Sébastien Baudart 2e licentie geschiedenis Eindverhandeling Stripverhalen in de Belgische dagbladpers



Dovnload 3.95 Mb.
Pagina67/158
Datum22.07.2016
Grootte3.95 Mb.
1   ...   63   64   65   66   67   68   69   70   ...   158

10.3.4. Superheld Folichon en de geallieerden


Een Duitser kan niet slecht genoeg zijn, maar Folichon is natuurlijk dé held. Hij wordt dan ook meestal aangeduid met "notre ami"1 of "notre héros"2. Hij ontpopt zich in de loop van het verhaal tot een soort superman die alles aankan en zichzelf uit de meest onmogelijke situaties kan redden. In geen tijd verwisselt hij een autoband, bij luchtgevechten raakt hij probleemloos de vijandige toestellen, zodat ze brandend neerstorten, … Terwijl zijn eigen toestel hoogstens licht geraakt wordt aan de motor zodat een herstellanding nodig is. Een vuurgevecht vertoont meestal hetzelfde patroon : terwijl de Duitsers er gegarandeerd naast schieten, schiet Folichon altijd raak. Ook is het voor hem geen enkel probleem een mes in volle vlucht kapot te schieten. Hij overleeft een val in een ravijn door zich vast te houden aan een uitstekende struik, waarna hij dan op een rotsplatform belandt. Uit die positie wordt hij gered door een touw vast te grijpen dat voortgesleept wordt door een vliegtuig. Ook het onoverwinnelijke vliegtuig dat hij van de Engelsen tot zijn beschikking krijgt, past perfect in dit rijtje.

Naast Folichon, zijn de Engelsen in het algemeen natuurlijk ook de helden van het verhaal. Engeland wordt voorgesteld als het "beloofde land", het land van de vrijheid, waar Folichon absoluut naartoe wilt. Als hij met zijn vliegtuig de Engelse kust bereikt, krijgt men een tekening van de rotskust te zien met daarboven in koeien van benadrukte letters "Angleterre" geschreven3. En radio Londen wordt als de enige betrouwbare informatiebron naar voor gebracht.

Folichon prijst trouwens ook het organisatietalent van de Engelsen aan : "Sapristi ! Ces Anglais vont vite en besogne quand le besoin s'en fait sentir."4 Maar uit het verhaal is wel duidelijk genoeg dat het Engelse leger veel sterker en beter georganiseerd is dan het Duitse, zodat over de afloop van de oorlog geen twijfel kon bestaan.

We hebben hier dus te maken met een zwart-witverhaal waarbij de grote Belgische held Folichon het aan de zijde van de geallieerden opneemt tegen de verraderlijke en door en door slechte Duitsers. Folichon is "notre ami" die de Duitsers tegenwerkt en vernietigt, de Duitsers zijn arrogante idioten en mislukkelingen die folteringen en medische experimenten uitvoeren, en Engeland is het verzetsland dat Folichon zal helpen zijn plannen te verwezenlijken. Het verhaal is eigenlijk een echte lofbetuiging aan het adres van Folichon, en via dit personage aan het Belgische verzet en de Britse geallieerden.



10.3.5. Folichon, La Wallonie en het verzet


Dit verhaal dat de rol van een verzetsstrijder de hemel in prijst, kan niet los gezien worden van de repressie en de problemen waarmee het verzet na de oorlog te maken kreeg. Verzetsgroepen speelden een grote rol in de repressie onmiddellijk na de bevrijding. Ze eisten een harde aanpak en moeiden er zich ook daadwerkelijk. De maatregelen die hun macht inperkten, zagen ze dan weer niet graag komen. Eind 1944 stootte de oproep van de regering om de wapens in te leveren nog op groot verzet. Na de twee regeringen van nationale eenheid, kwam er na augustus 1945 een linkse regering tot stand, die er in zou slagen enkele maatregelen in verband met het verzet te nemen. Vooral de communistische minister Jean Terfve1 zorgde ervoor dat de regelingen met betrekking tot de weerstand verder uitgewerkt werden.2

Ook belangrijk is het feit dat vooral de linkse partijen zich met deze materie gingen bezighouden. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat de socialistische krant La Wallonie dit verhaal, dat een duidelijke benadrukking is van de weldaden van het verzet, publiceert in de periode dat de regering zich met deze zaken bezighoudt.

Maar er is meer. Isi Delvigne, hoofdredacteur van La Wallonie, was tijdens de oorlog actief in de sluikpers, als redactielid van de socialistische clandestiene bladen Combattre en Vaincre. Delvigne was trouwens niet alleen actief in de sluikpers, hij was ook voorzitter van de Metaalbewerkersbond van Luik. En hij had alle redenen om wrok te koesteren tegenover de Duitsers : "Eind maart 1942 werden in een gezamenlijke actie niet minder dan zes van de zeven regionale secretarissen van de metaalvakbond aangehouden en gedeporteerd naar Duitse concentratiekampen." Delvigne had dus van zeer dicht te maken gehad met Duitse repressieve maatregelen ten opzichte van het Duitse verzet. De socialistische vakbeweging had tijdens de oorlog trouwens ook af te rekenen met de "Unie van Hand- en Geestesarbeiders", opgericht door Hendrik De Man, die de kaart van de syndicale collaboratie koos.3

Men zou kunnen zeggen dat het mogelijk is dat Delvigne mee aan de basis lag van het Folichon-verhaal. Voorzichtiger is te zeggen dat hij als hoofdredacteur de inhoud van het verhaal zeker niet kon afkeuren, gezien zijn situatie tijdens de oorlog.



10.4. Besluit


La Wallonie begint bescheiden met twee strips per dag, een aantal dat in december 1948 stijgt tot vier per dag. Van april tot oktober 1949 worden het er zelfs vijf. Daarmee plaatst La Wallonie zich bij de kranten die de meeste strips publiceren. De groepering van alle strips onder de rubriek "nos feuilletons dessinés", die meestal op de laatste pagina verschijnt, maakt dat het geheel de lezer zeer snel opvalt.

De verhalen zijn van verschillende oorsprong, maar toch is er een duidelijk overwicht van het agentschap Opera Mundi, en dus van Amerikaanse strips, waar te nemen. Opmerkelijk is dan weer de korte poging om Belgische strips te publiceren. Er is ook een verpletterend overwicht aan ballonstrips : Le Capitaine Fracasse is de enige strip met ondertekst. Qua genres en stijlen is La Wallonie zeer gevarieerd : zowel realistische als humoristische vervolgverhalen komen aan bod naast gagstroken.

Auteurs worden, op uitzondering van Mandrake en Annie, niet in de titel vermeld. De lezer die de auteur wilt identificeren, moet zich dus op de handtekening richten. De meeste verhalen krijgen een aankondiging, en vaak zelfs meer dan één : zo worden voor de start van de gagstrip Oscar niet minder dan zeven aankondigingen gepubliceerd, telkens op de voorpagina. Maar meestal blijven deze tekstjes vrij kort en wordt er geen aandacht besteed aan de auteurs.

De politieke inhoud is bij de meeste verhalen aan de magere kant : elementen komen voor in Annie (omgaan met rijkdom), Le sept de trèfle (een bende die de wereld bedreigt met een atoomwapen) en Le Roi de la Police Montée (een gevaarlijke Russische bende). Folichon is dan ook op politiek vlak zeer opvallend : in deze naoorlogse jaren wordt fictie ingeschakeld om nog eens af te rekenen met de voormalige Duitse vijand én om de rol van het verzet te verheerlijken. La Wallonie publiceert hiermee één van de meest politiek geladen verhalen die ik bij dit onderzoek tegengekomen ben.





1   ...   63   64   65   66   67   68   69   70   ...   158


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina