Sébastien Baudart 2e licentie geschiedenis Eindverhandeling Stripverhalen in de Belgische dagbladpers



Dovnload 3.95 Mb.
Pagina54/158
Datum22.07.2016
Grootte3.95 Mb.
1   ...   50   51   52   53   54   55   56   57   ...   158

9.3. Politieke verhalen …


In dit deel zullen enkele Suske en Wiske-verhalen uitgebreid besproken worden, die opgebouwd zijn rond een politiek thema. "De Koning Drinkt", "Lambiorix" en "De Stalen Bloempot" rond de Koningskwestie, "De Bokkerijder" rond de repressie en "De Mottenvanger" rond het thema oorlog.

De overige verhalen1 (en elementen uit de net vernoemde) komen samen aan bod in een volgend deel, waarin politiek getinte elementen per thema zullen gegroepeerd worden.



9.3.1. De Koning Drinkt1


In dit verhaal belanden Suske en Wiske via een oude spiegel 600 jaar terug in de tijd, meer precies in het jaar 1347. Als moderne mensen kunnen ze het gebeurde heel moeilijk geloven, "maar tegenwoordig maken ze ons toch van alles wijs, … dus …"2

Suske en Wiske komen daar het Middeleeuwse evenbeeld van hun Tante tegen, die Sidonia heet. Zij is één van de lijfeigenen van Koning Poefke en maakt allerlei brouwsels om zieken te genezen. Sidonia vertelt wat er in het land aan de hand is : "Tot voor enkele tijd ging alles hier goed want koning Poefke is een brave man die nooit oorlog voert voor zijn plezier !"3 Maar nu is Poefke ziek, en niemand kan vinden wat er scheelt.

Daarop trekken Suske en Wiske naar het kasteel, waar ze vaststellen dat Poefke last heeft van een droge lever. De remedie is simpel : bier drinken. En aangezien dat er niet is, besluiten de twee er zelf te brouwen. Met als resultaat dat de koning na het drinken ervan beter wordt. Hij kan zelfs niet meer stoppen, en doopt zijn volk om tot "Kannekijkers".

Tijd voor een beetje aardrijkskunde : "In het woud nabij de stad zit een draak met 2 koppen die bijna gans het jaar slaapt en soms eens wakker wordt om zijn honger te stillen."4 Dan eet hij alles op wat hij tegenkomt. Maar veel belangrijker is dat achter het gebied van de draak een ander land ligt : het land van Koning Cactus. Poefke heeft echter geen al te hoge dunk van zijn buur en collega : "In verre land, voor ons niet te bereiken, want we zouden dra bezwijken, ligt trots het fiere slot van koning Cactus, d'halve zot !. Zonder dat zij 't wensen, judast hij zijn mensen. Met belastingen en boeten, speelt hij dapper met hun voeten !" En Wiske moet er weer iets aan toevoegen : "Allee allee Poefke ! Ik dacht dat alleen bij ons de …"5

Maar Poefke heeft een idee. Hij wil bier sturen naar zijn collega Cactus, om hem wat te laten bijdraaien. Suske, Wiske en Sidonia gaan met een lading bier op weg, en schakelen onderweg de gevaarlijke draak uit. En al snel blijkt dat het regime van Cactus zeer "democratisch" is. Op een plakkaatje staat te lezen : "Rijk van koning Cactus. Zwoegen ! Zweten ! Zwijgen !!!"6

Cactus is opgetogen over het bier, maar denkt er niet aan de voorraad te kopen. Hij wilt het geheim kennen : "Wat !?!.. Kopen !?!.. En mijn deviezen laten gaan !?! Gij gaat hier niet buiten of ge moet mij de bierformule bekend maken !"7 Het bier moest vrede brengen, maar brengt alleen maar ruzie. "De wrede Cactus" zet de bezoekers gevangen : "Werpt ze allen in de diepste kerker en haar de wreedste beul ! Wacht !.. Beter nog !!! Haal een sergeant van 't leger !!!"8

Maar het drietal kan vluchten en laat een boodschap achter voor het volk van Cactus : "Volk van Cactus ! De draak is dood ! De weg naar 't land der Kannekijkers is vrij ! Komt tot ons, gij allen die dorstig zijt en zorgen hebt ! Bier ! Dans ! Zang ! De Kannekijkers."9 Waarna ze in triomf door Poefke ontvangen worden, Poefke die zijn buurvolk trouwens herdoopt tot "de Droge Levers".

Cactus is ondertussen niet meer te houden : "Ik moet en zal bier hebben ! Anders zal het volk naar de Kannekijkers overlopen ! Zij zullen niet meer sparen en onze deviezen 't land uitsmokkelen ! Desnoods ontketen ik de burgeroorlog !" Zijn mannen zijn alleszins bereid om te vechten, maar Cactus wil "eerst een ander middel beproeven". "Tenslotte is iedere man die op 't slagveld valt een belastingsbetaler minder."10

En ondertussen komen er regelmatig droge levers tijdens de nacht naar het land van de Kannekijkers om de bloemetjes buiten te zetten, "en er wordt hartelijk verbroederd".11

Maar op een dag staat Cactus met zijn leger voor het kasteel van Poefke. "Inderdaad, Cactus heeft besloten de bieroorlog te ontketenen. Na de vredelievende drooglevers in kampen te hebben opgesloten, komt hij met een leger van leeglopers het kasteel van Poefke belegeren. De Kannekijkers hebben zich allen in de burcht teruggetrokken en de belegering begint."12

En na een lange belegering met wisselende kansen, slagen Suske, Wiske en Sidonia erin Cactus te verslaan en gevangen te nemen. En alles komt goed : bij een finaal tweegevecht sukkelen Poefke en Cactus in het bier, waarna ze verbroederen. "Alzo kwam de vrede tot stand. De Droge Levers specialiseerden zich in het maken van tonnen die in ruil voor bier aan de Kannekijkers geleverd werden." Het bier wordt naar de vier windstreken uitgevoerd : "Deviezen stroomden binnen en daar Amerika nog niet ontdekt was, werden zij niet gebruikt om kauwgom in te voeren."13

En daarmee is het verhaal ten einde. Koning Poefke trouwt met Sidonia en Suske en Wiske vliegen door de spiegel terug naar 1947, bij hun eigen Tante Sidonie.


Dit eerste Suske en Wiske-verhaal dat in De Standaard verschijnt, is zeer rijk aan allerlei verwijzingen. Twee landen met vijandige koningen liggen naast elkaar. Het volk van Poefke is vrolijk en geniet van het leven, terwijl het volk van Cactus moet "zwoegen, zweten en zwijgen". Daar komt nog bij dat Cactus zijn volk "judast" door hen belastingen en boeten te laten betalen, en zo "met de voeten van de inwoners speelt". Dat Vandersteen iets heeft tegen belastingen, zal verder nog duidelijk blijken. Wiske legt de band naar de echte wereld door te zeggen dat ze dacht dat dat alleen bij ons voorkwam.

De enige reden waarom Cactus twijfelt het land van Poefke aan te vallen, is trouwens dat hij vreest dat er belastingsbetalers zouden sneuvelen. Als hij dan toch aanvalt, sluit hij eerst zijn vredelievende onderdanen op in kampen. Waarmee nog eens het repressieve van zijn regime benadrukt wordt, en een link gelegd wordt naar de Tweede Wereldoorlog.

De situatie waarbij de Droge Levers uitgenodigd worden om naar het land der Kannekijkers te komen, kan ook gezien worden als een uitnodiging aan inwoners van onvrije (Oost-Europese ?) landen om zich naar de vrije wereld te begeven.

Koning Cactus blijkt ook erg gesteld te zijn op zijn deviezen. Hij doet er alles aan om ze maar niet te moeten uitgeven. Buitenlandse deviezen waren in de zich heropbouwende Europese landen inderdaad zeer belangrijk om goederen te kunnen importeren. Daarom is het ook zo positief dat op het einde deviezen binnenkomen door de uitvoer van bier. En Vandersteen profiteert ervan om de Amerikaanse kauwgom nog eens te laten opdraven.

Doorheen het verhaal worden ook enkele rake opmerkingen gegeven. Zo luidt de bierwet van Poefke : "Overdaad, leidend tot dronkenschap, wordt alleen toegestaan aan houders van een droogleveringsbewijs. (Niet te vergissen met bewijs van burgertrouw !)"14

Tijdens de belegering van het kasteel wordt Poefke neerslachtig : "Het lot is mij niet goed gezind ! 'k Drink veel liever een goeie pint dan met 't scherpe zwaard te zwaaien en Drooglevers weg te maaien !" Wiske waarschuwt hem : "Ja maar, zeg, Poefke ! Het niet afstappen en de grote jan komen uithangen als de oorlog voorbij is, he ?"15 De Londense regering-Pierlot dus, die bij Vandersteen blijkbaar niet op veel krediet kan rekenen.

En als Cactus de burcht binnenraakt, ziet hij het helemaal niet meer zitten. "Wat kan onze weerstand hier nog baten," zegt Poefke, "'k geloof dat ik beter had gedaan mijn volk niet alleen te laten !!" Wiske verbetert hem : "Dat is maar een gedacht, Poefke ! Begin dan maar al met een villa in Zwitserland te huren !" Maar Poefke jammert gewoon verder : "Mijn volk ! Mijn volk ! Ik houd u wel in de gaten !.. Maar ik heb u toch verlaten ! Beter dan hier staan te kreunen zou ik in uw midden zijn om u met mijn raad te steunen !"16 Dat hier ingespeeld wordt op de kwestie of Leopold III tijdens de oorlog al dan niet in België moest blijven, is wel duidelijk. Net als die villa in Zwitserland …

En die nacht houdt Poefke het niet langer uit en gaat hij de stad in om zich onder de bevolking te begeven. Maar hij komt ontgoocheld terug : "Ik kwam tot mijn volk om 't met mijn woord te sterken ! maar ze zijn haast allen naar 't Cactusland gaan werken ! Maar, ach ik ben daarover niet gram ! Ze doen het enkel voor hun boterham !"17 Ook hier wordt er verwezen naar de Tweede Wereldoorlog. Waarschijnlijk speelt Vandersteen hier in op de mensen die tijdens de oorlog (vrijwillig) in Duitsland gingen werken. Hij verdedigt hen door te zeggen dat ze het enkel deden om hun brood te verdienen.





1   ...   50   51   52   53   54   55   56   57   ...   158


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina