Sébastien Baudart 2e licentie geschiedenis Eindverhandeling Stripverhalen in de Belgische dagbladpers



Dovnload 3.95 Mb.
Pagina92/158
Datum22.07.2016
Grootte3.95 Mb.
1   ...   88   89   90   91   92   93   94   95   ...   158

16.4. Besluit


La Libre Belgique wordt gekenmerkt door een grote afwisseling in de gepubliceerde strips. In de beginperiode houden de meeste strips het maar een paar maanden uit. Tegen het einde van de periode zou er minder verandering optreden, door de publicatie van de vaste reeksen Panda en MacNib. Meestal worden dagelijks drie reeksen aan de lezers aangeboden.

De oorsprong van de verhalen is zeer verscheiden. Er wordt beroep gedaan op Opera Mundi, de Toonder-Studio's en nog een reeks andere agentschappen, maar ook Belgisch materiaal komt aan bod, met Monsieur Snot, en (waarschijnlijk) MacNib. Ook voor de jeugdbijlage La Libre Junior worden (zij het via een agentschap) Belgische auteurs ingeschakeld.

La Libre Belgique is absoluut geen aankondigingskrant. Slechts een zeer klein aantal verhalen hebben recht op een aankondiging, waarbij de auteurs meestal niet vermeld worden. De meeste auteurs worden ook niet in de titels vermeld. Uitzonderingen hierop zijn Tenas en Roléo.

Wat de politiek betreft, Jimpy en MacNib hebben op sommige momenten een politieke inhoud, maar zonder echte uitschieters. Jimpy houdt zich vooral bezig met kritiek op beleidsmensen en belastingen, terwijl Mac Nib het twee keer moet opnemen tegen Duitse tegenstanders. De andere reeksen van de krant blijven politiek gezien vrij braaf.



17. Vooruit




17.1. Historiek en situering


De krant Vooruit werd in 1884 in Gent opgericht door Edward Anseele, en was zo het eerste socialistische dagblad in Vlaanderen. Toen in 1885 de BWP opgericht werd, ging de Vooruit optreden als officiële spreekbuis van de Vlaamse vleugel van de partij. In 1897 werd de coöperatieve Volksdrukkerij opgericht en in 1909 de coöperatieve uitgeversmaatschappij Het Licht. Op het einde van de jaren 1930 nam Het Licht trouwens ook de drukkerij over, zodat de uitgevers- en drukkersactiviteiten weer samenvielen.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog verscheen de krant onder Duitse censuur, tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de publicatie stopgezet. De Duitsers lieten het blad wel terug verschijnen als gestolen krant.

Maar na de bevrijding komt de Vooruit terug, en wel op 7 september 1944. Directeur is dan Ferdinand De Smet, die in 1947 opgevolgd wordt door August De Block. Hoofdredacteur van dienst is Gaston Crommen. In 1945 wordt de directe band tussen het lidmaatschap van de partij en het abonnement op Vooruit opgeheven, zodat er lezers verloren gaan. Dit is vooral het geval in Antwerpen, waar de Volksgazet de plak zwaait. De territoriale verdeling tussen de twee socialistische kranten zorgt ervoor dat 99 % van de oplage van Vooruit gerealiseerd wordt in Oost- en West-Vlaanderen. Onder leiding van Gaston Crommen en August De Block wordt de vooroorlogse politiek van nadruk op sport, populaire verslaggeving en culturele rubrieken voortgezet en wordt er aandacht besteed aan het uitzicht van de krant. Campé vermeldt voor 1949 oplagecijfers tussen de 56.000 en de 60.000 exemplaren.1

"Orgaan der Belgische Socialistische Partij" krijgt de krant als ondertitel mee. Vooruit verschijnt zeven keer per week, en elke keer zijn de strips op post. De 4 tot 8 pagina's uit 1946 worden er in 1950 6 tot 8.



17.2. Strips uit Nederland, België, Frankrijk en Engeland

17.2.1. Voor vrouw en kind


Vooruit begint op 31 maart 1946 met het publiceren van een strip. Via Studio Vox levert Steve Donogan een gagstrook zonder reekstitel, die nogal onregelmatig verschijnt. Tussen één en vier keer per week, maakt de strook haar opwachting in de krant tot januari 1948.

Ondertussen begint men ook in de wekelijkse zondagse1 pagina "Voor vrouw en kind" vervolgverhalen te publiceren. Van mei 1946 tot oktober 1949 volgen "Bollie Bof" (Flip), "Tom Lucky" (Henry Albers2), nog eens "Bollie Bof", "Humpo Hotsflots" (Siem Praamsma3) en "Jochem Jofel" (eveneens Siem Praamsma) elkaar op. Behalve in het eerste Bollie Bof-verhaal, waarin tekstballonnen gebruikt worden, verschijnen al deze verhalen met ondertekst.

Bollie Bof wordt in naslagwerken niet vermeld, maar is waarschijnlijk, net als de andere wekelijkse verhalen, van Nederlandse oorsprong. De namen van de personages wijzen daar al op : Bollie, Toontje, Professor Bijdetijd, Simpie Snap en Snuffelsnor klinken redelijk "Hollands", net als de plaatsnaam Vensterdam. In het eerste verhaal draait het om de diefstal van vijf zilveren olifantenbeeldjes, die inscripties bevatten die naar een schat, ooit verborgen door een Keizer van China, leiden. Detective Bollie Bof kan net verhinderen dat twee dieven met de schat aan de haal gaan. Ze worden opgepakt door de politie en de schat wordt teruggegeven aan de Chinese Keizer.

In het volgende verhaal, Tom Lucky van Henry Albers, lost het hoofdpersonage, sergeant bij de Canadese bergpolitie, een zaak van veediefstallen op. Het blijkt het werk te zijn van een Indiaan, die zo handelde omdat zijn stam honger had. De politie toont begrip voor de situatie en de schuldige komt er met een waarschuwing vanaf.


Het tweede Bollie Bof-verhaal heeft twee titels. In de titel wordt "Bollie Bof en de krantenmannen" vermeld, in de titeltekening bij de eerste strook "Bollie Bof redt den koning". De twee titels komen wel overeen met het verhaal. Het verhaal begint namelijk met de diefstal van de volledige ochtendeditie van de "Bazuin". Een mysterieuse bende wilde ten allen prijze vermijden dat een bericht de wereld bereikte. Even later worden Bollie en de auteur van het artikel door de bende ontvoerd. Ze worden opgesloten bij een professor, die de uitvinder van een speciale pil blijkt te zijn : men kan er zich mee in een andere persoon veranderen door die persoon aan te kijken.

Blijkt dat de leider van de bende niemand minder is dan eerste minister Simoneus Slechterik, en een ander bendelid Prins Primus, neef van de koning. De koning zelf is ook in handen van de bende, en Primus is van plan zijn identiteit over te nemen. Maar Bollie en zijn medegevangenen slagen erin te ontsnappen : "Terwijl binnen de muren van het hoofdkwartier zich deze tonelen van hoogverraad en laaghartigheid afspeelden, sloop onze Bollie langs de muren aan de buitenkant."4

Bollie verbergt zich voor het binnenkomende gezelschap : "Voorop ging de koning en naast hem liep met een domme glimlach om de lippen, prins Primus, de verrader."5 "Bollie knarsetandde van woede over dit staaltje van gemeen verraad jegens de koning."6 Uiteindelijk komt Bollie tussen en wordt de bende ingerekend door de politie. De Koning is dus gered en hij bedankt zijn redders : "Ik dank u hartelijk, heren, bracht Z.M. met moeite uit. Hij had een brok in zijn keel en tranen in zijn ogen. U hebt niet alleen mij gered, maar ook mijn volk. Laat mij u drieën morgen belonen met het kruis van dapperheid."7

Gezien de socialistische strekking van de krant moet achter dit koningsverhaal niets gezocht worden. Het is echter wel grappig dat net de Vooruit zo'n verhaal publiceert, waarbij het hoofdpersonage een koning redt.


Humpo Hotsflots is dan weer iemand die zichzelf een fantastische schilder vindt. Spijtig genoeg denkt de buitenwereld daar anders over, zodat de man meer schuldeisers dan klanten over de vloer krijgt. Tot op een dag een zekere Steven Steenrijk over de vloer komt, met de vraag een schilderij te maken voor een lijst die hij zogezegd geërfd heeft. De lijst wordt natuurlijk gestolen, maar na veel inspanningen slaagt Hotsflots, samen met zijn buurmeisje-detective Evelientje, erin het ding te recupereren. Blijkt uiteindelijk dat er in de lijst geheime documenten van het Ministerie van Oorlog van Boel-Gemenië zitten, én dat Steven Steenrijk de minister zelf is. Het schilderij was maar een middel om de papieren ongemerkt over de grens te krijgen. Minister Steenrijk vreesde namelijk interesse vanwege een andere mogendheid.

Het verhaal baadt dus in een spionagesfeer, maar het gegeven wordt niet echt uitgewerkt. Het enige dat de lezer te weten komt, is dat een onschuldige schilder als koerier ingeschakeld wordt, uit vrees dat een vreemde mogendheid er met geheime defensiepapieren vandoor zou gaan.

Van dezelfde Siem Praamsma verschijnt daarna nog een verhaal van Jochem Jofel in "Voor vrouw en kind", waarin twee bedriegers Jofel misbruiken om zichzelf te verrijken.



1   ...   88   89   90   91   92   93   94   95   ...   158


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina