Photoshop cs nederlands versus Engels



Dovnload 25.23 Kb.
Datum25.08.2016
Grootte25.23 Kb.

Photoshop CS




Nederlands versus Engels


Deze teksten zijn gebaseerd op de Nederlandse versie. De engelse vertaling staat er vaak, waar relevant, in cursief tussen haakjes achter. De sneltoetsen komen altijd meer overeen met de Engels woorden (Ctrl-H=hide, Ctrl-L=levels et cetera)

Bestand openen


Open het plaatje ajorig.jpg via Bestand (File) > open, of direct vanuit de map door met rechtsklik te kiezen: open met Photoshop.

Vensters en navigatie


Om het plaatje beeldvullend te zien tik je Ctrl-0.

Wil je verder vergroten dan tik je Ctrl-+.



Verkleinen kan weer met Ctrl-–.

Die drie sneltoetsen (shortcuts) zitten vlak bij elkaar en gebruik je vaak.


Als je ingezoomd bent dan kun je via de scrollbalken door je beeld heen navigeren, maar veel sneller kan dat met de spatiebalk ingedrukt, en dan slepen met je muis (muis ingedrukt houden en verplaatsen).

Elk plaatje dat je opent komt in een eigen venster.




Het gereedschap-palet en het vergrootglas


Aan de linkerkant zie je het gereedschap-palet. Erg handig zij de tooltips: blijf met je muis op een tool hangen voor een omschrijving (en sneltoets!). Als er een klein uitklapdriehoekje bijstaat dan kun je er lang op klikken voor extra subtools.

Zoek het vergrootglas. Klik daarop; je cursor verandert in een vergrootglas. Je kan nu in de foto op een bepaald gebied klikken dat je wilt uitvergroten. Je kan ook een vakje trekken: hou de muis ingedrukt en sleep een rechthoekje; het vakje dat je nu trekt wordt beeldvullend uitvergroot als je de muisknop loslaat.



Verkleinglas: als je alt ingedrukt houdt, verandert je cursor in een verkleinglas. Klik om uit te zoomen.

Anti-rode ogen


Bij geflitste foto’s zie je soms rode ogen. Dat kan je nu eenvoudig en snel weghalen. Kies in het gereedschap het oog-penseel-ikoon, ofwel de kleur-vervangingstool (color replacement). Die kan verborgen zitten onder het pleistertje: die heeft onderin een klein driehoekje en dat betekent dat er een uitklapmenu onder zit. Als je lang klikt verschijnt dit menu. Als je kort klikt selecteer je de tool die eerst in het palet zichtbaar was. De kleurvervanger vervangt uitsluitend de kleur van de pixels waar je overheen verft, en niet de helderheid.

[Oude versies: neem een gewoon penseel met modus:kleur]

[Nieuwe versie CS2: je hoeft alleen nog maar in het oog te klikken]
Kies zwart als voorgrondkleur, via de kleurkiezer onderin je gereedschappalet. Is die niet zwart, klik dan op het kleine zwart-witikoontje daar vlak naast. Is nu de achtergrond zwart, draai dan voor- en achtergrondkleur om met het draaipijltje meteen rechstboven de kleurkiezer (of tik x).

Het kloonstempel: pukkeltje weghalen


Trek met het vergrootglas een vak om het pukkeltje tussen de ogen.

(Als je iets te ver bent ingezoomd, klik je met alt om iets uit te zoomen). Klik in het gereedschap op het kloonstempel (clone stamp). We gaan daarmee een stukje gewone huid klonen over het pukkeltje heen, maar eerst moeten we het nog afstellen via de opties:



Gereedschap-opties


Elke tool heeft verschillende opties, bijvoorbeeld de grootte. Die zie je in het rijtje helemaal linksboven (window > options). Het tweede ikoontje daar is een penseel met een driehoekje (uitklapmenu) ernaast. Klik daar op en kies een klein zacht stempel: grootte 15 pixels en hardheid 0% door de hendel (of het woord) te verschuiven of een getal in te tikken.

Sneltoets voor groter en kleiner: [ en ]. (CS2: met shift erbij: zachter en harder)



Kloonstempelen: klik eerst met alt


We moeten nu eerst aangeven waar de gewone huid is. Dat doe je met alt ingedrukt; je cursor verandert in een doel-ikoon. Klik met je muis op een gewoon stukje huid. Je hebt nu de origine bepaald.

Nu laat je alt weer los, en nu kun je met de muis verven over het pukkeltje heen. Eén of twee keer klikken is al voldoende, maar je kan ook met de muis ingedrukt verder verven. De verhouding tussen de origine en waar je verft blijft behouden: kijk maar naar de cursor, die nu 2 gebieden aangeeft: waar je verft, en welk stukje beeld je aan het klonen bent.

Wil je die verhouding telkens even loskoppelen als je de muis loslaat, vink dan “aligned” in de opties uit. Zo kun je bijvoorbeeld overal ogen neerzetten.

Control-Z: laatste handeling ongedaan maken


Je kan de laatste handeling ongedaan maken met Ctrl-Z. Tik weer Ctrl-Z om het weer WEL te zien. Zo kun je de laatste handeling goed beoordelen.

Historie-palet en andere paletten


Als je meerdere handelingen ongedaan wil maken, kan dat in het historie-palet. Alle paletten kun je tevoorschijn halen via het menu Venster (Window). Als er daar een vinkje voor Historie staat dan is het palet zichtbaar. Je kunt elk palet vergroten en verkleinen door het hoekje rechtsonder te verslepen. Een palet verplaatsen kan door de bovenste blauwe balk op te pakken en te verslepen.

Tanden poetsen,: selectie maken


We gaan de tanden witter, of eigenlijk BLAUWER maken. Eerst moeten we de tanden selecteren: kies in het gereedschap de magnetische lasso (klik lang op de lasso en kies de magnetische). Klik 1x op de rand tussen tand en lip, laat weer los en volg nu met de muis de grens tussen mond en tanden. De lasso ziet zelf de grens, dus je kan er heel snel en slordig langs gaan. Alleen als de grens niet duidelijk is, of bij scherpe hoeken, kun je helpen door zelf een punt te klikken.
Als je bijna rond ben kun je dubbelklikken (of enkel-klik precies op het beginpunt). Je hebt nu een selectie gemaakt, die zichtbaar is door een lopende zwart-witte stippellijn, de zogenaamde “marching ants”.

TIP: Wil je de magnetische lasso verlaten dan kun je op Escape klikken en overnieuw beginnen.




Kleur en helderheid via kleurbalans


Van de selectie gaan we de kleur en helderheid veranderen.

Kies in het menu Beeld > aanpassen > kleurbalans (Ctrl B)

Bekijk dit venster: het spreekt grotendeels voor zich. Maak de tanden blauwer.

De tanden mogen behalve blauwer ook wel wat lichter, dus het knopje “behoud helderheid” onderin kan je uitvinken. Dit zorgt ervoor dat als je hendels naar rechts schuift, het hele beeld lichter wordt.

Op dezelfde manier kun je de ogen doen, lichter en blauwer dus.

Verberg de selectierand


De selectierand (marching ants) is in deze vorige stap storend om het beeld goed te beoordelen. Maak de rand onzichtbaar met Ctrl-H (hide selection). Weer Ctrl-H maakt de rand weer zichtbaar. Het kan ook via het menu Toon (View) > extra’s.

Let op: de selectie blijft geldig, ook al zie je die niet! Hier kan je je vaak mee vergissen. Je kan namelijk alleen wat doen IN een selectie, en niet erbuiten. Vergeet dus niet om weer Ctrl-H te tikken.



Belangrijk bij selecties:


  • Deselecteren: Ctrl-D (deselect) of klik buiten je selectie.
    Als er een selectie aanstaat kun je alleen in de selectie werken, niet erbuiten!

  • Iets erBIJ slecteren: hou SHIFT ingedrukt

  • Iets erAF selecteren: hou ALT ingedrukt

  • Ongekeerde selectie: Ctrl-shift-I of via Menu Selectie > Omkeren (invert)
    Als je bijvoorbeeld de ogen geselecteerd hebt, maar je wil juist alles selecteren BEHALVE de ogen.

  • Negatief beeld: Ctrl-I.
    Zit ook in je menu bij Afbeelding > Bewerken > Negatief.
    Zo kun je een ingescand negatief omdraaien naar positief.

  • Doezel (feather): Als je de rand van een selectie achteraf zachter wil maken kan dat via Menu Selectie > doezel.

  • De selectie vergroten of verkleinen kan via het menu Selectie > Aanpassen (modify)



Verbrande neus en kraaiepootjes cosmetisch bijwerken


Pak het reparatiegereedschap (patch tool) en selecteer het verbrande stukje neus. Versleep dat naar een mooi stukje huid bijvoorbeeld een wang. De patch-tool is een kloonstempel, maar dan één die het nieuwe stukje mooi mixt met het oude stukje. Het reparatiepenseel (healing brush, in hetzelfde uitklapmenu) werkt net als een kloonstempel, maar dan met diezelfde mix van oude en nieuwe pixels. Probeer de kraaiepootjes en wallen met deze tools cosmetisch weg te werken.

Is het effect iets te heftig dan kan je de handeling telkens traploos half wegfaden via het menu Wijzig (Edit) > Fade patch selection, of Ctrl-shift-F



Maak de ogen groter


Pak via het menu Filter het Liquify-filter. Pak daar de zwellen-tool (bloat, 5e van boven). Kies rechtsboven een groot penseel van tussen de 100-150, en klik kort op een oog. Klik ook wat langer en kijk wat het doet. Tik Ctrl-Z om de laatste stap ongedaan te maken.

Probeer ook andere tools, bijvoorbeeld de bovenste. Klik “reconstruct” om stukje-bij-beetje terug te gaan, of “restore all” om helemaal terug te gaan. Het Liquify-filter is een los programma, hier werkt de historie niet.



Maak ook de neus kleiner (hou alt ingedrukt).

Oefening: 2 foto’s combineren en werken met lagen en maskers


  • Open 1, 2, 3 en 4.jpg. Kies uit de vier plaatjes de leukste ogen, neus, mond, haar et cetera.

  • Pak de verplaatstool (de tool rechtsboven) en sleep het ene plaatje in het andere. Sluit het oude plaatje, en kijk in je lagenpalet. Als je het lagenpalet niet ziet: Kies Venster (window) > lagen (layers) of tik F7.

  • Klik op het lasso-gereedschap, en kies in de opties een doezel (feather) van 5. Dit zorgt voor een zacht, transparant randje, zodat de selectie straks mooi aan de randjes mengt met het onderliggende beeld, en je dus geen harde knipranden ziet.

  • Selecteer een oog door er met de lasso een vorm omheen te trekken. Hou dan shift ingedrukt en selecteer er iets bij: nog een oog. Als je teveel hebt geselecteerd haal je er wat af met alt ingedrukt. Dit geld voor alle soorten selecties: Shift=erbij, Alt=eraf (je ziet het ook aan je cursor, daar komt een plus of een min bij)

  • Klik nu op het maskerikoon onderin het Lagenpalet.
    Je selectie blijft over; de rest wordt weggemaskerd.

  • Pak weer de Verplaatstool, of kies Bewerken > vrije transformatie, of Ctrl-T van Transform. Zet de ogen op hun plek. Je kan hierbij ook de pijltjestoetsen gebruiken om precies te werken. Versleep een hoekhendel om te vergroten en verkleinen, maar hou daarbij shift ingedrukt; dan blijft de verhouding behouden.

  • Door niet een hoekpunt maar een lijn-middelpunt te pakken kun je het beeld indrukken of uitrekken.

  • Dubbelklik (of kies enter) als alles goed staat. Dan pas worden de beeldpixels echt uitgerekend, tot nu toe was het een grovere preview.

  • Roteren kan ook: sleep buiten de selectie met je muis, of kies rechtsklik (Mac: control-klik) in de selectie. Je ziet in dat submenuutje meteen ook alle andere vormen van bewerken; zoals spiegelen.

Het lagenpalet


  • Als je het lagenpalet niet ziet: Kies Venster > lagen (F7).

  • Klik op het oogje-ikoon. De betreffende laag wordt wel of niet zichtbaar.

  • Selecteer de laag door op die laag te klikken in het lagenpalet. Die laag is dan actief (hij is blauw). Alleen de actieve laag kun je bewerken!

  • Met Ctrl klikken op de laag geeft je de exacte selectie terug.

  • Verplaats de selectie met de pijltjestoetsen of met de verplaatstool

  • Om de naam van een laag te wijzigen dubbelklik je op de naam “Laag 1”

  • Bekijk de opties in het lagenpalet: probeer de transparantie uit. Je maakt daarmee de laag doorzichtig, zodat je de ogen beter op zijn plek kan zetten. Staan de ogen goed, dan maak je de transparantie weer 100%

  • Een laag kan je in het lagenpalet verslepen: wil je bijvoorbeeld iets bovenop zetten dan sleep je het naar boven.



Kleuren en contrasten aanpassen: Aanpassingslagen


Nu moeten we de huidskleuren op elkaar aanpassen.

  • Kies eerst de juiste laag (die met de ogen) door op die laag te klikken in het lagenpalet. Je ziet aan 3 dingen dat de laag actief is en gewijzigd kan worden:
    - De blauwe selectiekleur
    - Een zwart randje om het laagpictogram
    - Een penseel naast het oogje
    Dit is belangrijk want alleen in de actieve laag kun je werken.

  • Pas de kleur aan via een aanpassingslaag: via het menu Laag > Nieuwe aanpassingslaag (Layer > New Adjustment Layer), of via het ikoontje in je lagenpalet. Kies daar Kleurbalans en stel die af. Omdat het in een laag staat kun je de aanpassing nu altijd weer aan- of uitzetten, en de aanpassing eindeloos blijven wijzigen. Herhaal het nog eens, maar nu met Niveaus (Levels).



De niveaus: het histogram


Dit paneel “Niveaus” gaan we uitgebreid bekijken. Je ziet een histogram; die laat zien hoeveel er van een bepaalde grijswaarde aanwezig is. Door de driehoekjes te verschuiven kun je het beeld veranderen.

Normaliter zie je in het histogram een soort bergje. In het midden de middelste grijstinten, aan de rechtervoet van de berg de lichtste tinten, en aan de linkervoet van de berg de donkerste tinten. Via de 3 hendels (de driehoekjes: de grijze, de witte en de zwarte) kun je nu het contrast en de helderheid beïnvloeden. Het contrast in het wit en in het zwart kun je dus apart beïnvloeden.


Als er aan de voet van de berg (zowel links als rechts) een stukje “niks” is, dan moet je doorgaans de driehoekjes opschuiven tot de voet van de berg. Als je een groter contrast wilt, kun je iets voorbij de voet van de berg gaan. Let op: je snijdt dan wel beeldinformatie weg (namelijk de kleuren die er buiten gaan vallen) dus wees er voorzichtig mee. Tot de voet van de berg mag je meestal wel gaan, want daarbuiten is niks, en snij je dus ook niks weg.

De buitenste 2 driehoekjes vormen het contrast. Het middelste driehoekje bepaalt de helderheid. Verschuif die om het geheel lichter of donkerder te maken.

Ook bij deze moet je voorzichtig zijn. Er zijn per kanaal maar 256 kleuren (3 kanalen: RGB ofwel Rood Groen Blauw). Als je de hendels te ver versleept dan ga je het zien.

[Om dat even te kunnen zien versleep je de hendels extreem in 1 kanaal (bijvoorbeeld het Rood), klik je OK en bekijk je opnieuw de levels (Ctrl-L) van het rode kanaal. Je ziet dan een histogram waarbij er heel veel ruimte tussen de staafjes zit. In het beeld zie je dat aan storende kleurtrapjes: het beeld bevat te weinig tinten]



8-bits en 16-bits


Normaal beeld is 8 bits per kanaal (256 tinten per kanaal, oftewel 24 bits in totaal). Het menselijk oog heeft voldoende aan 256 tinten, maar als je 100 tinten “wegsnijdt” in de Niveaus hou je er maar 156 over, en dat ga je storend zien.

Als je verwacht extreem veel te moeten corrigeren heb je dus aan 256 tinten niet genoeg. Je originele beeld had dan 48 bits moeten zijn, dat bevat veel meer tinten per kanaal, en die kun je zodoende extremer corrigeren.



Je kunt beeld omzetten via Image > mode > 8 of 16-bits. Maar van 8 naar 16 heeft geen zin, alleen omlaag kan: dat maakt het beeld compacter en sneller, in het geval dat je originele beeld 48-bits was, bijvoorbeeld bij RAW plaatjes.

Photoshop CS | Copyright Aart Jan Bergshoeff Pag. van




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina