Tussen oud en nieuw



Dovnload 187.17 Kb.
Pagina2/10
Datum20.08.2016
Grootte187.17 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10



Landhuis de Voorde uit 1800. Het monumentale landhuis in combinatie met het historische park dragen bij aan de ruimtelijke kwaliteit van het gebied. Hierdoor krijgt het park een hoge verblijfskwaliteit voor omwonenden en bezoekers.

1. Inleiding




1.1 Een korte geschiedenis.

D


Situatie Rijswijk in 1712. Een kaart van Cruiqius. Tientallen Landgoederen op de strandwal en langs de Vliet. Daaromheen een groene zee van weiden. De verkavelingstructuur is nog steeds herkenbaar in de huidige stedenbouwkundige inrichting.
e geschiedenis van de gemeente Rijswijk gaat terug tot ver in de prehistorie. Het is dan ook niet vreemd dat het grondgebied van de gemeente zeer rijk is aan archeologisch en cultuurhistorisch erfgoed. Er zijn sporen van bewoning gevonden die dateren uit 3500 voor Christus (Nieuwe Steentijd). Vanaf het begin van de jaartelling maakte Rijswijk deel uit van het Romeinse rijk. Op verschillende plaatsen werden vondsten gedaan die hiervan getuigen (mijlpalen, Romeinse hoofdweg). Wat er na het vertrek van de Romeinen in Rijswijk gebeurde, is niet helemaal duidelijk omdat er tot dusverre geen bewoningssporen uit de vierde tot elfde eeuw zijn aangetroffen. Het dorp Rijswijk ontstond rond de 12e eeuw, toen de klei- en veengronden vanaf de huidige Van Vredenburchweg (één van de oudste strandwallen van Nederland) werden ontgonnen. De laaggelegen gebiedsdelen tussen en achter de duinenrijen waren zeer geschikt voor weidegrond of akkerbouw. In deze gebieden ontstond een hoge concentratie aan kastelen en buitenplaatsen met bijbehorende landerijen en gebouwen. Rondom de Oude Kerk groeide het dorp Rijswijk, als centrum van voorzieningen, verder uit.

Na de Tweede Wereldoorlog was sprake van een grote woningnood. Wederopbouwwijken schoten als paddenstoelen uit de grond. Gevolg van al deze nieuwbouwactiviteiten was wel dat een groot deel van het Rijswijkse erfgoed met grote snelheid verloren ging. In de jaren ’70 vond een omslag plaats. De cultuurhistorische waarden van binnensteden werden steeds meer erkend en gewaardeerd door nationale en lokale overheden. De Wet op de Stads- en Dorpsvernieuwing (1984) bleek een enorme stimulans om waardevolle gebouwen te restaureren; vaak kregen ze hun woonbestemming weer terug. In de jaren ’80 en ’90 werden de gemeenten steeds actiever. Rijswijk was één van de eerste gemeenten die over een eigen monumentencommissie beschikte. Er werd een gemeentelijke monumentenlijst opgesteld en conserverend beleid zorgde dat het overgrote deel van de gebouwde monumenten zorgvuldig werd beheerd en onderhouden. Er werden subsidies beschikbaar gesteld voor het herstel van de oude dorpskern, waarvan goed gebruik is gemaakt. In eerste instantie richtte het Rijswijkse beleid zich op het behoud van de bebouwde omgeving. Archeologie is daar sinds de nieuwe Monumentenwet 1988 en het Verdrag van Malta uit 1992 (door Nederland geratificeerd in 1998) als beleidsvlak in de jaren ’90 bijgekomen.


De komende periode wil de gemeente haar blik verder verruimen naar cultuurlandschap, een beleidsveld dat samen met de zorg voor de archeologie en gebouwde monumenten deel gaat uitmaken van het nieuwe erfgoedbeleid. Met het realiseren van een Nota Cultureel Erfgoed wil de gemeente de zorg voor cultuurlandschappen, archeologie, de bouwwerken (zowel de officiële monumenten als beeldbepalende gebouwen en objecten als gevelstenen en hekpalen op een heldere manier samenbrengen om daarmee de integratie tussen de verschillende disciplines te bevorderen.

1.2 Het belang van cultureel erfgoed

Rijswijk is een gemeente met ambities. De gemeente wil zich profileren als groene en comfortabele woon- en werkgemeente in de Randstad. Er wordt gestreefd naar een diversiteit aan woonmilieus. Hierbij is het in stand houden van monumenten en monumentale bebouwing net zo belangrijk als het realiseren van nieuwe woningen. Cultuurhistorische waarden maken immers de geschiedenis van een gebied zichtbaar. Cultuurhistorische waarden zorgen voor afwisseling in het landschap en verhogen de belevingswaarde. Zo dragen cultuurhistorische waarden bij aan het woongenot en een goed vestigingsklimaat. Behoud en versterking van cultuurhistorische waarden hebben in veel gevallen een positief welvaartseffect. Zie bijvoorbeeld de waarde van oude stadskernen die niet alleen voor recreatie en toerisme maar ook voor wonen, werken en verblijven erg gewild zijn.


Het aanbod van woningen is deels bepalend voor het vestigingsklimaat. Net zo belangrijk is het aanbod in voorzieningen. Onderzoek heeft aangetoond dat de aanwezigheid van culturele voorzieningen voor een belangrijk deel bepalend is voor de vestiging van (hoog opgeleide) gezinnen.1 De aanwezigheid van cultureel erfgoed onder en boven de grond geeft een gebied identiteit en zorgt voor historische continuïteit en maakt een woonomgeving aantrekkelijk.
Om te zorgen dat Rijswijk aantrekkelijk blijft voor de huidige bewoners en ook om nieuwe bewoners aan te trekken zal de gemeente de verantwoordelijkheid moeten nemen om naast het stimuleren van moderne ontwikkelingen tevens zorg te dragen voor die factoren die Rijswijk hebben gemaakt tot wat het nu is. Het is juist die combinatie van moderne ontwikkelingen en aandacht voor het verleden waarin de gemeente zich kan onderscheiden.
De groeiende interesse in het verleden is te koppelen aan het beleid voor cultureel erfgoed op nationaal niveau. Het belang van regionaal en nationaal erfgoed wordt steeds meer erkend en de instrumenten om het cultureel erfgoed een plek te geven in heden en toekomst nemen steeds meer toe. Met de aanpassing van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) en het Besluit op de Ruimtelijke Ordening (BRO) is cultureel erfgoed een actieve rol gaan spelen bij de inrichting van ons landschap. Het doel daarvan is dat resten van het verleden onder of boven de grond niet meer als beperking worden gezien binnen ontwikkeling, maar juist als inspirator of uitgangspunt. Zo heeft de vondst van de 16e eeuwse openbare waterput in de Herenstraat geleid tot een fraai ontwerp waarbij de put in het zicht is gebleven en met een glasplaat is afgedekt. Ook binnen het programma RijswijkBuiten worden archeologische resten van de buitenplaats Sion als inspiratie gebruikt bij het nieuwe stedenbouwkundig ontwerp. Het cultureel erfgoed wordt al bij de eerste fasen van ruimtelijke ontwikkelingsprocessen betrokken, zodat in de planvorming rekening gehouden kan worden met eventuele archeologische, cultuurhistorische en cultuurlandschappelijke waarden.



1   2   3   4   5   6   7   8   9   10


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina