Stepping Stones 2 vmbo b/lwoo Stonesvertalingen Vierde editie Noordhoff Uitgevers, Groningen auteurs eindredactie



Dovnload 171.86 Kb.
Datum22.07.2016
Grootte171.86 Kb.

teverwijderenshape_2 Stepping Stones 4e editie, 2 vmbo b/lwoo, Stonesvertalingen




Stepping Stones 2 vmbo b/lwoo
Stonesvertalingen


Vierde editie
Noordhoff Uitgevers, Groningen

auteurs eindredactie

Arne van Diemen Laura van der Westerlaken

Ton van Drongelen

Joost Geeraedts

Sicco Gjaltema

Alex Schonewille

Jorieke van ’t Veen

Albert Wouters



Chapter 1
Stone 1

Zo vertel je wat er is gebeurd


Benny called during the holidays.

Benny heeft tijdens de vakantie gebeld.

It happened yesterday.

Het is gisteren gebeurd.

They arrived last Monday.

Zij zijn afgelopen maandag aangekomen.







I found 10 pounds last month.

Ik heb vorige maand 10 pond gevonden.

My brother had an accident this morning.

Mijn broer heeft vanmorgen een ongeluk gehad.

She got her present a week ago.

Zij heeft haar cadeau een week geleden gekregen.

We went to school at eight o'clock.

We gingen om acht uur naar school.

Judy and Fatima saw him in August.

Judy en Fatima hebben hem in augustus gezien.



Stone 2

Zo schrijf je een datum


1 October 2019

1 oktober 2019

7 May 1990

7 mei 1990


Zo zeg je een datum


The first of October two thousand and nineteen.

1 oktober 2019

The seventh of May nineteen ninety.

7 mei 1990




first

= 1st

eerste

= 1e

second

= 2nd

tweede

= 2e

third

= 3rd

derde

= 3e

fourth

= 4th

vierde

= 4e

fifth

= 5th

vijfde

= 5e

sixth

= 6th

zesde

= 6e

seventh

= 7th

zevende

= 7e

eighth

= 8th

achtste

= 8e

ninth

= 9th

negende

= 9e

tenth

= 10th

tiende

= 10e

eleventh

= 11th

elfde

= 11e

twelfth

= 12th

twaalfde

= 12e

thirteenth

= 13th

dertiende

= 13e

fourteenth

= 14th

veertiende

= 14e

fifteenth

= 15th

vijftiende

= 15e

sixteenth

= 16th

zestiende

= 16e

seventeenth

= 17th

zeventiende

= 17e

eighteenth

= 18th

achttiende

= 18e

nineteenth

= 19th

negentiende

= 19e

twentieth

= 20th

twintigste

= 20e

twenty-first

= 21st

eenentwintigste

= 21e

twenty-second

= 22nd

tweeëntwintigste

= 22e

twenty-third

= 23rd

drieëntwintigste

= 23e

twenty-fourth

= 24th

vierentwintigste

= 24e

twenty-fifth

= 25th

vijfentwintigste

= 25e

twenty-sixth

= 26th

zesentwintigste

= 26e

twenty-seventh

= 27th

zevenentwintigste

= 27e

twenty-eighth

= 28th

achtentwintigste

= 28e

twenty-ninth

= 29th

negenentwintigste

= 29e

thirtieth

= 30th

dertigste

= 30e

thirty-first

= 31st

eenendertigste

= 31e



Stone 3

Zo vertel je over jezelf


I was born in 1998.

Ik ben in 1998 geboren.

I went to school in Durham.

Ik zat op school in Durham.

I had many friends there.

Ik had er veel vrienden.

We played games and had a lot of fun.

We speelden spelletjes en hadden veel plezier.







My parents wanted to move.

Mijn ouders wilden verhuizen.

My uncle and aunt lived there.

Mijn oom en tante woonden daar.

We liked to visit them.

Wij gingen graag bij ze op bezoek.

Sometimes we got little presents.

Soms kregen we cadeautjes.


Chapter 2

Stone 4

Zo vraag je hoe het met iemand gaat...


How are you?

Hoe gaat het met je?

How are your parents?

Hoe gaat het met je ouders?

How is Paul?

Hoe gaat het met Paul?

How is your grandmother?

Hoe gaat het met je oma?


en zo reageer je...


I'm all right.

Het gaat goed met me.

My parents are ill.

Mijn ouders zijn ziek.

He isn't fine.

Het gaat niet goed met hem.

She is feeling much better now, thank you.

Ze voelt zich nu veel beter, dank je.



Stone 5

Zo stel je iemand gerust


Don't worry.

Maak je geen zorgen.

Don't take it so hard.

Neem het niet zo zwaar op.

It is all right now.

Het gaat nu wel weer.

It's not the end of the world.

Het is niet het einde van de wereld.

Everything is fine.

Alles gaat prima.

Never mind.

Het maakt niet uit.

It doesn't matter.

Het geeft niets.



Stone 6

Zo zeg je wat er aan de hand is


I've got a fever.

Ik heb koorts.

Tom's got a stomach ache.

Tom heeft buikpijn.

She's got a sore throat.

Zij heeft keelpijn.

My mum's got a headache.

Mijn moeder heeft hoofdpijn.







My back hurts.

Mijn rug doet pijn.

He broke his leg.

Hij heeft zijn been gebroken.


Chapter 3

Stone 7

Zo vraag je wat voor weer het wordt


What will the weather be like?

Wat voor weer wordt het?

What will the temperature be tomorrow?

Hoe warm wordt het morgen?







Will it be sunny or cloudy next week?

Wordt het volgende week zonnig of bewolkt?


Zo reageer je


It will be dry with sunny spells.

Het wordt droog met zonnige perioden.

It will be very cold tomorrow.

Het wordt morgen heel koud.







There will be a strong wind this afternoon.

Vanmiddag staat er een harde wind.

It will be cloudy with lots of showers next week.

Volgende week wordt het bewolkt met veel buien.



Stone 8

Zo zeg je wat je van plan bent te gaan doen


I am going to watch the latest Bond film.

Ik ga naar de nieuwste Bondfilm kijken.

You are going to have a 'meet and greet' with him in Hollywood.

Jij gaat een 'meet and greet' met hem hebben in Hollywood.

Hannah is going to play in a musical.

Hannah gaat in een musical meespelen.

We are going to swim in the sea.

We gaan in de zee zwemmen.

They are going to have two babies.

Zij krijgen twee baby's.







I'm going to see my best friend.

Ik ga mijn beste vriend opzoeken.

She's going to buy a new dress.

Zij gaat een nieuwe jurk kopen.

Mehmed's going to write to her as soon as possible.

Mehmed gaat haar zo snel mogelijk schrijven.

We're going to marry in June.

We gaan in juni trouwen.



Stone 9

Zo vraag en vertel je over tijd


Excuse me, what's the time, please?

Pardon, hoe laat is het?

It's ten o'clock now.

Het is nu tien uur.

What time will the next tour start?

Hoe laat begint de volgende rondleiding?

The next tour will start at a quarter past ten.

De volgende rondleiding begint om kwart over tien.

When do you usually watch the news?

Wanneer kijk jij meestal naar het nieuws?

I usually watch the eight o'clock news.

Ik kijk meestal naar het achtuurjournaal.


Chapter 4

Stone 10

Zo maak je afspraken


Would you like to go to a concert?

Zou je het leuk vinden om naar een concert te gaan?

Do you want to go dancing at the disco?

Wil je dansen in de disco?







How about going to the cinema tonight?

Zullen we vanavond naar de bioscoop gaan?

How about eating out?

Zullen we uit eten gaan?







Yes, I'd love to!

Ja, dat lijkt me leuk!

Yes, sounds like fun.

Ja, klinkt goed!







No, I'm sorry. I can't make it.

Nee, sorry, maar ik kan niet.

No, thanks. Perhaps some other time.

Nee, bedankt. Misschien een andere keer.



Stone 11

Zo vraag je of iemand iets wil eten of drinken


Would you like something to drink?

Wil je iets drinken?

Do you want a cup of tea?

Wil je een kopje thee?

Can I get you something to eat?

Kan ik je iets te eten brengen?

What about a hamburger and French fries?

Wat vind je van een hamburger en frietjes?







Yes, please.

Ja, alsjeblieft.

Yes, that would be great.

Ja, dat zou geweldig zijn.







No, thank you.

Nee, dank je.

No, I'm not hungry.

Nee, ik heb geen honger.



Stone 12

Zo vraag en zeg je wat iemand aan het doen is


What are you doing at the moment?

Wat ben je nu aan het doen?

What's my father doing over there?

Wat doet mijn vader daar?

What are George and Tommy doing right now?

Wat zijn George en Tommy nu aan het doen?







I'm watching a fantastic, new soap opera.

Ik kijk naar een fantastische, nieuwe soap.

My father is telling one of his stupid jokes again.

Mijn vader vertelt weer één van zijn domme grapjes.

He's asking that beautiful girl on a date.

Hij vraagt dat mooie meisje voor een afspraakje.


Chapter 5

Stone 13

Zo zeg je dat je iets niet begrijpt...


I'm sorry, I don't understand you.

Sorry, ik begrijp u niet.







Excuse me, I don't know what you mean.

Neem me niet kwalijk, ik weet niet wat u bedoelt.

I'm sorry, could you repeat that, please?

Neem me niet kwalijk, zou u dat kunnen herhalen, alstublieft?

Excuse me, what does 'pedestrian' mean?

Neem me niet kwalijk, wat betekent 'pedestrian'?







Pardon?

Pardon?

I beg your pardon?

Wat zegt u?


...en zo reageer je


OK, let me explain.

Oké, ik leg het even uit.

I will speak more slowly.

Ik zal langzamer praten.

It is someone who travels on foot.

Dat is iemand die te voet gaat.



Stone 14

Zo vraag en geef je informatie


How much is a single ticket?

Hoeveel is een enkeltje?

How much is a return ticket?

Hoeveel is een retourtje?







When does the Tourist Information Office open?

Wanneer gaat het VVV-kantoor open?

When does the skating rink close?

Wanneer gaat de ijsbaan dicht?







How do I get to the zoo?

Hoe kom ik bij de dierentuin?







A single ticket is five pounds.

Een enkeltje is vijf pond.

A return ticket is eight pounds.

Een retourtje is acht pond.







The Tourist Information Office opens at eight.

Het VVV-kantoor gaat om acht uur open.

The skating rink closes at ten.

De ijsbaan gaat om tien uur dicht.







You can get there by bus.

Je kunt er met de bus komen.

You can get there by tube.

Je kunt er met de metro komen.


Stone 15

Zo vraag en vertel je over aankomst en vertrek


When does the next train arrive?

Wanneer komt de volgende trein?

The next train arrives at one o'clock.

De volgende trein komt om één uur.

When does the bus leave?

Wanneer vertrekt de bus?

The bus leaves in ten minutes.

De bus vertrekt over tien minuten.

What time do we have to check in?

Hoe laat moeten we inchecken?

We have to check in before seven.

We moeten vóór zeven uur inchecken.

Is the ferry on time?

Is de veerboot op tijd?

No, the ferry is late.

Nee, de veerboot is te laat.


Chapter 6

Stone 16

Zo vertel je over jezelf en over anderen


She is nervous.

Zij is zenuwachtig.

He isn't tired.

Hij is niet moe.

This lead singer is good!

Deze leadzanger is goed!







Ricardo and Ilse are wonderful artists.

Ricardo en Ilse zijn geweldige artiesten.

We aren't bad guitar players.

Wij zijn geen slechte gitaristen.

Jane and Jimmy are big fans of this rock band.

Jane en Jimmy zijn grote fans van deze rockband.







She sings well.

Zij zingt goed.

Saeed plays wonderfully!

Saeed speelt geweldig!

Freddy writes badly.

Freddy schrijft slecht.



Stone 17

Zo vergelijk je dingen of mensen met elkaar


Anouk is cool and beautiful!

Anouk is cool en mooi!

Pop music is cooler than any other type of music.

Popmuziek is cooler dan elke andere muziek.

Eminem is the coolest rapper of all time.

Eminem is de coolste rapper aller tijden.







This band is bad!

Deze band is slecht!

That lead singer sings even worse than my father!

Die leadzanger zingt zelfs slechter dan mijn vader!

Dance isn't the worst music style ever.

Dance is niet de slechtste muziekstijl ooit.







Linkin Park is a popular band.

Linkin Park is een populaire band.

This male artist is more popular than this female artist.

Deze mannelijke artiest is populairder dan deze vrouwelijke artiest.

English lyrics are the most popular lyrics in the world.

Engelse songteksten zijn de populairste songteksten van de wereld.



Stone 18

Zo vraag je naar iemands muzieksmaak ... en zo reageer je


What kind of music do you like?

Wat voor soort muziek vind je leuk?

I like R&B. It's great.

Ik hou van R&B. Het is geweldig.

Who is your favourite artist?

Wie is je favoriete artiest?

I think Anouk is the best singer.

Ik vind Anouk de beste zangeres.

What do you think of hip hop?

Wat vinden jullie van hip hop?

We think hip hop is fantastic.

Wij vinden hip hop fantastisch.

Do you like pop music?

Vind je popmuziek leuk?

No, I don't like it. It's awful!

Nee, ik vind het niet leuk. Het is verschrikkelijk.

Yes, I do. I love it! It's wonderful.

Ja. Ik ben er gek op! Het is geweldig.

Did you like the concert?

Vond je het concert leuk?

No, I didn't like it.

Nee, ik vond het niet leuk.

Yes, I did.

Ja, ik vond het leuk.


Chapter 7

Stone 19

Zo vraag je waar je iets kunt vinden … en zo reageer je


Excuse me. I'm looking for toiletries.

Pardon. Ik zoek toiletartikelen.

Toiletries are on the ground floor.

Toiletartikelen zijn op de begane grond.

Where are the fitting rooms?

Waar zijn de paskamers?

They are over there. On the left.

Ze zijn daar. Aan de linkerkant.

Where can I find the toilets?

Waar kan ik de toiletten vinden?

You can find them on the first floor.

U kunt ze op de eerste verdieping vinden.

Do you know where I can find menswear?

Weet u waar ik herenkleding kan vinden?

Yes, I do. Menswear is on the top floor.

Ja. Herenkleding is op de bovenste verdieping.

Is this the music department?

Is dit de muziekafdeling?

Yes, it is. This is the music department.

Ja. Dit is de muziekafdeling.



Stone 20

Zo stel je vragen over kleding … en zo antwoord je


Do you sell black shirts?

Verkoopt u zwarte shirts?

Yes, we do. We sell shirts in many colours.

Ja. We verkopen shirts in veel kleuren.

Do you have a small?

Heeft u een maat S?

Yes, we have small, medium and large.

Ja, we hebben S, M en L.

Have you got white trousers?

Heeft u ook witte broeken?

No, we haven't. We only have grey trousers.

Nee. We hebben alleen grijze broeken.

What sizes do you sell?

Welke maten verkoopt u?

We sell all sizes.

We verkopen alle maten.

Have you got red socks?

Heeft u ook rode sokken?

No, we haven't. We don't sell socks.

Nee. We verkopen geen sokken.



Stone 21

Zo voer je een gesprek in een winkel


Can I return this?

Kan ik dit terugbrengen?

Yes, you can.

Ja, dat kan.

Can I get a receipt?

Kan ik een bon krijgen?

No, you can't.

Nee, dat kan niet.

Can I get my money back?

Kan ik mijn geld terugkrijgen?

Yes, you can.

Ja, dat kan.

Do you have a plastic bag?

Heeft u een plastic tas?

Yes, we do.

Ja, die hebben we.

Do you have a cheaper one?

Heeft u een goedkopere?

No, we don't.

Nee, die hebben we niet.







De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina