Thema 1: Avontuur



Dovnload 182.05 Kb.
Pagina1/5
Datum24.07.2016
Grootte182.05 Kb.
  1   2   3   4   5
Europese literatuurgeschiedenis
Week 2 wc 1

Thema 1: Avontuur


Avontuur en middeleeuwen – ridderroman, literaire verwerking van het ridder ideaal

Ridderromans zijn eigenlijk berijmde verhalen – Roelantslied

Spelen zich af in een ridderwereld tijdens de Middeleeuwen, belangrijker nog het zijn verhalen die geschreven zijn in de volkstaal (Romaans)

Dit in tegenstelling tot religieuze en wetenschappelijke teksten die werden opgeschreven in het Latijn

Vrijwel altijd geconcentreerd rond een held

Held kenmerkt zich doorgaans door een idealistische deugdzame levensinstelling


Ontzettend veel ridderromans zijn geschreven, over het algemeen maken we een indeling in twee hoofdgroepen:
Omslag ca. 1000
Voor-hoofs, Frankische of Karelromans (KdG, 742-814) genoemd, typisch Germaanse opvattingen van eer, trouw aan de koning, God en vaderland. Zeer regelmatig spelen de kruistochten een belangrijke rol op de achtergrond. Christelijk militante gedragsuitingen. Vrouwen zijn overdraagbare bezittingen. De dappere, fysiek krachtige held wordt gedreven door bloedwraak, vermetelheid.
Vb. Karel en de edelgast, Roelantslied
Hoofs (Oosterse, klassieke en Arthurromans). Ridderromans na 1000 geschreven verschillen duidelijk omdat ze een product zijn van een verfijndere wereld. Vage historische achtergrond, meer fantastische elementen aanwezigheid. Beproeving, volharding en met name deugd en deugdzaamheid spelen een belangrijke rol. Dit in tegenstelling tot de voor-hoofse romans, is er in de hoofse ridderromans een rol weggelegd voor de vrouw: worden vereerd. Hoofse liefde. Zelfbeheersing en houden van mate zijn belangrijk voor de held. Je bent als held een echte man als je een goede minnaar bent.
Vb. Parsival
Voor beiden romansoorten geldt dat de queeste (de zoektocht) een belangrijk structureel element is. De helden gaan op zoek naar avontuur en later naar de Heilige Graal. Voornaamste verschil zit ‘m in de verschuiving van de riddercodes.
Roelantslied
Ridder als krijgsman die trouw is aan God, vaderland en de koning

Welke riddercodes kom je tegen: Eerzucht (r 23 – 24), Dapper (r 25), moed (+- r 35), onbeheerste houwdegens (r 40 – 44), zwaard kapot maken – eergevoel Franken (r 77)

Nuchtere, slimme Olivier – raakt blind door verwondingen

Roelant, minder verstandig maar minstens even dapper

Hij slaat Roelant omdat hij niet ziet dat hij het is, hij denkt dat hij een vijand neerslaat

Ondanks de verwondingen gaat Roelant door met vechten, maakt uiteindelijk een Saracijn en kopje kleiner, ookal voelt hij de Dood naderen. Hij verdedigt de eer van Frankrijk



Op het moment dat de legers van Karel in het nauw zaten, heeft zijn maatje Olivier gezegd: blaas op de hoorn, dan kunnen de troepen ons te hulp schieten. Zijn persoonlijke eerzucht liet hij prevaleren boven het collectief (zie inleiding). Op deze manier brak hij met de voorhoofse riddercodes.
Gelukkig schiet hij zijn boog naar Spanje af en sterft hij met zijn gezicht richting Spanje en behoudt zo zijn waardigheid.
Parsival
Chretién de Troyes, geboren omstreeks het jaar 1140. Wordt beschouwd als de belangrijkste Franse schrijver van de hoofse literatuur. Drie types: met name zijn inspiratie gevonden die zich afspeelden rond het hof van Arthur. Hij heeft geschreven over de Graal, over de ridder met een leeuw, Lancelot. Hij is de eerste schrijver die echt melding maakt van de graalsymboliek: Queeste naar graal als nieuwe religieuze oriëntatie op ridderavontuur/ideaal.
Oorsprong graalsymboliek – Keltische en christelijke elementen, Oosterse cultuur, weinig over bekend
Zoektocht naar de Graal beheerst alle graallegenden. Heeft een duidelijk doel: de geestelijke loutering (reiniging) en in tweede instantie de eenwording met het goddelijke. Nooit meer verdwenen uit de literatuur. Dan Brown – The Da Vinci Code is een hedendaags voorbeeld.
Graaltraditie: duikt pas na 12 eeuwen op – wordt verbonden met het bloed van Christus, opgevangen in een schaal bij de kruisiging. Hij wordt als de lans voorgesteld waarmee de Romeinse soldaat Christus in zijn zij stak. Het kan het bloed zijn wat Jozef na de kruisiging heeft opgevangen. De beker die gebruikt werd tijdens het laatste Avondmaal. Nageslacht van Maria Magdalena. Een steen die uit de kroon van de gevallen engel Lucifer is gevallen: steen der wijzen (Harry Potter). Troyes stelt de graal voor als een hoorn des overvloeds, als een hostie. Als een symbool van onheil. Als een middel om tot God te komen.
Parsival leeft als klein kind met zijn moeder in het bos, zijn moeder heeft zich terug getrokken omdat de vader als ridder van koning Arthur is omgekomen. Zij wil haar kind niet als ridder laten leven, ze leert hem vanalles over God, de engelen en de zwarte Duivel die zogenaamd veel lawaai maakt. Ze wil dat hij een godsvruchtig mens wordt. Groep ridders die lawaai maken (waarvan hij in eerste instantie denkt dat het de zwarte duivel is, maar ze zien er zo mooi uit en blijken ridders te zijn) neemt Parsival mee naar het hof van koning Arthur. Zijn moeder sterft van ellende. Hij rukt een ring af van de hand van een dame die hij tegenkomt. Hij gaat naar het hof van koning Arthur, die contemplatief is. Hij is dwars gezeten door de Rode ridder. Die ooit een gouden kelk van hem heeft gejat en rode wijn heeft gemorst over de jurk van de koning. Parsival ziet koning Arthur en denkt hier kan ik geen ridder worden en gaat er weer op uit. Krijgt een leermeester die hem alle hoofse codes aanleert en hem mooi aan kleedt. Maakt een ontwikkeling door van een ridder die er vrij uit ziet. De leermeester die hem alles leert geeft hem als wijze raad om niet overal over te spreken, niet alles te zeggen wat hij dacht en niet overal vragen over te stellen. Hij prent dit in zijn geheugen. Tot hij aankomt bij de burcht van de visserskoning. Wordt daar gastvrij onthaald. Wordt uitgenodigd om de maaltijd samen met deze koning te nuttigen. Ziet een vreemd tafereel: Eerste draagt een bloedende lans, twee dragen gouden kandelaars, een draagt een schaal. Volgende dag wordt hij wakker en is de burcht weg. Doordat hij niets heeft gevraagd is de burcht verdwenen, wordt hem verteld. Gaandeweg komt Parsival tot inzicht dat hij bepaalde zonden heeft begaan en op den duur komt hij aan bij een geestelijke en wil hij boeten.
Bij het zien van de graal stelt hij geen vragen, vertelt dit verhaal aan de kluizenaar om boete te doen op Goede Vrijdag (hij was het geloof in God verloren en droeg op deze dag wapens, waar hij op gewezen wordt) De kluizenaar blijkt zijn oom te zijn en geeft hem enige raad over een beter leven en vertelt hem over de Graal, die wordt voorgesteld als (bloedende) lans – tweede alinea, pagina 101
Doel van de Graal – het herwinnen van het geloof in God, eenwording, geestelijke loutering. Herinnering van Parsival aan de Graal en zijn bekering.
Persiflage op de ridderroman: Don Quijote van Cervantes. Louter gebruik gemaakt van Spaanse ridderromans. 1605 is de eerste verschenen, deel 2 in 1615.

Centrale roman in de Europese literatuurgeschiedenis.


Dat boek is in het begin van de 17e eeuw uitgekomen, toen beschouwd als een komische roman, Don Quijote is een grappig figuur. Romantici vonden dat Don Quijote werd omringd door vijanden van het individu. Individu stond centraal in de Romantiek. Het is een moderne roman. Vele voorbeelden van intertextualiteit en voorbeelden van metafictionaliteit, gevallen in literaire teksten waar de auteur het schrijven zelf beschrijft. Stapt zelf uit de fictie en reflecteert wat hij geschreven heeft. Prachtig voorbeeld van de postmoderne roman. Don Quijote is verworden tot een archetype van de idealist. Wel degelijk een type, maar komt zeker tot ontwikkeling. Persiflage is een spottende imitatie om het tegengestelde te bereiken.
Cervantes is gewond geraakt tijdens een zeeslag in Turkije, aan zijn arm. Don Quijote de la Mancha = la Mancha is een knipoog naar hemzelf. Heeft in Algiers geleefd tot ie werd vrijgekocht. Op den duur gevangen gezet vanwege teveel schulden en is toen begonnen met het schrijven van de Don Quijote.
Je kunt Don Quijote beschouwen als een vroege vorm van literaire kritiek. Pijlen worden gericht op voor-hoofse en hoofse ridderromans. Het feit dat –ie zoveel te klagen heeft, is dat hij vindt dat ze slecht geschreven zijn. Hij vindt ook dat ze de aanleiding afleiden van bepaalde zaken. Stonden vol van onwaarschijnlijkheden, die de fantasie op hol kon laten slaan, zeker als deze onwaarschijnlijkheden als feiten werden gepresenteerd.
Stelde zichzelf ten doel om met Don Quijote een vermakelijk boek te schrijven dat onder het oppervlak tal van leringen zou moeten bevatten. Komt af en toe met een belangrijke boodschap.
Don Quijote

Hoort tot de Hidalgo, onderste laag vd Spaanse samenleving. Romannetjes houdt ie voor historische werkelijkheid. Moet het dode ridderschap in ere herstellen, terwijl hij op zoek gaat naar avontuur. Wil net zo worden als de ridders vd ronde tafel. Nadat ie zich tot ridder heeft laten slaan meet hij zichzelf de bijnaam de la Mancha aan. Sancho Panza wordt zijn schildknaap. Boerenkinkel, nuchter. Perfecte tegenstrever van Don Quijote. Die zich de hele tijd laat meeslepen in zijn verbeeldingswoede. Hij imiteert hem steeds en weet hem zo steeds weer te ontnuchteren. Don Quijote heeft een geliefde nodig. Vindt haar in de naar knoflook riekende boerin die hij tot ‘Dulcinea’ omdoopt.


Waarin steekt Cervantes de draak met het genre vd ridderroman?

Als DQ knielt in stal voor paard om tot ridder geslagen te worden, in de veronderstelling dat het paard een dappere ridder is (hf 3) - verbeeldingswoede.


Ridders blijven altijd ongedeerd tijdens het avontuur en hebben nooit gebrek aan geld, aldus de waard. Alles komt de ridder maar aangewaaid, hebben tovenaars bij zich die ze helpen in nood.
Gaat op zoek naar een geliefde – Dulcinea, maar hij vindt haar lelijk, ze praat boers, springt gewoon over de ezel heen, ze zit als een kerel en ze stinkt naar zure knoflook. Lijkt in niets op het ideale vrouwbeeld. Echter beschrijft Sancho haar wel als de ideale vrouw. Probeert zijn heer zo de loef af te steken. Hij zegt gewoon dat dat prinsessen zijn en als DQ dat dan niet ziet dan is dat zijn probleem. Moet ie hem van zien te overtuigen. Hoofse liefde
Ridderavontuur wordt belachelijk gemaakt want hij vergelijkt het naar de hoeren gaan met avontuur. Hij heeft niets beters te doen dan op zoek te gaan naar het avontuur en maakt zo het ridderavontuur belachelijk.
Godvrezendheid wordt belachelijk gemaakt. Don Quijote prevelt maar wat. Er zijn twee hoeren aanwezig bij de ridderslag, die hij moet verdienen door zijn wapenuitrusting te bewaren en slaat dan ook nog eens een muilezeldrijver dood en slaat één iemand tegen de grond.

Van wat voor stijl bedient Don Quijote zich? Middeleeuws. Hij spreekt niet zoals een gewoon heer dat doet, ouderwets soort verheven taalgebruik. De andere personen die spreken zijn heel plomp. Enorme stijlbreuk. Het contact met de werkelijkheid is DQ kwijtgeraakt.


Persifleert hoofse liefde, heldendaden en de ridderlijke moraal. Verbeeldingswoede wordt gepersifleerd.
Normaal gesproken is de ridder verstandig, nu is de schildknaap de verstandige
Hf 10 krijg je een korte samenvatting van alle dwalingen van Don Quijote. Sancho Panza spreekt alleen maar in spreekwoorden. Verzint er maar wat op los.
Begin van hf 10 is een voorbeeld van metacommentaar, daar treedt de schrijver kort buiten de tekst en becommentarieert wat hij aan het doen is. De illusie van het verhaal wordt doorbroken, en maakt duidelijk dat het niet op waargebeurde verhalen gebaseerd is.
Ridderroman presenteerde veel onwaarheden als feiten, dit persifleert Cervantes in de Don Quijote.
The lady of Shalott (1888)
Romantische beeld, Victoriaanse beeld van de ideale vrouw. Kuis en spiritueel. In die tijd waren er nogal wat maatschappelijke problemen. Verheerlijking vd huiselijke veiligheid speelde een belangrijke rol in de literatuur. Verhaalt over een lady die op een eilandje woont in de buurt van Camelot, waar koning Arthur woont. Vloek over haar uitgesproken dat ze niet naar buiten mag kijken, zit de hele dag in haar kamer een magisch web aan het weven. Voorstellingen die reflecteren in een magische spiegel, zo kan ze zien wat er in de buitenwereld gebeurd. Op een dag komt Lancelot langs, ze kan zich niet bedwingen om uit het raam te kijken en hem na te kijken richting Camelot. Daarmee tekent ze haar eigen doodvonnis. De spiegel breekt. Kleed vliegt weg. Ze gaat naar buiten, niemand heeft haar nooit gezien, iedereen hoorde haar alleen maar zingen. Ze gaat een bootje in, waar ze haar nam op schrijft, gaat de rivier op en stroomt afwaarts waarna ze op den duur dood gevonden wordt.
Contrasterende binnen- en buitenwereld. Veilige binnenwereld, kwalijke buitenwereld.
Céline – debuteerde in 1932 met Reis naar het einde van de nacht. Deze roman maakte hem in één klap beroemd. Leverde een vlammend protest tegen de verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog op, die hij zelf heeft meegemaakt. Evenals de burgelijke samenleving en het kolonialisme zijn speerpunten. Veroorzaakte veel ophef, taalgebruik was nogal vulgair, veel spreektaal. Céline werd aanvankelijk omarmd door politiek links in Frankrijk, omdat hij eerder schreeft over pacifisme en het armzalig bestaan van de gewone man. Shockeerde vriend en vijand met deze haatdragende antisemitische pamfletten die hij eind jaren 30 schreef. Stonden vol van overdrijvingen, de toon was zeer onaangenaam. Pleitte in de WO II voor rassenzuiveringen en aansluiting van Frankrijk bij Duitsland. Na de oorlog vertrokken naar Denemarken tot hij amnestie kreeg. Gebeurtenissen beschreven in deze roman door de hoofdfiguur zijn gebeurtenissen die grotendeels gebaseerd zijn op zijn eigen belevingen in de WO I. Geschreven over de verschrikkingen van de WO I, naast lichamelijk letsel heeft hij er ook een zwart wereldbeeld aan overgehouden. In kolonies ziet hij angst en leugenachtigheid terug. Uiteindelijk vestigt de hoofdpersoon zich ergens anders.
Wat doet Céline met dit thema avontuur?

Avontuur wordt korte metten meegemaakt. Niks heldhaftigs aan hetgeen wat men mee heeft gemaakt in WO I. Het gaat hier meer om de anti-held. Hij heeft de vreselijkste dingen meegemaakt. Hij bevindt zich in Frankrijk in een ziekenhuis voor oorlogsgewonden, waar met name patiënten met neurologische aandoeningen zich bevinden. Verhaalt wordt over de avonturen die de helden beleven. De mooie actrice inspireert hem en zijn kamergenoten om mooie verhaaltjes te vertellen over hetgeen wat ze hebben meegemaakt. Ze zijn gek geworden door de oorlog. Ze proberen elkaar de hele tijd te overtreffen met hun waanzinnige verhalen. Geen dappere held.


Andere motieven: hoofse liefde. Wat doet ie met die vrouw? Mooie roodharige prachtvriendin, die hij probeert in te palmen met zijn verhalen. Het is niet echt, zij overdrijft ook mateloos als ze het gedicht ten gehore brengt. Onechtheid wordt voorgedragen in de comédie francaise. Theather wordt hier geassocieerd wordt met enorme overdrijving en de onechtheid. Vrouwen inspireren op de achtergrond; zij is lijfelijk aanwezig. Er is op den duur sprake van een opbloeiende relatie met de dichter, die ook op mannen valt. Laatste tekstpagina, de vrouw als bron van inspiratie, was niet alleen in haar kleedkamer, de dichte. Hij koesterde ook tedere gevoelens voor jongere soldaten, net als zij. Ze stellen een trio voor.

Vaderlandsliefde: benadrukt dat het vaderland, de natie, dichters nodig heeft. Neurologisch ziekenhuis wordt op den duur centrum van intens vaderlandslievende enthousiasme, een brandpunt. Toneelspeelster gaat op den duur gekleed in de vlag.


Ommeslag in de positie van de vrouw – heeft te maken met een belangrijkere positie in de maatschappij van de vrouw. Vergroting van de rechten van de vrouwen lopen hier parallel aan. Zelfstandige vrouwen die tegenstand kunnen bieden.
Hij is begonnen met het verzinnen van die verhalen. Als ze worden opgevoerd aan het eind gaat een ander er met de eer vandoor.
In de nevel van Krleza

Grote schrijver van Kroatië. Leefde van 1892 tot 1981. Omstreden figuur omdat hij banden had met de Joegoslavische Communistische Partij en Tito. Toen hij debuteerde als schrijver richtte hij vooral zijn pijlen op het morele, politieke en esthetische verval van de moraal van de monarchie. Deze novelle komt uit een bundel uit 1932. Elf novellen die gaan over een oud geslacht, wanneer de stamvader van de familie door middel van een roofmoord roem vergaard. De laatste telgen uit het geslacht worden hierin geschreven. 1918 werd het Habsburge Rijk opgelost. De bestaansgrondslag voor deze familie valt weg.


Marcel Faber, geboren in Zagreb. Verliefd geworden op Laura, een telg uit het geslacht. Zij was verliefd op iemand anders. Hij wordt generaal van het Rode Leger.

Macht en eer die de ridder had heeft hij niet meer. Hij probeert vrouwen geen zijden kousen en lippenstift te laten dragen, maar zij doen dit toch wel. Positie van de vrouw is zo dat ze doen en laten kunnen wat ze willen zonder dat een ander hen iets oplegt. Vrouwen zijn zelfstandigdenkende wezens geworden. Voorgesteld aan een revolutionaire cavallerie generaal.


Faber wordt voorgesteld als depressief, vergane glorie. Hij is geen held. Verhalen zijn verzonnen. Legende over hem op de tweede pagina doen de ronde. Gaan over het algemeen over helden. Hij voelt onrust. Hij is een beetje neurotisch maar dit komt niet voor uit angst, maar uit onvrede, hij verveelt zich dood. Hij is op zijn beste als hij in een terrein kan jakkeren in nachten vol gevaar. Hoe verhoudt hij zich tot zijn omgeving? Hij is een vreemdeling, hij zondert zich af, hij is een Tjerkessiër. Wordt voorgesteld als een barbaarse Tataar. Hij kan dit eigenlijk helemaal niet aan. Om mensen af te slachten ok, maar mensen uitroeien, nee. Olga Pavlovna, zijn minnares: Zij is een beetje bang voor hem eigenlijk maar blijft bij hem zodat ze alles krijgt. Hij heeft haar ooit eens gered, maar ze is daar eigenlijk niet echt mee gered. Ze veracht hem: ze moet nu voor hem werken. Ze is panisch.
Italo Calvino
Verhaal over de ridders is afkomstig uit de trilogie Onze Voorouders. Sterke hang tot het fantastische. Verschillende ridders i.t.t. voorhoofse ridders. Deze zijn niet in staat humanisering van de wereld te vervullen. Dogmatiek van de graal – loutering van de mens tot stand brengen, heeft gefaald in deze tekst. Doel Calvino: in zien dat opgeven van de individualiteit ten gunste van de heilsleer levensgevaarlijk kan zijn, als je niet meer de verantwoordelijkheid voor je eigen daden neemt.
Waar vindt hij de graal? Niet makkelijk bereikbaar, graal wordt bewaakt door ridders, vroeger ook wel door een koning. Ze verplaatsen zich elk jaar naar een andere locatie, naar een bos, ver afgelegen, paradijselijke omgeving. In het 3e fragment gaat het over het woud door trekken om de graal te vinden. De graal is niet wat hij zich erbij voorstelde. Men moet zich geheel in de dienst van de graal stellen. Calvino heeft zich gebaseerd op de Parsival versie van Wagner (die gebaseerd is op die van De Troyes). Alleen hij/zij die afstand doet van de zinnelijke liefde mag in contact komen met de graal. Tot de geestelijke loutering komen, een zuiver, rein mensen worden – doel van de queeste. Blijft hetzelfde in dit fragment. Symboliek ideologieën van de moderne mens. Agilulf is opstandig, hij doet niet mee met het gebruikelijke. Hij bestaat niet. Leegte van het bestaan waarmee hij geconfronteerd wordt. Doel van de oorlog: niet duidelijk. Het is een opsomming van alle officieren en de legers. Ze strijden niet meer voor de zaak. De uitslag is voorspelbaar. Duidelijk is wie er verliest en wint. Uiterlijk: hij is smetteloos (wit). Deze ridders zijn in dienst van Karel de Grote. Echte mensen? Voor KdG niet. Hij komt langs en inspecteert de groepen op de automatische piloot. Hoe hij hen ondervraagt e.d. is hetzelfde zoals de oorlog op een automatische piloot wordt gevoerd. De tekst heeft geen betekenis, slechts een uiting van frasen. Agilulf bestaat niet, hoe strijdt hij voor de goede zaak? Door zijn wilskracht en door het geloof.
De queeste, zoektocht naar de graal. Begin van het 3e fragment. De zoektocht naar de graal wordt gezien als iets zeer serieus: hij trekt landen door op zoek naar de graal. Soorten ridders die hij tegenkomt zijn geen heldhaftige, deugdzame ridders. Mensen die andere mensen uitbuiten, oftewel het zijn bijna beesten.
Torrismond zegt aan het einde van het fragment dat hij niet weet wie hij is. Hij is terecht gekomen in een moderne ordinaire identiteitscrisis. Hij weet niet wie hij is, omdat hij zijn doel is verloren. Dat is alles waar hij voor leefde en wanneer dat weg valt is het leven één grote teleurstelling voor hem. Zijn doel ligt buiten hemzelf, is niet door hem zelf bepaald.
In het vierde fragment, derde pagina, belangrijke passage: wanneer een van de oude graalridders zegt dat de bedoeling van de graal niet vermaand moet worden. Angst van Calvino is dat mensen blind de dogmatiek van de graal volgen in plaats van zelf als individu handelen en de verantwoordelijkheid van hun daden nemen.

Week 2 wc 2 Mariolatrie (Mariaverering) – ‘Maria latria’, ‘Maria dulia’


Christendom naast de klassieken de belangrijke pijler van de Europese cultuur. Binnen het christendom speelt de Mariaverering een belangrijke rol. Verering komt voor uit behoefte aan zuiverheid die in de ME ontstond als een tegenwicht tegen de pestepidemieën en de oorlogen, corruptie binnen de kerk en de wereldlijke machtsapparaat. Net als het thema avontuur: Mariolatrie is gebonden aan de ME.
Is ze een zuiver persoon? Is ze vrij van de erfzonde? Hoe zit het met de onbevlekte ontvangnis? Grote paradox in de 11e eeuw

Twee belangrijke groepen: Dominicanen, dachten dat Maria ook een zondig wezen was. Thomas van Aquino = belangrijkste vertegenwoordiger – liberalere tak

Franciscanen, Maria was wel degelijk een uitzondering volgens hem. Desquotus. Werden op den duur in het gelijk gesteld door de paus. Strengere tak
Halverwege de 20e eeuw is er een pauselijk dogma uitgevaardigd: Maria was ten hemel opgenomen volgens hen (zowel lichaam als geest)
Invloed hoofs liefdesideaal

Dienstbaarheid, christelijke deugden


Iconografie van voor 1000 – Maria als belangrijkste heilige. Majestueus en verheven afbeeldingen.

Mariabeeld na 1000

Vermenselijkt: Na 1000 wordt het beeld van Maria nederiger en menselijker.
Vrouwfiguur in de loop van de 11e eeuw kwam het vrouwbeeld steeds dichter bij Maria te liggen: deugdzamer, christelijker, moeilijker te bereiken. Maria wordt dan regelmatig bezongen in de hoofse liederen.
Cantigas de Santa Maria Alfonso X el Sabio 1252 – 1284

Mariamirakelen

Cantigas de Loor (lofzang op Maria)

Cantigas de amor

Cantigas de amigo

Cantigas de escarnio

Troubadourlyriek: hoofse minneliederen in de volkstaal (Langue d’Oc, Occitaans), bezingen liefde voor de vrouw, verkondigen christelijke deugden.
Aanwezigheid: culturele en wetenschappelijke invloed in Spanje zeer groot is geweest. Via Spanje zijn de bronnen weer terug vertaald naar het Latijn. Joden, christenen en moren werden bij elkaar gebracht in één taal school, waar literaire teksten werden vertaald vanuit het Latijn. Zo bleven de teksten bewaard. Er werden ook werken geproduceerd. Cantigas de Santa Maria zijn voorbeelden van dit soort werken. Arabische, moorse invloeden. Komen terug in de troubadourlyriek.
Verheerlijking van een onbereikbare vrouw: kenmerken troubadourspoëzie. Sentimentaliteit, het feit dat de vrouw centraal staat in de tekst. Geschreven in de volkstaal. In Spanje wordt vooral in het gallego geschreven. Minstrelen (troubadours) zijn voordragers van de ridderromans. Christelijke deugden spelen een belangrijke rol, worden steeds belangrijker in de 11e eeuw. Vrouw wordt geïdealiseerd, wat je terug ziet in de subcategoriëen. Cantigas de amor: klassieker, liefde man voor de vrouw. Cantigas de amigo: meisje richt zich tot haar afwezige geliefde. Cantigas de escarnio: satirische wijze van aan de kaak stellen van misstanden.



  1   2   3   4   5


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina