Sébastien Baudart 2e licentie geschiedenis Eindverhandeling Stripverhalen in de Belgische dagbladpers



Dovnload 3.95 Mb.
Pagina75/158
Datum22.07.2016
Grootte3.95 Mb.
1   ...   71   72   73   74   75   76   77   78   ...   158


13.3.6. Proleetje en Fantast Globetrotters


Het verhaal "Proleetje en Fantast globetrotters" bestaat uit twee onderverhaaltjes, die ik afzonderlijk zal behandelen. Het eerste deel is volledig nieuw, terwijl het tweede deel een variatie is op de strijd tegen Koning Trust.

Proleetje en Fantast blijken hun nieuwe "land-van-belofte" een beetje saai te vinden, want ze vervelen zich. Ze besluiten dan maar op reis te gaan. Ze vertrekken met het vliegtuig en ter hoogte van het eiland Bikinino springen ze naar beneden. Bikinino is dan ook een "prachtig eiland" met "goudkleurig strand, kokospalmen en bananenstruiken". Maar de twee jongens zijn nog maar net geland op het eiland, of ze worden al door de inboorlingen naar het dorp gebracht. En tegen al hun verwachtingen in, worden ze niet in de ketel gestopt, maar een hut binnengeleid.

Ondertussen blijkt ook dat er een ganse hoop Amerikaanse militairen op het eiland aanwezig zijn. Dit wordt niet expliciet gezegd, maar de "PM" die ze op hun helmen hebben staan, en het soort Engels dat ze spreken ("handsoep"1), zeggen genoeg. De soldaten vinden Proleetje en Fantast verdacht en sluiten hen op.

Opeens zijn Proleetje en Fantast getuige van een merkwaardig tafereel, dat hun "bloed aan het koken" brengt : "De inlanders worden uit hun hutten gesleurd, op het strand in een troepken gezet en door de mitrailletten in bedwang gehouden. Een groot schip komt rechtstreeks op hen aangestevend. Nauwelijks geankerd wordt de grote valdeur neergelaten en de inboorlingen als een kudde schapen in het water gedreven. Overal gekerm en gehuil, alles wat hen lief is moeten ze verlaten, hutten bossen, bananen, kokosnoten, papegaaien, apen en andere lekkere dingen."2 De naam van het schip, "Liberty shop", is minstens ironisch te noemen.

Proleetje en Fantast besluiten te vluchten, en ondanks het feit dat ze beschoten worden door mitrailleurvuur, raken ze met een kano weg over de Stille Zuidzee, terwijl ze in de verte kruisers zien liggen. Maar : "Eensklaps schijnen hemel en aarde open te scheuren. Proleetje vliegt van 't verschot de lucht in en zijn muts wordt bijna van zijn hoofd gerukt… In de verte zien ze een reuzepaddestoel de lucht in groeien."3 Een atoombom dus …

Dit eerste deel is één en al anti-Amerikaans en anti-atoombom te noemen. Ook de inboorlingen worden naar hedendaagse normen niet al te fraai voorgesteld. Proleetje en Fantast vrezen in de kookpot terecht te komen, de "zwarte mannekens" spreken "koeterwaals", en één van de zwarten wordt zelfs eens beschreven als "schoenkreemsandwichman". Maar voor die tijd is dit totaal niet buitengewoon en dit is zeker niet het belangrijkste element.

Veel belangrijker is dat de inboorlingen worden opgedraafd om een rol van slachtoffers te spelen. Slachtoffers van de Amerikaanse atoomproeven en van de Amerikaanse agressie. De voorstelling van de Amerikaanse soldaten is niet al te vleiend : ze worden beschreven als "zwartkijker", "donkerwolk" of nog "man van de openbare wanorde"4. Met de chef van de Donkerwolken is het nog erger gesteld : deze doet niets dan roepen en ziet in Proleetje en Fantast spionnen, zodat hij ze wil laten doodschieten.

De Amerikanen worden voorgesteld als agressievelingen die alles doen om hun doel te bereiken, ook al moeten ze daarvoor de inlandse bevolking hun huizen en omgeving ontnemen en hen op een mensonwaardige manier samendrijven naar de "Liberty Shop". Men kan de situatie zelfs ook zien vanuit ecologisch standpunt : de Amerikaanse donkerwolken helpen, ten behoeve van hun atoombom, een prachtig eiland om zeep.

Hier wordt natuurlijk verwezen naar de Amerikaanse atoomexperimenten op het eiland Bikini in de Stille Oceaan. Vanaf 1946 hielden de Amerikanen op dit eiland atoomproeven, nadat ze de bewoners verwijderd hadden. Ook merkwaardig is het feit dat, daar waar in het eerste verhaal nogal speels met atoombommen omgegaan werd, het hier bittere ernst is.

Ten tijde van de atoomproeven op Bikini neemt De Roode Vaan een sterke negatieve houding aan tegenover de Amerikaanse experimenten. Ook wordt er "gelachen" met de tegenvallende resultaten van de eerste proeven. Daarnaast wordt de Amerikaanse houding inzake atoomwapens afgekeurd, en de Sovjethouding als alternatief naar voor geschoven.5 Ook de voorstelling van de Amerikanen als agressievelingen die de vrede en de openbare orde bedreigen, past perfect hij de communistische denkbeelden.


In het tweede onderdeel ziet een schip de kano van Proleetje en Fantast varen, en ze worden opgepikt. De bemanning blijkt echter uit een hoop rare gevallen te bestaan. Naast Kapitein King Kong of Eenoog6, bestaat ze uit de "kaffer" en de "eierenkakker".

Een storm steekt op en de twee jongens gaan zich verstoppen in het ruim, waar een kist staat die hun aandacht trekt. "Proleetje slaat zijn pollekens open van verbouwereerdheid bij het lezen van het bestemmingsadres. Ik wil er mijn nieuwe muts bij verwedden dat daar kiekentaartjes en atoomsigaren in zitten, peinst hij."7 Op de tekening valt een deel van het adres te lezen : "Apokalipstru … naaim … nes … via … b … aire". Natuurlijk blijken er in die kist geen naaimachines te zitten, maar wapens : "Brownings, kolts, trommelrevolvers, automatische pistolen, traangaspistolen van de allernieuwste modellen."8

Aangezien in het ruim ook een lading worsten ligt, verwisselen Proleetje en Fantast de inhoud van de twee kisten en kruipen zelf in een lege ton. Even later komt het schip aan in de haven van bestemming en wordt de lading uitgeladen.

De twee jongens houden vanuit hun ton de omgeving in het oog en "Als de duisternis ingevallen is willen Proleetje en Fantast hun schuilplaats verlaten om de omgeving te verkennen, maar juist op dat ogenblik komt er een luxewagen aansuizen en stopt vlak voor hun ton. Een zwarte vent stapt er uit en loopt op zijn sokken naar het schip toe."9 De "zwarte vent" en Kapitein Eenoog wisselen "pampieren"10 uit, waarna een stel vrachtwagens de verkochte kisten komen opladen. Kapitein King Kong en zijn bende doen dus duidelijk aan wapensmokkel.

Proleetje en Fantast reizen ongezien mee met de vrachtwagens, die door een kaal landschap met kaktussen rijden. Fantast denkt dat ze zich in "Kakadoezië" bevinden, dat één of ander Spaanssprekend Zuid-Amerikaans land11 moet voorstellen. Uiteindelijk rijdt het konvooi een domein binnen, waar boven de ingang "Haciënda del Trusto" te lezen staat. De jongens springen snel van de vrachtwagen af en zien een "mooie luxeauto" voorbijrijden waar sigarenrook uitkomt. Hun nieuwsgierigheid wordt geprikkeld, en ze dringen de "prachtige haciënda" binnen. Daar zien ze Koningos Trustos met zijn mannen niet al te zuivere plannen smeden : "Afgedankte generalen en mannen met goud en zilver bestikte frakken zitten rond een vierkante tafel een komplot te fabriceren."12

Maar Proleetje en Fantast worden opgemerkt, "de zilver- en goudverstikten stuiken uit hun hol en een verschrikkelijke achtervolging begint."13 Maar ze slagen erin te ontsnappen en trekken verder tot ze aankomen bij een krotwoning, waarvan ze "haast niet geloven dat daar mensen kunnen wonen". Proleetje merkt dan ook op : "Dit zullen in geen geval vrienden van onze vijanden zijn".14

Hier wordt weer, zoals in het eerste verhaal, de scherpe tegenstelling uitgespeeld tussen het arme volk en de rijke Koningos Trustos, met als enig verschil dat de Trust-aanhangers (nog) niet aan de macht zijn. Ze proberen alleen via een complot de macht in handen te krijgen. Trustos en de zijnen roken dikke sigaren, beschikken over een luxueuze haciënda, rijden in luxeauto's en dragen met goud en zilver versierde uniformen. Die uniformen worden trouwens ook gebruikt om de mannen van Trustos belachelijk te maken, als ze benoemd worden als "de goud- en zilververstikten".

Ook in het woordgebruik wordt duidelijk aangegeven wie aan welke kant staat : Proleetje en Fantast worden beschreven als "onze onoverwinnelijken", terwijl de mannen van Trustos de "rebellos" zijn die de macht willen grijpen15.

Om verder te gaan met het verhaal : Proleetje en Fantast worden door de Indianen die de krotwoning bewonen, hartelijk ontvangen. Maar plots wordt heel de omgeving opgeschrikt door een grote rookontwikkeling. Ze haasten zich naar de plaats van het onheil en "Weldra vinden ze de verschrikkelijke sporen van de bloeddorstige bende die de opstand ontketend heeft. Overal rokend puin en in de pampas verspreide lijken van vermoorde inlanders."16

De twee jongens gaan dan maar de inwoners van de dichtstbijgelegen dorp verwittigen, waar iedereen juist staat aan te schuiven voor de rantsoenering. Maar natuurlijk zitten er in de aanwezige tonnen niet de voorziene worsten, wel de wapens die Proleetje en Fantast op het schip van ton verwisseld hadden. De dorpelingen kunnen dus bewapend worden en het verzet tegen Trustos wordt georganiseerd. Ondertussen zijn ook de "rebellos" aangekomen : "Geen onraad vermoedend stormen ze al brullend "Viva Trustos" op de stad toe en verknallen nutteloos hun buskruit dat het stof in de geburen vliegt"17. Ook hier worden de rebellen weer duidelijk voorgesteld als "de slechten" : niet alleen richten ze een enorme schade aan onder de lokale bevolking, hun actie is ook totaal nutteloos, aangezien Proleetje en Fantast toch onoverwinnelijk zijn.

Maar de dorpelingen (ook wel "peones"18 genoemd) slagen erin de overmacht te behalen. Bij de rebellos gaat het dus wat minder goed : "De kommandantos, die natuurlijk buiten schot gebleven was, ziet zijn soldeniers lijk vliegen wegmaaien. Rapos, helpos, of wij zijn naar de vaantjes ! telegrafeert hij, terwijl het overschot van zijn rebellos met hun benen onder de armen komt teruggestoven."19 De rebellen die proberen te vluchten worden door Proleetje en Fantast, die zich gedragen "als echte guerrillapartizanen"20 tegengehouden. Hier krijgt men een serieuze kritiek op de legerleiding, die buiten schot blijft, terwijl de gewone soldaten zich laten afmaken. Bij de beschrijving van Proleetje en Fantast als guerrillapartizanen krijgt men dan weer een verheerlijking van het communistisch verzet.

De rebellie wordt dus gestopt, maar Trustos kan ontsnappen met een vrachtwagen. Proleetje en Fantast nemen afscheid van de peones en gaan bij een zonsondergang achter Trustos aan.

In dit verhaal gaat het dus niet meer om een regime dat de jonge communisten Proleetje en Fantast afzetten, maar om een rebellie die ze voorkomen. Welk gezag er dan wel is in dat land, daar kan men alleen maar raden. Dat het er niet zo goed gaat, is wel duidelijk, zie daarvoor de krotwoningen en de rantsoeneringen. Opmerkelijk is ook het "open einde" : de rebellie is wel neergeslagen, maar Trustos is kunnen ontsnappen. De kans bestaat dus dat hij elders weer plannen gaat smeden om de macht te grijpen. De lezer weet alvast dat hij op zijn hoede moet zijn …



1   ...   71   72   73   74   75   76   77   78   ...   158


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina