Sébastien Baudart 2e licentie geschiedenis Eindverhandeling Stripverhalen in de Belgische dagbladpers



Dovnload 3.95 Mb.
Pagina103/158
Datum22.07.2016
Grootte3.95 Mb.
1   ...   99   100   101   102   103   104   105   106   ...   158

19.4.4. Bazielken redt de frank1


In dit verhaal gaat Bazielken samen met detective O'Bros op zoek naar een schat. Een Baron heeft hen namelijk de opdracht te geven een verloren schat op te sporen. Er zijn echter kapers op de kust : een zekere "Professor Knak" koestert blijkbaar dezelfde plannen.

In het Gentse Gravensteen vinden Bazielken en O'Bros uiteindelijk de schatkamer. Maar naast de schat blijkt daar ook een ander document van belang te liggen : een "plan van de geheime toegang tot de Nationale Bank te Brussel".

Bazielken reageert onmiddellijk : "Dat is een staatszaak ! We moeten dadelijk de politie waarschuwen ! Kom !"2 Maar hij en O'Bros haasten zich zo erg om de politie te waarschuwen dat ze de plannen laten liggen. Knak gaat er natuurlijk wel mee vandoor. Het onderwerp van het verhaal wordt dan verrassend ernstig. Vanaf dat hij het verlies van de plannen merkt, roept Bazielken uit dat hij naar de minister van Financiën moet want "de frank is in gevaar !"3

Bazielken doet ondertussen het verhaal tegen de Gentse (en sigaarrokende) rijkswachtcommandant, aan wie hij wijze raad geeft : "Als gij graag nog een decoratie zoudt bijverdienen is 't de moment om naar Brussel te telefoneren."4 Wat de man dan ook doet : "Allo ! De minis' van Financies ? Excellence. 't Is de franc in gruut danger want 't is de goudreserve van de banque nationale van de nacht zijn voet gaan wassen … als gij niet subiet de banque doet bezet en omsingelen !"5

De minister van Financiën, die blijkbaar uit zijn bed gebeld wordt, verschijnt in slaapkleed en slaapmuts én met een brilletje op zijn neus.6 En ook nog niet goed wakker blijkbaar : "Sappristie ! Maar dat is eh eh – de … ik zal zeggen euh … tragisch ! Wat ik zeggen zou, euh, dadelijk … beslissingen nemen ! Laat ons zeggen, euh, dat ik zou zeggen … waar was ik gebleven ? Ha, ja ! Zal dadelijk kabinetshoofd opbellen ! Hij moet er maar zijn plan mee trekken …"7

De "gendarmerie" wordt "gemobiliseerd" om de Nationale Bank te omsingelen, maar ondertussen vindt Knak de geheime ingang, die aan de voeten van Manneke Pis ligt. Via een onderaardse gang bereikt hij de goudreserve van de Nationale Bank en haast zich om de kluisdeuren langs binnen vast te branden.

De rijkswacht en snelheid blijken niet echt bij elkaar te horen, want als de Gentse commandant samen met Bazielken en O'Bros Brussel bereikt, krijgt hij van zijn Brusselse collega te horen dat hij hen zo vroeg niet verwacht had. Vooral omdat ze nog niet in actie mogen schieten : "Geduld ! Wij wachten op de bevelen van een commissie die ze nog moeten samenstellen !"8

De gendarmerie doet blijkbaar wat ze kan en één van haar goedgedecoreerde leden belt naar de minister : "Hallo, de minister ? Ja ? Excellentie wij kunnen in de kluis niet binnen ! Gesaboteerd ! Nee, we weten niet waar de ingang van de geheime gang is ! Ik, ik vrees ook dat onze frank achter 't pond zal gaan … In orde excellentie ! Het publiek mag er niks van weten ! Ja ! Paniek ! Ja, ik heb verleden maand wat dollars gekocht ! 't Is maar een weet."9

En ondertussen worden ook de bedoelingen van Knak duidelijk. Hij is van plan met één van zijn uitvindingen, de azijnstraal, de goudvoorraad te laten "verschrompelen tot waardeloze korreltjes"10 en dus de frank waardeloos te laten worden. Maar dat wordt gelukkig vermeden : door toedoen van Bazielken en O'Bros, die het optreden van de rijkswacht niet langer wilden afwachten, stort de geheime gang in en wordt de azijnstraal vernietigd.

Een rijkswachter die de instorting gehoord heeft, brengt verslag uit bij zijn commandant : "Mijn commandant we hoorden een ontploffing in de kluis ! Ik vrees dat we zullen te laat zijn … zoals gewoonlijk !"11 Nu er geen gevaar meer is, ziet de commandant geen enkele reden meer om langer te wachten. De rijkswacht trekt de geheime gang in, maar de commandant vraagt toch aan Bazielken om voorop te lopen en te verwittigen "als ze schieten".

Knak wordt gevangen genomen, en blijkt eigenlijk de Mongoolse geleerde Ling-Lang-Hong te zijn. Hij blijkt ook nog een geheim agent van de Dalai Lama te zijn, "hoofd van een Boedhistische sekte, van wie hij de opdracht kreeg met zijn azijnstraal de goudreserves van de Westerse Banken te vernietigen waarna ze een gemakkelijke prooi van het oosten zouden worden !"12

Dankzij Bazielken is de goudvoorraad van de Nationale Bank dus gered. En "s'anderendaags vernemen de edele Belgen hoe hun frank van de ondergang gered werd en achten zich zeer gelukkig dat het bij die devaluatie van 12,34 % bleef."13


Op 21 september, twee weken vroeger, besliste de regering namelijk tot deze devaluatie over te gaan. Het feit wordt dus zeer snel in het verhaal opgenomen. De auteurs blijken wel het standpunt van de regering te verdedigen, door het allemaal een beetje te relativeren.

De twee belangrijkste thema's van het verhaal zijn de buitenlandse dreiging en het geklungel van de politiek en de ordediensten. Hier blijkt het gevaar niet uit Russische richting te komen, maar uit het Verre Oosten. Het Gele Gevaar duikt dus weer op. Onze gele medemensen willen het Westen veroveren en vinden daarvoor niets beters dan de goudvoorraden van de Westerse landen te vernietigen. Economisch terrorisme dus …

En voor de reacties op het gevaar dat de frank bedreigt, kan geen ander woord gebruikt worden dan geklungel. Allereerst al de Minister van Financiën : met zijn slaapmuts ziet hij er niet al te snugger uit, maar uit zijn telefoongesprek blijkt ook nog dat hij werkelijk zo is. Hij neemt zelf ook geen verantwoordelijkheid, hij schuift de hete kolen liever door naar zijn kabinetschef. En de rijkswacht is al niet veel beter : ze werkt niet alleen zeer traag, ze is ook nog altijd te laat (en de rijkswachters beseffen dat heel goed). Ook lijken de ordediensten totaal hulpeloos als er geen orders van bovenuit gegeven worden, en wordt er zeker niet opgetreden als er het minste gevaar is. Afwachten wat er komt lijkt de boodschap te zijn … En spoken blijken rijkswachters grote schrik in te boezemen. Of de auteurs hiermee gewoon een grappig effect beoogden, of dat ze echt wilden verwijzen naar bestaande toestanden, is moeilijk uit te maken. Maar het beeld van de rijkswacht dat uit dit verhaal voorkomt, is niet zo positief.



1   ...   99   100   101   102   103   104   105   106   ...   158


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina