Schepenbank schijndel



Dovnload 203.86 Kb.
Pagina4/4
Datum22.08.2016
Grootte203.86 Kb.
1   2   3   4

Staat en inventaris van Johan Roessin g en Nicolaes Zijnen in hun kwaliteit als aangestelde voogden over de nog drie minderjarige kinderen van wijlen Maria de Five weduwe van Willem Roessing volgens een akte gepasseerd op 11 juli 1743 m.b.t. de nalatenschap van genoemde Maria de Five onderverdeeld in 5 kapittels nl. dat van de aangetroffeb gerede penningen, obligaties in schulden, erfgoederen, meubilair en huisraadde schulden waarmee de boedel is bezwaard
1e kapittel

aan contant geld 154 gl. 12 st. en 10 penn.


2e kapittel

800 gl. ten laste van Johan Ophorst te Engelen dd. 16.8.1732

250 gl. ten laste van Everina van Couteren weduwe Rijsterborg dd. 5.11.1740

150 gl. ten laste van Hendrik Huijbert van breed d. 12.10.1729

een manuale obligatie ten lkaste van Adriaen Rutten van den Dollaert en Thomas Hendrick Thomasse dd. 19.3.1720

50 gl. ten laste van de erfgenamen van Jacobus Eijtsen (?) dd. 1.3.1738

totaal 1300 gl. maar daar onder zijn verschillende ‘disperate schulden’, voorts nog in het tiendboek en in het schoolboekje enige kleine posten die nog te vorderen zijn waarvan de meeste disperaat
3e kapittel

huis en erf groot 3 lop. aangekomen voor de ene helft van d eouders van Willem Roessing dd. 18.11.1709 en de andere helft bij koop van Mechelina Roessing dd. 19.1.1715

een akkerperceel 3 lop. genaamd de Peckstucken; drie perceeltje sakkerland 4 lop. in de Beemt genaemt de Schabbaart’5 akkertjes teulland 8 lop. genaamd de Schootsche Hoeff in het Hermalen via twee kopen dd. 7.3.1713

een perceel akkerland nu bos groot 1 sesterzaad in het Hermalen bij koop verkregen op 21.11.1720; een perceel akkerland van 1 sesterzaad genaamd de Papetiend aangekomen dd. 28.8.1714; een kamp hooiland groot omtrent drie karren hooigewas aen de Boedonck dd.14.12.1725


4e kapittel

in de camer:

een ledikant met groene casant behanegneen bedt, een hooftpeuling en twee kussens met smalle streepen

een katoene en twee witte wolle deeckens

vijff blauwe Delfts postleine borden

vijff en een halff dosijn en vier stuks blauwe postelijn

een dosijn Japans postelijn

ses blauwe postelijne speolkommen

ses dito schocolade coppen

twee bruijne fijne treckpotten

een Japanse mosterpot

drie albaste teebussen

vijfftien kleijne stelseltjes

een teereck ses hoog

vijff blauwe schoteltjes

Delfsgoet

een glase teebus

een gestreept schoorsteenkleet

een teetaeffel

ses kleijne teeblatjes

een spiegel met een vergulde lijst en de copere nagels

twee kleijne schilderijtjes

een vierkant dennetafeltje

een ijsere plaat

ses Spaensleere stoelen

een ingeleijst arrabus

cabinet


een wageschotte cabinet

een kapstock


int gearrabiet cabinet:

een silvere mostaartpot

twee soutvaten en een peperbus gemerkt MR

twee silvere kandelaars met een snuijter en snuijtersback

een silver teebusje gemerckt MR

een silvere treckpot behoort aen is haer tot een pilgift gegeven door W. de Five

een silvere soeplepel gemerckt J.B.R. hoort aan Johanna Barbara is haer gegeven tot een pilgift door Wijbo

een silvere snuijfdoosje hoort aen Elias gegeven door Barbara Davitson weduwe E.Roessing

een silvere bel met ketting

een silvere aux de la rein doosje

een silvere kandelaertje, blakertje en vuerschuptje poppegoet

tweeendartigh silvere lepels met alderhande mercken wegen te samen omtrent drie pont

seventwintigh silveren forketten met alderhande mercken wegen te samen omtrent twee en negentien tweeendartigste pont

een silvere teeleepeltje

twee goude oorringjes met knopjes

twee silvere oorringjes

een silvere haeck en oog van een japon

ses silvere esjes

een gouden ring

een silvere beugeltas

een goude ketting drie dick

een silvere gesp met een lintaur

achtien servetten den Block gemerckt MR 18

ses dito den Block [er staat bolck] gemerckt H.D.E. 14

sevenentwintig servetten gemerckt MR 36

vier dito gemerckt IM

seven dito hs of hf [dubieus]

dartien dito ongemerckt en sesentwintig van alderhande soort

ses taeffellakens den block grene

vijff taefellakens besondere soort

drie lange taeffellakens besondere soort

item nog ses taeffellakens

vijff kraenen oogen taeffellakens

ses trille dito

twaelff trille en kranen oogen doekjens

vier handdoeken

een paer tweebaanse slaaplakens ongeteekent

twee paer dito besondere

achtendatig kusseslopen soo goede als quade

negen kleijne kussesloopjens

achtien paer slaeplakens soor goede als quade

vier kamerdoekse en vier linde korte gordijnen

een kamerdioekse gordijn met een rabatje

twee lange en een korte linde gordijnen

seven prente met een lijsje

seven ellen fijn linde

seven en een vierde ellen dito minder

dartien en een halff allen dito minder

vijff ellen dito minder

twee ellen dito

een stuck linde bij de wever

twaelff en een halff ellen peelen sijnde Block

vijff en een halff ellen neteldoeck

drieëntwintig vrouwenhemden soo goede als quade

drie manshemden

een lange nieuwe sits en drie ellen katoen

twee sitse japons los getornt

een katoebe spreij

een katoene kinderdeeken

een witte luier

een geel amosijnen doordoek met kanten

drie kinderrockjens

twee doopmut[s]jens

een witte laken wendel

twaelff kinder bovenmutsjens

ses hullen en negen slebben

twee kinde rkatoene en een gebreijt borstrockje

twee oude katoene lappen

een spellekussen

tien ondermutsen

ses vrouwe witte nagtkapjens

vijff neerstjens met kant

drie neteldoeke en drie linde voorschoijen

vier kleine neteldoeke voorschootjens

seventien linde mutsen met en sonder kant

tien treckmutsen

tien neteldoeke hals neusdoeken en een hals feijteltje

vier swarte sije kappen en een swarte huijkekap

root armosijne voeder

een paer witte gaarne kinderkoussen

een laeij mt alderhande lappen

twee copere haken

een swarte borst

een nieuw slaaplaken ongenaeijt

ontrenteen en een quart ellen linden groff

ses kleijne witte borstrockjen met een vrouwe en een mans

een swarte moff

een swarte seije rock

vier paer mouwen

drie paer lobben en …back neusdoeken

een seije voorschootje

een waijer

twee calotmutsen

een kante kleetje int cabinet

int wageschotte cabinet een kante kleetje en verder kleederen en linden tot den lijve der kinderen gehoorende
in de keucken:

een glase lanteren

een wapen

twee linde gordijnen met rabatten voor de glasen

een spiegel en twee schilderijtjens

een taeffeltje met een katoene kleet

sestien blauwe schottelen met een quispedoortje [spuwbakje]

acht blauwe bottelschotteltjens

acht blauwe borden

een wit en een blauwe schoorsteenkleetje

twee dosijn bruijn postelijn geschonden

een spoelkom en ses kopjens geschonden

een albaste teebus met seven stelseltjens

een teereck vier hoog

twee teeblatjens

een barometer

een ijsere kroon

een rieten benneken met een dambort en schijven

een glase kas met een kante rabatje daer in

tweeëntwintig tinne schotelen wegen tsamen vier enseventig en drievierd epont

vierenvijfftig tinne borden wegens seventig pont

tien en een vierde pont tin sonder fatsoen

seven tinne waterpotten

een tinne fles

een steeckbeekken en een tinnen deurslag

een tinnen beeker

een haspel

drie haspel houtjes en ses klossen

een tinne deurslag en een schenckbort

twee tinne kandelaers

een soutvat en een tinnen treckpotje

een keteltje

een backje

een Keulse kan met een tinnen decksel en drie lepels

een tinne tabacksdoos

drie tinne kannen

drie tinne treckpotten goet en versleten

twee tinne kommen

twee dito soutvaten en een peperbus

een dito mostaertpot en een inctkoker

een koopere coffykan

een kopere teeketel en comfoor

een koopere broederpan

twee poppe kandelaartjens

een koopere betpan en een taeffelrinck

een druijplepel en een vuerschop

een tabaxcomfoor

twee copere braeijschottels

vier coopere blakers en ee kleijnen deurslaje

een coffykanneke en een coopere vijsel met de stamper

een coopere taartedecksel

twee coopere ketels en drie decksels

twee kandelaars en een metale vijsel

twee coopere lampen

een kandelaer met een houte voet

twee strijkijsers

een rootcooper eteekketeltje

twee blecke blakers

een blecke keersedoos, tang, schup, vleesriek en een brantpriem

een ijsere lat en een plaat

een slaende huijs horologie

een schilderije

twee recke

twee toeslaande, een hangende en een teetaeffel met een kindertaeffeltje

sevenentwintig stoelen soo groote, kleijne, goede en quade

een ben, een brootboek en lepelbackje

een postelijne spoelkom en een olyflesje

een aenrigt, ses messen en een quaat ijsere comfoir

twee groene saije gordijnen met een rabatje

een bet, een peuling en vier kussens met smalle streep

twee witte wolle deeckens

onder aen d’eene zijde in de glase kas alderhande lappen en prullen

een waeffelijser

een broederpan


in de groote kelder:

een stelling


op de solder:

twee spinnewielen en een kinder chaisje

een mant met lappen en een vleeston

een laeij met vijffendartig keersvorinen

een kammenbort en een eijcke kist

een duijvekot en een slee

een mostaartmoolen

vijff schaatse

een partij out ijser

een oude lessenaar

twee vogelkotjens en twee slagkoijen

twee kruijke

een muijseval en drie kisjens

een pruijke bol en een bruijne mantel

een kist

een swarte mansmoff

vier manden en drie pijpemantjens

verder alderhande rommelderij


opt comptoirkamerke:

vijff bedde, vijff peulingen, ses kussens en ses deeckens

een out ledikantje met wit behangsel

een rustbanck

een kleijn kasje waer in eenige boeken

nog een kasje

twee suijkerkisjens en een kleerback

een kindertaeffeltje


op de kelderkamer:

een kist met een katoene kleet

een groen casante schouwkleet

een sware seije rock los getornt

een los getornt kinderrockje

een sije gestrickten rock

een catoene japon

een gestreepte stoffe japon

vier katoene jacken

een flemmie gestreept en borstrock

een reckje

tien blauwe borden goede en quade en drie postelijne boterschoteltjens

eenige glasen en gebrooke postelijneen stilletje met een pot

een eijcke lessenaer waer in eenige oude papieren

een eijcken taeffeltje

twee teeblatjens en een schilderij

een bet, hooftpeuling, twee kussens, twee deeckens en een veere voetpeuling

een geel streijkdekentje en een raagbol


in de kelder:

een groote en een kleijne bierstelling

een oexhooft met nog eenige wijn

een leedig stroopvatje

eenigen asijn op een vat

ses steene boterpotten

een pijppot met vet en twee bodemen vet
in de winckel:

twaelff tonnekens soo groote als kleijne

tien blecke teebussen waer in nog eenige tee

een kisje met eenige grut

een lap witte flemmie en twee lapkens sersij

een lap pouver soldaet

een busseltje keersgaren, eenig garen, lint, seij, grove kantjens en nestels

eenige verff, drie coopere en ses houte kranen

eenige snuijf

een lap roijnen baeij

drie lappen flemmie en seven lapjes catoen

drie lappe broeckstreep

drie lapjes kennepe linden

een lapje tierentijn

twee lapjens caleminck

een lapje dobbelsteen

een lapje greijn

een lapje brugse streep en een lapje swarte streep

een lap grauw linden

een lap bruijn voeijercatoen

ses blecke doosjens waer in eenige anijssaet en kruijt etc.

eenige gember en tien houte doosjens

een tinne boterdoos met wat saffraan

vier stoopkens en kannekens en een steene pottje

twee bennekens

drie blecke, twee coopere en een tinnen tregter

eenendertig pont soo leije als ijsere gewigt

vier tinne en vier blecke maten

vier coopere schaaltjens en twee balanchies

twee houte schalen met een ijseren boom

een coffymolen

een uijttreekende taeffel met nog een taeffel daer tegen

een rolleke taback en een nijptang

twee paer wollen hantschoenen en een muts

negen paer wolle koussen soo groote als cleijne en een paer hantschoentjens

een spiegeltje en een scherm

een aerde scheerbecken en een kleerback

een reckje

een ijsere vonthengel

een quade lanteeren en een quade sonnewijser

een halff vat en seven kleijne houte maten

eenige baaltjens

twee vierkante flessen

eenige winckelplancken en cleijne rommelderij

een bosje breij ijsers en een bel
op de plaets:

een regenton en een asback

elff vaetjens en een vlootje

een ouden backtrog

ses schragen en een taeffel

een ouden kruijwagen

een lange taeffel en een schabel

een schoep, vijff schoffel en rieck

verders van alderhande rommelderij

hout en torff met eenige rommelderij in het branthuijs


int agterkeukentje:

twee roosters

een hangijser en koekpan

een ijsere plaet en ketting

een coopere rasp

twee tangen

een oude coopere ketel en een out panneken

vier ijsere potten endrie coopere decksels

een coopere vleesketel

twee vuerijsers en een haartijser

een coopere wasketel

een emmer en een blaespijp

een ijsere braeijpan met twee spitten

een hengelkorff

een blecke doosje

eenige aerde potten en schootels

twee staende vuerijsers

een reck en een oude coopere teeketel

een ijsere treft met nog eenige rommelderij
opt soldertje:

een blat op een taeffel

eenig out ijser

twee tonnekens en een ouden tree met nog eenige rommelderij



goederen die onder anderen zijn berustende:

bij Petrus Zeijlmans een bet, hooftpeuling en een deken heel slegt

bij Bastiaen van Heijst een bet en hooftpeuling

bij de weduwe van Ophuijsen een bet, hooftpeuling en twee kussens

een kribbeke, een taeffel met een schalij ingeleijt en een katoene behangsel daer om

bij N.Zijnen een astrolabium en een ketting met den transporteur

bij J.Roessing een silvere sack horologie dog staet te weten dat ’t selve wert gestelt tegens ’t gout en silver van de andere kinderen als alleen dat Elias daer en tegens ook een horologie moet hebben

een nooteboomen lessenaer

nog eenige boeken

bij Cluijtmans een wieg


5e kapittel van schulden waarmee de boedel is bezwaard:

bij Nicolaes Zijnen bij deling in vergelijk van kaveling 137 gl. en 10 st. met de verlopen intrest van dien

aan Willem de Five wegens leverantie van gedistilleerde wateren 64 gl. 10 st.

aan Gerardus Deckers wegens leverantie als voor 14 gl. en 15 st. en 10 penn.

aan Paulus de Haas wegens leverantie van tabak [bedrag niet ingevuld]

aan Jan van Velsen wegens leverantie van winkelwaren [bedrag niet ingevuld]

aan Lomans wegens leverantie van waren [bedrag niet ingevuld]

aan de weduwe Veldriel wegens leverantie [bedrag niet ingevuld]

aan de weduwe van Ophuijsen wegens leverantie van winkelwaren [bedrag niet ingevuld]

aan de Heer professor Mobachius Quaet wegens geleverde medicijnen [bedrag niet ingevuld]

aan Innocentius Egidius Bernuly wegens geleverde medicijnen [bedrag niet ingevuld]
Aldus gedaan etc. verklarende niets te hebben verduisterd of achtergehouden etc.
folio 219 verso – 30 september 1743

Verklaring van Willem Aert Dobbelsteen president-schepen bij absentie van de stadhouder t.b.v. het hoog officie over een man die zich bij hem vervoegd bij zich hebbende een vrouw die permisie vraagt om op maandag te Schijndel een aalmoes te mogen vragen om daarmee enig geld te bekomen om vervolgens zijn zoon die te Amsterdam lag en wiens been was afgezet naar huis te kunnen halen; van de president-schepen kreeg hij te verstaan ‘Gij benmt al enige dage hier geweest en sout al te lang int dorp blijven’, waarop die man zei: ‘Het is gisteren heijligendag geweest en vandaeg sondag op welcke dag wij geen aalmoes hebben willen vragen en komennu om permissie van morgen, sijnde maendag, om om te gaen’. Dobbelsteen zegt dan: ‘Ik heet u niet off ik verbiet u niet’ en hij heeft ‘na aendagtige praelecture daer wij gepersisteert presenteerende het selve [des noots en verzocht werdende] met heijlige eede ter verstercken.
folio 220 – 30 september 1743

Arrest van goederen van o.a. Cornelis van Campen, Jan Hendricx van der Spanck, Jan Jan Rutten van Dijck, Hendrik Dortmans, Eijmbert Symons Verhaigen, Nelis Aert Joosten, Jan Anthony Snellers, Jan Wouter Dircx, Hendrik Bartel Rijckers, Johannis Janse van Dijk, Jan Hermens van der Callen, Lambert Verweij, Jan Jan Ooms, Jan Janse Veraelst, Lambert van der Laerschot, Marten en Hendrina van der Laerschot, Bartel Wijnant Schevers, Aelbert Janse van den Boogert, de kinderen van Hendrik van Gerwen, Willem Jan Willems van Heretum

folio 222 – 4 oktober 1743



Staat en inventaris van Adriaentje Geerit Hendrick Geerits nagelaten aan Jan Claesse Vercuijlen o.a. huis op de Steeg
folio 225 – 8 oktober 1743

Ontlastbrief via regerend armmeester Jan Willems van den Boogaerd t.b.v. de armentafel van Berlicum i.v.m. Arnoldus Huijbers van der Heijden die is getrouwd met Hendrina van Houtem uit Middelrode
folio 225 verso – 8 oktober 1743

Ontlastbrief via regerend armmeester Jan Willems van den Boogert t.b.v. de armentafel van Berlicum i.v.m. Lambert Peter Steenbackers grtrouwd met Maria Delis Geerits van den Akker geboortig van Middelrode
folio 226 – 26 oktober 1743

Ontlastbrief via regerend armmeester Jan Willems van den Boogaerdt t.b.v. de armentafel van Berlicum i.v.m.Johannis Jansse van Dinther die is gehuwd met Barbara Thonis van Gerwen uit Berlicum
folio 227 – 31 oktober 1743

Verklaring van Aert Janssen Verhoeven en Peter van den Bergh schepenen en Johannis Jan Ancems van der Eerden van competente ouderdom t.b.v. kwartierschout Willem van Haaren nl. dat Van der Eerden op maandag de 28e ’s morgens omtrent de klok van half tien zich heeft begeven naar Boxtel waar het jaarmarkt was op die dag en dat hij na zij naffoaires afgehandeld te hebben is gegaan naar het nieuwe, nog niet voltooide huis, van Franscus van der Eerden zijn neef en heeft dat huis bezichtigd. Daarna is hij naar een zekere Pijnenburg gegaan die daar dichtbij woonde en heeft daar Willem Jan Geerits van der Aa getroffen en na een drankje genomen te hebben heeft hij Pijnenburg verzocht om hem, samen met genoemde Van der Aa, op de juiste weg naar Schijndel te zetten wat P. ook gedaan heeft. Ter hoogte van de Casterense watermolen zei Van der Aa tegen Van der Eerden : “Daer is een stuk peperkoeck”wat hij met een mes aan stukken sneed. Van der Eerden nam het aan, maar Van der Aa begon met dat blote mes rond te zwaaien en toonde zich ‘zeer dol’. Van der Eerden viel op zijn knieën en bad Van der Aa dat blote mes niet tegen hem te gebruiken en hoorde Van der Aa ‘schrickelijck vloeken en dreigementen uiten Van der Eerden ‘over sijn lijff te sneijden’. Vander Eerden nam de vlucht maar werd door Van der Aa achtervolgd en bij Van der Eerden gekomen, met nog steeds het mes in zijn hand riep hij: “Staet honsvot, mordieu staet vast”. Daarop draaide Van der Eerden zich om en sloeg naar Van der Aa met een stok die onophoudelijk probeerde te steken met het mes. Terwijl Van der Eerden achteruit liep viel hij ter aarde en raakte tot drie keer toe gewond nl. een steek beneden in de linkerborst en de twee andere van achte rop de rug. Van der Eerden schreeuwde het uit en riep om hulp. Nadien zijn diverse mensen bij hem gekomen en is door hen naar een huis gebracht in de buurt, Maar Van der Eerdne kent de hun namen niet en door het bloeden was hij buiten kennis geraakt. Uiteindelijk verklaart Van der Eerden dat hij helemaal geen woorden met Van der Aa heeft gehad en ook niet begrijpt waarom hem die wonden zijn toegebracht.
folio 228 verso – 23 november 1743

Machtiging door Adriaan Gijsbert van der Schoot t.b.v. de Heer Pieter Hoijer procureur voor de Raad en Leenhof van Brabant om namens hem een proces voort te zetten tegen Anneken Laurens Pijnenborgh weduwe van wijlen Lambert de Wijs wonende te Udenhout [zie ook voor een vervolg folio 235]
folio 229 verso – 14 december 1744

Interrogatie t.b.v. Peter van den Bogaart molenaar te Groot Lith en de ondervraagde is Hendrik van Vechel die verklaart ca. 30 jaren oud te zijn, woonachtig te Lith en wel sinds 1724, de molenaar Peter van den Bogaard goed te kennen en ook Adriaen Gijsbert Smits te Schijndel te kennen, die in een procedure verwikkeld waren t.a.v. de [ver]koop van 30 zakken gerst
folio 234 – 21 december 1743

Verklaring door Adriaen Willem Evers, Jenneken Cornelissen weduwe Rover van den Groenendael en Adriaen Hendrik Olyslagers als momboir over Herman zoon van Jan Hemmens als gerechtigde collateurs van het beneficie van de Sint Leonarduskapel te Beek en Donk te betalen aan rentmeester de Kempenaer rentmeester der geestelijke goederen over Peelland welke beneficie is gegunstigd aan Gijsbertus de Jong Gerarduszoon voor een periode voor 9 jaren volgens een akte daaromtrent gepasseerd te Veghel op 12 december 1740; Gijsbertus de Jong heeft zich vervolgens in een rekest gewend tot de Staten Generaal om acceptatie van dit collatorschap.

folio 235 verso – 20 januari 1744



Staat en inventaris die Luijcas Janse van den Bogert heeft nagelaten aan zijn twee minderjarige kinderen waarvan d evoogden zijn Adriaen Hendrik Huibens en Corstiaen Gijsberrs Verhagen o.a. een huis onder Elschot
folio 238 verso – 23 januari 1744

Overeenkomst of akkoord tussen de schepenen van Schijndel en Lambert van den Boome uit Sint Oedenrode i.v.m. het collecteren van de gemene middelen over het dorp Schijndel 1743-1744
folio 240 – 25 januari 1744

Afstand van tochtrecht door Goijert Adriaens van Ballecom woonachtig te Schijndel op goederen hem als langstlevende aangekomen door het overlijden van Anneke Janssen van Gogh zijn vrouw t.b.v. Adriaentje zijn minderjarige dochter
folio 240 verso – 6 februari 1744

Ontlastbrief via regerend armmeester Rogier van der Wiel t.b.v. de armentafel van Best i.v.m. Jenneken Dircx van Dijck die aich aldaar wilde vestigen bij Claes Claessen van der Heijden
folio 241 verso – 24 februari 1744

Interrogatie waarin Aart Hermens van Heeswijk ter instantie van Hendrik Jansse Verhagen geassisteerd met Lucas Rijsterborgh in 12 artikelen betreffende huishuur en levering van hop
folio 244 – 24 februari 1744

Verklaring der schepenen op verzoek van een zekere David Hartogh die voornemens was zich metterwoon te Oisterwijk te vestigen en de magistraat aldaar verlangde een attestatie van goed gedrag
folio 244 verso – 14 maart 1744

Ontlastbrief via regerend armmeester Rogier van der Wiel t.b.v. de armentafel van Uden in het land van Ravenstein voor Anthony Huyberts Strick en Maria Peter Broeren
folio 245 – 4 april 1744 [met de * is het geworden]

Nominatie van borgemeesters nl. voor Wijbosch: Johannis Jan Lamberts Verhagen * en Jan Gijsberts van den Bogert, voor Lutteleind: Johannis Teunis Schoenmakers en Claes Janse van Weert *, voor Borne: Hendrik Hendrik Rijnders * en Jan Hendrik Heijmens, voor Elschot Gevert Geelling Gevers * en Wijnant Peeters van de Ven en voor de Broekstraat Willem Aarts van der Aa
folio 246 verso – 13 april 1744

Verklaring van goed gedrag voor Claes Janse Heesackers die voornemens is te trouwen met Sibilla Hermens geboortig van Overasselt
folio 247 – 4 mei 1744

Deling van goederen van Antony, Jennemaria, en Paulus meerderjarige zonen en dochter, Geerit Paulus Smits verwekt bij Mechel zijn vrouw dochter van Jan Teunis van der Spanck samen met Willem Geerit Cuijpers man van Elisabeth zijn vrouw dochter van Geerit en Mechel, Jan Jansse van der Spanck en Willem Jan Hendrick Rutten voogden over Jan minderjarige zoon van Geerit en Mechel [lange akte]
folio 253 verso – 18 mei 1744

Wederroeping van haar testament van 3 augutus 1720 door Maria Luijkas Hellincx bejaarde jonge dochter
folio 254 – 20 mei 1744

Deling van goederen onder Hendrick Paulus Pijnenburg man van Jennemaria dr.v.Hendrik Jansse van den Bogert verwekt bij Jenneken zijn vrouw dr.v.Teunos Goyaert Schoenmakers, Hendrik Willems van den Bogert en Johannes Teunis Schoenmakers voogden over Hendrina, Catharina, Anbthonetta en Hendricus minderjarige kidneren van Hendri ken Jenneken
folio 259 – 29 mei 1744

Visitatie van een huis in de Broekstraat ter plaatese in den Engel op verzoek van Jan Jansse van de Ven wonende onder Sint Michielgestel welk huis hij heeft gekocht van Fransus Anthonis Verhoeven, welk huis geheel vervallen en onreperabel was met nadere details over allerlei defecten aan het huis en de diverse vertrekken
folio 260 – 5 juni 1744

Testament van Teunis Janse van den Bogert eerst weduwnaar van Helena Jacob Dircx van Berkel en Jenneken Adriaen Corsten van Heeswijck zijn tegenwoordige huisvrouw
folio 262 – 8 juni 1744

Getuigenverklaring van Ruth van Berkel uit Eindhoven en Jan Verhagen beiden van competente ouderdom ten behoeve van Eijmbert Verhagen i.v.m. de inning van een bepaald geldbedrag van Pieter Broohees te Vught in welke akte ook genoemd worden Gerit Gons als dienstknecht van Pieter Broohees en Pieter van Schaeke dienstknecht van de Heer de Bock dit n.a.v. de koop van ‘sekere hamme’
folio 263 – 13 juni 1744

Machtiging door Hendrik Hijmans uit Olland onder Sint Oedenrode aan Thomas Gerbrands om zich naar Den Bosch te begeven en aldaar te ontvangen de penningen n.a.v. de evictie van de verkochte goederen van Peter Aarts van Gogh wonende te Dinther


folio 263 verso – 13 juni 1744

Deling van goederen onder Cornelis Driessen Walraven gehuwd met Anna Maria Paulus van de Ven verwekt bij Jacomijna Hendrik van den Akker, Adriaan Wellens van Empel van der zoon Wilhelmus verwekt bij Anthonetta ook een dochter van Paulus, Mathijs Hendrik van Padua gehuwd met Maria Peters van Helvoirt eerst weduwe van Jan Paulus van de Ven een zoon van genoemde Paulus, Lucas van de Ven
folio 266 – 19 juni 1744

Inventarisatie van goederen opgemaakt door Thomas Gerbrands uit kracht van authorisatie dd. 15 juni 1744 van Lambert van den Boome collecteur der gemene middelen over 1742 betreffende het huis van de weduwe Herman op d’Aa wonende in het Wijbosch
folio 267 – 24 juni 1744

Johannis Jan Lambers Verhagen borgemeester van de hoek Wijbosch, Claes Janse van Weert borgemeester van de hoek Lutteleind, Hendrik Hendrik Rijnders borgemeester van de hoek Borne, Gevert Geerling Gevers borgemeester van de hoek Elschot en Willem Aerts van der Aa borgemeester van de Broekstraat aan de ene kant en Willem Blonket vorster en gerechtsbode te Dinther aan de andere kanti.v.m. het collecteren en administreren van hun borgemeestersboeken


EINDE VAN DIT INVENTARISNUMMER

1   2   3   4


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina