Sébastien Baudart 2e licentie geschiedenis Eindverhandeling Stripverhalen in de Belgische dagbladpers



Dovnload 3.95 Mb.
Pagina28/158
Datum22.07.2016
Grootte3.95 Mb.
1   ...   24   25   26   27   28   29   30   31   ...   158

3.2.2. De Marsianen vallen aan


Le Matin publiceert niet alleen gagstroken, ook vervolgverhalen komen – zij het in mindere mate – aan bod. Zoals de ondertitel "Un grand roman d'anticipation" al laat vermoeden is "Fred Sander" een futuristisch verhaal, waarbij de aardbewoners het opnemen tegen de Marsbewoners. Dit verhaal van de Zweedse auteur Lennart Ek, wordt verdeeld door het Stockholmse agentschap Alga1 en staat in Le Matin van december 1947 tot december 1948. Ek brengt zijn verhaal in een realistische stijl, die in de loop van het verhaal altijd maar slordiger wordt. Met de teksten gaat hij op een speciale manier om : soms duikt er een tekstballon op, maar meestal worden de dialogen en beschrijvende teksten gewoon los in de tekeningen geplaatst.

Het verhaal nu … De aarde bevindt zich in het jaar 2000 en Dokter Tide vangt signalen van Mars op. Even later heeft de invasie plaats : de Marsianen landen in Noord-Afrika. De aardbewoners komen snel samen in Wenen voor een militaire conferentie, en het hoofdkwartier van de geallieerde aardbewoners wordt ingesteld in Stockholm. Het verdere verhaal draait vooral rond Fred Sander en Borg, twee medewerkers van dr. Tide die zich engageren in het leger.

De Marsbewoners beschikken over een krachtige straal als wapen en over een groot aantal troepen die aangevoerd worden door Dinaro, de zoon van hun Keizer. Een harde strijd tussen de Marsianen en de "Verenigde legers" van de aardbewoners komt tot ontwikkeling, tot Dinaro een wapenstilstand voorstelt. Zijn vader, de Keizer, is net overleden en hij wilt verder bloedvergieten vermijden. Hij engageert zich al de schade terug te betalen en de aarde te verlaten. En hij stelt ook nog de Marsiaanse ruimtetechnologie ter beschikking van de aardbewoners. De vijanden worden ineens vrienden die gaan samenwerken.

In het tweede deel van het verhaal reizen Sander, Borg, Tide en zijn dochter Ylwa mee naar Mars. Daar worden ze geconfronteerd met generaal Sarto, die de vrede met de aardbewoners niet pikt en een staatsgreep pleegt. Waarna Dinaro en de aardbewoners proberen bondgenoten te vinden in naburige gebieden en planeten, om het bewind van Sarto omver te werpen. Na een lange strijd slagen ze daarin : Sarto verdrinkt tijdens een achtervolging. "Nos amis" de aardbewoners worden ontvangen het op Keizerlijk paleis en keren terug naar de aarde.

Lennart Ek zet hier een science-fictionverhaal neer, waar het niet op een ongeloofwaardigheid meer of minder aankomt. Allerlei planeten worden bewoond door gewone mensen, om nog maar te zwijgen van de dinosaurussen. Ook de Marsianen worden voorgesteld als gewone mensen, het enige verschil is dat er gekleed lopen als Romeinen. Ook maakt hij gebruik van futuristische architectuur en moderne technologie (zoals vliegtuigen op atoomaandrijving, vliegtuigen voor interplanetaire vluchten, een hypnotische straal). Het verhaal is ook opgebouwd volgens een echt feuilletonkarakter, getuige de onheilsberichten en "spannende vragen" in het laatste vakje van een strook. "L'inventeur ignore encore le malheur qui l'attend", "Mais la chance ne dure pas", "Retrouvera-t-on Ylma ?"2, zijn daar enkele voorbeelden van.

Men kan in het verhaal de boodschap lezen dat het beter is samen te werken dan oorlog te voeren. Als de aardbewoners aangevallen worden door de Marsianen, bewijzen ze met hun "Verenigde legers" dat samenwerken heel goed mogelijk is. En ook Dinaro ziet het nut van samenwerken in : hij vindt het veel nuttiger met de aardbewoners samen te werken en de ontwikkelde technologie te delen, dan verder oorlog te voeren.



3.2.3. Radio Patrol : de politie, uw vriend


Eind juni 1948 gaat een tweede vervolgverhaal van start, die iets meer dan twee jaar zou duren : Radio Patrol1. Deze Amerikaanse reeks van Charlie Schmidt heeft als centrale figuren de jongen Pinky en zijn voogd, de politieman Pat. Daarnaast spelen ook Pat's "verloofde" Molly, zijn dikke medewerker, de hond Irish en het buurmeisje Frisette belangrijke rollen.

Zoals men van een politiereeks kan verwachten, worden de personages geconfronteerd met allerlei misdrijven en misdadigers. Ze worden zelfs geregeld door boeven bedreigd, ontvoerd en opgesloten. Gelukkig werkt de politie hier op een iets efficiëntere manier dan bij Marten Toonder. Alle zaken worden vroeg of laat opgelost, de politie overwint altijd, zoals ook een opgepakte moordenaar mag horen : "Votre erreur a été de vous croire plus malin que la police."2

Maar tegelijkertijd probeert de auteur ook een heel menselijk beeld van de politie naar voor te brengen. De politie is er om de misdaad te bestrijden, niet om gewone mensen lastig te vallen, én ze zijn redelijk : "Les policiers font leur métier ce qui ne les empêche pas d'avoir du coeur."3

Weer komt technologie in een politieke context aan bod. Een misdadiger die alles kwijt is, beklaagt zichzelf : "Il y a peu de temps, j'avais le monde entier à mes pieds … la formule atomique … les bijoux … j'étais riche … maintenant je suis fichu … balafré. Je ne puis trouver la formule atomique."4 Ook zo op het einde van "Le plastique début". In dit verhaal draait alles rond de uitvinding van een soort plastiek dat aan alles weerstaat. Een bende onder leiding van een zekere Aulgold probeert de uitvinding te gebruiken om bankovervallen te plegen. Maar Pat en zijn medewerker dringen in hun schuilplaats binnen en ontdekken er een geleerde, Dr. Mota.

Deze Dr. Mota ontvoert Molly en vlucht ermee naar een grot in de bergen. Hij vertelt dat dit de schuilplaats was waar tijdens de oorlog aan uitvindingen gewerkt werd. Een ongelukkig gasexperiment maakte van hem de enige overlevende : "Je tenais entre mes mains cette formidable puissance et j'étais maître du monde si je voulais."5 Hij ging dan samenwerken met Aulgold en zijn criminele organisatie.

Terwijl hij Molly een rondleiding geeft in de grotten vol met plastieken meubels, plastieken kogelvrije platen, enz., vertelt hij verder. En hij voegt eraan toe : "Et je suis le seul au monde à posséder ce secret." Molly kan het niet langer aanhoren en gaat de patriottische toer op : "Mais ce secret ne vous appartient pas ! Il est la propriété de l'état … du pays … de nous tous. C'est un devoir pour vous de livrer ces secrets."6 Even later wordt Molly bevrijd en Mota opgepakt : hij komt tot inkeer en zal zacht behandeld worden als hij zijn formules afstaat aan de staat.





1   ...   24   25   26   27   28   29   30   31   ...   158


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina