Spanje Spanje De samenleving in de late Middeleeuwen



Dovnload 18.69 Kb.
Datum25.08.2016
Grootte18.69 Kb.

Spanje



Spanje - De samenleving in de late Middeleeuwen.

  • Het verenigen van de diverse deelstaten en heroverde gebieden tot één koninkrijk Spanje was in militair en politiek opzicht voltooid bij de troonsbestijging door de Habsburgse dynastie in 1516.

  • Dat wil niet zeggen dat de verschillende volken zonder meer konden samensmelten tot één Spaanse natie; daarvoor waren de verschillen te groot.

  • Navarra en Catalonië waren streken met een sterk Franse inslag.

  • Niet alleen stonden ze in kerkelijk opzicht rechtstreeks onder het bisdom Narbonne, ook onder de burgerij was die invloed groot, zeker in het welvarende Catalonië, waar zich talrijke Franse kooplieden hadden gevestigd.

  • Ook in León en delen van Castilië was een duidelijke Franse invloed waar te nemen.

  • Hier hadden de kloosterorden van Cluny en Citeaux hun gezag laten gelden.

  • Langs de pelgrimsroute naar Santiago de Compostela werden verscheidene kerken, kloosters en kapellen gebouwd en de suprematie van Rome gevestigd ten koste van de Visigotische kerktraditie.

  • Van hier uitvoerde de Kerk een ware kruistocht in het kielzog van de reconquistadores, bijgestaan door Franse troepen die op gezag van Rome werden ingezet.

  • Religieuze minderheden van joden en moslims kwamen nauwelijks voor in de christelijke randstaten.

  • In tegenstelling tot de rest van Europa werden de grote christelijke staten niet feodaal bestuurd.

  • De macht berustte niet bij de adel in de verspreid liggende kastelen, maar bij de steden en het ligt voor de hand dat hier de Arabische staatsstructuur als voorbeeld heeft gediend.

  • Die steden bezaten sterke politiebrigades, de zogenaamde hermandades (= broederschappen) die orde en rust handhaafden en later ook op landelijk niveau jacht maakten op misdadigers en politieke (of religieuze) delinquenten.

  • Het erop na houden van zo'n militiekorps was een van de fueros (privileges) die de grote steden bezaten.

  • Een ander voorrecht was het zenden van afgevaardigden naar de cortes, de wetgevende vergadering waarin vertegen­woordigers van adel, Kerk en steden zitting hadden.

  • Castilië en Aragón hadden elk zo'n (niet door het volk gekozen) parlement, maar het is tekenend voor hun economische macht dat ook de provincies Barcelona en (later) Valencia beide afzonderlijke 'cortes' hadden.

  • In economisch opzicht was er van weinig variatie sprake.

  • Aragón kon dank zij zijn grote Catalaanse havens concurreren met Venetië en Genua, maar de koopvaardij en visserij in andere streken (Asturië, Galicië, Baskenland) stelden vooralsnog weinig voor.

  • Elders, in de bergstreken van Cantabrië, Navarra en Aragón, werden wat landbouw en veeteelt bedreven, maar die stonden in de schaduw van de welvaart in het islamitische rijk.

  • Er kwam dank zij de Reconquista een kentering.

  • De verschuiving van de grenzen in zuidelijke richting ontsloot een grote hoogvlakte, het zogenaamde Nieuw Castilië, die uitstekend geschikt was voor het houden van schapen.

  • Een voordeel daarbij was dat de instabiele grenzen tussen de christelijke staten en taifa's van weinig invloed waren.

  • De herders waren semi nomaden die met hun kudden konden wegtrekken zodra er gevaar dreigde.

  • De economische groei die de schapenteelt en de wolindustrie veroorzaakten, bezorgden de mestas (schapenfokkers­gilden) een hoog aanzien dat door vele privileges nog kon worden verbeterd.

  • Het islamietenrijke had een bevolking van een veel gecompliceerder samenstelling.

  • Niet alleen leefden hier verschillende volken naast de Spanjaarden (zoals Berbers, Arabieren, Romeinse afstammelingen, vrijgemaakte Slavische huurlingen), ook de verscheidenheid in religie was groot.

  • In de eerste plaats waren er natuurlijk de moslims: Arabieren uit voornamelijk Syrië en Egypte, Berberstammen die met de Omaijaden, de Almoraviden of de Almohaden waren meegekomen en voorts vele tot de islam bekeerde christenen.

  • Ook onder de christenen zelf was de invloed van de Arabische beschaving groot.

  • Deze mozárabes, die hun eigen geloof trouw bleven, raakten in de ban van de op een hoog peil staande wetenschap (medicijnen, wiskunde, taalkunde) en cultuur (poëzie, beeldende kunst, architectuur, kalligrafie) van het Midden Oosten.

  • Een extra impuls werd nog eens gegeven door de Almohaden die het contact met de Abbasiden herstelden en filosofie en bouwkunst stimuleerden.

  • En dan waren er nog de vele sefardim, zoals de Hebreeuwse kroniekschrijvers hun geloofsgenoten in Spanje noemden.

  • Onder deze joden bevonden zich uitstekende kooplieden, financieel deskundigen, handwerkslieden en vertalers, die in hoog aanzien stonden.

  • AI deze bevolkingsgroepen leefden in betrekkelijke verdraagzaamheid samen.

  • De moslims beschouwden joden en christenen immers niet als ongelovigen of ketters, maar als aanhangers van een geloof waaruit de islam was voortgekomen.

  • Wel leefden alle groepen naar Arabische traditie in aparte stadswijken (op het platteland waren de moslims veruit in de meerderheid), maar zolang niemand de islamitische suprematie betwistte of de leer aanviel, had men niets te vrezen.

  • Aan die vreedzame coëxistentie kwam een einde door de Reconquista.

  • Niet zozeer door de onverdraagzaamheid; de Reconquista was evengoed een noodzaak om aan landbouwgrond te komen als een godsdienstoorlog, al probeerden pausen en kloosterorden alleen op dat laatste aspect de nadruk te leggen.

  • Een probleem was echter dat de legeraanvoerders voor hun prestaties te velde een beloning verwachtten in de vorm van land.

  • Daartoe moesten islamitische boeren grote stukken grond afstaan, met name in Andalusië en op de Balearen.

  • Voor hen zat er niets anders op dan zich in hun lot te schikken of, en dat deden vooral veel Berbers, weg te trekken naar Noord Afrika dan wel Granada.

  • Die laatste mogelijkheid was zoals gezegd een gunstige oplossing voor de Castilianen en één van de redenen waarom men lange tijd afzag van het veroveren van dat koninkrijk.

  • Er was ook een emigratiebeweging in omgekeerde richting.

  • Vooral de Almohaden konden niet de verdraagzaamheid van hun voorgangers opbrengen en heel wat joden namen de wijk naar Castilië.

  • Hun vaardigheden werden door de vorsten zeer op prijs gesteld en zij verwierven zich zoveel voorrechten dat de afgunst van de christelijke bevolking werd opgewekt.

  • Gevoegd bij de hetze die de Kerk mede als gevolg van de Kruistochten tegen het joodse volk ging voeren, was dit voldoende voor een hevige uitbarsting van anti semitische gevoelens.

  • Het volk gaf de joden van alles de schuld: de burgeroorlogen in Castilië, de grote pestepidemie van 1384, het mislukken van oogsten en wat al niet meer.

  • Voor veel joden zat er niets anders op dan zich te laten bekeren om het vege lijf te redden in de massamoorden in de juderias (jodenwijken) en zelfs lieten sommige conversos (bekeerlingen) zich overhalen tot verraad van hun vroegere geloofsgenoten.

  • Ook vele islamieten lieten zich uit veiligheidsoverwegingen bekeren; vooral onder de kunstenaars en geleerden gingen prominenten over tot de rijen van de mudéjares, de ex moslims die als zogenaamde christenen meer rechten kregen (tegen betaling!) dan onder hun eigenlijke geloof.

  • De genadeklap voor alle niet christenen kwam onder het bewind van Isabel.

  • Omstreeks 1480 werd door haar, op aandrang van Rome­ een eigen Spaanse Inquisitie ingevoerd, de beruchte kerkelijke rechtbank die een ieder aan wiens oprechtheid als christen (al dan niet terecht) werd getwijfeld een bekentenis kon afdwingen, waarna meestal de brandstapel volgde.

  • Duizenden joden, maar ook conversos, mudéjares en moslims werden het slachtoffer en de jacht op andersdenkenden nam tragische vormen aan.

  • Gedreven door godsdienstig fanatisme van Isabel en Fernando ('los reyes católicos') en hun streven naar religieuze en daarmee politieke eenheid bereikte Spanje in 1492 een dramatisch dieptepunt met de verbanning van alle joden die zich niet wilden laten bekeren.

  • Dit besluit van de toch uiterst bekwame vorsten zou funeste gevolgen hebben voor de economie en de cultuur van Spanje.







Samengesteld door: BusTic.nl 8/25/2016






De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina