Slovenië. De grotten van Postojna (Postojnska Jama)



Dovnload 32.94 Kb.
Datum18.08.2016
Grootte32.94 Kb.

Slovenië.



De grotten van Postojna (Postojnska Jama).

  • Het verkennen van de grotten van Postojna is eigenlijk een must voor iede­re bezoeker van Slovenië die er nog nooit is geweest.

  • Het Postojna grottenstelsel is het grootste in het klassieke Karstgebied.

  • In totaal is het zo'n 23 km lang en bestaat uit een netwerk van doorgangen en za­len, gevuld met grillige rotsformaties, stalactieten- en stalagmietenvelden en andere druipsteenafzettingen en speleo­logische verschijnselen.

  • `Een beangsti­gend tafereel aan de rand van de hel,' zo beschreef de befaamde chroniqueur Valvasor in de 17de eeuw het grottenstelsel.

  • Maar hij had dan ook geen elektrisch licht tot zijn beschikking.

  • Het grottenstelsel is al eeuwen bekend.

  • In de Middeleeuwen werd het reeds ge­noemd, en bij de ingang kun je graffiti zien die in ongeveer 1270 zijn aange­bracht.

  • Vanaf de 17de eeuw zijn weten­schappers naar binnen gegaan om er de Karst verschijnselen te bestuderen.

  • Sinds 1818 zijn de Postojna grotten ook een toe­ristische attractie.

  • Luka Čeč ontdekte in dat jaar de interessantste passages, en een jaar later al was het bekende deel van de grotten toegankelijk gemaakt voor toeris­ten.

  • In 1872 werden de eerste rails onder de grond aangelegd.

  • Het is vermakelijk om op oude gravures en later foto's uit die periode te zien hoe eenvoudige arbei­ders de treinkarretjes voortduwden met daarin de opgedofte dames en heren (al­leen die konden zich destijds toerisme veroorloven).

  • Twaalf jaar later werd een nieuwe mijlpaal bereikt: elektrisch licht.

  • Sindsdien hebben miljoenen mensen een kijkje genomen in een van de indrukwek­kendste grottenstelsels ter wereld.

  • Eind jaren tachtig was het bezoekersaantal in de zomer al opgelopen tot 8000 à 10.000 mensen per dag.

  • In 1991 zakte dat aantal door de beginnende Joegoslavische oor­logen dramatisch terug tot 145, maar na­dien komen er jaarlijks alweer enige honderd duizenden bezoekers.

  • De Postojna ­grotten hebben daarmee hun positie van drukst bezochte grotten van Europa weer heroverd.

De klassieke karst.

  • In de Sloveense bodem bevinden zich de mooiste kalksteengrotten van Europa, met wonderlijke druipsteenformaties, onderaardse meren en rivieren en alles wat er nog meer bij hoort.

  • Zo'n 46 procent van het Sloveense grondgebied heeft een poreuze kalksteenbodem, waarin zich meer dan 7000 tot dusverre bekende grotten bevinden.

  • Het wereldberoemde klassieke Karstgebied (Kras in het Sloveens) ligt ook voor het overgrote deel in Slovenië.

  • Het is het gebied dat ruwweg tussen de Julische Alpen en Zuid Slovenië ligt.

  • In het westen loopt het door tot net over de Italiaanse grens, in het oosten ligt de grens ten westen van Ljubljana.

  • Het kalkgesteente waaruit de bodem in dit gebied bestaat, is zo zacht dat rivier- en regenwater er in enke­le miljoenen jaren een reusachtige ondergrondse gatenkaas van heb­ben kunnen maken.

  • Voor speleologen is de kaas al heel lang onder­werp van uitgebreide studie.

  • Desondanks is van de tientallen kilome­ters aan grottenstelsels bij lange na nog niet alles verkend en in kaart gebracht.

  • Dit centrale karstgebied in Slovenië is trouwens zo archetypisch dat vergelijkbare kalksteengebieden elders in de wereld 'karst landschappen' worden genoemd.

  • Ter onderscheid wordt het centrale Sloveense kalk­steengebied de 'klassieke Karst' genoemd, met een hoofdletter K dus.

  • Worden speleologen ogenblikkelijk opgewonden als je de term 'Karst' laat vallen, de boeren in het gebied zijn er helemaal niet blij mee.

  • Landbouw in dit soort kalksteengebieden is erg moeilijk.

  • Regenwater zakt veel te snel weg in de poreuze bodem, zodat vooral 's zomers wa­ter een schaars goed kan zijn, ondanks de talrijke bronnen, stroompjes en rivieren die her en der in en uit de bodem komen en ondanks het feit dat er jaarlijks zo'n 1600 mm hemelwater naar beneden komt.

  • De regelmatige droogte van de bodem dwong boeren vroeger ingeni­euze oplossingen te bedenken voor de waterproblemen.

  • Zo groef men kunstmatige vijvers met een dikke kleilaag op de bodem bij de dorpen.

  • Deze vijvers werden in de zomer bewaakt tegen waterdieven, zo kostbaar was de vloeistof soms.

  • Bij de boerderijen werd elke drup­pel gespaard.

  • Men zorgde ervoor dat regenwater in cisternen werd opgevangen, terwijl zelfs het bad- en waswater werd bewaard voor de koeien.

  • Een culinaire specialiteit van het Karstgebied is de overal opduikende karstham.

  • De dure ham, vergelijkbaar met de jamón serrano uit Spanje of de parmaham uit Italië, verkrijgt zijn specifieke smaak door droging in de gevreesde, koude burja (of bora), de straffe wind die 's winters vanaf de bergen naar de Adriatische Zee kan waaien.

  • Naast de karst­ham streelt verder ook de donkerrode Teranwijn van het Karstgebied menig tong als specialiteit van de streek.

Rondleidingen.

  • De grotten van Postojna bevinden zich aan de noordelijke rand van het Pos­tojna bekken, op 55 km van Ljubljana.

  • De hoofdingang ligt 1 km buiten het cen­trum van Postojna.

  • De ingang is niet te missen, want overal staan borden.

  • Ter plekke zijn grote parkeerplaatsen aange­legd en aan de voet van de rotswand met de hoofdentree vind je hotels, terrassen en talrijke souvenirstalletjes: de grotten van Postojna vormen overduidelijk een van de belangrijkste toeristische attrac­ties van Slovenië.

  • Rechts vooraan zijn de kassa's.

  • Er zijn informatiefolders in 22 verschillende talen.

  • De entree bevindt zich 15 m boven het punt waar de Pivka-rivier in de grond verdwijnt, op 515 m boven de zeespiegel het Latijnse opschrift op de gevel van de entree is al veelbelovend: 'Immensum a antrum aditus' ('Toegang tot de immen se grot').

  • Het skelet direct na de entree is van een prehistorische holen beer.

  • In de grotten heeft men ook overblijfselen gevonden van een prehistorische holen leeuw, een holenneushoorn en een sabel tandtijger.

  • Van de totale lengte van het grottenstelsel (ca. 23 km) is 5200 m voor het gewo­ne publiek toegankelijk; 1700 m moet je te voet over betonnen paden afleggen, de overige 3500 m gaat per treintje.

  • Voor de treintjes, zes in getal, is een heel spoor­wegnet aangelegd, compleet met stations die wel wat weg hebben van metrosta­tions.

  • Als gewone bezoeker mag je overi­gens niet op eigen houtje de grotten in.

  • Je moet je aansluiten bij een gids en ver­plicht de rondleiding van anderhalf uur volgen. Er zijn rondleidingen in het Engels, Duits, Frans, Italiaans en Slo­veens.

  • Neem voor een bezoek aan de grotten een jas of trui mee, want de tem­peratuur is binnen constant 8 °C.

  • De verplichte rondleiding is zeker in het hoogseizoen echt lopendebandwerk, vol­gens een strak tijdschema.

  • Volg je de groep niet of treuzel je te veel, dan loop je het ri­sico te verdwalen, onder de voet gelopen te worden door andere groepen of je trein te missen.

  • Het eerste deel van de tocht gaat per trein.

  • In de koddige, flink doorrijden­de treinwagonnetjes krijg je een beetje een Indiana Jones gevoel - in Indiana Jones and the Temple of Doom scheurt de avon­turier ook door onderaardse gangen.

  • Af en toe trek je onwillekeurig je hoofd in om voorbij scherende stalactieten te ontwijken.

  • Je rijdt hier en daar ook door nauwe tunnels.

  • Vrij snel na aanvang komt de trein door de langwerpige Congreshal (Kongresna Dvorana).

  • Deze heette vroeger Danshal, maar kreeg na het Wereld spele­ologiecongres dat hier in 1965 gehouden werd, de huidige naam.

  • De trein stopt 3 km verder bij de zoge­naamde Grote Berg (Velika Gora).

  • Hier stap je uit om de grote verscheidenheid aan witte druipsteenformaties in de druipsteenhal te bekijken.

  • Er zijn grote witte stalactieten bij, maar ook fijne naaldstructuren die op spaghetti lijken.

  • Een andere culinaire aanblik vertonen de bacon achtige druipsteengordijnen.

  • Eén stuk van het Grote Berg grottendeel is zwartgeblakerd; hier bliezen de partiza­nen in de Tweede Wereldoorlog een brandstofopslagplaats van de nazi's op.

  • Een uitloper naar het oosten is de Magische Tuin (Čarobni Vrt), maar hier kom je als niet-speleoloog niet in.

  • Na dit grottendeel voert de gids je over de Russische Brug, in 1916 door Russische krijgsgevangenen gebouwd, naar de Mooie Grotten (Lepe Jame).

  • Hier tref je de prachtigste druipsteenformaties aan, waarvan in sommige met wat goede wil zaken als een duif, een kikker, de `troon van Petrus', een cipres, een bel, een druipsteenorgel en een papegaai te herkennen zijn.

  • Dit mooie deel van het stelsel maakt aan het einde een bocht.

  • Net om de hoek is een kunstmatige tunnel naar de Zwarte Grot (Črna Jama) en Pivna-grot (Pivna lama), maar die kun je als gewone bezoe­ker alleen binnen via hun eigen ingang noordelijk van Postojna.

  • Hierna gaat de rondleiding door de Russische Galerij (Ruski Rov).

  • De enor­me witte stalagmiet hier, met het uiterlijk van een groteske bloemkoolstronk, heet de Briljant en is het symbool geworden voor het hele grottenstelsel van Postojna.

  • De voettocht eindigt in de Concerthal (Koncertna Dvorana), een grot met enor­me afmetingen en een gladde beton­vloer.

  • De hal is 3000 m² groot en ca. 40 m hoog.

  • Er kunnen zo'n 10.000 mensen in, bijvoorbeeld tijdens het traditionele jaarlijkse dansfeest dat hier voor mensen uit de omgeving georganiseerd wordt.

  • Om de zoveel tijd worden er ook klassie­ke concerten gegeven, maar dan moet het helemaal droog zijn vanwege de kost­bare muziekinstrumenten.

  • Aan de zij­kant van de hal kom je een postloket, een buffet en een souvenirwinkel tegen.

  • In een bassin op het pad vlak voor de hal zijn enkele exemplaren van de bijzonde­re en zeldzame grottenolm of Proteus an­guinus te zien.

  • Elke 2 à 3 weken worden ze weer vrijgelaten en worden er nieuwe in het bassin geplaatst.

  • Behalve de grottenolm zijn er in het hele grottenstelsel nog 371 andere diersoorten geteld, waarvan er zo'n 300 hun vaste verblijfplaats onder de grond hebben.

Proteus anguinus, De mysterieuze grot salamander.

  • In de onderaardse Dinarische Karst wateren van Slovenië en van Kroatië komt een bijzondere grotbewoner voor, uniek in de wereld.

  • Het is de Proteus anguinus of Proteus anguiformis, een archaïsche grotamfibie die ook wel bekendstaat als olm of grottenolm.

  • De Slovenen noemen hem močeril.

  • Het dier is zo bijzonder dat het in het stadssymbool van Postojna prijkt en op het stadszegel staat afgebeeld.

  • De witte tot bleekroze salamander wordt circa 25 à 30 cm lang en is daar­mee de grootste permanente grotbewoner ter wereld.

  • Weliswaar zijn de meeste vleermuizen en ook andere grotbewoners groter dan de grotten­olm, maar die komen ook in de buitenlucht om voedsel te zoeken.

  • De olm niet.

  • Het dier leeft altijd in de vrijwel volmaakte duisternis en is daarom blind.

  • De huid is lichtgevoelig en reageert op elk streepje licht dat zijn leef­gebied kan binnendringen.

  • Om zijn weg te kunnen vinden, heeft hij verder een zeer goed ontwikkelde reuk- en tastzin.

  • Navigeren doet de Proteus ook met zijn vermogen om op zwakke elektrische velden te kunnen reage­ren.

  • Wetenschappers tasten nog in het duister over de zoologische origine van de olm, want hij heeft geen verwantschap met andere amfibieën.

  • De sala­mander stelt de wetenschap voor wel meer raadsels.

  • Hij voedt zich met kleine organismen in het water, maar men heeft ontdekt dat de olm ook ja­ren zonder eten kan.

  • Van een exemplaar in gevangenschap is bekend dat het meer dan 12 jaar geen voedsel genuttigd heeft.

  • Maar wat is 12 jaar op de honderdjarige leeftijd die de grottenolm kan bereiken - voor zover men weet.

  • Hoe ze zich voortplanten, is eveneens nog steeds onderwerp van studie.

  • De salamander beweegt zich in ieder geval voort met zijn lange staart met platte vin en door zwembewegingen met zijn vier pootjes te maken.

  • Aan de voorpoten zitten drie tenen, aan de achterpoten twee.

  • De olm ademt door drie paar uitwendige, lichtrode kieuwen, die olijk achter op zijn kop omhoog staan.

  • Op het droge gebruikt hij twee rudimentaire longe­tjes.

  • Ze stellen hem in staat ongeveer een uur boven water te blijven.

  • De grottenolm werd voor het eerst vermeld in een geschrift van de be­roemde Sloveense chroniqueur Valvasor uit de 17de eeuw.

  • Hij meldde dat inwoners van Vhrnika in een nabijgelegen bron een babydraak hadden gezien, maar geloofde dat het een worm of slang moest zijn geweest.

  • In de eeuw erna, in 1768, werd de olm in Wenen officieel wetenschappelijk er­kend als Proteus anguinus.

  • Sindsdien worden er met enige regelmaat exemplaren gevangen.

  • Tegenwoordig uitsluitend voor wetenschappelijke doeleinden, want het is een internationaal beschermde diersoort.

  • In de volksmond is het dier in het verleden 'menselijke vis' gaan heten, vanwege de bleke, bijna menselijke huidskleur (in de huid zelf zit overigens geen pigment, maar door de bloedvaten eronder ziet de olm er mensen­vleeskleurig uit).

  • In 1990 werd ook een diepzwarte variëteit van de Proteus anguinus ontdekt.

  • We hoeven dus niet alleen naar Zuid-Amerika (nieuw aapje in het Amazonegebied), Papoea-Nieuw-Guinea (nieuwe soort boomkangoeroe) of Vietnam (nieuwe kleine hertensoort) om nog nieuwe diersoorten te kunnen ontdekken; ook in Europa is het mogelijk.

  • Het aardi­ge aan de zwarte olm is dat deze warempel nog twee helderblauwe oogjes heeft ook, wat doet vermoeden dat hij wel eens buiten de grotten komt.

  • Sinds de ontdekking zijn er overigens nog niet meer dan enkele tientallen zwarte olmen gezien.

  • De zwarte grottenolm komt uitsluitend in een klein gebied in Bela Krajina voor, bij Črnomelj.








Samengesteld door: BusTic.nl






De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina