Statennotitie



Dovnload 96.04 Kb.
Datum19.08.2016
Grootte96.04 Kb.




Gedeputeerde Staten


STATENNOTITIE

PS2005-648

Aan de leden van Provinciale Staten

HHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHH
Voortgangsverslag Breedband
HHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHH
Beknopte samenvatting Statennotitie:
Beleid

In het sociaal-economische beleidsplan Trekkracht maken wij ons sterk voor de ontwikkeling van een adequate ICT-infrastructuur ten behoeve van de sociaal-economische ontwikkeling.

De provincie investeert niet zélf in infrastructuur, maar stimuleert vraagbundeling door anderen. De benodigde investeringen voor de realisatie van verbindingen worden gedragen door de deel­nemende partijen. Belangrijke trekkers van interlokale vraagbundeling zijn de grotere instellingen in zorg en onderwijs. Op deze wijze faciliteert vraagbundeling de ontwikkeling van nieuwe vor­men van elektronische dienstverlening in de genoemde sectoren.
In overleg met de Commissie Economie en Milieu hebben wij aangegeven dat wij in de regio’s vraagbundeling ondersteunen via drie sporen:


  • spoor 1: vraagbundeling voor verbindingen tussen steden en kernen ("backbone");

  • spoor 2: vraagbundeling voor de aantakking van lokale projecten (bijvoorbeeld vraagbun­de­ling op een aantal bedrijventerreinen); en

  • spoor 3: het realiseren van "digitale marktplaatsen" op knooppunten van dataverkeer.

Naar aanleiding van het voortgangsverslag breedband van 16 maart 2005 heeft de Commissie Economie en Milieu gevraagd naar een overzicht van de resultaten van vraagbundeling. Hierbij is speciale aandacht gevraagd voor gebieden waar glasvezel economisch nog niet rendabel is ("witte gebieden") en de mogelijkheden voor draadloze netwerken


Belangrijkste resultaten 2005
spoor 1: interlokale vraagbundeling:

  • Oost NV is in alle regio’s actief met vraagbundeling in samenwerking met de Stichting TReNT. Vanuit Enschede is het TReNT-netwerk inmiddels via Haaksbergen, Eibergen, Borculo, Lochem, Groenlo, Winterswijk, Lichtenvoorde, Varsseveld en Gendringen uitgebreid naar Doetinchem. Via de Liemers wordt de verbinding met Arnhem gerealiseerd.

  • Vanuit Arnhem wordt het netwerk zo spoedig mogelijk (planning eind 2005) uitgebreid naar Ede, Wageningen, Bennekom en Lunteren met uitlopers naar Veenendaal en Barneveld (Vallei-ring). Vervolgens wordt via Wageningen de doorsteek gemaakt naar het Rivierenland. Hier is voldoende vraag voor een verbinding naar Geldermalsen, Culemborg en Zaltbommel.

  • In het noorden is vanuit Enschede al een verbinding gerealiseerd met Apeldoorn. Met ondersteuning van de provincie fungeert de Stedendriehoek als proefgebied voor de eerste regionale digitale marktplaats.

  • In de meeste regio’s is dus voldoende vraag om - in ieder geval - interlokale hoofdverbin­dingen te realiseren. Uitzonderingen zijn dunbevolkte gebieden als gemeente Bronckhorst en delen van het Rivierenland. Hiervoor is een intensievere aanpak nodig. De gemeente Bronckhorst ontwikkelt hiervoor een plan van aanpak.

spoor 2: lokale vraagbundeling:

  • Via de interlokale verbindingen kunnen lokale projecten aantakken, waaronder bedrijven­terreinen. Deze projecten komen nu goed op gang. Naast een vijftal terreinen in het KAN lopen er projecten in Ede (Heestereng/Frankeneng) en in de Achterhoek.

spoor 3: digitale marktplaatsen:



  • In september 2005 wordt de digitale marktplaats Arnhem geopend, opgezet in samenwer­king met de Nederlands Duitse Internet Exchange (NDIX) in Enschede.

  • In samenwerking met Overijssel en Oost NV is het "Masterplan versnelling breedband Oost-Nederland" opgesteld. Dit plan bevat een strategie voor de onderlinge koppeling van lokale digitale marktplaatsen.


Betekenis van draadloze netwerken

Glasvezel heeft technisch gezien nog steeds de toekomst, maar is nog niet overal rendabel. Zeker niet voor klantaansluitingen in landelijke gebieden. Voor deze gebieden is een combinatie van glasvezel als hoofdontsluiting en draadloos als toegangsnet denkbaar. Hierbij gaat steeds meer aandacht uit naar WiMAX als opvolger van WiFi. Met WiMAX (Worldwide Interoperability for Microwave Access) kan een groot gebied van draadloos internet worden voorzien.


WiMAX is nog een jonge technologie en wordt momenteel gepromoot door netwerkleveranciers, waaronder Enertel en Versatel. Op dit moment ontbreken helaas nog praktijkvoorbeelden van zakelijke toepassingen met een zekere schaalgrootte. Wij hebben Enertel daarom uitgenodigd om een business case te maken voor een concreet bedrijventerreinen zoals Heestereng/ Franken­eng. Hierbij stellen wij als eis dat ook in het draadloze gedeelte open toegang gewaar­borgd is voor alle mogelijke dienstenleveranciers.
Hoe kunnen wij breedbandontwikkeling verder versnellen?

Met Oost NV willen wij meerwaarde geven aan breedbandinitiatieven van andere (lokale) partijen. Het is zaak om de verschillende initiatieven - letterlijk - aan elkaar te koppelen waardoor schaal­grootte ontstaat voor breedbanddiensten. Samen met provincie Overijssel is een "Master­plan versnelling Breedband Oost-Nederland" opgesteld waarbij bestaande glasvezelnet­wer­ken (zowel publiek én privaat) aan elkaar worden gekoppeld via een beperkt aantal onafhan­kelijke "digitale marktplaatsen". Via gekoppelde netwerken met een open toegang ontstaat de gewenste schaalgrootte voor het aanbieden van nieuwe breedbanddiensten op het gebied van zorg, onderwijs, veiligheid, mobiliteit en e-government. Hierdoor komt de markt voor breedband in een hogere versnelling en geven wij - vanuit deze invalshoek - invulling aan de wens om follow-up te geven aan de Statenreis naar Valencia.


Het masterplan is in eerste instantie bedoeld als "bespreekdocument" voor het verkrijgen van draagvlak bij gemeenten, regio’s, provincies en het Ministerie van Economische Zaken. De financiële rol van de provincie is beperkt tot cofinancier van voorstellen uit gemeenten en regio’s en kan binnen de financiële en beleidsinhoudelijke kaders vallen van de SEOF-regeling, de ICT-subsidieregeling (laatste call oktober 2005) en GSO-afspraken. Er wordt op grond van dit docu­ment geen extra geld gevraagd.
In het kader van dit voortgangverslag worden de volgende beleidsimpulsen voorgesteld:

  • spoor 1: realiseer nog ontbrekende hoofdverbindingen en maak plan van aanpak voor onrendabele gebieden;

  • spoor 2: intensiveer vraagbundeling bedrijventerreinen (>100 bedrijven);

  • spoor 3: voer in samenwerking met Overijssel "Masterplan versnelling breedband Oost-

Neder­land" uit.
= = = = =
Aan de leden van Provinciale Staten

Voortgangsrapportage Breedband, september 2005



INHOUDSOPGAVE


Voortgangsrapportage Breedband, september 2005 3

INHOUDSOPGAVE 3

1. Achtergrond beleid 4

2. Resultaten op hoofdlijnen 5

2.1. spoor 1: vraagbundeling interlokale verbindingen bijna gereed 6

2.2. spoor 2: vraagbundeling bedrijventerreinen komt op gang 6

2.3. spoor 3: concept "digitale marktplaatsen" wordt praktijk 6

3. Conclusies 9

3.1.spoor 1: witte gebieden vragen intensievere aanpak 9

3.2.spoor 2: bedrijventerreinen vragen om systematische aanpak 10

3.3.spoor 3: marktplaatsen vragen gezamenlijke aanpak: Masterplan 10

4. Rapportage per regio 13

4.1. Regio Achterhoek 13

4.2. Regio Vallei


14

4.3. Regio Rivierenland 15

4.4. Regio Noord-Veluwe 16

4.5. Regio KAN 17

5. Beleidsimpulsen 2005-2006 19

Spoor 1: intensiveer vraagbundeling in witte gebieden 19

Spoor 2: intensiveer vraagbundeling bedrijventerreinen 19

Spoor 3: start uitvoering Masterplan versnelling breedband Oost- Nederland 19

6. Voorstel 20

Bijlage 1 : TReNT netwerk (augustus 2005) 21

Bijlage 2: Breedbandmonitor 2005 23


Inleiding
Naar aanleiding van het Voortgangsverslag Breedband van 16 maart 2005 heeft de Commissie Economie en Milieu gevraagd naar de stand van zaken betreffende vraagbundeling. Hierbij is speciale aandacht gevraagd voor de problematiek van gebieden waar glasvezel econo­misch nog niet rendabel is en mogelijke draadloze alternatieven.
De voorliggende Rapportage Breedband bestaat uit:

  • een algemeen deel met bevindingen en nieuwe ontwikkelingen;

  • een regiodeel met resultaten in de regio’s en openstaande acties (breedbandagenda);

  • overzichtskaarten vraagbundeling en breedband (bijlagen);

  • voorstel met beleidsimpulsen (hoe kunnen wij de zaak versnellen?).

1. Achtergrond beleid



Infrastructuur voor de toekomst

Tegenwoordig hebben steeds meer bedrijven en instellingen behoefte aan snelle en breed­ban­dige communicatie1. Bedrijven willen: méér snelheid, méér keuzevrijheid in diensten en vooral làgere kosten voor dataverkeer. Ondanks de opwaardering van bestaande kopertechniek vraagt de toekomst om een nieuwe generatie netwerken met een hoofdrol voor glasvezel. De Gelderse economie is dus gebaat bij een snelle uitrol van glasvezelnetwerken in stad en regio, van huiskamer tot bedrijventerrein.


Op dit moment hebben kabeloperators en KPN Telecom hun netwerken verglaasd tot aan de wijkcentrale. Het laatste stukje tot aan de woning of bedrijf is echter nog steeds van koper. Ondanks de opwaardering van koper met nieuwe breedbandtechnieken, zoals ADSL2, is voor "écht breedband" - zowel up- als downstream - een verglazing nodig van de "local loop", ofwel het aansluitnetwerk van de wijkcentrale naar de individuele klant2. Het zou nog beter zijn wanneer operators hun netwerken koppelen en voor elkaar openstellen. In dat geval volstaat een glasvezel per bedrijf of huishouden. Zoals bekend is dit voor de marktpartijen een brug te ver.
Het feit dat operators hun netwerken - op hoofdtrajecten - hebben verglaasd betekent nog niet dat bedrijven hierdoor automatisch beschikking krijgen over een betaalbare breedbandverbin­ding. De laatste (of eerste!) meters glasvezel worden duur betaald, en werpen een hoge drempel op voor de overstap naar écht breedband. Daarnaast laten de operators alleen hun eigen dien­sten toe op het netwerk. Er is dus geen sprake van keuzevrijheid.
Vanuit Trekkracht maakt de provincie zich sterk voor een toekomstvaste ICT-infrastructuur voor bedrijven en instellingen. Door het ondersteunen van vraagbundeling stimuleert de provincie het totstandkomen van een "open" glasvezelinfrastructuur, ook in gebieden waar de markt nog niet in deze behoefte voorziet. In tegenstelling tot het gesloten netwerk van landelijke operators heeft een open netwerk het grote voordeel dat het toegang biedt aan elke aanbieder die breedband­diensten wil aanbieden, zoals: snel internet, beveiliging, zorg op afstand, etc.

Hierdoor hebben de klanten keuzevrijheid ten aanzien van de gewenste diensten en wordt het aanbod van breedbanddiensten gestimuleerd.

In overleg met de Commissie Economie en Milieu is in 2004 gekozen voor een beleid via drie sporen, te weten:


  1. ondersteuning interlokale vraagbundeling, voor regionale ontsluiting via een hoofdverbinding van glasvezel (backbone);

  2. ondersteuning lokale vraagbundeling, bijvoorbeeld stedelijke ontsluiting en bedrijven­terrei­nen;

  3. realisatie van een aantal digitale marktplaatsen voor de koppeling van afzonderlijke infra­struc­tuur en uitwisseling van diensten.



2. Resultaten op hoofdlijnen





Belangrijkste resultaten 2005
spoor 1: interlokale vraagbundeling:

  • Oost NV is in alle regio’s actief met vraagbundeling in samenwerking met de Stich­ting TReNT. Vanuit Enschede is het TReNT-netwerk inmiddels via Haaksbergen, Eibergen, Borculo, Lochem, Groenlo, Winterswijk, Lichtenvoorde, Varsseveld en Gen­dringen uitge­breid naar Doetinchem. Via de Liemers wordt de verbinding met Arnhem gerealiseerd.

  • Vanuit Arnhem wordt het netwerk zo spoedig mogelijk (planning eind 2005) uitge­breid naar Ede, Wageningen, Bennekom en Lunteren met uitlopers naar Veenendaal en Barneveld (Vallei-ring). Vervolgens wordt via Wageningen de doorsteek ge­maakt naar het Rivierenland. Hier is voldoende vraag voor een verbinding naar Gel­der­malsen, Culemborg en Zaltbommel.

  • In het noorden is vanuit Enschede al een verbinding gerealiseerd met Apeldoorn.

Met ondersteuning van de provincie fungeert de Stedendriehoek als proefgebied voor de eerste regionale digitale marktplaats.

  • In de meeste regio’s is dus voldoende vraag om - in ieder geval - interlokale hoofd­verbin­dingen te realiseren. Uitzonderingen zijn dunbevolkte gebieden als gemeen­te Bronckhorst en delen van het Rivierenland. Hiervoor is een intensievere aanpak nodig. De gemeente Bronckhorst ontwikkelt hiervoor een plan van aanpak.

spoor 2: lokale vraagbundeling:



  • Via de interlokale verbindingen kunnen lokale projecten aantakken, waaronder be­drij­venterreinen. Deze projecten komen nu goed op gang. Naast een vijftal terrei­nen in het KAN lopen er projecten in Ede (Heestereng/Frankeneng) en in de Achter­hoek.

spoor 3: digitale marktplaatsen:



  • Op 1 september 2005 wordt de digitale marktplaats Arnhem geopend, opgezet in samen­werking met de Nederlands Duitse Internet Exchange (NDIX) in Enschede.

  • In samenwerking met Overijssel en Oost NV is het "Masterplan versnelling breed­band Oost-Nederland" opgesteld. Dit plan bevat een strategie voor de onderlinge koppeling van lokale marktplaatsen.




2.1. spoor 1: vraagbundeling interlokale verbindingen bijna gereed

Oost NV heeft in alle regio’s de vraagbundeling afgerond. Naar verwachting zijn in 2006 alle regio’s via een glasvezel-backbone ontsloten. Hiermee wordt een belangrijke voorwaarde inge­vuld voor een fijnmaziger ontsluiting van deze gebieden.


Voor drie gebieden geldt dat er nog te weinig grote klanten zijn om een geplande hoofd­ver­binding te realiseren, te weten: Bronckhorst, Tielerwaard en Bommelerwaard. Voor de ontslui­ting van deze gemeenten is een intensievere vraagbundeling nodig, eventueel in combinatie met een draadloos aansluitnet. De gemeente Bronckhorst ontwikkelt hiervoor een plan van aanpak.

2.2. spoor 2: vraagbundeling bedrijventerreinen komt op gang

In de vraagbundeling van Oost NV heeft de nadruk gelegen in de interlokale verbindingen, ofwel de hoofdroutes. Na de hoofdroutes verschuift de aandacht naar de aantakking van lokale pro­jecten, waaronder de ontsluiting van bedrijventerreinen. Daarnaast kan de hoofdverbinding als backbone dienen voor (draadloze) ontsluiting van dunbevolkte gebieden. De afstanden tot de hoofdverbinding zijn nu simpel gezegd korter, ook voor MKB-bedrijven en kleinere instellingen. Hierdoor komt de lokale vraagbundeling meer in beeld.


Concreet zijn de afgelopen maanden op de volgende terreinen vraagbundelingsprojecten opge­start:

  • Achterhoek (in voorbereiding als tweede fase project "parels en het snoer");

  • Heestereng/Frankeneng in Ede (offertestadium);

  • Noord-oostkanaalhavens (offertestadium) en West Kanaaldijk Sluis (voorbereiding);

  • 't Broek/IJsseloord/Bijsterhuizen (aanbesteding netwerk dit najaar).

Om gemeenten voortaan beter te ondersteunen bij vraagbundeling op bedrijventerrein wordt een extra module toegevoegd aan het draaiboek parkmanagement, ICT-vraagbundeling, met prak­tijk­voorbeelden.



2.3. spoor 3: concept "digitale marktplaatsen" wordt praktijk


Een "digitale marktplaats" is een onafhankelijk koppelpunt voor verschillende aanbieders van breedbandinfrastructuur. Via dit koppelpunt krijgen aanbieders van breedbanddiensten toegang tot de klanten die in de afzonderlijke netwerken zijn verbonden. Hierdoor ontstaat schaalgrootte voor nieuwe diensten en dus innovatie in breedbandige dienstverlening. Des te meer netwerken zich aansluiten, des te groter het effect. Wanneer digitale marktplaatsen vervolgens nog eens onderling worden gekoppeld, ontstaat een waar multipliereffect.





Het idee van een digitale marktplaats komt voort uit de behoefte om lokale glasvezelprojecten te ontsluiten en versnippering te voorkomen. Met ondersteuning van de provincie zijn in Nijmegen en Arnhem de eerste digitale marktplaatsen opgezet. Via deze marktplaatsen krijgen gebruikers van stedelijke glasvezelnetten SSGA (Arnhem) en Telemann (Nijmegen) toegang tot een breder aanbod van nieuwe diensten. De opzet in Arnhem voorziet in een koppeling met de NDIX waardoor instellingen in Arnhem gebruik kunnen maken van diensten die in Enschede "draaien". Een soortgelijke koppeling is ook in Nijmegen gepland.
Zoals gezegd, is het succes van de marktplaats afhankelijk van het aantal deelnemers zowel ten aanzien van infrastructuur als ten aanzien van diensten. Het is dan ook de bedoeling dat beide marktplaatsen verder doorgroeien tot een knooppunt van verschillende netwerken en aanbieders van diensten. Dit betekent dat - naast SSGA en Telemann - ook marktpartijen (KPN, kabel) hun netwerk via de marktplaats openstellen voor aanbieders van diensten. Op dit punt is recent in Deventer een doorbraak bereikt. KPN en Essent hebben hun netwerken ondergebracht in een stedelijk netwerk en gekoppeld via de digitale marktplaats Deventer (zie onder regio Steden­driehoek).

Het concept van digitale marktplaatsen wordt inmiddels in breedbandland algemeen erkend als de "missing link" om de breedbandmarkt in een hogere versnelling te krijgen. Ook met Ministerie van EZ heeft belangstelling voor marktplaatsen als een vliegwiel voor nieuwe breedband­dien­sten. Dit is de reden dat Overijssel en Gelderland samen een "Masterplan versnelling breed­band" hebben opgesteld met actielijnen richting gemeenten en Rijk.




3. Conclusies

    1. spoor 1: witte gebieden vragen intensievere aanpak

Vraagbundeling is niet universeel toepasbaar. Er zijn gebieden waar de afstanden te groot zijn en het aantal klanten nog te gering is om investeringen in glasvezel te rechtvaardigen. In deze gebieden is hooguit ADSL beschikbaar, maar dan op de laagste snelheid omdat de afstand tot de KPN-centrales te groot is. De gemeente Bronckhorst is een voorbeeld waar er nog te weinig grote klanten zijn voor een glasvezelverbinding Doetinchem-Vorden-Zutphen die als backbone kan dienstdoen voor ontsluiting van de regio. De gemeente zoekt samen met SEO Achterhoek nu naar een oplossing voor de ontsluiting van bedrijfslocaties, waaronder vrijkomende agrarische gebouwen. Dit resulteert na de zomer in een concreet voorstel.


Hierbij kan men denken aan een hybride oplossing waarbij klanten draadloos worden aan­gesloten op de hoofdverbinding van glasvezel. Voorwaarde voor de gemeente is wel dat deze draad­loze verbinding genoeg capaciteit biedt en toegankelijk is voor verschillende diensten­leve­ranciers volgens het open infrastructuur-principe en scheiding van infra en diensten.
Mogelijk kan hierbij gebruik worden gemaakt van de nieuwste draadloze technologie WiMAX (zie kader). Volgens de leveranciers zijn de verwachtingen hoog, maar WiMAX wordt op dit moment nog niet echt commercieel toegepast. In Nederland en andere landen zijn wel proefprojecten (onder andere door Nozema), maar grootschalige netwerken zijn er nog niet.
In het Rivierenland is het bedrijf Aether Arcus actief met draadloos internet via WiFi. Voor de aan­voer van signaal maakt het bedrijf gebruik van vaste infrastructuur. Wij zullen ook met de ge­meen­ten in het Rivierenland in gesprek gaan om alternatieve mogelijkheden voor breedband te be­kijken.
    1. spoor 2: bedrijventerreinen vragen om systematische aanpak

De elektronische ontsluiting van bedrijventerrein maakt onderdeel uit van een groter geheel.

De aan­leg van een lokale glasvezelring is alleen zinvol als er van tevoren is nagedacht over de aantakking op hoofdinfrastructuur (van TReNT of andere operators), de aantakking op een digi­tale marktplaats en het pakket van breedbanddiensten dat door de bedrijven kan worden afgenomen. De ervaring laat zien dat camerabeveiliging een belangrijke trekker is om over te kun­nen gaan tot de aanleg van breedbandnetwerken op bedrijventerreinen. De insteek van vraag­bundeling is dus niet infrastructuur, maar besparing op kosten en het gebruik van nieuwe breedbanddiensten, zoals camerabeveiliging.
Daarnaast is het belangrijk om een reëel beeld te krijgen van wat op korte en lange termijn mogelijk is. Glasvezel begint waar zakelijk ADSL stopt. Bedrijven betalen nu individueel tientallen euro’s voor ISDN2 of zakelijk ADSL. Ter indicatie: voor het gebruik van een collectief glasvezel­net moeten bedrijven rekenen met een eenmalige bijdrage per aansluiting (100 tot 450 euro, afhankelijk van bedrijfsgrootte) en een maandelijkse abonnementsbijdrage van circa 70 euro. Hiervoor krijgen bedrijven beschikking over een 100Mb ethernet-verbinding. Deze breedband­verbinding biedt het technische platform voor de gezamenlijke inkoop van breedbanddiensten, zoals: fast internet, telefonie en beveiliging.

In de huidige markt leert de ervaring dat vraagbundeling kansrijk is op terreinen met een mini­male omvang van 100 bedrijven. Wanneer 40% van de bedrijven meedoet, is de aanleg van een eigen netwerk al mogelijk.


Het ligt dus voor de hand om onze inspanningen te concentreren op de 100-plus terreinen en de betreffende gemeente uit te nodigen om hier de vraag te laten bundelen. In totaal gaat het in Gelderland om circa 40 bedrijventerreinen. Vanzelfsprekend hangt het succes mede af van het type bedrijven dat op het terrein actief is.

De provincie en Oost NV kunnen dit proces op gang brengen en ondersteunen. Voor de feite­lijke vraagbundeling op bedrijventerrein kunnen gemeente en parkmanagers vervolgens kiezen uit een aantal marktpartijen. Met Oost NV is afgesproken dat zij zich - met uitzondering van lopende afspraken in de Achterhoek - gaan richten op de interlokale verbindingen en het opzet­ten van digitale marktplaatsen.


Om de vraagbundeling op terreinen op gang te krijgen, moeten wij vraagbundeling positioneren als onderdeel van parkmanagement. Om gemeenten en parkmanagement-organisaties op weg te helpen, voegen wij een extra module toe aan het draaiboek waarin modellen voor vraag­bunde­ling worden toegelicht en geïllustreerd met voorbeelden uit de praktijk.

    1. spoor 3: marktplaatsen vragen gezamenlijke aanpak: Masterplan

Onder druk van vraagbundeling komt de telecom-markt in beweging. Geleidelijk zijn ook be­staande operators bereid om hun netwerken onder te brengen in een open model en gebruik te maken van een onafhankelijke digitale marktplaats. De snelle ontwikkeling van breedband vraagt om schaalgrootte en samenwerking. Om dit te bereiken hebben de provincies Overijssel en Gelder­land gezamenlijk het bijgevoegde "Masterplan Breedband Oost-Nederland" laten opstel­len. Het plan is gebaseerd op praktijkervaringen in de Stedendriehoek, waar ervaring wordt opge­daan met het koppelen van lokale marktplaatsen.


Het masterplan is een voortzetting van de drie actielijnen die in Gelderland al zijn ingezet, met als sluitstuk het onderling koppelen van digitale marktplaatsen in Overijssel en Gelderland.

Het eindplaatje voor 2010 is een open breedbandnetwerk in Oost-Nederland op basis van onder­ling gekoppelde infrastructuren van verschillende infrastructuuraanbieders, non-profit én profit.



DOELSTELLING
Het uiteindelijke doel van het masterplan is een "volwaardige breedbandontsluiting" voor alle be­drijven en instellingen in alle gemeenten. Populair gezegd: een breedbandaansluiting (bijvoor­beeld 100 Mbps ethernet-verbinding) tegen een betaalbaar tarief met een aantrekkijk aanbod van breed­band­diensten die via een netwerk van digitale marktplaatsen wordt aangeboden.
Met verwijzing naar de bijlage wil dit zeggen minimaal status 3, waarin wij drie gradaties ken­nen:


  1. interlokale vraagbundeling afgerond: er is in ieder geval een hoofdverbinding van glas­vezel in de gemeente aanwezig die open en toegankelijk is tegen betaalbare ta­rieven;

  2. lokale vraagbundeling afgerond: ook de bedrijventerreinen zijn via de hoofdinfrastructuur ont­sloten;

  3. àlle MKB-bedrijven en instellingen in de gemeenten kunnen beschikken over een breed­bandaansluiting tegen redelijk tarief met gebruik van breedbanddiensten die via de digitale marktplaats worden aangeboden.

De meeste gemeenten die door TReNT-netwerk zijn ontsloten, hebben dus eigenlijk status 3a.


Daarnaast zijn er (grotere) gemeenten met een speciale status (4 of 5) omdat hier een digitale marktplaats is ontwikkeld. Hierbij maken wij een onderscheid tussen een lokale marktplaats met lokale diensten en een gekoppelde marktplaats die tevens toegang biedt tot diensten uit de regio.
OPERATIONALISATIE
Bovenal is het masterplan bedoeld als een bespreekdocument met de regio’s en gemeenten. Gemeenten moeten zélf het belang van breedband onderkennen en zélf initiatieven nemen.

De provincie kan gemeenten hierbij ondersteunen en zorgdragen voor bovenlokale regie.

Als eerste voorzet hebben wij hiernavolgend per regio een breedbandagenda geformuleerd.
Om de voortgang van het beleid te meten, bevat het plan een breedbandmonitor waarmee de breedbandstatus van gemeenten wordt gescoord (zie pagina 25 masterplan en bijlage 2 van deze notitie).
Ook de provincie Noord-Brabant heeft zich bij deze visie aangesloten. Dit najaar wordt in IPO-verband aandacht besteed aan het thema breedband. Daarnaast bekijkt het Ministerie van EZ - in het kader van de breedbandbrief van de minister - met de provincies Overijssel, Noord-Brabant en Gelderland de mogelijkheden voor een landelijke experimenteeromgeving voor breedband­dien­sten. Het masterplan geeft hiervoor een goede aanzet.

4. Rapportage per regio

In de volgende paragraaf geven wij per regio de stand van zaken aan op de drie actielijnen, waar­bij er in de tijd een logische volgorde bestaat van actie 1, naar actie 2, naar actie 3. De be­schrij­vingen worden afgesloten met een breedbandagenda per regio. Deze agenda dient als kom­pas voor gesprekken met de regio’s en gemeenten in het kader van het "Masterplan ver­snelling breedband".



4.1. Regio Achterhoek





  1. Interlokale vraagbundeling

De regio Achterhoek is via het project "parels en het snoer" het verst gevorderd. Vanuit Enschede is het TReNT-netwerk inmiddels via Haaksbergen-Eibergen (Borculo-Lochem), Groenlo (Winterwijk), Lichtenvoorde en Varsseveld (Gendringen) uitgebreid naar Doetin­chem. Uitbreiding naar de Liemers is een reële optie.

De verbinding Doetinchen-Vorden-Zutphen is op dit moment nog niet rendabel. Hiervoor wordt nog gesproken met twee grote klanten in de regio. Ook voor de doorkoppeling Eibergen-Rekken en Borculo-Ruurlo zijn nog klanten nodig. Ter indicatie: in totaal gaat het in de Achterhoek om een onrendabele top van circa € 300.000,--.


Onder het motto "vele kleine maken een grote" heeft de gemeente Bronckhorst inmiddels een projectvoorstel ontwikkeld om met name de ICT-vraag van kleinere bedrijven te bun­delen. Op basis van deze intensieve vraagbundeling wordt vervolgens gezocht naar de best mogelijke technische invulling met als uitgangspunt een "open" netwerk met keuze uit meer­dere aanbieders. Hierbij komt ook de mogelijkheid voor een hybride netwerk in beeld, waar­bij deelnemers draadloos worden verbonden naar een hoofdverbinding van glasvezel.

Dit project levert hopelijk een model op welke ook toepasbaar is in het Rivierenland.


  1. Lokale vraagbundeling

Het project "parels en het snoer"voorziet ook in vraagbundeling op bedrijventerreinen (fase 2). Aanvankelijk zijn hiervoor tien terreinen geselecteerd. De ervaring leert echter dat voor vraagbundeling een kritische massa nodig is van circa 100 bedrijven. Daarnaast is het beschikbare budget voor fase 2 gering. In overleg met SEO Achterhoek is nu gekozen voor een demonstratieproject op één groot terrein dat als model kan dienen voor vraagbundeling op de andere 100-plus terreinen in de regio Achterhoek; start najaar 2005.


  1. Digitale marktplaatsen

Zodra er voldoende breedbandaansluitingen zijn gerealiseerd in de regio ontstaat er behoef­te aan een digitale marktplaats in Doetinchem. Er zijn al lokale partijen actief die een derge­lij­ke digitale marktplaats willen opzetten. De gemeente zou hiervoor het initiatief moeten nemen.


4.2. Regio Vallei



  1. Interlokale vraagbundeling

In dit gebied heeft Oost NV klanten benaderd voor deelname een aan collectieve glasvezel­oorziening. Vervolgens heeft Stichting TReNT deze klanten een concrete aanbieding gedaan voor een open glasvezelring Ede, Wageningen, Bennekom, Lunteren met uitlopers naar Veenendaal en Barneveld.

Na ondertekening door de klanten - waaronder de gemeente Ede - wordt de ring aangelegd. Deze ring is vervolgens ook weer te gebruiken voor de ontsluiting van het Rivierengebied.




  1. Lokale vraagbundeling

De gemeente Ede is actief met betrekking tot vraagbundeling. Hierbij gaat het om het grote terreinen Heestereng/Frankeneng (overigens ook voorbeeldproject GMP3), maar ook om toe­komstige ICT-infrastructuur op nieuwe terrein zoals voorzien in het ISEV-plan (De Klomp-Oost, Ede West II en III).

Op Heestereng/Frankeneng heeft de gemeente samen met de ondernemersvereniging een vraagbundelingsproject opgezet. Naast glasvezel wordt hierbij ook gekeken naar de moge­lijk­heden van een opkomende draadloze techniek WiMAX.


Daarnaast is door de provincie - mede op verzoek ondernemersvereniging Ede - opdracht verstrekt om een extra module aan het draaiboek parkmanagement toe te voegen. De modu­le ICT-vraagbundeling biedt gemeenten een praktische leidraad om vraagbundeling op be­drij­venterreinen aan te sturen.




  1. Digitale marktplaatsen

Zodra via de ring en op de terreinen bedrijven op breedband worden aangesloten ontstaat massa voor de opzet van een digitale marktplaats Ede/Wageningen. Vanzelfsprekend heeft deze marktplaats ook betekenis voor bedrijven en onderzoeksinstellingen in het kader van Food Valley. Het initiatief voor de marktplaats ligt bij de gemeente Ede, maar de provincie kan de gemeente hierbij ondersteunen.

4.3. Regio Rivierenland





  1. Interlokale vraagbundeling

In opdracht van StER en provincie heeft Oost NV een verkenning uitgevoerd naar breed­band. Hieruit blijkt dat er genoeg klanten voor een hoofdverbinding op de assen Tiel-Gelder­malsen-Culemborg-Zaltbommel. Aansluiting bij het TReNT-netwerk is mogelijk via een kop­peling met de ring in Ede/Wageningen. Hiermee wordt de basis gelegd voor de verdere ont­sluiting van het gebied. Zodra de contracten zijn getekend, worden de glasvezelverbindingen aangelegd.

De gebieden in de Tieler- en Bommelerwaard zijn in de aanpak van Oost NV aan te merken als onrendabele gebieden voor glasvezel. Er zijn te weinig klanten om de relatief grote afstanden met glasvezel te overbruggen. Het gaat hier om een beoogde hoofdontsluiting door de gemeenten Maasdriel, Lingewaal, Buren, Druten en West Maas en Waal. Om deze ontbrekende verbindingen te realiseren, rekent TReNT met een onrendabele top van circa


€ 500.000,--. In overleg met de gemeenten kunnen wij ook hier op zoek gaan naar alterna­tieven.


  1. Lokale vraagbundeling

Met de StER en de Kamer van Koophandel zijn afspraken gemaakt voor een plan van aan­pak voor de grootste bedrijventerreinen. Na de zomer worden partijen uitgenodigd om voor­stellen te doen voor de ontsluiting van de grotere bedrijventerreinen. Naar verwachting leidt dit nog dit jaar tot een concreet projectvoorstel.


  1. Digitale marktplaatsen

Zodra door interlokale vraagbundeling en lokale vraagbundeling genoeg massa ontstaat, is ook in Tiel een digitale marktplaats nodig en gewenst. Hiervoor zal de gemeente Tiel het ini­tia­tief moeten nemen. De provincie kan de gemeente hierbij ondersteunen.


4.4. Regio Noord-Veluwe





  1. Interlokale vraagbundeling

Ook hier heeft Oost NV een verkenning uitgevoerd naar de vraag en het aanbod van breedband. In tegenstelling tot de situatie in het Rivierenland zijn op de Veluwe aanbieders als Eurofiber en Versatel aanwezig met glasvezelhoofdroutes. Deze operators zijn bereid om bedrijven te voorzien van een "open" glasvezelverbinding tegen een betaalbaar tarief.

Dit aan­bod is in principe toereikend om de nog geringe vraag in dit gebied te bedienen. Er is dus voor Oost NV geen aanleiding om in dit gebied een uitgebreide vraagbundeling te starten voor de aanleg van een alternatief glasvezelnetwerk via stichting TReNT.




  1. Lokale vraagbundeling

Op dit moment zijn er nog geen concrete plannen om de vraag op bedrijventerreinen te gaan bundelen. Het ligt voor de hand om hiermee van start te gaan op Lorentz Harderwijk, waar 286 bedrijven zijn gevestigd. Hiervoor wordt contact gelegd met de gemeente Harderwijk.


  1. Digitale marktplaatsen

Op termijn is ook in Harderwijk een digitale marktplaats gepland. Via deze marktplaats krij­gen bedrijven en instellingen in de regio toegang tot diensten die op de verschillende markt­plaatsen elders worden aangeboden en wordt ook de regio Noord-Veluwe onderdeel van een open breedbandnetwerk. De provincie kan de gemeente Harderwijk hierbij ondersteu­ning bieden.


4.5. Regio KAN





  1. Interlokale vraagbundeling

In dit stedelijke gebied ligt op de hoofdroutes relatief veel glasvezel van operators. Dit bete­kent overigens nog niet dat overal betaalbare breedbandaansluitingen beschikbaar zijn. Arnhem en Nijmegen beschikken ieder over een eigen stedelijke glasvezelnet. Het Tele­mann-netwerk in Nijmegen heeft een uitbreiding gepland naar de omliggende gemeenten.

In de Liemers is de vraagbundeling van Oost NV afgerond met een positief resultaat. Er zijn in principe voldoende klanten om een verbinding Doetinchem-Arnhem met een uitloper naar Millingen te realiseren. Zodra alle klanten hun contracten ondertekenen, kan met de aanleg worden gestart. Hierdoor is een directe verbinding Enschede-Arnhem een feit.




  1. Lokale vraagbundeling

Het KAN loopt voorop als het gaat om vraagbundeling op bedrijventerrein. Als voorbeeld noemen wij het project "Ontbrekende Schakels" van Stichting Telematica, waarbij KPN Telecom - als eerste contractant - via een open infrastructuur betaalbare breedbanddiensten gaat aanbieden aan bedrijven3. De werkzaamheden voor de glasvezelontwikkeling beginnen na de zomer. Op dit moment wordt door de stichting de belangstelling bij MKB-klanten in kaart gebracht. De industrieterreinen waar Fiber to the Office wordt ontwikkeld, bevinden zich in Arnhem ('t Broek/Kleefsewaard, IJsseloord 1, IJsseloord 2) en Nijmegen/Wijchen (Bijs­ter­huizen). Door een gezamenlijke ontsluiting van de terreinen vervalt de hoge toe­gangs­drempel voor breedbanddiensten en kunnen bedrijven tegen een aantrekkelijk tarief over­stap­pen naar glasvezel (circa € 119,-- per maand zónder aansluitkosten).

Naast de genoemde terreinen gaat binnenkort ook op West Kanaaldijk Sluis en Noord-Oost Kanaalhavens vraagbundeling van start. Omdat deze terreinen naast elkaar liggen, zijn hier schaalvoordelen te behalen.




  1. Digitale marktplaatsen

In het KAN wordt ervaring opgedaan met een digitale marktplaats in Arnhem (opening 1 sep­tember 2005) en in Nijmegen (al operationeel). Het gaat hier om "lokale" marktplaatsen gekoppeld aan de non-profit stedelijke glasvezelringen SSGA (Arnhem) en Telemann (Nijmegen). Het is de bedoeling om deze marktplaatsen via vraagbundeling verder uit te bouwen met méér infrastructuur (van marktpartijen), méér diensten (via de koppeling met de NDIX) en meer gebruikers (ook profit). De marktplaats Arnhem is al gekoppeld aan de NDIX, Nijmegen nog niet. Wij verwachten hiervoor dit najaar een voorstel.

4.6. Regio Stedendriehoek


  1. Interlokale vraagbundeling

De Stedendriehoek is een innovatieve breedbandregio. De dynamiek komt voort uit stede­lijke initiatieven, waarbij Deventer leading is. Via Deventer is het noorden van Apeldoorn aan­ge­slo­ten op het gerealiseerde TReNT-netwerk. Dit biedt mogelijkheden voor succesvolle vraag­bundeling op het terrein Apeldoorn Noord (161 bedrijven).


  1. Lokale vraagbundeling

In de regio Stedenhoek zijn verschillende partijen actief met lokale vraagbundeling. Om te be­gin­nen de stad Deventer die een stedelijk glasvezelnetwerk heeft gerealiseerd met als kloppend hart een digitale marktplaats. Gemeente Apeldoorn heeft de aanzet gegeven tot een stedelijke vraagbundeling wat eveneens kan leiden tot een stedelijk netwerk. Zutphen treft voorbereidingen om op de Mars de vraag naar breedband te gaan bundelen. Het is nu zaak om de verschillende lokale initiatieven in regionaal verband op te pakken.


  1. Digitale marktplaatsen

Naast de marktplaats Deventer (zie kader) zal ook in Apeldoorn en Zutphen een lokaal kop­pel­punt of marktplaats nodig zijn. Vanuit de lokale ontwikkelingen is binnen EPS Steden­drie­hoek de noodzaak gezien om lokale initiatieven te gaan koppelen tot één regionale markt­plaats. Dit heeft geleid tot het project "Breedband Stedendriehoek". Het is de bedoeling om vanuit de lokale dynamiek met stedelijke glasvezelringen en koppelpunten te komen tot één regionale digitale marktplaats met een koppeling naar de NDIX in Enschede. De regio is hier­mee experimenteergebied als het gaat om de koppeling van marktplaatsen.

Het "Masterplan versnelling breedband Oost-Nederland" is op deze ervaringen ontwikkeld.






5. Beleidsimpulsen 2005-2006

Gelet op de voortgang van het breedbandbeleid en het streefbeeld van het "Masterplan versnel­ling breedband" stellen wij de volgende beleidsimpulsen voor:


Spoor 1: intensiveer vraagbundeling in witte gebieden


Rol provincie:

  • ontwikkel met regio Achterhoek (gemeente Bronckhorst) en regio Rivierenland voor de on­ren­­dabele gebieden een "plan van aanpak" en stel hiervoor middelen beschikbaar;

  • bekijk mogelijkheden voor intensieve vraagbundeling onder kleinere gebruikers;

  • bekijk daarna technische mogelijkheden voor een open netwerk via glasvezel/hybride/ draad­­loos;

  • betrek hierbij mogelijkheden regionale draadloze aanbieders4;

  • bekijk eventueel mogelijkheden voor Europese aanbesteding5;

  • gebruik gemeente Bronckhorst als testcase.

Spoor 2: intensiveer vraagbundeling bedrijventerreinen


Rol provincie:

  • ondersteun gemeenten en regio's met vraagbundeling op de grotere bedrijventerreinen
    (>100 bedrijven);

  • maak hierbij gebruik van bestaande kennis in de markt, met Oost NV in begeleidende rol;

  • ontwikkel hiervoor een handleiding en voeg deze module toe aan het draaiboek parkmana­ge­ment;

  • organiseer rond dit thema een bijeenkomst met gemeenten.

Spoor 3: start uitvoering Masterplan versnelling breedband Oost- Nederland


Rol provincie

  • coördineer de realisatie van een open breedbandnetwerk in Oost-Nederland via vraag­bunde­ling en koppeling van digitale marktplaatsen;

  • organiseer draagvlak bij gemeenten - en bij het Ministerie van EZ - door het masterplan actief uit te dragen en per regio een breedbandagenda op te stellen;

  • ondersteun de gemeenten uit het masterplan bij het opzetten van digitale marktplaatsen met kennis (Oost NV) en een bijdrage in de opstartkosten. De exploitatie van een digitale markt­plaats wordt - na een aanloopfase - gedragen door de gebruikers, te weten diensten­aanbie­ders en operators.



6. Voorstel





  1. Vaststellen Voortgangsnotitie Breedband, inclusief bijgevoegde "Masterplan versnelling Breed­band Oost-Nederland";

  2. Instemmen met de volgende drie beleidsimpulsen, te weten:

  • spoor 1: realiseer nog ontbrekende hoofdverbindingen en maak plan van aanpak voor on­ren­dabele gebieden;

  • spoor 2: intensiveer vraagbundeling bedrijventerreinen (>100 bedrijven);

  • spoor 3: voer in samenwerking met Overijssel "Masterplan versnelling breedband Oost-Neder­land" uit.

Bijlage 1 : TReNT netwerk (augustus 2005)


Toelichting kaart:
Op deze kaart is duidelijk te zien hoe het TReNT-netwerk uitwaaiert. De rode lijnen zijn al gerea­liseerde verbindingen. De donkerblauwe lijnen geven trajecten aan waar Oost NV de vraag­bundeling heeft afgerond. Aanleg op deze trajecten is afhankelijk van de uiteindelijke onderteke­ning van contracten en de benodigde voorfinanciering door Stichting TReNT.

De paarse trajecten zitten nog in de pijplijn en komen nog aan de beurt.


De gele routes op de Veluwe geven aan dat er op de Veluwe relatief weinig vragers zijn van glas­vezel. Daarnaast lopen er door dit gebied hoofdroutes van Eurofiber en Versatel. Deze operators zijn bereid om open verbindingen aan te bieden tegen betaalbare tarieven en kunnen hiermee in principe de - nog beperkte - vraag vanuit grote bedrijven en instellingen bedienen.

Vraagbundeling en aanleg van een TReNT-netwerk is hier dus niet nodig door is hier dus niet noodzakelijk.


Ten slotte geven de lichtblauwe lijnen de gebieden aan die slecht zijn ontsloten. Er zijn te weinig grote klanten om de TreNT-methodiek toe te passen. Bedrijven in deze gebieden moeten het op dit moment doen met een eenvoudige ADSL-verbinding of dure maatwerkoplossingen.

De gemeente Bronckhorst is een gemeente waar op dit moment niet voldoende klanten zijn voor een glasvezelverbinding Doetinchem-Vorden-Zutphen. De gemeente bereidt op dit moment een voorstel voor om met een gerichte inspanning onder MKB-bedrijven toch voldoende massa te creëren voor een breedbandige en open ontsluiting, liefst via glasvezel.




Bron: Masterplan versnelling breedband Oost-Nederland



Bijlage 2: Breedbandmonitor 2005


Tabel 1 Legenda breedbandmonitor


Status

label

toelichting



O


Onrendabel gebied voor vaste breedbandinfrastructuur



Gemeente die voor marktpartijen op dit moment onvoldoende aan­trekkelijk is om bedrijven en instellingen betaalbare breedband-infrastructuren aan te bieden. Er zijn relatief weinig klanten voor een effectieve vraagbundeling.



1


Mogelijk rendabel gebied




Gemeente die voor marktpartijen op dit moment nog niet aantrek­kelijk is voor aanbod van betaalbare breedbandinfrastructuur aan bedrijven en instellingen. Vraagbundeling is nodig om voldoende schaalgrootte te bereiken. Er is naar verwachting voldoende vraag voor een effectieve vraagbundeling.





2


Rendabel gebied voor marktpartijen



Gemeente is voor marktpartijen voldoende aantrekkelijk om bedrij­ven en instellingen betaalbare breedbandinfrastructuren aan te bie­den (op basis van bestaande infrastructuur). Er is echter nog geen lokale digitale marktplaats of toegang tot het netwerk van markt­plaatsen.





3a/b/c

Ontsloten via open breedbandnetwerk en aangesloten op netwerk van marktplaatsen (geen eigen marktplaats)


Gemeente waar een breedbandinfrastructuur voor bedrijven en in­stel­lingen is gerealiseerd (door marktpartijen of door stichting TReNT) zonder een eigen lokale digitale marktplaats. De breed­band­infrastructuur is wel aangesloten op een nabij gelegen markt­plaats van een andere gemeente en heeft daarmee toegang tot het netwerken van digitale marktplaatsen in Oost-Nederland.





4

Ontsloten via open breedbandnetwerk en een eigen marktplaats



Gemeente waar een breedbandinfrastructuur voor bedrijven en in­stellingen is gerealiseerd met een eigen lokale digitale marktplaats. Deze marktplaats is echter (nog) niet gekoppeld aan andere digitale marktplaatsen in Oost-Nederland.





5


Ontsloten via open breedbandnetwerk en een eigen gekoppelde marktplaats


Gemeente waar een breedbandinfrastructuur voor bedrijven en in­stellingen is gerealiseerd met een eigen lokale digitale marktplaats. Deze marktplaats is gekoppeld aan andere digitale marktplaatsen in Oost-Nederland.


DOELSTELLING


Het uiteindelijke doel van het masterplan is een "volwaardige breedbandontsluiting" voor alle be­drij­ven en instellingen in alle gemeenten. Populair gezegd, een breedbandaansluiting (bijvoor­beeld 100 Mbps ethernet-verbinding) tegen een betaalbaar tarief met een aantrekkelijk aanbod van breed­band­diensten die via een netwerk van digitale marktplaatsen wordt aangeboden.
In termen van de breedbandmonitor wil dit zeggen minimaal status 3, waarbij wij drie gradaties kennen:

  1. interlokale vraagbundeling afgerond: er is in ieder geval een hoofdverbinding van glas­vezel in de gemeente aanwezig die open en toegankelijk is tegen betaalbare tarie­ven;

  2. lokale vraagbundeling afgerond: ook de bedrijventerreinen zijn via de hoofdinfrastructuur ont­sloten;

  3. àlle MKB-bedrijven en instellingen in de gemeenten kunnen beschikken over een breed­bandaansluiting tegen redelijk tarief met gebruik van breedbanddiensten die via de digitale markt­plaats worden aangeboden.


De gemeenten met status 3 (oranje) hebben dus eigenlijk status 3a

Daarnaast zijn er (grotere) gemeenten met een speciale status (4 of 5) omdat hier een digitale marktplaats is voorzien. Hierbij maken wij een onderscheid tussen een lokale marktplaats met lokale diensten en een gekoppelde marktplaats die tevens toegang biedt tot diensten uit de regio. Op grond van huidige inzichten zijn in Gelderland op termijn de volgende digitale markt­plaatsen voorzien: Arnhem, Nijmegen, Doetinchem, Ede-Wageningen, Tiel, Zutphen, Apeldoorn en Harderwijk.


Arnhem, 30 augustus 2005 - nr. 2005-007757

Gedeputeerde Staten van Gelderland

J.J.W. Esmeijer

-

wnd. Commissaris van de Koningin

H.M.D. Brouwer

-

secretaris



coll. hz


code: / ez 

1 Hierbij gaat het bijvoorbeeld om een 100 Mbps ethernet-verbinding inclusief internetacces (10 Mbps symmetrisch, 1:10 overbooked) tegen een tarief van circa 250 euro per maand

2 Zie ook Volkskrant 29 januari 2005: "over 3 tot 10 jaar is glasvezel de norm", aldus Mark Frequin, DG MinEZ

3 De stichting garandeert dat het gaat om een open infrastructuur. Dat betekent dat andere operators onder dezelfde condities toegang krijgen tot klanten op het terrein.

4 Bekende aanbieders van draadloze netwerken zijn onder andere IntroWeb (Hengelo), AetherArcus (Zaltbommel) en Wifi4All (Elst)

5 De provincies Groningen en Drenthe hebben de aanleg van een glasvezelnetwerk in de Veenkoloniën en Zuidoost-Drenthe Europees aanbesteed onder leiding van Surfnet. De unieke aanleiding is het gegeven dat in dit gebied een glasvezelnet moet worden gelegd voor twintig LOFAR-stations voor astronomisch onderzoek




Inlichtingen bij dhr. W.M.J. Huntink, tel. (026) 359 95 44

e-mail w.huntink@prv.gelderland.nl
verzonden







De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina