Terreinwinst



Dovnload 0.55 Mb.
Pagina8/27
Datum06.12.2017
Grootte0.55 Mb.
1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   ...   27

Zaadbanken op de velden

Navdanya moedigt dorpsbewoners aan zelf zaadbanken aan te leggen. Geen ‘ex situ’-zaadbanken zoals wetenschappers die hebben, met koelkasten waar zaden jarenlang in zakjes en potjes zitten; maar ‘in situ’-zaadbanken, buiten op de velden. Dat gaat zo: een goedgeschoolde coördinator van de organisatie ziet bij een boer bijvoorbeeld een rijstsoort staan die niet aangetast is door de schimmel, waar de hele omgeving last van heeft. Zij koopt een gedeelte van de oogst op. Op de proefboerderij zaait een medewerker van Navdanya die rijst in, houdt de groei goed in de gaten en bekijkt de opbrengst nauwkeurig. Als de rijst aan de verwachtingen voldoet, schenken verschillende coördinatoren wat van deze rijst aan boeren, waarvan zij het idee hebben dat ze wat aan deze soort hebben. De boeren krijgen het zaad gratis, op voorwaarde dat zij eenzelfde hoeveelheid het jaar daarop aan twee boeren schenken die daar naar hun inzicht het meest voor in aanmerking komen. Zo herintroduceert Navdanya in samenwerking met de boeren een nieuwe, maar eigenlijk oude, soort.


De proefboerderij beschikt over een paar grote velden waar Navdanya opzettelijk niet biologisch werkt. De grond is precies hetzelfde en het microklimaat ook, alleen de teeltwijze is anders. Zo kan de organisatie een goede vergelijking maken van kosten en opbrengsten van de verschillende manieren van produceren. Want de tweede doelstelling van Navdanya is: de herinvoering van biologische, chemieloze en waterzuinige landbouw. Beschikbaarheid van de juiste zaden is daarvoor onmisbaar, maar er komt veel meer bij kijken: compostering (Negi toont me een schuur met vermicultuur: grote bakken waar wormen een mengsel van stalmest en gras in anderhalve maand omzetten tot een prima meststof), groenbemesting (boeren zaaien na de oogst een speciaal gewas in en ploegen dit later onder om de bodem voedzamer en luchtiger te maken en het vocht beter vast te laten houden), het oogsten van regenwater (de proefboerderij beschikt over drie grote opslagtanks om het regenwater van de daken van de verschillende gebouwen op te vangen), vruchtwisseling, gemengde teelt (verschillende gewassen die elkaar ‘helpen’ door elkaar heen op één veld), behandeling van planteziekten met extracten van speciale zelfverbouwde kruiden of van bladeren van de neemboom49, het tegengaan van insectenplagen door insectenwerende bloemen te planten (in India hebben ze afrikaantjes van 75 centimeter hoog) en door de omgeving uitnodigend te maken voor insectenetende vogels.


Verspreiding van de kennis

Op de proefboerderij geven ervaren boerinnen en andere deskundigen geregeld trainingen aan boeren uit de omgeving en een paar keer per jaar aan boeren uit heel India. Negi: “Het gaat dan om boeren die door Navdanya en haar zusterorganisaties zelf uitgekozen zijn, omdat ze zo geïnteresseerd zijn. Onze organisatie betaalt de reiskosten voor de boeren en ze krijgen hier gratis eten en onderdak. Ze vertellen elkaar welke oplossingen ze hebben voor allerlei verschillende problemen. Na een tijdje zijn ze laaiend enthousiast, omdat ze zoveel nieuwe ideeën krijgen. Iedere streek in India heeft weer andere gewoonten. Er is zo ontzettend veel kennis bij de boeren!”


Navdanya heeft in verschillende deelstaten een goedgeschoolde coördinator, in de districten contactpersonen en in zoveel mogelijk dorpen een vrijwilligster: een enthousiaste boerin die gratis voor de organisatie werkt. Als Negi maar enigszins de gelegenheid heeft, bezoekt hij enkele van ‘zijn’ 65 dorpen en spreekt dan op één dag met tientallen boeren.

Als Navdanya in een dorp een begin wil maken, nodigt de coördinator de boeren uit voor een bijeenkomst. Negi: “We leggen dan uit welke ziekten kunstmest en bestrijdingsmiddelen veroorzaken. Want deze komen na een tijdje in het grondwater en zodoende ook in het drinkwater van de boerenfamilies terecht. We benadrukken dat het water het gemeenschappelijk eigendom is van het dorp en dat je het recht daarop nooit moet verkopen aan een bedrijf. Daarna beginnen we over landbouw zonder kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Het omschakelen duurt ongeveer zeven jaar, afhankelijk van hoeveel kunstmest een boer gebruikt. In de overgangsperiode, totdat de bodem zich weer helemaal hersteld heeft, blijven de opbrengsten achter en dan is zeven jaar lang voor een boer. Daarom doen we onderzoek om die periode te bekorten tot drie jaar.”


Behalve voor boerinnen en boeren organiseert Navdanya op haar boerderij ook trainingen voor NGO’s. Vele organisaties werken ondertussen in dezelfde richting. Zij maken graag gebruik van de zaden, het onderzoek, de kennis, de contacten en de publikaties van Navdanya.50+


Afzet

In het Westen, waar arbeid kostbaar is, zijn de biologische landbouwproducten duurder dan de gangbare. Maar in het Zuiden, waar de arbeid goedkoper is, blijkt juist chemielandbouw duurder te zijn. Waarom zijn Indiase boeren daar dan toch in grote getale op overgestapt? Negi: “Je moet bedenken dat hier meer dan de helft van de boeren ongeletterd is. In de zestiger en zeventiger jaren promootte de overheid de ‘moderne landbouw’. Boeren kregen enige tijd gratis nieuwe zaden, kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Ook op de tv zagen boeren de nieuwe landbouw aangeprezen. Inderdaad waren de oogsten overvloediger. Maar na zo’n tien jaar werden de opbrengsten lager. Ook de kwaliteit van de landbouwproducten bleek achteruit gegaan te zijn: zowel de smaak als de houdbaarheid waren minder. En dat betekent dat een boer minder geld krijgt, want hij is gedwongen zijn oogst eerder dan gewoonlijk te verkopen, als de prijs nog gering is. Direct na de oogst is de prijs immers het laagst en later gaat die klimmen.

Maar als een boer na jaren merkt dat hij met chemielandbouw minder goed uit is, zit hij vast. Want hij beschikt niet meer over zaad van de traditionele soorten die het goed doen zonder kunstmest en bestrijdingsmiddelen.”
Als zoveel boeren overschakelen op biologische streekgewassen, zou je dan niet een te groot aanbod krijgen, zodat de prijzen gaan zakken? Negi: “Navdanya helpt ook met de afzet van de producten. Hier op de proefboerderij verkopen we van alles. In Delhi hebben we een winkel. We hebben daar in de stad drieduizend afnemers. Nee, op dit moment is de afzet geen probleem. Ook in de toekomst zal het wel lukken. Er was pas een nieuwsbericht van de deelstaatregering waarin zij vol trots vermeldde dat een speciale gierstsoort uit deze streek zo gewild is in Japan voor babyvoeding. Navdanya werd in het bericht niet genoemd, hoewel zij in 1993 onderzoek deed naar deze gierst en toen al tot de conclusie kwam dat deze zeer geschikt is voor babyvoeding. Maar dat geeft niet. Het zal de Indiërs zeker aan het denken zetten, als ze horen dat Japanners ‘hun’ gierst zo graag willen hebben.” Daar komt bij dat de verkoop van voedsel in India niet in handen is van grote supermarktketens en dat Indiërs over het algemeen erg op smaak en kwaliteit van hun voedsel letten.
Navdanya houdt zich bezig met gezondheid door studie te doen naar de voedzaamheid en gehaltes aan mineralen en vitamines van traditionele granen, groenten en fruit en door bijbehorende traditionele gerechten en dranken via receptenboekjes te promoten. Ook is zij intensief bezig met geneeskrachtige kruiden.

Op middelbare scholen geven medewerkers van Navdanya les over milieuzaken. Negi: “We selecteren dan meteen jongeren die erg geïnteresseerd zijn. Die gaan dan naar dorpen om ouderen vragen te stellen over geneeskrachtige kruiden en traditionele voedselgewassen. Ze maken dan herbaria, in feite lokale biodiversiteitsoverzichten. Schooldirecteuren vinden dit prima, want de scholieren leren hier veel van. En die zijn enthousiast.”






1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   ...   27


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina