Stichting nationaal landschapskundig museum en documentatiecentrum "telluris"



Dovnload 9.58 Kb.
Datum24.08.2016
Grootte9.58 Kb.




STICHTING NATIONAAL LANDSCHAPSKUNDIG MUSEUM

EN DOCUMENTATIECENTRUM “TELLURIS”

Reeweg oost 145, 3312 CN Dordrecht, Tel. 078-61474766

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------


Uw brief van: Uw kenmerk: Ons kenmerk: Datum:

22 maart 2013 201301640/2/R4 T 13051 1-5-2013


Onderwerp: Schorsing werking van het Bijlage Bestemmingsplan Nieuwe Dordtse Biesbosch Aanvullende notitie

(Raadsbesluit 808881)

Aan de Voorzitter van de

Afdeling Bestuursrechtspraak

van de Raad van State

Postbus 20019 2500 AE Den Haag
Geachte voorzitter
Ter aanvulling van hetgeen ik reeds in mijn schorsingsverzoek van 15 februari 2013 meedeelde breng ik gaarne nog eens speciaal onder de aandacht dat grondverzet ernstige schade kan toebrengen aan landschapshistorische waarden en daarmee samenhangende gebiedskwaliteiten. In geding raakt daardoor de informatie die de bodem- en (micro)reliëfkenmerken in hun onderlinge samenhang verschaffen over de natuurlijke processen en activiteiten van de mens welke van invloed waren op de ontwikkelingen die een gebied doormaakte. Schade wordt dan vooral toegebracht op plekken met microreliëf en een heterogene bodemgesteldheid.
Al jaren geleden werden zowel aardkundige als cultuurhistorische landschapswaarden door het Rijk erkend als kernkwaliteiten. In lijn hiermee zouden ze ook meer en meer worden geïnventariseerd. Er ontstond daarbij ook grote behoefte aan richtlijnen voor een maatschappelijk verantwoorde omgang daarmee. Die werden omstreeks het begin van deze eeuw opgesteld door Landschapsbeheer Nederland. Dit gebeurde onder auspiciën en met subsidie van het toenmalige Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit door een multidisciplinair expertteam. De deskundigen rapporteerden onder meer dat “grootschalige natuurbouw en vergraving van de oevers in het kader van de vergroting van de waterbergingscapaciteit wellicht de grootste bedreiging vormt voor gave kreken en kreekrestanten”. Deze bevinding stoelde op de constatering dat de fossiele kreekvormingen van bedijkingenlandschappen al op zoveel plaatsen voor de verwezenlijking van agrarische, waterhuishoudkundige en bio-ecologische doeleinden zijn vergraven, dat nog vrijwel gave voorbeelden ervan zeldzaam werden. Dit geldt niet in de laatste plaats voor de ook in het plangebied voorkomende kreekvormingen met smalle kloofachtige beddinkjes, die zich als bochtige slootjes manifesteren. Zij worden zelfs zodanig in hun voortbestaan bedreigd, dat ze te vergelijken zijn met de “rode lijstsoorten” van de levende natuur.

Bij een (verdere) vergraving van kreekrestanten raken ook cultuurhistorische landschapswaarden van het bedijkingenlandschap in het geding. Er is dan namelijk niet meer te zien in welk stadium van de opgorzingsgprocessen werd overgegaan tot verpolderingen en hoe daarbij met de aanwezige natuurlijke geostructuur werd omgegaan. Aardkundige waarden bepalen dus ook in belangrijke mate de cultuurhistorische kwaliteiten van bedijkingenlandschappen. Ook in het Dordtse buitengebied is dat plaatselijk het geval. Dit heeft er ongetwijfeld toe bijgedragen dat grote delen van het buitengebied als cultuurhistorisch waardevol zouden worden gekwalificeerd. Die waardering beïnvloedde ook het Programma van Eisen, dat ten grondslag lag aan het voorontwerp bestemmingsplan Nieuwe Dordtse Biesbosch. Volgens dit programma zou namelijk ook moeten worden gestreefd naar het ‘behoud en herstel van karakteristieke landschapspatronen, aardkundige waarden en cultuurhistorische waarden’.

Dat dit inderdaad wordt beoogd blijkt echter onvoldoende uit de plankaart. In feite werd volstaan met het hier en daar intekenen van een nauwelijks leesbare letterscode ter plekke van een aantal landschapselementen, zoals het water van sommige vrij brede (delen van) kreekrestanten. Aldus wordt geen recht gedaan aan het overgrote deel van de kreekrestanten en de historische betekenis van een aantal andere situaties of objecten. Niet in de laatste plaats doordat onduidelijk is wat de planologische reikwijdte van de letterscodes is. Waarschijnlijk hebben die zelfs geen betrekking op de gronden die de kreekrestanten begrenzen. Gezien ook de bestemmingsplanbepalingen lijken de landschapshistorische kernkwaliteiten van het Dordtse buitengebied dus zelfs te moeten wijken voor gebiedsvreemde natuurbouw.

Hoogachtend,




Dr. H.A. Visscher vz.




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina