Startbeslissingen mirt verkenningen A58 en N65 33400-a-99 verslag van een schriftelijk overleg



Dovnload 16.75 Kb.
Datum18.08.2016
Grootte16.75 Kb.
Startbeslissingen MIRT Verkenningen A58 en N65
33400-A-99
VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG

Vastgesteld op 12 juni 2013


Binnen de vaste commissie voor Infrastructuur en Milieu heeft een aantal fracties de behoefte om enkele vragen en opmerkingen voor te leggen over de Startbeslissingen MIRT-Verkenningen A58 Eindhoven–Tilburg en N65 Vught–Haaren d.d. 16 mei 2013 (Kamerstuk 33400-A, nr. 99).
De vragen en opmerkingen zijn op 12 juni 2013 aan de minister van Infrastructuur en Milieu voorgelegd. Bij brief van … zijn deze door haar beantwoord.
De voorzitter van de commissie

Paulus Jansen


De adjunct-griffier van de commissie

Vermeer
Inleiding


De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van de startbeslissingen MIRT-verkenningen A58 Eindhoven-Tilburg en N65 Vught-Haaren.
De leden van de PvdA-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de startbeslissing voor de MIRT-verkenningen A58 Eindhoven-Tilburg en N65 Vught-Haaren. Deze leden hebben nog enkele vragen waarop ze de minister verzoeken in te gaan.
De leden van de SP-fractie hebben kennisgenomen van de MIRT-verkenning A58 Eindhoven-Tilburg en de MIRT-verkenning N65 Vught-Haaren. De leden kunnen zich vinden in de MIRT-verkenning N65 Vught-Haaren en hebben daar op dit moment geen nadere vragen over. Over de A58 Eindhoven-Tilburg hebben de leden nog enkele vragen.
De leden van de D66-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de startbeslissingen MIRT-verkenningen A58 Eindhoven-Tilburg en N65 Vught-Haaren. Zij hebben nog een enkele opmerking over samenloop met het Programma Hoogfrequent Spoor (PHS) en luchtkwaliteit.
De leden van de ChristenUnie-fractie hebben kennisgenomen van de startbeslissing MIRT-verkenning N65 en hebben nog enkele vragen aan de minister. 
A58 Eindhoven-Tilburg
De leden van de VVD-fractie zijn verheugd te zien dat er werk wordt gemaakt van de problematiek op de A58. Met betrekking tot de startbeslissing voor de A58 vragen deze leden wat een actualisatie van een eerdere MIRT-verkenning voor het tracé St. Annabosch–Galder inhoudt, zij vragen of de uitgevoerde verkenning uit 2011 niet afdoende is en waarom er dus een actualisatie moet komen.

 

De leden van de PvdA-fractie verzoeken de minister nader in te gaan op de implicaties van de temporisering van de rijksbijdrage voor de haalbaarheid van de versnelde realisatie van het project A58 middels een voorfinancieringsconstructie. Is de haalbaarheid van de versnelde realisatie door de voorfinancieringsconstructie van het project A58 betrokken bij het besluit om de rijksbijdrage te temporiseren? De leden vragen de minister ook zich uit te spreken over de kansen die de voorgestelde innovatieve toepassingen bij het project A58 bieden om voldoende rendement te genereren om de kapitaallasten van de voorfinancieringsconstructie af te dekken. De leden van de PvdA-fractie vragen verder of er in Nederland of in het buitenland ervaringen zijn opgedaan met het gebruik van vergelijkbare innovatieve toepassingen en cofinanciering door bouwers en gebruikers om versnelde realisatie middels een voorfinancieringsconstructie mogelijk te maken. Hebben marktpartijen of medeoverheden toezeggingen gedaan over de financiering van de kapitaallasten van de versnelde realisatie middels de voorfinancieringsconstructie bij het project A58? Genoemde leden verzoeken de minister om haar standpunt te delen over wie de kapitaallasten van de voorfinancieringsconstructie voor het project A58 voor rekening neemt indien de toekomstige gebruikers en de innovatieve toepassingen de kapitaallasten niet geheel kunnen afdekken en of de verbreding van de A58 tijdig – voordat het een NMCA-knelpunt (Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse) wordt – kan worden gerealiseerd op het moment dat een versnelde realisatie middels een voorfinancieringsconstructie niet haalbaar lijkt. De leden van de PvdA-fractie vragen tenslotte of er mogelijkheden bestaan om kostenvoordelen te behalen door het project A58 in de planvoorbereidingsfase en realisatiefase te koppelen aan de uitvoering van het project A65.


De leden van de SP-fractie erkennen dat er op sommige stukken op de A58 Eindhoven-Tilburg problemen zijn met de doorstroming en dat dit moet worden aangepakt. Alleen wekt de minister met haar brief de indruk dat de voorfinanciering door de provincie al rond is, terwijl de leden van de SP-fractie hebben begrepen dat de Provinciale Staten niet akkoord zijn gegaan met het voorstel van de Gedeputeerde Staten en dat deze hun werk opnieuw moeten doen. Graag ontvangen deze leden hierop een toelichting. 

Het verbaast de leden van de SP-fractie dat het Rijk wel geld over heeft voor een nieuwe weg langs het Wilhelminakanaal om de zogenaamde ruit om Eindhoven te voltooien, maar dat voor de echte knelpunten op de bestaande A58 voorlopig geen financiële middelen beschikbaar zijn. Wat is de reden dat de problemen op de A58 een lagere prioriteit hebben dan een weg binnendoor langs het Wilhelminakanaal, zo vragen deze leden?

 

N65 Vught-Haaren
De leden van de VVD-fractie zijn verheugd te zien dat de uitvoering van de motie Aptroot/Koopmans (32 500 A, nr. 95) met betrekking tot de N65 Vught-Haaren voortvarend wordt uitgevoerd. Dat is in de ogen van de leden van de VVD-fractie goed voor de regionale bereikbaarheid en de leefbaarheid van de omgeving van deze weg.
De leden van de PvdA-fractie verzoeken de minister om nadere informatie over de mogelijkheden die de koppeling van het project N65 met de aanpak van het spoor bij Vught (Tracébesluit Meteren-Boxtel) biedt om kostenvoordelen te behalen. Genoemde leden verzoeken de minister in te gaan op de tracékeuzes die er bestaan voor de N65 indien er bij de kruising van het spoor en de weg in Vught wordt gekozen voor een verdiepte ligging van het spoor in Vught, en op de financiële en veiligheidstechnische haalbaarheid van verdiepte ligging van de N65. 

De leden van de PvdA-fractie vragen de minister welke normen voor luchtkwaliteit (CAR II of SRM2) er langs de N65 worden gebruikt en of de ligging van woningen direct langs de weg een reden is om af te wijken van de standaardnorm voor rijkswegen. 

De leden van de PvdA-fractie zijn benieuwd of de medeoverheden in Brabant de toegezegde bijdrage van 45 miljoen euro voor het project N65 al hebben gereserveerd.

 

De leden van de D66-fractie constateren dat de startbeslissing N65 Vught-Haaren een goed startpunt biedt voor een structurele oplossing van de infrastructuurproblematiek in Vught. Wel willen zij benadrukken dat het belangrijk is om ook de relatie met het spoor te leggen, in die zin dat ook binnen het PHS afdoende inpassingsoplossingen bereikt moeten worden, om zowel de situatie in Vught te verbeteren als ook een robuuste verbinding voor Amsterdam, Rotterdam en Eindhoven te garanderen. Blijft de minister hier in overleg met de staatssecretaris oog voor houden, zo vragen deze leden?



Tot slot lezen de leden van de D66-fractie in de startbeslissing N65 Vught-Haaren dat luchtkwaliteit geen aanleiding voor de verkenning is, maar wel een aandachtspunt voor de beoordeling van alternatieven. Hoe wordt deze beoordeling precies vormgegeven? Kan de minister aangeven waar de knelpunten op dit vlak liggen? Kan zij aangeven met welk model er is gerekend voor wat betreft de luchtkwaliteit? Is hierbij rekening gehouden met het feit dat de N65 op een aantal plekken de bebouwde kom doorkruist?
De leden van de ChristenUnie-fractie vragen aandacht voor de Code Maatschappelijke Participatie. Zij constateren dat in de startbeslissing een groot aantal varianten al wordt uitgesloten, bijvoorbeeld omdat ze niet zouden passen binnen het budget. Genoemde leden constateren dat juist deze varianten (of hierop sterk lijkende varianten) door omwonenden van groot belang worden gevonden en dat omwonenden ook van mening zijn dat er oplossingen denkbaar zijn die mogelijk wel binnen het budget passen. Genoemde leden dringen er dan ook op aan bij de N65 de Code Maatschappelijke Participatie serieus te nemen en in de verkenningsfase samen met bewoners te zoeken naar een kansrijke oplossingsrichting. Met andere woorden: te onderzoeken of een door bewoners aangedragen alternatief kansrijk is en zo nee, of en zo ja hoe dit initiatief wel kansrijk kan worden. Deze leden vragen daarbij niet de vraag centraal te stellen waarom iets niet zou kunnen, maar hoe het wel zou kunnen zodat er sprake is van een coproductie van het bewonersalternatief. Is de minister bereid om ten minste één alternatief van bewoners in overleg met de betrokken bewonersorganisaties in de verkenningsfase serieus uit te werken? Genoemde leden vinden het niet passend om reeds bij de startbeslissing al alternatieven uit te sluiten terwijl er nog geen sprake is van enige onderbouwing van argumenten waarom bepaalde alternatieven niet zouden kunnen. Een startbeslissing is niet voor niets een start, het onderzoek begint dan pas. Genoemde leden zijn van mening dat pas een Maatschappelijke Kosten-Batenanalyse (MKBA) of een quick-scan MKBA inzicht kan geven over de haalbaarheid van varianten.

De leden van de ChristenUnie-fractie vragen ook meer helderheid over de samenhang met het PHS. Immers: de hoogteligging van de N65 ter hoogte van de spoorlijn Den Bosch-Eindhoven is bepalend voor de mogelijkheden voor een eventuele verdiepte ligging van het spoor en meer specifiek voor op welke plaats in Vught een eventuele verdiepte ligging van het spoor zou kunnen beginnen. Het is prima dat beide projecten worden afgestemd, maar wat betekent dit voor de beslismomenten?



Tenslotte vragen de leden van de ChristenUnie-fractie aandacht voor de bouwfasering omdat elk plan voor zowel N65 als spoor een aantal jaar fors zal ingrijpen in de bereikbaarheid van en leefbaarheid rond het plangebied.



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina