Preek over Joh. 1,14 (nieuwe missie II) d d. 22 februari 2009



Dovnload 38.1 Kb.
Datum22.08.2016
Grootte38.1 Kb.

Preek over Joh. 1,14 (nieuwe missie II) d.d. 22 februari 2009

Beste broers en zussen, jongens en meisjes, geachte gasten,
Op één van de kennismakingsbezoeken die ik de afgelopen maanden gebracht heb, hoorde ik het volgende verhaal:
Toen wij hier kwamen wonen kwam de buurvrouw langs om kennis te maken. Dat vonden we erg leuk. Maar toen ze hoorde dat we naar de Openhofkerk gaan, toen zei ze: ‘O, maar dan weet ik het al. Jullie zijn alleen maar met jezelf bezig...’ (dia 1)
Dat vond ik – en de mensen bij wie ik op bezoek was – schokkend. Staan wij echt zo bekend? Als een kerk die alleen maar met zichzelf bezig is? Als mensen die alleen maar met elkaar bezig zijn?
Misschien denk je nou: ‘Maar dat is helemaal niet zo!’ Maar al heb je gelijk – blijkbaar is dat wel het beeld dat de Noordenvelders van ons hebben...
En hoe kunnen we dan ooit (klik) Gods glorie uitstralen in Noordenveld? [Want het gaat vandaag weer over onze nieuwe missie:
GODS GLORIE UITSTRALEN IN NOORDENVELD (klik).
En 2 weken geleden ging het speciaal over het 1e punt waarin we dat uitgewerkt hebben: 1. Door Hem te eren. Maar vandaag gaat het speciaal over het 2e punt waarin we dat uitgewerkt hebben: 2. Door anderen over Hem te vertellen.]
Nou, hoe kunnen we ooit Gods glorie uitstralen in Noordenveld als de Noordenvelders vinden dat wij ons alleen maar met onszelf bezighouden? Wat voor beeld zullen ze dan van God krijgen? Waarschijnlijk dat God Zich ook alleen maar met z’n eigen mensen bezighoudt...
Het gaat vanmorgen over onze plek als kerk, als christenen in de samenleving.
* * *
Laten we eerst maar es even stilstaan bij hoe Jezus dat deed. – Want Jezus wilde ook Gods glorie uitstralen op aarde. En zoveel mogelijk mensen aansteken. Zodat ze mee gingen doen. Dus wij hebben nu eigenlijk dezelfde missie als Jezus toen had. – Nou, hoe deed Jezus dat? (dia 2)
Johannes zegt in Joh. 1,14 dus:
Het Woord is mens geworden en heeft bij ons gewoond, vol van goedheid en waarheid, en wij hebben zijn grootheid gezien, de grootheid van de enige Zoon van de Vader. (klik)
[Tussen 2 haakjes: misschien kijk je er wat vreemd tegenaan dat Jezus hier ‘het Woord’ wordt genoemd. Maar dat is omdat God een God is die spreekt. Je leert Hem kennen door naar zijn woorden te luisteren. En dat is precies de reden waarom Jezus ‘het Woord’ (met een hoofdletter) genoemd wordt: omdat je God het beste leert kennen door naar Jezus te luisteren. (En door naar Hem te kijken, want zijn daden pasten bij zijn woorden.) Duidelijker dan Jezus kan het niet. Als je God wilt leren kennen, dan kun je het beste naar Jezus kijken en luisteren.
Daar gaat het ook over in Hebr. 1,1-3:
1 Op velerlei wijzen en langs velerlei wegen heeft God in het verleden tot de voorouders gesproken door de profeten, 2 maar nu de tijd ten einde loopt heeft hij tot ons gesproken door zijn Zoon, die hij heeft aangewezen als enig erfgenaam en door wie hij de wereld heeft geschapen. 3 In Hem schittert Gods luister, Hij is zijn evenbeeld...
Dus: het is super dat God in het OT gesproken heeft door de profeten. En het is super dat God vandaag spreekt door de Bijbel. Maar er gaat niks boven Gods spreken door Jezus! – Dat even over Jezus als ‘het Woord’.]
Hoe deed Jezus dat: Gods glorie uitstralen? Door ‘mens te worden’ zegt Johannes dus in Joh. 1,14. Misschien denk je nou: ‘O ja, dat gaat over Kerst. Over dat God mens is geworden.’ Maar laten we daar nou niet te snel overheen lezen.
Stel je dat es even voor. Vader, Zoon en Geest zijn Samen. Van eeuwigheid tot eeuwigheid. Ze houden van Elkaar. Ze genieten van Elkaar. Ze voeren een soort eeuwige Dans uit, heb ik 2 weken geleden gezegd, waarin ze voortdurend om Elkaar heencirkelen. Want ze willen allemaal Elkaar in het centrum zetten.
Maar wat gebeurt er op een gegeven moment? Er wordt niet meer gedanst! Want de Zoon verlaat de hemel. Hij wordt mens. Niet maar een beetje, maar echt helemaal. (klik) Stel je voor: God Die z’n tanden poetst, God Die ’s morgens de slaap uit z’n ogen wrijft, God Die naar zijn werk gaat... enz enz. Net zoals jij dat allemaal doet!
En Hij wordt geen algemeen-menselijk soort mens, maar een mens van een bepaalde tijd, van een bepaald ras, uit een bepaalde cultuur, met een bepaalde godsdienst: een jood.
Ik denk dat als wij Hem zouden ontmoeten zoals Hij toen was, dat we behoorlijk op onze neus zouden kijken! Want Hij was bepaald geen nederlander!

* * *
Als ik dat allemaal op me in laat werken, dan denk ik: Jezus houdt dus bepaald geen afstand! (dia 3) Had-Ie Gods glorie niet kunnen uitstralen vanaf zijn troon in de hemel? Volgens mij is niets voor God onmogelijk... Maar Hij kiest ervoor om alle afstand op te geven, om helemaal zo te worden als de mensen voor wie Hij Gods glorie wil uitstralen.


En toen-Die een keer op aarde was, toen had-Ie er ook voor kunnen kiezen om bv. zijn intrek te nemen in de tempel. En de mensen daarheen te ontbieden.
Waarom niet? Als Barack Obama een keer naar Nederland komt, dan krijgt-ie vast een luxe suite in een hotel. Of hij mag logeren bij de koningin. Maar hij huurt vast niet ergens een kamer en zoekt vervolgens een baantje...
Maar dat doet Jezus dus wel! Hij geeft alle afstand op. Door 1: Uit de hemel te komen (klik). En door 2: Niet zijn intrek in de tempel te nemen (klik), maar in een gewoon gezin in een dorpje op het platteland, en door gewoon te werken voor de kost.
En het gaat nog verder. Daar kun je over lezen in Hebreeën. Hs. 2,17.18:
17 Daarom moest hij in alles gelijk worden aan zijn broers en zussen; alleen dan zou Hij in aangelegenheden tussen God en zijn volk een barmhartige en betrouwbare hogepriester zijn, die verzoening bewerkt voor hun zonden. 18 Juist omdat Hij Zelf op de proef werd gesteld en het lijden volbracht heeft, kan Hij ieder die beproefd wordt bijstaan.
Dat gaat nog een stapje verder dan wat er staat in Joh. 1,14. Stel dat koningin Beatrix op staatsbezoek gaat in de Derde Wereld. Dan stelt ze zich vast ook op de hoogte van de armoede daar. Ze zal misschien zelfs het een of andere project bezoeken dat bedoeld is om mensen een kans te geven. Ze zal zich verdiepen in de nood van de mensen daar.
Maar wat ze niet zal doen is die nood ook op zich nemen. Ze zal zich wel in hun nood verdiepen, maar hun nood zal niet haar nood worden!
Maar dat is precies wat Jezus wel doet! De beproevingen van de mensen – van de joodse mensen in de 1e eeuw in Israël moet ik eigenlijk zeggen – worden ook zijn beproevingen. 3: Hun lijden wordt ook zijn lijden. Dat is pas echt alle afstand opgeven!
* * *
Dat is het voorbeeld van Jezus: Hij geeft alle afstand op. Hij wordt mens. Eigenlijk staat er: Hij wordt ‘vlees’ (dia 4). En het woord dat daarvoor wordt gebruikt in de theologie is ‘incarnatie’ (klik). Letterlijk betekent dat ‘vlees-wording’. Het Woord wordt vlees. Het vlees van de mensen wordt zijn vlees.
En ik denk dat wij het als kerk en als christenen net zo moeten doen: dat we moeten incarneren in de samenleving in Noordenveld (klik). Dat we alle afstand op moeten geven.

Wat er vaak gebeurt – niet alleen hier hoor, maar overal – is dat christenen niet echt meedoen in de samenleving, omdat ze al bij een andere samenleving horen: de kerk.


Een beetje gechargeerd: als ze jarig zijn, dan nodigen ze mensen van de kerk uit, niet de buren. Als ze barbecuen, dan doen ze dat met de huiskring, niet met de buurt. Als ze op vakantie gaan, dan vragen ze mensen van de kerk om de planten te verzorgen, niet de buren. Als ze naar school gaan, dan gaan ze naar een gereformeerde school. (Daar is veel goeds over te zeggen, maar het neveneffect is dat we ons weer isoleren (klik).) Enz.
En weet je wat het nare daarvan is? Dat de Noordenvelders denken: ‘Ze voelen zich te goed voor ons...’ Dat is natuurlijk helemaal niet zo. Maar als mensen er die conclusie uit trekken, wat maakt het dan uit of ze gelijk hebben of niet?
Gods glorie uitstralen kun je dan wel vergeten... Wat je dan onbedoeld uitstraalt is: Ongeïnteresseerdheid, onverschilligheid, misschien zelfs minachting... En dat wordt dan toegepast op God...
* * *
We hebben het goed met elkaar. (dia 5) – OK, we hebben wel onze meningsverschillen. Die kunnen zelfs heel groot zijn. Maar we zijn wel allemaal onder de indruk van Gods glorie. En ons hart smelt als we denken aan wat Jezus voor ons gedaan heeft. En we willen Gods glorie ook graag uitstralen. Toch? –
We hebben het goed met elkaar. – Net zoals Vader, Zoon en Geest het goed hadden met Elkaar. (klik) Ze waren met een soort Eeuwige Dans bezig. Maar wat deden Ze? Ze stopten met dansen. Er kwam een eind aan het genieten. Ze hadden het niet meer zo goed met Elkaar. Want de Zoon ging naar de aarde. Om ons mee te laten genieten, om ons mee te laten dansen.
Nou, als Vader, Zoon en Geest ervoor gekozen hebben om het niet meer zo goed te hebben met Elkaar, maar om anderen mee te laten genieten – terwijl ze daar helemaal niet toe verplicht waren! Ze hadden best tot in eeuwigheid met Elkaar mogen blijven genieten. Daar waren ze niet minder God van geworden – als Vader, Zoon en Geest het zo gedaan hebben, zouden wij het dan anders mogen doen?
Als Vader, Zoon en Geest ervoor gekozen hebben om Zich niet te isoleren, maar om te incarneren, zouden wij ons dan wel mogen isoleren en niet incarneren? (klik) Als Vader, Zoon en Geest alle afstand op hebben gegeven, zouden wij dan afstand mogen houden?
Zingen:
* * *
Dus: Jezus gaf alle afstand op. Maar wij houden vaak wat afstand. En dat doen we natuurlijk niet zomaar. (dia 6)
In 1 Pt. 1,17 staat:
En aangezien u Hem die iedereen beoordeelt naar zijn daden, zonder aanzien des persoons [dat is natuurlijk God] ‘Vader’ noemt, moet u tijdens uw leven als vreemdeling ook ontzag voor Hem hebben.
Het gaat me nu alleen maar even om die woordjes ‘tijdens uw leven als vreemdeling’. Petrus zegt dus tegen de christenen waaraan hij zijn brief schrijft dat zij ‘leven als vreemdeling’ (klik).
Dat doet hij niet alleen hier. Maar ook in het 1e vers van deze brief, in de aanspraak:
Van Petrus, apostel van Jezus Christus. Aan de uitverkorenen die als vreemdelingen verspreid in Pontus, Galatië, Kappadocië, Asia en Bitynië verblijven.
‘Vreemdelingen’ dus. Maar zo noemt hij hen echt niet omdat ze gevlucht zijn uit hun eigen land en asiel gezocht hebben in een ander land. Nee, daar is een andere reden voor.
Paulus noemt hem op een hele duidelijke manier in Fil. 3,20. Daar zegt-ie:
Maar wij hebben ons burgerrecht in de hemel...
In de oude vertaling was het nog duidelijker:
Want wíj zijn burgers van een rijk in de hemelen... (klik)
Dat is het punt. Wij hebben een koningin: Beatrix. Maar we hebben ook een Koning: Jezus. Dat is zelfs ‘de Heerser over de vorsten van de aarde’, staat er in Op. 1,5. Wij zijn burgers van het Koninkrijk der Nederlanden. Maar ook van het Koninkrijk van God.
En dat moeten we niet vergeten! (klik) En uit angst om dat te vergeten hebben we altijd wat afstand gehouden, hebben we ons wat geïsoleerd. Dat is wel te begrijpen, maar ik denk dat het niet de goeie manier is. Want dan krijg je een beetje dit effect (dia 7).
Maar hoe moet het dan wel?
* * *
Er staat een gedeelte in het OT dat verhelderend is als het hierover gaat. Het staat in Jer. 29. Laten we het maar even lezen. (Opzoeken.)
Wat is er aan de hand? Veel joden zijn in ballingschap in Babel. Jeremia is nog in Israël. En dan schrijft-ie een brief aan de joden in Babel en die gaat zo, Jer. 29,4-7 (dia 8):
4 Dit zegt de HEER van de hemelse machten, de God van Israël, tegen de ballingen die Hij vanuit Jeruzalem naar Babel heeft laten voeren: 5 Bouw huizen en ga daarin wonen, leg tuinen aan en eet van de opbrengst, 6 ga huwelijken aan en verwek zonen en dochters, zoek vrouwen voor je zonen en huw je dochters uit, zodat zij zonen en dochters baren. Jullie moeten in aantal toenemen, niet afnemen. 7 Bid tot de HEER voor de stad waarheen Ik jullie weggevoerd heb en zet je in voor haar bloei, want de bloei van de stad is ook jullie bloei.
En als je dan nog een eindje doorleest, dan begrijp je waarom Jeremia dat moet zeggen van God. Er zijn valse profeten in Babel die zeggen: ‘Joh, we zijn hier toch zo weer vandaan, doe maar geen moeite om hier thuis te raken, bemoei je maar nergens mee, maar hou je afzijdig.’
En er waren joden die zich helemaal aanpasten aan de babylonische samenleving. Die gingen er in zaken en die maakten er fortuin en die bleven er achter toen ze de kans kregen weer terug naar Israël te gaan.
Maar dan moet Jeremia dus zeggen van God: 1. ‘Je mag niet assimileren. (klik) Helemaal worden als de babyloniërs. Je mag niet vergeten dat je burger bent van een ander rijk. Je moet blijven bidden: ‘Bid tot de HEER voor de stad waarheen Ik jullie weggevoerd heb...’
Maar je mag ook niet doorslaan naar het andere uiterste: 2. ‘Je mag je ook niet isoleren. (klik) Want jullie zitten hier nog wel een poosje: 70 jaar. (Dat staat ook in het vervolg van Jer. 29.) Dus ga maar huizen bouwen en ga maar een gezin stichten en doe alles maar wat mensen nou eenmaal doen.’
Dat is de enige juiste oplossing: 3. Incarneren. (klik) (Dat woord wordt hier niet gebruikt, maar het gaat er wel over.) Jer. 29,7: ‘Zet je in voor de bloei van de stad waarheen Ik jullie weggevoerd heb’.
Zet je in voor Noordenveld. Denk niet: ‘Ach, Noordenveld, ik ben burger van een ander rijk’. Dat is wel zo. Maar je bent ook burger van Noordenveld. En dat betekent dat je je ook verantwoordelijk moet voelen voor Noordenveld. Dat je je ervoor in moet zetten. Dat de belangen van Noordenveld ook jouw belangen zijn als christen. Dat de problemen van Noordenveld ook jouw problemen zijn als christen.
Weten jullie wat de missie is van de Redeemer Presbyterian Church van Tim Keller in New York? ‘Seeking to renew the City socially, spiritually and culturally’ (dia 9): ‘De stad vernieuwen in sociale, spirituele en culturele zin’.
Dus ze willen niet alleen maar spiritueel iets betekenen: dat mensen tot geloof komen. Maar ook sociaal. En cultureel. Dat is echt incarneren. Zo deed Jezus het.
Daarom vind ik het gaaf om te horen als leden van onze kerk in allerlei plaatselijke verenigingen zitten. In de historische vereniging, in het bestuur van een voetbalclub, in de buurtvereniging, en noem maar op.
Daarom is het ook goed dat er christelijke politiek bedreven wordt. En dan niet om het christelijke op te dringen aan iedereen, maar gewoon: om het goede te zoeken voor onze samenleving.
* * *
Dus: we hebben het goed met elkaar hier in de kerk, maar we moeten de kerk uit, de samenleving in! (dia 10)
Misschien moeten we de kerk en ook de kerkdiensten wel veel meer gaan zien als toerustingscentrum, als trainingscentrum (klik), als plek waar je wordt aangevuurd en getraind en enthousiast gemaakt om als christen helemaal je plek in te nemen in de samenleving.
Wij denken bij ‘kerk’ vaak in de eerste plaats aan een gebouw. En aan kerkdiensten. Maar is dat wel terecht? Is dat het hoogste doel van kerk-zijn? Is het niet zo dat het daar allemaal begint?
Heeft Jezus niet gezegd (het staat in Mt. 28,18-20:
Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde. Ga dus op weg (dia 11) en maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest, en hun te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat Ik jullie opgedragen heb.
Zijn we nog op weg, als we het hier goed hebben met elkaar en het houden van kerkdiensten beschouwen als het hoogste doel van de kerk? (klik)
En zoals het staat in Joh. 20,21:
Zoals de Vader Mij heeft uitgezonden, zo zend Ik jullie uit.
‘Zo zend Ik jullie uit’. Geldt dat alleen maar voor de 12 apostelen? Daar geloof ik niks van. Wij zijn allemaal uitgezonden, wij zijn allemaal zendelingen! Dat hoort bij het wezen van de kerk en van christenen.
* * *
Ik ga het nog even een beetje praktisch maken. Misschien weten jullie dat er op het moment allerlei gemeenstichtings- of kerkplantingsprojecten (dia 12) lopen. In Maastricht bv. In een achterstandswijk.

Weten jullie hoe dat gaat? Dat begint met dat je gaat 1. Wonen (klik) onder de mensen die je hoopt te bereiken met het evangelie. In die achterstandswijk. Misschien liggen de injectiespuiten wel op straat. En dat je gaat wonen in net zo’n oud huis als de anderen. Dat je je kinderen stuurt naar de buurtschool.


Dat je eigenlijk net zo wordt als de mensen daar. Net als Jezus. Incarneren.
En dan 2. belangstelling tonen (klik) voor de mensen. Om hen geven. Hen helpen. Misschien kun je ook iets organiseren in de buurt. Dat het straatvuil opgeruimd wordt. Kinderopvang. Huiswerkbegeleiding. Voedselbank. Vrijwilligerswerk. Aandacht voor ouderen. Weet ik veel.
En als je dan dicht bij Jezus leeft, dan gaan de mensen ook iets aan jou merken. Dat je belangstelling voor hen hebt. Dat je om hen geeft.
3. Dan straal je iets van Gods glorie uit. (klik) En dan worden mensen nieuwsgierig. Ze gaan vragen stellen: ‘Hoe komt het dat jij zo bent?’ En dan krijg je zomaar de kans om te vertellen over Jezus.
En dan komt de vraag: 4. ‘Kun je ons daar niet meer over vertellen?’ (klik) En voordat je het weet zit je dan regelmatig met een groepje bij elkaar en kun je wat vertellen over Jezus.
* * *
Nou, dat is echt niet alleen maar voor Maastricht weggelegd. Zo kan het hier ook. Als we incarneren in de samenleving, gewoon helemaal meedoen, dan krijgen we vanzelf kansen.
En ik denk dat 5. kleine groepen (klik), miniwijken, huiskringen, cellen of hoe je ze ook maar wilt noemen daar een hele belangrijke rol in kunnen spelen. Want mensen gaan veel makkelijker met jou mee naar een kleine groep dan dat ze meegaan naar de kerk.
En natuurlijk moet je in de kleine groep dan ook rekening met hen houden! In de keuze van de onderwerpen, in je woordgebruik, enz enz. Dat is echt mijn droom.
Dat de kleine groepen missionair worden. Maar dat is eigenlijk het onderwerp voor volgende week.
GODS GLORIE UITSTRALEN IN NOORDENVELD.
Dat doen we door eerst maar es te incarneren in de samenleving. Als we dicht bij de mensen en dicht bij God blijven, dan wordt er iets zichtbaar van Gods glorie. En dan komen de vragen vanzelf.
Amen.
Liturgie


  1. Votum

  2. Zegengroet

  3. Zingen: Gz. 158 Als een hert dat verlangt naar water (piano?)

  4. Wet: Mt. 5,13-16

  5. Zingen (schuld): Gz. 157 Vader, vol van vrees en schaamte (piano?)

  6. Bidden

  7. Lezen: Joh. 1,1-14 (tekst: vs. 14)

  8. Zingen: Ps. 19,1.3 (Woord = Chr, Joh. 1) (orgel)

  9. Inzoomen?

  10. Preek deel I

  11. Zingen: Ps. 67,1 (orgel)

  12. Preek deel II

  13. Zingen: Ps. 67,2.3 (orgel)

  14. Danken & bidden

  15. Collecteren

  16. Zingen: Gz. 64 Vrede zij u (piano?)

  17. Zegen





pagina




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina