Sébastien Baudart 2e licentie geschiedenis Eindverhandeling Stripverhalen in de Belgische dagbladpers



Dovnload 3.95 Mb.
Pagina89/158
Datum22.07.2016
Grootte3.95 Mb.
1   ...   85   86   87   88   89   90   91   92   ...   158

15.6. Besluit


Het Nieuws van den Dag maakt qua stripbeleid dus verschillende periodes mee. In een eerste periode, die ongeveer loopt tot de overname van 't Vrije Volksblad, worden enkel Nederlandse strips gepubliceerd. Op uitzondering van Donny en Ronny gaat het telkens om ondertekststrips, die geleverd worden door Stripfilm en de Toonder-Studio's.

De periode na de overname, die een enorme stijging van het aantal lezers meebrengt, wordt gedomineerd door De avonturen van detectief Van Zwam van Marc Sleen, eerst in combinatie met een Nederlandse strip, vanaf mei 1949 alleen. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat de krant met een probleem zit bij de overgang van Van Zwam naar Het Volk. Dit kan dan als de derde periode beschouwd worden : Het Nieuws van den Dag lost het probleem op door twee nieuwe verhalen te plaatsen van de auteurs Luc Droek en Raf Van Dijck. Maar dit schijnt geen voldoening te schenken, want ze worden na één verhaal vervangen door Bob De Moor en zijn Tijl Uilenspiegel. En ook verschijnt er terug een Nederlandse ondertekststrip : Aram van Piet Wijn. Het zijn dus externe gebeurtenissen – de overnames – die ervoor zorgen dat Het Nieuws van den Dag tegen 1950 zo'n dynamiek stripbeleid ontwikkelt. Anders was de krant waarschijnlijk alleen Nederlandse strips blijven publiceren.

Qua politieke inhoud van de verhalen gelden dezelfde periodes. De gepubliceerde Nederlandse strips blijven redelijk braaf. Dit verandert met de komst van Marc Sleen en zijn Van Zwam1, die geregeld de politieke toer opgaan. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat de opvolgers van Sleen – Droek, Van Dijck en De Moor – zijn voorbeeld gaan volgen. Droek gebruikt de Koude Oorlog en het belang van uranium, Van Dijck projecteert allerlei gebeurtenissen naar het imaginaire land Ruzië en De Moor klaagt simpelweg de Belgische wantoestanden aan en schrikt er daarbij niet voor terug politici als Paul Henri Spaak persoonlijk te viseren.

En met het gevaar in herhaling te vallen, ook de aandacht voor de strips volgt dezelfde periodes. In de eerste periode worden zelden aankondigingen geplaatst, tijdens de tweede periode wordt het een gewoonte, en in de derde periode plaatst men meerdere aankondigingen per verhaal om de aandacht van de lezer er zoveel mogelijk op te vestigen.

Wat de vermelding van de auteurs betreft, kan men zeggen dat het bij de buitenlandse reeksen meestal bij de handtekening blijft. De komst van Marc Sleen introduceert de auteursvermelding in de titel, en ook zijn opvolgers krijgen hun naam bij de titel. Uitzondering is het eerste verhaal van Uilenspiegel, maar dat wordt later goedgemaakt door de publicatie van een volledig artikel over de auteur.

Het Nieuws van den Dag groeide tussen 1946 en 1950 dus uit van een krant die strips lijkt te publiceren "omdat het zo moet" tot een krant met een echt stripbeleid en aandacht voor wat ze publiceert.



16. La Libre Belgique




16.1. Historiek en situering


La Libre Belgique is de opvolger van de katholieke krant Le Patriote, die opgericht werd door de broers Louis en Victor Jourdain. De titel La Libre Belgique ontstond tijdens de Eerste Wereldoorlog, als naam voor de clandestiene Patriote, en na de oorlog bleef de naam behouden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog stopte de officiële publicatie en gingen de eigenaars weer een clandestiene krant publiceren.

Na de bevrijding verschijnt de krant terug op 6 september 1944. Het bedrijf staat dan onder leiding van Paul Jourdain. Ook wordt er samen met La Dernière Heure in 1946 een gemeenschappelijke reclameregie opgericht, La Générale Publicitaire. Campé vermeldt voor het jaar 1949 een oplage van 190.000 exemplaren.1

La Libre Belgique verschijnt zeven keer per week, en dit op 6 à 8 pagina's in de beginperiode en 8 à 12 pagina's tegen 1950. De krant verschijnt op groot formaat. Strips verschijnen eerst alle dagen, en vanaf eind 1946 van dinsdag tot zondag.

16.2. Stripreeksen volgen elkaar op

16.2.1. De eerste strips


Skippy is de eerste strip die opduikt in La Libre Belgique, meer bepaald op 12 december 1945. Skippy1 is een gagstrook waarin twee kinderen grappige gesprekken voeren of grappige voorvallen beleven. De strip wordt geleverd door Opera Mundi.

In januari 1946 volgt Bouboule Skippy op, en dat tot juli 1947. Het zou hier wel eens over een origineel product kunnen gaan, en dit om verschillende redenen. Er wordt (in tegenstelling tot de meeste andere verhalen in de krant) geen copyright vermeld en het personage leest op verschillende momenten2 duidelijk de krant La Libre Belgique. Daar komt nog bij dat de tekenstijl zeer sterk overeenkomt met de cartoons van de krant, die ondertekend worden met "Gévé". En op zaterdag 30 november 1946 hangt er in de strook een kalender aan de muur met als datum "Dimanche 24 novembre", de exacte datum van zes dagen voordien. De strook werd dus niet lang voor de publicatie vervaardigd. "Bouboule" is, zoals zijn naam al laat uitschijnen, een niet te mager burgermannetje dat in allerlei grappige voorvallen terechtkomt.

Op 17 februari 1946 komt er een tweede strip bij. "Felix le chat et Mickey Mouse"3 heeft niets te maken met het personage van Walt Disney. In deze gagstrook, weer verdeeld door Opera Mundi, spelen dieren de hoofdrollen.

En een volgende reeks komt er vanaf 21 maart 1946. Tot 11 augustus krijgt de lezer "Les aventures de Monsieur Snot" voorgeschoteld. Auteur is de Belg Tenas4, en als copyright wordt "Golden Pictures" vermeld. Tenas biedt met zijn Monsieur Snot naast flauwe woordspelingen en absurde situaties ook een goed verhaal aan. Centraal staat een Arabische fetisj die Snot krijgt toegestuurd van zijn vriend-detective Martyn en die gestolen juwelen blijkt te bevatten. Verder in het verhaal ontdekken Snot en co nog een oude verloren schat in Portugal. Het verhaal wordt afgesloten door een interventie van tekenaar Tenas : "Chers amis. J'ai reçu dernièrement dans mon courrier certaines lettres … parmi celles-ci certaines me présentaient des critiques justifiées qui ont retenu toute mon attention. Quant à celles qui ne l'étaient point … Je dirais simplement … la critique est facile mais l'art est difficile … Je termine en remerciant mes chers lecteurs. Même les critiques, car "qui aime bien … châtie bien !" Et ce petit discours de Tenas, met fin à cette suite d'images … Espérons, chers amis, que ce fichu trésor ne tournera pas la tête du signor del Doro !"5

Tenslotte moet nog vermeld worden dat op 4 juli 1946 "Felix le chat" vervangen door Baba. Nog een gagstrook, deze keer zonder tekst, en verdeeld via "Rinaldo Features", die zou lopen tot januari 1947. En van november 1946 tot mei 1947 publiceert La Libre Belgique de gagstroken van Professor Nimbus6.



1   ...   85   86   87   88   89   90   91   92   ...   158


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina