Thema cse vwo beeldende vakken, aanpassingen 2008



Dovnload 28.48 Kb.
Datum22.07.2016
Grootte28.48 Kb.

Thema CSE vwo beeldende vakken, aanpassingen 2008


Thema beeldende vakken vwo centraal examen 2008 is Utopia. Het thema is gelijk aan het thema van het centraal schriftelijk examen beeldende vakken in 2006 (regeling ‘Thema centraal schriftelijk examen (cse) beeldende vakken vwo 2006’, kenmerk CEVO-05.0382, van 1 juni 2005).


Er zijn echter aanpassingen:
De wijzigingen ten opzichte van de regeling van 2006 vindt u hieronder gespecificeerd. Alles wat in de tekst van de regeling ‘Thema centraal schriftelijk examen beeldende vakken vwo 2006’ geel gemarkeerd is, komt voor examenjaar 2008 te vervallen.

Het thema is uitgewerkt in de bundel 'De gedroomde wereld. Utopische ideeën in kunst en architectuur.', verkrijgbaar bij de Citogroep: http://winkelvo.cito.nl of bij klantenservice@citogroep.nl .


Artikelnummer 59428, prijs € 13,25 Ex. BTW.
Let op:
De bundel heeft ten opzichte van de bundel die gepubliceerd is in 2006 aanpassingen ondergaan. Een aantal onderdelen zijn vervallen als gevolg van de vervallen delen in de regeling van 2006. Daarnaast zijn ook enkele stukken tekst toegevoegd. Het verdient aanbeveling van deze herziene bundel uit te gaan.


P
robleemstellingen


Hoe de poëtische verheerlijking van het natuurlijke en landelijke leven inspiratiebron is voor de uitbeelding van het landschap in de schilderkunst en voor de aanleg van 'natuurlijke' tuinen en parken.
Hoe kunstenaars in de negentiende en twintigste eeuw in broederschappen of door middel van het idee Gesamtkunstwerk hebben gestreefd naar nieuwe modellen voor het maatschappelijk leven.
Wat de bijdrage is van kunstenaars en vormgevers aan utopisch-socialistische experimenten in de negentiende en twintigste eeuw.

Op welke wijze architecten, stedenbouwkundigen en kunstenaars vorm hebben gegeven aan ideële stedenbouwkundige projecten.




S
tofbeperking


Pastoraal leven in de literatuur en in de kunst van de Renaissance, barok en rococo aan de hand van onder meer:

de villa's van Palladio en

de schilderijen van Giorgione, Carracci, Lorrain en Watteau

Et in Arcadia Ego van Poussin

Gauguin en het primitieve leven in Polynesië

landschapstuinen in Engeland en Nederland: Beekhuizen

de stoffering van parken en tuinen: follies



stadsparken in de negentiende en twintigste eeuw: Vondelpark, Parc de la Vilette en Central Parc in New York met The Gates

Finlay's Little Sparta

Kunstenaarsgemeenschappen in de negentiende en begin twintigste eeuw, met name:

in Barbizon en de pogingen van Van Gogh te Parijs en Arles

het Gesamtkunstwerk als concept bij Wagner en de verwerking ervan bij ondermeer het Bauhaus en bij Kurt Schwitters

totalitaire staatsinrichting en de positie en rol van kunstenaars in Sovjet Rusland

en in de DDR

de alternatieve vrijstaat AVL-Ville van Atelier Van Lieshout

Maatschappelijke gevolgen van de Industriële Revolutie:

Dorés Phalansère , Familisère , de kolonie-ontwerpen van Owen en de Shakers

ambachtelijke en industriële producten op de Wereldtentoonstelling van 1851 en de hang naar versiering

de neo-gotiek en de ideeën van Pugin en Ruskin over morele hervorming door middel van kunst en schoonheid



de ideeën van William Morris over het belang van goede vormgeving

producten van Morris & Company en van de Kelmscott Press



Nieuwe Kunst in Nederland en de kunst van het boek: Dijsselhof,

Gemeenschapskunst , Berlage en 't Binnenhuis en de opvattingen over decoratie en functie

Mondriaans visioen van de Nieuwe Beelding als model voor de samenleving

Van Doesburg en het Bauhaus en als Dadaïst en zijn atelierwoning in Meudon

Goed Wonen en de 'verantwoorde' woninginrichting

De verbeelding van het Hemels Jerusalem en het Helse Babylon in architectuur en kunst

Filaretes ontwerp voor de stad Sforzinda en Bacons ideeën voor New Atlantis

de stadsplanning van Luchao en het Nederlandse paviljoen te Hannover

Ledoux en de Saline Royale en het stadsplan voor Chaux

de tuinstadgedachte van Ebenezer Howard



stedenbouwkundige visioenen ten tijde van het Duitse expressionisme:

Bruno Taut, zijn ideeën over de stadskroon en het recente ontwerp voor een concertgebouw door Herzog en Meron dat door dit motief is geïnspireerd

de 'stralende steden' van Le Corbusier en de CIAM-architecten, Brasilia, Nagele en de visie van Superstudio



dynamische stadsontwerpen van Archigram en Constant en de geknutselde steden van Kingelez

New Economy en de stad van vandaag: Koolhaas' ontwerpen voor Prada





Exameneisen


De kandidaat moet in staat zijn, voornamelijk vanuit beeld- en tekstfragmenten, aan te geven:

  1. op welke wijze in de beeldende kunst van de Renaissance en barok het beeld van Arcadië, dat wordt opgeroepen in de poëzie van de Antieke Wereld en in de latere pastorale literatuur, wordt uitgewerkt 

  2. hoe het dichterlijk motief van het pastorale landschap inhoudelijk betekenis krijgt bij schilders als Giorgione, Annibale Carracci en Claude Lorrain en welke bijzondere dimensie Poussin hieraan geeft (met de schildering van het gegeven 'Et in Arcadia ego') 

  3. hoe het thema van de fête galante (in de schilderijen van Watteau) is te koppelen aan het Arcadische landschap 

  4. hoe Gauguin de inheemse cultuur van Tahiti en de Marquesas-eilanden waarneemt en verbeeldt 

  5. op welke wijze het ideaal van de natuurlijke tuin werd vormgegeven in Engeland en Nederland en welke rol literaire associaties hierbij speelden 

  6. waarom vanaf de negentiende eeuw parken voor het volk werden aangelegd en hoe architecten als Tschumi en kunstenaars als Christo het stadspark verlevendigen (door architectonische noviteiten en (tijdelijke) kunstwerken) 

  7. hoe Ian Hamilton Finlay literaire en historische tradities gestalte geeft in zijn (arcadisch-revolutionaire tuin) Little Sparta (en hiermee verbonden kunstwerken)

  8. tegen welke achtergrond kunstenaarskolonies ontstonden, hoe ze bijdroegen aan vernieuwingen in de kunst en welke verwachtingen Vincent van Gogh ervan had 

  9. wat de betekenis is van het idee Gesamtkunst bij Wagner en hoe het doorwerkt in de latere kunst, met name bij het Bauhaus 

  10. hoe Kurt Schwitters een levend model was van het principe Gesamtkunst en hoe dit te verbinden is met het anarchisme van Dada 

  11. op welke wijze kunstenaars in Sovjet Rusland en in de DDR binnen de staatsideologie functioneerden en hoe je dat kunt zien aan hun werk 

  12. op welke wijze bij Atelier Van Lieshout het idee van een utopische leefgemeenschap vorm krijgt 

  13. welk beeld oprijst uit beschrijvingen en beelden van Doré van de gevolgen van de negentiende-eeuwse industrialisering 

  14. welke oplossingen Fourier, Godin en Owen uitwerkten om de wantoestanden in de samenleving tegen te gaan door werken en wonen opnieuw met elkaar verbinden 

  15. welke uitgangspunten de Shakers hanteerden bij de vormgeving en hoe zij daarmee vooruitliepen op het latere functionalisme 

  16. welke tegenstelling zich aftekent tussen ambachtelijk vervaardigde en industrieel geproduceerde objecten en hoe de Wereldtentoonstelling van 1851 het beeld oproept van de beginnende consumptiemaatschappij 

  17. vanuit welke maatschappelijke motieven de waardering voor de Middeleeuwen en het succes van de neo-gotiek in Engeland te verklaren zijn, en welke betekenis Pugin en Ruskin daarbij hebben gehad 

  18. welke betekenis William Morris heeft gehad bij het bewustmaken van het belang van de vormgeving bij maatschappelijke hervormingen en hoe hij deze vormgeving heeft uitgewerkt 

  19. vanuit welke initiatieven in Nederland de Nieuwe Kunst ontstaat en wat het belang is geweest van Berlage en het Binnenhuis voor het ontwikkelen van een sobere vormgeving als esthetisch fundament voor vormgeving en architectuur 

  20. hoe de Kunst van het boek, geïnitieerd door Morris, wordt uitgewerkt in de Nederlandse Nieuwe Kunst, met name door Dijsselhof 

  21. hoe Mondriaan de kunst ziet als een model voor een toekomstige samenleving en hoe Van Doesburg dat uitwerkt 

  22. welke idealen de stichting Goed Wonen nastreefde in de jaren van de Wederopbouw en op welke wijze zij die in praktijk bracht 

  23. hoe in vroeger eeuwen voorstellingen werden gemaakt van het Hemelse en Aardse Jerusalem 

  24. van welke ideeën Filarete uitgaat bij het ontwerpen van Sforzinda en Bacon bij New Atlantis en hoe ideale vormen en maatschappelijke ideeën leiden tot stadsontwerpen als Luchao en experimentele architectuur als het Nederlandse paviljoen in Hannover 

  25. op welke wijze Ledoux in zijn ideale stad Chaux het economisch uitgangspunt wilde integreren in een nieuwe sociale structuur 

  26. wat de uitgangspunten zijn van de tuinstadgedachte van Ebenezer Howard en hoe de concretisering ervan oplossingen bood 

  27. hoe het ideaal van transparantie in de architectuur leidt tot de utopische architectuurideeën van Bruno Taut 

  28. hoe bij Le Corbusier rationaliteit en schaalvergroting de grondslag vormen voor het ontwerpen van de 'stralende steden' en hoe dat wordt gevolgd in de bouw van nieuwe steden als Brasilia en Nederlandse stads- en woningbouwprojecten 

  29. welke alternatieven voor de statische stadsstructuren opkomen in de jaren zestig, onder andere bij Archigram en New Babylon 

  30. welk nieuw beeld van de stedelijke ruimte naar voren komt in de hedendaagse shopping mall 




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina