P pa papa, va, vader pa (Engels) dad, daddy pa of ma



Dovnload 0.91 Mb.
Pagina1/13
Datum22.07.2016
Grootte0.91 Mb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13

--




P

pa   papa, va, vader

pa   (Engels) dad, daddy

pa of ma   ouder

paadje   weggetje

paaien - harpuizen, inpalmen, overhalen, paren, schieten, tevredenstellen, vieren, zoethouden

paairijp - geslachtsrijp

paaitijd - paartijd

paal   balk, bint, boom(stam), broodje, grens, grenspaal, heipaal, keper, kolder, kolter, ovenpaal, perkoen, ket, sliet, spant, staak, stelt, totem,

paal aan het einde van een renbaan - honk

paal in de stal hangende tussen twee paarden - lantierboom, latierboom

paal met voettreden - stelt

paal ter bescherming van dijkhellingen - perkoen

paal tussen twee paarden - latierboom

paal van een heistelling - leiboom

paal voor het vastleggen van schepen - aanlegpaal, meerpaal

paal voor stamsymbool - totempaal

paal waaraan het vee graast - tuier

paalheining - palissade, staketsel

paalhoofd - golfbreker

paalschans - palissaden, verschnsing

paaltje - piket

paalvast - standvastig, zeker

paalwerk - espalier, estacade, hek, hekwerk, omheining, palissade, pilotage, spalier, staket(sel), steiger

paalwerk om schepen aan te meren - ducdalf

paalworm - scheepsworm, teredo

paalzaad - fluweel, kweekgras, mosselzaad

paan   fluweel, kweekgras, schaamrok

paander   broodkorf, korf, kraamgeschenk, mand

paanderpontboog - tudorboog

paap - spekdam

paapje - barmsijsje, bremraap

paaps – roomsgezind

paar   duo, dyas, enige, enkele, gespan, koppel, span, set, stel(letje), twee(tal), tweetal, twin, weinige

paard - appelschimmel, arabier, bink, bit, bles, brandvos, draver, equus, genet, goudvos, hakkenei, hengst, hit, izabel, kavalje, ked, ket, kid, klepper, knol, merrie, moor, mustang, pegasus, pony, rossinant, roodvos, ros, rossinant, ruin, schimmel, telganger, veulen, vos

paard (gew.) - peerd

paardachtigen - equidae

paardachtig zoogdier - asinus, (berg)zebra, dolichohippus, equus, ezel, heions, hippotigris, koelan, onager, paardezel, quagga, tarpan, zebra

paardantilope - blauwbok

paardantilopen - hippotraginae

paard dat de telgang gaat - telganger

paard dat een trekschuit trekt - ketser

paard dat goed blijft staan - staander

paard dat hard draaft - draver

paard dat in een molen loopt - molenpaard

paard dat te veel gras eet - grasbuik

paard (oud) dat voor alles gebruikt wordt - duivelstoejager, knol, opstoter

paard dat zich op stal verveelt - wever

paard de riem aandoen - halsteren

paard en rijtuig - equipage, gerij

paard en wagen - equipage, gerij

paard en wagen besturen - mennen

paard in Amerika - mustang

paard klein - neg, ponny

paard met doorgezakte voeten - biervoeter

paard met kol witte voeten en witte neus - sneb(be)

paard met kortgeknipte oren en staart - mots

paard met rijtuig - equipage, gerij, gespan

paard met slurf - tapir

paard of hond met afgesneden staart of oren - mots

paard uit de Germaanse mythen - Sleipnir

paard van Achilles   Xanthus

paard van Alexander de Grote - bucaphaal, bucefalas, Bucefalus

paard van Castor en Pollux - cyllaros

paard van de Heemskinderen - Beiaart

paard van de Muzen - Pegasus

paard van Don Quichot   Rossinant

paard van Neptunus - walrus, zeepaardje

paard van Odin   Sleipnir

paard van Perseus   Pegasus

paard van Wodan (Odin)   Sleipnir

paard van zuiver ras - raspaard

paardachtig dier - quagga

paardachtig zoogdier - zebra

paardachtige ezel - ezel, halfezel, paard, zebra

paardachtigen - bergzebra, chapmanzebra, equidae, kiang, onager, przewalskipaard, tarpan



paardantilope - hippotragus

paardbalk - zoldering

paardebalsem - watermunt

paardebeenhouwer - modelslager

paardebijters - anisoptera

paardebit   trens

paardebit zonder stang - trens

paardebloem - kettingbloem, molsla, molsalade, papenbloem, plimbol

paardeboleet - paddestoel

paardeboom - latierboom

paardeboon - paardevijg, peulvrucht, tuinboon

paardebron - hengstebron, hippocreen, wed

paardebrood - roggebrood

paardedekkleed - sjabrak

paardedrek - mest

paardedrinkplaats - wed

paardegast - paardeknecht

paardegebit - mondijzer

paardegeluid - hinniken

paardenafrichter - pikeur

paardenbeenhouwer - paardenslager

paardenbloem - taraxacum

paardenbox - stal

paardenbron (myth.) - hipposcrene

paardendeken - sjabrak, schabrak

paardendokter - dierenarts, paardenmeester, veearts

paardendrinkplaats   wed

paarden en koeien - vee

paardenfeest - paarden markt

aardenfokker - rancher, ranchero

paardenfokkerij   renstal, stoeterij

paarden geluid - briesen

paardengordel - buikriem, singel

paardengras - witbol

paardenhaar - manen (Belgisch), roshaar, vulsel, vulstof

paardenhaar als vulsel - crim

paardehiel - bikkeltje, hielbeen, koot

paardenhorzel - hoornaar, wesp

paardehouweel - schoffelmachine

paardejongen - staljongen

paardekam - roskam

paardenkastanje - aesculus

paardenknecht – charton, groom, rijknecht

paardenkenner - hippoloog

paardenkennis - hippiatrie

paardekol - paardeklinker

paardenkoopman - maarschalk, paardengast (zn), stalknecht

paardenkoopman - paardentuiser (gewestelijk)

paardenkoper - maquinon

paardenkracht   p. k.

paardekracht (Eng.) - hp

paardekracht van een indicateur, vermogen - ipk

paardekrachtuur - pkh

paardenkundig - hippologisch

paardenkutser - paardenkoper

paardenleer - hippologie

paardenlijn - teugel

paardenmeester - paardendokter, veearts

paardemolen - mallemolen

paardenoot - okkernoot

paarden en koeien - vee

paardenommegang - ruiterprocessie

paarden op, betrekking hebbend - hoppisch

paardenplaats - paddock

paardenplei - watermunt

paardenploter - paardenkoper, paardenslachter

paardenprosser - paardenbeul, paardenviller

paardenracebaan in Engeland - Ascot, Epsom

paardenras - Amerikaans, Frans, Fries, Hackney, Oldenburgs, Orlov, Shetander, Shire,

paarderassen - Arabier, Ardenner, Boulognees, Breton, Clydesdaler, fjordenpaard, Hackney, Hanoveraan, Holsteiner, Jutlander, Oberlander, Oldenburger, Oostfries, Oostpruis, Percheron, Pinzgauer, Shire, Sleeswijker, Yorkshire,

paardenrenbaan - hippodroom

paardenrennen - harddraverij

paardenriem - teugel

paardenslee - ar

paardensmid - hoefsmid

paardensoldaat - huzaar

paardenspel   circus, hippodroom

paardenspoor - hoefslag

paardensport   drafsport, draverij, polo, rensport, ruitersport

paardenstaart - haardracht, hermoes, robol

paardenstaartachtigen - esquisetales, esquisetineeën

paardenstal - box

paardenstoeterij - haras

paardenstok - zweep

paardentemmer - hippiarch

paardentoom - leidsel, teugel

paardentuig - arretikker, bellentuig, bit, halster, kopstuk, leidsel, teugel

paardentuiser - paardenhandelaar

paardenverblijf - box, stal

paarden verwisselplaats   relais

paardenvlees - hortsik

paardenvlieg - blindaas, brems, bremze, daas, horzel, paardemug, spinvlieg, steekvlieg, tabanus

paardenvoer - brokken, gras, haver, hooi, knolraap, mais, paardenboon, peen, toerage,

paardenvolk - cavalerie, ruiterij

paardenwedren - harddraverij, omnium, paardenrace

paardenwedren zonder berijders - corsa, corso

paardenziekte   balgziekte, beenspat, beenuitwas, bloedspat, bolspat, bos, cornage, droes, egelsvoet, halfbevangenheid, hazehak, hazenspat, herteziekte, hoefkanker, hooiziekte, horrelvoet, influenza, kankerpoot, keeldroes, kolder, maandagziekte, nagana, mok, mondklem, rattestaart, rechtstijvigheid, rotstraal, snot, spat, straalzweer, worg, wormziekte, zwilwrat

paardenziekte in Afrika - nagawa

paarderig - tochtig

paarderoos - pioen

paardesla - paardebloem

paardeslee - ar

paardesport - drafsport, polo

paardesprong - croupade

paardestaart - haardracht, hermoes, robot

paardestalling (voor één paard) - box

paardetoom - leidsel, teugel

paardetuig - haam, halster, harnachement, teugel

paardetuig (gewestelijk) - zeel

paardevenkel - watervenkel

paardevlees - hortsik

paardevoer - foerage, gras, haver,hooi, maï s, paardeboon, peen

paardevoet - boze, duivel, horrelvoet, satan

paardewik - paardeboon

paardezel - onager

paardeziekte - hanetred, kol, lichtblindheid, mondklem,

paardeziekte in de tropen - dourine, nagawa

paardezoen - oorveeg

paardhert - sambar

paardkastanje - aesculus

paardje - genet, hit, kedde, ket, pony,

paardmens - centaur, centaurus, hippantroop, kentaur, monster,

paardrift   bronst

paardrijder   ruiter

paardrijdster   amazone

paardsbloemen - zwartkoren

paardtandmais - tend

paarlemoer - nacre

paarlemoer, heldergekleurd - paelboot

paarlemoerkleurig   nacaraat

paarlemoermossel - meerslak

paarlustig - hengstig, hitsig, krols, loops, wulps

paars   lila, pensée, purper, violet

paarsachtig blauw   pensée, kobalt

paarsachtige kleur   lila, mauve, violet

paars bloeiende schorreplant   lamsoor

paarsgewijze   binair, dubbel

paarse verf - aniline

paarse verfstof - dodekop

paarsgewijze - binair, dubbel

paarsige stol - lakmoes

paarsige verfstof   lakmoes

paarskleurig - violet

paarsrode verfstof   purper

paarsrood - lila, mauve, purper, violet

paartijd - balts, bronsttijd

paartje - stelletje

paasbloem - madeliefje, sleutelbloem, (trompet)narcis

paasbrood - matse

paaseiland - Henua, Teapi, Waihoe

paasfiguur - ei, haas, kip

paaslelie - trompetnarcis

paaslofzang - exsultet

paassymbool   ei, paashaas

pace (sport) - gang, snelheid, vaart

pacen (sport)   gangmaken

pacemaker - gangmaker, stimulator

pacen - gangmaken, stimuleren

pacer - telganger

pachometer   diktemeter

pacht - huur, overeenkomst

pacht in natura - tiend

pachtboer - pachter

pachtboerderij - bruikweer

pachten - aalsteek, arenderen, huren

pachter - bouwman, conductor, hoevenaar, farmer, huurder, locotaire, meier, pachtboer, zetboer

pachterij - boerenbedrijf, pachthoeve

pachthoeve   neerhof

pachyderm   dikhuidige, lomp, ongevoelig

pacificeren   vredestichten

pacifist   Russell

paco - lama

pact   accoord, afspraak, entente, handvest, overeenkomst, pakt, tractaat, traktaat, verbintenis, verbond, verdrag

pad - baan, steeg, steg, straat, tra, weg

pad voor wild   wissel

paddel   peddel, riem, roeispaan, pagaai, parrei,

padden - bufonidae

paddenbrood - padde(n)stoel

paddenhaai - zeeëngel

paddenkruid - maanvaren

paddensoort - bufo

paddesteker - paddevilder, stekelbaars

paddestoel - aardappelboleet, aardappelbovist, aardbuil, aardster, aardtong, aardzwam, agaricus, amaniet, amanita, amarillaria, amethystzwam, anijszwam, ascomyceet, berkenboleet, berkenzwam, beschampipnon, beukwortelzwam, biefstukzwam, bloemkoolzwam, boleet, boletus, botercollybia, bovist, broodjeszwam, buisjeszwam, bundelzwam, cantarel, champignon, collybia, coprinus, denappelboleet, dennenmoorder, dooierzwam, eekhoorntjesbrood, eettruffel, eikenkorstzwam, eikhaas, elfenbank, elfenschermpje, fluweelboleet, fluweelpootje, fomes, fopzwam, gaatjeszwam, geaster, geastrum, geweizwam, gistzwam, graanroest, granaatzwam, grasvezelkop, hanekam, harszwam, heimzwammetie, heksenboleet, helmzwam, hertetruffel, hertenzwam, honingzwam, huiszwam, hydnum, hypholoma, indigoboleet, inktzwam, judasoor, kastanjeboleet, kegelmorielje, keizerszwam, kingzwam, kluifjeszwam, knolamaniet, knoopzwam, knotszwam, koeienboleet, kopergroenzwam, koraalzwam, krulzoom, knolzwam, laccaria, lactarius, lepelzwam, lepotes, lycoperdon, meelkop, melkboleet, melkzwam, mellea, molenaar, morieltje, morille, nevelzwam, oesterzwam, oorlepelzwam, otidea, paddebrood, papegaaizwam, parasolzwam, parelamaniet, parelstuitzwam, pelota, peperbus, pepermelkzwam, pholiota, polyporus, populierenzwam, porcleinzwan, pythium, radijszwam, regenboogzwam, reuzenbovist, rhizina, ridderzwam, ringboleet, ringsteel, rodekoolzwam, roethoedje, rupsendoder, russula, satansboleet, satijnzwam, sneeuwzwam, spechtinktzwam, spoelvoet, spijkerzwam, stekelzwam, steltrilzwam, stereum, stermelkzwam, stinkzwam, stuifzwam, tolzwam,

trechterzwam, truffel, varkensoortje, vingerhoedje, vliegenzwam, vuurzwam, waaiertje, weidekringzwam, winterhoutzwam, zadelzwam, zakjeszwam, zwavelkop, zwavelkopje, zwavelzwam, zwam, zijdevolvaria,



paddestoelengift   muscarine
paddestoelen leer   mycologie

paddestoelenplek   heksenkring

paddy - Ier

padjakker - deugniet, field, rekel

pad langs het water - jaagpad, trekpad

padoek - corail

Padus - Po

padvinder   (boy)scout, kabouter, pionier, spoorzoeker, tweepoot, verkenner, voortrekker, waterpadvinder, welp, zeeverkenner,

padvinderij - scouting

padvindersbijeenkomst   jamboree, koempoelan

padvinderskamp - jamboree

padvindersleider - hopman

padvinders leidster   akela

padvindertje - welp

padvindster - akela

pad waaropmen rijdt - rijbaan

paedagogie - opvoedkunde

paedagoog - docent, leraar, onderwijzer, opvoedkundige

paf - apatisch, bedremmeld, beduusd, benauwd, dik, klap, loom, lusteloos, onthutst, opgeblazen, opgezet, perplex, pof, slag, sprakeloos, verbaasd, verbijsterd, verbluft, versteld, zwaar,

paffen - knallen, poefen, roken, schieten

paffer - kestingroker, roker, schutter, sigaret, vingerhoedskruid

pafferig - blasé, bol, dik, lusteloos, loom, opgeblazen, opgezet

pafferik - revolver, vuurwapen

paffig - opgeblazen

pafzak   dikkerd

pagaai   paddel, parrel, peddel, roeispaan, riem, schepriem, schoep,

pagadder - guit, kwajongen, rekel, snaak

pagadet - sierduif

paganisme   heidendom

paganist - heiden

paganistisch   heidens, onchristelijk

page - bruidsjonker, dagvlinder, dienaar, edelknaap, hofjonker, schildknaap, wapenknecht

pagehaar - kalot

pageintje - aardigheid, grapje

pages - angstig, bang

paggelen - knoeien, prutsen

pagger - heg, heining, schutting

pagina   blad, bladzij (de), pag.

pagineren - nummeren

pagne - champagne

pagode - afgodsbeeld, goudmunt, heiligdom, rekenmunt, stupa, tempel

pagoscoop - gygrometer

pagus - gouw

paille - strogeel

pajoeng, knop van een - pentol

pajoeng, stok van een - garan

paillegeel   strogeel

paillette   lovertje, strootje

pair - edelman

pairschap - peerage

pais   vrede, vree

pait - bitter, jenever

pak   bos, bundel, dracht, gespuis, greep, kostuum, laag, laagvracht, last, pakket, ris, rits, vracht, tros, vat,

pak   kostuum, dracht

pak- of bindloon - emballage

pak- of omslagpapier - kardoes

pak ransel - priegel

pak ransel slaan - beurs

pak slaag - afdekking, aframmeling, afrossing, kotering, priegel, rammeling, ransel, ranseling

pak slaag (Z.N.) - smering

pakaan - greep, handvat, hengsel, leuning

pakbaar - strafbaar

pakdarm - endeldarm

pakean - kostuum

pakdier - ezel, paard

pakdoek - luier

pakezel   lastdier

pakhaai - zeeëngel

pakharden - inzetten

pakhuis   barak, bergplaats, bewaarplaats, depot, entrepot, loods, magazijn, onderstuk, opslagplaats, pakzolder, silo, spijker, stapelplaats, veem

pakhuis (Ind.) - goedang

pakhuis (It.) - fondaco

pakhuis van de zoutpakhuismeester - gabel

pakhuis voor graan - silo

Pakistaanse hasj - paak

Pakistaanse munt - pais(a), rupee

Pakistan, deel van - Pundjap

Pakistan, hoofdstad van - Rawalpindi

Pakistan, officiële taal in - Bengali, Urdu

Pakistan, rivier in - Jhelum

Pakistan, vlieghavn in - Karachi

Pakistaner - Pakistani

pakje - pakket

pakje kleren   bundel, bunsel

pakjesdrager   koelie, kruier, sjouwerman, witkiel

pakkage - bagage, goed, reisgoed

pakkeman - boeman, gendarme, veldwachter

pakken – begrijpen, betrappen, boeien, bijeenvoegen, gevangennemen, grijpen, grissen, inpikken, knuffelen, nemen, omarmen, pikken, reiken, stelen, toeeigenen, vangen, vastgrijpen, vatten, wegnemen

pakkend - treffend

pakkendrager - sjouwerman, zakkendrager

pakker - embaleur, sluitprop, stouwer, stuwadoor, stuwer

pakkerd - knuffel, kus, omarming, omhelzing, zoen

pakket - bundel, krat, pak

pakketje - bundeltje

pakkingsstof - lording

pakkingstof - asbest, hennep, lathilith, leer, metalline, rubber,

touwpluis, werk



pakkist - krat

pakknecht - emballeur

pakkoopman - marskramer

paklinnen   pakdoek

pakloper - pakkoopman

pakmateriaal - kist, krat, vat, verpakking, zak

pakruimte in schip   ruim

pak ransel - afranseling, afstraffing, priegel, rammel, slaag

pak slaag - aframmeling, bastonnade, billekoek, borsteling, priegel, ransel

pakspeld - bakerspeld

pakt - traktaat

paktouw - bindtouw

pal - bestendig, hecht, juist, klamp, onbeweeglijk, onmiddellijk, onwrikbaar, pen, precies, stift,schrap, stevig, standvastig, star, stift, strak, stram, stijf, vast, vlak, vlakbij, volkomen

pal   pen, stift

pal voor een schaafbeitel - peg

paladium (scheik.) - pd

paladijn   beschermer, hofedelman, krijgsoverste, paleisheer, veldheer, voorstander, voorvechter

paladijn van Karel de Grote - anceus, ingeller, Ogier, Olivier, Roeland

paladijn van koning Arthur - Lancelot

Palaeogeen - Nummuliticum

Palaeogeen, deel van het - Eoceen, Oligoceen

Palaeotypen - incunabelen, wiegedrukken

Palaeozoïcum, deel van het - Cambrium, Carboon, Devoon, Ordovicium, Perm, Siluur

Palaeozoïcum, diersort uit het - graftoliet, trilobiet

palagoniet - basaltglas

palank - palissade, schanspaal

palankijn   draagstoel

palatalen - medeklinkers

palatie (Zuidnederland) - paleersel, tooisel

palatinaat - paltsgraafschap

palatine - pels

Palau-eilanden, een der - Angaur, Babelthuap

palaver - bespreking, onderhandeling

paleerder - versierder

paleerpriem - haarnaald

paleersel - tooi, versiering

palei   katrol, foltertuig

paleis - bisschopswoning, gerechtsgebouw, koningshuis, palace, vorstenverblijf

paleis (Ind.) - poeri

paleis der Moorse koningen in Spanje - Alcazar, Alhambra

paleis der Moorse koningen te Granada - Alhambra

paleis en tuinen te Parijs - Tuilerien

paleis in Apeldoorn   Loo

paleis in Den Haag - Noordeinde

paleis in Florence   Medici, Pandolfini, Pitti, Rucellai, Strozzi, Uffizi, Vecchio

paleis in Frankrijk   Elysée, Louvre, Luxembourg, Tuilerieën

paleis in Indonesië - (ommuurd) kraton



paleis in Italië   Pitti, Quirinaal, Uffizi,

paleis in Londen - Buckingham

paleis in Madrid   Escorial

paleis in Moorse stijl - alcazar

paleis in Moskou   konak, Kremlin

paleis in Parijs   Louvre, Elysée

paleis in Rome   Lateraan, Quirinaal, Vatikaan

paleis in Spanje   Alcazar, Alhambra, Escorial ,

paleis in Venetië   Dogenpaleis, Vendramin

paleis in voormalig Oost-lndië - keraton, kraton

paleis op Bali - Poeri

paleis op de Balkan - Konak

paleis te Moskou - Kremlin

paleis van Bey van Tunis - Bardo

paleis van de Franse president - Elysée

paleis van de Paus   Vaticaan

paleis van de pauselijke nuntius - nuntiatuur

paleis van een sultan - serail

paleis van sultan of vorst in Indië - keraton, kraton

paleis van Thor - Trudheim

paleis van een Turkse vorst (sultan)   serail

paleisbanket   amandelgebak

paleisbediende - lakei

paleistok - paleibalk

paleis(je) bij Parijs - Trianon
palen - belenden, grenzen

palen in de grond slaan   heien

palen van grenzen (voor akkers) - reinen

palensleep - mallejan

paleo  arctisch gebied   Europa, Eurazië, Noord Afrika

paleo-Aziatisch volk - Gilyaten

paleo doxie   oud gelovigheid

paleogene periode (geologie)   Eoceen, Oligoceen, Paleoceen paleograaf   Mabillon, Traube

paleografie   oud schriftkunde

paleologie   oudheidkunde

paleontologische term   (gids)fossiel

paleontologische wetenschap   paleobotanie, paleozoölogie

paleotypen   incunabelen, wiegendrukken

paleologische periode (geologie) - Devoon, Siluur, Carboon, Cambrium, Ordovicium, Perm

palering - tooi, versiering

Palestina   Israël, Kanaän

Palestijnse kunststad - Dor

palet – kaatsplankje, verfbord

paletmes - tempermes

paletot   damesmantel

palfrenier   rijknecht, bij koetsier, koetsbediende

palier - bordes

palindroom - Anna, dood, lepel, maar (raam), maan (naam), neger (regen), naad (Daan), Otto, staan (naast),

palimpsest - perkamentrol

paling - (leb)aal, nebbeling

paling met zwarte rug en witte buik - schieraal

palingachtigen - aal, kongeraal, moeraal, slangaal, wormpaling, zeepaling

paling van 1 kilo   lebaal

palingenese   wedergeboorte

palingfuik van wilgetenen - welie

palingijzer   aalschaar

palingkorf - aalvuik

palingnet - aalfuik

palingpen   speet

palingplank - damplank

palingschaar - aalgeer, aalspeet, aalvork, elger

palingsteker - aalgeer

palingtrek - descente, montée

palingventer - aalboer

palingvis - aal, anguilla, conger, kongeraal, moeraal, muraena

palingvissen - apodes

palingvormige zeevis - geep

palingzeilen - elgeren

palissade - estacade, omheining, palank

palissaderen   afsluiten, omheinen, versterken

paljas   bultzak, clown, dwaas, grapjas, grappenmaker, hansworst, harlekijn, joker, malloot, nar, pias, pierrot, potsenmaker, stro, strobed, strozak

palladium   pd

Pallas - Minarva

pallas - ruitersabel

pallet - laadbord

palliëren - bemantelen, vergoelijken, verzachten

palm - areka, aren, nipa, scheelea

palmbladeren - atap

palm als teken van de overwinning - zegepalm

palm der tropische gewesten - aren

palmachristi - ricinus, wonderboom, wortelknol

palmbladnerf - lidi

palmblaren als dakbedekking - atap (Indonesisch)

palmboom   aren, areka, betel, buks, buksboom, buscus, dadelboom, gebang, klapper, klapperboom, kokospalm, koningspalm, lontar, lontarpalm, nipa, pinang, sagopalm

palmboompje - buksboom

palmengeslacht   rotan

palmenhuis - palmarium

palmine   kokosvet, plantenboter

palmitine - glycerolester

palmkool - palmiet

palmmeel   sago

Palmpaas   Palmzondag

palmriet - bamboe, palmkool, rotan, waterplant

palmrolmarter - paradoxurinae

palmsap - toddy

palmsoort - areka, aren(palm), dadelpalm, kokospalm, lontar, nipa, oliepalm, rotan, sabal, sagopalm, scheelea

palmtak - erepalm, overwinningsteken

palmvezel - bassine, palmhennep

palmvezelstof - agel

palmwijn - arak, aren, kwak, saguweer, toddy, toeak, toewak

Palmyra - lontarpalm, Tadmor, vezelstof

palmzaad - ivoriet

pal of stram - star

palpabel - tastbaar, voelbaar, zonneklaar

palperen - bekloppen

palpipatie   aderslag, hartklopping, polsslag

palster - pelgrimsstaf

palt - stuk

paltrok - houtzaagmolen, onderkruier

paltsgraafschap - palatinaat

palurk - proleet, prolurk

palynologie - stuifmeelanalyse

pamali - taboe

pamflet   blauwboekje, brochure, folder, hekelschrift, klaagschrift, laster (zn), libel, paskwil, schótschrift, smaadschrift, strooibiljet, vlugschrift

pamfletschrijver - libellist, pamflettist

pamflettist   pamfletschrijver, libellist

pamir, rivier in - Pandsj

pampahaas   mara

pampagras   cortaderia

pampahaas - mara

pampastruis - nandoe

pampaswind - pampero

pampus - kieljacht

pan   aker, bende, bosgod, chaos, duinvallei, herrie, keet, kookgerei, paniek, rommel, troep, warboel

panacee - wondermiddel

panache   helmbos, pluimbos, vederbos

Panama, provincie van - Chiriqui, Coclé, Colon, Darien, Herrera, Panama, Veraquas

Panama, provinciale hoofdstad in - Chitré, Colon, David, Penonome, Santiago

panamabast - houtzeep

Panamese munt   balboa

Panappel - braadappel

panaritium - fijt

panas - pandjeshuis

panatella - importsigaar

panboor - trepaneerboor

panboring - schedelboring

pancarte - plakkaat, plakschrift

pancratium - vuistkamp, worstelkamp

pancreas   alvleesklier, buikspeekselklier

pand   borg, galerij, huis, jachtnet, leen, onderpand, perceel waarborg, woning, zekerheid

panda - bamboebeer, katbeer

pandbeslag   panding

Pandàva - Arjuna, Bhima, Nakula, Sahadeva, Yudhisthira

pandbeslag - panding

pandbezitter - hypotheekhouder

pandbloem - ganzebloem

pandbrief - obligatie

pandecten - verzameling

pandeling   schuldslaaf

pandemie - volksziekte (algemeen)

pandemonium - duivelenverblijf, lawaai, verwarring

panden - belenen, verdelen

pandgenot - antichresis

pandhouder - pandbezitter, pander, pandnemer

pandhuis - lombard, lomberd, lommerd

pandhuishouder - lombaard, lombard

panding - pandbeslag

pandjeshuis   bank van lening, lombard, lommerd, omejan, pandhuis, panas

pandjesjas - billentikker, jacquet, slipjas, zwaluwstaart

pandoer - gendarme, grensbewaker, kaartspel, politieman, wildebras, winstspel

pandoerkaart - troefkaart

pandtuin - pandhof

paneel - beschot, deurvlak, luik, schakelbord, schot

paneel voor luidspreker - klankbord

paneelwerk - lambrizering

paneelzager - dief, inbreker

panegyriek - feestrede, lofdicht, lofrede

panegyrist - lofredenaar

panel - forum

panen - kweek

paneren - gratineren

panfluit - syrinx

panglima - aanvoerder, hoofd

panharing - alvenaar, alvertje, moertje, nesteling

paniek - angst, krach, ontsteltenis, radeloosheid, run, schrik, warboel

paniekachtige bestorming - run, stormaanval, stormloop

paniekerige rel - amok

paniektoestand - chaos

panier - hoepelrok, rijtuigje

panikgras - vingergras

panikkoren - hanepoot

panisch - angstig

panische schrik - paniek

panharing - alvertje

panicum - guineagras, pluim(gierst)

panikgras - gierst, vingergras

panikkoorn - hanepoot

panlikker - klaploper, tafelschuimer

panlijster - spreeuw

panne - autopech, bandenpech, motorstoring, ongeval, oponthoud, pech, schade, storing, tegenslag

pannekoek - appelpannekoek, bordje, flensje, hoed, koemest, meelkoek, pet (rond), sleutelbloem, spekpannekoek

pannekoekje   flensje

pannekoekje (Russ.) - blini

pannelap - smots

pannelikker   klaploper, tafelschuimer, vleier

pannen, schalen enzovoort (als één geheel) - nest

pannenbezetter - pannenstrijker

pannenstrijker - beunhaas

pannetje - borrel, vrijkaartje

panoester - oesterbrood

panopticum - wassenbeeldenspel

panorama   bellevue, uitzicht, vergezicht

panorama van een plaats - toporama

padschop - bats

pansfluit   syrinx, rietfluit, herdersfluit

pansofie - alwijsheid

pantalon   broek

pantalone - komediefiguur

pantatypie - zinkografie

panter - jaguar, luipaard

panterachtig dier   luipaard, pardel

panterslang - python

pantheon - eretempel

pantje - lendendoekje

pantocratie - alleenheerschappij

pantoen (Maleis) - dichtvorm

pantoffel - huisschoen, mocassin, muil, slipper, slof

pantoffel van gekleurd leer - mocassin

pantoffelbloem - calceolaria

pantotfeldiertje - slipper

pantoffeldiertjes - infusoriën

pantoffelheld   bangerd, lafaard

pantoffelhout - krispel, kurk

pantoffelhoutboom - kurkeik

pantoffelparade - lounge

pantoffelslak - slipper

pantograaf   tekenaap

pantometer - hoekmeter

pantomime   gebarenspel

pantomimefiguur - ukkel

pantomimist - gebarenspeler

pantry (Engels) - provisiekamer

pantser   borstharnas, borstkuras, harnas, kuras, maliënkolder

pantserafweergeschut   PAG.

pantserbekleding   harnas

pantserdier - gordeldier

pantseren - blinderen, versterken

pantserhagedis - krokodil, zonosaura

pantserhandschoen - handschoenverband

pantserhart - pericarditis

pantserhemd   maliënkolder

pantsering van een oorlogsschip – barbette

pantserschip - dreadnought, monitor (kustverdediging)

pantserstof - schildstof

pantservoertuig - tank

pantserwagen - tank

panty - stepin

panurgisch   doortrapt, schelms

pap - appelpap, bouillon, brij, griesmeelpap, meelkost, pudding, prut, pulp, puree, rijstebrij, rijstepap, vla, voedsel

pap (Ind.) - boeboer

pap van aardappelmeel - sterksel

papa   heit, pa, va, vader, pappie

papaal - pauselijk

papachtige massa - pulp

papaïne - melksap

papaja - meloenboom

papaver -gouwe, heul, heulbol, kankerbloem, klaproos, kollebloem, koorn, koornheul, korenbloem, maankop, slaapbol

papaverachtige plant - gouwe, heul, klaproos, maankop,

laapbol


papaveracee - corydalis, duivekervel, fumaria, glaucium, helmbloem, heulbol, holwortel, klaproos, maankop, ogenklaar, papaver, slaapbol

papaverachtige bloem - gouwe

apaverachtige plant   heul, gouwe, klaproos, slaapbol, maankop

papaverachtigen - papaveraceeën



papaverfamilie - papaveraceae

papaverine - alkaloïde

papaverolie - maanolie

papaverprodukt - heroïne

papaverrood - ponceau

papaverzuur - morfine

papegaai – amazone, ara, arakonga, arare, beo, borstelpapegaai,

bètè t,coco, jaka, kaka, kakepo, kaketoe, karakiri, kea, lori, lorre,



nestorpapegaai, parkiet, parrel, roodneklori, kakatoe, rosé kaketoe, rosella, schubbenlori, spechtpapegaai, uilpapegaai

papegaai gesnap - psittacisme

papegaai in Afrika - jako

papegaai in Nieuw Zeeland   kea

papegaaiduiker - zwemvogel

papegaaien - napraten, psitaci

papegaaienkruid - amarant

papegaaiennaam   lorre

papegaaienziekte - ornithose, psittacosis

papegaaischieten - vogelschieten

papegaaisoort - kaketoe, lori

papegaaitulp - parkiettulp

papegaaivissen - lipvissen, scaridae

papenbloem - paardebloem, papenkruld,

papendom - geestelijkheid

papenhoed - kardinaalsmuts, priesterhoed

papenkwaad - veenwortel

papenmuts - kardinaaismuts, papenkap, priestermuts, zwaluwstaart

papenschoen - venusschoen

paperassen - papieren

paperclip   papierklemmetje

paperij - klerikalisme, papendom

papeter - bangerd, lafaard

papeterie - papierhandel

papier - boek, charta, confetti

papier bereid uit de papyrusplant - papyrus

papier dat goed bewáard moet worden   polis

papier dat op damast gelijkt - damastpapier

papier met waterlijntjes - vergé

papier om doorslagen te maken - doorslagpapier, carbon

papier van de belastingdienst - belastingbiljet

papier van het grootste formaat - imperiaal

papier van waarde   akte, bankbiljet, bon, cheque, coupon, effect, polis, reçu, wissel

papier voor aantekeningen   klad

papier, zeer dun - pelure

papierbak - prullenbal

papierbederver - knoeier

papierbloem - strobloem, xeranthemum

papierboom - papyrus

papieren - paperassen, bescheiden, brieven, stukken

papieren aan een snoer rijgen - liasseren

papieren omslag - kaft

papieren band - banderol, wikkel

papieren belastingbandje   banderol

papieren geld - biljet

papieren geld tijdens de Franse revolutie - assignaat

papieren gietvorm - flan

papieren huls met buskruit - kardoes

papieren lantaarn - lampion

papieren omslag van een gebonden boek - jacket

papieren slaghoedje - amorce

papieren telegraaflint - tape

papierformaat   adelaar, atlas, baal, carrế, bijkorf, colombia, colombier, duodecimo, folio, imperiaal, kroon, kwarto, mediaan, oblong, octaaf, octavo, oct, olifants, post, riem, royaal, schrijf

papierformaat in België   atlas, cavalier, Colombo, Jezus, propatria, raisin

papiergeld - assignaat, bankbiljet, tientje

papierhandel - papeterie

papierklem - paperclip

papierknijper - clip, gem, paperclip

papiermaat   baal, folio, riem

papiermakerswerktuig - feriet

papiermand - prullenbak, snippermand

papiermes - briefopener, papiersnijder, plioir, vouwbeen

papierplant – papyrus

papier van waarde - cheque, coupon, effect, wissel

papierriet - papyrus

papiersnijder   snijbeen, vouwbeen, vouwmes

papiersnippers   confetti

papiersoort - albastpapier, asfaltpapier, bordpapier, briefpapier, bristolkarton, broompapier, doorslagpapier, drukpapier, fluweelpapier, glacépapier, glans, gompapier, goudronpapier, goudpapier, granietpapier, grondpapier, handpapier, irispapier, ivoorpapier, kaart, kardoespapier, kartonpapier, kastpapier, kladpapier, krantenpapier, oliepapier, perkament, royaal, rijstpapier, schrijfpapier, tekenpapier, typepapier, velijn

papier voor versiering - crepe

papierwaren   papetrie, papeterie, paperassen

papierwinkel   papeterie

papilachtig - papillair

papildragend - papilleus

papillionacee - aardakker, aardnoot, bezemkruid, boon,

capucijner, christusdoorn, cicer, cytisus, erwt, galaga, genista, geweiboom, glycine, goudenregen, hazepootje, heggewikke, hokjespeul, honingklaver, hopklaver, indigobloem, judasboom, kattendoorn, keker, klacer, kroonkruid, laburnum, lathyrustuinboon, lens, linze, lotus, lupine, luzerne, malboon, ononis, pisum vicia, pronkboon, pronker, rolklaver, rubinia, sarradelle, sophora, trifolium, ulex rem, vogelwikke, wikke, zoethout



papillair gezwel - papilloma

papiniaanse pot - autoklaaf

papisme   pausdom, pausgezindheid

papkerel   zwakkeling

Papoea-eilanden, een der - Missoöl, Salawati, Waigeo

papomslag - catapiasma

pappa - vader

Pappataci-koorts - sandfly-fever

pappeblaren - kaasjeskruid

pappel - heemst, kaasjeskruid, peppel, populier

pappel, witte - heemst

papperig - brijachtig, pappig, week, zwak

pappert - zuiplap

pappig - penterig

papyrusrol - opistograph

paps - vader

papsel - stijfsel

papyrus - papierplant, papierriet

papzak - dikkerd

para   bij, gedurende, langs, naast, parachutist, tegenover, voorbij

para aminosalicylzuur   PAS ,

paraaf   handtekening , krul, pennentrek

paraaf voor gezien - visum

paraat   bereid, dadelijk, gereed, klaar, ree, strijdvaardig vaardig, vlug, waakzaam

parabel   fabel, gelijkenis, leugen, vergelijking

parabolische kegel - parabool

paraboloïde, elliptische - helmvlak

paraboloïde hyperbolische - zadelvlak

parabool - kogelbaan

parachute - valscherm

parachuteren - droppen

parachutespringer - para(chutist), valschermjager

paracyaan - CN

parade - defile, pronk, praal, schouw, troepenschouw, vertoon wapenschouw

paradebed   praalbed

paradekleed   staatsiekleed

parademaker   geurmaker, opschepper, praalhans, pronker

paradepaard - glansnummer, pronkstuk

paraderen   opscheppen, pralen, pronken

paradigma   modelwoord, voorbeeld

paradigmatisch   voorbeeldig

paradox   wonderspreuk

paradoxaal - gezocht, vreemd, wonderspreukig

paradijs - Aaloe, dorado, Eden, eldorado, engelenbak, hemel, lusthof, lustoord, lustwarande, nirwana, oase, Utopia, walhalla,

paradijsappel - ethrog, kolokwint, tomaat

paradijsdeur   lijkportaal

paradijsfiguur   Adam, Eva

paradijshout   aloë

paradijskoren - grein

paradijskorrels - kardamon

paradijskostuum - bloot, naakt

paradijsnimf - houri

paradijsnoot - sapucaja

paradijsraaf - katoendief,

paradijsrivier   Pison, Gihon, Tigris, Eufraat

paradijsvogel- wimpeldrager

paradijsvogels - paadiseidae

paraferen - ondertekenen, waarmerken

paraffine (natuurlijke) - bergtalk, vetaarde

parafinnen - alkanen

parafonie - bijtoon

paragnose   helderziendheid, gedachten lezen

paragnost - helderziende

paragnostisch verschijnsl - gedachtenlezen, helderziendheid

paragraaf   hoofdstuk, onderdeel, par.

paragrafie - schrijfstoornis

paragram - verandering, vervalsing

Paraguay, departement in - Acuncion, Anambay, Boqueron, Caaguazu, Caazapa, Central, Concepcion, Guaira, Itapua, Misiones, Neembuco, Olimpo, Paraguari

Paraguay, departementale hoofdstad van – Asuncion, Caacupé, Concepcion, Encarnacion, Gaazapa Hernandariu, Ipacarai, Olimpo, Paraguari, Pilar, Villarrica

Paraguay, munt in - Guaranti

Parahelium - asterium

paraisseren - verschijnen

paralalie - spraakstoornis

parallax   verschilzicht

parallel   evenwijdig, evenzijdig, gelijk, gelijklopend overeenkomende, overeenkomstig, vergelijkbaar

parallellepipedum   blok

parallelogram, rechthoukig - rechthoek

paralysie - beroerte, verlamming

paralyseren   ontzenuwen, verlammen

paramedisch beroep - diëtist, logopedist, masseur, pedicure, tandarts

parament - albe, amiet, corporale, kazuifel, palla

Parana, hoofdstad van - Curitiba

paranimf   bruidsjonker

parapet   borstwering

paraplu   akkerwinde, bernagie, koepeldak, lenteklokje, plu, regenscherm, spuit

paraplu, ouderwetse - besteedster

parapsychologie - helderziendheid

parasiet - aaltje, bloedzuiger, horzel, klaploper, luis, mijt, neet, profiteur, symbiost, tafelschuimer, teek, teke, uitvreter, vlo, woekerplant, worm, zwam

parasiet, drager van een - gastheer, waardplant

parasitaire kleine draadworm - bietenaaltje

parasietplant - woekerplant

parasietvlieg - tachininae

parasietvogel - schreeuwvogel

parasitaire kleine draadworm - bietenaaltje

parasiteren - klaplopen, woekeren

parasitisme - klaploperij

parasitisme van vliegenlarven - myiases

parasol - ombrelle, zonnescherm

parasolmier - visitemier

parasolzwam - lepiota

parastaten - zijkolommen, zijpilaren

paratroepen - parachutetroepen, parachutisten



paravaan - otter

paravent   tochtscherm, kamerschut, windschut

Parcen, een der (schikgodinnen) - Atropos, Clotho, Lachesis, Schikgodinnen

parcimonie - gierigheid, karigheid, zuinigheid

parcimonieus - gierig, vrekkig

parcours   circuit, piste, ronde, traject, wedstrijdbaan

pardel - luipaard

pardelkat - ocelot

pardessus - overjas

pardoes - halsoverkop, ineens, onverwachts, onvoorziens, opeens, plots, plotseling, zomaar

pardon   gena, genade, kwalijk, kwijtschelding, sorry, vergeving, vergiffenis

pardonabel   vergeeflijk, verschoonbaar

parel   bijou, dauwdruppel, glinsterend, juweel, kleinood, petillant, sieraad, tintelend, zweetdruppel

parel als meisjesnaam - Margie

parelend   avo, bijenkorf, carré, folio, fonkelend, glinsterend, kroon, kwarto, oblong, petillant, post, tintelend

parelmoer achtig   nacré, nacriet

parelduikster - ama

parelend - fonkelend, glinsterend, petillant, tintelend

parelglimmer - margariet, pyrosmalith

parelgort - parelgerst

parelgras - dronkgras, malica

parelgruis - parelzaad

parelhoen - pintade, poelepetaat, poule

parelhoenders - numidae

pareljuffer - perla

parelkruid - parelzaad

parelmoerachtig - nacré, nacriet

parelmoermossel - meerslak

parelspaat - ankerriet

parelthee - joosjesthee

parelvlieg - perlidae

parelvormige blaasjes - parelen

parelzaad - lithospernum, parelgruis,

paren - bijeenvoegen, copuleren, huwen, koppelen, verenigen

parenchym - grondweefsel

parentage - familie, verwantschap

parenthese - tussenzin

pareren - afhouden, afschermen, afwenden, afweren, keren, opsmukken, schitteren, sieren, terugkaatsen, tooien

parese - spierverlamming

paresseuse - damesmutsje, kussen

paret - gril, kuur, ongeval, pralerij, snoeverij

paret(te)maker - druktemaker

parfors - volstrekt

parfum   geur, odeur, reuk, reukstof

parfummengsel (Arabisch) - Nedde

par hasard   toevallig

parhelium - bijzon



pari - gelijk, gok, pariteit, weddenschap

paria - desperado, onaanraakbare, onreine, outcast, uitgestotene, verworpeling, verstoteling

paria's (Japan) - eta

pariëren - verwedden, wedden

parighoevigen - artiodactyla

paring - copulatie, koppeling

paringsdaad - copulatie

paringsdrift - bronst

parisappel - twistappel

pariskruid - eenbes

paristisch insekt - luis

pariteit   gelijkheid, gelijkgerechtigheid, pari

park - lustbos, plantage, plantsoen, siertuin, tuin, wandelplaats, warande

parka - windjak

park bij Scheveningen - Westbroekpark



park in Afrika   Krugerpark

park in Amsterdam   vondelpark, Oosterpark,

park in Den Haag   Zuiderpark

park in Madrid   Prado

park in Parijs   Tuilerieën

park in Wenen - prater

park in U.S.A. - Yellowstone

parkachtige streek - waranda

parkeergarage - parking, stalling

parkeerhoes - autopyjama

parkeerplaats   P., parkeerhaven

parkeertegel - fietsblok

parkeerwacht - autobewaker

parkeren - stallen, opstellen

Parket - O.M., vloerbedekking

parketlegger - parketteur

parkhuisje   paviljoen

parkiet - palaeornis

parkiettulp - papegaaitulp

parlement   S.G., kamer, rijksdag, volksvertegenwoordiging

parlement van Bulgarije   Sobranje

parlement van Denemarken   Folketing, Folkething

parlement van Duitsland - Bundestag

parlement van Finland   Eduskunta, Rijksdag

parlement van Ierland   Dail

parlement van Israël - Knesset, Knesseth

parlement van Japan - Diet

parlement van Liechtenstein - Landdag

parlement van Man - Tynwald

parlement van Nederland   Staten Generaal

parlement van Noord-lerland - Stormont

parlement van Noorwegen   Storting, Storthing

parlement van Oost Duitsland - Volkskammer

parlement van Oostenrijk - Herrenhaus

parlement van Polen - Zejm

parlement van Spanje   Cortes

parlement van de Verenigde Staten   Congres

parlement van West-Duitsland - Bundestag

parlement van Zwitserland   Bundesversammlung

parlementair - beleefd, omzichtig

parlementaire term - m.v.a. (memorie van antwoord)

parlementen - babbelen, praten, snappen

parlementeren - onderhandelen, redekavelen

parlementsgebouw in Brussel   Walstraat

parlementsgebouw in Den Haag - Binnenhof

parlementsgebouw in Washington - Capitool

parlementsvacantie - reces

parlesanten - raren, vloeken

parlevinken - kadraaien, koeteren, praten, rederen

parlevinker - kadraai, scharrelaar, scheepszoetelaar

parloir - spreekkamer

parmant - deftig, statig, trots

parmantelijk - duidelijk,parmantig, stellig, zeker

parmantig - adret, branie, deftig, fier, moedig, parmantelijk, prat, statig, trots, zelfbewust, zelfverzekerd, zeker

parmantigheid   fierheid, statigheid

parnasbloem - dichtwer, vers

parnaskruid - parnassia

parnassijn (Israëlisch) - kerkmeester, kerkvoogd

parochie   kerkgemeente, gemeente, kerkdorp, karspel,

kerspel, statie



parochiehuis - gemeentehuis

parodie - bespotting, nabootsing, omwerking, paskwil

paroditische opera - buffa

par(o)emiologie - spreekwoordenleer

parologie - dwaling

paroniem - stamverwant

paroniemen - stamverwant

parool - belofte, devies, erewoord, herkenningswoord, leus, leuze, lijfspreuk, motto, signaal, wachtwoord

Paros, stad op - Nausa, Parikia

parousie - komst, verschijning

paroutis - bof

parrel - paddel, pagaai schepriem

Parry-eilanden, een der - Bathurst, Borden, Cornwallis, Melville

Parsi’s, taal der - Gujatari



  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina