Versie 12 februari 2017, 425. 909 woorden Versie 5 maart 2016, 422. 200 woorden



Dovnload 14.69 Mb.
Pagina14/147
Datum06.12.2017
Grootte14.69 Mb.
1   ...   10   11   12   13   14   15   16   17   ...   147

beschudder recht van naasting, verdediging

beschulden beschuldigen

beschuldigen met schulden bezwaren

bescouweren opzichters

bescudden beschermen, beveiligen. de schade voorkomen.

besegelde koffer afgesloten koffer

besepen bedruppeld

besette beslaglegging, verpanding

besetten bepleisteren

besetten (iet) iemands goed arresteren, gerechtelijk beslag daarop leggen

besieckheit melaatsheid

besiegelen van een zegel voorzien

besien, besje oude vrouw

besienre een stadsambtenaar, belast met het keuren

besje zie besien

beslaeghen in gebruik, bezet

beslaen beslagleggen, ook; door handslag bekrachtigen

beslaen (iet) iets inpakken

beslapen bij elkaar slapen als man en vrouw, ook; er nog een nacht over slapen

beslapen en trouw voltrokken en van het bijslapen gevolgd huwelijk

beslet belemmering

beslooten bank zie herenbank. ook; kerkbank voorzien van een deurtje

besluit bijzonder, afgesloten kamer of zaal

besluter slotenmaker, smid

besmetten onteren, schofferen, verkrachten

besneden tijd een nauwkeurig bepaalde tijd.

besnijden een vordering in rechten, inkorten

besnijdenis onzes Heren 1 januari

besnoeren beteugelen

besnollen bedriegen

besnuwd besneeuwd

besoign(e)eren arbeiden, werken, bezig zijn

besoigne zie besoigneren

besoigne een werk, bezigheid

besoigneren beraadslagen, vergaderen over iets

besperren (iet) aanspraak in rechte op iets maken, met het gevolg, dat dan de zaak tot de uitspraak in haar geheel blijven moet

bespieringe (sonder) onbelemmerd, zonder belemmering

bespringen aanvallen, attaqueren

besproken beloofd

bestaden uithuwelijken, in het huwelijk treden

bestadet zelfstandig

bestallen bezetten

bestayet in handen gesteld

besteden in het huwelijk treden

bestedynge aanbesteding

besteent ring waarin een steen is gezet

bestellen verzorgen, uitbesteden, maken

bestelling lastbrief

bestemoeder grootmoeder

bestemoer zie bestemoeder

bestendicht voortdurend, blijvend

bestenen jammeren

besterfnisse erfrecht.

besterven verstijven, verbleken maar ook; door vererving ten deel vallen

bestetter vervoerder, expediteur

bestevaar stamvader, grijsaard, grootvader

bestevader grootvader

bestey pastei

bestiaal het vee, beestenlijk (dierlijk)

bestiae beasts (deer or cattle, usually the former)

bestiael beestachtig

bestiael geldt belasting op vee

bestiaelen vee

bestiaelgelt zie beestsys

bestoor predikant, pastoor

bestorven lijkbleek wees geworden

bestorven siin van enen door de dood van iemand beroofd (benadeeld) zijn

besuchung Maria Maria ontvangenis, 2 juli

beswarenissen belasten met iets

besweeren onder een eed bevestigen

bet an der tijt tot aan de tijd dat

betaelt den lesten penninck metten eersten volledig betaald, kwijtingformule bij o.a. akte van eigendomsoverdracht

betagius a serf whose lord is a church or convent

bete biet, ook; het water waarin de leerlooiers hun vellen bereiden

beteeckeningen kentekens, kenmerken, bewijzen.

beterscap de meerdere waarde, die een zaak heeft dan de daarop rustende verbanden

beteult bewerkt

betide æs morgens vroeg

betiÙn (enen van iet) (iemand van iets) beschuldigen

betochtinge zie betuchtinge

betogen na bewijzen

betoghe vinden iemand bij vonnis in het gelijk stellen

betonen (iet) (iets) bewijzen, schriftelijk bewijs brengen

betooch bewijs.

betoon bewijsstuk, schriftelijk bewijs

betoonen ter waerheit met getuigen bewijzen

betpan beddenpan

betreckbaer die voor de rechter geroepen kan worden

betrecken (enen) iemand terecht doen staan

bettage biddagen, maandag tot woensdag na de 5e zondag na Pasen

betten met (warm) water besprenkelen

bettiecte beddetijk, bedovertrek

betuchtinge huwelijksgoed, douaire

betugen. door getuigen het bewijs van iemands schuld leveren. ook; een getuigenis tegen iemand afleggen

Betuwa Betuwe

beu verzadigd

beudel beul

beudum a table

beuk boek

beuker hamer om vlas te beuken. ook; vlasvlegel

beukhamer wapen in middeleeuwen, strijdhamer

beuling worst

beuren zie boeren

beuren in ontvangst nemen, heffen van rente

beurs geldbuidel, als heraldiekteken vaak voorgesteld met twee koorden

beurse beurs, geldbuidel

beutelaar iemand die kunsten vertoond op kermissen

beutelmacher leren buidelmaker

beuter imker

bevallen zijn zaak verliezen

bevallen (in iet) vervallen

bevanck deelgebied van een polder, rechtsgebied

bevanck (sonder) onbedwongen, vrij, zonder arglist

bevechten aanranden, aantasten, attaqueren, bespringen

beveler bevelgever

bevelijc verschrikkelijk

bevelinge hebben ( iet in ) iets in bewaring hebben

bevellen ten val brengen

bever a beaver (castor fiber)

beverinus, beverius of beaver

Beverovicum Beverwijk

Beverovicum Beverwijk

bevert bedevaart

bevogeden een voogd aanstellen over iemand

bevolkingsregister register waarin de bewoners van een gemeente, met naam en adres, etc. opgetekend zijn

bevordring bevordering

bevreyssemt puisterig, opgezwollen

bevrijden behoeden

bevrijen vrijwaren

bevrucht heraldiekteken, op schild weergegeven vruchten

bevrund verwant

bewaarde veilig

bewaarder bewaker

bewaarster verpleegster, vroedvrouw, baker

bewapenen (enen iet) verduisteren, aan iemands aanspraken zich door bedrog onttrekken

beweerd verdedigd

bewerp schets, ontwerp, patroon

bewerpe ontwerp van een akte welke goed gekeurd moet worden

bewijsen rente of hypotheek vestigen op een bepaalt stuk land

bewijskonst beargumenteren

bewimpelen verbergen

bewint omvang van een landbezitting, rechtsgebied, bevoegdheid

bewisen (enen iet) iemand iets aanwijzen.

bewisselijc bewijsbaar, ook; in rechte bewijsbaar

bewossen begroeid

bewroegen beschuldigen, aanklagen

bey beide

beyaerden de klokken luiden.

beyaert ziekenzaal, eetzaal in gasthuis

beyerman klokkenluider, kokkenspeler

bez. afk. bezirk, rayon, gebied, district

bezaaid heraldiekteken, een schild waarop meerdere gelijke tekens

beze bes


bezent hooggeschat

bezind bemind

bezirk rayon, gebied, district

bezucht vervloekt, ook; door erge ziekte gekweld

Bg afk. op huw. akte, bruidegom

biais biaisband, schuine strook;

bibatio drinking

biberagium beverage

biberia, biberrium an afternoon lunch, bever

bibina See biberia

bibis, cum suis error for vivis (?), livestock

bibletum a place where rushes grow

biblia bijbel

biblia bijbel

biblia sacra heilige schrift

biblia sacra heilige schrift

bibliopega (

bibliopega zie bibliopegus

bibliopegus boekbinder

bibliopola boekverkoper, boekhandelaar

bibliotheeq boekenkamer, boekkas

bibliven. "mit den live daerby blyven beloven het bewijs van een gedane aanklacht te leveren op straffe van verbeuren van het leven

bibona a spout

bibrengen (enen iet) iets aanbrengen, aangifte doen van iets

bibrenginge mededeling, betoog

bica a bees' nest; a beehive

bicarius a bee keeper

bickelaer steenhouwer

bicoca a turret

bicolore tweekleurig

bidasse soldaat

bidden, verzoeken, verzoek

bidellus a bedell a beadle

bidellus gerechtsdienaar, beulsknecht, pedel

biden slaan

bidens a pitchfork, volk, hooivork

bidripa See bedrepium

bidsnoer rozenkrans

bidster uitnodigster voor de begrafenis

bidua a female sheep from 1 to 2 years old, a gimmer

biduana a fast of two days

biduo op de tweede dag

biduum twee dagen

bie provicie bij voorlopige voorziening

biebuich bijenkorf

biedegelt het loon van den bode voor het doen een dagvaarding

bieden (enen) gebieden, voorschrijven

bieden mitten boeke iemand dagvaarden met het register, waarin de eisen worden opgetekend (als bewijs, dat de dagvaarding terecht geschiedt).

biekaar imker, bijenhouder

bieman zie biekaar

bien fonds vastgoed, onroerend goed

bienn(al)is tweejarig

biennalis twee jaar oud

biennis zie biennalis

biennis twee jaar oud

biennium periode van 2 jaar

bierbeschoyer bierbezorger

bierclocke tijdstip waarop de kroegen dicht moesten

bierhaan drinkebroer

bierkerke de kroeg, herberg

bierpul kroes voor bier, voorzien van een deksel

biersnelleken potje bier

biertje biermaat in de 17e eeuw, 1 biertje = 1 ltr.

biest beest

biforalis with two doors or shutters

biga a two wheeled cart; its load. "Anglice, a wagon," in a deed temp. Jac. I

bigamus bigamist, man die tegelijkertijd met twee vrouwen gehuwd is

bigarius a carter

bigata a cart load

bigera a doublet

biggelsteen kiezelsteen

bigustrum a primrose

bij cessie overgedragen overdragen van een recht of zaak

bij falte (faute) bij in gebreke blijven

bij faute zie bij falte

bij gebreck bij verstek

bijker imker, bijenhouder

bijlbrief bewijs van betaling van het schip. ook; het origineel eigendomsbewijs waarin alle gegevens van koop en verkoop zijn opgenomen

bijlhouwer timmerman

bijlust overspel

bijnden binden

bijnnenbrouwer bierbrouwer die binnen de stanswallen bier brouwt

bijslag toegift

bijstander helper

bijsterveld schraal en vaak onvruchtbaar terrein

bijteecken tegen merk, tweede merkteken

bijten fluisteren

bijtevel kramp in de ingewanden

bijvanck de gehele, meestal afgesloten omvang van zijn huis of erf

bijwijf bijzit

bikken eten

bilagines bye laws

bilettum a billet

bilheta a bill a billet

bilinguis (of a jury) part English and part foreign

bilivige vruchtgebruikster

biljou baljuw

billa a bill

bille bilhamer, hamer om te billen, rillen scherp maken in de molensteen

billen groeven in molensteen scherp maken

billet billet, brief, cedulle

billetum a billet; a stake

billia a branch; a post

billietten bevelschriften tot betaling

billio money of copper, or copper and silver; bullion

billion afgekeurd, quaatgeld

billix billijkerwijze.

billus a staff or stick

bilneta a passport

bilo vloek

bilwortel bilzekruid

bimaritus voor de tweede maal gehuwd, bigamist

bina a pair horse cart

binati filii tweeling

binati filii zie binatus

binatus, tweelingen

binatus: binati filii tweelingen

Bindrium æs Hertogenbosch

Bindrium zie: Buscum Ducis

bindum a bundle; a bind of eels in 250; a stalk of hops; used also for skins

bini twee

bini twee

binnarium a fishpond, an error for vivarium (?)

binnebinder rietdekkersknecht

binnen veertien nachten binnen twee weken

binnenbedrijver die zijn land binnen de eigen gemeente bewerkt

binnenburger burgerschap van persoon die binnen de stadsmuur woont

binnenjarich (pacht) de vervallen pacht van het lopende jaar

binnenkosten belastingen, nodig om de onkosten van de gemeentebesturen te dekken,eens per jaar mocht de omstelling (aanpassing) van de binnenkosten gedaan worden, dorps  , gemeentelasten

bino a ploughtail; a cart pole

binocle lorgnet, knijpbril

binubus voor de tweede keer getrouwd

binubus man die voor de tweede maal gehuwd is

binubus voor de tweede keer getrouwd

bipalium a spade

bique wijf, vrouw, meisje

birmenter perkamentmaker

birrettum a thin close fitting cap; a coif

bis tweeook; zeer fijne stof van boomwol

bis milies tweeduizend maal

bis milies tweeduizendmaal

bis millesimus tweeduizendste

bisacuta a two headed axe; a black bill, a twybill

bisantius a besant, a gold coin, first issued by the emperors of Byzantium, worth about a ducat; a bezant in heraldry

bisantius albus a silver besant, worth about 2s

bisantius de plata The same

bisa´eul overgrootvader

bisa´eule overgroot moeder

biscoctus, biscotus biscuit

bisetten (enen aen enen) iemand aan een ander toevoegen

bisex schrikkeljaar

bisius See bisus

bislaep zie bislaght

bislaght valse munt

bislapen bij iemand slapen, ook; gemeenschap hebben

bispel vertelling met een zedelijke strekking

bisquetta part of a castle

bissa a hind

bisse zeer fijne stof

bisser hoofdstelsmid, gebittenmaker

bissextile schrikkel

bistandeman adviseur, raadgever, geefster

bisus lawn; cambric

bisus panis brown bread

bitebau boeman

bitterlike op een treurige wijze

bivernagium second crop

bivoet sint janskruid

biwoort praatje.

bizachius a baselard, a cutlass

bizantium See bisantius

biÞre doodkist

blad heraldiekteken, zonder verdere aanduiding altijd een lindeblad

bladarius graanhandelaar

bladarius graanhandelaar

bladarius a cornchandler

bladen oogsten, de vruchten van het land verzamelen, vruchten plukken

bladergoud bladgoud

bladinghe vruchtgebruik

bladum graan

bladum corn

blaesbalch blaasbalg, orgelpijp

blaffaard legger

blaffard register

blague tabakszakje

blaker toorts, olielampje, hanglamp, ook; een pan waarin æs nachts een vuur brandde

blamatie schande

blame naamschending, eervlek

blamen lasteren, iemand te schande maken

blameren schandelijk behandelden

blanchetta, blanchetum a woolen garment worn under armour

blanchetus a blanket

blanchiatura reduction of base money to its true value

blanchir onschuldig verklaren, vrijpleiten

blanchisseur, wasbaas, vrouw

blanchisseuse zie blanchisseur

blanci white money, sterling

blancke Frans (zilveren) betaalmiddel, reeds bekend in 1268

blancum a silver coin, worth 8d., coined by Henry V in France

blancum argentum money tested at the Exchequer as to its fineness

blancum firme blanch farm

blandella a cloak; a blanket

blanden mengen, mengelen, een mengsel maken

blander (mede) bereider van een mede of honingwijn

blandieren vleien, liefkozen

blandiÙeren Zie blandieren

blanhornum a horn. (A.S. blauhorn.)

blank munt 17e 18e eeuw, gelijk aan 12 penningen

blank betaalmiddel, zilveren munt

blanke zie blank

blaser balgentreder, orgeltrapper, windmaker voor het orgel

blaserius an incendiary

blashemie godlasterend,

blasoen veldteken

blason blazoen, wapen(schild), heraldiek

blasph(e)emeeren godlasterend, iemands eer te na sprekenook; lasteren, achterklappen

blasphemie lastering

blat aan twee zijde te beschrijven vel papier

blate steenvalk

blatiers kooplieden in granen

blatner harnasmaker

blattervater pokkenhuis beheerder

blaudius See blodeus

blaunchetta See blanchetta

blaundella See blandella

blauvoet steenvalk

blauw heraldiekteken, de kleur blauw, ook; azuur genoemd, aangegeven door horizontale arcering

blauw schraal, van slechte kwaliteit

blauw maken verven van stof

blauw zijn zie blauwen

blauwen een blauwe plek hebben door een

blauwer stofverver

blauwer Ostertag zondag voor Pasen, palmpasen

blazen drinken

blazoen wapen

bleeckeling soort slechte kwaliteit turf

blein blaar

bleken schelden

blendus See bleudius

blestia turf

blestro a branch

blestura branches

bleta peat

blettro a branch

bleuius blue

bley scheldwoord tegen een vrouw

bli lood

bliaut een zijden stof

blida, blidus a catapult

blide blijde, oorlogswerktuig om stenen mee te gooien

bliekblank inwit

bliekvyst iemand die zeer bleek ziet

bliekwyt zie bliekblank

blieter landloper, vagebond, bedelaar, schooier

blieterij landloperij, bedelarij, schooierij

blij zie bly

blijberch loodmijn

blijde oorlogswerktuig om stenen mee weg te slingeren

blijfsels gerechtelijke toewijzing van b.v. achterstallige renten en boeten

blijven in het sterfhuis een nalatenschap aanvaarden met schulden, lasten en baten

blijven uit het sterfhuis niet aanvaarden van een nalatenschap

blijver langstlevenden

blinde vensterluik

blinden vensterluiken

blindencost bijkomende onvoorziene kosten

blink onbegroeide duintop

bliven (aen enen van iet) aan iemand de scheidsrechterlijke uitspraak over iets opdragen

bliven (in den rechten) het proces winnen.

blocdeel houtenprop in muur om haak in te slaan

blochuus gevangenis

blockmeester wijkmeester in een stad

blocslot groot hangslot

blocsteen gebakken metselsteen

blodeus, blodius deep red; blue

bloed loop zie bloetlaten

bloedbewant bloedverwant

bloedkleur heraldiekteken, Duitse (rode)kleur, aangegeven door verticale   en schuin  linkse lijnen over elkaar

bloedschand incest

bloeling bloedworst, ook; een slecht mens

bloeme menstruatie, ook; gezwel

bloetbewant bloedverwant

bloetevel bloedvloei´ng, vrouwenziekteook; genoemd ôbloetsuchtö, dysenterie

bloetganc buikloop, dysenterie

bloetgewant zie bloetbewant

bloetijl bloedzuiger

bloetlaten behandeling door de chirurgyn, als genezing voor meerdere kwalen,ook; verwonding door steekpartij waarbij bloed vloeit

bloetlater chirurgijn

bloetsteen rode edelsteen

Bloetswege ( van) als bloedverwant

bloetvoget voogd, welke een bloedverwantschap had met de minderjarige

bloiende menstruatie

blok deel van een weilandook; houten strafwerktuig

blond zie blonden

blonden geel worden, een gele plek krijgen door een toegebrachte slag

blondus yellow; fair haired

blosen rood worden, een rode plek krijgen door een toegebrachte slag

blote geschoren schapenvacht

bloten beroven

blouwel houtenhamer, stamper

blouwsteen hardsteen, arduin

blÚ noir boekweit

bluedius, bluetus blue

blum Ostertag zondag voor Pasen, palmpasen

blundus See blondus

blurus bald

blussen bevredigen

blussing vernietigen

bly lood


blycken tracherke blikken trechter

bm. afk. bourgemaitre, burgemeester van de gemeente

bn. afk. bien, goed

bo. afk. bon, goed

bobijn zie babijn

bocardo a prison

bocca a boss

bocellus See botellus

bocraen, stof van geitenhaar

boculus a bullock

bocxhoren ram werktuig

boddeck kuiper

bode de persoon, die een bevel ("bot") van een overheidspersoon overbrengt (dagvaard)ook; dienstbode, pedel

bodebrief door gemachtigde getoonde stukken

bodeger schietboogmaker

bodel gerechtsbode, beul

bodelharde zie boedelherde

bodelinc ingewanden

bodescep boodschap

boecbret boekenplank

boede zie bode

boedel laten verjaeren (eene) een boedel een jaar lang onaangetast laten

boedelcedel inventaris van den boedel, overgelegd door den boedelharder

boedeleet de eed. waarmede de boedelharder de waarheid der boedelcedel bezweert

boedelherde boedelhouder, de persoon, die recht heeft op het bezit van de boedel totdat deze onder de erfgenamen verdeeld is

boedelhuus verkoping van (roerende) goederen in een sterfhuis

boedels plechtich siin (des gehouden tot betaling van de schulden van de boedel

boedelvervolger hij die beweert een recht te hebben op de boedel

boefclocke tijdstip van sluiten stadspoort, avondklok

boefveclocke avondklok, tijdstip waarop de stadspoort wordt gesloten

boeisel loodgieterwerk

boek beuk

boeke beukenboom

boekkamer bibliotheek

boel minnaar

boelen minnekozen, vrijen zonder bijbedoeling

boeleren overspel spelen

boelgoederen tot de inboedel behorende goederen

boelin vrijster, geliefde

boemwol katoen, boomwol

boen goed

boerckoishof moestuin

boerdemaker grappenmaker

boeren bewoners op het platteland

boerenkikken rommelen

boerewapens burgerwapens

boerman boer, landbouwer

boesem hart

boet baak

boetellie matjes vermoedelijk knielmatjes op de knielbanken in de kerk

boeten herstellen, terugbetalen, goedmaken

boethuus huis waar de netten hersteld werden

boetschoudich veroordeeld tot het betalen van een boete

bof afk. beau frÞre, zwager

boffertpanne met klemmen af te sluiten ijzeren pan

bog afk. bourgeois, burger, iemand uit de middenklasse

boga budge, lamb fur

bogeschote maximale afstand voor een afgeschoten boogpijl

bogetta a budget

bogger schavuit

bohÚmien, zigeuner(in)

bohÚmienne zie bohÚmien

boi boei

boia See buia

boisiare to rebel

boissellus a bushel

bokel borstwapen, knop op schildook; versiersel b.v. gesp, haarspeld

boker dorsvlegel voor vlas, koren etc.ook; stamper, beuker

bokorammus buckram

boksen broek

bol inhoudsmaat, 1 bol = 1,7 ltr

bolare to play at bowls

bolcraen zie bocraen

boldagium, bolhagium a cottage

bolengarius a baker

boleren vrijen, minnen

bolkruis heraldiekteken, verkort kruis met bollen aan het eind, wordt ook appelkruis genoemd

bolla a bowl; three quarters of a pint; a boll, 6 bushels

bolletkijn mutsje, kalotje

boloninus a boloner, an Italian gold coin of two kinds, old boloners and Papal boloners, bearing on one side the Resurrection, on the other St. Thomas the Apostle of India or Mary Magdalene, the former being slightly more valuable

Bolsverda Bolsward

Bolsverda Bolsward

bom blikkenbierkan

bombaerde oorlogswerktuig om stenen mee te slingerenook; een muziekinstrument

bombarda, bombardus a cannon

bombarda geweerschot, schot

bombardarius gewerenmaker, bliksmid

bombardicus buksschieter, schutter, kolvennier

bombardus buksmeester, kanonnier

bombare zie bombaerde

bombazijn geweven stof, waarvan de inslag van wol is en de schering van zijde, vooral voor werkmansondergoed

bombex,  bicis katoen

bombicina a hacqueton, a jack, a quilted tunic

bombicinator zijdewever, zijdewerker, brocaatmaker, bombyx

bombicinator zijdewever, brokaatmaker, zijdewerker

bombosus noisy

bombycinium padding

Bommelia Zaltbommel

bon buurt, wijk

bon henri brave Hendrik

bon papa grootvader

bona goederen, have, een boedel

bona fide te goeder trouw

bona hereditaria erfgoederen, stamgoederen, stokgoederen



1   ...   10   11   12   13   14   15   16   17   ...   147


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina