Presidentieel stelsel versus parlementair stelsel



Dovnload 6.82 Kb.
Datum17.08.2016
Grootte6.82 Kb.
Presidentieel stelsel versus parlementair stelsel

Alhoewel sommigen daar heel wat over te vertellen hebben, is democratie heel eenvoudig en beknopt te omschrijven:


”Democratie is een bestuursvorm, gebaseerd op zelfbestuur door de burgers.”

Het Athene van de 5de en 6e eeuw v. Chr. kende een vorm van directe democratie. De hoogste macht berustte bij de volksvergadering waar alle volwassen vrije mannen het recht van spreken en van stemmen hadden. Ook de Franse Republiek kende een zekere vorm van democratie. De grondslag voor de moderne democratie werd in de 17e en l8e eeuw gelegd door denkers als John Locke en Jean-Jacques Rousseau. De onderschikking van de burger aan de overheid werd gezien als een sociaal contract dat door de burgers verbroken mocht worden in geval van wanbeleid. Montesquieu’s scheiding der machten diende te voorkomen dat alle macht in de staat in één hand kwam.

In de praktijk kwamen democratische staten tot stand bij de Amerikaanse en Franse Revoluties, aan het einde van de 18e eeuw. Beide revoluties predikten gelijke politieke rechten voor iedereen. In de 19e eeuw verbreidde de democratie zich over Europa en werd het kiesrecht sterk uitgebreid.

De huidige moderne democratie is een indirecte democratie waarin de kiezers de macht uitoefenen via vertegenwoordigers, die vaak zijn verenigd in politieke partijen. Als belangrijkste typen van een democratische staatsinrichting onderscheidt men het parlementair stelsel (voorbeelden: NL en GB) en het presidentieel stelsel (voorbeeld: VS).


Verschillen tussen beide stelsels
De Nederlands-Amerikaanse hoogleraar Lijphart stelt dat er twee cruciale verschillen zijn tussen een parlementair en presidentieel stelsel:
1. In een presidentieel stelsel wordt de president door het volk gekozen (soms via kiesmannen zoals in de VS), terwijl de leider van een parlementair systeem (premier) door het parlement wordt geselecteerd.
2. Verder is de leider in een parlementair systeem (premier) verantwoording schuldig aan het parlement. De leider in een presidentieel systeem (president) heeft deze afhankelijkheid niet van het parlement.

Er is echter nog een belangrijk verschil tussen beide stelsels te formuleren:


3. De president kiest zijn eigen regering en topambtenaren (‘spoil-system’) en kan zijn ministers ook ontslaan. De premier is leider van zijn regering die hij / zij niet zelf heeft samengesteld en benoemd.

 zie ook de geschreven hand-out !



Afzetten en aftreden
In de VS kan een president slechts afgezet worden in geval van ernstige psychische ziekte, hoogverraad, omkoperij of andere zware misdaden. Dit betekent dat foute beleidskeuzes (bijvoorbeeld oorlog beginnen) of slecht management geen redenen kunnen zijn voor het afzetten van de president. Tijdens Clinton’s laatste regeerperiode probeerden de Republikeinen via een impeachment-proces de president te dwingen tot aftreden vanwege zijn buitenechtelijke affaire en leugens (en niet vanwege zijn beleid).
De president is zelfs geen verantwoording schuldig over zijn beleid aan het parlement maar rechtstreeks aan de bevolking, die bij een volgende verkiezing daarover oordeelt. De bescherming van de Amerikaanse president gaat zelfs zo ver dat hij een veto kan uitspreken over wetten die al door het Congres zijn goedgekeurd.
In een parlementair stelsel daarentegen is het hoofd van de regering juist verantwoording aan het parlement schuldig over het beleid. Het enige waar de regering rekenschap over moet afleggen is het beleid en indien het parlement daar geen vertrouwen meer in heeft, kan men de regering naar huis sturen.

Functies van de president

'Ceremony, administration, diplomacy, command and legislation -these are the great constitutional functions of the American President' (Rossiter, 1973). Met andere woorden: the five hats !
1. Het ceremoniële van het Amerikaanse presidentschap is gelegen in het feit dat hij staatshoofd is.
2. Verder draagt de Amerikaanse president verantwoordelijkheid voor de uitvoering van het beleid.
3. Hij speelt vervolgens een voorname rol op het terrein van de buitenlandse betrekkingen.
4. Wie de Amerikaanse president in uniform ziet op de televisie, weet dat hij ook 'commander in chief' (opperbevelhebber van de strijdkrachten) is.
5. Ten slotte heeft de president - met onder andere een recht van veto -belangrijke taken op het terrein van de wetgeving.



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina