Titel/Aard van de activiteit



Dovnload 15.43 Kb.
Datum22.07.2016
Grootte15.43 Kb.
Activiteitenblad
Naam cursist: Helga Vissers Klas: Beki 1 B

Naam stageplaats: Datum uitvoering:

Stagebegeleider: Nadine Ceulemans

DE VOORBEREIDING (steeds in te vullen vóór de uitvoering van de activiteit)

Titel/Aard van de activiteit: Themaspel: Indianenspel

Spel-expressievorm: themaspel

De doelgroep: knd. vanaf 7 jaar +- 25knd.

Locatie: buiten groot terrein: gras

Timing:


  • aanvang: 13.30u

  • vermoedelijke duur van de activiteit: 3uur

Aantal begeleiders: 5

Materiaal:

  • Touw om touw te trekken

  • Indianenprenten voor puzzels

  • Schmink

  • Ballonnen

  • Spuitjes

  • Theelichtjes

  • Stiften

  • Papier

  • Letterkoekjes

  • Verf

  • Touw om tussen 2 bomen te hangen

  • Boterhammen en choco

  • Wimpeltjes (5 kleuren)

  • Kubb spel

  • vlag

HET VERLOOP (steeds in te vullen vóór de uitvoering van de activiteit)
Aanbreng/Speluitleg en inkleding:

Vandaag zijn we allemaal indianen. Iedereen krijgt zo meteen zijn eigen stam. Elke stam heeft ook een eigen opperhoofd. Alle stammen zijn op zoek naar de grote indianenschat maar hiervoor hebben ze de schatkaart nodig. Ze kunnen stukjes van de schatkaart verdienen door spelletjes tegen elkaar te spelen. Wie wint krijgt dan een stukje van de schatkaart wie de meeste stukjes heeft en als snelste de schat kan vinden is gewonnen.


Verder verloop van de activiteit:

  • We spelen verschillende spelletjes tegen elkaar:

  • Spel 1: Touwtrekken: 2 stammen gaan touwtrekken tegen elkaar wie wint krijgt een stukje van de schatkaart

  • Spel 2: tegen de klok: Alle ploegen krijgen in het begin van het spel een zakje met verschillende opdrachten in. Deze moeten ze proberen te volbrengen tegen het einde van het volledige spel. De ploeg die hiervan de meeste opdrachtjes heeft volbracht krijgt weer een stukje van de schatkaart. Opdrachtjes die iedereen krijgt:

  • Geef iedereen indianenstrepen

  • Los 2 verschillende indianenpuzzels op (zitten door elkaar)

  • Blaas 5 ballonnen stuk

  • Spuit 5 kaarsjes uit met een spuitje (moet je uitvoeren bij de leidster)

  • Van elk groepslid 1 voetafdruk op groot papier

  • Met letterkoekjes woord vormen van 13 of meer letters

Objecten die elk groepje moet verzamelen:

  • Spel 3: Spinnenweb: de indianen moeten door een spinnenweb kruipen. Tussen 2 bomen hangt een touw. Iedereen moet er door of er over. De ploeg die dit het snelste kan zonder het touw te raken is de winnaar en krijgt dus een stukje van de kaart.

  • Spel 4: Estafette indianenrace: de indianen moeten een parcours afleggen. De ploeg die als 1ste alle obstakels heeft overwonnen is de winnaar en krijgt een stukje van de kaart.

  • Spel 5: Boterhammenrace: Per ploeg hangen er een aantal boterhammen aan een touwtje. Het is de bedoeling om zo snel mogelijk de boterhammen met choco op te eten, ze mogen hun handen niet gebruiken. Wie wint krijgt een stukje van de kaart.

  • Spel 6: Indianen –tippie bouwen: De stammen bouwen een piramide (tippie) met al de leden van hun stam. De hoogste piramide is de winnaar en krijgt een stukje van de kaart.

  • Spel 7: De wimpeltjes trek race: Iedereen krijgt per ploeg een gekleurd wimpeltje in de broek (hangt er ook een stuk uit). Nu moeten ze op het veld zoveel mogelijk wimpeltjes van andere kleuren proberen te verzamelen. Wie het meeste wimpeltjes heeft bij het fluitsignaal heeft gewonnen en krijgt een stukje van de kaart.

  • Spel 8: Vlaggenstok: De stammen gaan elk in een hoek van het veld staan. Wanneer ze hun nummer horen (elk lid van de stam krijgt een nummer van 1 tot bv: 10) moeten ze proberen zo snel mogelijk de vlag te nemen die in het midden van het veld ligt. We spelen dit spel 5 keer. Wie de meeste keren de vlag heeft gepakt heeft gewonnen en krijgt een stukje van de kaart.


  • Spel 9: Kubb: Dit is een oud vikingsspel met houten blokken. De stammen spelen dit tegen elkaar (1spel per 2 stammen). Korte speluitleg: er zijn 2 stammen die dit tegen elkaar spelen. Elke stam heeft enkele blokken voor zich staan op een horizontale lijn. In het midden staat “de koning” (ook een blok). De ploeg die eerst gooit krijgt hiervoor 6 stokken. Met deze stokken moeten ze proberen de blokken van de andere stam om te gooien. Als 1 stam alle blokken van de andere ploeg heeft omgegooid dan mogen ze proberen de koning om te gooien. Wie wint krijgt een stukje van de schat.

Afsluiting van de activiteit:

De stammen verzamelen hun stukken van de kaart en leggen deze in elkaar. Als ze deze hebben gelegd mogen ze op zoek gaan naar de schat. Wie de schat vindt krijgt hem.



Alle kinderen krijgen na het spel nog een lolly. In de schatkist zitten nog fruittella’s of ander klein snoep voor de winnende ploeg.
Afspraken met de kinderen:

  • Spel 3: wie de grond/touw raakt is er meteen aan en die groep is dan voor deze opdracht verloren.

  • Spel 5: de boterhammen mogen niet aangeraakt worden met de handen. Als deze op de grond vallen dan krijgen ze een nieuwe die ze moeten opeten.

  • Spel 6: je mag geen gebruik maken van bomen, bergen, … alleen van de leden van je stam.

  • Spel 7: je mag de wimpels niet vastmaken aan je broek (met een knoop). Doe je dit toch en je broek scheurt dan heb je dikke pech en dan wordt je ploeg gediskwalificeerd voor dit spel, de andere ploeg wint dan sowieso.

  • Spel 8: Als je de andere van de andere stam kan tikken bij het spel, als je de vlag probeert te pakken in het midden, dan is dat punt voor jouw ploeg.

  • Spel 9: we mikken niet op personen, voeten, … enkel op de blokken aan de andere kant of op de koning.





De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina