Sébastien Baudart 2e licentie geschiedenis Eindverhandeling Stripverhalen in de Belgische dagbladpers



Dovnload 3.95 Mb.
Pagina81/158
Datum22.07.2016
Grootte3.95 Mb.
1   ...   77   78   79   80   81   82   83   84   ...   158

14.3.7. De vijfde colonne en de buitenlandse dreiging


De verhalen met buitenlandse spionnen bereiken in 1949-1950 hun hoogtepunt. Op dat moment bevond de Koude Oorlog, die zich sinds 1947 duidelijk afgetekend had, zich op een hoogtepunt. De twee blokken hadden zich afgetekend, landen vielen in communistische handen en de blokkade van Berlijn zorgde voor verhoogde spanningen. Ook het doorbreken van het Amerikaans atoommonopolie door de Sovjetunie in september 1949 was niet echt bevorderlijk voor de sfeer.1

Zeer interessant is de manier waarop de auteur die organisaties voorstelt. Zoals al gezegd, wordt de Sovjetunie niet bij naam genoemd, maar allerlei elementen zorgen ervoor dat de lezer begrijpt over wie het gaat. De vijandige organisaties zijn blijkbaar in de VS zelf actief, en vormen dus de zogenaamde vijfde colonne, waartegen de republikeinse senator Joseph McCarty vanaf februari 1950 een hevige campagne zou beginnen2. De leden van die organisaties handelen ofwel uit winstbejag, ofwel om ideologische redenen. Maar in dat laatste geval zijn ze meestal serieus geïndoctrineerd. En wie verraad pleegt of niet meer nuttig is, moet uitgeschakeld worden.

Doorheen de gesprekken van de buitenlandse agenten wordt een beeld van de Verenigde Staten opgehangen, zoals zij dat zien. En daar komen merkwaardige zaken uit voort. Zo vinden Anton en Goobish het raar om "vrij" te zijn, en begrijpen ze niet waarom de Amerikaanse politie niet door allerlei mensen nog eens gecontroleerd wordt. Wat erop wijst dat het in hun land wel zo is, natuurlijk. Ook vinden ze dat Amerikanen niet te vertrouwen zijn. En ze zijn jaloers op de situatie in de VS, maar hun officiële (en herschreven) geschiedenis heeft hen geleerd dat dat allemaal maar schijn en tijdelijk is.

Ook blijkt duidelijk dat het land van Anton en Goobish een derde wereldoorlog wilt ontketenen om zo de wereld te veroveren. In hun land wordt het voorgesteld alsof de VS op een oorlog aansturen, maar dat wordt in de verhalen ontkracht : de VS blijken een vredelievende natie, die liever geen oorlog wilt, maar zich door de buitenlandse dreiging toch in staat moet stellen zich te verdedigen. Daarom moeten de Amerikanen ook proberen de uitvindingen die ontwikkeld worden, zelf in handen te krijgen. Niet om er anderen mee aan te vallen, maar om te verhinderen dat anderen op zulke ideeën zouden komen.

Die anderen (de SU) zijn blijkbaar ook niet in staat om op eigen kracht atoomwapens te ontwikkelen, aangezien ze spionnen naar de VS moeten sturen om atoomgeheimen in handen te krijgen. En de spionnen mogen soms wel lachen met de Amerikaanse inlichtingendiensten, deze laatsten zijn hen altijd te snel af. Voor ze het weten zijn ze geïnfiltreerd, worden ze in het oog gehouden of lopen ze met open ogen in een minutieus voorbereide valstrik.

Het is duidelijk dat hier een beeld opgehangen wordt van de goede en vredelievende VS, die (zelfs op hun eigen grondgebied) bedreigd worden door het buitenland, en zich daarom moeten verdedigen. In de VS zelf was het waarschijnlijk de bedoeling de lezers aan te zetten tot meer patriottisme en hen te waarschuwen voor de "gevaren" van binnen- en buitenlandse (communistische) organisaties. Maar ook de publicatie in Europa, of zoals hier, in België, geeft de lezer het beeld van het bedreigde Amerika met de goede bedoelingen en de verraderlijke Sovjetunie die probeert de wereldvrede om zeep te helpen. Of hoe fictie kan helpen de NAVO-bondgenoten Amerikanisme en anti-communisme in te lepelen.



14.4. Besluit


La Dernière Heure bevindt zich, met een start van de strips in december 1945, ten opzichte van de andere kranten in de middengroep. Al snel zou het aantal gepubliceerde strips stijgen tot drie (en tijdelijk vier), met als extra's de strips die soms opgenomen worden in de wekelijkse jeugdpagina.

De krant blijft zeer trouw aan haar strips. De meeste reeksen die opgestart worden, gaan jaren mee. En daarbij wordt niet nagelaten een beroep te doen op lokaal talent. Na de publicatie van "Le Secret du Mastaba" krijgt ook Raymond Reding de kans om een eigen reeks uit te bouwen in de krant. En ook op de jeugdpagina staat werk van Belgische auteurs. Voor de andere strips wordt een beroep gedaan op de agentschappen Opera Mundi, Presse Services, Alga en SDDF.

Auteurs worden meestal bij de titel vermeld, in de aankondigingen veel minder. Deze aankondigingen blijven meestal vrij kort en verschijnen telkens één keer bij het begin van een grote reeks. Alleen M. Cro heeft soms recht op een aankondiging voor een apart verhaal. La Dernière Heure lijkt trouwens een voorkeur te hebben voor politie- en detectivestrips. Naast M. Moustache, een gagreeks, spelen de twee grote reeksen van de krant, Monsieur Cro en L'agent secret X 9, zich af in dat milieu.

Deze laatste reeks is de meest politiek geladen die in de krant verschijnt. En zoals we gezien hebben komen verschillende thema's erin aan bod. Naast het bestrijden van de misdaad, krijgt ook de Koude Oorlog een grote rol in de verhalen. De reeks is ook een goed voorbeeld van hoe Amerikaanse anti-communistische propaganda Europa bereikt.





15. Het Nieuws van den Dag / 't Vrije Volksblad




15.1. Historiek en situering


Het Nieuws van den Dag werd in 1885 opgericht door Jan Huyge, die een Vlaamse katholieke volkskrant in Brussel nodig vond. Het blad besteedde aandacht aan faits divers en plaatselijke berichten en werd al vlug zeer populair bij een volks publiek. In 1888 zou het te maken krijgen met de concurrentie van Het Laatste Nieuws, eveneens Brussels, volks en Vlaams, maar dan liberaal.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleef de krant verschijnen onder Duitse censuur, wat gerechtelijke problemen meebracht bij de bevrijding. Het bedrijf en de directie werden uiteindelijk niet vervolgd, maar het duurde wel tot 28 mei 1946 voor de krant terug kon verschijnen. Dat was veel later dan de andere kranten, zodat deze de markt al hadden ingepikt en Het Nieuws van den Dag zich tevreden moest stellen met een oplage van 30.000 exemplaren. De krant kreeg ook nog, net als De Standaard, moeilijkheden met haar reputatie : ze werd gezien als een "zwarte" krant.

Vanaf 1940 was de onderneming in handen gekomen van Marie Huyge en haar zoon Jan Duplat, die eigenlijk ook de hoofdredactie in handen hielden. Politieke commentaren moesten voor het verschijnen aan de directie voorgelegd worden. Dat leidde tot een krant die nauw bij de Kerk en de CVP aanleunde (met stemadvies voor de CVP) en Vlaamsgezinde standpunten innam, hoewel ze daarin niet zover ging als De Standaard. In de Koningskwestie koos Het Nieuws van den Dag onvoorwaardelijk de kant van Leopold III.

In het begin van 1948 zou de krant een nieuwe stimulans krijgen door de kosteloze overname van 't Vrije Volksblad, de populaire editie van De Nieuwe Gids. Door dit "cadeau" van de overburen van de Zandstraat, komen Het Nieuws van den Dag en 't Vrije Volksblad samen aan een comfortabele oplage van 110.000 exemplaren. De twee titels zouden afzonderlijk blijven bestaan, maar krijgen identiek dezelfde inhoud.1

In de beginperiode na de bevrijding telt de krant tussen de 4 en de 6 pagina's, tegen 1950 krijgt de lezer dagelijks 8 pagina's te lezen. Per week verschijnen zeven kranten, dus ook op zondag. Tot oktober 1946 zouden de strips ook op zondag gepubliceerd worden, daarna alleen van maandag tot zaterdag. Vanaf januari 1948 wordt deze leegte opgelost door op zondag een wekelijkse gagstrip te publiceren. Het Nieuws van den Dag verschijnt eerst op middelmatig formaat, om na de overname van 't Vrije Volksblad over te schakelen op het grote krantenformaat.



1   ...   77   78   79   80   81   82   83   84   ...   158


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina