Project studies bouw oever-bescherming district commewijne



Dovnload 318.43 Kb.
Pagina3/7
Datum22.07.2016
Grootte318.43 Kb.
1   2   3   4   5   6   7

3 FUNCTIES VAN MANGRO-BOSSEN




3.1 Natuurlijke productie

Evenals Parwa-bossen bieden Mangro-bossen voedsel en beschutting aan vele soorten organismen. Daarnaast hebben ze een kraamkamerfunctie voor verschillende soorten zee- en riviervissen en -garnalen. Deze bossen leveren een bijdrage aan de commerciële visserij op modderbanken in benedenrivieren en in riviermondingen.




Fig. 5: het drogen van garnalen te Pomona in de monding van de Suriname-rivier.
Behalve vis, garnalen en jachtwild levert mangro brandhout en houtskool en wordt (werd) de bast van mangro, die 20-25% looistoffen bevat) gebruikt voor het tanen van visnetten voor de zwampvisserij (“trapun-srepi”).6

3.2 Oeverbescherming

Constructie en onderhoud van rivierdijken in combinatie met stenen beschoeiingen, houten paalbeschoeiingen, kribben en parkoenpalen en geotextiel (“duck”) om erosie tegen te gaan is een kostbare aangelegenheid. Als er weinig fondsen beschikbaar zijn (of beschikbaar gemaakt worden) voor aanleg en onderhoud van oeververdedigingswerken, blijven dijkdoorbraken en de daarbij behorende schade voor op- en omwonenden niet uit. Kostbare productiegebieden gaan dan verloren.


In het kader van deze studie is het van belang te wijzen op de rol die mangro-bossen kunnen spelen bij de oeverbescherming in riviermondingen en langs benedenrivieren. Als modderbanken voor de oevers hoog genoeg opslibben vestigt zich mangro-bos waardoor:

  • de steltwortels, stammen en takken wind- en boeggolven van scheepvaartverkeer kunnen dempen;

  • het dichte netwerk van bovengrondse steltwortels (en ademwortels van parwa en akira) de bodemruwheid vergroten, waardoor de stroomsnelheid aan het wateroppervlak afgeremd wordt en golven worden uitgedempt. Hierdoor wordt de kans op ersosie tot een diepte van ca. 1 meter onder laagwaterniveau verkleind en wordt opslibbing bevorderd;

  • enige bodemverhoging optreedt doordat de wortelmassa van het mangro-bos het bodemmateriaal in opwaartse richting verplaatst.

Op deze manier bevorderen mangro-bossen de aangroei van oevers in binnenbochten van rivieren.
Als in buitenbochten de oevers eroderen, steiler worden en het water dieper, wordt de stroming krachtiger zodat oevers ondermijnd worden en afschuiven. Oeverafschuiving wordt vaak voorafgegaan door het omvallen van bomen die tijdelijk nog als golfbrekers kunnen fungeren. Het zal duidelijk zijn dat oevererosie, bij door stroming aangevallen oevers met diep water, door de aanwezigheid van mangro-bossen niet kan worden voorkomen. Bij niet door stroming aangevallen oevers met mangro-begroeiing wordt de oevererosie door zware golfaanval evenmin voorkomen maar wel aanzienlijk vertraagd.

Aanbeveling 2: verder (toegepast wetenschappelijk) onderzoek naar het functioneren van mangro-bossen onder Surinaamse omstandigheden zal het oeverbeheer ten goede komen en wordt daarom aanbevolen (Universiteit van Suriname).
Aanbeveling 3: mangro-bossen langs benedenrivieren dienen vanwege hun belangrijke productie- en beschermingsfuncties een beschermde status te krijgen en wel de status van “schermbos” zoals gedefinieerd7 in de Wet Bosbeheer (Staatsbesluit 1992, No 80). Cultuurland dient op veilige afstand van rivieren (met name van buitenbochten van meanderende rivieren) te worden aangelegd8. Het kappen van mangro-bomen wordt daardoor vergunningsplichtig terwijl bij overtreding sancties getroffen moeten worden (Ministerie van NH, Dienst LBB-NB, Stichting Bostoezicht en Bosbeheer -SBB).

4 INVLOED VAN MENSELIJKE ACTIVITEITEN EN OEVERVERDEDIGINGEN



4.1 Natuurlijke oeverafslag

Rivieren in laaglandgebieden meanderen: binnenbochten groeien aan en buitenbochten slijten uit. Varend over onbewoonde meanderende benedenrivieren in de Guianas ziet men aan beide zijden van de rivier een ononderbroken mangro-bos. Openingen in een dergelijk bos die uitzicht bieden op achterliggend land zijn altijd ontstaan door toedoen van mensen. De openingen in het bos zijn door mensen gemaakt of de altijd-voortschrijdende natuurlijke erosie in buitenbochten is doorgedrongen tot voorheen of recent in cultuur gebracht achterland of tot door brand ontstane en door brand in stand gehouden zwampen. Openingen in het bos vragen om aanleg en onderhoud van oeverbescherming zoals dijken (zie Fig. 14, stenen beschoeiingen (zoals te Fort Nieuw Amsterdam (Fig. 11) en in de jaren 70 tussen Alkmaar en Mon Tresor), houten beschoeiingen en kribben (zie Figuren 6, 7, 9, 10, 13, 16). Door onvoldoende onderhoud hebben zich in het Commewijne-gebied de laatste jaren verscheidene dijkdoorbraken voorgedaan, met name in de buitenbochten van Nijd en Spijt en Mon Tresor (zie Figuur 16) en op vele plaatsen langs de rechteroever van de Commewijne-rivier, zoals tussen Guadeloupe en Mon Souci.



4.2 Minimale impacts

De betekenis van mangro als oeverbeschermer wordt het best beseft door lokale vissers die door middel van eenvoudige loopplanken door de mangro-bossen hun boten bereiken, zoals dat te zien is te Bakasroisi (zie Fig. 12), Jonkermanskreek-Pomona, maar ook elders in het land als te Saramacca (Hildesheim), te Coppenamepunt en langs de beneden Nickerie-rivier.



4.3 Bevorderen natuurlijke oeverafslag

Door menselijk toedoen kan oeverafslag in buitenbochten mogelijk enigszins verhevigd worden:



  • doordat de vaargeul als regel de buitenbochten van rivieren volgt kan de oeverafslag; verhevigd worden door boeggolven van grote zeeschepen, duwboten en pontons (bv beladen met bauxiet) en kleinere snelle boten;

  • doordat aan de Cornelis Jongbawstraat en de Anton Dragtenweg (langs de binnenbocht van de Surinamerivier) door sommige bedrijven / bewoners agressief land wordt aangewonnen (door inpoldering / oeveruitbreiding door ophogen met puin) zal de rivier daar, bij hoge water-standen, niet meer overstromen. Het water moet echter ergens heen waardoor de tegenoverliggende oever onder grotere druk komt te liggen met als gevolg: meer kans op erosie;

  • door de bouw van steigers in de bovengenoemde binnenbocht zal de stroomsnelheid aldaar afnemen en aan de tegenoverliggende buitenbocht toenemen: tussen Leonsberg en de Staatsolie-raffinaderij te Tout Lui Faut bevinden zich ruim 32 bedrijfssteigers (prive-steigers niet geteld) (zie Bijlage 3).

Opgemerkt dient echter te worden dat de hevige oeverafslag te Suzannesdaal en Voorburg vooral moet worden toegeschreven aan stromingspatronen en nauwelijks aan genoemde activiteiten (aldus team-lid L. Philipse).




1   2   3   4   5   6   7


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina