Ranb toegangsnummer 315 teksteditie en indexen op persoons – en plaatsnamen



Dovnload 1.11 Mb.
Pagina14/19
Datum22.07.2016
Grootte1.11 Mb.
1   ...   11   12   13   14   15   16   17   18   19

INVENTARISNUMMER 21



omslag 1
Verschenen voor de Raad van Brabant procureur Martini namens de ingezetenen van Aarle Rixtel in een proces tegen het dorpsbestuur van Stiphout inzake het volledige gebruik van de gemeijnt noordoostwaarts naar Aarle en Rixtel thans over de weg, lopende door het ‘Strijpsche Heijken’ [13 mei 1651]
Proces tussen Aarle Rixtel en Stiphout voor de Raad van Brabant waarin wordt gesteld dat ‘boven memorie van menschen voor scheytspalen tussen de respective gemeijnte van Stiphout ende Aarle gestrekt hebben de Duynhofsche schuur, Bomis bakhuys ende den Crooytschen Tooren’. Het gaat om het gebruik van dit stuk gemeijnt. [26 juli 1651]
Vervolgstuk van het proces tussen Stiphout en Aarle Rixtel [januari-april 1652]
Regeerders van Stiphout memoreren aan een document van de Hertog van Brabant uit 1352 met vaststelling van de grenzen van het dorp, die met naam en toenaam worden genoemd. [8 mei 1652]
Vervolgproces met speciale aandacht voor het ‘onbeheijmt en open blijven’ van de ‘groene pleine’ ; genoemd wordt Goord Ansems. [5 april 1652]
Extract uit de rol van de Raad en Leenhof van Brabant betreffende bovengenoemd proces met aanhaling van stukken van resp. mei, juli, october en november 1651.
Extract uit de resoluties van de Raad van State op het request van Carel Gideon van der Bruggen Heer van Croij en Stiphout inzake een stuk gemeijnt bekend onder de naam ‘Strijpsheijtje’, dat wordt begrensd door ‘een zeekere kuijl aldaar tot regt op den steenen tooren van het casteel van Croij’. [17 augustus 1779]
Brief van de vorster van Aarle Rixtel betreffende het transport van een hoeve of huis met aangelag en enige percelen land binnen de limieten van de gemeente Stiphout in 1352 overgegeven aan de dorpelingen en gemeentenaren van Stiphout. Huis en land hebben toebehoord aan de Heer Hanewinkel en door hem verkocht aan Pieter Jan Adriaans van Crooij. [18 maart 1780]
omslag 2
Brief van een zekere Rudolph van Baer geschreven vanuit Eindhoven op 14 april 1782.
Inliggend een brief waarin melding wordt gemaakt van een interrogatie van Theodorus Bolsius en Anna Maria de dienstmeid [21] op het stadhuis te Eindhoven, in het bijzijn van de schepenen de Wit en Bagelaar, stadhouder de Rooij en de secretaris. De ondervraging betreft een ruzie en mishandeling gepleegd door Jan van Baer aan het adres van een zekere Hendrik Jan Verberne. [14 april 1782]
Document bestaande uit 300 artikelen, ingediend ten behoeve van de schepenen van Eindhoven door Rudolph van baar kapitein van de wijk Markt, Rozemarijn- en Kerkstraat en door Jan van Baar, beiden kooplieden tegen de Heer Adriaan Gilles Camper drossaard van de stad. Als getuigen worden genoemd: Jan van den Bosch, Hendrik van Hal en Coenraad Herwe, Abraham Schutjes, Francis van de Wildenbergh, Jan Cosijns, Theodorus Bolsius chirurgijn, Maria Smits [1782].
Document van dezelfde indieners in 159 artikelen met verwijzingen naar diverse oudere documenten o.a. de Blijde Inkomste van 5 juli 1549. [1782]
omslag 3
De Leen- en Laatmannen van de heerlijkheid Heeze & Leende en Zesgehuchten dienen een eis en aanspraak in van 22 artikelen vanwege Johan van der Hoeven als stadhouder van de leen- en laatkamer van de genoemde heerlijkheid als eiser en aanlegger tegen F. Beeldsnijder wonende te Stratum. Kwestie is het overtreden van het jachtreglement door in het veld te jagen met een snaphaan en twee jagende jachthonden, een ruigharige en een fijnharige. Ingevoegd is het relaas van de plaatselijke jachtopzienders van de wildbaan en vrije waranda Francis van Breij en Georg Schutz en commentaren op de onderscheiden artikelen. In dit stuk worden onde rmeer genoemd: Johan van Beck oppasser te Heeze, de Heer Buijs pachter van de jacht te Mierlo en Geldrop, Antonie van Hirtum [dubieus] en Hendrik van Hurn oppassers te Veldhoven en Geldrop, de Heer Rovers en Simon Veldtdekkers, Michiel Vromans. [19 december 1799]
Antwoord en aanspraak in 19 artikelen van de gedaagde Mr. F.Beeldsnijder leenman van de Baronie van Cranendonk wonende op het leen ‘den Burg’ te Stratum tegen Johan van der Hoeven eiser in het proces als stadhouder van de heerlijkheid Heeze & Leende en Zesgehuchten. [ongedateerd]
Extract uit het register der sententien van de Raad en leenhof van Brabant in het proces tussen Jacobus de Rooij provisioneel drossaaard der heerlijkheid Geffen contra Maximiliaan Anthony de Gestelles majoor te paard aangaande een uitgesproken vonnis voor dezelfde raad dd. 7 augustus 1737. Opgemaakt in ’s-Gravenhage en ondertekend door Johan Schott. [22 juni 1739]
Extract uit het resolutieboek van de raad en leenhof [16 februari 1679]
omslag 4
Briefje van M. Pijnenborgh vanuit ‘sBosch aan de Baron van Bock Heer van Waerenborgh . [12 augustus 1762]
Briefje van M.Pijnenborgh aan Baron van Bock in verband met de verpachting van een hoeve en het bijgelegen ‘Pompvelt’ en het ‘Empelsvelt’. Ook wordt gesproken over het gevaar bij een doorbraak van een dijk. In het PS bericht hij over het planten van heesters te Berlicum voor de Heer van Walbeecq in de maand september of october. Men kon toen geen kuilen laten graven vanwege de overvloedige regen. [30 december 1763]
Verklaring van Carolus Florens Melchior Baron van Bock Heer van Pattern Waerenborgh etc. die aangeven gemachtigd te hebben notaris Jan de Gier residerend ete ‘sBosch om gerechtelijk aan te spreken Michiel Pijnenborgh wonende te Udenhout tot afstand van het ‘Pompvelt gelegen in hyet Bosschervelt’ en dat aan Pijnenborgh 260 gl. geretourneerd zullen worden. In de akte worden voorts genoemd: Isac van Kleef en Nicolaas Vosch. Ondertekend door Baron van Bock en het originele stuk is gezegeld met diens zegel in het graafschap Horne in het land van Luik. [12 november 1765]
Kort briefje van de hand van J. de Gier aan Mr. T.F.santvoort. [4 februari 1766]
Akte van insinuatie geschreven door Jan de Gier in naam van Baron van Bock gepasseerd 28.1.1766 welke is gecollationeerd door G.J.Hamers in ‘sBosch en ondertekend door M.Pijnenborgh. [3 febrauri 1766]
Relaas van G.J.Hamers groenroede te ‘sBosch namens Jan de Gier notaris en de genoemde baron aan de Heer Verster de Balbian procureur van Michiel Pijnenburgh. 28 maart 1766]
Kort briefje van notaris Jan de Gier. [30 augustus 1766]
Akte over het proces van Jan de Gier contra M.Peijnenburgh en ‘simpel verbaal uyt de roll van den 3 feb. 1767’ voor Dhr. P.D.Santvoort procureur. [3 februari 1767]
Stuk van procureur Verster de Balbian mede in naam van de minderjarige kinderen in eerdere huwelijken verwekt. [ongedateerd]
Briefje van de Heer Coster uit ’s-Gravenhage aan de Heer de Gier notaris en procureur te ‘sBosch n.a.v. een request civiel in verband met de absentie van advocaat Heckenhoek. [5 mei 1767]
Schrijven aan de deurwaarder door J. de Gier te ‘sBosch betreffende deze rechtszaak, waarin wordt genoemd de Baronesse Francisca Florentia van Bonnikhousen wonende te Waardenborgh en Verster de Balbian als procureur van Michiel Peijnenborgh. [5 mei 1767]
Twee documenten bestemd voor de Raad en Leenhof van Brabant en het Land van Overmaze en aan de Heren van de Raad van Brabant het eerste ondertekend door J.D. de Kempenaar en het andere ondertekend door P.Mans deurwaarder te ‘sBosch. [ resp. van 4 en 6 mei 1767]
Relaas van deurwaarder P.Mans. [6 mei 1767]
Relaas van deurwaarder P.Mans. [7 mei 1767]
Klein briefje betreffende het Pompveld. [12 mei 1767]
Stuk van Jan de Gier notaris in naam van Baron van Bock tegen Michiel Peijnenborgh mede in naam van zijn minderjarige kinderen verwekt bij Willemijn Robben. P.D.Santvoort is de procureur van Peijnenborgh. [26 mei 1767]
Antwoord in de zaak Pijnenborg contra de Gier. [16 juni 1767]
Vier extracten uit het protocol van de secretarie van de stad ‘sBosch van 22 november 1758 tot 23 december 1763 van de hand van de Heer Bastide secretaris. In dee rechtszaak wordt gemachtigd Nicolaas van Logten namens de Barom van Bock en Baronesse van Bonninckhausen. Het ‘Pompenvelt’ en ‘Bosvelt’ is de baronesse aangekomen via haar ouders. Oostelijk ligt den Boschdijk, westelijk en zuidelijk den Crommencamp toebehorende aan Juffrouw de weduwe A. van de Ven en noordelijk ligt land van de weduwe H.van den Berch. Ook wordt het erf van Wouter van Giersbergen genoemd. [18 november 1765]; tweede extract is van 31.10.1765 waarin wordt genoemd Jan de Gier, Heer Isac van Kleef penningmeeester van de polder genaamd het Bossche velt, alsmede Maij en Nicolaas Vosch uit ‘sBosch. Ook Arnoldus Rijkers. Als getuigen Stephanus Lucardi en Dirk Praat [31 oktober 1765]; het derde extract rept over het kribgeld over 15 jaren … een akte gepasseerd te Helvoirt op 6 augustus 1759; het vierde extract gaat over de betaling van de kooppenningen van het Pompveld aan een zekere H. van de Laar [22 januari 1767]; het vijfde extract is het relaas van de deurwaarder ondertekend door C. van Heusden. [28 januari 1766]
Relaas van de groenroede van ‘sBosch Thomas Kampes in diverse stukken, waarin o.a. staan vermeld Carel Jan Bisdom en Jacob de Gijzelaar schepenen te ‘sBosch. [juli 1766]
Briefje van Jan de Gier i.v.m. de declaratie van P. Mans. [21 mei 1767]
Briefje van de Baron en baronesse vanuit Waerenborgh aan Santvoort over de onderhavige zaak, die men op de lange baan ziet geschoven. [7 juli 1767]
Specificatie van allerhande gemaakte kosten met vermelding van de geldbedragen van Philippus Mans ter instantie van Jan de Gier in deze rechtszaak. [21 november 1767]
Twee losse briefjes waarbij op het eerste staan vermeld de barakken van het weeshuis. [ongedateerd]
omslag 5
Administratief stuk betreffende mogelijk afkomstig van een collecteur van de gemeente Oirschot. Genoemd worden o.a. diverse gehuchten en persoonsnamen nl.: J. v.d. Burgh secretaris te Hilvarenbeek, Ant. van der Burgh wonende te ’s-Gravenhage, Nicolaas van der Burgh gewezen collecteur; onder Straten noemt men de kinderen Dirk Tielemans van Dijk en Joseph van der Aa, Adriaan Lambert van der Heijde, onder Naastenbest de weduwe Geert van Hooff, onder Verrenbest Peter Jansse Verhaagen, Dirk Cornelis van de Ven en Baltus Hollanders, onder Kerkhoff Dielis Steven van Dun, Antonij Dielis van herssel, Jacobus Hendrik Flemmincx, Peter kerkoerle, Dirk Peter de Rooij, Ursula de weduwe van Daniel de Rooij, Helena de weduwe van Johannis van Beers, Jan Joseph baijens, onder Notel Jan Willems van Geenhove, Dielis Jansse van den Huevel, Geert Hendrik Merkx, Rogier van Heerbeek en onder Spoordonk Jan Geet. [ongedateerd]
omslag 6

Deductie van 342 artikelen in de zaak gepasseerd voor schepenen van Oirschot tussen Abraham Davids joods koopman en Hendrik de Wijsch uit Oirschot. [ongedateerd]


omslag 7

Supplicatie van de kinderen van Dijk te weten Dirk, Jan, Hendrik en Goord en met hen Dirk Verberne gehuwd met Jennemie van Dijk, allen inwoners van Stiphout en Nederwetten in het kwartier Peelland, kinderen van Goord van Dijk en verwekt bij wijlen Marie van de Meulenhoff. Hun vader gaat een tweede huwelijk aan met Margriet Francis Cuypers en heeft op 8 mei 1792 een testament gemaakt. Dit document handelt over dit testament. Grootvader is Hendrik van Dijk. Het stuk begint met een klein genealogisch staatje. [ongedateerd]


Uittreksel uit het geboorteregister van Stiphout afgegeven door pastor C.Olifiers van Stiphout: anno domini 1752 die 17 aprilis baptizatus est Theodorus filius legitimus Godefridi Henrici van Dijk et Mariae Joost van den Molenhof conjugum – susceptoris sunt Judocus van den Molenhof et Henrica Henrici van Dijck – Stiphout dabam nona junii 1802.
Uittreksel uit het geboorteregister van de parochie Stiphout aangeleverd door pastor C.Olifiers: anno domini 1762 die 24 januarii baptizatus est Godefridus filius legitimus Godefridi Henrici van Dijck conjugam et Mariae Judoci van den Molenhof: conjugum: susceptores sunt Thomas Maes et Allegunda Goert Aers – hac concordat cum originali – Stiphout dabam nona junii 1802.
Document van het departementaal gerechtshof van Brabant met dezelfde informatie als bovengenoemde supplicatie. [4 november 1802]
omslag 8
Document van de vorster van Son en Breugel namens Peeter Janse Verberne wonende te Mierlo in verband met een vonnis van de schepenen van Son & Breugel tegen Martinus Lodewijk van Donk dd. 24 januari 1787. [26 november 1788]
omslag 9

Het dorpsbestuur van Eersel heeft een vergadering gehouden, waarop een mededeling is gedaan over de verkoop van de vaste goederen van wijlen Andries Ramaer, waarbij men 1 oortje per gulden wil rekenen, ondertekend door Boudewijn van Beverwijk president, Dirk Keessens en Jan Aerts schepenen, Lambertus en Wijnand Rombouts zetters, Peter Maas en Johannis Cornelis van den Boer rekenmeesters van Eersel. [9 oktober 1789]


Vergadering n.a.v. een missive van de Heer Ackersdijk raad en rentmeester generaal dd. 3.6.1793. [12 juni 1790]
Vergadering met als thema het request van stadhouder de Jongh. [29 juni 1790]
omslag 10
Relaas van de vorster der heerlijkheid Oirschot waarin hij een verklaring aflegt met de volgende inhoud: ‘alzoo Peeter Aarts van Gerwen op sondag den desde augustus des afgeloopen jaers 1775 heeft kunnen goedvinden des avonds de klokke omtrent tien uuren op den publieken weg t’attakeeren en aen te randen den persoon van Jan van Lutsenburg en aen denselven met een bloot mes sneeden en wonden toe te brengen uytwysens de verklaaringen, waerdoor den selve van Gerwen verbeurt ende geincureert heeft de boetens gestatueert, bij haar hoog moog iterative placaten van 6 september 1661, 25 nov. 1665, 4 juny 1683 en meer andere, soo tegens het schende en aanranden op s’heeren weegen, als kwetsen met messen etc.’; de vorster zal genoemde Peter arresteren. Ondertekend door C.H.J.Sweerts de Landas. [2 augustus 1776]
Relaas van de vorster van Oirschot met een verklaring met de volgende inhoud: ‘alzoo Willem zoon van Cornelis van Gestel heeft kunnen goedvinden, om te zaamen met Peter Aarts van Gerwen en Willem Dirx de Brouwer, koomende des avonds uit de herberg van Witteloks, op te wagten Jan van Lutsenburg en Steeven Willems van Dun ende deselve sijnde omtrent de huysinge van Dielis van Dun, op de publieke weg t’attakeeren en aan te randen, henne meesen te trekken, na hen te slaen en te snijden, soodanig dat Jan van Lutsenburg een swaare sneeden door sijn rok bekoomen heeft etc.’; ook van Gestel wordt gearresteerd; ondertekend door drossaard Sweerts de Landas. [30 augustus 1776]
Opdracht van Sweerts de Landas aan de vorster om van Gestel te dagvaarden. [13 december 1776]
Opdracht van Sweerts de Landas aan de vorster om Peter Aarts van Gerwen te dagvaarden. [13 december 1776]
Eis en aanspraak van drossaard Baron C.H.J. Sweerts de Landas tegen Peter Aarts van Gerwen in 25 artikelen. [ongedateerd]
Eis en aanspraak van drossaard Baron C.H.J.Sweerts de Landas tegen Willem Cornelis van Gestel in 37 artikelen. [ongedateerd]
omslag 11
Inliggend een juten buidel met restanten van rode was.
Gedrukt reglement van de Raad van State voor de polder van het hooggemaal namens de dijkgraaf, 7 heemraden, dijkschrijver en dijkbode betreffende Maasland met in totaal 131 artikelen. In dit stuk worden vele toponiemen of perceelsnamen opgesomd. Aan het einde volgen twee schematische overzichten met artikelvermelding. [17 april 1787]
Kopie uit het resolutieboek bestemd voor Antoni Reuser van het gemeentebestuur van Groot Lith m.b.t. hun vergadering van 17 september 1802. In het stuk worden genoemd: de aftredende burgemeesters Bernardus Antoni van Linden en Jacobus Boonen en in hun plaats worden gekozen Gerard Blankers en Willem Willem Pompe, L.A.Bokstart, L. van Teeffelen, B. de Kadt, G. van Maaren, J. de Bijl, D. Luycx van Breugel secretaris. [9 maart 1803]
Schrijven van de secretaris van Groot Lith verklarende dat binnen de gemeente liggen: ‘18 zijlen met derzelver uitvlieten’ en dat er niet meer dan 6 onderhouden worden; met verwijzing naar een ‘aloud gebruik’. [5 augustus 1802]
Briefje aangaande het ‘vernieuwde zijl in den Dam te Lith’. [ongedateerd]
Kopie aan de commissie van politie en economie uit het departementaal bestuur van Brabant, ondertekend door Johan Elisa de Vrij drossaard van Lith. [13 augustus 1802]
Relaas van R.P. van Heck gerechtsbode van Lith uit naam van Piet Jan de Goeij en Antonie Reuser in verband met valse ondertekeningen rond de vier bovengenoemde burgemeesters. [2 november 1802]
Diverse verklaringen van o.a. Eijke van Maare weduwe van wijlen Ruth van Kessel [76], Jacob Jan de Bijl [70], Adrianus van Berchem oud-heemraad van de polder ’t Hooggemaal [68], Andries de Heezelaar oud-borgemeester [66], Antoon van den Bogaard [76], Jan van de Coeveringh [72], Willem Aart Kling [44], Johannes Wakker [37], Johannes van Amstel [46], Maria Buekentop weduwe van wijlen Peter van den Bogaard [60], Jan van den Bogaard [48], Peter Gijs Kling [44], Willem Ruth van Kessel [44], Willem Jan de Bijll [60], Francis van Mil allen wonende te Lith aan de Varkensmarkt of Moleneind, allen ter goeder naam en faam bekend staande, die een verklaring afleggen ten behoeve van Piet Jan de Goeij en Antoni Reuser, ook inwoners van Lith. In het stuk worden een aantal huizen genoemd in de omgeving van de Varkensmarkt als dat van wijlen Jacob van den Bogaard, wijlen Jan Gerit Schuijlenburgh, overste Swildens. Het stuk handelt in hoofdzaak over contributies i.v.m. het onderhoud van de zijlen [= schoren] in het dorp. Andere personen en huizen die in het stuk worden genoemd zijn: Aart Kling, het Molenhuis, Hester Vermeulen gehuwd met J.Buschwiller oud-schepen van Lith, Juffrouw de weduwe van wijlen P.H. van Fenema oud-secretaris van Lith, Antoon van den Bogaard, Gerardus van Dijk, Hendrik Coolen officier, Dirk Coolen schepen, Willem Baijens schepen, Wilhelmus Croes secretaris. [4 november 1802]
Briefje van de Heer van der Borght uit Lith. [20 november 1802]
Procuratie van Gijsbert van Drunen op Piet Jan de Goeij en Antoon Reuser. [4 november 1802]
Briefje van de Heer van den Borght. [23 november 1802]
Rechtsgeleerd advies van van Santvoort namens de geërfden van Lith in bovengenoemde zaak. Van der Borght is lid van de departementale rekenkamer. [ongedateerd]
Briefje van Fr. van der Borght. [23 november 1802]
Idem [ 24 november 1802]
Idem [25 november 1802]
Relaas van de notaris residerende te Lith mede namens de getuigen Jacobus de Raad en Hendrick van Oploo. 8 januari 1803]
Extract uit het register van het departementaal bestuur. [20 januari 1803]
Document van de hand van Santvoort. [ongedateerd]
Rechtsgeleerd advies van Santvoort. [25 januari 1803]
Briefje van P.N.Bekkers procureur vanuit Breda. [5 februari 1803]
Tweede briefje van procureur Bekkers vanuit Breda. [9 februari 1803]
Briefje van secretaris J.L.Wiercx uit Breda. [9 februari 1803]
Brief aan het departementaal bestuur in de onderhavige kwestie. [1803]
Briefje van een zekere van Brakel uit Breda n.a.v. een briefje van procureur Bekkers. [10 februari 1803]
Document in het handschrift van Santvoort. [15 fenruari 1803]
Voor schepenen van Lith zijn verschenen Reuser en de Goeij namens vele andere inwoners. [ongedateerd].
Briefje van van Brakel vanuit Breda met reactie van Santvoort. [resp. 17 en 19 maart 1803]
Briefje van F. van der Borght. [20 maart 1803]
Briefje van procureur Petrus Martinus Bekkers. [1 april 1803]

omslag 12
Enkele stukken in verband met de pachters van de impost op de bieren in de stad ‘sBosch o.a. worden genoemd: deurwaarder Bergh, Reinier de Gruyter als afgetreden pachter, J.H.Straatmans als nieuwe pachter, M.R. van Roosmalen en Hendrik de Gruyter afgetreden pachters. [1 en 25 november 1799]
Een brief over een gevonden vaatje ter grootte van een zgn. ‘kinnetje’ gevuld met gewone of groene zeep wat men verzegelt met een touw en drie cachetten in rode lak en teruggeeft aan deurwaarder Philip Vriezekolk. Als Bossche schepenen noemt men hierin M. de Wijs, Theod. Sopers en als loco pensionaris Engelbertus Heijmans, ondertekend door A. de Bergh.
omslag 13
Stuk van de landsdeurwaarder in verband met de schouwvoering van straten, wegen, rivieren en waterlopen, zowel de schouw als de herschouw. In het stuk wordt degene genoemd die in gebreke is gebleven nl. Andries van Vught in de municipaliteit van Haaren i.v.m. de schouw van de rivier de Leij. Ondertekend door L.C. van de Ven deurwaarder. [14 augustus 1799]
Brief aan het uitvoerend bewind van de Bataafse Republiek van het gemeentebestuur van Haaren m.b.t. de schouwvoering van de Leij. [ongedateerd]
De eerste presiderende en andere raden in het hof van justitie over het voormalig Gewest Bataafs Brabant aan Andries van Vucht president van de municipaliteit Haaren n.a.v. een request van Mr. Hendrik Bernard Martini ontvanger generaal en rentmr. der domeinen, ondertekend door W.H. Pels te ‘sBosch. [13 mei 1800]
Inliggend een brief aan het hof van justitie. [13 mei 1800]
Mandement van ‘daagceele’ voor Mr. H.B.Martini tegen Andries van Vught president en loco officier te Haaren, ondertekend door deurwaarder A.J.Verhoeve. [14 juni 1800]
Pieter Hestor van Galen procureur van Andries van Vught tegen Martini. Het stuk is geschreven in het handschrift van Santvoort. [ongedateerd]
Eis met middelen Mr. H.B.Martini contra A. van Vucht in 141 artikelen, ondertekend door advocaat Ackersdijck en procureur van ’s-Gravensande. [1801-1802]
Antwoord met middelen van de hand van Santvoort in 150 artikelen. [ongedateerd]
omslag 14
Brief ondertekend door J.L.Wiercx aan de municipaliteit van Helmond n.a.v. een request gepresenteerd door Hendrik Tromp secretaris van die stad. [25 februari 1802]
Memorie van van den Foelaert uit Helmond. [6 mei 1802]
Voor het Hof van Justitie is verschenen Petrus Henricus van Fenema als procureur voor Hendrik Tromp tegen de municipaliteit van Helmond en J.J. van der Foelaert gezworen klerk. Conclusie van eis. [12 mei 1802]
omslag 15

Briefje van de hand van P.Losecaat vanuit ‘sBosch. Op de achterzijde staat een aantekening over een zekere Matheus Saris en Adriaan van den Hurck i.v.m. de vernadering van een weide in de Vloetertiende te Son gekocht van Peter van den Hurck. [21 februari 1781]


Genealogisch staatje van Peter van den Hurck x Jenneken van de Ven – kinderen Maurits van den Hurck en Maria van den Hurk x Mathijs Gerits van Lieshout – daarvan de zoon Cornelis Mathijs van Lieshout – die aan de Armen bij testament verkoopt aan Matheus Lucas Saris – met enige informatie over bedoeld weiland. [ongedateerd]
Document zijnde een request voor Maurits van den Hurck voor de schepenen van Son en Breugel betreffende deze kwestie. In het stuk noemt men: Maurits van den Hurck eigenaar van ¼ van ‘de koeijweijde van ’t Leijen-huijsken’. Voorts worden genoemd: Dirck van den Hurck, Willem van den Hurck, Maurits van den Hurck, Jan Jooste van Kemenade x Jenneke van den Hurck, Cornelis van den Molengraeff x Elisabeth van den Hurck, Dirk van den Hoeven schepen em momboir over de voorkinderen van wijlen Elisabeth van den Hurck verwekt door Peeter Janse van Kemenade, Agnes van den Hurck weduwe van wijlen Willem Verhoeven samen met Hendrik van Beek schepen, Adriaan Gerits van Lieshout naast Dirck van den Hurck als beëdigd momboir over het onmondige kind van Mattijs Gerit van Lieshout verwekt bij Marie van den Hurck, allen kinderen en erfgenamen van wijlen Peeter van den Hurck en Jenneke van de Ven met verdere informatie over het perceel. [ongedateerd]
omslag 16
Stuk aan de schepenen van Mierlo in naam van Willem Thomas Jansen als gedaagde tegen Johannis Thomas Janssen aanlegger. Uit het stuk blijkt dat Dirk Janssen op 31 augustus 1801 in het huwelijk is getreden met Francijn Knapen. [ongedateerd]
omslag 17
Aan de Raad en Leenhof van Brabant van de officier en regenten der heerlijkheid Maarheeze en de Baronie van Cranendonk inzake het bezit van een stuk heide liggende buiten de wallen van de Hoeven of goederen genaamd de Hugten. Betwist wordt dit recht door een zekere Pieter van Moorsel uit Helmond. Het stuk is ondertekend door F.J.Gallé en J.H. van Kervel , P.v.Spaen en vanuit ’s-Gravenhage M.v.Heijnsbergen. [resp. 23 juni en 3 juli 1780]
Stuk met verwijzing naar de uitgifte van de gemeynt van Budel Gastel Maarheeze en Soerendonk anno 1342. [14 maart 1550]
omslag 18
Briefje van neef van Voorst uit Oirschot aan zijn oom met een mededeling m.b.t. de huisvrouw van Gerrit van den Broek. [11 okotober 1798]
Compareert voor de municipaliteit van Oirschot Johannis Francis Neggers, achter in de 30, en Hendricus Francis Neggers oud 27 jaren, die ter requisitie van hun broer Adriaan Francis Neggers een verklaring afleggen dat ze bij hun moeder de weduwe Neggers wonen. Ook volgt een verklaring van de chirurgijn over opgelopen verwondingen van genoemde Adriaan, die bedlegerig is en zijn bed niet kan verlaten.. [11 okotober 1797]
Criminele rechtdag gehouden op 17 oktober 1798 met een eis van de drossaard van Oirschot J.Steyvers contra Adriaan Fr. Neggers. [17 oktober 1798]
Schriftuur van verwering aan de municipaliteit van Oirschot overgegeven namens Adriaan Francis Neggers in 81 artikelen. [ongedateerd]
Briefje van H. van Voorst aan zijn oom in de zaak Neggers. [8 november 1798]
Stuk van de hand van Santvoort in deze kwestie. [ongedateerd]
Briefje van H. van Voorst aan zijn oom n.a.v. het ingediende verbaal door de drossaard Steyvers. [4 december 1798]
Relaas van T.F.Santvoort. [18 december 1798]
Extract uit de criminele rol van Oirschot van de criminele rechtdag 23 januari 1799 tussen J.Steyvers drossaard en Adr.Fr.Neggers met inliggend briefje van H. van Voorst aan zijn oom. [24 januari 1799]

Remonstrantie van de drosaard gezonden aan de schepenen van Oirschot waarin de juiste toedracht wordt verhaald van zondag 21 november 1797 en als personen worden genoemd: Adriaan Francis Neggers, Wilhelmus Francisse van Hout, de herberg van Andreas van Nahuijs, Johannes de Naterus, Jac. Jan Baaijens. [7 februari 1798]


Briefje van Voorst aan zijn oom in verband met een ingediende repliek van de drossaard. [4 juli 1799]
Repliek van de drossaard tegen Adriaan Francis Neggers in 55 artikelen. [26 juni 1799]
Briefje over de criminele rechtdag. [22 januari 1800]
Relaas van de vorster van Oirschot i.v.m. een dagvaarding in deze zaak. [28 augustus 1800]
Relaas van de vorster van Oirschot i.v.m. een dagvaarding waarbij zijn verschenen Joh. Naterus nu wonende te Eindhoven, Andreas van Nahuijs en zijn vrouw Adriana Ramaar te Hoge Mierde en Anna Cath. van Nahuijs wonende te Hilvarenbeek. [2 september 1800]
Stuk ondertekend door P.E. van Nahuijs klerk in absentie van de secretaris van Oirschot, waarin verklaard wordt dat voor schepenen van Oirschot zijn verschenen de in de vorige akte genoemde personen. [2 september 1800]
Extract uit de criminele rol van Oirschot en een overaicht van rechtdagen in deze kwestie. Ondertekend door Jan Schouw secretaris. [13 september 1800]



1   ...   11   12   13   14   15   16   17   18   19


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina