Stuurgroep 4p se



Dovnload 49.6 Kb.
Datum25.07.2016
Grootte49.6 Kb.




Stuurgroep 4P SE

Griffioenlaan 2 3526 LA Utrecht Postbus 20000 3502 LA Utrecht T  088-797 2111 F   www.rijkswaterstaat.nl  Contactpersoon

Ron Beem  T  06 - 109 249 55 ron.beem@rws.nl




Datum 30 juni 2011 v1.0

3 augustus 2011 v1.1

Bijlage(n) -











Ambitie Stuurgroep 4P Systems Engineering 2011-2013

v 1.1, vastgesteld


















Context

In de publicaties van de leidraad Systems Engineering die in 2007 en in 2009 zijn verschenen, is de noodzaak voor toepassing van Systems Engineering (SE) en de doelen die worden nagestreefd als volgt omschreven:


April 2007: Leidraad SE

De aanleiding voor de introductie van deze werkwijze is de politieke en maatschappelijke vraag om een terugtredende overheid en de behoefte om de marktsector meer, en in een eerdere fase, te betrekken bij ontwerp, bouw en beheer van de infrastructuur in Nederland. Een andere aanleiding is de roep om transparantie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer, waarbij zij keuzes en uitwerkingen van technische oplossingen op een heldere wijze verifiëren en valideren. Dit alles vraagt om betere samenwerking in de keten. Een eerste stap in die samenwerking is elkaar beter begrijpen en één taal te spreken. Het motto van de eerste versie van de Leidraad is dan ook ‘één taal’ en SE is hiervoor het hulpmiddel.


November 2009: Leidraad SE 2.0

Samengevat zijn de doelen die we met SE willen bereiken:



  • Doelmatigheid: voorzien in de behoefte van de klant, binnen maatschappelijk

verantwoorde kosten

van de beschikbare resources.

  • Transparantie: aantoonbaar en beheerst leveren wat met de klant is

afgesproken.
Met versie 2 van de Leidraad zijn we een stap verder in betere samenwerking in de keten. Het motto van de tweede versie van de Leidraad is dan ook ‘samen efficiënt’.
Betrokken partijen

Binnen de Stuurgroep 4P zijn vijf partijen actief die een bijdrage willen leveren aan de ambitie en doelen die verwoord zijn in de opgeleverde publicaties. Binnen de Stuurgroep 4P zijn de volgende organisatie vertegenwoordigd:



  • Bouwend Nederland

  • NL Ingenieurs (voorheen: ONRI)

  • ProRail

  • Rijkswaterstaat

  • Vereniging van Waterbouwers (voorheen: VBKO)

De doelgroep voor de uitwerking van de ambities en doelen richt zich op de medewerkers van de betrokken overheidsorganisaties en van de aangesloten bedrijven (midden- en grootbedrijf) van de betrokken brancheorganisaties.


Een quote uit Leidraad SE 2.0 (november 2009): “het verandertempo in de bouwsector blijkt niet overal gelijk. Een koplopergroep die bestaat uit Rijkswaterstaat, ProRail, enkele aannemers en ingenieursbureaus heeft de ambitie om binnen twee jaar CMMI-level 3 te bereiken. De gehele sector zou zich binnen vijf jaar op dit niveau moeten bevinden.” Dit statement is bedoeld als ontwikkelrichting en niet als middel om CMMI in de sector te implementeren.
Voor de decentrale overheid en haar samenwerkingspartners is de afspraak met het kennisinstituut CROW gemaakt dat zij de ontwikkeling en implementatie van Systems Engineering voor deze groep faciliteert.
Richting Incose is de verwachting dat deze beroepsvereniging de toegangspoort is naar de internationale wereld van SE en naar Nederlandse sectoren buiten de gww, op het gebied van SE.
De laatste tijd is er steeds meer energie vanuit de Stuurgroep 4P, het CROW en Incose om de krachten te bundelen, vanuit het besef dat de gww-sector in Nederland gebaat is bij een efficiënte samenwerking.
Ambitie

De ambitie van de Stuurgroep 4P is als volgt:


SE wordt duurzaam gebruikt in de gww-sector. Er wordt meerwaarde gecreëerd voor de maatschappij; in geld, duurzaamheid, functionaliteit, veiligheid et cetera. Partners in de gww-sector herkennen SE als een middel en niet als een doel. Bedrijven kunnen SE slim inzetten om bijvoorbeeld faalkosten te verlagen of innovatiekracht te vergroten en zo hun concurrentiepositie verbeteren. Het sectorbreed instandhouden en verbeteren van de toepassing van SE gebeurt op eigen kracht en maakt de Stuurgroep 4P overbodig.
Strategie

De strategie is: zorgen dat SE toepasbaar is voor de sector. Dit kan gehaald worden door te richten op drie stappen en deze ook in een bepaalde volgorde te zien: eerst 1, dan 2 en dan 3. Deze stappen zijn:




  1. zorgen dat het goed gebruikt wordt;

    • van één taal naar één werkwijze;

    • focus op projectvoorbeelden en opleidingen;

    • cmmi 3 is niet de drijfveer, maar is het monitoringsinstrument;

    • mix van vrijheid en voorschrijven;

    • voorschrijven van concrete onderwerpen, zoals V&V;



  2. zorgen dat het breed gebruikt wordt;

    • een hoger tempo van veranderingen bereiken (‘in the flow komen’);



  3. laat zien wat het je oplevert;

    • Laten zien dat gemeenschappelijkheid in de werkwijze winst oplevert m.b.t. budget, veiligheid en duurzaamheid (intrinsieke waarde voor de klant);

    • SE is een middel geworden en is geen doel meer.

Uit een analyse is een zestal doelstellingen voor de komende twee jaar bepaald:




  1. verdieping door operationalisering projectprocessen

  2. verbreding van het gedachtegoed naar andere opdrachtgevers

  3. verbreding van het gedachtegoed binnen de brancheorganisaties

  4. verbreding van het gedachtegoed naar de installatiebranche

  5. aansluiting van sectorbrede opleidingstrajecten met de behoefte van de partijen

  6. aansluiting met contractvormen versterken

Voor al deze doelstellingen zal met het CROW en Incose het gesprek worden aangegaan om gezamenlijk een goede invulling aan de doelstellingen te kunnen geven.



Uitwerking doelstellingen
Ad.1 verdieping door operationalisering projectprocessen

Elk organisatie (overheid en markt) dient versie 2.0 van de Leidraad te vertalen naar de eigen projectprocessen. Er ontstaat dan een behoefte aan praktische hulpmiddelen en goede voorbeelden. Met name om de kloof tussen managers en uitvoering te beperken. Voor toepassing van SE is het noodzakelijk dat SE niet op management-niveau of bij de SE specialist stopt. SE werkt door in de gehele projectaanpak dus ook op de werkvloer. Om deze groep te bereiken en een olievlekwerking tot stand te laten komen, zijn praktische hulpmiddelen en voorbeelden noodzakelijk. SE zal zich in de praktijk (de projecten) verder moeten bewijzen.



Invulling vanuit 4P-overleg

Belang is groot en invulling kan door de partijen verwezenlijkt worden.



Ambitie/SMART doelstelling

Stap 1: benoem de processen die je gaat beschrijven.

Stap 2: beschrijf elk proces met input, output, activiteiten en hulpmiddelen. Voorbeeld van een ambitie: RWS heeft acht projectprocessen benoemd die eind 2010 beschreven dienen te zijn.
Ad.2 verbreding van het gedachtegoed naar andere opdrachtgevers

SE is vanuit de overheid opgepakt door RWS en ProRail. De voornaamste aanleiding was de veranderende marktbenadering, richting geïntegreerde contracten. Niet alleen in het contracteren betekende dit een andere aanpak, maar aan de bedrijven werden andere eisen gesteld op het gebied van transparantie, verificatie en validatie. Een vergelijkbare ontwikkeling wordt nu op decentraal niveau geconstateerd. De behoefte om de markt eerder bij het proces te betrekken neemt toe. Op dit moment worden door verschillende decentrale opdrachtgevers SE toegepast of pilots gestart. Voor de sector is een uniforme systematiek van belang. Aannemers en ingenieursbureaus die voor verschillende opdrachtgevers werken hoeven zo met minder verschillende werkwijzen rekening te houden.



Invulling vanuit 4P-overleg:

Het belang van een uniform systematiek wordt onderstreept. Het platform voor decentrale overheden is ondergebracht bij CROW in het platform OVS & SE. In de werkgroep zijn de partijen vanuit het 4P-overleg en Incose vertegenwoordigd en vindt er afstemming plaats tussen de drie gremia. Samen met het CROW en Incose zal afgestemd worden over een effectieve invulling.


Ad.3 verbreding van het gedachtegoed binnen de brancheorganisaties

De olievlekwerking binnen de gww-sector is sterk afhankelijk van de invulling die door de decentrale opdrachtgevers aan SE wordt gegeven. De invulling van de decentrale opdrachtgevers is in Ad.2 toegelicht. De verbreding naar middelgrote en kleine bedrijven zal gekoppeld worden aan de ontwikkelingen op regionaal niveau en toepassing bij decentrale opdrachtgevers. De brancheorganisaties zien SE niet alleen als aanvullende eis bij geïntegreerde contracten maar kan ook een toegevoegde waarde leveren ten aanzien van de bedrijfsvoering. Uniforme werkwijze en behouden van ‘één-taal’ dienen we niet uit het oog te verliezen.



Invulling vanuit 4P-overleg

De marktpartijen die werken voor RWS en ProRail zijn betrokken bij de verdere ontwikkelingen van SE via de brancheorganisaties. De olievlekwerking naar marktpartijen die voor decentrale overheden werkzaam zijn, zijn veelal regionaal actief. De koppeling tussen de ontwikkelingen van SE vanuit de decentrale opdrachtgever verloopt wenselijk via CROW, de regionale platforms en de brancheorganisatie verlopen.


Ad.4 verbreding van het gedachtegoed naar de installatiebranche

De verbreding van het gedachtegoed naar de installatiebranche is van belang omdat in een aantal complexe projecten op hoog niveau een contractknip wordt gemaakt tussen een civiel- en een installatiedeel. Dit leidt tot veiligheidsrisico’s en suboptimaal ontwerp.



Invulling vanuit 4P-overleg

De toepassing van SE binnen de installatiebranche en de aansluiting tussen de verschillende disciplines wordt als zeer zinvol beschouwd. Vanuit het 4P overleg zal dit punt opgepakt worden.



Ambitie/SMART doelstelling

Stap 1: in gesprek komen om dan gezamenlijke ambities vast te stellen; bijvoorbeeld een gesprek van de Stuurgroep 4P samen met vertegenwoordigers uit de installatiebranche in mei/juni 2011.


Ad.5 aansluiting van sectorbrede opleidingstrajecten met de behoefte van de partijen

In de operationalisering per organisatie is het belangrijk om verbinding te houden met partners in de keten door vast te houden aan het ‘één taal’-principe en een uniform opleidingenpalet. Op dit moment wordt geconstateerd dat er een diversiteit ontstaat aan SE opleidingen en cursussen. Van belang is dat overzicht blijft mbt de uniformiteit van SE en een goede aansluiting op vervolgopleidingen (van beginner tot gevorderden).



Invulling vanuit 4P-overleg

Vanuit het 4P overleg is invulling gegeven aan de eerste opleidingen omtrent SE. Om de uniformiteit te bewaken en aansluiting blijft bij de behoefte van de overheid en marktpartijen, zal het 4P overleg dit punt volgen en indien nodig actie ondernemen.



Ambitie/SMART doelstelling

Stap 1: de werkgroep opleidingen bereidt een x-aantal lesplannen voor, die worden vastgesteld door de Stuurgroep. De lesplannen bevatten de inhoud van een cursus op sheet-niveau. Per keer bezien wat samen en wat per bedrijf verder in te richten.

Stap 2: borgen van één taal-principe door het opzetten gezamenlijke workshop.
Ad.6 aansluiting met contractvormen versterken

Contracteren en contractvormen volgen de veranderingen onvoldoende. Dit kan de verdere ontwikkeling en toepassing van SE belemmeren. De Uav-gc dient te veranderen indien SE wordt toegepast.


Invulling vanuit 4P-overleg

Indien er aanpassingen noodzakelijk zijn om uitvoering en contractering beter op elkaar te laten aansluiten, dient het 4P overleg dit aan te kaarten bij de betreffende personen/organisaties. Voor de inventarisatie van de problematiek kan een aparte werkgroep opgericht worden.



Ambitie/SMART doelstelling

Stap 1: elke 4P-partij stelt vast met welk mandaat deze er namens de inkoopkolom zit. Vervolgens bepaalt het 4P-overleg hoe afgestemd kan worden met de inkoopkolom.



Hoe nu verder

De doelstellingen van dit ambitiedocument zullen opgepakt worden in werkgroepen onder de 4P en in open overleg met CROW en Incose. Vanuit de kracht van Leidraad versie 1 en 2 heeft de Stuurgroep 4P besloten om eind 2012 versie 3 van de Leidraad SE uit te brengen. Dit traject zal vanuit dit ambitiedocument en in dialoog met de sector vormgegeven worden.












Pagina van








De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina