Van Deloitte belastingadviseurs



Dovnload 8.21 Kb.
Datum20.08.2016
Grootte8.21 Kb.
Van Deloitte belastingadviseurs
In het beleidsbesluit van 24 juni 2009, nr. CPP2009/773M, Stcrt. nr. 124 werd met toepassing van de hardheidsclausule goedgekeurd dat op verzoek geen overdrachtsbelasting werd geheven bij de verkrijging van onroerende zaken door een juridische fusie of taakoverdracht tussen ANBI’s of tussen verenigingen. Aan het goedkeurende beleid waren voorwaarden verbonden. Dit besluit is met ingang van 1 januari 2010 ingetrokken. Een en ander omdat de vrijstelling thans is geregeld in een nieuw artikel 5d van het Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer. Daarin is aangegeven onder welke voorwaarden de vrijstelling van artikel 15, eerste lid, onderdeel h, van de Wet op belastingen van rechtsverkeer van toepassing is bij een juridische fusie of taakoverdracht tussen twee of meer algemeen nut beogende instellingen (hierna: ANBI’s) of verenigingen als bedoeld in artikel 6.33, eerste lid, onderdelen b en c, van de Wet inkomstenbelasting 2001. De vrijstelling geldt ook voor een juridische fusie of taakoverdracht tussen een ANBI en een vereniging, tussen meerdere ANBI’s, tussen meerdere verenigingen of tussen meerdere ANBI’s en verenigingen.

 

Vanaf 1 januari 2010 kan men zich rechtstreeks op de wettelijke vrijstelling beroepen en behoeft er geen goedkeuring meer te worden aangevraagd. Het blijft aan te bevelen voorafgaand aan de overdracht met de inspecteur af te stemmen of hij instemt met de toepassing van de vrijstelling.



 

Voorwaarden

De voorwaarden voor toepassing van de vrijstelling zijn er op gericht dat het vermogen (inclusief eventuele reserves) beschikbaar blijft voor activiteiten in de sfeer van het algemeen nut of voor de verenigingsactiviteiten.

 

De vrijstelling geldt uitsluitend voor de verkrijging van onroerende zaken in het kader van een juridische fusie of taakoverdracht. Van een taakoverdracht is slechts sprake als er een taak in de sfeer van het algemeen nut of in het kader van de verenigingsactiviteiten wordt overgedragen. De vrijstelling is derhalve niet van toepassing indien de overdracht uitsluitend de exploitatie van onroerende zaken inhoudt. Een dergelijke, al dan niet op winst gerichte, exploitatie van onroerende zaken, waaronder de terbeschikkingstelling bij overeenkomst van huur, is (volgens de staatssecretaris) geen taak in de sfeer van het algemeen nut of in het kader van de verenigingsactiviteiten. De vrijstelling is evenmin van toepassing indien de onroerende zaken niet worden aangewend voor de overgedragen taak.


Bij de juridische fusie of taakoverdracht mogen commerciële factoren geen rol spelen. Dit betekent dat de verdwijnende ANBI’s of verenigingen geen uitkeringen uit hun vermogen mogen doen. Daarnaast mogen zij in geval van een taakoverdracht geen koopsom of andere prestaties bedingen. Een symbolische koopsom van € 1 is hierbij echter wel toegestaan. Ook is toegestaan dat op grond van publiekrechtelijke regelgeving een koopsom wordt bedongen ter grootte van ten hoogste de boekwaarde van het overgedragen vermogensbestanddeel.


ANBI-status

 Het ontmoet geen bezwaar als de in het kader van de juridische fusie nieuw opgerichte instelling op het moment van overgang nog niet over de ANBI-status beschikt. De instelling moet op het moment van overgang materieel wel aan de voorwaarden van artikel 6.33, eerste lid, onderdeel b, van de Wet inkomstenbelasting 2001 en de artikelen 41a tot en met 41d van de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 voldoen. Op het moment van overgang moet tevens al een beschikking bij de Belastingdienst zijn aangevraagd om als ANBI te worden aangewezen.

Voor de in het kader van de juridische fusie nieuw opgerichte vereniging geldt voor toepassing van de vrijstelling dat op het moment van overgang deze vereniging voldoet aan de voorwaarden van artikel 6.33, eerste lid, onderdeel c, van de Wet inkomstenbelasting 2001.

Verder ontmoet het geen bezwaar als een bestaande verkrijgende instelling, niet zijnde een ANBI, als gevolg van de juridische fusie of taakoverdracht materieel aan de voorwaarden als bedoeld in artikel 6.33, eerste lid, onderdeel b, van de Wet inkomstenbelasting 2001 en de artikelen 41a tot en met 41d van de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 gaat voldoen. De instelling moet in dat geval op het moment van overgang of overdracht al een beschikking bij de Belastingdienst hebben aangevraagd om als ANBI te worden aangewezen.

 

Vervallen vrijstelling

Als de verkrijgende instelling of vereniging niet als ANBI wordt aangewezen of binnen drie jaren na de juridische fusie of taakoverdracht niet meer aangemerkt wordt als een instelling of vereniging als bedoeld in artikel 6.33, eerste lid, onderdelen b en c, van de Wet inkomstenbelasting 2001 is de belasting die door toepassing van artikel 15, eerste lid, onderdeel h, van de Wet op belastingen van rechtsverkeer niet is geheven, alsnog verschuldigd.



 

De vrijstelling blijft echter van toepassing bij een opvolgende juridische fusie of taakoverdracht. Hierbij moet het wel gaan om een opvolgende juridische fusie met of een opvolgende taakoverdracht aan een instelling of vereniging die voldoet aan de voorwaarden van artikel 6.33, eerste lid, onderdelen b en c, van de Wet inkomstenbelasting 2001 en daarbij aan de overige voorwaarden wordt voldaan.



 

Slot

 De nieuwe regeling komt in grote lijnen overeen met het oude beleid. In deze samenvatting zijn niet alle voorwaarden en regels opgenomen. Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met uw belastingadviseur.



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina