Opzieners, herders, oudsten



Dovnload 253.31 Kb.
Pagina1/5
Datum23.08.2016
Grootte253.31 Kb.
  1   2   3   4   5



OPZIENERS, HERDERS, OUDSTEN

EN

HUN VERANTWOORDELIJKHEDEN

C.B. Beek­huizen e.a.
Kanttekeningen bij een gemeentelijke positie
OPZIENERS, HERDERS, OUDSTEN

EN HUN

VERANTWOORDELIJKHEDEN
Kanttekeningen bij een gemeentelijke positie

Uitgever: Stichting Adullam:

© 1e druk februari 2015
© 2015 C.B. Beekhuizen, Garderen
Bestellingen: adullam.holland@gmail.com
Website: www.adullam.nl

Radioprogramma’s: www.radioadullam.nl



Overzicht brochures over het samenkomen als gemeente:
Deel 1: Offers, eredienst en gemeenteleven.

Deel 2: Aanbidding in Geest en Waarheid.

Deel 3: Altaar en kruisteken.

Deel 4: Afzonderingsprincipes en reinigingswetten

Deel 5: Theologie contra apostolische leer.

Deel 6: Oorzaken van geestelijk verval.

Deel 7: Twist, scheuring en falend leiderschap.

Deel 8: De gevolgen van afgoderij

Deel 9: Zendingsroeping en fondswerving

Deel 10: Principes en praktijk.

Deel 11: Opzieners, herders, oudsten en hun verantwoordelijkheden

Maar de ure komt en is nu, wanneer de ware aanbidders de Vader aanbidden zullen in geest en waarheid; want de Vader zoekt ook dezulken, die Hem alzo aanbidden” (Joh. 4:23)


INHOUDSOPGAVE
Verantwoording 5

De offers en hun betekenis hier en nu

Taken van oudsten en opzieners 8

Priesterdienst in Gods Tempel

(H)erkennen en functioneren van oudsten 9

Lessen uit de geschiedenis van Gods volk

De ware oorzaak van geestelijke zwakheid

God als leider van Zijn uitverkoren volk 12

Onder de autoriteit van de Heere Jezus Christus

Oudsten in de lokale gemeenten(n). Gedelegeerd gezag 13

Leiding geven in het Oude en Nieuwe Testament
Ons gedrag in Gods Huis en de rol van oudsten en voorgangers 14

Kenmerken van een oudste of voorganger

Gezalfde voorgangers 17

Geleid door verkeerde geesten

Afgoderij en de gevolgen van ongehoorzaamheid 18

De geesten achter moderne afgoderij

Het gevaar van onafhankelijk handelende oudsten en voorgangers

Leiding geven in de Gemeente van God 21

Het onderscheid tussen gaven en ambten

Oudsten in de lokale gemeente

Wie stelt oudsten aan? 23

Verkregen gezag van boven of van onderaf?

Wie wèl door de gemeente worden aangesteld 25

Erkennen van hen die door God zijn aangesteld

De onderscheiden taken van herders en oudsten

Een profielschets van een oudste 26

De plaats van het “bijzondere ambt”

Het ambt aller gelovigen, open, onafhankelijke gemeenten

Oudsten worden niet aangesteld door de Gemeente 29

De Heilige Geest stelt oudsten aan!

Hoe nu verder? Zeven stellingen 30

Hoedt de kudde van God

Hoe wordt een oudste en opziener (h)erkend? 34

En als er (nog) geen oudsten zijn?

Zeven stappen naar een Bijbels functionerend oudstenschap 36

Werken als een team

Geworteld in de Liefde èn de Waarheid

Oudsten in de gemeente(n) J. Ph. Fijnvandraad (†) 40

Hoe leid je Gods kudde en wie zullen ze volgen? CBMC studie 46

Samenvatting en gespreksvragen 48


VERANTWOORDING
Gedenkt uw voorgangers, die u het Woord Gods gesproken hebben; en volgt hun geloof na, aanschouwende de uitkomst van hun wandel” (Hebr. 13:7).
Deze brochure, een uittreksel uit een serie van tien brochures over het samenkomen tot de Naam van de Heere Jezus Christus, was door de schrijver in eerste instantie alleen bedoeld als een geestelijke nalatenschap voor zijn kinderen en kleinkinderen en een beperkte kring van vrienden. Dit om de aandacht te vestigen op enkele volgens hem Bijbelse beginselen die te maken hebben met het samenkomen van christenen op de grondslag van de leer der apostelen en profeten.
Vanwege de vele scheuringen in allerlei christelijke kerken en groeperingen, is het opnieuw nodig gebleken dat in het bijzonder jonge christenen zich bezinnen op hun eigen geloofsfundament. Deze serie brochures proberen hierin een hulp te zijn, met de bedoeling dat men traditionele overleveringen van de Nieuwtestamentische geloofsleer weet te onderscheiden.
Dit deeltje bevat een samenvatting uit geschriften van diverse evangelische voorgangers. Allen hebben getracht het unieke offer van de Heere Jezus Christus centraal te stellen en de plaats van opzieners, herders, oudsten en leraren met evangelisten aan te wijzen. Het is de wens van de samensteller om de lezers aan te tonen dat christenen elkaar slechts kunnen vinden rondom de Heere Jezus en niet rondom bepaalde, vaak uit het verband gerukte leerstellingen.
Door Zijn offerdood centraal te stellen en in herinnering te houden, is het mogelijk om de eenheid van de Heilige Geest weer te beleven zoals Christus het bedoeld heeft. We zoeken dat te doen zoals de Schrift het zegt: “in rechtvaardigheid, geloof, liefde en vrede, met degenen die de Heere aanroepen uit een rein hart”. Alleen dan zullen we de gebedseenheid weer gaan ervaren zoals de Heere Jezus dat aan Zijn navolgers heeft beloofd.1) In de periode tussen 1989 tot en met 1994, waarin de samensteller als zendeling op enkele Caribische eilanden werkte, werd hij binnen de eigen geloofsgemeenschap geconfronteerd met het begin van een wereldwijde scheuring. Hierdoor was het noodzakelijk dat ook de schrijver zelf zijn geloofsfundament opnieuw door de Schrift liet toetsen. Was dit fundament sterk genoeg om de talloze scheuringen om hem heen te doorstaan?

Gebruik makend van wat reeds eerder over dit geloofsfundament, voornamelijk met betrekking tot het samenkomen tot de Naam van de Heere Jezus was geschreven, heeft hij in deze brochure een aantal citaten van zijn eigen evangelische voorgangers samengevat. Het moet echter gezegd worden dat een aantal van de geciteerde schrijvers inmiddels - al of niet terecht - niet meer ten volle achter hun eerdere lezingen en geschriften staan. Dat vereist dus een kritische beschouwing van het geschrevene. Diverse filosofische en theologische vooronderstellingen hebben voor fundamentele koersveranderingen gezorgd, die helaas tot de eerder genoemde wereldwijde scheuringen hebben geleid.


Vanwege de ontstane verwarring leek het de samensteller daarom goed om, na biddend (zelf)onderzoek, enkele gedachten omtrent het samenkomen tot de Naam van de Heere Jezus en het functioneren van oudsten, opnieuw met de lezer te overdenken.
Het beginsel dat alle christelijke arbeid vanuit het altaar, oftewel de tafel van de Heere Jezus, zou moeten geschieden, heeft een grote invloed op zijn eigen pastorale arbeid gehad. Daarom zal het de lezer niet bevreemden dat de aangehaalde citaten steeds weer naar dit altaar, voor ons christenen de tafel des Heeren, heen wijzen. Soms werden sommige aanhalingen vet- of schuin gedrukt. Dit om enkele belangwekkende opmerkingen in het licht van deze tijd te plaatsen of extra te benadrukken.
De schrijver vertrouwt er op, dat de lezer hetzelfde zal doen als de gelovigen uit Beréa; “...die het Woord ontvingen met alle toegenegenheid, onderzoekende dagelijks de Schriften, of deze dingen alzo waren.” 2)
Garderen, 16 februari 2015
DE OFFERS EN HUN BETEKENIS HIER EN NU
­Wanneer we onderzoek willen doen naar wat wedergeboren christenen feitelijk verbindt, komen we steeds weer uit bij de liefde van God, zoals deze geopenbaard is in de overgave van Jezus Christus als het Lam van God. Het is niet in de eerste plaats de leer over de offers, maar vooral de liefde die God in het door Hem aangewezen offer openbaart die de Christ-gelovigen van alle eeuwen met elkaar verbindt.8)
De kostbare betekenis van het brandoffer, het zondoffer en het schuldoffer met het vredeoffer verwijzen immers allemaal naar het volbrachte werk van de Heere Jezus Christus op het kruis van Golgotha? Die bijzondere offers tonen ons de volmaaktheid en volkomen overgave van onze Heere Jezus Christus. Hij schonk en schenkt door Zijn unieke en éénmaal gebrachte offer aan een ieder die in Hem gelooft en Zijn offer persoonlijk aanvaardt, vergeving, vrede en eeuwig leven.
Bijbellezingen en commentaren over dit onderwerp, zijn voor de bewerker van deze reeks brochures tot rijke zegen geweest. Hierdoor groeide meer en meer het ontzag voor de Heere Jezus, Die als het Lam van God, op het kruis ook zijn zonden verzoende en “wegwierp in de diepte der zee” (Micha 7:19; Heb. 8:12).
Door herlezing van een serie voordrachten en commentaren over dit onderwerp, werd de schrijver opnieuw getroffen door de rijkdom van o.a. het boek Leviticus. Niet alleen vanwege de betekenis van de offers, maar nu ook met betrekking tot de praktische toepassing ervan. Sommige auteurs die in deze eerste brochure van een reeks van tien zijn geciteerd, meenden later hun gedachten hier en daar te moeten bijstellen.
Juist vanwege de huidige verwarring die, mede hierdoor, onder hun medegelovigen is ontstaan, lijkt het mij goed de taken van een voorganger en oudste opnieuw te bestuderen, aangevuld met citaten en enkele oudere commentaren, om die samen met de lezer(s) met een open Bijbel te bestuderen.
Moge de Heere Jezus ons bij die overdenking en heroverwegingen zegenen en ons aller hart en verstand verlichten.
Garderen, februari 2015

­

Taken van oudsten en opzieners


Voordat we met de beschrijving van de taak van priesters in de nieuwe nog te bouwen Tempel in Jeruzalem willen beginnen, een opmerking vooraf.
Onderaan de bladzijden staan hoog genummerde noten. Dat komt omdat dit noten apparaat is genomen uit de eerste brochure die ik schreef over het aanbidden in Geest en Waarheid. De onderwerpen in deze brochure zijn in feite een uittreksel van de laatste hoofdstukken uit genoemde brochure. Het onderwerp over de taken en verantwoordelijkheden van oudsten, samen met vele andere onderwerpen die met het samenkomen als gemeente te maken hebben zijn in de hoofdbrochure terug te vinden.
Priesterdienst in Gods Tempel, nu Zijn Gemeente
Omdat Nieuwtestamentische gelovigen in 1 Petrus 2:4,5 en Opb. 1:1:6 koningen en priesters worden genoemd, kunnen zij hun verantwoordelijkheden ook vanuit het Oude Testament te weten komen. Dit omdat Paulus in 1 Korinthe 10 ons als christenen erop gewezen heeft dat het Oude Testament ons tot voorbeeld en waarschuwing is gegeven en beschrijft wat de taken van priesters en koningen zijn binnen Gods Gemeente als Tempel van de Heilige Geest (1Kor.3:16,17).
We leren uit de beschrijving van de nieuwe tempel, wat de taak van de “wachters van het huis”, ofwel de opzieners is. Van wachters, opzieners of voorgangers wordt verwacht dat zij in de diverse (lokale) gemeenten toezicht houden op leer en leven van zichzelf en anderen binnen dat plaatselijk getuigenis als “Huis van God”.179) Doordat zij “door gewoonheid hun zinnen hebben geoefend” kunnen zij medegelovigen onderwijzen in het onderscheiden van goed en kwaad.
Van nature onderkennen wij allen, vanwege de zondeval, de aanwezigheid van het kwaad in en rondom ons. Maar dat is wat anders dan het onderscheid tussen goed en kwaad, tussen rein en onrein, tussen ongezuurd en gezuurd deeg kennen!180) Dáár is geestelijke oefening voor nodig, de “oefening van de godsvrucht”, wat de “Gestalte van Christus” en de verhouding tussen het Hoofd en de leden openbaart.181) In dit gedeelte van onze overdenking is het goed erop te wijzen dat het noodzakelijk is om elkaars persoonlijkheid, noden, ervaringen, gaven en bedieningen te kennen, te herkennen en te erkennen.
In de eerste plaats moeten we elkaar kennen. Dat gebeurt door met oprechte belangstelling naar elkaars bevindingen en inzichten te luisteren. Dat vereist een liefdevol en aandachtig gehoor en geen ik-gerichte en zelfzuchtige of hoogmoedige betweterige houding!
In de tweede plaats zullen we erop bedacht moeten zijn op welke wijze we natuurlijke én geestelijke autoriteit kunnen herkennen. Iemand die werkelijk geestelijk gezag uitstraalt zal altijd Gods Woord centraal stellen en daarbij een dienovereenkomstige levenswandel openbaren. De ware godsvrucht wordt zichtbaar wanneer de “Gestalte van Christus” en Zijn gezindheid wordt vertoond. Alleen dán kan er ook respect en onderworpenheid verwacht worden.
In de derde plaats zullen we hen, die temidden van de gelovigen “arbeiden in woord en leer”, moeten erkennen. Vaak wordt dit “erkennen” verkeerd begrepen en toegepast. Men maakt van dit “erkennen” dan “aanwijzen” of “aanstellen”.
Dikwijls wordt dit “aanstellen” dan theologisch onderbouwd door op het advies van Jethro, de schoonvader van Mozes te wijzen. In het blad “Zoeklicht” werd daar ooit aandacht aan besteed, omdat een lezer stelde dat de raad van die heidense priester Jethro, zoals dat beschreven is in Ex. 18:1-27, wel eens als “vleselijk” aangemerkt zou kunnen worden. Een raad die de Heere God in Numeri 11:16-25 “ten enenmale negeert door op zeventig oudsten een gedeelte van de Geest van Mozes te leggen om met Mozes de last van het volk te dragen”, zoals de lezer mijns inziens terecht stelde. 182)
Het (h)erkennen en functioneren van opzieners.
In de hiernavolgende studie willen we trachten de belangrijkste kenmerken van een voorganger, opziener of oudste vanuit de Schrift aan te wijzen, zodat deze ook door de gehele (lokale) gemeente kan worden (h)erkend. 183)

Hoe kennen, herkennen en erkennen we nu degenen die voldoen aan de eisen van een opziener? De volgende aandachtspunten kunnen ons misschien helpen;




  1. Uitzien naar gegadigden die aan Gods criteria voldoen

  2. Voorstellen aan de (lokale) gemeente.

  3. Aanwijzing, door “opsteken van handen”.

  4. Aanschrijving, door z.g. “brieven van voorschrijving”.

  5. Uitzending als (af)gezanten van God en de gemeente.

  6. Geest-vervulling en (financiële) betrouwbaarheid.

  7. Bekendwording, door een Godvruchtige levenswandel.

  8. Handoplegging, van erkende oudsten of zendelingen.

  9. De rechterhand der gemeenschap (openlijk) te geven.

10. Gezagsoverdracht, vanwege Goddelijke uitverkiezing.

11. Goddelijk inzicht (na gebed/vasten), erkenning, uitzending.


Oudsten, voorgangers en gezagdragers in Gods Huis, de Gemeente van de levende God, dienen er dus voor zorg te dragen dat er in de Gemeente aandacht wordt besteed aan de “reinheid van Gods heiligdom.” 188)
Lessen uit de geschiedenis van Gods volk
Juist omdat de godvrezende koning Hizkia en de hem toegevoegde priesters en levieten hieraan indertijd niet voldoende aandacht hadden besteed, was er ziekte onder de gelovigen uit het verontreinigde tienstammen rijk uitgebroken. In Korinthe was dat eveneens het geval, dáár werden gelovigen zwak, ziek en sommigen ontsliepen zelfs vanwege dezelfde lauwheid t.a.v. herderlijke zorg en het tekort aan moreel gezag.184)
Helaas verloor Hizkia door zijn gevoeligheid voor de eer en mening van mensen, eveneens zijn morele overwicht, wat vooral een rol zal gespeeld hebben in de latere opvoeding van zijn rebelse zoon Manasse en de omgang met andersdenkenden, die hij tijdens hun bezoek trots zijn verworvenheden liet zien.185) Dat verlies aan moreel gezag en inzicht zien we ook bij de profeet Samuel. Aan het einde van zijn leven liet deze zijn wereldgelijkvormige zonen een positie innemen, zonder dat zij de geestelijke autoriteit hiervoor bezaten. Ze leefden immers niet volgens dezelfde hoogstaande principes als hun vader? Samuel begreep indertijd kennelijk niet dat de begeerte van de Israëlieten om op dezelfde wijze geregeerd te worden als de omliggende volkeren, mede ingegeven was door de wereldgelijkvormige wandel van zijn kinderen, die hoogstwaarschijnlijk het ouderlijk huis reeds lang verlaten hadden! 186)
Daarom is zelfonderzoek, heiliging en reiniging nodig om deel te kunnen nemen aan de heilige offerdienst, voor Nieuw-Testamentische gelovigen het avondmaal. 187) In dit verband schrijft de uitgever van Kelly’s brochure “De eenheid van de Geest”: “Als er fundamenteel kwaad wordt getolereerd in een (kerkelijke) gemeenschap, verontreinigt dat allen die daarmee bewust in verbinding staan, zoals zuurdeeg het hele deeg doorzuurt.” 188) Of het woordje “bewust” hier op zijn plaats is laten we aan het oordeel van de lezer over. E.e.a. zal echter uit de hiernavolgende studie wel duidelijk worden. Uit de geschiedenis zoals die in Joz. 7:11 en Lev. 5:2, 17-19 werd beschreven leren wij immers dat ook onbewuste verontreiniging van invloed is op zowel het geloofsleven van het individu als van een hele geloofsgemeenschap. Onbewuste verontreiniging wordt namelijk voelbaar door het verlies van geestelijk kracht en verliezen in de geestelijke strijd. Dat heeft Jozua en zijn volk ondervonden in de strijd tegen de inwoners van het kleine stadje Ai...
De ware oorzaak van geestelijke zwakheid
Nelson Darby gaf ooit aan wat volgens hem de oorzaak van veel geestelijke zwakheid onder christenen was: de verbinding met religieuze genootschappen die zich op een verschillende grondslag vergaderen. Hij schreef dat hierdoor de aard en eenheid van God́s gemeente geweld wordt aangedaan: “Gelovigen die tot eer van de Heer willen wandelen, kunnen onmogelijk blijven samengaan met de wereld. In plaats daarvan hebben zij de eenheid welke God zelf gemaakt heeft te bewaren, ook al is het maar met de twee of drie welke op die grondslag samenkomen. Want wat de leden van een kerkgenootschap met elkaar verenigt, zijn in feite juist die punten waarin zij verschillen van anderen!”189) Wanneer het dus gaat om de woordjes bewust, fundamenteel, contact en verbinding, zoals we die in de citaten van de nieuwste geschriften van de broeders tegenkomen, moeten we constateren dat er momenteel een geheel eigen, soms nieuwe, filosofische inhoud aan deze woorden is gegeven. Hierdoor worden de minder theologisch gevormde gelovigen afhankelijk gemaakt van de leerstellige kennis en uitspraken van de meer geleerde en filosofisch ingestelde broeders onder hen.190) Als gevolg hiervan wordt het onmogelijk om op een Bijbelse wijze over onderwerpen als: verontreiniging, onreine verbindingen, kwaad, alsmede de betekenis van zuurdeeg en de inhoud van het woordje besmetting, met elkaar van gedachten te wisselen. Dit komt omdat men stelt dat we deze onderwerpen aan z.g. “vaktheologen” zouden moeten overlaten. Iets wat we in het licht van Hand. 4:13 natuurlijk niet kunnen aanvaarden. Zodra we afhankelijk worden van vaktheologen, bedrijven we een vorm van afgoderij. Hierover lezen we meer in deel 8 van onze brochure reeks; “De gevolgen van afgoderij.”
Laten we intussen ons de troost van Jeremia niet laten ontnemen en Gods Woord blijven vasthouden: “Als Uw woorden gevonden zijn, zo heb ik ze opgegeten, en uw woord is mij geweest tot vreugde en tot blijdschap mijns harten; want ik ben naar uw Naam genoemd o Heere, God der heirscharen” 191)
God als Leider van Zijn uitverkoren volk
Er is veel discussie dezer dagen over de vermeende noodzaak om leiders en managers in de kerk aan te stellen of op te leiden. Volgens populaire uitleggingen hebben we de visie van de een of andere sterke leider nodig om die te volgen. Deze leiders functioneren als managers en behandelen hun volgelingen binnen het kader van hun visie en verwachten gehoorzaamheid. Gods volk Israël was geen natie die te vergelijken was met enig ander koninkrijk. Elke andere natie had een koning of leider, maar Israëls koning was God Zelf. De Israëlieten klaagden echter dat ze als alle andere naties wilden zijn (1Sam.8:1-7). Als we dit lezen dan verbazen we ons wellicht over hun verlangen om net als de andere naties geleid te worden door een aardse koning. Toch zijn ook wij geneigd om dezelfde fout te maken, het kiezen voor menselijke wijsheid en leiderschapskwaliteiten in plaats van ons te voegen naar Gods wijsheid en instructies. 
Onder de autoriteit van de Heere Jezus Christus
Maar in de Gemeente van Christus is God de Leider van onze levens, onze families, en onze kerken. God stelt de richting vast. Hij bepaalt de prioriteiten: Hij zorgt voor de middelen en wij als Gemeente zijn de “managers”. We nemen wat Hij ons geeft en doen wat Hij ons opdraagt. Hij is de Heere, onze Heer Jezus Christus en Hij heeft de autoriteit om ons Zijn richting en visie door Zijn Woord en Geest voor te houden.
STUDIEVRAGEN
1. Noem de verschillende offers en hun betekenis.

2. Wanneer was er volgens Lev. 5:1-6 óók een offer nodig?

3. Wanneer kunnen we nú spreken over 'n melaats huis?

4. Wat gebeurt er als we onjuist omgaan met 't avondmaal?

5. Met welke gelovigen vieren we het heilig avondmaal?

6. Is kerklidmaatschap een verhindering voor tafelgemeenschap?

7. Welke dwalingen zijn “fundamenteel” ? Hoe gaan we hiermee om?

8. Hoe kun je de “eenheid van het Lichaam van Christus” bewaren?

9. Wat is een sekte en hoe herkennen we een lokale gemeente van God?

10. Avondmaal: versterking van geloof of verkondiging?

11. Wat betekent de term “Gemeentelijke onafhankelijkheid”?
OUDSTEN IN DE LOKALE GEMEENTE(N)
Oudsten functioneren onder Gods leiding
God helpt ons prioriteiten te stellen als goede beheerders van onze geest, ziel en lichaam. Spiritueel is Hij alleen de Heer van onze families. Hij weet wat goed voor ons is, wat het beste is voor onze kinderen. Hij weet hoe je binnen het huwelijk je verantwoordelijkheid kunt nemen. Hij is het Die gehoorzaamd moet worden en hoe wij onze oudsten onderdanig mogen bevragen m.b.t. hun leiding.
Christus is de Heer van Zijn Gemeente. Hij neemt de leiding en verantwoordelijkheid voor de uitbreiding van Zijn Gemeente als het Lichaam van Christus (Mat. 16:18; 1 Kor. 12:18). Het is dwaas om menselijke wijsheid te verkiezen boven de wijsheid en kracht Gods in Christus Jezus. Hij alleen weet wat het beste is voor Zijn Gemeente.
Vrij naar: "Experiencing God day by day", Oct. 10, H.T. Blackaby e.a.
Leiding geven in het Oude en Nieuwe Testament (Herziene Statenvertaling)

In de Gemeente en deze wereld zijn er altijd mensen te herkennen die gaven hebben om andere mensen leiding te geven. In Ef. 4:7,8 wordt daarom heel algemeen gesteld: “Maar aan ieder van ons is de genade gegeven naar de maat van de gave van Christus. Daarom zegt Hij: Toen Hij opvoer in de hoogte, nam Hij de gevangenis gevangen en gaf Hij gaven aan de mensen.Dit beginsel vinden we reeds in het Oude Testament terug in de wijze waarop de Heere God deze met gaven begiftigde gelovigen als oudsten liet functioneren onder Gods kinderen.


Num. 11:16,17 “De HEERE zei tegen Mozes: Verzamel voor Mij zeventig mannen uit de oudsten van Israël, van wie u weet dat zij de oudsten van het volk zijn en de beambten ervan. U moet hen bij de tent van ontmoeting brengen en zij moeten daar bij u gaan staan. Dan zal Ik neerdalen en daar met u spreken. En van de Geest Die op u is, zal Ik een deel afzonderen en op hen leggen. Zij zullen samen met u de last van dit volk dragen, zodat u die niet zelf alleen hoeft te dragen.”

  1   2   3   4   5


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina