Op zoek en confrontatie met wilde dieren in Zuidelijk Afrika Zimbabwe, Botswana, Namibië en



Dovnload 172.32 Kb.
Pagina9/12
Datum22.07.2016
Grootte172.32 Kb.
1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   12

4.8 Dwars door de Namib-woestijn naar de Sossusvlei

Rond half 10 zetten we koers richting Sossusvlei. Net voorbij Walvisbaai houdt de asfaltweg al op. Betekent dit dat we de vele honderden kilometers naar Sossusvlei over zand/grindwegen af moeten leggen? Stenen bonken tegen de onderkant van de auto en in de wielkassen. Bang voor ons eigen risico vervolgen we onze weg. Het landschap begint erg vlak, maar naarmate we de Kuiseb-pass naderen, wordt het uitzicht steeds fraaier. Woeste bergen, dalen met her en der een kokerboom maken het geheel steeds indrukwekkender. Iedere keer weer ren ik op m’n sokken (anders krijg ik van die zweetkakkies in de auto) naar buiten om overal foto’s van te maken. Alhoewel ik niet geloof dat het op de foto’s zo mooi uit zal komen als in de werkelijkheid het geval is. Ineens halen Letty & Gerard ons met een sneltreinvaart in, zich niets aantrekkend van ons gepepper en lichtsignalen. De rit schiet niet erg op. Maar het heuveltje af/heuveltje op zorgt iedere keer voor een beetje spanning. Je weet maar nooit hoe de weg zich zal vervolgen na heuveltje op en wat voor uitzicht je na de heuvel dan weer te wachten staat. Iedere keer is dat weer verschillend. Na de bergen rijden we een soort van prairie-landschap in, het zou zo Midwest-Amerika kunnen zijn naar ons idee (ondanks dat we daar nog nooit zijn geweest). Heel af en toe komen we een verdwaalde auto tegen. Ik grif dan bliksemsnel het kenteken in m’n geheugen, je weet maar nooit met al die opspattende stenen. Ik begrijp ineens waarom het zo duur is om in deze landen een auto te huren, de kans is tenslotte klein dat ze ‘m heel terugzien.

Het wordt bloedje heet in de auto, met als gevolg dat ik iedere keer in slaap dommel. Maar het is nooit voor lang, met al die hobbels en kuilen in de wegen. De ene Fata Morgana na de andere doemen voor ons op.

In het plaatsje Sollitaire (niet meer dan een benzinepomp) lopen we Letty & Gerard weer tegen het lijf. Wij en de auto tanken weer bij en gaan dan weer verder, we willen tenslotte voor het donker in Sossusvlei zijn. Het blijft tenslotte een verrassing wat voor soort wegen we nog tegen zullen komen. Bij Sesriem (de toegangspoort tot Sossusvlei) rijden we het ene luxe hotel na het andere voorbij. Fl. 100,= per persoon is niets, we besluiten dus om maar weer eens te gaan kamperen. Onder een boom kunnen we zowaar een camping plaatsje delen met Letty & Gerard, compleet met braai. We zetten onze tenten op en halen boerenworst met bier voor op en bij de braai. Na wat houtjes bij elkaar gesprokkeld te hebben, lukt het Roland en Gerard zowaar ook nog om het vuurtje aan te krijgen.


Helaas is het nogal bewolkt geworden, zodat we een mooie zonsondergang wel kunnen vergeten. Toch gaan we rond 7 uur naar het Elim Dune. I.p.v. zonsondergang zien we echter ontzettende mooie kleuren lucht: paars wat overloopt in roze, welke weerkaatsen in de wolken aan de overkant, hetgeen resulteert in een dieppaarse gloed. Heel bijzonder!

Roland beklimt nog even een stukje van het duin. Al snel is ‘ie niet meer dan een mierenhoopje, geheel vervagend in het enorme duin.

Al terugrijdend wordt het snel donker. Eenmaal terug op de camping drinken we nog even een pilsje bij het langzaam uitgaande vuurtje. ‘t Is morgen weer vroeg dag, we zetten de wekker op half 5! Ach, je moet er iets voor over hebben hè, om een zonsopgang in Sossusvlei te zien (nu we de zonsondergang hebben gemist).

4.9 Zonsopgang kleurt de duinen prachtig oranje

Za. 24-10-1998

‘t Is niet te geloven, maar ruim voor de wekker lig ik al in het rond te staren. Waarschijnlijk komt het door de kou, want in de woestijn koelt het ‘s nachts behoorlijk af. Rond 5 uur staan we voor een gesloten poort. Na een minuut of tien komt er iemand op z’n dooie gemakkie aangelopen. Het is nog een uur rijden naar Sossusvlei, zodat we over niet al te beste wegen in het donker nog behoorlijk door zullen moeten kachelen. De dag begon zo mooi met een heldere sterrenhemel, maar naarmate het steeds lichter wordt neemt ook de bewolking behoorlijk toe. Mistvlagen blijven rondom de toppen van de duinen hangen. Naarmate we dichter bij Sossusvlei in de buurt komen lijkt het wel weer nacht te worden, we maken dus maar rechtsomkeer en genieten dan uiteindelijk van een prachtige zonsopgang bij Dune 45. Iedere minuut zorgt voor een nieuwe verkleuring van het duin. Werkelijk schitterend! Om er kippevel van te krijgen …

Wel is het behoorlijk koud. Met een handdoek om m’n nek loop ik nog te klappertanden, m’n handen lijken wel bevroren. Bij Dune 45 zijn we echter al zo dicht in de buurt van Sossusvlei dat we besluiten nog maar even door rijden. Het is nog steeds bewolkt als we aankomen bij de parkeerplaats van Sossusvlei. Tot aan Sossusvlei zelf is het dan nog zo’n 5 km. Te voet of met een 4x4W-jeep moeten we verder. We kiezen maar voor het laatste. We worden afgezet in de zogenaamde ‘zoutpan’ (uitgedroogd zoutmeer aan de voet van de duinen: in feite is dit dé Sossusvlei), welke omringd wordt door de honderden meters hoge rode zandduinen. We zien het wel zitten om een duin te beklimmen. In het rulle zand betekent 1 stap vooruit soms 2 stappen achteruit, maar goed … we presteren het toch maar mooi wel om over de kam van het duin naar de top te lopen. Bezweet kom ik aan, achteraf is het maar goed dat het zonnetje nog niet is doorgekomen.

Bergje af gaat wat makkelijker, gewoon een kwestie van jezelf laten vallen. Met grote stappen ben je dan zo weer thuis tenslotte. Op het moment dat we weer beneden zijn, komt het zonnetje door. De hemel breekt open, waarna de duinen nóg mooier tot hun recht komen. De ribben draaien sierlijk naar de ca. 300m hoge toppen. We moeten nog een heel poosje op het 4x4W-busje wachten om weer terug te gaan, het uitzicht verveelt gelukkig niet snel … De Sossusvlei is absoluut het hoogtepunt van deze vakantie!

Terugrijdend naar de camping valt het pas echt op in hoeveel kleuren de duinen daar ‘zomaar’ staan te staan: dan weer crème tot caramel, roestbruin, rood, perzik of abrikoos tot zelfs goudkleurig. Daar komt nog bij dat de helderblauwe lucht zo ontzettend mooi contrasterend is.
Eenmaal terug bij ons tentje is het al weer behoorlijk warm geworden. We pakken onze spullen weer in en kopen 2 trays drank voor in onze ‘knapzak’. We hebben vandaag nog zo’n 500 km voor de boeg om naar Lüderitz te kunnen komen. Over de grindweg vertrekken we door het prairie-landschap naar Maltahöhe. De bergen veranderen steeds weer van vorm: van spits tot aan de bovenkant afgevlakt met daaronder ribbels, alsof er vroeger tot aan die rand water heeft gestaan. De enige benzinepomp die we tegenkomen blijkt onze soort benzine niet te hebben. De wegen worden er niet beter op, gravel en zand of grind … Zo ongeveer eens in de 50 km komt ons een tegenligger tegemoet, die je dan ook al vanuit de verte aan ziet komen. Stofwolken wanen je na en tijdens het passeren tijdelijk in een soort van mistvlaag.

Vanaf Aus krijgen we zowaar weer asfalt! De bergen die eerst nog zo ‘alleen’ stonden worden, naarmate we dichter bij Lüderitz komen, omringd door enorme zandvlaktes (welke deze keer crème-kleurig zijn). Wilde paarden, die alleen in de Namib-woestijn voorkomen, schuifelen parallel aan de snelweg op hun gemakje voort.




1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   12


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina