Preventie Lichthinder vzw



Dovnload 92.43 Kb.
Datum23.08.2016
Grootte92.43 Kb.

Preventie Lichthinder vzw

Cijnsstraat 9b

9880 Aalter

e-mail: inlichtingen@preventielichthinder.be

website: www.preventielichthinder.be





De Grijspeerdmolen Hooglede-Gits

Evaluatie van de monumentverlichting





Het terreinbezoek

Voorafgaande info

De vrijwilligers van Preventie Lichthinder vzw bezoeken de omgeving van het monument wanneer de verlichting ontstoken is. Met behulp van een digitale camera (Canon EOS 350D) op statief en een Sky Quality Meter (SQM) wordt de situatie in kaart gebracht.

Met de camera worden foto’s genomen van de situatie ter plekke om de beschrijving te staven. De Sky Quality Meter zorgt voor metingen die een indicatie geven van de helderheid van de omgeving. Dit kan de hemel zijn, maar ook een oppervlak van de straat, een object, …

De SQM geeft metingen in ‘magnitude per vierkante boogseconde’. Deze waarde dient herberekend te worden (via een tool op de website van de producent van de SQM, Unihedron uit Canada: http://unihedron.com/projects/darksky/magconv.php ) naar millicandela per vierkante meter. Deze waarde kan geinterpreteerd worden door de vrijwilligers van Preventie Lichthinder. De candela is de eenheid voor lichtsterkte. De lichtsterkte geeft aan hoeveel licht zich bevindt in ieder stukje van een lichtbundel. Andere eenheden die gebruikt worden voor het aangeven van lichtsterkte zijn lumen en lux. Lumen wordt gebruikt om de totale lichtsterkte van een lichtstroom aan te geven. Lux is dan het aantal lumen per vierkante meter.

Dit terreinbezoek, op 2 april, werd gedaan door Friedel Pas en Stijn Vanderheiden.

Een algemene bundel vervolledigt dit dossier. Deze bundel bevat relevante info, een verklarende woordenlijst, nuttige linken, info over de wetgeving, …



Inhoud van dit dossier:

  • Beschrijving van de omgeving/situering

  • Analyse van de bestaande toestand

  • Conclusie van het terreinbezoek

  • Verbeterpunten/scenario’s

deel 1: situering

De Grijspeerdmolen in Hooglede is staat in de deelgemeente Gits, langs de spoorweg Brugge-Roeselare-Kortrijk. Dit is evenwel niet de oorspronkelijke locatie van de Grijspeerdmolen. Het beschermde monument is heropgebouwd langs de Koolskampstraat, ter hoogte van het domein Waaiberg. De molen is ingeplant op een pleintje op de kruising met de Bollestraat. In de nabijheid werden er 2 parkings aangelegd voor de omliggende instituten.

Alhoewel de molen een imposant gebouw is, is het amper te zien vanop afstand. Vanuit alle invalshoeken wordt het zicht belemmerd door omliggende bebouwing of bomen. Alleen langs de Bollestraat, vanaf het oude station van Gits is de molen goed te zien.

deel 2: analyse

Aanduiding van de SQM-metingen en foto’s.



De SQM-metingen


1

2

3

4

5

6

7

8


Locatie

Aard

SQM-meting
(vmag/arcsec²)

Luminantie
(mcd/m²)

1

Hemel

18,65

3,745

2

De molen (achteraanzicht)

10,66

5935

3

De straat ter hoogte van de molen (Bollestraat)

15,14

94,93

4

De straat verderop in de straat (Bollestraat)

16,32

32,02

5

Het grasveld

14,33

200,2

6

De molen (vooraanzicht)

12,51

1070

7

De straat, onder de spot en straatverlichting (Koolskampstraat)

14,88

120,6

8

De straat, iets verder van de spot en straatverlichting (Koolskampstraat)

15,83

50,28

Drechthoek 26e foto’s


1

2

3 Doorbraak van licht door spot 3 op voorgeven van huis aan de overzijde van de spoorlijn

5

8

6

4 Doorbraak van licht door spot 3 op voorgeven van huis aan de overzijde van de spoorlijn

7

9

10

11

12

16

15

14

13


Fotonummer

Standplaats

Doel

Opmerking

4257, 4258,

1 (Bollestraat)

spot 1 (zijaanzicht)




4259, 4260, 4261

2 (Bollestraat)

spot 1 (schuinvoor)




4262, 4263, 4264

2 (Bollestraat)

spot2 (zijaanzicht)




4266, 4267, 4268

2 (Bollestraat)

Bollestraat

Impact van monumentverlichting op de verlichtingsintensiteit op de straat

4270, 4271

3 (Bollestraat)

Molen en spot 2 en 3

Verblinding in Bollestraat door spot 2 (en 3)

4273

4 (Bollestraat)

Bollestraat en spot 2

Verblinding in Bollestraat door spot 2

4274, 4275

4 (Bollestraat)

Molen en spot 2 en 3

Verblinding in Bollestraat door spot 2 en 3

4279

4 (Bollestraat)

Spot 1 (zijaanzicht)




4280, 4282

5 (grasveld)

Molen (zijaanzicht)




4283

6 (grasveld)

Molen (schuinvoor)




4284, 4285

7 (parking)

Molen (vooraanzicht)

Verblinding spot 1

4289

7 (parking)

Spot 3 (zijaanzicht)




4299, 4300, 4301, 4302

7 (parking)

Molen (vooraanzicht)

Spelen met sluitertijden

4304, 4305, 4306

8 (bij de molen)

Detail molenwiek

Zoeken naar plaatsing verlichting

4307, 4308

8 (bij de molen)

Detail wieken

Zoeken naar plaatsing verlichting

4309, 4310

8 (bij de molen)

Detail molen

Zoeken naar plaatsing verlichting

4312, 4313

9 (bij de molen, achteraan)




Zoeken naar plaatsing verlichting

4314, 4319

10 (achter de molen)

Detail achterkant

Zoeken naar plaatsing verlichting

4320

11 (Koolskampstraat)

Spot 3 (schuinvoor)




4324, 4325, 4326, 4330, 4331, 4332, 4333

11 (Koolskampstraat)

Molen en spot 1

Verblinding van spot 1 in Koolskampstraat

4329

11 (Koolskampstraat)

Spot 2 (zijaanzicht)




4334, 4335

12 (Koolskampstraat)

Molen (achterkant)




4339, 4340

13 (Koolskampstraat)

Huis aangestraald door spot 3

Doorbraak van licht door spot 3 op voorgevel van huis aan de overzijde van de spoorlijn

4341, 4342, 4343, 4344, 4345, 4346, 4347

14 (Koolskampstraat)

Molen en spot 3

Verblinding van spot 3 in Koolskampstraat

3449

14 (Koolskampstraat)

Huis aangestraald door spot 3

Doorbraak van licht door spot 3 op voorgevel van huis aan de overzijde van de spoorlijn

4352, 4357

15 (Stationstraat)

Spot 3 (vooraanzicht)

Verblinding van spot 3 in Spoowegstraat

4360

16 (parking Bollestraat)

Parking en huis, aangestraald door spot 3

Doorbraak van licht door spot 3 op de parking bij de molen en de voorgevel van huis aan de overzijde van de spoorlijn



Conclusies uit terreinbezoek

De medewerkers van Preventie Lichthinder hebben op dinsdag 2 april tussen 21u15 en 22u45 de site van de Grijspeerdmolen bezocht.

Tijdens dit plaatsbezoek werd gelet op het monument, de verlichting van het monument, de soort verlichting, de plaatsing van de verlichting en er werd gekeken naar eventuele andere verlichtingsmogelijkheden.

PreventieLichthinder vzw richt haar werking vooral op het beheersen en verminderen van de lichthinder, door middel van analyses, plaatsbezoeken, verbetertrajecten, …

Preventie Lichthinder vzw bekijkt 4 soorten van lichthinder: verblinding, doorbraak, hemelgloed en verspilling.

A lichthinder

Doorbraak (of tresspass): functioneel licht dat niet het doelgebied bereikt, maar andere constructies, zones, … in de omgeving verlicht.

Door de specifieke vorm van een molen (i.c. de wieken) en het gebruik van niet-gerichte spots, wordt heel wat licht van de monumentverlichting naast het monument gestraald. Hierdoor worden woningen, tuinen, … aangestraald.

Als voorbeeld kan een foto (foto nr) aangehaald worden. Deze foto is genomen in het verlengde van de molen en spot 3. Het witte licht verlicht hier de parking, de spoorlijn, de achterliggende straat en de gevels van de huizen daarachter. Dit witte licht is heel storend.

Doorbraak kan verhinderd worden door de klemtoonverlichting effectief te beperken tot het aan te stralen monument. Dit kan door filters/grids voor het toestel te gaan plaatsen zodat het licht beter geleid wordt naar het doelgebied. Grids en filters zijn standaard bij sommige toestellen, maar dienen meestal specifiek gemaakt te worden ifv het te verlichten monument.

Doorbraak of tresspass wordt bij de Grijspeerdmolen bij de 3 spots veroorzaakt.

Verblinding: verblinding wordt veroorzaakt door lichtbronnen die slecht zijn afgesteld en voetgangers, fietsers, autobestuurders, … aanstralen onder een hoek van maximaal 20° onder het horizontaal vlak. Wanneer de weggebruiker zijn of haar ogen op de weg richt, zorgt het invallend licht voor een verblindend effect. De weggebruiker kan dan moeilijk een inschatting maken van de weg of andere weggebruikers en dit kan ongevallen veroorzaken.

Verblinding kan voorkomen worden door de lichtstraat naar de grond te richten en zeker niet horizontaal te plaatsen. Een goed afgeschermd armatuur, dat verhindert dat een weggebruiker rechtstreeks de lamp kan zien is ook aan te raden.



Hemelgloed: hemelgloed is goed zichtbaar buiten de centra van dorpen en steden. Boven naburige dorpen, steden, sportvelden, … is een oranje of witte gloed te zien. Dit is hemelgloed. Deze gloed wordt veroorzaakt door licht dat opwaarts gestraald wordt. Dit licht verlicht de wolken, de sterren, de hemel, … maar dus alleszins geen straat, sportveld, monument, …

Opwaarts licht wordt veroorzaakt doordat armaturen rechtstreeks licht naar boven schijnen (grondspots, slecht geplaatste spots, …), maar ook door reflecterende oppervlakken te verlichten. Zo kan een wateroppervlak (vijver, rivier, kanaal, …) ook veel licht weerkaatsen. (Nat) Gras, een nat wegdek, … weerkaatsen ook veel licht, maar die weersomstandigheden mogen we niet in rekening brengen.

De vorming van een hemelgloed kan voorkomen worden door armaturen te kiezen en te plaatsen die enkel naar beneden schijnen en die geen weerkaatsende oppervlakken aanstralen.

Verspilling: Verspilling is een algemene verzameling van te veel aan licht, fout geplaatst licht, … Soms worden te veel armaturen en lampen gebruikt om een straat, monument, klemtoon te verlichten. Dit is verspilling. Soms wordt maar één lamp gebruikt, maar wordt deze te zwaar gedimensioneerd waardoor er ook verspilling optreed. Fout geplaatste verlichting die geen meerwaarde biedt, of waar een groot deel van de stralenbundel het doeloppervlak niet bereikt, ook dat is verspilling. Alle bovenstaande vormen van lichthinder: doorbraak, verblinding en hemelgloed zijn ook vormen van verspilling. Het licht had op die plekken niet moeten schijnen en is dus overbodig en dus ook verspilling. Verspilling kan vermeden worden door een nauwkeurige opmaak van een lichtplan, een inventarisatie van de noden en mogelijke oplossingen, het juiste gebruik van verlichtingssterkte, het juist plaatsen van de juiste armaturen, …

Met het tegengaan van verspilling gaat u niet alleen lichthinder beperken, maar ook de uitgaven van uw energiefactuur beperken en dat is handig meegenomen en meteen meetbaar voor de gemeente.



B verbruik

De 3 spots branden een hele nacht door. Het verbruik is dus goed te berekenen en is vrij hoog.



C functionaliteit

De 3 spots zorgen voor een volledige verlichting van de molen. Alle onderdelen worden aangestraald. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen de verschillende onderdelen van de molen, nog worden details extra benadrukt.



D belevingswaarde

De belevingswaarde van de molen is hoog zowel bij dag als bij nacht. Daar ze amper opvalt vanop grotere afstand, krijg je een wow-effect wanneer de molen van dichtbij opdoemt.


De oorspronkelijke belevingswaarde van een molen die van ver zichtbaar is en hoog in het landschap staat, is er echter niet. Daarvoor is de omgeving te veel verstedelijkt.

deel 3: verbetertrajecten en scenario’s

De gemeente had reeds plannen om de verlichting rond de molen aan te pakken. Hieronder bekijken we deze plannen bespreken we de voor- en nadelen.

De gemeente heeft een plan (plattegrond) doorgestuurd van een nieuwe situatie voor de verlichtingsmasten rond de molen. De 3 bestaande masten zouden vervangen worden door 3 nieuwe exemplaren die op een gelijkaardige plaats opgesteld zouden worden.

Enkel met het gebruik van de juiste armaturen, uitgerust met grids of lamellen (zie hieronder) zou hiermee de lichthinder beperkt kunnen worden en het monument beter aangestraald kunnen worden.

Het nieuwe voorstel zorgt niet voor een goeie oplossing om de molen integraal te gaan verlichten, zonder hinder. Zo zullen de wieken van de molen nog altijd aangestraald kunnen worden, met een veelheid als lichthinder als gevolg.



A toestellen

Een molen is een heel moeilijk object om te verlichten. De wieken laten zich niet gemakkelijk aanstralen zonder voor lichthinder te zorgen. Een molen verlichten zonder wieken is echter geen optie. De wieken máken de molen.

Er dient dus vooral nagedacht te worden hoe de wieken aangestraald kunnen worden.
Eerst en vooral dient bekeken te worden of er armaturen op de molen aangebracht kunnen worden. Zonder deze optie is het goed aanstralen van de wieken niet mogelijk. De doorbraak bij het aanstralen vanop afstand is te groot.
Daar de molen een beschermd monument is, moet er nagegaan worden of het aanbrengen van armaturen op de molen wel toegelaten is, en indien wel, welke randvoorwaarden in acht genomen moeten worden.

Preventie Lichthinder vzw nam contact op met de diensten van de Vlaamse Overheid, bevoegd voor het Onroerend Erfgoed. In een mailing over dit onderwerp stelde het Agentschap Onroerend Erfgoed dat:

Onroerend erfgoed geen bezwaar heeft tegen het verlichten van monumenten, mits het naleven van onderstaande randvoorwaarden :


    • De voorkeur gaat in eerste instantie naar een ‘historische monumentenverlichting’ (inwendige verlichting, gebruik van aanwezige historische lichtbronnen of initieel lichtconcept)i

    • Aanvullend kan geopteerd worden voor een uitwendig discreet aanlichten van het monument. Door gebruik te maken van niet te zware lampen zal het licht zich egaal over het monumentii spreiden en zal geen ‘onnatuurlijke’ schaduwwerking ontstaan waardoor de architectuur en het materiaalgebruik afleesbaar blijft. Dit levert bovendien een energiebesparing op. Belangrijk is dat de verlichting goed gericht is, zodat het monument verlicht wordt en niet de lucht er omheen. Tot slot wordt aanbevolen om de verlichting na een bepaald tijdstip te doven.

    • Het aantal verlichtingstoestellen en de bekabeling die op het monument worden aangebracht wordt tot het minimum beperkt, en volgt voor de plaatsing ervan de criteria die werden uitgewerkt in de telecomcode. 1

Het inwendig verlichten of het gebruiken van historische lichtbronnen of een initieel lichtconcept is hier niet aan de orde.
Het discreet aanlichten van het monument is mogelijk, maar biedt geen oplossing voor de wieken. Aanstralen van de wieken, ook al is het discreet (vanop afstand), zal zorgen voor veel doorbraak.

Ook het beperken van het aantal lichtpunten, rondom de molen, lijkt ons geen goede oplossing. Hierdoor wordt verwacht van enkele spots dat ze de gehele molen kunnen coveren. Dit gaat opnieuw gepaard met heel wat doorbraak. Dit kan enkel weggewerkt worden met grids die heel specifiek voor deze situatie aangemaakt worden.

Volgens het Agentschap Onroerend Erfgoed is het aanbrengen van verlichting op de molen niet uitgesloten als dit opnieuw volgens enkele randvoorwaarden gebeurt:

De kwestie over het beschadigen kan vergeleken worden met de algemene principes die gelden voor het aanbrengen van infrastructuur op monumenten. De richtlijnen die werden uitgewerkt voor het plaatsen van telecommunicatieinfrastructuur op monumenten (telecomrichtlijn) zijn hierbij richtinggevend. De richtlijn is gebaseerd op volgende uitgangspunten: (1) de fysieke aantasting van het monument moet tot het uiterste beperkt blijven;iii (2) de plaatsing van dergelijke installaties mag in het beeld of het silhouet van het monument geen visuele aantasting van betekenis tot gevolg hebben;iv (3) de ingreep mag de goede werking van het monument of de mogelijkheid tot het uitvoeren van inspecties, onderhoudswerken of restauraties niet in het gedrang brengen.v In de telecomrichtlijn staan gedetailleerde instructies waaraan de bekabeling of leidingaanleg en de installaties moeten voldoen. Worden deze uitgangspunten gevolgd dan is de kans op beschadiging klein.2

Het idee om verlichting aan te brengen op het monument moet dus afgewogen worden ten aanzien van bovenstaande randvoorwaarden.

Het is vooral van belang dat de verlichtingstoestellen zo geplaatst kunnen worden dat 1) ze geen schade veroorzaken, 2) het zicht niet verstoren, dus zo onopvallend mogelijk ingeplant worden, 3) alle bedrading weggewerkt is en geen zichtvervuiling veroorzaakt en 4) de molen beweegbaar en werkzaam blijft. De wieken moeten met andere woorden kunnen draaien, zonder dat de bedrading dit belemmert.

De molen kent enkele dakoversteken en gevelnissen (fotos IMG_4280, 4282, 4283, 4309 tot 4319) die gebruikt kunnen worden om led-strips in aan te brengen. Zo zou er vanop de molen, naar beneden verlicht kunnen worden. Hierdoor is het mogelijk om delen van de molen extra te belichten en andere (bvb. het dak) niet aan te stralen. De lichthinder kan hierdoor beperkt worden.

Eventueel kan op het uiteinde van de wieken ook een armatuur geplaats worden die onder heel scherpe hoek de wieken aanstralen (van boven naar beneden). Dit kan enkel als de verlichting mee kan draaien met de wieken en alleen als de molen een soort van parkeerstand krijgt zodat telkens de zelfde wieken hoog staan en dezelfde omlaag. Zo kan voorzien worden waar de verlichtingstoestellen geplaatst moeten worden om de 4 wieken van boven naar beneden aan te stralen.



B regime

Net zoals bij veel monumenten kan men zich de vraag stellen of een molen de ganse nacht verlicht dient te worden. Wanneer ’s avonds nog passage is langsheen de Koolskampstraat, naar het dorpscentrum van Gits, kan een verlicht monument nog een meerwaarde bieden. Weinig mensen zullen echter speciaal ’s avonds afzakken naar de molen om het te bezoeken.

We raden aan om het regime zo in te stellen dat op toeristisch-recreatief belangrijke momenten (weekends, verlof, …) de verlichting blijft branden tot rond middernacht (max 01u00) en op andere dagen zou dat beperkt kunnen worden tot 22u00 of 23u00. Vanaf dan is de lokale passage eerder gering.

Op die manier kan de verlichting voor het monument meer dan een halve nacht gedoofd worden en kunnen besparingen van 50% behaald worden de energiefactuur alleen al.

Een regime dat gebruik maakt van dimming lijkt ons hier niet op z’n plaats. Het monument dient voldoende verlicht te zijn, niet te veel, niet te weinig, op de momenten dat verlichting gewenst is en kan volledige gedoofd worden , wanneer er geen potentiële bezoekers meer op de baan zijn.

C investeringen verbruik

Eén ingreep kan mogelijk voorzien worden zonder grote investeringen. Het alternatief regime. Mogelijk kan een regime, met enkel verlichting in de avond, eenvoudig voorzien worden door een timing in de schakelkast.

Wanneer zowel de armaturen en lampen aangepast worden, en ook door in te grijpen op het verlichtingsregime, kan een grote daling in het verbruik gerealiseerd worden.

Daartegenover staat natuurlijk de noodzaak aan een investering voor de verlichting aan het monument. Nieuwe armaturen, nieuwe lampen, nieuwe bedrading, onderhoud (meer armaturen=meer onderhoud), …, dit dient ook allemaal betaald te worden. Eerst wordt dus een investering verwacht, vooraleer een minverbruik voelbaar en meetbaar zal zijn.



Aanbevelingen

De molen kan beter geaccentueerd worden met meerdere led-strips of gerichte verlichtingspunten. Deze kunnen delen van de molen verlichten terwijl andere delen in het donker gehuld blijven.

Door de bescherming van de molen is het niet altijd mogelijk om verlichting aan te brengen op het monument. Het aanbrengen van nieuwe elementen mag de historische en bouwkundige waarde niet in het gedrang brengen. De nieuwe verlichting mag dus bijna niet zichtbaar zijn.

De molen biedt maar weinig ruimte om verlichting te plaatsen zonder dat deze in het oog springen. Er zijn maar weinig dakoversteken en deze zijn smal. Indien geopteerd wordt om verlichting te integreren in de molen zullen maar een beperkt aantal armaturen bruikbaar zijn.

Moeilijkheid blijft het accentueren van de wieken. Door de aard van het monument is het bijzonder moeilijk om (delen van) de wieken te gaan verlichten zonder lichthinder te veroorzaken. De enige mogelijkheden die de vrijwilligers van PreventieLichthinder vzw gevonden hebben, is het plaatsen van een accentverlichting in de centrale ‘boom’ van de wieken en zo de wieken aan te stralen die naar beneden gericht zijn. De wieken die omhoog wijzen zijn niet aanstraalbaar vanuit de ‘boom’ omdat er dan omhoog wordt gestraald. Eventueel moet onderzocht worden of deze wieken vanuit het uiteinde van de wiek aangestraald kunnen worden. Dit idee houdt in dat de wieken ofwel altijd stil blijven staan, of dat de energiebevoorrading tijdelijk ontkoppeld kan worden tijdens het draaien van de wieken. Daarnaast dient de molen altijd in dezelfde ruststand terug te keren om de verlichting opnieuw te doen ontsteken op een goeie manier.

Het aanstralen van de molen vanop afstand, zoals dit nu gebeurt, kan enkel nuttig zijn voor het molengebouw zelf en niet voor de wieken. Indien zo’n aanstraling vanop afstand gewenst is, dient ervoor gezorgd te worden dat de stralenbundel van de spots zo geconcentreerd/gebundeld worden dat deze enkel op het molengebouw vallen en niet erlangs, erboven. Dit bundelen, concentreren kan door het plaatsen van lamellen of een grid op de spot zodat het licht al in een bepaalde richting geleid wordt en niet breed wordt uitgestraald. De stralengang wordt als het ware geleid naar het aan te stralen object. Een perfecte oplossing zal zo’n grid echter nooit bieden. Hiervoor zou de spot met zeer lange lamellen of een lang grid uitgerust moeten worden.



1 Monumentverlichting – Standpunt van Onroerend Erfgoed, 2012, Frederik Mahieu

2 Monumentverlichting – Standpunt van Onroerend Erfgoed, 2012, Frederik Mahieu

i Bij monumenten met uitzonderlijke interieurs of kunstvoorwerpen, die schade kunnen lijden door licht dient hiermee uiteraard rekening gehouden te worden. Het vrijwaren van lichtschade aan elementen met erfgoedwaarde staat altijd voorop.

ii Bij het aanbrengen van monumentenverlichting is het de bedoeling om de monumenten als gebouw uit te lichten. Dikwijls is daarbij ook het uitlichten van de dakvorm aangewezen. Het louter uitlichten van gevels geeft, zeker bij monumenten die van op enige afstand waargenomen worden, een storende want onvolledige aanblik.

iii Dit wil zeggen dat ingrepen omkeerbaar moeten zijn. Het impliceert dat bij de opbouw, tijdens de duur van het gebruik en bij de ontmanteling van de installaties geen of slechts minimale schade aan de structuur of aan de afwerkingslagen mag worden aangebracht, en dat deze schade ten allen tijde moet hersteld worden in de oorspronkelijke staat.

iv Pogingen om apparatuur ‘onzichtbaar’ of gecamoufleerd tegen een beschermd monument aan te brengen mogen echter geen destructieve implicaties op het monument hebben. In de meeste gevallen is een sobere, zichtbare bevestiging ervan beter dan een onzichtbare bevestiging met schade aan de bestaande structuur.

v De installaties mogen bijvoorbeeld de vlotte afvoer van regenwater niet belemmeren, of de toegankelijkheid van goten, daken, torenspitsen, enz.

Grijspeerdmolen – Hooglede-Gits





De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina