Uitnodiging: De entree van de reformatie in de westelijke Langstraat Datum: donderdag 21 november 2013 Locatie: Theaterzaal van Cultureel Centrum ‘De Schattelijn’ Tijd: 20. 00 uur



Dovnload 71.26 Kb.
Datum26.08.2016
Grootte71.26 Kb.



UITNODIGING: De entree van de reformatie in de westelijke Langstraat
Datum: donderdag 21 november 2013

Locatie: Theaterzaal van Cultureel Centrum ‘De Schattelijn’

Tijd: 20.00 uur


Op 21 november a.s. houdt de Oudheidkundige Kring ‘Geertruydenberghe’ haar zesde lezing van het jaar. Voor deze avond is de heer Han Verschure uitgenodigd een lezing te houden over de reformatie in de westelijke Langstraat.

Hoe is de reformatie hier terechtgekomen en hoe zijn de protestantse dorpen in het noordwesten van onze provincie ontstaan. Het Land van Heusden en Altena is voor het overgrote deel protestants en ook in de Langstraat liggen protestantse dorpen als enclaves in een katholieke omgeving. Er is een verklaring.

Het verhaal van de reformatie is in Brabant geen succesverhaal. Nadat de katholieke parochies hun kerken hebben moeten afstaan, is het pleit nog niet beslecht. In de westelijke Langstraat komt de helft van de dorpen als protestants en de andere helft als katholiek uit de reformatie tevoorschijn ondanks allerlei maatregelen van de overheid. Op de achtergrond van die ontwikkelingen speelt een ontwikkeling die niets te maken heeft met christelijke naastenliefde en medeleven. De ambtsdragers hielden er soms een levensstijl op na die niets te maken had met wat er op de kansel verkondigd werd en dat bepaalde voor een belangrijk deel het mislukken van de reformatie of het succes. Er speelde een harde strijd om ‘andersdenkenden’ uit te schakelen en de eigen waarheid te laten overwinnen. De uitkomst van de ontwikkelingen bleef lang onvoorspelbaar.
Han Verschure zal u de gang van zaken laten horen op zo’n manier dat het lijkt alsof u er zelf bij bent geweest. Op een aantal punten maakt u kennis met een totaal nieuwe kijk op de ontwikkelingen. Een liefdevolle God die begaan is met het lot van mensen zult u deze avond niet tegenkomen.

Het bestuur van de Oudheidkundige Kring ‘Geertruydenberghe’ nodigt iedereen uit die belangstelling heeft voor het onderwerp van deze interessante, leerzame lezing. De toegang is gratis.




Geslaagde publieksavond Oudheidkundige Kring ‘Geertruydenberghe’


Donderdag 17 oktober vond in theater ‘De Schattelijn’ een publieksavond plaats, die bestond uit een drietal lezingen van vooraanstaande historici. Het initiatief voor deze avond was uitgegaan van de Stichting Brabantse Bronnen en het verschafte de Oudheidkundige Kring een mooie gelegenheid om in het kader van 800 jaar Stad Geertruidenberg samen de organisatie te verzorgen. De belangstelling voor de avond was groot en dus was de zaal met 125 gasten tot op de laatste stoel bezet.

De voorzitter van de Oudheidkundige Kring, Jan van Gils, opende de avond en gaf vervolgens het woord aan Drs. Astrid de Beer van de Stichting Brabantse Bronnen. Zij gaf uitleg over de doelstellingen van de Stichting en introduceerde steeds de sprekers. Zij startte met Dr. Geertrui van Synghel (Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis). Deze Belgische historica gaf uitleg over de charters met betrekking tot de oprichting in 1310 van het kerkbestuur ‘Bergse Kapittel’. In de kapittelstukken van Geertruidenberg komt de stad ook als bedevaartsoord in beeld. De betrokkenheid van de abdij van Thorn, waarbij Geertruidenberg was aangesloten, bleek wel uit de verplichtingen die waren vastgelegd.

Diverse charters, oorkonden voorzien van een zegel, werden tijdens de lezing toegelicht.

In de charterbank van het Regionaal Archief Tilburg zijn 189 charters, met de hand geschreven op perkament, van Geertruidenberg en Raamsdonk aanwezig en online in te zien. De oorkonden van Geertruidenberg zijn terug te vinden in het oorkondeboek van Holland en Zeeland en in het oorkondeboek van Noord-Brabant. De oudste oorkonde dateert van 31 mei 1335 waarin graaf Willem lll van Holland de Poorters van Geertruidenberg het voorrecht schenkt dat zij uitsluitend door de schepenen van Geertruidenberg verhoord en berecht mogen worden. De oudste vermeldingen over Geertruidenberg (toen nog Berg genaamd) komen voor in oorkonden van 967 en 992. De oorkonde, waarin de naam Geertruidenberg voor het eerst werd vermeld, betrof de stadsrechten van 1213. Uit de oorkonden blijkt ook dat de stad vanaf de middeleeuwen Hollands was en pas vanaf de 19e eeuw Brabants.





Prof. Dr. Arnoud-Jan Bijsterveld

Prof. Dr. Arnoud-Jan Bijsterveld van de Stichting Brabantse Bronnen kreeg als tweede spreker het woord (foto). Hij nam de toehoorders mee in ‘de legende van Sint Gertrudis’. Nog altijd is het de vraag of de heilige Sint Gertrudis als kluizenaarster in Geertruidenberg geleefd heeft; er zijn te weinig schriftelijke bronnen die dit aantonen.

Na de pauze was het de beurt aan Dr. Jan Sanders (Stichting Brabantse Bronnen). Hij ging in op de recent gevonden drie boeken die afkomstig zijn uit het kartuizerklooster van Geertruidenberg. Destijds stond het klooster overigens vrijwel op de plaats waar nu ‘de Kloosterhoeve’ (Raamsdonksveer) gebouwd is.

Sanders stippelde de route uit die de drie boeken de afgelopen eeuwen hadden afgelegd en toonde oude schetsen waarop de bouwcontouren van een kartuizerklooster te zien waren. Tevens gaf hij onder andere aan wat de betekenis en het belang was van een kloosterbibliotheek, zowel destijds als voor het nageslacht. Bas Zijlmans, erevoorzitter van de Oudheidkundige Kring ‘Geertruydenberghe’, sloot de avond af en bedankte alle sprekers, bezoekers en medewerkers voor de aandacht.

Aan het eind van de avond bekeken vele bezoekers de voorwerpen, waaronder één van de Kartuizerboeken en de levensbeschrijving uit 1632 van Sint Gertrudis, die in een vitrine tentoongesteld waren.
Verslag: Cock Vrijenhoek/Bas Zijlmans

Foto: Wim van Alphen


Meer foto’s zijn te bekijken op de OKG website
www.oudheidkundige-kring-geertruidenberg.nl onder het menu ‘Foto/Video’.


Twee enthousiaste verslagen van OKG excursie naar Elburg op 5 oktober 2013
Verslag en foto’s door Theo Hessing

Onderweg van Geertruidenberg naar Elburg heeft onze voorzitter, Jan van Gils, ons uitgebreid over de bijzonderheden en de geschiedenis van Elburg voorgelezen. De rit naar Elburg werd op het laatst een toeristische route door wegwerkzaamheden bij het knooppunt Hoevelaken. We zijn dwars over de Veluwe gereden langs Uddel en het Uddelermeer. Het was een mooie rit en we vonden dit helemaal niet erg. De koffie werd geserveerd in restaurant ‘De Haas’ waar in de Pauwzaal de tafels met een keur aan gebak klaar stonden. De Pauwzaal was prachtig en heel sfeervol ingericht in een soort Art Deco-stijl.

Hierna volgde de stadswandeling en werd de groep verdeeld over drie stadsgidsen.

Elburg is een zeer oude plaats die in 1233 stadsrechten kreeg. Door de ligging aan de Zuiderzee waren er vaak overstromingen; de Marcellisvloed in 1362 deed de deur dicht. De hertog van Gelre, Willem van Gulick, gaf de opdracht om Elburg te verplaatsen.



Elburg als ontwerp en een luchtfoto zoals het er nu uitziet
Tussen 1392 en 1396 werd een nieuwe stad gebouwd met een rechthoekig stratenplan. De bouwvorm, ontstaan op de tekentafel, noemt men Bastidebouw en is door de orde van de Tempeliers eerder bedacht voor de bouw van hun nederzetting bij ontginningen.

De stadsrechten gaven Elburg het recht om een stadsmuur te mogen bouwen. Van deze stadsmuur zijn nu nog delen bewaard gebleven; aan de binnenzijde zijn muurhuizen gebouwd om extra woonruimte te bieden.



Om de stad goed te kunnen verdedigen werd bepaald dat in een gebied van een mijl rondom de stad geen bouwwerken mochten komen. De boerderijen, die nodig waren voor de levensbehoefte van de stedelingen, werden daarom binnen de stadsmuur gebouwd.

Er waren twee stadspoorten en in de muur waren meerdere torens opgenomen. Een van deze verdedigingstorens is later verbouwd tot de Vischpoort en is nu de enig overgebleven poort.

Elburg was een Hanzestad en verdiende veel geld met de handelsvaart op de landen in de Oostzee. Zij had een handelsvloot van Koggeschepen. Deze rijkdom maakte het mogelijk om de nieuwe stad te bouwen. Pas na de voltooiing van de stad in 1396 werd een nieuwe kerk, de St. Nicolaaskerk, gebouwd in een hoek van de stad waar nog ruimte was.

Elburg heeft geen echt stadshart en geen marktplein. De gezelligheid, de winkels en de terrasjes zijn in de brede hoofdstraten te vinden. Daar bijna alle gebouwen binnen de stad een monument zijn, worden er geen monumentschildjes op de huizen geschroefd.

In Elburg was er, zoals in veel steden, vóór 1940 een joodse gemeente; de leden hiervan zijn tussen 1940 en 1945 omgekomen. Als nagedachtenis zijn op hun huizen gedenkplaquettes aangebracht en niet de bekende messing straattegels.

Zoals elke rechtgeaarde stad betaamt, was een klooster een vrome wens, in het begin van de vijftiende eeuw werd er een Agnietenklooster. gevestigd. Met de reformatie rond 1580 waren er geen nonnen meer. Hierna heeft het klooster meerdere functies gehad, zoals Stadhuis, en nu is er het Stedelijk Museum gehuisvest.



Op de foto van het klooster is te zien dat de bestrating van de smalle straatjes een bijzondere vorm heeft: aan de zijkanten een bestrating van grove kiezelstenen en in het midden een pad van straatstenen. Dit was vroeger een open riool. Hierin werd alle afval gestort. Er was een verbinding via een sluis met het open water zodat het rioolwater kon worden ververst.

Om de handelswaar te kunnen bewaren en te verhandelen waren er pakhuizen nodig. Deze pakhuizen staan in diverse straten en hebben nu een andere bestemming gekregen zoals woningen of een gemeenschaphuis, maar aan de buitenkant is nog goed te zien wat het vroeger zijn geweest.

De, door de handel, rijk geworden burgers wilden dat heel graag tonen en het liefst voor iedereen duidelijk zichtbaar laten zien hoe vermogend ze waren, zoals in iedere Nederlandse stad ook is te zien was de gevel van het huis hier heel geschikt voor. De gevel werd heel hoog opgetrokken en het veel kleinere huis werd er achter verstopt.

Na de uitvinding van het buskruit werden de legers met kanonnen uitgerust; de stadsmuren verloren hierdoor hun strategische functie. Voor de verdediging van de stad werd nu een stadswal met kazematten (kanonnenbunkers) en een vestinggracht aangelegd. De vijand kon hierdoor minder dicht bij de stad komen voordat hij werd opgemerkt. Een deel van de muren werd gesloopt en op de vrijgekomen ruimte werden huizen gebouwd.

Een stad moest zoveel mogelijk zelfvoorzienend zijn zeker in oorlogstijd. Zoals de stadsboerderijen waren er ook tuinen bijvoorbeeld een kruidentuin. Ook veel ambachtslui waren in de stad gevestigd.
Naast de handel was een andere bron van welvaart de visserij. Er werd op de Zuiderzee gevist op haring, ansjovis en garnalen. De Zuiderzee stond in open verbinding met de Noordzee en had dus zout water. Zo rond 1900, vóór de afsluiting van de Zuiderzee, waren er zeker 1000 vissersschepen die hun thuishaven rond de Zuiderzee hadden.

De Zuiderzee, nu het IJsselmeer, is op de meeste plaatsen niet diep. De schepen werden daarvoor aangepast. Ze hadden een platte bodem en een geringe diepgang. Bij eb, als ze droog vielen, bleven ze mooi recht liggen. De voor het zeilen zo handige kiel werd vervangen door zwaarden die langs het schip konden worden opgetrokken. Het waren allemaal zeilschepen en voor het wand was veel touwwerk nodig.



Tussen de stadswal en de verlaagde stadsmuur is er een touwbaan die nog steeds in bedrijf is. Hier wordt van vezels touw geslagen in alle diktes en lengtes zoals die op de schepen nodig zijn.

De lunch, na deze leerzame stadswandeling, was op de rustieke zolderverdieping van restaurant ‘Kade 18’ vlak naast de haven en de Vischpoort. Na de lunch was er in dezelfde ruimte een uiteenzetting over de Zuiderzeevisserij die na 1931 erg veranderde. In dat jaar werd de afsluitdijk tussen de Waddenzee en de Zuiderzee gesloten en de Zuiderzee werd IJsselmeer; het zoute water werd brak water en steeds zoeter. Reden om tot deze afsluiting over te gaan waren de steeds terugkerende overstromingen langs de kust van de Zuiderzee. Door het wegvallen van eb en vloed kon men dit voorkomen en een tweede reden was de mogelijkheid tot inpoldering te scheppen. De Wieringermeer was hiervan een voorbeeld. De visserij ging over op vangst van paling en snoekbaars. Na het gereed komen van de Flevopolder en de Noordoostpolder, in de jaren vijftig van de vorige eeuw, liep de visserij heel sterk terug.

In Elburg is de Botterstichting opgericht: de Stichting tot Behoud van de Elburger botters. Dit is het type zeilschip waarmee op de Zuiderzee werd gevist. De stichting heeft zes botters. De schepen worden op de eigen werf gerestaureerd en onderhouden. Er worden vaartochten en wedstrijden mee gedaan. Twaalf leden van onze oudheidkundige kring hebben een heerlijke vaartocht gemaakt met de EB 43 (zie foto aan het eind van het tweede verslag).

In het, aan de haven gelegen, visserijmuseum zijn alle attributen van de Zuiderzeevisserij te zien. De oudheidkundige vereniging van Elburg heeft de oude visafslag, die 1958 was verkocht aan een boer, in 1986 weer terug kunnen verkopen. De visafslag die van 1916 dateert is geheel gerestaureerd compleet met de biedklok en de afslagbankjes en als museum toegankelijk.

De haven van Elburg, die in de zestiende eeuw is verplaatst en nu aan de westzijde van Elburg ligt, was via een relatief nauwe en lange vaargeul te bereiken.



In 1592 werd in de westelijke toren een poort gemaakt en deze heet vanaf die tijd de Vischpoort. Deze poort is begin 1900 gerestaureerd en opnieuw van deuren voorzien.

Boven aan de toren zit een lamphuis waarin ‘s avonds een licht werd ontstoken en dit licht samen met het licht op het havenhoofd zorgde er voor dat de vissers, als ze de lichten op één lijn hielden, veilig de haven in konden varen. Het oude havenhoofd ligt nu, vanuit Elburg gezien, aan de overkant van het havenkanaal in de Flevopolder.



Verslag en foto’s door John François

Volgens planning zijn we met 42 personen met de firma van Mook vanaf de Markt in Geertruidenberg naar het vestigingsstadje Elburg vertrokken. Het gezelschap “in leeftijd gewogen” in de bus is geschat op ongeveer 3000 jaar aan oudheidkundige kennis.

Met enige vertraging, door een rijbaanafsluiting op de A28, kwam de bus aan in Elburg. Na even de benen gestrekt te hebben, arriveerden we bij restaurant “de Haas” waar we werden ontvangen met een heerlijke kop koffie of thee met gebak.

Hierna werden we opgedeeld in drie groepen. Onze gids Leo nam ons mee voor de stadswandeling langs talrijke monumentale huizen en pittoreske gebouwen. Naar zijn zeggen zijn deze gebouwen dankzij de armoede, die ontstond na het missen van de industriële revolutie en het wegvallen van de visvangst, goed bewaard gebleven.

In oorsprong lag Elburg pal aan de Zuiderzee waardoor de stad regelmatig overstroomde. De hertog van Gelre gaf omstreeks 1392 opdracht de stad, in een versterkte vorm, meer landinwaarts te herbouwen. De “nieuwe” stad heeft een rechthoekige vorm met zijden van 370 bij 240 meter. Een concept wat vergelijkbaar is met de vorm van een Romeins legerkamp. De stad is doorsneden met rechte straten en stegen. Een iets andere vorm van verdediging dan wij gewend zijn in onze vestigingsstad met lunetten.

Karakteristiek voor de armoedige tijd zijn de “muurhuisjes” welke later, toen de verdedigingsmuur zijn functie verloor, tegen de vestigingsmuur zijn gebouwd. In de kleine huisjes werden soms wel tot tien kinderen grootgebracht. Hieronder een opmerkelijke tekst welke we vonden bij ‘het Muurhuisje’ in de Zuiderwalstraat waar ‘vrijelijk naar binnen mag worden gegluurd’.

Rond half twee konden we genieten van een goed verzorgde lunch en wat van gedachten wisselen met elkaar.

De weergoden waren ons deze dag weer goed gezind al kwam er halverwege een weliswaar kleine zegen in de vorm van enkele regendruppels over ons heen. Echt nat zijn we er niet van geworden.

Elburg heeft een visserijverleden wat we konden terughoren in het enthousiasme waarmee vertellers hun verhaal ten gehore brachten. Visueel is dit enthousiasme ook aanwezig in de verscheidene gerestaureerde botters in de haven, de gerestaureerde scheepswerf en visafslag. Door deze botters worden de oude beroepen van weleer in stand gehouden. We begrepen dat een botter na 20 à 30 jaar weer aan restauratie toe is, zodat er altijd werk is om deze in de vaart te houden.

Elburgers zijn vissers, vaklui pur sang, met een passie voor hun oude beroepen. Uit de ondertonen in de verhalen van de vertellers kon je opmaken dat het afsluiten van de Zuiderzee, de Elburgers veel pijn heeft gedaan. Op de onderstaande foto krijgen we in de Visafslag uitleg over ‘de klok’ en zitten we klaar om te bieden.



Op weg naar huis wederom vertraging. Op de A12 liep het vast waardoor het verkeer op de A27 en A28 stil kwam te staan. Na ongeveer drie kwartier file, en het aanroepen van Gods naam in de verkeerde vorm door een enkeling, waren we rond kwart voor acht weer terug in Geertruidenberg, waarna iedereen, naar verwachting, voldaan weer huiswaarts keerde.

Samengevat: het idee van Mariëtte Verlaan om Elburg in een dagexcursie aan te doen was niet verkeerd en zal menigeen inspireren deze dag eens dunnetjes over te doen. Zij het dan met bezoeken aan de musea, de vele winkeltjes en de smederij die we nu vanwege de tijd hebben moeten overslaan.



Op www.oudheidkundige-kring-geertruidenberg.nl zijn nog veel meer foto’s van de excursie te bewonderen.

Zo zat hij onlangs nog in ons midden, nors kijkend omdat hij niet de aandacht kreeg die hij wenste, en dan plotseling oplevend als hem de vraag gesteld werd: ‘en Janus, wat denk jij daarvan?’. Meestal volgde dan een tirade op al die lieden die meenden ergens verstand van te hebben maar dat, volgens Janus, zeker niet hadden. Hij had zo zijn eigen ideeën, die Janus.

Janus valt moeilijk weg te denken uit het straatbeeld van het oude stadje, dat hij zo in zijn hart gesloten had. Ondanks zijn gemopper zegevierde gelukkig toch zijn vele goede eigenschappen, zoals zijn opofferings-gezindheid, zijn werklust en bereidheid om altijd het zwaarste werk op zich te nemen, zijn magnifieke opgravingskunst en zijn trouw. Eigenschappen die er niet om logen en dan ook met een Koninklijke onderscheiding werden beloond. Een onderscheiding die Janus gelukkig maakte en waar hij terecht bijzonder trots op was. Het geeft mij persoonlijk een goed gevoel dat ik heb mogen meewerken om Janus voor te dragen de eer te geven die hij zo verdiende.

Jarenlang werkten wij schouder aan schouder in de loopgraven van de Bergse archeologie; hoeveel kubieke meters grond we in die tijd hebben verzet valt niet meer te zeggen. Daar ging het ons overigens ook niet om, slechts het doel telde: zoveel mogelijk bewijsmateriaal vinden om de Bergse geschiedenis te staven en anderen in die verworven kennis te laten meedelen.

Het was ondenkbaar dat er zonder Janus in Geertruidenberg een opgraving zou plaats vinden en toch is het zover gekomen. Ten eerste zette een kortzichtige overheid door een onbegrijpelijke regelgeving mensen als Janus buitenspel en uiteindelijk was het de dood die hem uit ons midden wegnam. Wij allen zullen hem herdenken als een man waar nimmer nodeloos een beroep op werd gedaan. Trouw als hij was, betekende hij voor onze Kring, evenals voor andere verenigingen, een grote steunpilaar.

Janus, rust in vrede.
Bas Zijlmans (erevoorzitter), oktober 2013


Janus van Beek (1930-2013) Tekening: John van Iersel



OKG TENTOONSTELLING 2013 ENORM SUCCES


Het bestuur ziet terug op een bijzonder geslaagde activiteit. Vanaf de opening op zaterdag 29 juni tot de laatste openingsdag, die samenviel met de Open Monumentendag op 14 september jl. zijn maar liefst 4.500 bezoekers geteld. In dit succes deelt ook de Culturele Commissie van de Geertruidskerk die bij haar jaarlijkse zomeropenstellingen nog nooit zoveel bezoekers hebben ontvangen. Het gastenboek van deze tentoonstelling van onze Kring levert een bonte verzameling op van allerlei lovende woorden, welgemeende bewondering waaruit het respect voor de waardevolle cultuur-historische betekenis van de industriële ontwikkeling voor Geertruidenberg spreekt.

Onze fotograaf, Wim van Alphen, heeft van de allerlaatste bezoekers op 14 september jl. een kiekje geschoten; laatste bezoekers zijn geweest, de heer en mevrouw Van Elswijk uit Raamdonksveer (foto).



Heel bijzonder was het bezoek van mevrouw B. Wolff-Mulder uit Etten-Leur. Zij is de weduwe van het bij de ontploffing in 1974 van NECOF omgekomen personeelslid Wolff. Het was zowel voor onze ere-voorzitter, Bas Zijlmans, als voor mevrouw Wolff een zeer speciaal moment om de kennismaking tussen beiden door Wim van Alphen te laten vastleggen (onderstaande foto).



De tentoonstelling bood haar informatie over de gebeurtenis, die zij nog niet eerder vernam. Ook haar dochter die ten tijde van het ongeval, haar vader als 5-jarig meisje verloor, was diep onder de indruk.

Wie je ook spreekt, men vindt het jammer dat de tentoonstelling er niet meer is. Daarom zoekt het bestuur nog naar een passende locatie om de OKG tentoonstelling ‘Industrieel erfgoed Geertruidenberg’ permanent voor het voetlicht te brengen. Overigens, de tentoonstelling is verre van een complete inventarisatie. Er is een succesvolle nieuwe activiteit ontwikkeld, waarmee de nauw betrokken kringleden met veel enthousiasme nog lang doorgaan. Het navorsen van historische feiten, het inwinnen van informatie en het zoeken naar foto’s van verdwenen oude bedrijven, ambachten en bedrijvigheid kent geen einde. Met andere woorden: wordt vervolgd.


Verslag: Joke Serraris

Foto’s: Wim van Alphen


Gelezen in nieuwsbrief Geertruidenberg 800 jaar stad “Sinds de opening op 29 juni kwamen maar liefst 4500 geïnteresseerden naar de monumentale kerk: een geweldig resultaat. De kunstcommissie van de Geertruidskerk en de Oudheidkundige Kring Geertruydenberghe hebben daarmee een bijzonder waardevolle bijdrage geleverd aan de viering van 800 jaar stadsrechten.”


SUCCESVOLLE LANCERING CANON VAN GEERTRUIDENBERG


Op donderdag 19 september vond de lancering van de door onze Kring ontwikkelde Canon van Geertruidenberg plaats.

Dit gebeurde in De Schattelijn en werd door een kleine 75 personen bijgewoond. De Canon is het afgelopen jaar door een speciale werkgroep ontwikkeld zowel qua techniek als in tekst en beeld. Voor de techniek tekenden Cees en Eric Kerst. Zij hebben kans gezien een zeer gebruiksvriendelijke site op te zetten. Onder aanvoering van Ans Spee zijn voorts de vele honderden pagina’s tekst geschreven en van fotomateriaal voorzien. Van de 40 vensters zijn er al 30 op de site te bewonderen en de komende maanden zullen de laatste tien volgen. De lancering vond plaats tijdens de maandelijkse lezing van de Oudheidkundige Kring. De bezoekers luisterden aandachtig naar de presentaties en de lezing over de Stadsrechten in Nederland. Dr. Joost Cox, die gepromoveerd is op dit onderwerp, belichtte het ontstaan en de betekenis ervan voor de burgers. Na het 1e deel van zijn betoog nam Patrick Timmermans, directeur van Erfgoed Brabant, het woord en ging in op de functie en het nut van een Canon. Hij wees ook op het bestaan van de Canon van Brabant en gaf aan dat er mogelijk koppelingen te maken zijn naar de Canon van Geertruidenberg.





Lanceringsteam Canon (foto: Jan Domenie)
Na zijn betoog startte het aftellen van de lancering en waren het: wethouder Lida Verschuren, Jan van Strien, namens de volwassenen, Nick Fleischmann (OKG-lid), namens de leerlingen van het voortgezet onderwijs en Tjebbe Wijnmaalen (OKG-lid), namens de leerlingen van het basisonderwijs, die met een druk op de knop de Canon in werking stelden. De Canon is nu voor ieder te zien op www.canon-geertruidenberg.nl.

Loco-burgemeester Ruud van den Belt bedankte vervolgens de Oudheidkundige Kring voor alle inspanningen om zo’n Canon tot stand te brengen. De Canon bestaat immers uit niet minder dan 40 vensters en daar is meer dan een jaar aan gewerkt.

Vervolgens gaf Ans Spee een uitleg van de systematiek van onze Canon. Ans wees op de diverse lagen van de Canon en op de functionaliteit van die lagen. Verschillende prachtige beelden verschenen op het scherm en met een warm applaus werd de belangstelling voor de Canon onderstreept. Na de pauze vervolgde Joost Cox zijn presentatie over de stadsrechten en ging nog nader in op de specifieke privileges die er in de stadsrechten van Geertruidenberg stonden vermeld.
Verslag: Cock Vrijenhoek
Gelezen in nieuwsbrief Geertruidenberg 800 jaar stad “Van harte aanbevolen! Een knappe prestatie van de Oudheidkundige Kring ‘Geertruydenberghe’ en een waardevolle educatieve bijdrage aan 800 jaar stadsrechten.”



Bezoek aan atelier Joep Struyk, beeldhouwer van het monument ‘800 jaar stad’


Op 15 augustus 2013 heeft een kleine delegatie van de Oudheidkundige Kring, op uitnodiging van de beeldhouwer Joep Struyk, een bezoek gebracht aan zijn atelier aan de Houtse Heuvel 29 te Den Hout.

Joep is de ontwerper en maker van het ‘800 jaar stad’ kunstwerk dat geplaatst en onthuld is, aan het einde van de Venestraat, richting Stadsweg, en recht doet aan acht eeuwen geschiedenis van Geertruidenberg en haar toekomst. Hij is opgeleid als restauratie-steenhouwer en beeldend kunstenaar aan de Kunstacademie van Antwerpen.

Ten tijde van het bezoek was het kunstwerk nog in zijn atelier en nog niet helemaal gereed. Met bewondering werd geluisterd naar zijn uitleg over hoe hij tot het ontwerp van dit kunstwerk is gekomen en hoe hij het kunstwerk heeft vervaardigd.

Het kunstwerk bestaat uit twee Belgisch hardstenen torens. De torens zijn geïnspireerd op de stompe toren van de Geertruidskerk aan de Elfhuizen, zijn ongeveer drie meter hoog en hebben een basisvlak van ruim één vierkante meter.

De ene toren (zie foto’s) heeft als naam ‘Toren van de Geschiedenis’ en vertelt de historie van de stad sinds 1213 middels uitgebeitelde teksten. De andere is de ‘Toren van de toekomst’ en is een over de lengte aan vier zijden, gekloofde steen. Elke zijde ervan staat iets uit het lood. Het is een abstracte zuil die de nog onbekende toekomst symboliseert.



De bezoekers kregen nog een demonstratie hoe de smeedstalen ankers in het kunstwerk aangebracht worden evenals het beeldhouwen van de teksten.

Hierna was er gelegenheid in de tuin andere werken van Joep te bewonderen. Overigens exposeerde Joep nog tot half september 2013 met diverse werkstukken in de Geertruidskerk aan de Elfhuizen in Geertruidenberg.

Tot slot volgde nog een gezellig samenzijn, tijdens welke de secretaris Chris van den Heijkant van de gelegenheid gebruik maakte om de familie van Joep Struyk, namens de Oudheidkundige Kring te bedanken voor de gastvrijheid en uitgebreide informatie die de aanwezigen mochten ontvangen.

Verslag: Chris van den Heijkant

Foto’s: Jan Domenie



DIVERS NIEUWS


Ledenvaria

Overleden:

Dhr. A. van Beek, Geertruidenberg

Mevr. A. Roest-Nelis, Geertruidenberg

Nieuwe leden:

Dhr. A. Anemaat, Geertruidenberg

Dhr. J. Fleischmann, Geertruidenberg

Dhr. W. van Gils, Made

Dhr. Ir. J. Kommers, Raamsdonksveer

Mevr. J. van der Ploeg, Geertruidenberg

Dhr. P. van der Ploeg, Geertruidenberg

Mevr. A. Venderbos-Blijlevens, Geertruidenberg

Dhr. T. Wijnmaalen, Geertruidenberg
Over het kunstwerk en de Venepoort

In diverse publicaties die onlangs verschenen in regionale nieuwsbrieven en kranten wordt ten onrechte beweerd dat het nieuwe kunstwerk staat op de plaats van de voormalige Venepoort. Dat is pertinent niet juist. De stad was binnen de stadsmuren veel kleiner. De muur liep bij de Meistraat en daar hield de Venestraat ook echt op. Uit archeologische onderzoek van onze Kring, is jaren geleden vastgesteld, dat de Venepoort, anno 1213, zich bevond ter hoogte van de Meistraat onder het wegdek van de huidige Venestraat. Ik hoop dat wij dit hardnekkige misverstand als deskundige historische vereniging kunnen rechtzetten.



Onderhoud en restauratie van molens


De komende jaren zullen naar verwachting zeker vijftien Brabantse molens gerestaureerd kunnen worden. De provincie heeft een subsidie van 3,4 miljoen euro beschikbaar gesteld voor achterstallig onderhoud. Sinds april is er bovendien een speciale molenconsulentie die eigenaars van molens helpt om andere fondsen aan te boren voor de restauratie. "Particuliere moleneigenaren weten vaak niet de weg in het woud van regels en instanties die gaan over het aanvragen van subsidies”, aldus Marloes van de Hei, molenconsulente.

Brabant telt 131 molens. Samen hebben ze een achterstand in onderhoud van naar schatting zeven miljoen euro. De molenconsulente heeft inmiddels veertig moleneigenaren een bericht gestuurd met de vraag of ze in aanmerking willen komen voor een fikse bijdrage in de kosten van restauratie. De provincie betaalt zeventig procent van de kosten. De eigenaar moet zelf of via derden dertig procent bij elkaar brengen. "Dertig molenaars hebben gereageerd op de oproep. Er is dus veel interesse."

Bron: Erfgoedstem / Omroep Brabant
Dagexcursie van Stichting BRIE

Stichting Brabants Industrieel Erfgoed nodigt u graag uit voor de dagexcursie Van-Leer-tot-Schoen-arrangement op donderdag 7 nov. a.s. in samenwerking met museum ‘De Looierij’ in Dongen en schoenenfabriek ‘DUREA’ in Drunen (vervoer op eigen gelegenheid).

Het programma ziet er als volgt uit: 10.00 uur Ontvangst en koffie/thee in museum ‘De Looierij’, Kerkstraat 33, 5101 BB Dongen. Tijdens een rondleiding door het museum krijgt u uitleg over het proces van leerlooien en waarom juist deze industriële tak in relatie tot het landschap in de omgeving van Dongen zo kon uitgroeien. De laatste uitbreiding in het museum richt zich vooral op het landschap waarin de nederzetting Dongen is ontstaan en hoe de industriële leerlooierij zich daarin kon ontwikkelen. 12.00 uur Lunch in het museum.

13.30 uur Bezoek aan schoenenfabriek ‘DUREA BV’, Thomas Edisonweg 1, 5151 DH Drunen.

Aan de hand van een videopresentatie krijgt u uitleg over het ontstaan en de groei van de schoenenfabriek tot in deze tijd. Daarna maakt u een rondgang door de fabriek zodat u kennis kunt maken met het verwerkingsproces van leer tot damesschoen. Het specialisme in het productieproces en de logistieke keten daarna zijn zeer interessant. 16.15 uur Afsluiting met een drankje. Kosten: € 29,50 pp (overmaken op rekeningnr. 10.38.08.396 t.n.v. Stichting Brabants Industrieel Erfgoed o.v.v. “Leer-arrangement 2013”). Aantal personen opgeven via: brabantsindustrieelerfgoed@gmail.com.
Dag van de Brabantse Volkscultuur

De Dag van de Brabantse Volkscultuur vindt plaats op 9 november a.s. in Hoogstraten met als thema ‘Dagelijks leven in Brabant (Noord-Brabant, Antwerpen en Vlaams-Brabant)


tijdens de Eerste Wereldoorlog’. Aanmelden voor de studiedag: info@erfgoedbrabant.nl o.v.v. Studiedag Volkscultuur of tel. +31 73 6156262. De kosten bedragen € 20 per persoon voor leden van HVB en de heemkundekringen en hun partners. Het bedrag is inclusief koffie, thee, ontvangst en warme lunch. Meer info:

www.erfgoedbrabant.nl; aanmelden is verplicht.
Nationaal Monumentencongres

Het Nationaal Monumentencongres is de jaarlijkse bijeenkomst voor iedereen die professioneel actief is op het gebied van monumentenzorg, toerisme, gebieds-ontwikkeling, herbestemming, architectuur en vastgoed. Met meer dan 600 deelnemers in 2012 is het congres de plek voor actuele kennis en netwerk. Het congres vindt plaats op donderdag 14 november a.s. van 9:30 u. -16:30 u. in ‘De Koepelhal’ in Tilburg (vlakbij het station). Kijk voor het programma en kaarten op www.nationaalmonumentencongres.nl.



Uitnodiging Erfgoedcafé 21 november 2013

De Monumentenfederatie Noord-Brabant is de provinciale koepel van tien wakkere vrijwilligersorganisaties op het gebied van Erfgoed en Monumenten. Verspreid over de provincie wordt jaarlijks vier keer een Erfgoedcafé georganiseerd voor alle spelers in het Brabantse Erfgoedveld: vrijwilligers, professionals en bestuurders. Een inhoudelijke discussie met een spreker van naam op een bijzondere locatie met daarna een borrel: dát is een Erfgoedcafé.

Het vierde Erfgoedcafé heeft het thema: ‘Herbestemming van industrieel erfgoed’ en biedt een presentatie door Ben ten Hove over het KVL-complex (Koninklijke Verenigde Leder) te Oisterwijk. Hij heeft voor het monumentale gedeelte van het KVL-complex een transformatieconcept ontwikkeld: ‘Ambachts-plaats voor creativiTIJD, dromen en pionieren’. Ben ten Hove zal het concept en de totstandkoming toelichten. Daarnaast zal hij ingaan op de keuzes die gemaakt zijn, de eventuele valkuilen van dit concept en de ‘beren op de weg’ of problemen die hij ondervonden heeft. Ook zal de relatie tussen het historische gedeelte en het omringende te ontwikkelen gebied aan de orde komen.

Programma: 19.00 uur Inloop met koffie en de mogelijkheid een rondleiding te volgen langs de Stoommachine in het Ketelhuis. De rondleiding begint om 19.00 uur.

20.00 uur Opening Erfgoedcafé door Johan Hendriks, voorzitter van de Monumenten-federatie Noord-Brabant; 20.05 uur Presentatie BEWEGING = KRACHT door Ben ten Hove.

20.50 uur Pauze; 21.20 uur Debat en conclusie; 22.00 uur Erfgoedborrel

Locatie: ‘Het Ketelhuis’ op het KVL-fabriekscomplex, Almijstraat 14 te Oisterwijk. Deelname is kosteloos. Aanmelding is verplicht: www.monumentenfederatienoordbrabant.nl.
Cursusseizoen Regionaal Archief Tilburg

Het archief heeft jarenlange ervaring in het geven van cursussen. Deelnemers gaan zelf, meest digitaal, op zoek in historische bronnen en kunnen voor een groot deel zelf invulling geven aan hun zoektocht. Het eindresultaat is vaak dat een deel van de eigen geschiedenis onderzocht en beschreven is.



Oud Schrift voor gevorderden

december 2013 – maart 2014 / 6 bijeenkomsten


woensdag 14.00 – 16.00 uur
Familiegeschiedenis
februari – juni 2014 / 2 bijeenkomsten (let op: één cursusdag in Den Bosch en één in Tilburg)
zaterdag en digitale studiebegeleiding
i.s.m. Brabants Historisch Informatie Centrum  

Onderzoek je woonomgeving
maart - april 2014 / 4 bijeenkomsten
donderdag 14.00 – 16.00 uur
Oud Schrift voor beginners
april – juni 2014 / 6 bijeenkomsten
woensdag 14.00 – 16.00 uur
Info/Inschrijven: www.regionaalarchieftilburg.nl > educatie > cursussen. Locatie: Regionaal Archief Tilburg, Kazernehof 75, 5017 EV Tilburg
Nieuwsbrief Geertruidenberg 800 jaar stad

Wist u dat….

- Voor het feestjaar ‘Geertruidenberg 800 jaar stadsrechten’ zo’n 45 verenigingen, stichtingen en instellingen uit de gemeente de agenda van 2013 hebben gevuld met allerlei activiteiten en evenementen;

- Er voor het organiseren van die activiteiten en evenementen binnen elk van die organisaties door tientallen vrijwilligers werk verzet is of nog wordt;

- Honderden vrijwilligers uit de drie kernen van onze gemeente zich dus inzetten voor een feest waarvan velen genieten;

- Alles financieel mogelijk is door spontane bijdragen van zo’n 60 sponsoren;

- Het alles bij elkaar een fantastische prestatie is die veel waardering verdient;

- Daar tijdens de afsluiting van het feestjaar op za. 14 december a.s. aandacht voor zal zijn!


Brochure ‘Archeologische monumenten’

De brochure ‘Archeologische monumenten’ is onlangs uitgegeven door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Daarin staat veel nuttige


informatie voor eigenaren, beheerders en gebruikers van (rijks) monumenten. Ook leest u tips voor bescherming en beheer, subsidie-mogelijkheden en vergunningprocedure. Voor vragen over archeologische monumentenzorg kunt u terecht bij Anne-Marie Visser (tel. 0162 - 511833, bereikbaar op maandag, donderdag en vrijdag, am.visser@monumentenhuisbrabant.nl).
Data komende lezingen

19 december: Dhr. C. Knoop (Made, lid van onze Kring) “De Linie van Den Hout”.


Sluitingsdatum kopij ‘Mededelingen’

25 november a.s.







- -




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina