Titelpagina Nederlands Leesdossier Periode 3 Maurice Mulder



Dovnload 32.88 Kb.
Datum25.08.2016
Grootte32.88 Kb.




Maurice Mulder V5A Het Vechtdal College –Nederlands Leesdossier periode 3



Titelpagina



Nederlands Leesdossier Periode 3
Maurice Mulder




Inhoudsopgave


Titelpagina 1

Nederlands Leesdossier Periode 3


Maurice Mulder 1

Inhoudsopgave 2

Samenvatting Hoofdstuk B4 3

Over romantiek in de 19e eeuw 3

De denkwijze van een romanticus 3

De reacties van een romanticus 3

Hoofdstuk B4: Literatuur uit de negentiende eeuw tot 1880 3

4.1 3


4.2 3

4.3 3


4.4 4

Opdrachten module 7 4

Opdracht 11 4

Opdracht 14 5

Opdracht 17 – Verhalen van J. Kneppelhout 5

Beschrijvingsopdracht 5

Verdiepingsopdracht 6

Evaluatie 6

Opdrachten Stencils: Studententypen 6

Spel 6


De legende van het eiland moen 6

De klaploper 7

De poffertjes bakster 7

Waanzinnige Trucken 7


Samenvatting Hoofdstuk B4

Over romantiek in de 19e eeuw

De denkwijze van een romanticus


Een romanticus heeft onvrede net zijn tegenwoordige wereld en vind het dagelijks leven hiermee ook zeer onbelangrijk, kleinburgelijk, conventioneel en materialistisch. Een romanticus heeft een verlangen naar hetgeen dat hij niet kan bereiken. Hij heeft dus een onverwerkelijke droom. Ook heeft een romanticus idealen die ver van de werkelijkheid staan.

De reacties van een romanticus


Een romanticus kan zich gaan afzetten tegen de maatschappij. Een romanticus kan ook vlucht en troost zoeken van de werkelijkheid in de natuur, het verleden en hiermee ingaand op het volkseigene, heldenverering of juist in kritiek op het verleden, in reizen en Exotisme zoekend naar een nieuwe maatschappijontwikkeling, een humorcultus of in zijn religie.

Hoofdstuk B4: Literatuur uit de negentiende eeuw tot 1880




4.1


Toen Nederland in 1815 een koninkrijk werd kwam eerst Willem I aan de macht. Hij probeerde de Nederlandse economie weer uit het slop te halen.

Willem II: wijzigde de Nederlandse grondwet. Het parlement kreeg meer macht. Nederland werd een parlementaire democratie.

4.2


In de 19e eeuw kwam de industrialisatie op gang. Er was geen sociale wetgeving.

In Aziatische koloniën werd door Van den Bosch in 1830 het cultuurstelsel ingevoerd. Een vijfde deel an de grond werd gereserveerd voor producten voor de Europese markt.

De burgerlijke ideologie stelde gezin, vaderland en vorstenhuis centraal. Deugdzaamheid en gezag werden geëerd.

De zelfgenoegzame burger (le bourgeois satisfait) meende te leven in een veilige, rationele en geordende tijd: la belle epoque.



Darwin en Marx zetten de burgerlijke ideologie onder druk. Nieuwe inzichten deden het burgerlijke normen- en waardenstysteem wankelen en niet langer vanzelfsprekend zijn.

4.3


In de 19e eeuw was het nationalisme belangrijk. Een volk werd beschouwd als een organische eenheid, met een gemeenschappelijke afstamming, cultuur en taal.

In Nederland vierde het nationalisme hoogtij tijdens en na de Franse bezetting en tijdens de Belgische opstand en definitieve afscheiding in 1839. Men streefde naar een nieuw vaderlands gevoel. Helden uit de vaderlandse geschiedenis (Vondel, Rembrandt, de Ruyter,) werden met een root standbeeld geëerd.



Charles Darwin veroorzaakte een revolutie in de biologie. Hij ontwikkelde de theorie over de evolutie.

Karl Marx was bedreigend voor de gegoede burgerij. Hij kritiseerde de vervreemding: in de door het kapitalisme en de industrialisatie en de waarmee gepaard gaande arbeidsdeling snel en drastisch veranderde wereld, werd de mens op zichzelf teruggeworpen.

Twee klassen stonden in de maatschappij tegenover elkaar: de loonarbeiders en de bourgeoisie.



4.4


de romantiek en het realisme werden onderscheiden. Het zijn internationale bewegingen die ook in NL en Vlaanderen hun invloed deden gelden.

De romantiek manifesteerde zich op veel gebieden en was internationaal van karakter. Het accent ligt op de weergave van het gevoel en de verbeelding. Dat gevoel moest zonder allerlei klassicistische regels, geuit worden. Individuele verbeeldingskracht kreeg aandacht.

Geliefd was de natuur als bron voor gevoelens. Schrijvers en dichters en schilders waren belangrijk. Ook de liefde roept gevoelens en emoties op.

De romantische kunstenaar stelde naast de emoties de verbeelding centraal. Het beeld van de wereld werd subjectief. Een andere, nieuwe wereld kon worden opgeroepen. Een aspect dat duidelijk samenhangt met de verbeelding en het onzichtbare is de romantische voorkeur voor de droom.

De romantische kunstenaar kwam regelmatig in conflict met de omgeving. Hij zette zich af tegen de zelfgenoegzame burger wiens conventionele gedrag gehekeld werd.

Voor de romanticus was er een kloof tussen ideaal en werkelijkheid.


In de 1e decennia van de 19e eeuw is er in NL vooral een sociale cultuur: gemeenschappelijke activiteiten waren gewoner dan individuele. IN de literatuur gaven de literaire genootschappen tot het eind van de jaren ’30 de toon aan.

Rond 1830 kwam er aandacht voor de historische roman. Vaste motieven als reis, liefde, ontsluiering van een geheim, walter scott schreef er veel over.



Aarnout drost vond dat de roman ook uitdrukking moest geven aan de visie op mens en maatschappij. Daarom zijn er ook historische ideeënromans.

Consciences roman sloot aan bij het nationale emancipatiestreven in Vlaanderen in de 19e eeuw. Het sloot aan bij het streven van de Vlaamse beweging, die Vlamingen opriep tot een groter zelfbewustzijn en verzet tegen de Franstaligheid.

Dominee-dichters waren afkomstig uit de burgerij. Na hun studie theologie waren ze dominee geworden, maar ze bleven dichten. Over het volk en vaderland, gezin en troost van het geloof.

Multatuli heeft in de Max Havelaar zijn eigen ervaringen als ambtenaar op Java als stof voor de roman gebruikt. Hij beoogde een buitenliterair effect. Hij wilde met zijn boek ingrijpen in de politieke werkelijkheid. Max Havelaar is duidelijk voorbeeld van een romantisch personage.
In de 19e eeuw vond men de fotografie fascinerend. Als een kunstenaar de werkelijkheid probeert weer te geven noemen we dat realisme. N de literatuur uit de negentiende eeuw zijn verschillende vormen van realisme te onderscheiden.

Idealistisch realisme is niet puur objectieve werkelijkheid. Ook met ironie en humor wordt gewerkt. De zedelijke verbetering van het publiek wordt bewerkstelligd. Het past bij de mentaliteit en het wereldbeeld van de gegoede burgerij.

In objectief realisme wordt de verhaalwerkelijkheid zo objectief mogelijk beschreven. Ze stellen zich met een bijna wetenschappeljike precisie op tegenover de stof. Er is geen verteller die de lezer bij de hand nam en waar nodig van uitleg en commentaar voorzien wordt.


Opdrachten module 7

Opdracht 11


  1. Adel en Eer, dat of, vader en zoon

  2. Het gaat over een historisch figuur en Hendrik Conscience probeert zo goed mogelijk de situatie te omschrijven door middel van het omschrijven van de personen en de omgeving en de gemoedstoestand etc.

  3. :

    1. Hij verdiept zich in zijn verleden (romantiek). Hij doet hiervoor een hoop moeite om waarheidsgetrouw te blijven en dat betekent dus dat het verleden er belangrijk voor hem was

    2. Goede geschreven en waarheidsgetrouw. Helden zijn echter wel wat te veel opgehemeld wat een beetje een overkill wordt. Artistiek ook wat tekortkomend.

    3. De betekenis is buiten het literaire om een nationaal bewustzijn te maken en symbolen te geven voor het vaderland.



Opdracht 14


  1. Het motto haat over iemand die vals beschuldigd wordt, dat komt ook terug in Max Havelaar waar Max Havelaar beschuldigd wordt voor een daad die hij niet heeft gepleegd.

  2. Droogstoppel past hier zo goed bij omdat het stuk tekst zelf ook zo ontzetten droog is.

  3. Hij vindt dat romanschrijvers een hoop verzinnen en het volk eigenlijk maar wat wijs maken.

  4. De regent geeft bijvoorbeeld een order aan de bevolking om de sawa’s te bewerken zonder betaling.

  5. De regent z’n probleem is zijn te grote uitgaven aan een pelgrimstocht naar Mekka. De regent moet hierdoor dus geld winnen en kosten sparen en dat is de manier waarop de cultuur (zie vraag 4) wordt beïnvloed.

  6. Havelaar moet de mensen de regent aan het betalen krijgen. Hij ziet het zelf zo: De zaak is duidelyk. Hyzelf heeft dat geld nodig, en de kollekteur wil ’t hem voorschieten.

  7. :

          1. Droogstoppel becommentarieert alles terwijl Havelaar er meelevend is.

          2. Max Havelaar, hij is een goede vent, zo goed dat hij het de regent zelfs vergeeft mensen uit te buiten omdat hij wel weer inziet dat de regent het geld nodig heeft.

  8. Dat de buffel dood is gegaan

  9. Het wordt objectief beschreven.

  10. 4 gaat over de verdiensten voor het volk waar 14 over de gevolgen voor het volk gaat.

  11. De tragische aspecten zoals de mensen die arm zijn en hun buffels verliezen en het gedoe met de tijgers kunnen echt gebeurt zijn. Maar gedeelte:
    Saidjah’s buffel, voortgedreven door eigen vaart, schoot enige sprongen voorby de plek waar zyn kleine meester de dood wachtte. Maar door eigen vaart alleen, en niet door eigen wil, was he dier verder gegaan dan Saidjah. Want nauw had het de stuwing overwonnen die alle stof beheerst, ook na ’t ophouden van de oorzaak die haar voortstuwde, of ’t keerde terug, zette zyn lomp lyf op zyn lompe poten als een dak over het kind, en keerde zyn gehoornde kop naar de tyger.
    is iets te heroïsch om werkelijkheid te zijn.

  12. Hij beschuldigd de regent van misbruik van gezag, door het onwettig beschikken over de arbeid van zijn onderdanen en hij vordert opbrengsten, zonder onvoldoende betaling.

  13. Te laten zien hoe slecht de inboorlingen wel niet werden behandeld.

  14. dat van Saidjah en Adinda

  15. s Ze willen allebei dat er iets gedaan wordt aan het slechte bestaan van de inwoners in Indie. De brief aan Brest van Kempen ondersteunt niet in dat verhaal, maar wel in dergelijke situaties. Ik vind wel dat die brief bijdraagt aan het waarheidsgehalte van het boek. Hij klaagt ook over de resident van Bantham net zoals Havelaar. Dan zal er toch wel echt iets niet kloppen.

  16. In idee 304 staat iets over een dorp dat in brand stond en in het verhaal van Saidjah en Adinda ook. Volgens mij is dat hetzelfde dorp.Dit heeft dan wel te maken met het waarheidsgehalte van het boek. Multatuli moet namelijk wel weten waar hij over praat als hij oordelen geeft.

  17. Ik vind de Max Havelaar niet erg kenmerkend voor de Romantiek. In de Romantiek wordt namelijk het verleden verheerlijkt, hier wordt het alleen maar bekritiseerd, en verteld hoe het er werkelijk aan toe ging.



Opdracht 17 – Verhalen van J. Kneppelhout

Beschrijvingsopdracht


Hetgeen ik gelezen heb, geschreven door Johannes. Kneppelhout (en voor een gedeelte door Piet Paaltjens), bestaat uit 5 verhalen. Het Spel, De legende van het eiland Moen, Poëzie van Piet Paaltjens, De klaplopen, De poffertjesbakster. Het zijn korte stukjes geschreven in de 19e eeuw, met een humoristische inval.

Ik begon deze verhalen te lezen om, jawel, dit leesdossier te kunnen maken om een akkoord te krijgen voor mijn leesdossier om over te gaan. Ik had er helemaal geen verwachtingen van daar ik niet wist wat het was.

Het verhaal het spel gaat over een rus die, terwijl de studenten een gokspel om hem heen spelen, een jongeling zijn ervaring deelt die plaats vond na een veldslag. Hij had iemand mee gemaakt die tot de dood aan toe materialistisch bleef en het spel bleef spelen voor het vergeefse goud. Dit gaf de veteraan zo’n afschuw dat hij het spel nooit meer wou spelen.

De Legende van het eiland Moen gaat over een jongen die door zijn vader, een bard, in de steek wordt gelaten omdat hij niet van hem houd. Het jongentje wordt gevonden door wat eerst een Zeegod lijkt te zijn maar later een aardige oude maar zakelijke man. Het jongentje zou later geadopteerd worden en een soort van receptie baan aannemen voor Knut, de oude man die hem adopteerde.

Het gedicht immortellen van Piet Paaltjens is een melancholisch gedicht door iemand die een vriend verloren heeft en hierdoor zijn vertrouwen in de mensheid heeft verloren.

De klaploper gaat over een student Thomas die zich werkelijk dood verveelt aan de vele klaplopers die het leven (studentenleven) kent. Hij noemt talloze voorbeelden van manieren en vormen van klaploperij nadat Vervaard, de klaploper, eindelijk, zonder klap te hebben kunnen gelopen, zijn ‘kast’ uit is gegaan in Thomas’ hoop nooit meer terug te komen.

Het verhaal de poffertjes bakster gaat over een neef en zijn nicht die worden overvallen door een poffertjes bakster en haar werkelijk van henzelf af moeten slaan uitleggend dat zijn niet van poffertjes houden.

Ik vond deze verhalen zelf bijna vermakelijk. De klaplopen deed me denken aan bepaalde personen die ik ken en het is dan leuk om zoiets dan ook eens letterlijk te horen… lezen.



Verdiepingsopdracht


Een verhaal hier heeft het een en ander te maken met politieke achtergronden hoewel die vrij onduidelijk zijn. Het betreft de eerste die voor een groot deel een oorlogstafereel beslaat. Deze zal vast wel echt gebeurd zijn alleen is het niet aangegeven en is het verband met politieke achtergronden dus flinterdun.

De kloploper en de poffertjes bakster hebben beide duidelijk wat te maken met sociaal economische achtergronden. De klaploper vertelt over een economische achtergrond waarin klaplopers het makkelijk hebben en de poffertjes bakster heeft het zo weer over een economisch klimaat waarin producenten de klanten letterlijk van de straat af grissen.

Culturele achtergronden vind je haast in alle verhalen. Het spel heeft het over een cultuur waar veel gegokt heeft, waar de klaploper het over een studenten cultuur heeft.

Tot de romantiek behoren van al deze gevallen volgens mij toch wel het beste het gedicht van Piet Paaltjens en het verhaal, de legende van Moen. Het verhaal van Piet Paaltjens druk duidelijk een ontevredenheid uit met de huidige situatie. Paaltjens is verdrietig en wou dat het anders was. De legende van het eiland Moen is weer voor een groot deel fantastisch en gaat ook over het beleven van een beter leven (wat uiteindelijk een illusie blijkt). Deze horen dus bij de stroming romantiek.



Realisme vindt men weer in de klaploper en de poffertjes bakster omdat deze de realiteit weergeven op een humoristische manier. Het is de beschrijving van de cultuur zoals die werkelijk is.

Evaluatie


Mijn mening is niet zodanig verandert na de verdiepingsopdracht omdat ik die dingen die de verdiepingsopdracht duidelijk maakt niet belangrijk acht en toch al wist. Dit betekent echter niet dat ik het verhaal niet leuk vond, integendeel ik vind het leuke verhalen die mijn tijd wel waard blijken geweest te zijn. Ik ben niet veel vrolijker geworden van het uitvoeren van deze opdrachten en ik geloof niet dat ik een degelijke stijging in interpretatievermogen heb ondervonden door het maken van deze opdrachten.

Opdrachten Stencils: Studententypen

Spel


  1. Een gast bij een roulette tafel legt uit waarom hij niet van ‘het spel’ houdt. Hij verteld dat hij na een slagveld de sterfenden van een bloedbad heeft meegemaakt terwijl deze met elkaar speelden om linnen doeken om zich te verbanden. Ze sterven allen en de winnaar heeft een grijns op zijn smoel.

  2. Beide verhalen gaan over het euvel in het spel.

  3. Ja dat komt naar voren omdat Kneppelhout het vervelend vindt dat men gokt en hij wil de mens bevorderen door het hiermee af te raden.



De legende van het eiland moen


  1. Kund is een forse bejaarde man die een 14 jarig jongentje heeft om zijn gasten te bedienen dat Niels heet. Later zie je een Bard spelen en zingen over een jongen wiens vader hem in de steek liet. De jongen vond een zeegod die het adopteerde maar later Kund bleek te zijn.
    Het heeft Exotisme en een verlangen naar het onbereikbare



De klaploper


  1. Verwaag type: het type dat altijd binnenloopts als je dat niet wil
    Klaplopers uit:

    1. Luiheid, die anderen dingen voor hen laten doen

    2. Ledigheid, die geen mening hebben en opportunistisch kiezen

    3. Verbedacht rade, die mensen in de val doen lopen om te klaplopen

    4. Direct, zijn eigenlijk geen klaplopers maar minder bedeelden

    5. Met omweg, zelfde als c

    6. Op ziekte, komt op de koffie voor de koffie zelf

    7. Absentie, die andermans spul innemen bij afwezigheid

    8. Uit vriendschap, die je vriendschap met hem uitbuit.

  2. “Docht hoe dit zij, klaplopen is een belachelijke, kleingeestige, zwakheid, een beklagenswaardige melaatsheid van de Studentenmaatschappij, maar zij geneest niet door het eten van gebedeld brood.”

  3. Dat gedeelte met de oude student die nimmer vergaderingen bijwoont. Of alle delen tussen haakjes.



De poffertjes bakster


  1. Fysiologie is een genre dat standen en kringen en typen omschrijft. De poffertjes bakster is heel erg typerend voor haar stand en kring.



Waanzinnige Trucken


  1. Ergens op het platteland is een meisje dat Trucken heet. Ze was anders dan de rest. Ze trok zich niks van niemand aan. Zelfs haar moeder niet. Zelf als haar moeder huilde, begreep ze dat niet. Trucken negeerde iedereen. De doktor vond haar lichamelijk gezond. Alleen het water boeide Trucken vanwege het spiegelbeeld. Eens liet ze zich erin vallen en stierf. Iedereen dacht dat het zelfmoord was.

  2. De rare Trucken.

  3. Trucken voelt zich niet thuis in deze wereld en zoekt een uitweg. Ze verlangt naar het onbereikbare.

  4. :

    1. Trucken ziet er gewoon uit maar negeert iedereen. Is overdreven geïnteresseerd in water en haar spiegelbeeld en weet niet hoe gevaarlijk het water is.

    2. Trucken lijkt me een autistisch kind.




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina