Stress op het werk



Dovnload 48.18 Kb.
Datum22.07.2016
Grootte48.18 Kb.
Stress op het werk (NFGV)
Informatie voor het herkennen en aanpakken van stress in de werksituatie


  • U hebt regelmatig hoofdpijn en raakt snel geïrriteerd.

  • Op uw werk gaat het niet lekker en kunt u zich slecht concentreren.

  • U ziet er steeds meer tegenop om naar het werk te gaan.

  • U komt vaak moe thuis, maar slaagt er niet in uw werk van u af te zetten.

  • U slaapt vaak onrustig en staat moe weer op...

Herkent u zich in één van deze beschrijvingen? Dan wordt het tijd dat u zich de vraag stelt: `Hoeveel stress heb ik eigenlijk door mijn werk?'


Overspannenheid of burnout door werkstress is geen uitzonderlijk verschijnsel. Evenmin is het aanstellerij. Het is wél te voorkomen! Daarvoor is deze brochure bedoeld. De informatie helpt u werkstress te herkennen, vertelt u iets over de oorzaken en bevat tips over hoe u uw klachten kunt aanpakken.
Ee
5
n enkele keer hoofdpijn hebben is niet ongewoon en af en toe flink moe zijn na een dag hard werken kan een voldaan gevoel geven. Niets om u zorgen over te maken dus. Of toch..? Want doen uw klachten zich echt ‘af en toe’ voor? Of steken ze `regelmatig' de kop op?

Kleine en veel voorkomende klachten kunnen ongemerkt iemands leven binnensluipen. Misschien bent u er al aan gewend geraakt dat u zich altijd moe voelt. Maar altijd moe zijn, is dat wel zo gewoon? En die maagpijn, hoort die echt bij u?


Als u doorgaat met uzelf uitputten en uw symptomen negeert, kan dat een tijdlang goed gaan. Maar onvermijdelijk komt het moment dat de klachten hun tol eisen. Uw accu raakt leeg. In plaats van `soms' bent u dan voortdurend moe en het plezier in uw werk verdwijnt. Na verloop van tijd lijkt dat gevoel bij uw leven te horen. Uiteindelijk raakt u overspannen of opge­brand. Het kost veel tijd om daarvan te herstellen. Des te belangrijker is het om het niet zover te laten komen.
Neem uw eerste spanningsklachten serieus. Het zijn alarmsignalen. Ook klachten die nog helemaal niet zo ernstig zijn, wijzen vaak op onderliggende spanningen. Hoe eerder u uw klachten herkent en de oorzaken aanpakt, des te kleiner de kans dat u overspannen wordt. Uw lichaam vraagt niet voor niets om aandacht!

Van een beetje moe tot opgebrand, het verhaal van Inge
Inge is 37 jaar. Ze werkt al tien jaar als verzorgende in de thuiszorg. Onlangs is haar thuiszorginstelling gefuseerd. Het hoofdkantoor ligt nu 100 kilometer verderop, haar leidinggevende ziet Inge nog maar zelden en de werkdruk neemt gestaag toe. Nu, een jaar na de fusie, zit Inge opgebrand thuis. Als ze terugkijkt op de afgelopen periode, beseft ze dat haar klachten van kwaad tot erger werden, zonder dat ze het zelf in de gaten had.
‘Geleidelijk veranderde het werk. Alles werd veel onpersoonlijker. Met ons team moesten we steeds meer mensen zien te helpen. Dat zijn altijd oude of zieke mensen. De vond dat we koste wat kost iedereen moesten helpen en deed mijn uiterste best om de planning rond te krijgen. Dat lukte in het begin nog aardig, maar ik kwam wel steeds vaker met hoofdpijn thuis. Ook een oud eczeem stak opnieuw de kop op. Om het vol te houden, ging ik steeds vroeger naar bed. Maar elke ochtend keek ik een beetje meer tegen het werk op. Eerst stond ik altijd voor iedereen klaar en was ik vrolijk. Nu raakte ik steeds sneller geïrriteerd als anderen met hun problemen en vragen bij me kwamen.'
Stress is niet per se ongezond
Stress komt bij iedereen elke dag voor. Stress is eigenlijk gewoon een ander woord voor spanning. Deze spanning maakt ons lichaam klaar om te reageren. Zodat we bijvoorbeeld snel weg kunnen springen voor een auto die door rood rijdt.

Op het werk is een zekere mate van stress nodig om goed te presteren. Dat maakt ons alert en helpt ons om geconcentreerd en efficiënt te werken. Stress hoort er dus bij en is niet ongezond, tenzij...


...tenzij er geen of te weinig tijd is om te herstellen van de stress of de gevraagde inspanning te groot is.

Inge gaat verder:

`Langzaam maar zeker kwam er steeds minder uit mijn handen. Ik voelde me nu de hele dag door moe en futloos. Moeilijke taken en cliënten liet ik het liefste over aan collega's. Conflicten ging ik uit de weg. En wat ik vroeger nooit deed, deed ik nu steeds vaker: klagen, over de baas, over lastige cliënten, over de slechte betaling en noem maar op.'



Uw lichaam is staat van paraatheid
Stress brengt uw lichaam in staat van paraatheid:

  • de bloeddruk gaat omhoog

  • de hartslag stijgt

  • er stroomt zuurstofrijk bloed naar de spieren, het hart en de hersenen

  • in het lichaam komt adrenaline vrij en levert brandstof voor de spieren

  • de spieren spannen zich

  • de longblaasjes verwijden zich en de ademhaling wordt sneller

  • het bloed trekt weg uit het gezicht

  • de spijsvertering komt op een laag pitje te staan

  • de keel knijpt samen, de handen worden koud, het zweet breekt uit.


In een fractie van een seconde is uw lichaam klaar voor actie.
Evenwicht

`Evenwicht' is een kernbegrip als het over stress gaat: evenwicht tussen de eisen die aan u worden gesteld (onder meer door uzelf) en dat wat u aankunt. In officiële termen heet dit de balans tussen iemands draaglast en draagkracht. Wanneer de eisen die aan u worden gesteld overeenkomen met wat u aankunt, wordt gesproken van gezonde spanning of gezonde stress. De draaglast (de belasting) en de draagkracht (de belastbaarheid) zijn dan met elkaar in evenwicht. De problemen ontstaan wanneer de draaglast groter wordt dan de draagkracht en deze situatie lange tijd aanhoudt. De weegschaal slaat dan door naar één kant. Het lichaam put zichzelf steeds verder uit, in een poging om aan de gestelde eisen te voldoen. Het blijft langdurig in staat van paraatheid en krijgt onvoldoende tijd om te herstellen. De stress is dan te groot en draagt niet meer bij tot betere prestaties. Integendeel, uw presta­ties worden slechter. Op den duur leidt deze situatie tot overspannenheid of burnout.



Het draagkracht-draaglastmodel: de draagkracht en de draaglast horen in evenwicht te zijn.


Inge:

`Elke dag kwam ik doodmoe thuis van mijn werk. Ik sliep slecht, had nauwelijks zin in eten. Het kostte me steeds meer moeite om me te concentreren. Ik maakte soms de gekste fouten, heb zelfs wel eens cliënten vergeten te helpen. In plaats me te concentreren op wat echt belangrijk was, hield ik me bezig met de onbenulligste klussen. Tegen mijn collega's kon ik flink uit mijn slof schieten, terwijl we vroeger altijd dikke maatjes waren. Ook mijn man moest het regelmatig ontgelden. Toch had ik nog steeds niet in de gaten dat er wat mis was.'



Vooroordelen en ontkenning

  • Stress? Dat is iets voor kneusjes en daar hoor ik niet bij.

  • Een beetje stress hoort bij het werk, daar moet je tegen kunnen.

  • Stress? Dat hebben alleen mensen in topbanen, met veel vergaderingen en papierwerk.

  • Ik overspannen? Nee zeg, natuurlijk niet! Ik heb alles onder controle.

  • Het is een kwestie van doorzetten, niet toegeven aan de druk of vermoeidheid. Dan gaat het vanzelf over.

  • Over een paar weken is die klus voorbij en heb ik tijd om bij te komen.

Als deze gedachten u niet vreemd zijn, is het goed dat u aandachtig verder leest.



10 procent van alle Nederlanders

Werkstress komt voor in alle bedrijfstakken en in alle soorten beroepen. Van de 7 miljoen mensen die in Nederland betaald werken, hebben er 1,7 miljoen regelmatig te maken met een hoge werkdruk. Dat betekent dat één op vier mensen het risico loopt om overspannen te worden.

Maar liefst één op de drie mensen die in de WAO terecht komt, heeft last van psychische klachten (overspannenheid, burnout). Vaak zijn deze op het werk ontstaan. Volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft 10 procent van de Nederlandse beroepsbevolking last van burnout-verschijnselen.

Werkstress: veel mogelijke klachten

De eerste klachten die wijzen op werkstress zijn veelal onopvallend en vrij algemeen. Ze verschillen bovendien van persoon tot persoon. Vandaar dat de klachten lang en gemakkelijk genegeerd kunnen worden. Maar als u niet op tijd aandacht aan uw klachten besteedt, kunnen ze ongemerkt verergeren. Neem daarom uw klachten serieus. En vraag u af of er wellicht een verband is tussen uw klachten en uw werksituatie.


Vanzelfsprekend worden de klachten niet altijd veroorzaakt door werkstress. Ze kunnen ook andere oorzaken hebben. Ga daarom in elk geval met uw klachten bij uw huisarts langs.
De belangrijkste verschijnselen zijn:

lichamelijk



  • aanhoudende moeheid

  • slapeloosheid

  • spierpijn, hoofdpijn, rugpijn

  • maagpijn, darmstoornissen, slechte eetlust

  • verminderde weerstand (met meer kans op verkoudheid en griep)

  • hartkloppingen, verhoogde bloeddruk, verhoogd cholesterol

psychisch'

  • niet meer tot rust kunnen komen, gejaagdheid

  • prikkelbaarheid, irritatie

  • sombere buien, huilbuien, piekeren, angst

  • niet meer kunnen genieten, lusteloosheid en futloosheid

  • besluiteloosheid, concentratieverlies, vergeetachtigheid

  • onzekerheid, verminderd zelfvertrouwen

in gedrag

  • minder presteren en meer fouten maken

  • steeds meer roken en veel alcohol en drugs gebruiken

  • steeds meer slaap- of kalmeringsmiddelen gebruiken

  • sociale contacten steeds meer uit de weg gaan.



Depressie en burnout

Mensen met burnout hebben veel klachten die ook voorkomen bij iemand met een depressie. Zo zijn ze vaak somber en lusteloos en hebben ze last van schuldgevoelens, net als mensen in een depressie. Daardoor zijn deze `ziektebeelden' soms moeilijk van elkaar te onderscheiden. Maar burnout is het gevolg van overbelasting, terwijl een depressie ook kan ontstaan zonder dat er sprake is van overbelasting. Verder speelt aanleg bij het ontstaan van een depressie een grotere rol dan bij burnout.


Inge:

`Steeds sterker kreeg ik het gevoel dat ik op een glijbaan zat en onontkoombaar naar bene-den gleed. Soms barstte ik thuis in tranen uit zonder precies te weten waarom. Het begon me nu wel te dagen dat ik een probleem had en dat dit met het werk te maken had. Alleen het idee dat de vakantie eraan kwam hield me nog op de been. Toen ik bij terugkomst te horen kreeg dat ik meer cliënten moest gaan verzorgen, liep de emmer over. Het zweet brak met uit, ik begon te beven over mijn hele lichaam. Een collega heeft me naar huis gebracht. Ik voelde me volkomen op en leeg. Een maand lang heb ik alleen maar geslapen, gewandeld en tv gekeken. Daarna begon ik langzaam weer op te krabbelen.'



Oorzaken van werkstress
Werkstress leidt sluipenderwijs tot steeds ergere klachten. Het eindstadi­um is overspannenheid of burnout. Maar voor het zover is, zijn er al véél signalen geweest én genegeerd.

Onderstaande vragenlijst helpt u bepalen wat bij u belangrijke veroorza­kers van stress zijn. Ze zijn opgedeeld in oorzaken die de draaglast vergro­ten en oorzaken die de draagkracht verminderen. Uw werk, thuissituatie en persoonlijkheid vormen tezamen de belangrijkste veroorzakers van werkstress. Deze staan niet los van elkaar, maar beïnvloeden elkaar. Voor alle drie geldt: er valt aan te sleutelen.


De draaglast

De belastende factoren in de werksituatie worden wel samengevat als de vier A's van:



  • Arbeidsinhoud: wat voor werk doet u en op welke manier?

  • Arbeidsverhoudingen: hoe is uw relatie met collega's, uw chef en anderen op uw werk?

  • Arbeidsomstandigheden: hoe is de inrichting van uw werkplek, de temperatuur, lawaai? Is er soms sprake van intimidatie of pestgedrag door collega's? Werkt u met gevaarlijke stoffen?

  • Arbeidsvoorwaarden: hoe zijn de werktijden, de vakanties, hoe is het loon? Hebt u zekerheid over uw contract?

Maar ook de eisen die u aan uzelf stelt bepalen uw draaglast!
De draagkracht

Uw draagkracht is dat wat u als persoon aankunt. Deze draagkracht wordt bepaald door uw karaktereigenschappen, zoals zelfvertrouwen, de neiging alles heel goed te willen doen (perfectionisme) of moeilijk om steun kunnen vragen. Maar ook uw leefstijl speelt een rol: gezond eten, niet roken, bewegen en voldoende ontspanning nemen. Zo zorgt u voor een fit lichaam en dat heeft zijn weerslag op uw incasseringsvermogen.

De volgende vragen brengen uw draaglast in beeld.
beantwoord de vragen steeds met ‘ja’ of ‘nee’


  • Heeft u te veel werk (werk nooit af) en/of een te hoog werktempo?

  • Heeft u (te) veel verantwoordelijkheid?

  • Zijn er conflicten op uw werk?

  • Heeft zich het afgelopen jaar een ingrijpende verandering voorgedaan in uw werk (verandering functie, nieuwe baas of chef, promotie, enzovoort)

  • Wordt u vaak gestoord voor tussendoor-klussen?

  • Werkt u veel met deadlines en haastklussen?

  • Krijgt u vaak tegenstrijdige opdrachten?

  • Heeft u onregelmatige werktijden?

Elke ‘ja’ verhoogt uw draaglast




  • Telt uw mening mee in uw organisatie?

  • Krijgt u voldoende ondersteuning van uw directe chef en/of uw collega's?

  • Krijgt u voldoende waardering voor uw werk?

  • Bestaat er duidelijkheid over uw taken en verantwoordelijkheden?

  • Is uw baan in de toekomst zeker?

  • Kunt u uw werk voldoende zelf organiseren?

  • Heeft u een prettige werkplek? (meubilair, apparatuur, geluid , temperatuur)

Elke ‘nee’ verhoogt uw draaglast


De volgende vragen brengen uw draagkracht in beeld.
beantwoord de vragen weer met ‘ja’ of ‘nee’


  • Slaat u vaak een pauze over op het werk?

  • Maakt u regelmatig overuren?

  • Heeft u ongezonde eetgewoonten: roken, veel drinken?

  • Bent u vaak gehaast?

  • Moet u veel van uzelf?

  • Zegt u vaak 'ja', terwijl u liever 'nee' had willen zeggen?

  • Moet u altijd iets van uzelf doen?

  • Vindt u het moeilijk om steun te vragen?

  • Heeft u vaak het gevoel geen controle te hebben over de situatie?

Hoe meer 'ja's', hoe kleiner uw draagkracht




  • Eet u vaak gezond?

  • Sport u regelmatig?

  • Kunt u (voldoende) genieten van dingen in het leven?

  • Bent u tevreden over uzelf?

  • Weet u wat voor u belangrijk is in het leven?

Elk ‘nee’ betekent een vermindering van uw draagkracht


De privé-situatie

Uw privé-situatie kan ook zorgen voor verstoring van het evenwicht tussen draagkracht en draaglast. De verdeling van de zorgtaken thuis, de relatie met uw partner en uw financiële situatie kunnen u uitputten of u juist energie geven. Het kan zijn dat u uw werk goed aankunt, totdat u bijvoorbeeld in een echtscheiding terechtkomt of één van uw naasten ernstig ziek wordt. Ingrijpende gebeurtenissen kunnen ervoor zorgen dat er minder energie overblijft voor uw werk en dat u uw draaglast niet meer aankunt.



Kleine veranderingen, groot resultaat
Stress is een opeenstapeling van irritaties, frustraties en omstandigheden. Vele daarvan zijn met geringe aanpassingen te voorkomen. U hoeft niet uw hele leven op de kop te zetten. Begin met kleine stapjes. Geen reden dus om uw klachten te negeren of niet te accepteren!
De volgende tips helpen u een eind op weg uw stressklachten aan te pakken.
Bouw rustmomenten in

Een paar kleine veranderingen kunnen uw werkdag veel meer ontspannen maken. Een paar voorbeelden:



  • stel `s ochtends eerst een prioriteitenlijstje op voor die dag

  • plan elke werkdag tijd in voor onverwachte zaken

  • stel moeilijke klussen niet uit

  • ruim uw bureau op

  • wissel werkzaamheden af

  • maak duidelijk wanneer u niet gestoord wilt worden (bijvoorbeeld met een niet-storen-bordje)

  • pauzeer regelmatig en zoek dan even de buitenlucht op

  • bouw een `bel-uurtje' in of schakel af en toe uw telefoon door (in overleg).


Eén ding tegelijk

Hoe vaak doet u twee dingen tegelijkertijd, zoals al pratend nog even wat correcties op uw computerscherm doorvoeren of tegelijkertijd bellen en autorijden? En hoe vaak rent u in plaats van rustig te lopen? Het lijkt effi­ciënt, maar door te haasten wordt uw stressniveau hoger. Probeer vanaf nu eens één ding tegelijk te doen, zonder te haasten!


Laat het anderen weten!

Laat het uw collega's en uw chef weten als u het te druk heeft of het werk te chaotisch is. Vaak hebben anderen het gewoon niet in de gaten. Vooral wanneer ze van u gewend zijn dat u altijd alles aankunt. De aanvoer van werk blijft dan maar doorgaan. U zult zelf de grens moeten aangeven. Vaak blijken er dan oplossingen mogelijk te zijn.


Samen zoeken naar oplossingen

U bent vast niet de enige op het werk die het te druk heeft of die niet met een bepaalde collega of baas overweg kan. Het kan helpen af en toe eens bij anderen te polsen hoe zij over zaken als werkdruk en collega's denken. U kunt een collega ook eens vragen hoe hij of zij een bepaald probleem oplost. Wanneer u teveel hooi op uw vork hebt, kunt u collega's vragen iets van u over te nemen. Ook is het goed in een gesprek met uw baas te kijken naar de grootste knelpunten in uw werksituatie en naar mogelijke oplossingen.


Zeg eens nee

Sommige mensen vinden het moeilijk nee te zeggen als ze iets niet willen. Of ze nemen werk op zich terwijl ze al vol zitten. Als u zich hierin herkent, loopt u het risico meer hooi op uw vork te nemen dan goed voor u is. U kunt er vanuit gaan dat mensen het niet erg vinden als u een keertje nee zegt. Vooral als u altijd al voor iedereen klaar staat. Het is bovendien niet voor niets een vraag: u heeft het recht `nee' te zeggen.


Bedenktijd

Wanneer u merkt dat u te vaak ongewild ja' of te weinig `nee' zegt, doe dan het volgende: zeg wanneer iemand u iets vraagt niet meteen ja' of `nee', maar vraag bedenktijd.


Stel eens wat minder eisen aan uzelf!

Veel mensen `moeten' niet alleen veel van anderen, maar vooral van zichzelf. Ze stellen hoge eisen aan hun werk en wat ze zelf allemaal moeten kunnen. De druk wordt daardoor onnodig hoog opgevoerd. Ga voor uzelf na welke verplichtingen u zichzelf oplegt en welke uw baas u oplegt. Bijvoorbeeld door eens te tellen hoe vaak u op een dag 'ik moet....' zegt. Of door een moeten-lijst op te stellen (dit is simpel en effectief). Probeer eens een paar van die `moeten'-punten door te schuiven naar morgen.


Bekijk het eens van een andere kant

In drukke tijden lijken allerlei dingen vaak tegen te zitten of niet te luk-ken. Maar is dat wel echt zo? Het helpt om de situatie eens van de andere kant te bekijken. Probeer ook stil te staan bij wat er wel lukt. Dan blijkt het vaak wel mee te vallen met alle tegenvallers. Noem bijvoorbeeld iedere dag drie dingen die u goed heeft gedaan.

Uzelf regelmatig een schouderklopje geven zorgt voor een positief gevoel en goede moed voor de toekomst. Ook uzelf belonen is een goede manier om stress te verminderen.
Tijd om te ontspannen

Ontspanning is een voorwaarde om het lichaam te laten herstellen van stress en inspanning. Gun uzelf dus de tijd om leuke dingen te doen of gewoon even niets te doen. Voor de één helpen ontspanningsoefeningen, voor de ander is een leuke hobby effectief.


Ontspannen op het werk

Er is niet één ontspanningsoefening die voor iedereen werkt. Het is belangrijk dat u voor uzelf nagaat wat ontspannend voor u is. Probeert u het volgende eens. Het is een oefening die makkelijk toe te passen is tijdens een korte pauze op het werk: Staat u eens stil bij waar u bent en waar u mee bezig bent. Bijvoorbeeld hoe de thee smaakt. Of concentreer u op de stoel waarop u zit: hoe voelen de leuning en de zitting aan, hoe staan uw voeten, waar raakt uw lichaam de stoel en waar niet, hebt u overal voldoende steun? Probeert u ondertussen rustig in en uit te ademen. Voel hoe uw buik op en neer gaat. U kunt ook proberen even nergens aan te denken.


Leef gezond

Gezond eten en voldoende bewegen, op tijd gaan slapen, het helpt alle-maal om uw lichaam in conditie te houden. Iedere dag een half uurtje bewegen (wandelen, fietsen, zwemmen) doet al wonderen. Slaapmiddelen, roken, koffie en alcohol zijn, zoals u vermoedelijk wel weet, schijnoplos­singen en niet echt bevorderlijk voor de gezondheid.



Training en advies: oefening baart kunst

Als u stressklachten heeft gesignaleerd, is het goed bij uw huisarts langs te gaan. U kunt ook een werkstress-training volgen. U leert dan uw eigen risico's te herkennen en aan te pakken.



Bij vrijwel elke preventieafdeling van de instellingen voor geestelijke gezondheidszorg (voorheen Riagg's) zijn er cursussen. U kunt zich recht­streeks aanmelden. De kosten voor deelname zijn minimaal. Ook sommige thuiszorginstellingen bieden zo'n cursus aan.
Kijk voor de dichtstbijzijnde werkstress-training in uw telefoonboek (onder geestelijke gezondheidszorg, Riagg of thuiszorg), surf naar www.stressophetwerk.nl of bel het Nationaal Fonds Geestelijke Volksgezondheid, NFGV (tel. 030 - 297 11 97).
Op het werk is uw baas of chef het eerste aanspreekpunt. Hij of zij is verant­woordelijk voor goede arbeidsomstandigheden. Hiervoor laat uw werkgever zich verplicht bijstaan door een arbodienst. U kunt bij de bedrijfsarts van uw arbodienst terecht voor vragen en problemen. Aarzel niet dit ook echt te doen. Ook sommige arbodiensten bieden werkstresstrainingen aan.



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina