Samenvatting inhoud Implementatiewet eg-kaderrichtlijn water



Dovnload 11.24 Kb.
Datum20.08.2016
Grootte11.24 Kb.
Samenvatting inhoud Implementatiewet EG-kaderrichtlijn water

De Implementatiewet EG-kaderrichtlijn water is totstandgekomen op 7 april 2005 en is geplaatst in Staatsblad 2005, nr. 303, dat is uitgegeven op 21 juni 2005. De wet heeft de vorm van een wijzigingswet, met drie artikelen. De inhoud wordt hierna kort samengevat. De wet treedt in werking met ingang van 22 juni 2005, met dien verstande dat de wijzigingen in het planstelsel van de Wwh eerst in werking treden m.i.v. 22 december 2006.


ARTIKEL I. Wijziging van de Wet op de waterhuishouding (Wwh):

a. Nieuw artikel 2a Wwh bevat de indeling van het NL grondgebied in vier (Nederlandse delen van) internationale stroomgebieddistricten Eems, Rijn, Maas en Schelde; de onderlinge grenzen worden vastgesteld bij algemene maatregel van bestuur (amvb)1.

b. Nieuw artikel 2b Wwh bevat de verplichting voor provincies, waterschappen en gemeenten om analyses en beoordelingen ex art. 5 KRW te verrichten en resultaten daarvan te verstrekken aan Minister van V&W2. Afstemmingsoverleg van de betrokken overheidsinstanties hierover vindt plaats per stroomgebieddistrict. Nadere regeling van dit onderwerp is mogelijk via een amvb, daarbij kan het ook gaan om andere gegevens die de minister op grond van de KRW aan Brussel moet verstrekken. Er is echter nog geen amvb voorbereid of in voorbereiding.

c. Wijziging van het hoofdstuk plannen (gewijzigde dan wel nieuwe artikelen 4 t/m 11 van de Wwh):
* de vier stroomgebiedbeheersplannen komen vanaf eind 2009 (formeel) in de Nota waterhuishouding;
* de verplichting om de div. maatregelen als bedoeld in artikel 11 KRW (voor het bereiken van de KRW-milieudoelstellingen voor oppervlaktewater en grondwater) m.i.v. eind 2009 te programmeren wordt verdeeld over alle in de Wwh geregelde plannen (nota waterhuishouding, beheersplan rijkswateren, provinciale plannen voor de waterhuishouding, beheersplannen van waterschappen), waarbij elk plan de maatregelen zal inhouden die passend zijn voor dat plan;
* de aanwijzingen van natuurlijke, kunstmatige en sterk veranderde oppervlaktewaterlichamen worden ook verdeeld over de wettelijke plannen3;
* verplichting tot zesjaarlijkse herziening van de plannen;
* regeling van voorbereiding van de plannen in onderling overleg van de betrokken overheden, onder coördinatie, nationaal en per stroomgebieddistrict, van de Minister van V&W, en

* regeling van inspraak van het publiek, ter voldoening aan art. 14 KRW en het zgn. Verdrag van Aarhus.


d. Overgangsbepalingen in nieuw art. 67 Wwh:
* mogelijkheid tot verlenging tot 22-12-2009 van de geldigheidsduur van plannen-“oude stijl”, indien die zonder nadere voorziening zou eindigen op een tijdstip liggende tussen eind 2006 en 22-12-2009;
* de aanwijzing van oppervlaktewateren of grondwatervoorkomens met de functie (onttrekking van water voor de bereiding van) drinkwater in de respectievelijke wettelijke plannen die betrekking hebben op die wateren moet (ter voldoening aan de artikelen 6 en 7 van de KRW) plaatsvinden vóór eind 20044.

ARTIKEL II. Wijziging Wet milieubeheer (Wm)
a. aanpassing van hoofdstuk 5 Wm, betreffende milieukwaliteitseisen:
* regeling dat de milieudoelstellingen van art. 4 KRW worden omgezet in milieukwaliteitseisen voor waterlichamen, via een amvb en provinciale verordeningen - die moeten ter voldoening aan art. 4 KRW eind 2009 van kracht worden;

* verwerking van de mogelijkheden voor termijnverlenging en minder strenge doelstellingen e.d. waarin art. 4 van de KRW - onder bepaalde voorwaarden - voorziet;


* regeling dat er in elk geval geen achteruitgang mag optreden in de toestand van waterlichamen waarvoor milieukwaliteitseisen van kracht zijn;
* een basis om de monitoring in concreto te regelen bij amvb;

b. verplichtingen van de verschillende overheden m.b.t. het register beschermde gebieden, nadere regeling bij amvb is mogelijk (art. 12.11 Wm).



ARTIKEL III. Inwerkingtreding Implementatiewet KRW

* Het gewijzigde planregime treedt in werking m.i.v. 22-12-2006; eind 2009 moeten er dus plannen “nieuwe stijl” zijn, waarbij de formele voorbereidingsprocedure op grond van van art. 14 KRW start op 22-12-2006;

* De overige bepalingen van de implementatiewet treden in werking m.i.v. de dag na die van plaatsing van de implementatiewet in het Staatsblad.



Meer informatie: Jan Spier, V&W, Hoofddirectie Juridische Zaken, Ministerie van Verkeer en Waterstaat, 070-3518362.

1 De hier bedoelde amvb is het Besluit vaststelling grenzen stroomgebieddistricten, hierin wordt de loop van die grenzen aangegeven op kaarten. Het besluit is geplaatst in Stb. 2005, nr. 304, en treedt op 22 juni 2005 in werking, tegelijk met de wetsbepaling waarop het berust, te weten artikel 2a, tweede lid, van de Wwh.

2 Voorshands heeft de Staatssecretaris van V&W zoals bekend het waterbeheer in haar takenpakket, maar wetteksten delen dergelijke bevoegdheden altijd formeel toe aan ministers.

3 Als gevolg van de aanneming van een amendement bij de Tweede Kamerbehandeling zijn enkele foutjes geslopen in de passages van de wettekst voor deze aanwijzingen. O.a. zouden die aanwijzingen nu voor regionale waterlichamen onder andere moeten plaatsvinden in het Beheersplan voor de rijkswateren, dat naar zijn aard echter juist geen betrekking heeft op regionale waterlichamen. Het is de bedoeling dat deze foutjes in de Wwh zullen worden hersteld door de nodige correcties op te nemen in een wetsvoorstel inzake gemeentelijke watertaken, dat toch al op andere punten wijzigingen van de Wwh zou bevatten. Dat wetsvoorstel wordt naar verwachting in de loop van 2005 ingediend bij de Tweede Kamer. Langs deze weg is het mogelijk de bedoelde correcties nog tijdig voor 22 dec. 2009) van kracht te laten worden.

4 Deze functies zijn overigens meestal reeds in de bestaande plannen toegekend aan de desbetreffende oppervlaktewateren of grondwatervoorkomens.







De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina