Syndicschap Deel 1: Het eigendomsrecht Wat is eigendom?



Dovnload 399.82 Kb.
Pagina1/8
Datum27.08.2016
Grootte399.82 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7   8

Syndicschap

Deel 1: Het eigendomsrecht


1. Wat is eigendom?

  • Art. 544 B.W.: ‘eigendom is een recht om op de meest volstrekte wijze van een zaak het genot te hebben en daarover te beschikken, mits men er geen gebruik van maakt dat strijdig is met de wetten of verordeningen.’

  • Eigendom houdt dus verschillende rechten in:

  • Gebruik: zich meester maken over de zaak; de eigenaar heeft niet altijd het gebruik van een zaak. vb.: een eigenaar/verhuurder bewoont het huis zelf niet vb.: een huis om in te wonen

  • Genot: het recht om te verhuren en huurgeld te ontvangen, het recht om vruchten te plukken, interesten in te halen, een huis te bewonen, met een auto te rijden vb.: een huurprijs vragen voor een huis

  • Beschikken: dit is wijzigingen aanbrengen: langdurige verhuring, opzegging van verhuring, verkoop, hypothekeren, vernietigen vb.: macht om het huis uit je vermogen te krijgen

Specifieke situaties:

  • Soms zijn deze onderdelen van eigendom niet in 1 persoon verenigd: wanneer een opsplitsing gemaakt wordt tussen VG en NE.

  • Soms geeft de eigenaar zijn beschikkingsrecht op:

Vb.: bij het hypothekeren van een huis: de bank krijgt beschikkingsrecht tot de lening is afbetaald. Ondertussen kan de eigenaar het huis niet verkopen.

  • Bij bewarend beslag wordt het beschikkingsrecht van de eigenaar geblokkeerd, maar niet opgegeven vb.: de eigenaar kan in het huis blijven wonen, maar kan het niet verkopen

2. Kenmerken van het eigendomsrecht

2.1 Een uitsluitend recht

  • Het is onmogelijk dat meer dan 1 persoon hetzelfde recht heeft op dezelfde zaak

Mede-eigendom:er zijn meerdere eigenaars maar allemaal van verschillende zaken

2.2 Een voortdurend recht

2.3 Een elastisch recht

  • Het eigendomsrecht kan qua omvang veranderen.

Voorbeeld: door erfenis zijn er 3 kinderen samen eigenaar van een huis. Zij hebben dus elk recht op 1/3. Een van de kinderen doet afstand van zijn recht (zonder tegenprestatie en zonder bedoeling zijn recht over te dragen, geeft hij zijn deel in het huis op. Hij wil niet opdraaien voor de kosten en de lasten van de krotwoning). Daardoor groeit het eigendomsrecht van de anderen aan: ze hebben nu recht op ½ van het huis.

2.4 Een absoluut recht

  • De eigenaar hoeft aan niemand verantwoording af te leggen.

3. Voorwerp van het eigendomsrecht

  • Alle goederen die in de handel zijn kunnen het voorwerp van eigendomsrecht zijn.

  • dus geen gemene zaken zoals lucht, waterlopen, drugs, ...

4. Beperkingen aan het eigendomsrecht

4.1 Door wilsbeschikking/overeenkomst vrijwillig

Voorbeeld: verhuur, toestaan van VG, hypotheek (deels afstaan van beschikkingsrecht)

4.2 Door rechtspraak: ‘goed nabuurschap’ of evenwichtsleer vb. luchthaven Zaventem

Burenhinder: foutloze aansprakelijkheid. Wanneer er overlast is zonder fout, kent de rechter vergoedingen of herstellingen in natura toe, om het evenwicht te herstellen

  • Een derde beperkt dan het recht van de eigenaar.

  • Hoewel de eigenaar het volste recht heeft te doen met zijn zaak wat hij wil, is zijn recht altijd beperkt door het recht van een ander. Indien er geen evenwicht meer is tussen verschillende eigendomsrechten, past men de theorie van goed nabuurschap, ontwikkeld door de rechtspraak, toe.

  • Men gaat ervan uit dat men zijn rechten mag gebruiken, maar niet misbruiken. De eigenaar heeft recht op het genot van zijn zaak, maar op een normale manier en niet ten koste vaneen ander. Die ander moet wel iets kunnen verdragen, maar er zijn grenzen die dan door de rechter worden bepaald.

Voorbeeld: hanen in een bebouwde kom houden, de tuin vol populieren planten.

4.3 Door wetten vb.: Stedenbouw legt atl bouwlagen e.d. op

  • Aanplakking en reclame: men mag niet zomaar reclame in zijn tuin zetten of op de muren aanbrengen

  • Begraafplaatsen: wie rond een begraafplaats woont, kan in een bepaalde strook niets bouwen

  • Stedenbouw: voor bepaalde zaken heeft men een vergunning nodig

  • Bodemsaneringsdecreet: een huis kan niet verkocht worden zonder bodemattest.

  • Wettelijke erfdienstbaarheden: recht van uitweg, dakdrop (meerdere woningen met 1 regenafvoer), niet-bouwen, recht van uitzicht (men mag niet zomaar ramen plaatsen als woningen te dicht op elkaar staan).

4.4 Door wetten voor het algemeen nut

  • Onteigening: de eigenaar wordt dan gedwongen zijn eigendomsrecht op te geven. Een onteigening met wel ten algemenen nutte zijn en tegen vergoeding.

altijd vergoeding, vooraf gekend, op voorhand procedure

  • Opeising: de eigenaar moet bepaalde facetten van zijn eigendomsrecht opgeven

enkel vergoeding in geval van schade, in noodgevallen, zonder voorafgaandelijke procedure

5. Hoe krijgt met eigendomsrecht over een zaak?

5.1 Ten bezwarende titel

  • Door een rechtshandeling te stellen waarbij men een (tegen)prestatie moet leveren.

Voorbeeld: ruil, verkoop

5.2 Ten kostelozen titel

  • Schenking: men verwacht geen tegenprestatie

  • Verjaring: als iemand zich als eigenaar gedraagt, wordt hij door verloop van tijd ook eigenaar

Voorbeeld: naast eigendom ligt een verloren stukje grond. Men legt de tuin opnieuw aan en palmt dit stukje grond in. Men doet zich als eigenaar voor en na 30 jaar wordt men ook eigenaar. Tegenover het winnen van eigendomsrecht staat ook verlies ervan door de oorspronkelijke eigenaar.

Termijn verjaring: 30 jaar voor RG als je ze steelt. Voor geld: bezit geldt als titel. Voor ORG: 10 of 20 jaar bij gebrekkige titel (vb.: verkoopcontract waar iets aan mankeert). 30 jaar bij kwade trouw (vb.: een boer die elk jaar een extra strookje maïs zaait).

5.3 Recht van natrekking

  • Artikel 551 B.W. e.v.: alles wat met de zaak verenigd wordt en er 1 lichaam mee uitmaakt, behoort tot de eigenaar.

Voorbeeld: de eigenaar van een stuk grond bouwt er een huis op. Hij wordt ook eigenaar van het huis.

  • Voorwaarde is dat er sprake is van een hoofd- en bijzaak en dat er een materiële band bestaat tussen beide.

  • Bij erfpacht en recht van opstal, wordt dit recht van natrekking niet toegepast: door het contract geef ik het recht van natrekking op. De eigenaar wordt dus geen eigenaar van wat op de grond wordt opgetrokken. Maar wanneer het contract afloopt, wordt de eigenaar van de grond ook eigenaar van wat erop staat (erfpacht max. 99 jaar, recht van opstal max. 50 jaar), soms mits vergoeding.

De eigenaar van de grond is eigenaar van wat erop komt. Bij bouwpromotie haalt men oude wetsconstructies uit: opstalrecht en erfpacht. Ze doen het omdat ze aan de erfpacht – opstalhouder het recht geven gebouwen te zetten op de grond. De grondeigenaar geeft erfpacht of opstalrecht aan de promotor. Het contract zegt dat er geen recht van natrekking is zolang het loopt. Koop je een appartement vanop die grond, dan koop je van de promotor het appartement. Telkens moet de grondeigenaar een deel van zijn grond ook verkopen (staat meestal zo in contract van opstal of erfpacht). Er is vermenging. Zijn alle appartementen verkocht, dan is de grond ook volledig verkocht. De eigenaar kan zijn grond ook ruilen tegen een of meerdere appartementen.


  1   2   3   4   5   6   7   8


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina