Vachtkleur bij ijslandse paarden Januari 2007



Dovnload 44.7 Kb.
Datum23.08.2016
Grootte44.7 Kb.
Vachtkleur bij IJslandse paarden


Januari 2007


1. Inleiding

Een bekende uitspraak in de IJslandse paarden wereld is ‘een goed paard heeft geen kleur’. Toch is fokken op kleur een speciaal item in de IJslander fokkerij en voor een leuk (zeldzaam) kleurtje wordt dat ook regelmatig vele honderden tot duizenden euro’s meer betaald dan voor het meer voorkomende zwartbruin, bruin of vos.

Alle kleuren mogen voorkomen bij IJslandse paarden, maar de kleuren en combinaties van kleuren die regelmatig voorkomen zijn:

De basiskleuren bruin, zwart en vos. Verdunningen van de basiskleuren zoals palomino/isabel valk, smoky, cremello, perlino en smoky cream.

Een aantal patronen van witte haren zoals grijs (schimmel), platenbont (panterbont komt niet voor bij ijslanders), splashed white en roan.

Verder nog de kleur zilverappel en verschillende wildkleuren waaronder de kleur muisgrijs.


2. Basiskleuren

De basiskleuren zijn Zwart(bruin), bruin en vos. Van deze drie kleuren zijn er eigenlijk slechts 2 een echte kleur te noemen (zwart en vos). De andere ‘kleur’ (bruin) is een patroon.

Zwart, bruin en vos zijn de meest voorkomende kleuren bij IJslandse paarden. Alle andere kleuren worden gevormd door verschillende aanpassingen aan deze drie basiskleuren. Een van deze kleuren vormt dus altijd de basis voor de vele andere kleuren die de paarden kunnen hebben.

Bruin: dit zijn paarden met een roodbruine vachtkleur en zwarte lichaamsuiteinden (staart, manen, onderbenen en oorranden) oftewel ‘points’.

Zwart: deze paarden hebben een zwarte vacht. Ook de points zijn zwart. Vaak bezitten deze dieren wat lichtere haren op de neus en de flanken, waardoor ze vaak niet als zwart benoemd worden, maar als een soort bruin. Zwartbruin is een term die veel gebruikt wordt. Maar vanuit genetisch oogpunt worden de dieren met enkele lichtere haren wel zwart genoemd.

Vos: de paarden hebben een rode kleur zonder zwarte points. Het rood kan veel verschillende tinten hebben. Van zeer donker tot vrij licht.

2.1 Agouti en Extension locus
Genetisch worden deze 3 kleuren gevormd door twee loci: het Agouti (A) locus en het Extension (E) locus. Door interactie van deze twee loci worden de drie basiskleuren gevormd:
Extension locus: Zwart.

Het allel E geeft zwarte haren. Dit kan zowel geheel zwarte vacht zijn, of slechts zwarte haren op de points. Het recessieve allel e geeft geen zwarte haren maar wel een zwarte huid. Het pigment veroorzaakt door allel e geeft een rode haarkleur.





De rode vachtkleur
Agouti locus: Verdelingspatroon van zwarte haren.

Het allel A zorgt voor zwarte haren op de lichaamsuiteinden in combi met het allel E. Het allel a beperkt de uitbreiding van zwarte haren niet en geeft dus in combinatie met het E allel een geheel zwarte vacht. Dit a allel is zeldzaam waardoor er weinig paarden echt zwart zijn. De allelen A en a beïnvloeden de pigment(verdeling) in vossen (ee) niet omdat het Ee in homozygote toestand (ee) epistatisch is over de allelen op het agouti locus.







EEEE

EEEe

EeEe

AAAA

Bruin

Bruin

Vos

AAAa

Bruin

Bruin

Vos

AaAa

Zwart

Zwart

Vos

Tabel 1: fenotypen bij de interactie van de allelen op het A en E locus.

2.2 Dominant zwart
Op het extension locus ligt ook een relatief zeldzaam allel: dominant zwart ED. Dit allel geeft een zwarte kleur, ongeacht het Agouti genotype. Het dominant zwarte allel is wel iets ‘zwakker’ dan het Agouti zwart. Hierdoor zijn de paarden met ‘dominant zwart’ eigenlijk donker bruin in plaats van echt zwart.

2.3 Modificaties van de basiskleuren
Shade: Dit is vooral duidelijk bij bruine en voskleurige paarden. Het zorgt voor de donkerdere en lichtere varianten van de bruine en voskleurige dieren. Het is een complex, multifactorieel mechanisme.

Sooty: Dit is de aanwezigheid van zwarte haren tussen de andere haren in de vacht. Het genetische mechanisme is ingewikkeld en nog niet goed beschreven.

Mealy: Dit is de aanwezigheid van lichte (lichtrood of gelig) gebieden onder de buik, in de flanken, achter de elleboog, op de neus en rond de ogen. Dit kan voorkomen bij elke kleur. Het wordt wel meelsnuit genoemd. In het spaans wordt het pangaré genoemd. Omdat het in spaans amerika het eerst beschreven is, wordt het locus aangeduid met Pa. Het dominante allel wordt aangegeven met Pa+. Het niet dominante allel wordt aangeduid met Panp.

3. Kleuren gevormd vanuit een van de basiskleuren

De kleuren die worden gevormd vanuit de basiskleuren zijn bijna allemaal bleke kleuren. Verschillende loci spelen hierbij een rol.
Dilution of Dun locus: Pigment verdunning en wildkleur.

Het dominante allel Dn+ geeft een verdunning van alle kleuren, maar niet van de lichaamsuiteinden. Rode vacht wordt verdund tot roze of geel, een zwarte vacht wordt verdund tot muisgrijs. Bovendien zorgt het voor het voorkomen van een aalstreep, zebrastrepen op de hakken en carpus of een schouderkruis; de wildkleur. In homozygote toestand veroorzaakt het geen extra verdunning tot een nog blekere variant van de basiskleur. Paarden zonder het Dn+ allel zijn homozygoot voor het non-dun allel Dnnd.







DnndDnnd

Dn+ .

AA . EE .

Bruin

Wildkleur bruin

. . EeEe

Vos

Wildkleur vos

AaAa EE .

Zwart

Wildkleur zwart

Tabel 2: wildkleuren veroorzaakt door het Dun locus




Drie wildkleuren naast elkaar

Albino locus: Pigment verdunning.

Het allel Ccr is incompleet dominant en zorgt voor verdunning of verdwijning van het pigment. Volledig gepigmenteerde paarden zijn CC. In heterozygoten CCcr wordt rood verdund naar geel, maar zwart wordt meestal niet zichtbaar beïnvloed. Een bruine wordt door dit verdunningsallel valk omdat de rode vacht veranderd in geel, maar de lichaamsuiteinden nog wel zwart blijven. Een zwart paard kan het verdunningsallel dragen zonder dat dit tot uitdrukking komt. Dit is meestal het geval. Maar het kan ook gebeuren dat de werking van dit verdunningsallel toch zichtbaar is en er een grijsblauwige kleur ontstaat. Deze kleur wordt smoky genoemd. Hierbij zijn de points altijd nog zwart. Een vos wordt met het verdunningsallel palomino/isabel. Homozygoot CcrCcr beïnvloed elke haarkleur, en verdunt deze kleur nog verder dan een heterozygoot CCcr. Hierdoor ontstaat een zeer lichte crème kleur met roze huid en blauwe ogen (cremello, perlino of smoky cream). Het onderscheid tussen deze laatste drie kleuren wordt gemaakt op basis van de kleur van de points waarbij smoky cream de donkerste points heeft en cremello de lichtste.





CC

CCcr

CcrCcr

AA . EE .

Bruin

Valk

Perlino

. . EeEe

Vos

Palomino/Isabel

Cremello

AaAa EE .

Zwart

Smoky

Smoky cream

Tabel 3: verdunde kleuren veroorzaakt door het albino locus.




Valk

Zilverappel locus: Zilverappel

Het dominante allel ZZ beïnvloed zwart pigment, maar niet het rode pigment van voskleurigen. Zwarte paarden veranderen door dit allel in ‘chocolate silver’ en ‘blue silver’ oftewel zilverappel zwart, en bruine paarden in ‘red silver’ oftewel zilverappel bruin. Hierbij krijgen de dieren dus lichte points.



Een zwarte zilverappel merrie met haar veulen

4. Patronen van witte haren in combinatie met de basiskleuren

Patronen van witte haren in combinatie met de basiskleuren of een variant daarop komen voor in twee grote groepen. De ene groep zijn de patronen die gevormd worden door witte haren die individueel gemengd zijn tussen de gepigmenteerde haren. De andere groep bestaat uit patronen waarbij grotere vlakken bestaan uit slechts witte haren terwijl andere vlakken gepigmenteerde haren bevatten.

4.1 Witte haren gemengd tussen gepigmenteerde haren
Grey locus: Grijs (schimmel).

Dit is het meest voorkomende patroon gevormd door individuele witte haren tussen gepigmenteerde. Het ontstaat door het dominante allel GG. Dieren worden geboren met een kleur maar veranderen langzaam naar grijs of wit als ze ouder worden. De huid en ogen zijn altijd gepigmenteerd, in tegenstelling tot die bij witte paarden.




Jonge schimmel merrie

Roan locus: Roan.

Dit is een vrij zeldzame variant. Hierbij bestaan gekleurde en witte haren in de vacht door elkaar. Het dominante RnRn allel kan dit veroorzaken in combinatie met alle vachtkleuren. Homozygoot RnRn leidt tot vroeg-embryonale sterfte.

4.2 Witte haren die voorkomen in grotere vlakken
Tobiano locus: Platenbont.

Het ToT allel is dominant en geeft een patroon van witte onderbenen en verticaal georiënteerde witte vlekken met hieronder een roze huid en kan voorkomen in combinatie met elke kleur. Het hoofd is nagenoeg altijd gekleurd en de ogen zijn bijna altijd donker. Compleet witte paarden met slechts een gepigmenteerd hoofd kunnen voorkomen.




Rood platenbont

Splashed white.

Het allel SplS is dominant en geeft de kleur splashed white, waarbij het hoofd, de benen en buik wit zijn. De overgang van kleur naar wit is meestal erg scherp. Ook dit kan voorkomen in combinatie met elke andere kleur. Hoewel het nog niet goed onderzocht is lijkt het zo te zijn dat homozygoten compleet wit zijn. Veel splashed white paarden zijn doof.
White locus: Wit.

Slechts een beperkt aantal paarden worden compleet wit geboren. In aanwezigheid van het dominante allel WW missen de dieren pigment in haar en huid. De huid is roze, haren wit, de ogen donker. Dit dominante allel is lethaal in homozygote toestand.



Bijlage
Overzicht van de belangrijkste allelen die de kleur bepalen bij het paard.

Alleles and Actions of Horse Coat Color Genes


Gene

Alleles

Observed Effect of Alleles in Homozygous and Heterozygous Condition

W

W

w

WW: Lethal

Ww: Horse typically lacks pigment in skin, hair and eyes and appears to be white.

ww: Horse is fully pigmented.

G

G

g

GG: Horse shows progressive slivering with age to white or flea-bitten, but is born any non-gray color. Pigment is always present in skin and eyes at all stages of silvering.

Gg: Same as GG.

gg: Horse does not show progressive silvering with age.

E

E

e

EE: Horse has ability to form black pigment in skin and hair. Black pigment in hair may be either in a points pattern or distributed overall.

Ee: Same as EE.

ee: Horse has black pigment in skin, but hair pigment appears red.

A

A

a

AA: If horse has black hair (E), then that black hair is in points pattern. A has no effect on red (ee) pigment.

Aa: Same as AA.

aa: If horse has black hair (E), then that black hair is uniformly distributed over body and points. A has no effect on red (ee) pigment.

C

C

Ccr

CC: Horse is fully pigmented.

CCcr: Red pigment is diluted to yellow; black pigment is unaffected.

CcrCcr: Both red and black pigments are diluted to pale cream. Skin and eye color are also diluted.

D

D

d

DD: Horse shows a diluted body color to pinkish-red, yellow-red, yellow or mouse gray and has dark points including dorsal stripe, shoulder stripe and leg barring.

Dd: Same as DD.

dd: Horse has undiluted coat color.

TO

TO

to

TOTO: Horse is characterized by white spotting pattern known ads tobiano. Legs are usually white

Toto: Same as TOTO

toto: No tobiano pattern present.


Literatuur:
1. Björnsson Gísli B, Sveinsson Hjalti Jón : Íslenski Hesturinn. Mál og menning, Reykjavík 2004
2. Sponenberg D. Phillip : Equine color genetics. Iowa state press, Ames 2003
3. http://www.vgl.ucdavis.edu/~lvmillon/coatcolor/coatclr3.html



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina