Sébastien Baudart 2e licentie geschiedenis Eindverhandeling Stripverhalen in de Belgische dagbladpers



Dovnload 3.95 Mb.
Pagina154/158
Datum22.07.2016
Grootte3.95 Mb.
1   ...   150   151   152   153   154   155   156   157   158

2 Van Lint (Ivan). Op. Cit., p. 104-107

3 Campé (René), Dumon (Marthe) & Jespers (Jean-Jacques). Op. Cit., p. 300


4 Hij bekleedde die post vanaf 1945. (Delforge (Paul). Jean Terfve. In : Delforge (Paul) e.a. (dir.). Encyclopédie du Mouvement Wallon, Tome III. Mont-sur-Marchienne, Institut Jules Destrée, 2001, p. 1516-1517)

5 Annuaire officel de la presse …. Op. Cit., p. 571


6 Gerlo (Aloïs). Noch hoveling noch gunsteling, een levensverhaal. Kapellen, DNB/Pelckmans, 1989, p. 89. Coenen bekleedde voor de oorlog al belangrijke functies in de Communistische Partij en kwam in 1943 op de post van hoofdredacteur van Le Drapeau Rouge. (Delzenne (Yves-William) & Houyoux (Jean). Le nouveau dictionnaire des Belges. Bruxelles, Le Cri, 1998, 802 p.)

7 Organe Central Quotidien du Parti Communiste de Belgique", "Organe Central du Parti Communiste Belge", "Organe Central Quotidien du Parti Communiste de Belgique"

1 De nummering van de stroken gebeurt eerst per twee, en pas even nadat de publicatie teruggebracht is tot één strook per week, krijgt elke strook een apart nummer. Daar komt nog bij dat eind februari 1946 een "46" naast de handtekening te vinden is, wat erop wijst dat die stroken niet lang daarvoor getekend zijn. Ook het onbekende pseudoniem en de afwezigheid van een copyright wijzen op een originele creatie.


2 Depessemier (Daniel). Maurice Tillieux de 1921 à 1952. In : M. Tillieux inédit en album. Bruxelles, Editions de l'élan, 2002, p. 4-13 ; Verheylewegen (Jean-Pierre). Hommage à M. Tillieux. Bruxelles, CBEBD, 2001, 84 p. 71-72 ; Jour (Jean). M. Tillieux, monographie de la bande dessinée. Editions de Perron, 1984, p. 7-8 ; Dossier Tillieux. In : Les Dossiers de la Bande Dessinée, n° 10, mars 2001, p. 5-11

3 Crépin (Thierry). "Haro sur le gangster !" La moralisation de la presse enfantine 1934-1954. Paris, CNRS Editions, 2001, p. 397-400. Pierre Assouline noemt hem een "communiste marqué et affiché" (Assouline (Pierre). Op. Cit., p. 380)


4 Toen striptekenaar Jijé na de oorlog gedurende twee maanden in de gevangenis belandde, zorgde Doisy voor zijn vrijlating door de handtekening te verkrijgen van de Minister van Informatie, de communist Fernand Demany. (Martens (Thierry)2. 1945-1947. In : Jijé. Tout Jijé, 1945-1947. Marcinelle, Dupuis, 2000, p. 10)

5 Philippe Mouvet, die momenteel een monografie over Tillieux voorbereidt, houdt zowel praktische redenen (teveel werk door zijn samenwerking met allerlei publicaties) als ideologische redenen (eigen keuze of druk van een andere werkgever) voor mogelijk.


6 Zoals we verder nog zullen zien, publiceerden Louis Paul Boon en Maurice Roggeman in De Roode Vaan verhalen met uitgesproken communistische standpunten. Uit de relatie tussen Boon en De Roode Vaan blijkt ook dat de partijleiding een sterke controle uitoefende op de inhoud van de krant.

7 Wat de keuze van het pseudoniem Saint Thiers betreft, liggen verschillende mogelijkheden open. Zo bestaat er in het Zuid-Oost-Franse stadje Saou een abdij van Saint Thiers. Het is niet denkbeeldig dat Tillieux daar geweest is. In zijn kindertijd heeft hij en tijdje in Aix-en-Provence gewoond en rond zijn zestiende maakte hij met enkele vrienden een fietstocht door Frankrijk, waarbij de Alpen doorkruist werden, en plaatsen in de ruime omgeving van Saou aangedaan werden. (Dossier Tillieux. Op. Cit., p. 5) Andere mogelijkheden zijn inspelingen op de stad Thiers en de Franse politicus van dezelfde naam …

1 Roger Bussemey, Franse stripauteur, geboren in 1920. Vanaf 1943 werkte hij in een tekenfilmstudio en vanaf 1946 publiceerde hij zijn eerste strips in de Franse pers (l'Aurore, le Parisien Libéré, l'Humanité). Hij werkte ook mee aan een hele reeks andere publicaties, waaronder "OK", "Lisette" en "Pierrot". (Gaumer (Patrick)1. Op. Cit., p. 128)

2 Roger Masmonteil, Franse stripauteur, geboren in 1924. Mas werkte als bankbediende en brandweerman, en begon na de bevrijding tekeningen te publiceren in het tijdschrift van de brandweer. In 1948 werd hij terug bankbediende, maar hij droomde ervan om professioneel tekenaar te worden. Dat lukte toen hij in contact kwam met de communistische "Editions Vaillant", die hem onder andere "Bec d'Or" van José Cabrero Arnal lieten overnemen. Eén van zijn andere toenmalige personages is Barbichette. (Gaumer (Patrick)1. Op. Cit., p. 524-525 ; Roger Mas. Op : http://www.lambiek.net/mas_r.htm - 27/3/2003)

3 Vanaf oktober 1947, en tot in 1949, worden verschillende verhalen gepubliceerd. Soms neigt de vormgeving naar een stripverhaal, soms totaal niet. De verhalen zijn niet opgenomen in de inventaris, maar het geval is interessant genoeg om hier te vermelden.

1 Normaal gezien zouden er acht afleveringen moeten zijn. De tweede, over de Spaanse burgeroorlog, werd echter niet in Le Drapeau Rouge gepubliceerd.

2 Colonel Fabien. Op : www.salan.asso.fr/fabien.htm (3/4/2003)


3 Filippini (Henri)3. Dictionnaire encyclopédique des héros et auteurs de BD, Vol. III. Grenoble, Glénat, 2000, p. 790


1   ...   150   151   152   153   154   155   156   157   158


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina