onze bepakking weer over het pad terug. Getsie, dit is niet leuk, geen weg, geen mens, er is niets in de buurt …

‘Gaan we terug of gaan we het nog een keer proberen?’

Ik sta nog te trillen als een rietje. De warmte, m’n droge mond, m’n stijve kuiten, ik voel spontaan niets meer van dit alles . Het enige wat ik nog maar voel is angst … angst om die onwijze olifant, ze zijn veel groter dan in Blijdorp … Ik heb me nooit gerealiseerd dat Afrikaanse olifanten veel groter zijn dan Aziatische olifanten, die wij dus kennen vanuit de dierentuin. We passen beide in één poot van z’n beest zo’n beetje …

‘Hè, en nou zijn we nog vergeten een foto van ‘m te maken ook’, zegt Roland op z’n dooie gemakje. Ik vind m’n leven toch wel wat belangrijker, maar inderdaad … het had vast wel een spectaculaire foto geworden!

Plotseling komen er een paar inlanders aangehuppeld.

‘Hallo, hoe is het met jullie?’

‘Nou, niet zó goed, er is daar een nogal grote olifant weet je …’ , wijs ik met m’n inmiddels niet meer zo trillende hand.

‘Nou en?’

Ons probleem blijkt voor hun de normaalste zaak van de wereld te zijn.

‘Olifanten zijn slechts soms gevaarlijk, maar lang niet altijd.’

Da’s prachtig, maar hoe kan ik zien hoe z’n humeur staat?

Zonder pardon lopen ze richting het pad, waar de olifant zonet nog achter ons aan liep. We lopen direkt maar achter ze aan, op dat moment lijkt dat de beste oplossing. Anders staan we hier morgen vast nog, of niet …

De olifant is nergens meer te bekennen, maar echt op m’n gemak voel ik me niet … wetend dat ‘ie zo weer voor onze snufferd kan staan. Na zo ongeveer een kwartiertje verlaten de inlanders ons weer om hun maaltje bij elkaar te gaan vissen. We zullen alleen verder moeten. Er schiet een ree voor ons weg en dan zien we opeens weer iets logs rechts voor ons. Het blijkt een slapende olifant te zijn, die wat met z’n staart flappert. Een ‘beetje’ dapper maak ik gauw een foto, waar ik al gauw spijt van krijg. Stel dat ‘ie nou wakker wordt van de klik?

Ik struikel nota bene ook nog bijna als we daarna weer snel zien weg te komen. Stokstaartjes kijken ons vriendelijk en verbaast aan, terwijl we in de verte dan eindelijk een wat grotere weg op zien doemen. In de snikhitte lopen we door een stukje savanneland met ons laatste restje water.


2.4 Olifanten om onze tent

We hebben het gehaald, het caravanpark …

We storten ons op een paar koele colaatjes. Voor Fl. 8,= mogen we in ons eigen tentje op de camping overnachten. We zoeken een leuk plekje uit, waar we ook gaan staan … 1000 m² grond als plaats is niets. We zetten ons tentje op, waar het binnen een mum van tijd bloedheet in wordt.

‘Moeten we hier slapen vannacht?!’

De camping staat bekend om z’n loslopend wild. Ach, dat is een zorg voor later. Hoe gaan we verder deze dag doorbrengen? In de ‘middle of nowhere …’.
Inmiddels zijn we in een luxe hotel aan de Zambezi-rivier beland en hebben zonet genoten van een patatje en steak, met in ons gezelschap een knobbelzwijn. Na een paar biertjes en colaatjes hopen we er weer een poosje tegen te kunnen.

Het is maar een klein stukje lopen naar een krokodillenfarm. 5000 krokodillen hebben ze daar verzameld, in allerlei soorten en maten. Ze hebben het waarschijnlijk voor het uitkiezen in de ernaast gelegen Zambezi-rivier. Toch ben ik blij ze vanachter een hek te zien. Ik zou er niet aan moeten denken om die ook zomaar tegen het lijf te lopen. We drinken een mango-sapje en bedenken dan wat we verder deze dag nog kunnen gaan doen. Een 1-daagse trip naar het Chobe-park in Botswana met overnachting blijkt ca. Fl. 600,= /persoon te kosten. Iets te veel van het goede dus en volgens mij heb ik in Victoria Falls gezien dat je voor Fl. 24,=/persoon naar het grensplaatsje Kazangula kan worden gebracht … Omdat we het even zeker willen weten, en evt. direct willen reserveren besluiten we nog even terug te gaan naar Victoria Falls.

Maar deze keer gaan we maar niet lopend langs de Zambezi-rivier maar over de grote weg, er op hopend dat we snel mee worden genomen. We hebben nauwelijks 100 m afgelegd, of er stopt al een safari-bus. We mogen voor niets mee. We zijn dus zo weer terug in Victoria Falls. We geven als dank een Hollandse kaart met molen. De transfer naar het grensplaatsje is ook zo geregeld. Weer sturen we vanuit ‘Internet Village’ een tweetal mailtjes. En ja hoor, het lukt ons zelfs nog om een stoomlocomotief te bewonderen bij het station. Wie had dat nou toch gedacht?

We eten bij Explorers café en nemen een stukje appeltaart toe, we moeten tenslotte een beetje vieren dat ma W. vandaag jarig is!

Op de terugweg (op naar ons hete tentje …) nemen we een taxi.

En daar zitten we dan nu, voor ons tentje. Alles inmiddels klaargemaakt voor de overnachting, matjes uitgerold en lakenzakken uitgestald. Roland loopt zomaar in een afgeritste korte broek!

En ik, omdat ik zo eigenwijs ben om de hele dag in een korte broek te lopen, zit vol met schrammen, blauwe plekken en heb vieze pootjes. De apen lopen gelukkig nog een eind hier vandaan. Hopelijk laten ze vannacht onze tent heel. Het zonnetje gaat langzaam onder … dat wordt vroeg naar bed.
De zon is nog maar nauwelijks onder of de eerste olifanten stormen het camping-terrein op, zich niet tegenhoudend door de aluminium afrastering waar ze hun pootje opzetten alsof het niets is. Gelukkig gaat ‘ie ook weer zo rechtsomkeer, dat komt goed uit … kunnen wij tenminste rustig slapen. Rond half 7 liggen we al in bed, het is dan tenslotte al donker en veel valt er dan niet meer te beleven.

Rond 9 uur schrik ik wakker en zie tot m’n grote verbazing een levensgrote schaduw aan de tent voorbij trekken. Ik schrik me naar … dat zal toch geen olifant zijn?!

‘Roland, wakker worden … er loopt een olifant om ons tentje’ kan ik nog net uitbrengen.

Een tijdje zitten we doodstil, later trillend als een rietje. Angstzweet breekt me uit, de adrenaline stroomt zoals het nog nooit gestroomd heeft. Uiteindelijk ritst Roland het tentje maar open. Een groepje inlanders staan in ‘security ‘-uniform om onze tent en staan met grote ogen ons aan te staren.

‘Oh, zaten jullie nog in dat tentje?’

‘Kijk, hier heeft zojuist een olifant gelopen, kijk … hier. Zie je de sporen? Op nog geen meter afstand van jullie tentje, zeg!’

‘Heb je’m niet gehoord?’

‘Niet gehoord, alleen gezien.’

‘Hij heeft geprobeerd een tak te slopen van die boom boven jullie tent, als die boven op jullie tent was gevallen ... het was echt erg gevaarlijk om toe te kijken, we wisten natuurlijk niet dat er iemand in het tentje zat’.

Leuk om te weten …

‘Maar ze lopen heel voorzichtig hoor en voelen het tentje dus heus wel snel, alleen … als er een grote, lekkere boom in de buurt staat dan trekt ‘ie zich niet zoveel aan van een tentje …’

Tot ongeveer half 11 sta ik buiten, de olifanten laten een heel spoor vernielingen achter. Of het nou kleine of grote bomen zijn, als er lekkere groene blaadjes aanzitten, dan zijn ze voor hun. Met hun slurf ritsen ze de blaadjes eraf, die vervolgens met veel gesmak worden opgesmuld. Ze blijven maar dooreten, er staat morgen vast geen boom meer overeind op de camping ...

Ik heb het lef niet om weer de tent in te gaan, met al die olifanten nog steeds op het terrein. De ‘security’ belooft echter ons wakker te maken zodra er weer een olifant in de buurt van ons tentje komt. Vooruit dan maar, ik ga de tent dan maar weer in … maar op m’n hoede zal ik blijven, als ik maar iets hoor …

Roland slaapt zo weer. Af en toe dommel ik wat in en droom dan dat we worden aangevallen door waterbokken. Ook dat nog. Ik schrik weer wakker rond half 2, door wederom het geluid van afscheurende takken wat steeds dichterbij komt. Ik ga maar weer onze tent uit. Ik hou wel de wacht, ‘k vind alles best … als ik deze nacht maar heelhuids doorkom, dan maar zonder nachtrust. De ‘security’ is blijkbaar al naar huis. Alles is zo donker dat ik zelfs geen schimmen kan ontdekken. Maar dat de olifanten er zijn is duidelijk hoorbaar. Zometeen loop ik nog tegen ‘m op, ook een leuk idee …

Dan zie ik er eentje, redelijk ver weg … bij de ingang. Ik loop nog wat rond, maar hoor dan van die angstige Afrika-geluiden (een bandje is toch wel wat relaxter dan de werkelijkheid) dat ik in het tentje waarschijnlijk toch veiliger ben in plaats van in m’n uppie hier rond te staren welke gevaartes ik allemaal kan ontdekken. De olifanten nemen blijkbaar een bad en de nijlpaarden komen het land even op. Vechtende kat/bromgeluidenmaken het scenario compleet. Toch niet echt op m’n gemak stap ik ‘t tentje weer in. ‘t Kan Roland allemaal niet zo deren. ‘We zitten nou eenmaal in Afrika.’

Ok, maar een camping zoals deze, waar alles en iedereen zomaar in en uit kan lopen, vind ik toch wel iets té.


Zo. 11-10-1998

Tot het ochtendgloren staar ik maar wat rond, maar word dan toch nog van de wekker rond half 7 ‘wakker’. Ik steek m’n hoofd buiten de tent en ontwaar op dat moment recht voor m’n neus een knobbelzwijn, die de inhoud van de vuilnisbak en het gras voor de tent aan het verorberen is. ‘t Is eigenlijk best een gezellig smakgeluid, ‘t beest is dan ook niet zo onwijs groot. Als ik eenmaal helemaal buiten sta zie ik dat een olifant zich nog steeds te goed staat te doen aan de overblijvende bomen. We pakken ons tentje weer in en lopen langs de olifant naar de ingang, met verbazing de vernielingen aangericht door de olifanten bekijkend.


Het busje staat al voor ons klaar. Na nog even gauw een (Kruidvat) muesli-reep te hebben gegeten, verlaten we over de Kazangula Rd Zimbabwe. Voor de laatste keer rijden we door Victoria Falls. Onderweg rijden we ook nog langs een kudde buffels. Die schijn je niet lopend tegen te moeten komen, het zijn volgens de inlanders de meest gevaarlijke beesten. Volgens Roland rijden we ook nog langs een kudde olifanten en steken de aapjes brutaal zomaar de weg over. Mij is dat ontgaan. In het zonnetje ben ik zomaar spontaan in slaap gevallen. Na ongeveer 1 uur rijden zijn we bij de grens Zimbabwe-Botswana.



1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   12


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina