Robert Nieuwland



Dovnload 317.53 Kb.
Pagina1/12
Datum16.08.2016
Grootte317.53 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   12


Zelfcensuur en islamitisch fundamentalisme

Robert Nieuwland


augustus 2005

Vormt

islamitisch

fundamentalisme

een bedreiging

voor de persvrijheid?

Voorblad: minarette van een moskee.


Door de huidige berichtgeving wordt het beeld geschapen dat elke moslim fundamentalistisch en extreem denkt”

Haci Karacaer (Milli Görüs)

Wij moeten wel blijven berichten over zaken die gebeuren, dat is onze meldplicht”



Arie Elshout (De Volkskrant)

Er komen steeds vaker bedreigingen uit de radicale moslimhoek”



Hans Verploeg (Nederlandse Vereniging van Journalisten)
Inhoud


Inleiding 6


Onderzoeksmethodes 8




  1. De islam en diens fundamentalisme 10




    1. De islam 10

  • Ontstaansgeschiedenis 10

  • Het geloof 10

  • Moslim zijn 11

  • De vijf zuilen 15

    1. Islamitisch fundamentalisme 15

  • Fundamentalisten 15

  • Heilige oorlog 17

1.3 Gevaarlijk? 17

  • Bedreigingen 18

  • Vrijheid van meningsuiting 18




  1. Krantenanalyses 21

  • Interpretatie van de gegevens 21


2.1 De kwantitatieve krantenanalyse 22

2.2 Een beschouwing 23

2.3 De inhoudelijke krantenanalyse 23

2.4 Een beschouwing 25

  • Inleiding 25

  • De beschouwing 26

  • Conclusie 27




  1. De kenners aan het woord 29

  • Inleiding 29


3.1 De Nederlandse Vereniging voor Journalisten 29

3.2 De Volkskrant 30

3.3 De moslimgemeenschap 32

    1. De beschouwing 32

  • Eigen schuld? 33




  1. Conclusie 35


4.1 Inhoudelijke conclusie 35

4.2 Persoonlijke conclusie 36

Begripsbepaling 39

Bronnenlijst 40

Bijlage I De analyses 43


  • Augustus 45

  • September 48

  • Oktober 51

  • November 54

  • December 57

  • Januari 61

Inleiding



De Twin Towers in New York; Pim Fortuyn; de oorlogen in Afghanistan en Irak; de oorlog tegen terrorisme; elf maart in Madrid; radicaliserende autochtone én allochtone jongeren; de moord op Theo van Gogh; de belegering van het Haagse Laakkwartier en vers in het geheugen: de aanslagen in Londen. Deze gebeurtenissen, die Nederland in een stroomversnelling van maatschappelijke veranderingen hebben gedwongen, delen één belangrijke eigenschap: direct of indirect zijn ze allemaal verbonden aan het islamitisch fundamentalisme.

De diepe wond die de aanslagen van elf september hebben achtergelaten in de verhoudingen tussen het Westen en de islamitische wereld, is verre van genezen. Nederland is op brute wijze ontwaakt uit een lang levend gehouden illusie van onkwetsbaarheid. De angstig verzwegen spanningen tussen de autochtone en allochtone gemeenschappen zijn inmiddels ontaard in een fel maatschappelijk debat over geloof, immigratie en integratie, aangewakkerd door (terroristisch) geweld in binnen- en buitenland en een steeds verder polariserende samenleving.

De rol van de journalistiek in het maatschappelijke debat, heeft lange tijd niet zo ter discussie gestaan. De toename van vaak op religie geïnspireerd geweld deed VVD-politica, Ayaan Hirsi Ali, de journalistiek waarschuwen voor “de dreiging van het islamitisch fundamentalisme voor de Nederlandse persvrijheid” en bovenal voor het gevaar van zelfcensuur1 dat volgens haar aan die dreiging kleeft. Ze deed dat in een rede die ze op uitnodiging van de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) hield op 3 mei, de nationale dag van de persvrijheid.

Een dergelijke opmerking valt misschien te verwachten van een fanantieke islamcritica als Hirsi Ali, maar helemaal uit de lucht gegrepen is het niet. Er zijn zelfs al enkele voorbeelden van opiniemakers die hun werk gestaakt hebben of beveiliging hebben ingeschakeld naar aanleiding van bedreigingen2 uit de moslimfundamentalistische hoek. Maar in hoeverre journalistiek Nederland zich hierdoor laat beïnvloeden is nog maar de vraag.

Hirsi Ali signaleerde alvast twee, volgens haar, belangrijke minpunten in de Nederlandse journalistiek. Ten eerste “een soort islammoeheid”, het vergeten en verdringen van ernstige islamgerelateerde incidenten en ontwikkelingen, en de angst bij journalisten moslims te kwetsen in hun geloof. Met andere woorden, te weinig aandacht voor en kritische benadering van de kwestie ‘islamitisch fundamentalisme’. Critici uit het andere kamp vinden juist dat er stigmatiserend3 wordt bericht en dat journalisten het debat verharden en de samenleving verdelen.

Deze reflectie is niet bedoeld om iemand de les te lezen of om te achterhalen wie gelijk heeft of wie ‘de schuldige’ is, maar om een zo volledig en helder mogelijk beeld te geven van de berichtgeving en journalistieke werkwijze omtrent het vraagstuk van islamitisch fundamentalisme en -terrorisme. Daarbij is de centrale vraag: vormt het islamitisch fundamentalisme een gevaar voor de persvrijheid in Nederland?

Aangezien de islam en het islamitisch fundamentalisme een centrale rol spelen in deze reflectie en omdat een belangrijk deel van het onderzoek tot stand is gekomen door inleving in de fundamentalistische denkwijze, zal in hoofdstuk 1 een korte inleiding worden gegeven in beiden.

In hoofdstuk 2 komt het veldonderzoek aan bod, bestaande uit een kwantitatieve en een inhoudelijke analyse van de berichtgeving over de islamgerelateerde onderwerpen in de Volkskrant en het NRC Handelsblad. Daarbij zal vergelijkend gekeken worden naar drie maanden voor en drie maanden na de moord op Theo van Gogh. Zo kunnen duidelijk eventuele veranderingen naar aanleiding van een op de islam geïnspireerde aanslag worden waargenomen. Hier zal uitgebreid worden ingegaan op de deelvragen. Wordt de problematiek van islamitisch fundamentalisme en radicalisering verdrongen? Hoe kritisch zijn journalisten in hun berichtgeving over deze onderwerpen? Hoe bang zijn ze om gelovigen te beledigen?

In het derde hoofdstuk zullen dezelfde vragen worden gesteld, maar dan aan twee ervaringsdeskundigen uit de journalistiek en een vooraanstaand vertegenwoordiger van de Nederlandse moslimgemeenschap. Komen de resultaten uit het onderzoek overeen met hun visie?

Het is niet mogelijk om aan het einde van elk hoofdstuk een duidend antwoord te geven op de daarin gestelde vragen. Om tot een dergelijk ja/nee-antwoord te komen is het nodig alle verkregen informatie naast elkaar te leggen. Dat zal gebeuren in hoofdstuk 4, de conclusie. Op basis van deze vergelijking worden de antwoorden op alle deelvragen gevormd en gereflecteerd op de vraag of het islamitisch fundamentalisme een gevaar vormt voor de persvrijheid in Nederland en of dit kan leiden tot zelfcensuur.


Onderzoeksmethodes


Vormt islamitisch fundamentalisme een gevaar voor de persvrijheid?
Is zelfcensuur bij Nederlandse journalisten toegenomen sinds (en/of door) 02-11-‘04?




Zoals de inleiding aangeeft, is het beantwoorden van de bovenstaande vragen een kwestie van het beantwoorden van een reeks deelvragen om vervolgens tot een duidende conclusie te komen. Elk hoofdstuk heeft zijn eigen vragen en dus zijn eigen onderzoeksmethode.
1 De islam en zijn fundamentalisme

  • Hoe zit de islam in elkaar?

  • Hoe zit het islamitisch fundamentalisme in elkaar?

  • Vormt het islamitisch fundamentalisme een gevaar voor de persvrijheid in Nederland?

Het overgrote deel van de informatie voor deze vragen, komt uit de literatuur. Een niet onbelangrijk deel is verkregen door bestudering van krantenartikelen en websites.
2 Krantenanalyses

  • Wordt de problematiek van islamitisch fundamentalisme en radicalisering verdrongen?

  • Hoe kritisch zijn journalisten in hun berichtgeving over deze onderwerpen, weinig of juist stigmatiserend?

  • Hoe bang zijn ze om gelovigen te beledigen?

Voor het beantwoorden van de eerste vraag is door middel van een kwantitatieve krantenanalyse onderzocht hoe vaak bepaalde termen in de artikelen tussen 01-08-2004 en 31-01-2005 zijn gebruikt. Hierbij is vervolgens een vergelijking gemaakt tussen drie maanden voor en drie maanden na de moord op Theo van Gogh.

Deze gebeurtenis is als ijkpunt gekozen, omdat het de eerste islamitisch geïnspireerde terroristische aanslag was op Nederlandse bodem. Het is een gebeurtenis geweest die de al bestaande discussie over de maatschappelijke problemen met de islam en zijn fundamentalisme nog eens extra aanwakkerde. Een vergelijking van de berichtgeving van voor en na deze dag zal waarschijnlijk goed duidelijk maken wat de gevolgen zijn van zo’n directe confrontatie met islamitisch fundamentalisme op de berichtgeving.

Om die reden is dezelfde scheiding gemaakt bij de inhoudelijke analyses aansluitend op het het kwantitatieve onderzoek. Voor dit uitgebreidere onderzoek zijn zestig artikelen inhoudelijk geanalyseerd waarbij, naast onderwerpkeuze (vraag 1), vooral is gelet op de mate van kritiek op en inhoudelijke behandeling van de islam en zijn fundamentalisme om zo aan gegevens te komen voor een antwoord op bovenstaande vragen.

Zowel bij het kwantitatieve als het inhoudelijke onderzoek is er gekozen voor een beperking tot de analyse van twee kranten: het NRC Handelsblad en de Volkskrant. Een onderzoek naar de berichtgeving in déze twee kranten geeft wellicht een ander beeld dan een onderzoek aan de hand van andere media, zoals internet en televisie of kranten als AD en de Telegraaf. Er is gekozen voor Volkskrant en NRC, omdat het twee van de meest toonaangevende landelijke kwaliteitskranten zijn. Met toonaangevend wordt hier vooral gedoeld op de invloed van opiniërenden stukken. Daar komt bij dat de Volkskrant “volgens de meest recente bereik- en oplagegegevens voor 2002-2003 van het Nationaal Onderzoek Multimedia en volgens de oplagegegevens van 2002-2002 van de marketingorganisatie van de Nederolandse dagbladen (Cebuco 2003; NOM 2003) het grootste en qua samenstelling van lezers onder de landelijke kwaliteitskranten het meest divers is.”4

Overigens is er bij het inhoudelijke onderzoek geen vergelijking gemaakt tussen de kranten, omdat dat bij het beantwoorden van de onderzoeksvragen irrelevant is. Wel is getracht om evenveel berichten van elke krant in het onderzoek op te nemen voor een zo evenwichtig mogelijk resultaat.
3 De kenners aan het woord


  • Vormt het islamitisch fundamentalisme een gevaar voor de persvrijheid in Nederland?

  • Wordt de problematiek van islamitisch fundamentalisme en radicalisering verdrongen?

  • Hoe kritisch zijn journalisten in hun berichtgeving over deze onderwerpen, weinig of juist stigmatiserend?

  • Hoe bang zijn ze om gelovigen te beledigen?

  • Stroken de uit het onderzoek afkomstige gegevens met de visie van de kenners?

  • Zijn bedreigingen uit de moslimfundamentalistische hoek toegenomen sinds 02-11-2004?

De onderzoeksmethode voor hoofdstuk 3 is het interview. De vragen die eerder door middel van literatuurstudie en de krantenanalyse werden onderzocht, zijn vervolgens voorgelegd aan twee deskundigen uit de journalistiek en een vertegenwoordiger van de Turks-islamitische gemeenschap, te weten: Hans Verploeg, algemeen secretaris van de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ); Arie Elshout, adjucnt-hoofdredacteur van de Volkskrant en Haci Karacaer, directeur van de Nederlandse vestiging van de Turks-islamitische organisatie Milli Görüs.


: media -> files
files -> Stepping Stones 1 vmbo kgt Stonesvertalingen Vierde editie Noordhoff Uitgevers, Groningen auteurs eindredactie
files -> Stepping Stones 2 vmbo b/lwoo Stonesvertalingen Vierde editie Noordhoff Uitgevers, Groningen auteurs eindredactie
files -> Stepping Stones 4 vmbo k Stonesvertalingen Vierde editie Noordhoff Uitgevers, Groningen Auteurs Eindredactie
files -> AI0121, Gerechtshof 's-Gravenhage, bk-02/01565
files -> Persbericht cirk! 2014 Editie om van te snoepen Op vrijdag 22, zaterdag 23 en zondag 24 augustus palmen de artiesten van Cirk! opnieuw de binnenstad in. Tijdens deze zesde editie feest Rechteroever voor het eerst mee
files -> Collectieve Arbeidsovereenkomst sca hygiene products hoogezand b. V
files -> Hoe meer kleur hoe beter, maar het moet wel passen
files -> Mba in één dag Het boek Het nieuwe boek van Ben Tiggelaar
files -> Stepping Stones 2 vmbo kgt Stonesvertalingen Vierde editie Noordhoff Uitgevers, Groningen auteurs eindredactie
files -> Stepping Stones 2 vmbo bk Stonesvertalingen Vierde editie Noordhoff Uitgevers, Groningen auteurs eindredactie


  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   12


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina