Verslag van een notaoverleg



Dovnload 0.69 Mb.
Pagina4/20
Datum20.08.2016
Grootte0.69 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   20
Hachchi (D66): Ik heb aan de heer Ten Broeke al een vraag gesteld over de reparaties die in de krant worden aangekondigd als het gaat om de pijnlijke bezuinigingen. Wat betreft de dekking gaat de heer Ten Broeke wel heel erg snel. Hij tovert wat konijnen uit de hoge hoed. Er zou her en der nog geld vandaan gehaald kunnen worden. Heeft de VVD hierin een plan B? Laten wij net doen alsof er geen deal is gemaakt met de minister. Stel nu dat de dekking waarvan de heer Ten Broeke denkt dat die er is, niet kan worden gebruikt om het materieel dat afgeschaft zou moeten worden, toch te behouden. Wat doet de VVD dan?
De heer Ten Broeke (VVD): In de nota die wij hebben ontvangen is een aantal zaken op nul gezet. Uit conservatief oogpunt vind ik dat juist. Bij sourcing kun je nu moeilijk al iets invullen, en er zullen ongetwijfeld ook minnen komen. Ik heb echter drie of vier mogelijkheden gegeven om direct geld te verdienen op infrastructuur. Voor de voorstellen die ik heb gedaan, heb ik niet eens direct geld nodig, omdat die pas in de loop van de tijd letterlijk worden "ingevaren". Dat is bijvoorbeeld het geval als het gaat om de patrouilleschepen, waarvoor wij twee keer 7,7 mln. hebben. Ik denk dus dat de dekking voorhanden is en dat die kan komen uit infrastructuur, vastgoed en verdere reorganisatie. Ik denk dat de minister dit kan doen. Het is evident dat locaties moeten krimpen en dat er wellicht ook locaties gesloten zullen worden. De minister heeft die keuze nog niet gemaakt; dat zal hij in de komende maanden doen. Het bedrag dat ik moet uitgeven voor de dekking van de twee patrouilleschepen, doet zich pas in de tweede helft van 2013 en daarna in de tweede helft van 2015 voor. Wij hebben dus niet alleen alle tijd, maar daarvoor is nu ook al de mogelijkheid. Dat bedrag gaan wij echt reserveren.
De heer Voordewind (ChristenUnie): Ik dank de heer Van den Broeke in ieder geval voor zijn steun als het gaat om het sensorpakket MALE UAV. Hierin zijn wij samen met de VVD opgetrokken, toentertijd met Arend Jan Boekestijn. De heer Ten Broeke stelde dat wij daarvoor wel een los platform zouden kunnen bestellen. Volgens mij is dat technisch heel lastig, omdat er altijd een heel systeem bij zit. Mijn vraag aan de heer Ten Broeke is deze. Wij hebben nu dit sensorpakket. Als wij nog een keer een pakket aanschaffen, kan dan niet toch worden gekeken naar het bestaande sensorpakket, dat wij met inderdaad belastinggeld hebben aangeschaft? Als wij MALE UAV aanschaffen, kopen wij daarbij namelijk een heel systeem. Mijn tweede vraag gaat over de bezuinigingen. Toen hij aantrad, heeft de minister gezegd: dit zijn de bezuinigingen en meer zal ik niet accepteren. Maar wat vindt de VVD-fractie? Het verhaal doet namelijk de ronde dat er boven dit miljard misschien weer een extra bezuiniging wordt weggeschreven in de richting van het Defensieapparaat. Zegt de VVD-fractie in dit debat dat dit echt de limit is en dat zij niet akkoord gaat met een verdere bezuiniging bovenop het bedrag dat wij vandaag bespreken?
De heer Ten Broeke (VVD): Wat betreft de eerste vraag steun ik de de heer Voordewind volledig. Dit was ook mijn vraag aan de minister. Ik wil graag weten of wij het sensorpakket dat volgens mij mede met Nederlands belastinggeld maar in ieder geval met geld uit het Nederlands bedrijfsleven, is ontwikkeld, niet kunnen hangen in een kaler onbemand vliegtuig.
Ik kom op de tweede vraag. Twee weken geleden is deze vraag ook al gesteld. Ik heb nog niks over die extra bezuiniging gelezen. Volgens mij bespreekt het kabinet de Voorjaarsnota deze week of vandaag. De minister zit nu hier, dus ik hoop niet dat de rest van het kabinet achter zijn rug met allerlei andere dingen bezig is. Ik ga pas op deze vraag reageren op het moment dat de situatie zich voordoet.
De heer Voordewind (ChristenUnie): Publiekelijk, ook in de media, is gezegd dat er waarschijnlijk voor de extra aanslag van 2 mld. om het tekort in de zorg te compenseren, ook naar Defensie wordt gekeken. We behandelen nu 1 mld. aan bezuinigingen. Ik wil graag weten wat de inzet van de VVD-fractie is. Het is misschien ook wel handig als de minister dat weet. Zegt de VVD-fractie dat 1 mld. voor haar echt de limit is?
De heer Ten Broeke (VVD): De heer Voordewind zal horen wat onze inzet is op het moment dat wij weten waar we op moeten reageren. Nu valt nergens op te reageren. Ik ga daar absoluut geen indicatie over geven, omdat ik precies wil weten wat dit kabinet uiteindelijk voorstelt. Ik neem aan dat men in de boezem van het kabinet heel goed weet waar onze sentimenten liggen. Ik hoop dat we de voorstellen van het kabinet in ieder geval snel ontvangen, dan kunnen we er ook snel op reageren.
Mevrouw Eijsink (PvdA): De heer Ten Broeke zei dat het hele plaatje van de bezuinigingen nog niet rond is. Dat ben ik zeer met hem eens. Ik heb een aantal vragen aan de heer Ten Broeke opgespaard. Hij zei dat er sprake is van beroerde bedrijfsvoering en dat deze aangepakt moet worden. De PvdA vindt dit ook al jaren.

Mijn eerste vraag is: waarom denkt de heer Ten Broeke nu dat de huishouding, de begroting van Defensie, wel op orde zal zijn in 2014? Dat is namelijk wat de minister stelt, nadat de Kamer jarenlang heeft gehoord dat het in 2012 financieel en in 2014 materieel op orde zou zijn. Er gaat nu een aantal trajecten naast elkaar lopen, namelijk het traject dat al ingezet was, de extra bezuinigingen en ook nog eens de 400 mln. aan interne bezuinigingen.

Mijn tweede vraag is gericht op de locaties. Begrijp ik dat de heer Ten Broeke meer weet over die locaties? Hij zei mij met veel aplomb dat het allemaal niet besproken zou zijn. Door de inbreng van de heer Ten Broeke krijg ik echter het idee dat hij de plannen voor augustus al zo ongeveer kent.

Mijn laatste vraag stel ik naar aanleiding van de vraag van de heer Voordewind. Ik had verwacht dat de heer Van der Staaij de vraag die hij aan mij stelde, ook aan de heer Ten Broeke zou stellen, namelijk wat de limit is aan de budgettering en de bezuinigingen? Meer bezuinigingen op Defensie dan wat nu voorligt zou toch onacceptabel zijn voor de VVD?


De heer Ten Broeke (VVD): Ik zal de drie vragen beantwoorden in de volgorde waarin ze gesteld zijn. Wij zijn het er al jaren over eens dat de bedrijfsvoering beroerd is. Garanties heb ik niet. Daarom heb ik hier al die garanties zitten vragen en heb ik gevraagd om een A4'tje met duidelijke milestones en het goedkeuringsstempel van de Rekenkamer. Wat mij betreft mag dat twee keer per jaar gebeuren.

Ik stel tegelijk aan mevrouw Eijsink voor dat de Kamer zich voorneemt om zich te beperken in het aantal brieven en nota's dat zij van de minister vraagt. Ik denk dat mevrouw Eijsink daar nog een forse bijdrage aan kan leveren. Als wij hierbij samenwerken, gaat het vast heel goed. Wat is de garantie dat de beroerde bedrijfsvoering in 2014 op orde is? Die garantie is er niet. Ik heb alleen gelezen wat de minister daarover zegt. Misschien biedt het een garantie dat ik hem nu in zijn nek hijg. Dat is beter dan wat we in de vorige periode zagen, toen er wel geblaft werd, maar niet doorgebeten. De minister kan ervan overtuigd zijn dat wij hem bij dit onderwerp telkens heel kritisch zullen volgen. Dat hebben wij eerder ook al gedaan. Ik verwacht ook dat de minister serieus ingaat op de suggestie die ik zojuist deed.

Mevrouw Eijsink heeft ook een vraag gesteld over de locaties. Ik weet niet meer dan zij weet, maar ik kan wel tellen. Als je een x-aantal functies schrapt, bijvoorbeeld twee tankbataljons, als je concentratie op een aantal locaties voorstelt, als je de bedrijfsvoering gaat rationaliseren en als je het marineonderhoudsbedrijf voor een deel uitbesteedt, is er geen reden meer om alle locaties aan te houden. Anders dan mevrouw Eijsink ga ik niet pleiten voor het behoud van het personeel op alle lege bases, lege havens en lege vliegvelden.

Dat vind ik namelijk een onmogelijke opdracht en een onmogelijke toezegging. Ik ga er dus wel degelijk van uit dat daar opbrengsten zullen komen.

Mijn limit is niet dezelfde als die van mevrouw Eijsink, want in het PvdA-verkiezingsprogramma ligt deze op 1,5 mld. Zij gaf zelf al aan dat de 400 mln. die we extra investeren daarbij komt. Als haar limit op 2 mld. ligt zoals zij antwoordde aan de heer Van der Staaij, dan is dat wat de VVD-fractie betreft veel te hoog.
Mevrouw Eijsink (PvdA): Inmiddels weten we dat de heer Ten Broeke strooit met getallen die niet kloppen, want 10.000 ingenieurs worden er 1000 en ook die bezuiniging van 2 mld. strooit hij er maar uit. Ik begrijp dat de heer Ten Broeke de PvdA-fractie tot half tien vanavond nodig heeft om zelf constant een aantal dingen te kunnen neerzetten.

Om terug te komen op zijn eerste antwoord over de garanties: ik begrijp heel goed wat hij zegt. Ik ondersteun het halfjaarlijks rapport van de Rekenkamer graag, maar ik ondersteun het voorstel van de heer Ten Broeke dat de Kamer minder rapportages zou moeten vragen beslist niet. Deze commissie krijgt minder rapportages dan voorheen. Het gaat niet eens om de kwantiteit, maar om de kwaliteit. Ik kan hem een aantal voorbeelden noemen. We krijgen ze gewoon niet meer. Het was voorheen ook voor de VVD-fractie normaal dat de Kamer daarom vroeg en rapportages ter controle kreeg. Dat is de controletaak van de Kamer, die nodig is. Ik ben nieuwsgierig naar de reactie van de regering op het voorstel van de heer Ten Broeke voor een Rekenkamerrapport.

Ook inzake de locaties legt de heer Ten Broeke mij iets in de mond. Dat is makkelijk, maar ik zal mijzelf herhalen en het opnieuw uitleggen. De PvdA-fractie stelt niet voor dat het personeel daar moet blijven. Dat heeft de heer Ten Broeke mijn fractie nooit horen zeggen. Ik blijf herhalen -- de heer Ten Broeke geeft mij nu hiervoor de gelegenheid -- dat de ene hand van de andere moet weten wat hij doet. De heer Ten Broeke kan zo meteen de 2 mld. weer repeteren. Daar kan hij een debatje van maken, maar dat heeft na verloop van tijd geen draagkracht en draagvlak meer. Ik begrijp dat hij het niet meer weet.

Wat betreft de limiet speelt hij de bal heel handig en leuk naar mij terug. Nogmaals, hij kan zo tot half tien vanavond doorgaan. Mijn vraag aan hem was echter: wat wil hij zelf? Waar staat de VVD-fractie zelf voor?


De heer Ten Broeke (VVD): Ik sta voor de uitdaging om deze nota en de enorme bezuinigingen die daarin staan, te behandelen. Mijn fractie heeft aangegeven wat zij hiervan steunt: in ieder geval het totale bedrag. Ook heeft mijn fractie aangegeven wat zij, als het kan, veranderd wil zien in de nota. Daarvoor probeer ik nu steun te verwerven, niet alleen in de Kamer, maar ook bij de minister. We zullen moeten zien hoe dit loopt. Het gaat in de politiek natuurlijk om het maken van keuzes. Die keuzes moeten we scherp in beeld brengen. Ik ben volgens mij volstrekt open, transparant en eerlijk geweest over de keuze die mijn partij in haar verkiezingsprogramma heeft gemaakt, over wat er hier vandaag voorligt en wat daarvan terechtkomt.

Toch moet mij iets van het hart. Zelfs als u die 2 mld. niet van mij wilt accepteren zouden we kunnen doorgaan met de 1,5 mld. die in het PvdA-verkiezingsprogramma staat. Dat was 1,5 mld. op een totaal van 15 mld. dat de PvdA wil bezuinigen. Wij stellen 1 mld. voor op 18 mld. en we moeten nog wat bijplussen voor de gezondheidszorg waardoor we op 20 mld. uitkomen. Bij de PvdA is het 10%, wij komen op 5%. Ik mag toch zeggen dat de PvdA dus twee keer zo veel bezuinigt? Als mevrouw Eijsink de verkenningen en de ambtelijke heroverwegingen van het vorige kabinet, waarvan de PvdA deel uitmaakte, erbij pakt, blijkt dat zij twee keer zoveel bezuinigt en twee keer zoveel ontslaat. Zij zit hier gewoon een praatje voor de vaak te houden voor al die mensen voor wie zij zegt de werkgelegenheid te kunnen behouden.


Mevrouw Eijsink (PvdA): Blijkbaar staat de voorzitter dit soort debatjes toe, dus laten we het maar verbreden naar de gezondheidszorg en de hypotheekrenteaftrek.
De voorzitter: Nee, dat doe ik natuurlijk niet.

**
Mevrouw Eijsink (PvdA): Nou, u stond net voor de tweede keer toe dat de VVD-woordvoerder hierover sprak, dus ik wil graag even reageren. Het is niet de bedoeling, maar er wordt blijkbaar om gevraagd. Het is heel makkelijk. De heer Ten Broeke blijft met getallen strooien. Dat kan ik ook doen. We hebben het nu over de mensen die bij Defensie werken. Hij kan blijven strooien, dan kan ik er tegenover zetten dat het speciaal onderwijs en de pgb's geraakt worden, maar ik denk niet dat mensen daar op dit moment op zitten te wachten. De heer Ten Broeke kan de PvdA tot half tien vanavond als schietschijf gebruiken.


De heer Ten Broeke (VVD): Daar zal ik gebruik van maken.
Mevrouw Eijsink (PvdA): Dat had u vanzelfsprekend toch al gedaan.
De heer Van der Staaij (SGP): Vindt de heer Ten Broeke dat het beschikbare budget op de lange termijn voldoende is om te komen tot een veelzijdig inzetbare krijgsmacht? Of streeft de VVD-fractie op langere termijn naar een hoger budget voor de krijgsmacht?
De heer Ten Broeke (VVD): Een van de redenen waarom ik zo kritisch ben over het budget en ik zo antwoordde op de vraag die de heer Van der Staaij ook aan mevrouw Eijsink stelde, is dat ik geloof dat er nog heel veel lucht zit in de begroting. Ik ben heel eerlijk geweest; stel dat wij ons VVD-programma hadden kunnen uitvoeren, dan weet ik bijna zeker dat wij, gegeven de ervaringen die wij hebben opgedaan in de afgelopen jaren, de rationaliseringen, waarvan ik net een aantal voorbeelden gaf, niet hadden bereikt. Daar hadden wij hier met z'n allen telkens de vinger op kunnen leggen. Zelfs met de heer Van der Staaij, de heer Voordewind of ikzelf, die het liefst hadden gehad dat de krijgsmacht op dezelfde voet kon doorgaan met een begroting van 8,2 mld., was dat niet gelukt. Daarom wil ik dat de minister onder maximale druk komt te staan om elke lucht eruit te persen, zijn bedrijfsvoering, zijn vastgoedbedrijf en al die andere zaken ten nutte te maken en zo min mogelijk te zitten aan de operationele capaciteit van de krijgsmacht.

Is het budget dan toereikend? 1 mld. is heel veel, maar ook ondanks dit miljard valt er nog meer te halen, als je bijvoorbeeld kijkt naar de infrastructuur, de concentraties, de rationalisaties, het vastgoedbedrijf, de sourcing, noem maar op. Die vraag is dus niet zomaar te beantwoorden. Ik wil dat die lucht eruit gaat.


De heer Van der Staaij (SGP): Die vraag is niet zomaar te beantwoorden, maar dat vind ik voor het langetermijnperspectief erg onbevredigend. Dat kan namelijk zomaar betekenen dat de VVD in oppositietijden vindt dat er geld bij moet en in coalitietijden vrolijk mee snijdt, omdat er nog lucht in zit. Hoe weten wij dan wat wij aan de VVD hebben als het gaat om echt extra budget voor Defensie in de toekomst?
De heer Ten Broeke (VVD): In beide tijden zouden wij graag zien dat er geen geld afgaat bij krijgsmacht maar liefst dat er geld bijkomt, bijvoorbeeld om al de tekorten die zijn opgelopen, weer te kunnen bijplussen. Dat gebeurt nu, maar dat gebeurt wel weer van de Defensiebegroting. Zo werkt de democratie; wij moeten met anderen een overeenkomst sluiten terwijl zij misschien veel verder hadden willen gaan. Ik had met geen van de partijen een betere deal kunnen sluiten behalve met de SGP, maar dat levert maar een heel smalle basis in de Kamer op. Daar kunnen wij geen besluiten op nemen. Dat is de simpele afweging die hier is gemaakt. Is het op de langere termijn voldoende? Op de langere termijn zullen wij gaan naar een krijgsmacht die een lager aantal grondtroepen kan inzetten en die deze minder lang kan inzetten. Dat betekent nog niet dat de krijgsmacht niet veelzijdig inzetbaar is. Ik heb bijvoorbeeld aan generaal Bertholee gevraagd of wij nog steeds in staat zijn om een operatie à la Uruzgan te doen. Zijn antwoord daarop was klip-en-klaar: ja, ook met een nieuwe krijgsmacht kunnen wij dat doen, misschien geen vier jaar en zeker geen verlenging, waar vorig jaar over gesproken is, maar wij kunnen het doen. Dat was voor mij bevredigend, want dat is de veelzijdige inzetbaarheid waar ik naar zocht.
Mevrouw Hachchi (D66): Het is goed gebruik om niet uit de school te klappen over coalitieonderhandelingen. Ik doe een dringend beroep op de heer Ten Broeke om dat nu ook niet te doen. Hij zegt dat hij met geen enkele andere partij tot een lagere bezuiniging had kunnen komen. Daarmee wordt een verkeerde voorstelling van zaken gegeven. Dus nogmaals, het is goed gebruik om niet uit de school te klappen over onderhandelingen. Dat doe ik niet, dat zal ik nu ook niet doen, maar ik roep de heer Ten Broeke op dat nu ook niet te doen.
De heer Ten Broeke (VVD): Ik heb daar geen coalitieonderhandelingen voor nodig. Ik verwijs naar de CPB-doorrekening van de verschillende programma's. In het programma van D66 kwam het CPB ook tot 1 mld. Dat is voor iedereen inzichtelijk en voor iedereen te lezen. Het is misschien ook goed om dat af en toe te doen, want dan krijg je een scherp beeld van wat er uiteindelijk in een democratie besloten kan worden. Dit is een democratie en hier moeten wij het doen met meerderheden. Wij hebben ons uiterste best daarvoor gedaan, maar ik kan niet meer bereiken dan wat een deel van mijn partners daarin toestaat. Zo is het.
Mevrouw Hachchi (D66): Ik ben het eens met de heer Ten Broeke als hij verwijst naar de CPB-doorrekening, maar dan kan ik hem gelijk zijn eigen VVD-begroting voor zijn neus schuiven. Als je die legt naast de plannen die nu op tafel liggen, dan is er een behoorlijk verschil met de werkelijkheid. Zijn woorden kwamen neer op: ik had niet verder uit kunnen komen dan waar ik ben uitgekomen met de partijen waarmee wij nu in het kabinet zitten. In die zin is de heer Ten Broeke dus enigszins teruggekomen op de stelling dat het niet gaat om de onderhandelingen. Uiteindelijk gaat het erom waar je samen uitkomt, zoals hij zelf net ook aangaf. Maar het CPB-rapport en doorrekeningen zijn geen vergelijk, want het VVD-programma is totaal anders dan wat nu voorligt.
De heer Ten Broeke (VVD): Ik heb het gevoel dat mevrouw Hachchi haar eigen vraag heeft beantwoord. Ik denk dat zij daar gelijk in heeft.
De heer Van Bommel (SP): Voorzitter. Ik vervang mijn collega Van Dijk, die vandaag verhinderd is.

Vandaag spreken wij over de beleidsbrief van de minister van Defensie, waarin staat dat er 1 mld. op Defensie wordt bezuinigd. Mogelijk verdwijnen er 12.000 banen. Niet eerder werd er zo ingrijpend bezuinigd op de krijgsmacht. De onrust in de organisatie is dan ook vanzelfsprekend. Militairen die op de VVD of het CDA stemden, komen van een koude kermis thuis. De VVD schreef in haar verkiezingsprogramma dat zij de dalende lijn in de defensiebegroting een halt wilde toeroepen en de voorgenomen bezuiniging op de krijgsmacht zou terugdraaien. Het CDA schreef dat het ambitieniveau gehandhaafd zou blijven met de daarbij behorende operationele capaciteiten. Als dank voor hun stem op de VVD en de CDA zien werknemers bij de krijgsmacht nu grotendeels de verkiezingsprogramma's van de PvdA en de SP gerealiseerd. Het kan raar lopen in Den Haag.

Er wordt fors bezuinigd, maar het ambitieniveau wordt niet navenant bijgesteld. Hoewel het in deze periode niet gehaald zal worden, blijft de minister streven naar een veelzijdig inzetbare krijgsmacht. Er worden wel nieuwe termen van stal gehaald. In plaats van het vertrouwde ambitieniveau wordt nu gesproken van "inzetbaarheidsdoelstellingen". Hoe kan de minister vasthouden aan een veelzijdig inzetbare krijgsmacht, als volgens de verkenningen dan eigenlijk maximaal 400 mln. bezuinigd kan worden? Gaat hij later 600 mln. investeren? Dat lijkt mij sterk. Graag krijg ik opheldering over die passage.

De coalitie gaat niet zo ver als de PVV, die eerder voorstelde de krijgsmacht ook in te zetten tegen de straatschoffies in Gouda. Maar de ambitie om Champions League te blijven spelen, wordt wel gedeeld en dat terwijl wij vorige week van de minister hebben gehoord dat de missie in Libië niet langer dan drie maanden kan worden voortgezet. Er wordt gesuggereerd dat het budget later kan worden aangevuld, maar dat is toekomstmuziek. Niemand weet of dat op enig moment kan. Het is een valse belofte die tot optimistisch begroten kan leiden, waardoor defensiepersoneel opnieuw wordt overvraagd. Graag krijg ik een reactie.

Het personeel krijgt met deze bezuinigingen veel te verduren. Militairen moeten snel duidelijkheid krijgen. Het is niet aanvaardbaar om de komende maanden te worden uitgezonden naar Afghanistan of Libië om vervolgens terug te keren en te horen dat je je baan kwijt bent. Kan de minister garanderen dat die situatie zich niet zal voordoen? Dat zou fnuikend zijn voor het moreel en eigenlijk in iedere arbeidsverhouding onacceptabel zijn.

Het grootste deel van de bezuinigingen vloeit voort uit een politieke keuze om een deel van de bezuinigingsdoelstelling van dit kabinet ook bij Defensie te realiseren. Dat is niet gebaseerd op een andere kijk op de krijgsmacht in de huidige tijd. Toch is daar alle aanleiding toe. De herstructurering van de krijgsmacht na de val van de Muur is eigenlijk nooit afgemaakt. De kans op een groot conflict zoals werd gevreesd tijdens de Koude Oorlog is tot een minimum gereduceerd en de overgang naar een expeditionaire krijgsmacht is logisch. Het is onverstandig geweest om in de afgelopen twee decennia de kaasschaaf te hanteren in plaats van echte keuzes te maken, gericht op de toekomstige rol van de krijgsmacht. Erkent de minister dit nu ook?

De gevolgde werkwijze in de achterliggende periode heeft geresulteerd in uitholling van de krijgsmacht. Door het uitblijven van keuzes te koppelen aan een hoge uitzenddruk is er een krijgsmacht overgebleven die piept en kraakt in zijn voegen. Militairen praten steeds minder met trots over hun werk, soms omdat zij missies niet zien zitten, maar meestal omdat zij menen dat zij een slechte werkgever hebben. Dat laatste valt dan ook niet te ontkennen. Het is eigenlijk een klein wonder dat zo velen nog willen dienen onder dit regime. Er zijn voortekenen dat daar de komende maanden verandering in zal komen. Mogelijk houdt de minister daar zelfs rekening mee. Personeel dat eigener beweging de krijgsmacht verlaat, hoeft niet gedwongen te worden ontslagen. Dat zou deze minister goed uitkomen.

Via zijn inzetbaarheidsdoelstellingen wil de minister toch vasthouden aan veelzijdige inzet. Dat is meer van hetzelfde, maar met fors minder personeel en middelen. Kan de minister concreet aangeven wat voor soort missies hij in de toekomst niet meer wil doen? Zou de missie in Uruzgan in de toekomst nog kunnen? Is de uitzending eerder naar Irak, Al-Muthanna, nog mogelijk in de toekomst? Kan de minister daar vandaag duidelijkheid over verschaffen aan de krijgsmacht zelf, maar natuurlijk ook aan de Kamer en aan de kiezer?

Er zijn grenzen aan de mogelijkheden van het militaire instrument om ons buitenlandbeleid te voeren. Wij gaan ervan uit dat de internationale rechtsorde moet worden bevorderd en niet moet worden ondermijnd. Toch lijkt daar bij de oorlogen in Irak en Afghanistan wel sprake van te zijn, met steun van Nederland. Gezien de beperkte mogelijkheden daartoe, wordt onze krijgsmacht daarbij alleen voor relatief korte duur in dit soort conflicten ingezet: geen langdurige toewijding meer.

Daarmee wordt de door de minister geroemde 3D-benadering al gauw een 2D-benadering. Erkent de minister die ontwikkeling?

Zoals gezegd: de minister heeft zelf gemeld dat we bij de inzet boven Libië al heel snel tegen onze grenzen aanlopen. De SP maakt andere keuzes. Wij kiezen voor een krijgsmacht in een buitenlands beleid waarin vrede niet allereerst met militair geweld wordt afgedwongen. Zoals wij de afgelopen jaren herhaaldelijk hebben gezien, is een oorlog beginnen makkelijk en is het bereiken van een duurzame vrede een stuk moeilijker. Vrede afdwingen blijkt in de praktijk moeilijk, zo niet onmogelijk. De situatie op de Balkan is daarvan een treffend voorbeeld. De conflicten daar zijn niet meer dan bevroren door er heel veel geld in te pompen en buitenlandse troepen er een blijvende rol te geven. Dat is niet vruchtbaar.

In relatie hiermee ga ik nu in op de internationale samenwerking. Militaire missies doe je niet alleen. Samenwerken loont en kan ook besparen. Dit lijkt ook politiek te kunnen, want de doelstelling van het versterken van de internationale rechtsorde wordt door veel landen gedeeld. Daarna houdt de overeenstemming echter al snel op. Er zijn cruciale verschillen in benadering en aanpak bij de invallen in Irak, Afghanistan en recent Libië. Er is een groot verschil tussen optrekken met Duitsland in die kwesties of met het Verenigd Koninkrijk. Hoe meer je elkaars defensie integreert, hoe meer je ook afhankelijk bent van elkaars buitenlands beleid. Houdt de minister daar rekening mee? Bekijkt hij ook welke politieke consequenties samenwerking op defensiegebied heeft voor de inzetbaarheid? Ondanks de mooie teksten die in de EU circuleren, leiden zij in de praktijk niet tot een gezamenlijke visie op het buitenlands beleid. De SP zal de internationale samenwerking op defensiegebied dan ook kritisch beoordelen.

Bij de concrete invulling van de bezuiniging maakt de minister op een aantal gebieden andere keuzes dan wij zouden maken. Voor vredesmissies, waarvan wij voorstander zijn, zijn veel personeel en ook "boots on the ground" noodzakelijk. Daarbij moet ook sprake zijn van afdoende bewapening en luchtsteun. Het soort conflicten waaraan Nederland meedoet, vereist goed opgeleide militairen die in staat zijn om een enorme diversiteit van missies uit te voeren. Dat is niet mogelijk louter vanuit de lucht en op afstand. Peperdure wapensystemen kunnen nooit de inzet van grondtroepen vervangen. De inzet van zulke wapens zal eerder averechts werken dan een nuttige taak vervullen. Kijk maar naar de inzet van Amerikaanse onbemande vliegtuigen in Pakistan. Die maken enorm veel burgerslachtoffers en leiden tot grote haat tegen het Westen. Ook de luchtaanvallen in Afghanistan maken dat inmiddels 80% van de Afghanen wil dat de NAVO daar zo snel mogelijk vertrekt. De minister zinspeelt in zijn brief op de aanschaf van onbemande vliegtuigen. De SP roept hem ertoe op om op zijn schreden terug te keren. Anders gaat de Nederlandse krijgsmacht wel heel veel lijken op een onderafdeling van de Amerikaanse krijgsmacht.

Het was al bekend dat de SP fel tegen verdere deelname aan en aanschaf van de JSF is. Gelet op de enorme bezuinigingsvoorstellen, zou het logisch zijn om dit project direct te staken. Anders gaat het als een molensteen om de nek van de krijgsmacht hangen. Straks blijft de minister zitten met een hypermoderne vloot maar zonder personeel en middelen om die vloot daadwerkelijk in te zetten. Verder lijken onze duikboten relatief duur ten opzichte van wat zij voor vredesmissies kunnen opleveren. De Amerikanen zijn blij met onze inlichtingen voor hun tactische spel, maar moeten de duikboten alleen daarvoor worden behouden? Daarop krijg ik graag een reactie.

Transporthelikopters zijn van groot belang voor het type missie dat de krijgsmacht ook in de toekomst zal uitvoeren. Hoe kan het dan dat een toestel, de NH90, wordt aangeschaft terwijl nu al duidelijk is dat het niet geschikt is voor zijn taak? Uit een intern rapport citeerde dagblad Trouw een reeks tekortkomingen: te zwaar, niet ruim genoeg en een actieradius die niet zo groot is als gedacht. Wat is de reactie van de minister op deze kwalificaties?

Als zoveel mensen worden ontslagen, moet dat proportioneel gebeuren. De top mag niet worden ontzien. De krijgsmacht is al topzwaar. Kan de minister een lijstje overhandigen van de 29 topfuncties die volgens zijn brief de komende jaren worden wegbezuinigd? Het aantal topfunctionarissen zou de komende jaren dalen van 109 naar 80.

Wat de locaties betreft: het is pijnlijk voor de betrokken regio's, steden en dorpen om een relatief grote werkgever te zien vertrekken. Defensie zit vaak in relatief minder bevolkte plaatsen of regio's, waar een dergelijk vertrek extra hard aankomt. Het is niet meer de filosofie van het Rijk om zoveel mogelijk van zijn activiteiten te spreiden, maar toch zouden wij daarvoor willen pleiten. Houdt de minister ook rekening met de wens voor spreiding om dunbevolkte gebieden leefbaar te houden? Vindt ook overleg plaats met zijn collega-ministers die te maken hebben met het probleem van krimpgemeenten en -gebieden? Het zou de SP een lief ding waard zijn als niet alleen de keuze voor het schrappen van een bepaald legeronderdeel bepaalt waar Defensie vertrekt. Daar lijkt nu wel sprake van te zijn. Hierop krijg ik graag een reactie.

Wij hebben twijfels of de begroting door deze operatie wel toekomstbestendig wordt gemaakt. Wat is bijvoorbeeld de ruimte voor tegenslagen? Wij hebben dat gezien bij het materieel. De slijtage in Afghanistan ging sneller dan verwacht. Heeft Defensie straks wel de buffers om dergelijke tegenslagen op te vangen? Is er überhaupt ruimte gereserveerd om tegenslagen op te vangen? Voor dit jaar is er nog maar 10 mln. beschikbaar.

Dan over de Rekenkamer. Er heerst een puinhoop met betrekking tot financiële controle en voorraadbeheer. De Algemene Rekenkamer raadt aan, gezien de beperkte vooruitgang de afgelopen jaren, de bezuinigingen als een kans te zien om het ditmaal wel op orde te brengen. De Rekenkamer brengt het heel vriendelijk, maar het cynisme druipt ervan af. Belangrijker is dat het rapport een waarschuwing bevat dat het in orde brengen van deze zaken essentieel is om de bezuinigingen te kunnen realiseren. De minister is zich daarvan ongetwijfeld bewust. Gaat hij dit als eerste aanpakken? Wat is op dit punt zijn aanvalsplan? Er moeten achterstanden, vooral bij materieel en onderhoud, aangepakt worden. Wij zien dat de minister dat wil aanpakken en er geld voor uittrekt. Hoe gaat hij ervoor zorgen dat dit voortaan onder controle is en er niet meer sluipenderwijs een achterstand ontstaat waar zijn opvolger mee geconfronteerd zal worden? Hij wordt nu zelf immers ook met achterstanden geconfronteerd.

Een van de mogelijke achterstanden betreft een ereschuld aan veteranen die nog steeds wachten op compensatie. Wij komen daar volgende week uitgebreid over te spreken. Ook in dit verband hoor ik graag de erkenning van de minister dat dit een achterstand is die ingelopen moet worden. Waar richten wij de ontwikkelingen van innovaties op? Over onbemande vliegtuigen, drones, hebben wij al gesproken. Ook cyberwarfare wordt genoemd. Men spreekt in termen van beveiliging, maar oorlog zit toch echt in het woord! Gaan wij nieuwe gevechten aan in de virtuele ruimte? Is ook hier de aanval de beste verdediging? Wij kiezen op dit punt liever voor verdediging. Defensie moet zich houden aan het elektronisch beschermen van haar eigen systemen, maar niet, in navolging van de VS, met het bestrijken van de civiele infrastructuur. Die taak behoort bij Binnenlandse Zaken. Geen cyberwarfare dus maar internetbeveiliging. Het geld hiervoor moet onder strikte voorwaarden worden besteed.

Wij hebben het al gehad over de beheersstructuur en de noodzaak om die op orde te brengen. Wij zien bij de coalitie echter nog allerlei wilde ideeën, die wonderlijk genoeg geld moeten besparen. Een daarvan heet uitbesteden, het overlaten aan de markt. De SP gaat hier niet een heel ideologisch debat over voeren, maar de feiten zijn duidelijk. Of het nu spoorwegen of zorg betreft, invoering van marktwerking heeft onvoorziene gevolgen en leidt zeker niet automatisch tot een kostenbesparing. Misschien wel op korte termijn, zoals bij de NS, maar de kapotte wissels in de winter zeggen genoeg. Ik weet dat de minister gewillig is en dat hij elke optie wil onderzoeken die besparing kan opleveren. Durft hij ook een bepaalde orde van grootte te noemen van de bezuiniging die het potentieel kan opleveren? Is dat zijn aandacht wel waard, gezien de relatief grote opgaven? Ook intern hebben wij gezien waar de dienstverleningsgedachte toe leidt, zoals bij DMO.

Als wij de keuzes op een rij zetten, komen wij vervolgens tot de uitvoering. Daarbij staat het belang van het personeel voorop. Allereerst moet er snel zekerheid komen over wie er moet vertrekken en wie niet. Te lang wachten is allereerst zwaar voor de mensen waar het om gaat, gezien de onzekerheid, maar anderen gaan zelfstandig een afweging maken. Dat leidt tot demotivatie op de werkvloer en tot een uitstroom van personeel, mogelijk ook van personeel dat de minister nog wil behouden. Kan de minister aangeven waarom deze operatie niet sneller kan?

Daarnaast willen wij een goed sociaal plan. Dat moet niet worden uitgekleed vanwege de kosten. Uitgangspunt moet zijn: van werk naar werk. Ik herinner de minister aan de motie die mijn collega Van Dijk samen met mevrouw Bruins Slot heeft ingediend -- en die ook is aangenomen -- over de plaatsing van militairen bij andere publieke diensten. Hoe gaat de minister uivoering geven aan deze motie? Het is pijnlijk, maar ook Defensie moet in ontwikkeling blijven. Daar hoort dient doorstroming en het opleiden en aannemen van nieuwe mensen bij. Komt dat niet in het geding met deze plannen?

Dan het materieel. Hoe gaat het met de verkoop van het af te stoten materieel? Op dit moment werkt de staatssecretaris nog aan een herziening van het wapenexportbeleid. Moet hier geen rekening worden gehouden met dat, willen wij er op een ethisch verantwoorden manier van afkomen, de opbrengsten weleens tegen zouden kunnen vallen? Graag een reactie op dit punt.


De heer

1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   20


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina