Reisverslag noord-korea (dprk: democratic people’s republic of korea)



Dovnload 105.49 Kb.
Pagina1/3
Datum22.08.2016
Grootte105.49 Kb.
  1   2   3
REISVERSLAG NOORD-KOREA (DPRK: DEMOCRATIC PEOPLE’S REPUBLIC OF KOREA)
30 maart t/m 12 april 2004

INTRODUCTIE


Hieronder volgt het verslag van onze reis naar Noord-Korea. Dit verslag is bedoeld voor familie, vrienden en iedereen die geïnteresseerd is of van plan is Noord-Korea te bezoeken. Tevens is het voor ons een herinnering aan een interessante, mooie, onvergetelijke, leerzame en ook geestelijk en lichamelijk vermoeiende reis. Onze dank gaat uit naar onze gidsen Pak Jang Sik en Pak Kwang Ung, onze chauffeur Mr. Kang en Alejandro van de Korean Friendship Association. We zullen proberen onze ervaringen zo feitelijk mogelijk weer te geven zonder oordeel te geven over de politiek, het regime of personen, hoewel het soms onvermijdelijk is dat we onze gevoelens verwoorden.
Onze interesse voor dit land kwam hoofdzakelijk voort uit de onbekendheid en de geheimzinnigheid waarin de DPRK zich hult. Vooral de (veelal negatieve) berichten in de westerse media en de spaarzame beelden op televisie maakten ons nieuwsgierig en waren de aanleiding dat we dit meest afgesloten land ter wereld met eigen ogen wilden zien. Niet uit sensatiezucht, maar in de hoop de andere kant van het verhaal te horen en een genuanceerder beeld te krijgen van Noord-Korea.
Na 1989, toen het communisme bijna overal z’n beste tijd had gehad, raakte het land in politiek, economisch en militair opzicht geïsoleerd, omdat het zijn voormalige bondgenoten was kwijtgeraakt. Al die jaren heeft het zich staande weten te houden in een vijandige wereld met alle interne en externe gevolgen van dien. Het laatst overgebleven “socialistische paradijs” wordt met alle mogelijke middelen verdedigd. Daarnaast worden de leiders als goden vereerd, hetgeen soms tot, althans in onze ogen, buitenissige en bizarre situaties leidt. Eerst was er Kim-il-Sung (de Eeuwige Leider) en na zijn dood (1994) zijn zoon, Kim-Jong-il, de Geliefde Leider. Het land, maar vooral het regime, doet er alles aan om zich staande te houden door zich bijna compleet te isoleren van de buitenwereld. Dit alles maakt het land zo interessant dat we het van dichtbij wilden zien en meemaken.
Op deze site zijn al een groot aantal foto’s te zien van onze reis. Op Jos z’n online fotoalbum staan er nog meer: http://members.chello.nl/jemmer/index.html

PRAKTISCHE ZAKEN


We dachten aanvankelijk dat het moeilijk zou zijn om toegang te krijgen tot Noord-Korea, omdat het te duur of onmogelijk zou zijn om een visum te krijgen. Maar een collega van Jos (Boris: www.traveladventures.org ) vertelde dat hij er een paar jaar geleden was geweest, dus wisten we dat we een poging konden wagen.

Het liefst gingen we individueel, dus niet in een groepsreis. Na wat zoeken op internet kwamen we op de “officiële site van de DPRK” ( www.korea-dpr.com ). Deze site is gemaakt door de Korean Friendship Association (KFA), die zijn basis heeft in Spanje. Deze organisatie heeft rechtstreekse contacten met het Committee For Cultural Relations With Foreign Countries in Pyongyang en bemiddelde destijds o.a. bij het aanvragen van een visum en het samenstellen van een programma. Je kon via hen individuele reizen regelen tegen een redelijke prijs. Helaas hebben we onlangs vernomen dat het deze taak niet meer verricht. De KFA informeerde ons dat het nog wél mogelijk is via:



Korea International Travel Co. (KITC)
Ms. Li Un Hui
DPRK Embassy in Beijing, China
Ritan Nort Rd. Chaoyang District
Beijing. 100600--
Tel and fax:   +86-10-85750212
mobile:  +86  13901161201
E-mail:   riunhui2003@hotmail.com
Dit is het staatsverkeersbureau. We zijn echter niet op de hoogte van de boekingsprocedure en de kosten via het KITC. In Peking hebben we Mrs. Li Un Hui ontmoet (zie dag 2, 31 maart 2004) en hebben een zeer betrouwbare en behulpzame indruk van haar.
Overigens betekent ‘individueel’ niet dat je alleen mag reizen, want je wordt altijd door twee staatsgidsen begeleid. Het enige waar we aan twijfelden, was de betrouwbaarheid van de KFA, maar via een forum (Thorn Tree) op de site van Lonely Planet ( www.lonelyplanet.com ) kwamen we in contact met twee mensen die ook via de KFA hadden geboekt en tevreden waren. Op deze site kun je ook andere ervaringen met reizen naar Noord-Korea uitwisselen.
Het contact met de KFA verliep vriendelijk, snel en efficiënt. De aanvraag voor het visum ging geheel via internet. We konden ook aangeven of we nog dingen wilden bezoeken die niet in het standaardprogramma zaten. Indien mogelijk zouden die dan worden ingepast. Als de aanvraag werd goedgekeurd, zou het visum enkele dagen voor vertrek naar de DPRK klaarliggen op de Noord-Koreaanse ambassade in Peking.
Binnen drie weken na de aanvraag kregen wij al bericht van de KFA dat de aanvraag was goedgekeurd. De kosten bedroegen ongeveer €30 voor het visum, €350 voor het ticket Peking-Pyongyang vv (beiden te betalen in Peking) en per verblijfsdag in Noord-Korea betaalden we ten tijde van ons verblijf tussen €130 en €150, afhankelijk van de hotelklasse. Dit laatste bedrag omvatte de hotelovernachtingen, drie maaltijden per dag, alle vervoerskosten en de begeleiding.
Zaken die je zelf nog moet regelen zijn de vlucht naar Peking vv., een double-entry visum voor China en verblijf in China. Voor hotels in China kunnen wij www.sinohotel.com aanbevelen.
Voorafgaand aan onze reis hebben we heel wat boeken, artikelen en reisverslagen op internet gelezen. Als sponzen absorbeerden we zo veel mogelijk informatie uit verschillende bronnen. Het interessantst zijn de reisverslagen van andere Noord-Koreagangers. En dat zijn er meer dan je denkt. Een van de beste en meest neutrale is de site van Arne Eilers ( www.geocities.com/dprk02/index.htm ).
In 2003 is er een reisgids uitgekomen voor Noord-Korea, voor zover wij weten de enige die alleen over Noord-Korea gaat: Bradt Travel Guide, North-Korea, door Robert Willoughby (ISBN 1 84162 074 2). Hoewel we niet zeker wisten of we deze gids mee het land in konden nemen, bleek het geen probleem. Onze begeleiders hebben ‘m zelfs geen blik waardig gegund.
Verder is het nuttig kennis te nemen van de geschiedenis van Korea en het ontstaan van de huidige politieke situatie, want daar draait alles om. Een goede voorbereiding is absoluut onontbeerlijk voor een land als Noord-Korea. Zo weet je wat je te wachten staat en kun je meer begrip opbrengen voor de mogelijkheden en onmogelijkheden. Houd er rekening mee dat zowel Noord-Korea als Zuid-Korea (en bondgenoten) zich in meer of mindere mate bedienen van propaganda en het geven van misleidende informatie. Officieel zijn beide landen nog steeds met elkaar in oorlog. De waarheid ligt ergens in het midden.
Tijdens ons verblijf zijn we ons er voortdurend van bewust geweest dat onze gidsen het officiële, door de staat goedgekeurde verhaal vertellen. Of ze daar oprecht in geloven kunnen we ons alleen maar afvragen. Om hen niet in verlegenheid of gevaar te brengen hebben we dit nooit ter discussie gesteld. Wél hebben we af en toe interessante gesprekken gehad over politiek en economie waarbij we eerlijk onze mening konden geven.

Verder komt het erop aan om tussen de regels door te lezen en naar rechts te kijken als de gids zegt naar links te kijken.



HET VERHAAL
Dinsdag 30 maart 2004 Amsterdam-Peking

Vertrek naar Peking met vlucht KL897. Sija (de vrouw van Peter) en Chris (de vriend van Jos) brengen ons weg naar Schiphol. Even ziet het er naar uit dat we het vertrek moeten uitstellen als de bus van de parkeerplaats naar het vliegveld een noodstop moet maken, waarbij Chris een hoofdwond oploopt en behandeld moet worden bij de Medische Dienst. Gelukkig valt het allemaal mee en kunnen Peter en ik gewoon vertrekken. Hoewel we op een staff-ticket reizen en we bij overboeking misschien op een crewseat moeten zitten, krijgen we meteen instapkaarten mét stoelnummers! De reis kan beginnen…..


Woensdag 31 maart 2004 Peking

Aankomst in Peking om ongeveer 9.00 uur. Binnen een paar minuten zijn we door de immigratie en de douane. Met een taxi gaan we naar het Da Wan Hotel. Onderweg zien we mensen die tai-chi aan het beoefenen zijn in parken en plantsoenen. Het hotel ligt in een zijstraat van een drukke weg vlakbij Wangfujiang Shopping Area. Voor de prijs die we betalen, is het een goed hotel. Omdat we aan boord goed hebben geslapen, besluiten we om na een douche meteen naar de ambassade van de DPRK te gaan om ons visum en ticket op te halen die hier klaar liggen.


De ambassade is erg groot, bestaat uit verschillende gebouwen en is geheel ommuurd. Net als andere ambassades wordt hij bewaakt door Chinese militairen. Dichtbij de hoofdingang staat een soort reclamezuil met foto’s van Noord-Korea en natuurlijk van de leiders: vader en zoon Kim. Wij moeten aan de zijkant zijn bij de consulaire afdeling. Voor het eerst betreden we hier Noord-Koreaans grondgebied. Direct bij binnenkomst loop je tegen een muurschildering van Kim Il Sung bij de heilige berg Mount Paektu aan.

We vertellen dat we ons visum komen ophalen, maar ze kunnen onze gegevens niet vinden. Ze vragen ons om 14.30 terug te komen, want dan is er iemand die er wellicht meer van weet. In de tussentijd gaan Peter en ik in de buurt koffie drinken en daarna lunchen bij een klein lokaal Chinees restaurantje. Erg lekker voor maar 26 yuan samen (€2,50!). Vervolgens gaan we nog even met de taxi naar Xiushui Market (Silk Alley). Alleen nog maar gekeken, niets gekocht.


Er wordt ontzettend veel gebouwd in Peking. Het gaat niet alleen goed met de economie,

ook voor de Olympische Spelen in 2008 moet de stad een goede indruk maken. Dat dit ten koste gaat van de oosterse identiteit is wel duidelijk. Overal zijn enorme gebouwen in aanbouw. Gigantische kolossen van kantoren, hotels en appartementencomplexen worden uit de grond gestampt en er wordt 24 uur per dag aan gewerkt. Overal waar je kijkt zijn bouwputten en hijskranen te zien. De bouwvakkers wonen soms zelfs op de bouwplaats in tenten. De hutongs (de typisch Chinese volksbuurten) worden met de grond gelijk gemaakt. McDonalds, Starbucks en KFC zie je (helaas) zowat in iedere straat en. Het is triest om te zien, hoewel we moeten toegeven dat we menig keer van Starbucks gebruik hebben gemaakt voor ontbijt en koffie.


Het is inmiddels tijd geworden om ons weer bij de ambassade van Noord-Korea te melden. De deur is nog dicht op de afgesproken tijd, maar er staat buiten nog een vrouw te wachten die van de KITC (Korean International Travel Company) blijkt te zijn. Zij kan ons echter ook niet vinden in haar papieren en heeft ook nog nooit van de KFA of van Alejandro (de voorzitter) gehoord. Erg vreemd allemaal. Als om 15.00 eindelijk de deur opengaat, moeten we wachten tot er iemand uit een vergadering komt. Diegene komt niet opdagen, maar mevrouw Li Un Hui (de dame van de KITC) belt voor ons met Pyongyang, maar ook daar is niets bekend. We laten haar de e-mails lezen van Alejandro, maar het zegt haar allemaal niets. Ze blijft vriendelijk en is oprecht bezorgd. In een laatste poging mogen we zelfs op haar mobiele telefoon bellen met Alejandro in Barcelona, die helaas niet opneemt. We besluiten om naar het hotel terug te gaan en vanuit het hotel opnieuw te proberen hem te bereiken. Het is wel verontrustend, maar het contact met de KFA was altijd goed en betrouwbaar en we twijfelen er niet aan dat het goed zal komen.
Vanuit het hotel krijgen we hem aan de telefoon en hij reageert verbaasd op ons verhaal. Hij belooft direct actie te ondernemen door met de ambassade in Rome te gaan bellen en met zijn contactpersoon in Pyongyang. In afwachting van zijn antwoord gebruiken we de tijd om te rusten op onze kamers. Na ruim een uur belt hij terug: zijn contactpersoon in Pyongyang heeft hij i.v.m. het tijdsverschil niet aan de telefoon kunnen krijgen, maar hij heeft een bericht voor hem achtergelaten. Hij benadrukt ons nergens zorgen om te maken en dat het zeker goed komt. Zijn advies is om de volgende ochtend terug te gaan naar de ambassade. Als er dan nog niets over ons bekend is, moeten ze bellen met Mr. Pak Kwang Ung van het “Committee For Cultural Relations With Foreign Countries” in Pyongyang. Bij problemen mogen we hem altijd bellen. We zullen zien…..
Enigszins gerustgesteld gaan we met de taxi naar Sanlitun, een klein uitgaansbuurtje in Peking waar we een biertje drinken en eten bij “1001 Nights,” een Arabisch/Libanees restaurant met buikdanseressen in Beijing: het moet niet gekker worden! Met een taxi terug naar het hotel. Een half uur nadat we op de kamer zijn, worden we allebei gebeld of we nog een massage willen (“You want massage?”). Dit zou, naar later bleek, iedere dag gebeuren. Erg vervelend als je net in slaap bent gevallen….
Donderdag 1 april 2004 Peking

Goed geslapen. Om 9.30 uur afgesproken te vertrekken. In de straat bij het hotel kopen we een sandwich en nemen we een taxi naar de ambassadebuurt. Koffie bij Starbucks vlakbij Silk Alley.


We hebben geen idee hoe de dag verder zal verlopen wat betreft ons visum voor Noord-Korea. In ieder geval zijn we allebei voorbereid op een lange dag van regelen, bellen en wachten. Voor de rest van de dag hebben we dan ook helemaal geen plannen gemaakt. Maar….bij binnenkomst in de ambassade krijgen we meteen een lachende medewerker te zien en horen we dat de avond ervoor een telefoontje uit Pyongyang is gekomen! We moeten alleen nog een formulier invullen. Even later horen we het oorstrelende geluid van stempels en zit er een visum in onze paspoorten. Kosten €29,00 per persoon. Waarschijnlijk is er door de vele visumaanvragen voor het April Spring Festival, dat een week na ons verblijf in Noord-Korea zal plaatsvinden, iets fout gegaan waardoor onze aanvraag niet op tijd klaar lag. Dat vertelden onze gidsen ons later in Pyongyang.
Nu moeten we alleen nog naar het kantoor van Air Koryo in het Hongkong Macau Center om onze tickets op te halen. Normaalgesproken horen de tickets ook op de ambassade klaar te liggen, maar door het misverstand loopt het nu iets anders. De dame van het KITC was ook weer op de ambassade en zei blij te zijn dat alles toch nog in orde was gekomen. Wat een opluchting! Ze kwam ons zelfs nog achterna rennen om de taxichauffeur instructies te geven!
Het kantoor van Air Koryo wordt bemand door een wat norsige cheffin en twee medewerksters, alledrie met een speldje van Kim Il Sung. Hoewel er geen reservering blijkt te zijn, kunnen we toch boeken: OK voor de heenreis, op de wachtlijst voor de terugreis. Ach, waarom zouden we ons zorgen maken over de terugreis! Dat regelen we daar wel weer. We kunnen in ieder geval héén! De kosten van het ticket bedragen 310 dollar. In euro’s….ook 310. Een leuke koerswinst voor Air Koryo! Helaas hebben we geen dollars, anders waren we een stuk goedkoper uit geweest. Maar evengoed is het ticket goedkoper dan we op de site van de KFA hadden gelezen. Bovendien zijn we in een euforische stemming, dat ons dat ook niets kan schelen.
We hebben nu de rest van de dag helemaal vrij. Alles is geregeld. Met de metro gaan we naar Tiananmen Square: Het grootste plein ter wereld en de plaats waar in 1989 de studentenprotesten plaatsvonden. Aan dit plein staan o.a. het gebouw van het Volkscongres, het mausoleum van Mao en de Verboden Stad. We lopen een beetje rond over het plein, drinken koffie en lunchen in een Japans fast-food restaurant. Er staat een lange rij voor het mausoleum, dus besluiten we om het mausoleum dan maar over te slaan. (Later deze week staat er per slot van rekening nóg een mausoleum op het programma!)
We gaan naar de Verboden Stad. Indrukwekkend die paviljoens en grote binnenplaatsen en goed voor te stellen hoe het leven aan het keizerlijke hof er uitgezien moet hebben. Met een koptelefoon op en de stem van Roger Moore wordt je door het hele complex geleid. Na afloop met een taxi terug naar het hotel en in een internetcafé in de buurt sturen we wat mailtjes naar huis. Daarna 2 uur rust.
Om 20.00 uur weer afgesproken en we lopen een stuk op zoek naar een restaurant. Al lopend vinden we niets en nemen een taxi naar een restaurant uit de Lonely Planet gids. De taxichauffeur weet het niet te vinden. Ook bij eerdere taxiritten wisten de chauffeurs de weg vaak niet. We vermoeden dat veel taxichauffeurs van het platteland komen en daarom niet bekend zijn in Peking. We worden bij Wangfujiang Shopping District afgezet, een grote brede winkelstraat waar alleen voetgangers mogen komen. Erachter zit nog een markt. Bij toeval ontdekken we het restaurant dat we zochten: Qianjude Duck Restaurant. Samen verorberen we een hele Pekingeend. Geweldig lekker!
We lopen terug naar het hotel. Kort na binnenkomst gaat de telefoon weer:

“You want massage?”

NO!, and please don’t call again!”

“So you want massage?”

Aaarghhhh!
Vrijdag 2 april 2004 Peking

Met taxi naar Starbucks bij Silk Alley voor koffie en ontbijt. Daarna met taxi naar markt ten zuiden van het centrum, maar de chauffeur kan het (weer) niet vinden ondanks dat we hem de naam in het Chinees laten zien en de plattegrond. Uiteindelijk worden we, zonder dat hij het aan ons vraagt, weer in het centrum afgezet bij de Russische markt in de ambassadebuurt. Daar lopen we wat rond, maar het is niet wat we zoeken. We ondernemen nog maar een poging met een andere taxi en die brengt ons naar de Beijing Curio City. Ook niet wat we zoeken, maar het heeft toch geen zin kwaad te worden.

Het is een overdekt winkelcentrum met rotzooi die je in ieder Chinees restaurant waar ook ter wereld ziet staan. Ik had ergens gelezen dat, met het oog op de Olympische Spelen in 2008, taxichauffeurs een cursus Engels moesten volgen, maar wij zijn ze niet tegengekomen. Ze zijn wel allemaal even vriendelijk, maar communiceren lukt voor geen meter. Zelfs vertalingen uit de Lonely Planet gids in het Chinees leveren vaak nog problemen op. Het hoort erbij. Ook wel weer leuk.
We lunchen Chinees in een hotel naast het winkelcentrum. Toen naar Hongqiao Market (Pearl Market) bij de Temple of Heaven. Dit gaat zowaar in een keer goed! En dat is ook het soort markt dat we zoeken: Elektronica, horloges, kleding, enz. Heel veel afdingen, soms wel tot 10% van de vraagprijs. Leuke sfeer en iedereen is even vriendelijk, ook al koop je niks of levert het afdingen niet het gewenste resultaat op. We gaan weer terug naar het hotel, mailen in het internetcafé om de hoek en houden siësta.
Nog moeilijk voor te stellen dat we morgen om deze tijd in Pyongyang zijn! Raar en onwerkelijk idee na zoveel jaren er mee bezig te zijn en zoveel maanden voorbereiding.

Alejandro had gemaild dat we in Pyongyang opgewacht worden door Mr. Pak Kwang Ung, dezelfde persoon met wie hij contact had gehad. Hij spreekt alleen Spaans, maar de andere gids spreekt Engels.


’s Avonds eten we in een Italiaans restaurant vlakbij ons hotel. We pakken onze koffers voor de volgende ochtend en maken weer een goede nacht. Dit keer gelukkig geen telefoontje voor massage, want dat hadden we doorgegeven aan de receptie.
Zaterdag 3 april 2004 Peking-Pyongyang

Vandaag is de grote dag: ons langverwachte bezoek aan Noord-Korea gaat beginnen. Licht gespannen verlaten we het hotel en nemen een taxi naar het vliegveld van Peking. Na het betalen van de airport-tax checken we in bij de balie van Air Koryo. We zien bekende gezichten, namelijk de drie dames van het stadskantoor van Air Koryo, die behulpzaam zijn bij het inchecken. Alles verloopt vlot en we hebben nog tijd om wat te eten en koffie te drinken. In de taxfree winkel ontwaart Peter een stelling met Ursus Wodka (het bedrijf waar hij voor werkt). Goed voor een foto!


Bij de gate probeert Jos het vliegtuig te filmen, maar wordt teruggefloten. Geen idee of dat met het vliegtuig van Air Koryo te maken heeft of dat het overal verboden is op het vliegveld. Het vliegtuig is een Ilyushin met een jaren 60 interieur: bonte vloerbedekking en synthetische bloemetjesgordijnen van de beste brandbare kwaliteit. Open bagagebakken en geen zuurstofmaskers. De stewardessen spreken een beetje Engels. Ondanks de militaire uniformen die ze op de foto’s op hun ID aanhebben, zijn ze zeker niet onvriendelijk. We vermoeden dat ze officieel in dienst zijn van de luchtmacht.

Als we de startbaan opdraaien lopen de stewardessen nog in het gangpad. Meteen nadat ze achter het gordijn verdwijnen volgt de take-off. Volgens ooit hadden ze nooit genoeg tijd om te gaan zitten, hetgeen op de terugreis wordt bevestigd.


Naast ons zit een praatgrage vrouw van Noord-Koreaanse afkomst met een Duits paspoort, met huizen in Noord-Korea, Seoul(?), New York(?) en Duitsland. Ze zegt Noord-Koreaanse orkesten en andere culturele zaken te begeleiden in het buitenland. Haar vader was een bekende componist en bevriend geweest met Kim Il Sung. Die had hem een villa geschonken. Haar verhaal, uiterlijk (Gucci zonnebril op het voorhoofd) en gedrag doen haar ons al gauw als “foute” vrouw bestempelen. Ze verbaast zich erover dat wij Noord-Korea willen bezoeken. Cynisch zegt ze dat een Duitse vriend van haar Noord-Korea als één groot openluchtmuseum omschreven heeft.

De overige passagiers zijn hoofdzakelijk Noord-Koreanen, herkenbaar aan de speldjes, en Chinezen. Verder een paar westerlingen die in Pyongyang wonen en werken voor o.a. ambassades, hulporganisaties en universiteiten. Een man die we spraken op het vliegveld was professor op de universiteit, maar liet niet veel los over wat ons te wachten stond: “See for yourself!”


We vliegen inmiddels boven Noord-Korea. Het landschap ziet er grijs uit, maar wel gestructureerd. We kunnen een deel van de stad zien met als grootste herkenningspunt het nooit afgebouwde piramidevormige Ryugyong Hotel.

Het vliegveld van Pyongyang is eenvoudig: een statig rechthoekig gebouw van beton en glas met een portret van een jonge Kim Il Sung op het dak. Er staan geen andere vliegtuigen dan enkele toestellen van Air Koryo. Voordat we het vliegtuig uit mogen, komt er een ambtenaar in uniform de gezondheidsverklaringen van de passagiers controleren. Nadat het grootste deel van de passagiers met bussen naar het luchthavengebouw zijn afgevoerd, komen er nog een paar Mercedessen aanrijden voor enkele hooggeplaatste passagiers. (Nee, wij zaten al in de bus….)


De immigratie verloopt snel en vriendelijk. Alle koffers moeten door een scanner en af en toe moet er één opengemaakt worden. Alleen Peter z’n koffer wordt vluchtig bekeken.

Inmiddels hebben de gidsen zich al bekendgemaakt en begeleiden ons naar de bus die ons de hele week zal vervoeren. De rit naar ons hotel duurt ongeveer een half uur. We kunnen nog nauwelijks geloven dat we in Noord-Korea zijn! In de bus vindt de eerste vluchtige kennismaking met de gidsen plaats, maar onze aandacht is in eerste instantie nog op het landschap en de straat gericht.

Het hotel waar we zullen verblijven is het Sosan Hotel, een toeristenklasse hotel. Het ligt in het zuidwesten van de stad in een gebied dat eind jaren 80 is gebouwd voor een internationaal jeugdsporttoernooi voor socialistische landen. Iedere sport heeft hier een eigen paviljoen.

De lobby van het hotel is koud en donker als we binnenkomen. Het was ons al bekend dat Noord-Korea kampt met een energietekort, dus eigenlijk verbaast het ons niet. De gidsen schijnen zich er drukker om te maken. IJskoude openbare ruimtes zouden we deze week wel vaker tegenkomen; met elektriciteitsstoringen viel het uiteindelijk nog wel mee. Het probleem is nu echter dat onze kamers op de 15e verdieping liggen en de liften het ook niet doen. Omdat we dan toch moeten wachten, gaan we in de bar van het hotel het programma bespreken en nader kennismaken met de gidsen. Er is nog een derde persoon aangeschoven: iemand van het ministerie om het programma goed te keuren.


De senior gids is Mr. Pak Kwang Ung (door ons al snel betiteld als Pak 1), de contactpersoon van Alejandro. Hij is getrouwd en heeft drie grote kinderen. Hij heeft in de zeventiger jaren in Havana Spaans gestudeerd. De andere gids is jonger (34) en heet Pak Jang Sik. Hij spreekt Engels en heeft dat gestudeerd in Pyongyang. Zijn vader was vroeger ambassadeur in Albanië, waar hij een paar jaar heeft gewoond. Zijn bijnaam voor ons wordt….hoe kan het ook anders….Pak 2. Hij is niet getrouwd en woont met zijn moeder in Pyongyang. De eerste kennismaking is erg prettig en de Pakken lijken ons sympathieke lui. De gidsen zullen de hele week bij ons blijven en slapen ook in het hotel. Niets wordt aan het toeval overgelaten.
Het hotel wekt overigens een verlaten indruk, zowel qua omgeving als qua gasten. De paar mannen in de lobby die de krant zitten te lezen of niets te doen, zijn volgens ons geen gasten.

We krijgen het programma te lezen en het ziet er goed en vol uit. Een paar dingen die erop staan, kunnen niet doorgaan, waaronder het bezoek aan de Mansudae Assembly Hall (het gebouw van het Volkscongres) en de bierbrouwerij. Laten dat nou toevallig de twee dingen zijn die wij buiten het standaardprogramma hadden aangevraagd.


Op de een of andere manier hebben ze begrepen dat we leraren zijn en hebben daarom een bezoek aan een middelbare school ingepland. We maken meteen duidelijk dat dit op een misverstand berust (Peter heeft met zijn vrouw een eigen bedrijf en werkt daarnaast als declarant bij een distilleerderij, Jos is purser), maar het lijkt ons evengoed leuk om een school te bekijken.
Reeds nu krijgen we al verhalen te horen over de Kimmetjes, de Koreaanse oorlog, de “US-imperialists and the puppet army of South Korea.” Precies volgens verwachting.

Na een uur of twee en een paar biertjes doet de elektriciteit het weer en kunnen we naar onze kamers. Een elektrisch kacheltje zorgt voor de verwarming. De kamers zijn prima, hoewel het bed keihard. Het matras ziet er uit als een echt matras, maar is niet meer dan een met stof omklede houten kist op een bed. Een extra dekbed dat in de kast ligt, biedt uitkomst.


Even later worden we beneden verwacht in Restaurant No.1, waar we met z’n tweeën kunnen dineren. Pak 2 assisteert nog even bij het bestellen. Het restaurant is erg groot, maar er zijn slechts twee tafels gedekt. Op een grote breedbeeld-tv speelt een typisch Koreaanse film: over vaderlandsliefde, een militair, het afscheid van zijn geliefde enz. Films waarvan er honderden zijn gemaakt en die tot in den treure op tv worden vertoond. Het eten is erg lekker en bestaat uit verschillende kleine gerechten. Als we uitgegeten zijn, lopen we even naar buiten, de oprit van het hotel op. Als we omhoog kijken zien we een aardedonker hotel. Geen enkele kamer van het hotel is verlicht, alleen de lobby en het restaurant. Het is doodstil buiten. Slechts het geblaf van een hond doorbreekt de stilte.

Zondag 4 april 2004 Pyongyang

We hebben goed geslapen ondanks het harde bed. Ontbijt met toast, jam, kaas en een gebakken ei onder het genot van dezelfde film als gisteravond. We vertrekken om 8.30 uur voor een bezoek aan Kumsusan Memorial Palace, het mausoleum van Kim Il Sung. Voor dit bezoek moeten we netjes gekleed gaan, bij voorkeur in pak. Gelukkig volstaan een colbertje en/of stropdas.



Mr. Kang, de chauffeur, staat met het busje te wachten voor het hotel en we rijden naar de Arch of Triumph, die lijkt op de Parijse versie (maar dan groter…) en is gebouwd ter ere van de overwinning op de Japanners. Hier verzamelen we met de paar andere buitenlandse bezoekers die naar het mausoleum gaan. In colonne rijden we verder.
Vlakbij het Kumsusan Memorial Palace rijden trammetjes af en aan met soldaten die ook op bezoek gaan. De meeste, zowel jongens als meisjes, zijn nog heel jong. Het mausoleum bevindt zich in het voormalige paleis van Kim Il Sung en is er speciaal voor verbouwd. Twee lange passages aan beide kanten leiden naar het hoofdgebouw. Hierin bevinden zich rolbanden van honderden meters. Je mag er niet op lopen, maar moet stil blijven staan. Er heerst een doodse stilte. De gezichten van de soldaten en andere bezoekers (mensen uit het hele land, waarvan de meeste vrouwen in traditionele kleding) zijn uitdrukkingsloos. Of is het plechtig?
Als we het hoofdgebouw naderen moeten we door een metaaldetectiepoortje en over draaiende rollers lopen die onze schoenen schoonborstelen. Camera’s moeten we achterlaten. Dan komen we in een grote ruimte met een witmarmeren standbeeld van Kim Il Sung. De achtergrond is roze en blauw verlicht en er speelt treurige muziek. Vervolgens komen we bij een sluis met glazen schuifdeuren. Het blijkt een soort windtunnel te zijn waar enorme blowers met kracht het stof van de bezoekers afblazen en kapsels ruïneren. Wij zijn met onze kale koppen in het voordeel. Direct achter deze horde ligt het heilige der heiligen: het gebalsemde lichaam van “de Eeuwige Leider” van Noord-Korea, in een glazen kist. In rijtjes van vier staan we eerst aan het voeteneind en worden we geacht een buiging te maken. Hetzelfde ritueel herhalen we aan het hoofdeind. Voor ons is een dergelijk eerbetoon vrij van emotie. We vragen ons af wat de meeste Noord-Koreaanse bezoekers voelen. Is het gemeend of is het een verplicht nummer?
Hierna komen we in een ruimte waar een aantal vrouwen/actrices op huilerige toon het verhaal vertellen van de dag dat Kim Il Sung overleed. Groepjes Noord-Koreanen staan hier stoïcijns naar te luisteren. Wij, de buitenlanders, krijgen een koptelefoontje waarmee we hetzelfde verhaal, op dezelfde toon, te horen krijgen in het Engels. Het klonk precies zoals de nieuwslezer die in 1994 het overlijden aankondigde.
In een volgende ruimte staan een aantal bureaus met gastenboeken. We worden geacht, zoals later in de week nog een paar keer, enkele regels te schrijven die door Pak 2 in het Koreaans worden vertaald. We schrijven zoiets als “een indrukwekkende ervaring op de eerste dag van ons bezoek.” Dat is niet gelogen, want dat is het ook. Hoe je er ook over denkt, het toppunt van verering van Kim Il Sung en het hele theater eromheen vindt hier plaats.
Onze volgende stop is het Daesongsan Revolutionary Martyrs’ Cemetery op Jujak Peak met een weids uitzicht over Pyongyang. Gelukkig waren we met de bus, anders hadden we 300 treden moeten lopen. De begraafplaats ligt tegen de heuvel. Aan de voet een groot goud wapen van de DPRK en een grote roodgranieten vlag bovenaan. Hiertussen liggen 200 verzetshelden begraven uit de Japanse koloniale tijd en de Koreaanse oorlog. Bij ieder graf staat een bronzen buste van de betreffende persoon, variërend van militairen tot eenvoudige boeren. Onder de vlag is de buste van de vrouw van Kim Il Sung, de moeder van Kim Jong Il, Kim Jong Suk. Ook hier moeten we gezamenlijk buigen.

Terug in de stad rijden we naar het Koryo Hotel, het beste van Pyongyang. Hier is het wél warm en is de lobby verlicht. We gaan naar de bovenste verdieping, een ronddraaiend restaurant. We drinken hier een biertje. De ober waarschuwt Pak 2 dat we aan één kant niet mogen filmen en fotograferen, omdat daar huizen van partijleden staan. In de boekwinkel van het hotel koopt Jos een video van de viering van de 55e verjaardag van de DPRK.


In de straat van het hotel zitten een aantal restaurants. In een ervan gaan we lunchen, Koreaanse barbecue, met Pak 1, Pak 2 en Mr. Kang. Om er te komen zijn we verplicht om de voetgangerstunnel onder de weg te nemen, hoewel er bijna geen auto te zien is. Iedereen houdt zich hier blijkbaar aan. De lunch begint met rundvlees, maar later komt er ook eend en struisvogel (!) op tafel. Peter had gelukkig al verteld dat hij alles wilde eten, behalve hond, waarop hij een foto van hun hond Misty (R.I.P.) liet zien. Er is in Pyongyang namelijk een restaurant waar je alle onderdelen van een hond kunt eten, maar dat gaat zelfs Jos te ver. Deze lunch was in ieder geval erg goed.
We hebben al eerder te kennen gegeven dat we graag gewoon op straat zouden willen lopen om het dagelijkse leven van dichtbij te zien. Het liefst onbegeleid, maar dat is uit den boze. Dat wisten we eigenlijk al van te voren. Na de lunch gaan we inderdaad een stuk lopen met Pak 2. Aan het eind van de straat is een hele buurt afgezet. Hier wonen de partijleden en we mogen hier dan ook geen foto’s maken. Ergens op een hoek is een metrostation, maar er gaat niemand naar binnen en er komt niemand uit. Volgens Pak Jang Sik rijdt de metro iedere eerste zondag van de maand niet. Toevallig vandaag…

De flatgebouwen zien er van een afstand nog wel aardig uit, maar van dichtbij zie je dat ze behoorlijk vervallen zijn. De mensen zien er goed gekleed en gezond uit. Zo gauw je ze aankijkt kijken ze weg.


Na de wandeling gaan we naar Mangyongdae Revolutionary Site, het geboortehuis van Kim Il Sung. Om het huis is een groot park aangelegd. We worden rondgeleid door een vrouwelijke gids. Onze komst was blijkbaar aangekondigd, want ze stond al te wachten. Het geboortehuis ziet er als nieuw uit en bestaat uit twee hutten met rieten dak. Binnen staan wat landbouwwerktuigen die de ouders en grootouders gebruikt zouden hebben en er hangen wat foto’s. De nadruk ligt op de simpele afkomst van de familie en hun armoede. Oma was zelfs zó arm dat ze voor minder geld een stenen pot kocht met een deuk erin, die met trots tentoongesteld wordt.
In het souvenirwinkeltje (alles te betalen in euro’s) drinken we wat. Met het busje rijden we de heuvel op naar een paviljoen met uitzicht over de Taedong Rivier. Vervolgens gaan we naar de Mangyongdae Fun Fair. Volgens een reisgids komen hier dagelijks 100.000 bezoekers, maar als wij er zijn is het uitgestorven. En dat op een zondag…..

Het is een troosteloze boel. De achtbaan ziet er nog wel aardig spectaculair uit. Hij doet het ook, alleen zien we niemand in de wagentjes zitten. Wat kille paviljoens met spelautomaten die we nog kennen uit de jaren zeventig. Het is koud, het is kaal, het is verlaten. Met 100.000 bezoekers zou het nog wel gezellig zijn. Peter vraagt zich terecht af waarom ze ons hier naartoe hebben genomen. Nou ja, Mr. Pak 1 en Mr. Kang hebben nog wel lol met kleiduiven schieten.


Moe gaan we weer terug naar het hotel. Voor het avondeten hebben we anderhalf uur de tijd om uit te rusten. Dan volgt het officiële welkomstdiner met Pak 1 en Pak 2 in een aparte kamer bij het restaurant. We worden geacht te speechen en…te zingen. Het zingen kunnen we nog even uitstellen. We voelen ons allebei behoorlijk opgelaten. Het ene gerecht na het andere komt binnen. Er komt geen eind aan. Het is veel te veel. We praten over het land, de politiek, de economie, de mensen. Toen we er niet meer onderuitkwamen hebben we het Wilhelmus maar gezongen. Met wat biertjes op gaat het toch wel iets makkelijker. Om 20.30 uur zit het erop en doodmoe van de eerste dag gaan we naar onze kamers.



  1   2   3


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina