Sectorreferentiedocument over de productie van veilige voedermiddelen uit biodieselverwerking Versie 1 Van kracht met ingang van november 2014 Sectoren waarop de Europese gids betrekking heeft



Dovnload 182.56 Kb.
Pagina1/4
Datum24.08.2016
Grootte182.56 Kb.
  1   2   3   4

Europese gids voor goede praktijken voor de industriële productie van veilige voedermiddelen



Sectorreferentiedocument over de productie van veilige voedermiddelen uit biodieselverwerking
Versie 1.1

Van kracht met ingang van november 2014

Sectoren waarop de Europese gids betrekking heeft

De onderstaande sectorspecifieke sectordocumenten zijn door de respectieve Europese sectororganisaties in samenwerking met EFISC opgesteld.


Starch Europe Sectorreferentiedocument over de productie van veilige voedermiddelen uit zetmeelverwerking

FEDIOL Sectorreferentiedocument over de productie van veilige voedermiddelen afkomstig van het breken van oliehoudende zaden en de raffinage van plantaardige oliën



EBB Sectorreferentiedocument over de productie van veilige voedermiddelen uit biodieselverwerking
Deze Europese gids kan door andere producenten van voedermiddelen worden aangevuld met een sectorspecifiek document.
Informatie over de EBB
U kunt contact opnemen met:
European Biodiesel Board (EBB) EBB
Sint-Michielslaan 34 European Biodiesel Board
1040 Brussel, BELGIË
Tel.: +32 27632477
Fax: +32 27630457

E-mail: ebb@ebb-eu.org

Website: www.ebb-eu.org
Informatie over EFISC

EFISC

European Feed Ingredients Safety Certification

U kunt contact opnemen met:


EFISC Aisbl

Kunstlaan 43 p/a Starch Europe

1040 Brussel

Tel.: + 32 27715330

Fax: + 32 27713817

E-mail: mailto:info@efisc.eu

Website: www.efisc.eu

Publicatiegegevens en auteursrechtinformatie

Alle rechten voorbehouden ©EFISC ivzw

Versie 1.1

Van kracht met ingang van: november 2014


In dit sectordocument over biodiesel worden de productieprocessen van dierlijk vet/afgewerkte olie en de daarvan afgeleide voedermiddelen buiten beschouwing gelaten en derhalve uitgesloten van dit sectordocument en EFISC-certificering.
Deze risicobeoordeling bouwt voort op het sectorreferentiedocument van FEDIOL (bijlage 4 bij de Europese gids voor goede praktijken voor de industriële productie van veilige voedermiddelen) over de productie van plantaardige oliën. Derhalve vormt het vervoer van het binnenkomende materiaal het uitgangspunt.

1.Inleiding

De leden van de European Biodiesel Board (hierna EBB genoemd) produceren naast biodiesel een aantal bijproducten voor diervoeder en voor technische doeleinden. De EBB telt bijna 80 aangesloten ondernemingen en verenigingen in 21 EU-lidstaten.


De leden van de EBB streven ernaar veilige voedermiddelen te produceren en aan te tonen dat zij aan de Europese gezondheids- en veiligheidseisen voldoen. Met name in het kader van Verordening (EG) nr. 183/2005 betreffende diervoederhygiëne en binnen de catalogus van voedermiddelen (Verordening (EU) nr. 68/2013).
Biodiesel is een hernieuwbare brandstof en biedt een duurzaam alternatief voor fossiele brandstoffen. Biodiesel zorgt in het Europese vervoer voor een vermindering van de uitstoot van broeikasgassen en levert daarnaast grote hoeveelheden glycerine dat voor diervoeder wordt gebruikt, alsook andere bijproducten voor technisch gebruik.
Het volgende document beoogt biodieselinstallaties te helpen veilige voedermiddelen te leveren. De EBB heeft risicobeoordelingen van de voedermiddelenketen uitgevoerd voor het belangrijkste binnenkomende materiaal dat door zijn industrie wordt verwerkt. Deze beoordelingen bieden biodieselfabrikanten een instrument om hun eigen beheersysteem voor voederveiligheid te evalueren. Ze ondersteunen deze fabrikanten ook in hun gesprekken over het beheren van de keten met hun klanten, leveranciers en andere belanghebbenden. Bij risicobeoordelingen waar wordt gesproken over controlemaatregelen, wordt verder ingegaan op het HACCP-concept en de ondersteunende basisvoorwaardenprogramma’s zoals vermeld in hoofdstuk 5 en 6 van de begeleidende Europese gids.
De EBB wil graag benadrukken dat ondernemingen eerstverantwoordelijk blijven voor de levering van veilig diervoeder en dat deze risicobeoordeling geen enkele verantwoordelijkheid kan vervangen.

Inhoudsopgave


1.Inleiding 4

2.Lijst van voedermiddelen 6

3.Procesbeschrijving van biodiesel 8

3.1.Ontvangst van plantaardige olie 8

3.2.Reactiefase/omestering 9

3.3.Scheidingsfase 9

3.4.Verzuring en scheiding van vrije vetzuren 9

3.5.Neutralisatie van glycerine 9

3.6.Methylesterwassing 10

3.7.Opslag 10

3.8.Vervoer 10

1.Stroomschema van het productieproces van biodiesel 10

4.Risicobeoordeling 12

4.1.De EBB heeft het volgende binnenkomende materiaal onderworpen aan een risicobeoordeling van de diervoederketen 12

4.2.Samenvatting van de risicogebaseerde benadering voor de biodieselsector 12

4.3.Risicogebaseerde benadering voor de karakterisering van gevaren die samenhangen met voedermiddelen die afkomstig zijn van de productie van biodiesel 13

4.4.Procedure voor het uitvoeren van risicobeoordelingen 15

8. Risicogebaseerde benadering voor glycerine 16

9. Minimale monitoring 26



2.Lijst van voedermiddelen

De belangrijkste grondstoffen die door de Europese biodieselindustrie worden verwerkt zijn raapzaadolie, sojaolie, zonnebloemolie en palmolie in combinatie met methanol.


De catalogus van voedermiddelen van de Europese Unie voorziet in een gemeenschappelijk systeem in de EU voor de beschrijving en etikettering van voedermiddelen. De catalogus omvat, voor ieder opgenomen voedermiddel, de naam van het product, een identificatienummer, een beschrijving van het voedermiddel, zo nodig met inbegrip van informatie over het productieproces, en de gegevens ter vervanging van de verplichte vermelding in de zin van artikel 16, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 767/2009.
Onderstaand een lijst van biodieselgerelateerde voedermiddelen die onder Verordening (EU) nr. 68/2013 vallen (aangepast voor plantaardige oorsprong).

Ruwe glycerine


13.8.1

Bijproduct dat wordt verkregen uit:

- het oleochemische proces van het splitsen van olie/vet om vetzuren en sweet water te verkrijgen, gevolgd door concentratie van het sweet water om ruwe glycerol te verkrijgen, dan wel door omestering (mag ten hoogste 0,5 % methanol bevatten) van natuurlijke oliën/vetten om methylesters van vetzuur en sweet water te verkrijgen, gevolgd door concentratie van het sweet water om ruwe glycerol te verkrijgen;

- de productie van biodiesel (methyl- of ethylesters van vetzuren) door omestering van oliën en vetten van onbepaalde plantaardige oorsprong. In de glycerol kunnen minerale en organische zouten achterblijven (ten hoogste 7,5 %).

Mag ten hoogste 0,5 % methanol en ten hoogste 4 % MONG (Matter Organic Non Glycerol), bestaande uit methylesters van vetzuren, ethylesters van vetzuren, vrije vetzuren en glyceriden, bevatten;

- verzeping van oliën/vetten van plantaardige oorsprong, gewoonlijk met alkali-/aardalkalimetalen, om zeep te verkrijgen.

Mag ten hoogste 50 ppm nikkel bevatten door hydrogenering.



Glycerine

13.8.2

Product dat wordt verkregen uit:

- het oleochemische proces van a) het splitsen van olie/vet gevolgd door concentratie van sweet waters en raffinage door middel van destillatie (zie deel B, glossarium van procedés, punt 20) of ionenwisseling, b) omestering van natuurlijke oliën/vetten om methylesters van vetzuren en ruw sweet water te verkrijgen, gevolgd door concentratie van het sweet water om ruwe glycerol te verkrijgen en raffinage door middel van destillatie of ionenwisseling;

- de productie van biodiesel (methyl- of ethylesters van vetzuren) door omestering van oliën en vetten van onbepaalde plantaardige oorsprong, gevolgd door het raffineren van de glycerol. Minimaal glycerolgehalte:

99 % in de droge stof);

- verzeping van oliën/vetten van plantaardige oorsprong, gewoonlijk met alkali-/aardalkalimetalen, om zeep te verkrijgen, gevolgd door het raffineren van de ruwe glycerol en destillatie.

Mag ten hoogste 50 ppm nikkel bevatten door hydrogenering.




2.1 Technische hulpstoffen die mogelijk tijdens de behandeling en verwerking worden gebruikt

Water


Aluminiumsulfaat

Citroenzuur

IJzer(III)chloride

Zoutzuur


Kaliumhydroxide

Natriumhydroxide

Natriummethoxide

Zwavelzuur

Fosforzuur

Tolueensulfonzuur


Deze lijst is niet limitatief.


  1   2   3   4


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina