Terreinwinst



Dovnload 0.55 Mb.
Pagina9/27
Datum06.12.2017
Grootte0.55 Mb.
1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   27

In actie

Navdanya is in 1987 gesticht door Vandana Shiva, de bekende, felle Indiase activiste tegen de landbouwpolitiek van de World Trade Organisation (Wereld Handelsorganisatie, WTO). Het is dan ook niet verwonderlijk dat deze organisatie een hele serie gedegen publikaties uitgebracht heeft over de uitermate negatieve effecten voor boeren van de liberalisering van de handel in landbouwproducten.51+ Ook heeft zij verschillende campagnes gelanceerd: de Jaiv Panchayat voor een levende democratie; de Lok Swaraj voor volkssoevereiniteit over de natuurlijke hulpbronnen (grond, water en zaden) en voor het recht van iedereen op basisvoorzieningen als voedsel; de Anna Swaraj voor een gedecentraliseerd, democratisch en duurzaam voedselsysteem; en de Jal Swaraj tegen privatisering en commercialisering van water. Navdanya verzet zich fel tegen genetische manipulatie en voerde eind negentiger jaren actie voor het vertrek van gentech multinational Monsanto, onder het motto ‘Quit India’, hetzelfde motto wat Gandhi gebruikte tegen de Engelse koloniale heersers. Ook vocht zij met succes tegen patentering van basmatirijst en neemproducten door Amerikaanse bedrijven. Op dit moment verzet zij zich tegen patentering door Monsanto van een bepaalde tarwesoort, die gedeeltelijk van Indiase oorsprong is. Landbouwgewassen kunnen volgens Navdanya nooit een ‘uitvinding’ zijn van een firma, maar zijn het resultaat van duizenden jaren boerinnewerk van telen, selecteren en kruisen. Ze zijn het gezamenlijk eigendom van alle boeren van de wereld.




Optimistisch

Navdanya groeit enorm snel. In de deelstaat Uttaranchal, waar Negi coördinator is, telt zij 20.000 leden. “En dat in zes jaar! Iedere maand komen er meer bij. Want boeren zien dat de smaak en de houdbaarheid en zodoende de prijs beter is en dat de kosten lager zijn. Als ik in mijn eigen gebied kijk, dan is de landbouw in 35 van de 65 dorpen volledig biologisch. Ik schat dat in heel India op dit moment veertig tot vijftig procent van alle boeren nu al biologisch boert of daar serieus over denkt.52+ Dat hangt wel van de streek af, of er organisaties bezig zijn die biologische landbouw bevorderen. Maar op welke bijeenkomst je ook komt, iedereen praat nu over biologisch boeren. Uiteindelijk, laten we zeggen over zo’n 20 jaar, zullen praktisch alle boeren biologisch werken. Ook de grote.”


Grote boeren moeten dan wel meer mensen in dienst nemen voor het wieden. Is het voor hen niet eenvoudiger om te spuiten? Negi: “De kruiden en grassen die de vrouwen uit het gewas weghalen zijn groente voor hun gezinnen en groenvoer voor de dieren. Als je alle kosten en opbrengsten van het wieden op een rijtje zet, is wieden ongeveer even duur als spuiten. Maar je moet wel even bedenken wanneer het onkruid opschiet. Bijvoorbeeld vlak na het begin van de regenperiode. Als je vlak voor de regenperiode ploegt, heb je veel minder onkruid. Het gedeelte wat daarna toch nog opkomt, is zo klein dat het vrij snel te verwijderen is.”
Als ik Negi tenslotte rechtstreeks vraag of hij optimistisch is, antwoordt hij met een hartgrondig “Ja!” De enorme problemen waar de boeren nu mee kampen, vooral de lage prijzen door goedkope importen en de hoge productiekosten, ziet hij zeker niet over het hoofd. Maar: “Met biologisch boeren kunnen we veel oplossen.”

Opmerking


Voor alle duidelijkheid: het merendeel van het landbouwwerk doen boerinnen. In ieder geval het schoonmaken, selecteren en bewaren van het zaad voor het volgende seizoen. In Navdanya zijn op alle niveaus (landbouw, onderwijs, directie, bestuur) zowel mannen als vrouwen werkzaam.
5


EEN COMBINATIE VAN PRAKTISCHE STEUN

EN VEEL LOKALE DEMOCRATIE
We hebben een aanpak die werkt

en die gaan we gewoon verspreiden

Soms heb ik het gevoel dat ik in de hel beland ben, zo kaal en dor is het heuvellandschap waar ik doorheen rijd. Ik zit bij een medewerker van de Indiase ontwikkelingsorganisatie Seva Mandir in de jeep in Zuid-Rajasthan, ruim 600 kilometer ten zuidwesten van New Delhi. Vijftig jaar geleden moeten prachtig groene bossen de heuvels bedekt hebben. Een corrupte samenwerking van bedrijven, lokale aannemers en ambtenaren en later het zorgeloze gedrag van een verarmde en gedemoraliseerde bevolking hebben tot dit trieste resultaat geleid.


In het dorp Bichiwada stappen we uit en gaan te voet verder over een onverhard pad. Dan opeens staan we voor een ‘oase’: velden met frisgroene jonge tarwe en geelbloeiende mosterd. Na twintig minuten zijn we bij een kleine betonnen dam met daarachter een stuwmeertje. Een paar meisjes zijn er lekker aan het zwemmen. De hellingen van de heuvels rond dit kunstmatige meer zijn bedekt met jonge bomen. Als je goed kijkt zie je her en der lange stenen muren over het land golven en de hellingen in vakken verdelen. In het ene vak zijn de bomen wat groter dan in het andere. Als we verder lopen, komen we bij het gehuchtje Kala. Jalum Chand verwelkomt ons met een brede, zwijgende glimlach. Even later zitten we voor zijn goed verzorgde lemen huis en krijgen we een beker water aangeboden.

Het duurt even voordat Chand begint te praten, maar dan krijgen we het hele verhaal te horen. Begin tachtiger jaren begon Seva Mandir hier met volwassenenonderwijs. Dat sloeg niet zo aan, want de mensen hier hadden wel wat anders aan hun hoofd dan leren lezen en schrijven. “Iedereen vroeg zich af hoe voldoende te verbouwen om te overleven.” In die tijd gingen heel wat mannen en vrouwen een paar maanden in het jaar in een andere streek werken als landarbeider of dagloner.

Aan het eind van de tachtiger jaren bouwde Seva Mandir samen met de dorpsbewoners uit dit gebied en met wat geld van de overheid een kleine dam om het moessonwater op te vangen. Om te voorkomen dat de ‘anicut’, het stuwmeertje, vol zou slibben, hebben de dorpelingen ook heel wat bomen aangeplant, die met hun wortels erosie voorkomen. Door het meer is er het hele jaar water beschikbaar voor irrigatie en is ook het grondwaterpeil aanzienlijk gestegen. Chand: “In plaats van één oogst, hebben we er nu ieder jaar twee.” Door de bossen is er weer meer dan genoeg veevoer en brandhout. “Er trekken minder mensen weg.”

Om de nieuwe bossen zo goed mogelijk te beheren, moesten er in alle gehuchten en dorpen in de omgeving speciale boscomités komen. Chand, die zich intussen ontpopt had als een deskundig leider, heeft er zestien opgezet.53 “Toen de magen gevuld waren, kwam er aandacht voor andere zaken zoals goed onderwijs, gezondheidszorg en opvang voor kleine kinderen.”

De bewoners van Kala zijn niet alleen welvarender geworden, maar ook zelfbewuster. Zo besloten zij geld bij elkaar te leggen en een dieselpomp aan te schaffen om zodoende onafhankelijk te worden van de watervoorziening van de overheid, die slecht functioneerde en voor veel ergernis zorgde. Ook richtten zij na onenigheid met de autoriteiten een eigen schooltje op.

Chand, opgegroeid in het armste gezin van Kala, is erg tevreden met de ontwikkelingen van de laatste twaalf jaar. “Seva Mandir heeft ons dorp erg onafhankelijk gemaakt. Misschien kan zij nu zorgen voor landbouwcursussen om meer en betere opbrengsten te krijgen.”






1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   27


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina