Verslag van een notaoverleg



Dovnload 0.69 Mb.
Pagina9/20
Datum20.08.2016
Grootte0.69 Mb.
1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   20

Voorzitter: Ten Broeke
Mevrouw Eijsink (PvdA): Het is goed om van collega Hernandez een nuancering te horen op het punt van die 400 mln. Dat bedrag is dus niet eenzijdig toe te schrijven aan Uruzgan; de achtergrond is breder. Dank daarvoor. Ik blijf het lastig vinden dat ook de heer Hernandez zegt dat hij vertrouwt op de goede afloop. Daar ligt geen analyse aan ten grondslag. Wij hebben als Kamer geen duidelijk beeld van de huidige situatie, met cijfers, de effecten van eerdere reorganisaties en wat wij nu als Kamer gaan controleren, maar toch heeft de heer Hernandez het vertrouwen dat dit gaat lukken met deze minister. Ik geloof zeker dat deze minister een ontzettend grote inzet zal plegen -- dat heb ik vorig jaar in november direct gezegd -- maar zonder enige analyse, zonder te weten waar wij aan toe zijn en zonder de vele reorganisatieplannen die nog moeten komen, zegt de heer Hernandez hier nu dat hij erop vertrouwt dat alles goed komt. En dat terwijl hij ook verwijst naar de rapporten van de Rekenkamer. Die rapporten liggen hier al jaren en er is een bezwarenonderzoek geweest. Het is voor mij dus puzzelen waar de heer Hernandez dat vertrouwen vandaan haalt, zonder dat wij zaken en effecten enigszins duidelijk op papier hebben.
De heer Hernandez (PVV): Ik deel deels de zorgen van mevrouw Eijsink. Het is inderdaad al jaren een puinhoop, maar zoals ik zo-even zei, wij moeten ergens van uitgaan. Ik kan de minister niet op de pijnbank leggen en hem dwingen om dit te realiseren. Het is een kwestie van vertrouwen. Daarnaast heb ik gezegd dat ik een aantal garanties wil. Ik wil zeker weten dat wij zo meteen niet weer bij spoor 3 uitkomen omdat dat lekker makkelijk is.
De voorzitter: Mevrouw Eijsink, ik zie dat u wilt interrumperen, maar ik ben even kwijt hoeveel interrupties de vorige voorzitter aan u heeft toegestaan.

**
Mevrouw Eijsink (PvdA): Het is de eerste keer bij u, voorzitter.


De voorzitter: U kunt af en toe heel goed tellen, zoals wij zien. Ik sta nog één verduidelijkende vraag toe.

**
Mevrouw Eijsink (PvdA): Dank u wel. Voor de duidelijkheid merk ik op dat ik geen spelletjes probeer te spelen. Ik probeer nog een keer duidelijk te krijgen wat de heer Hernandez precies bedoelt. Het verbaast mij oprecht dat wij aan deze kant van de tafel blijkbaar op heel mooie kleuren ogen vertrouwen, zonder dat er een onderbouwing onder ligt. De heer Hernandez spreekt vertrouwen uit, maar het gaat wel om belastinggeld. Thuis zeg je toch ook niet dat je vertrouwen uitspreekt in de mensen met wie je op financieel gebied te maken hebt? Ook dan wil je toch iets op papier hebben wat je kunt checken?


De heer Hernandez (PVV): Ik weet niet met wie mevrouw Eijsink altijd in zee is gegaan waardoor zij zo wantrouwend is geworden. De minister geniet het vertrouwen van de Kamer tot er een motie van wantrouwen ligt. Waarom zou ik de minister niet vertrouwen? Als dat al niet kan, kunnen wij net zo goed stoppen. Ik heb dat vertrouwen gewoon. Weliswaar zijn er geen contracten getekend waaraan mensen juridisch gebonden zijn, maar wij hebben het vertrouwen in de minister uitgesproken. Ik heb zojuist al gezegd dat ik erop vertrouw dat de minister de bezuinigingen zal uitvoeren op de aangegeven manier. Ik heb daar een aantal zekerheden voor gevraagd. Mevrouw Eijsink kan mij daar vragen over blijven stellen, maar meer kan ik er niet over zeggen.
Mevrouw Eijsink (PvdA): Voorzitter, als ik mij nog een opmerking mag permitteren…
De voorzitter: Nee, mevrouw Eijsink…

**
Mevrouw Eijsink (PvdA): Ik heb juist van de krijgsmacht geleerd dat vertrouwen goed, maar controle beter is. Dat heb ik ook de heer Hernandez vaak horen zeggen.


De voorzitter: Vertrouwen komt te voet en gaat te paard. Zo is het ook met de tijd van deze vergadering. Wij zetten er daarom een beetje vaart in.

**
De heer El Fassed (GroenLinks): Voorzitter. Wij hebben het vandaag over een serieuze zaak. Defensie gaat een sombere toekomst tegemoet. Allereerst is er het regeerakkoord van het CDA en de VVD en hun steun en toeverlaat, de PVV, met daarin een structurele bezuiniging van 635 miljoen. Op het ministerie van Defensie, dat de afgelopen decennia vooral geleid is door CDA- en VVD-bewindslieden, bleken een paar financiële lijken in de kast te liggen van circa 400 mln. Als wij daarbij de circa 175 mln. optellen om de financiële huishouding op orde te krijgen, komen wij uit op een bedrag van ongeveer 1mld. op een begroting van 8 mld. Dit zijn de cijfers, maar wij moeten vooral niet vergeten dat het gaat om mensen, om mannen en vrouwen met een bijzondere functie. Het wrange is dat zij nog lang in onzekerheid zullen moeten blijven. Zij hebben weinig vertrouwen in hun leiding en in de politiek. Er is veel onduidelijkheid en onzekerheid. Net als bij andere bezuinigingen gaat het vooral over mensen en de gevolgen van de bezuinigingen voor die mensen.

Vriend en vijand zijn het erover eens dat deze bezuinigingen financieel gedreven zijn. Ook onder het defensiepersoneel is de algemene beleving dat er geen sprake is van een visie, maar dat het gaat om een ordinaire geldkwestie, om de woorden van de voorzitter van een van de vakbonden aan te halen. Tijdens de hoorzitting noemde hij de numerus fixus als bewijs. Daarvoor is het defensiepersoneel wellicht nog banger dan voor de bezuinigingen op zich.

Het plan om het sociaal beleidskader te versoberen, valt slecht bij de mensen. Zij hebben recht op een fatsoenlijk sociaal beleidskader. Graag hoor ik van de minister hoe hij dit zal vormgeven en wat hij daarover zal zeggen tegen de bonden.

Er is geen match tussen de ambitie en het financiële plaatje. Zonder dat er een visie aan ten grondslag ligt, hanteert de minister een diepe kartelige kaasschaaf, die rafelige randjes achterlaat. Waarom houdt het kabinet zo krampachtig vast aan een veelzijdig inzetbare krijgsmacht? "Veelzijdig inzetbaar" is een cynische, inhoudsloze term geworden. De generaals en de experts zijn het erover eens. Zelfs de minister heeft toegegeven dat de krijgsmacht al jaren niet meer veelzijdig inzetbaar is, maar dit schijnt hem niet aan het denken te hebben gezet.

En toch, ondanks de forse bezuinigingen, houdt de coalitie vast aan wat een van de experts een "paracetamolkrijgsmacht" noemt. Waarom zijn er alleen keuzes binnen en niet tussen verschillende krijgsmachtsonderdelen gemaakt? Is er nu wel of geen sprake van joint denken geweest?

Wanneer omstandigheden ertoe leiden dat fors moet worden gesneden in een begroting, zijn er ruwweg twee mogelijkheden. Allereerst is dat het maken van heldere keuzes, gebaseerd op een visie op de toekomst van Defensie. Of het is de manier waarop het kabinet dit doet: sprokkelen en selectief shoppen uit heroverwegingsrapporten, om met allerlei kleine en grote ingrepen een miljard bij elkaar te vegen. Met deze beleidsbrief heeft het kabinet een manier gevonden om de papieren werkelijkheid van de afspraken tussen CDA, VVD en PVV te rijmen met de werkelijkheid bij Defensie. Vasthouden aan veelzijdig inzetbaar leidt tot veelzijdige afbraak, een mini-Zwitsers zakmes houdt het langer vol dan de krijgsmacht van deze minister.

Voor zover ik mij kan herinneren, is over de verkenningen en brede heroverwegingen nooit een fundamenteel debat met de Kamer gevoerd. Dat is typerend voor het proces rond de bezuinigingen: een debat over visie wordt vermeden. Nu zitten we met een visieloze beleidsbrief. Met de kredietcrisis of het gebrek aan waardering uit de samenleving komt deze minister niet weg. Hij heeft aan het Defensiepersoneel en de Kamer nog niet duidelijk kunnen maken waarom hij hiervoor kiest. Als we zouden denken dat de beleidsbrief een antwoord was op het rapport Verkenningen, komen we bedrogen uit. Immers, het rapport beperkte zich tot de watvraag, namelijk onze ambitie, maar met "veelzijdig inzetbaar" is er geen antwoord gegeven op de hoevraag. Daar heeft Defensie zelf ook geen antwoord op of sturing aan gegeven.

Daarmee zijn we beland bij de beleidsbrief. Wij hebben vandaag nog geen volledig plaatje. De aansturing en bedrijfsvoering moet het merendeel van het geld opleveren en de plannen zijn weinig concreet. Pas in juni wordt duidelijk hoe de reorganisatie eruit komt te zien, wat een en ander betekent voor bestuursstaf, staven, welk vastgoedplan en welke locaties erbij horen, de aantallen en de beoogde spreiding van rangen, de doorstroming en de wijze waarop ervaringsopbouw wordt gegarandeerd. Bovendien krijgt het ministerie waarschijnlijk te maken met extra bezuinigingen, waarover pas meer informatie komt op Prinsjesdag. Er is dus nog veel onduidelijk en onhelder. Graag hoor ik van de minister op welke manier hiermee zal worden omgegaan. Bovendien hoor ik graag hoe de minister met betrekking tot de locaties uitvoering gaat geven aan de motie-Grashoff/Albayrak van december vorig jaar.

Vandaag moet het vooral gaan over visie en een realistische ambitie voor onze krijgsmacht. Ook mijn fractie is van mening dat moet worden bezuinigd op Defensie, maar wel op basis van een visie op de krijgsmacht en zijn rol in het totaalpalet van het internationale beleid. Wij kiezen voor een krijgsmacht met gespecialiseerde taken, taken waarin de krijgsmacht goed is en in internationaal verband een meerwaarde heeft. Nederland heeft strepen verdiend door eigenzinnige bijdragen aan stabiliteitsmissies. Dit zijn langdurige gezamenlijke operaties in fragiele staten, om stabiliteit te brengen en burgers te beschermen. In deze missies is internationale samenwerking noodzakelijk voor de 3D-aanpak waarbij defensie niet het enige instrument is dat wordt ingezet, maar ook diplomatie en ontwikkelingssamenwerking belangrijke instrumenten zijn.


Voorzitter: Van Beek
De heer Knops (CDA): Voorzitter. De heer El Fassed heeft het steeds over visie, althans het ontbreken daarvan. Misschien was hij nu net aangeland bij het uitleggen van zijn eigen visie. Hij zegt dat we ons gewoon moeten richten op gespecialiseerde zaken, dat we dingen moeten doen waar we goed in zijn. Dat klinkt eenvoudig, maar dat kan toch alleen maar als je ook de garantie hebt dat de dingen die je niet meer doet, door anderen worden gedaan? Is hij van mening dat die fase al is aangebroken, in Europa of binnen de NAVO?
De heer El Fassed (GroenLinks): Dat is juist het gebrek aan visie. Als we zelf goed weten waar we goed in zijn en daarvoor erkenning hebben gekregen van de internationale gemeenschap, is het heel handig om met die visie de boer op te gaan. Nu gaan we met een soort breed palet van halve zaken de boer op en vragen we aan de buren waarop zij gaan bezuinigen. Het lijkt mij dat je, als je goed voorbereid bent, juist met je visie de boer op gaat voorafgaand aan de beleidsbrief en dat soort plannen, om te kijken waarin je je kunt specialiseren.
De heer Knops (CDA): Die redenering gaat alleen op als je er daarna op kunt rekenen dat de landen waarmee je dergelijke afspraken hebt, de taken van je overnemen die je zelf niet kunt uitvoeren. Of we dit nu willen of niet -- en mevrouw Hachchi zou dit graag willen, anderen weer niet -- volgens mij zitten we nog niet in een dergelijke situatie. Dat moet u toch erkennen?
De heer El Fassed (GroenLinks): De heer Knops en ik zijn het er wel over eens dat die druk moeten worden gehandhaafd. Dit is misschien gedwongen door bezuinigingen. Het lijkt mij echter goed dat je met een visie de boer op gaat voor je het plaatje met alle cijfers op papier zet, en dat je met die visie naar je bondgenoten gaat om te kijken waar men elkaar kan aanvullen, wat de taken zijn waarin elk goed is en waar men de samenwerking kan bevorderen, zoals ook de heer Knops wil.
De heer Ten Broeke (VVD): Het lijkt er bij de heer El Fassed soms op, dat je naarmate je het woord "visie" of "visieloos" maar vaker laat vallen, suggereert dat je die zelf wel hebt. Ik wil dit even testen. Wat is nu eigenlijk de visie van de GroenLinks-fractie wanneer wij in Bosnië worden geprezen om het afdwingen van een no-flyzone en de GroenLinks-fractie ongeveer om een no-flyzone gilt als het noodzakelijk is om de burgers in Misrata en daarvoor in Benghazi te beschermen, maar haar stem op allerlaatste moment terugtrekt op het moment dat die no-flyzone wordt afgedwongen en Nederland om een bijdrage wordt gevraagd? Wat is de visie achter het handhaven van een wapenembargo, waarom de GroenLinks-fractie gilde, terwijl zij niet meer thuis gaf toen er in de Kamer moest worden gestemd over het meedoen aan een wapenembargo? Dit gebeurde overigens wel nadat de wapenexportrestricties nog wat waren aangescherpt. Wat is de visie van Groenlinks als het de ene week vraagt om grondtroepen in Libië, waaraan nog geen enkele fractie zich heeft bezondigd, en in het debat daarover vervolgens niet meer komt opdagen? Wat is de visie van GroenLinks als wij wel in Kunduz meedoen aan een politiemissie, maar wij juist zijn geprezen om de 3D-benadering, waarin wij bijvoorbeeld ook in het hoogste geweldspectrum moeten optreden? Waar is dan de visie van de GroenLinks-fractie?
De heer El Fassed (GroenLinks): Ik begrijp goed dat de heer Ten Broeke de aandacht van de discussie van vandaag wil afleiden omdat hij zelf met een groot probleem zit. Wij spreken vandaag niet over een artikel 100-brief, maar over de toekomst van Defensie. Als het gaat om de toekomst van Defensie, dan lijkt mij een visie zoals de heer Ten Broeke tentoonspreidt, waarin hij met een nogal eenzijdige beperkte blik stelt dat je veiligheid alleen met Defensie kunt bereiken, erop te duiden dat de heer Ten Broeke die visie mist.

Laat ik verder gaan met mijn betoog, want ik denk niet dat de heer Ten Broeke tevreden zal zijn met dit antwoord, maar het lijkt mij wel dat hij met zijn vraag afleidt van waarover het vandaag gaat. De VVD heeft in haar verkiezingsprogramma iets anders gezegd dat ze nu moet uitvoeren. Ik kan mij heel goed voorstellen dat de heer Ten Broeke daarover gepikeerd is, maar daarover spreken wij vandaag.


De heer Ten Broeke (VVD): Ik ben vandaag op geen enkele manier weggelopen, in welk debat met welke collega dan ook en ook niet in mijn eigen bijdrage, waarin zeker een derde is gewijd aan mijn eigen verkiezingsprogramma. Het is heel makkelijk om dat te zeggen. Maar als de heer El Fassed spreekt over visie -- hij sprak vanmorgen in de Volkskrant ook over visie en de visieloosheid van dit kabinet en het gebrek aan visie op deze bezuinigingen -- dan rust op hem ook de verantwoordelijkheid om het debat aan te gaan als een collega dat vraagt, zeker als hij zelf vraagt om het debat. Ik vraag hem nogmaals: wat is de visie achter wel schreeuwen om inzet, maar niet voorstemmen?
De heer El Fassed (GroenLinks): Nogmaals, de heer Ten Broeke leidt het debat af van waarover het gaat. Als het gaat over visie, dan gaat het inderdaad over vraagstukken van internationale veiligheid. Dan gaat het inderdaad om het bevorderen van de internationale rechtsorde. Sprekend over het laatste, neem ik het voorbeeld van Libië. Wij vroegen om meer duidelijkheid over de eensluidende interpretatie van de VN-resolutie. Vorige week kregen wij van de minister het antwoord dat die eenduidige interpretatie van de VN-resolutie er twee maanden na dato nog niet is. U kunt wel overal blind invliegen, maar zonder visie komt u nergens.
De voorzitter: Een heel korte opmerking.

**
De heer Ten Broeke (VVD): Nu breekt mijn klomp. Het is van tweeën één. Ofwel de heer El Fassed wil graag gezamenlijk Europees optreden, het liefst ook nog onder volkenrechtelijk mandaat. Daar zijn wij allemaal voor. Maar dan doet u ook mee. De interpretatie van het VN-mandaat is heel helder. Niemand aan deze kant betwist dat het instellen van een no-flyzone niet uitdrukkelijk is bedoeld met resolutie 1442. De GroenLinks-fractie was zelf de eerste die erom riep, maar ook de eerste die tegenstemde. Als zij dat doet, en met zo'n beeld naar de krijgsmacht kijkt, is de vraag hier zeer legitiem wat voor krijgsmacht zij op het oog heeft.


De heer El Fassed (GroenLinks): De Kamer heeft een controlerende taak en als op de vragen die wij stellen geen antwoorden komen, kun je onmogelijk ergens blind instappen. Je moet duidelijkheid hebben voor je ergens een handtekening onder zet. Volgens mij is de heer Ten Broeke het daarmee eens. Hij heeft ook zijn handtekening onder dit regeerakkoord en deze bezuinigingen gezet. Volgens mij is dit glashelder.
De voorzitter: U vervolgt uw eigen betoog.

**
Voorzitter. Bij missies zijn internationale samenwerking en de 3D-aanpak, waarbij Defensie niet het enige instrument is dat wordt ingezet maar ook diplomatie en ontwikkelingssamenwerking, belangrijke instrumenten. En juist met die combinatie van middelen heeft Nederland ervaring opgedaan. Niet alles half doen, maar één taak heel goed: dan tel je mee. Wij hebben belangrijke lessen geleerd uit deze aanpak en wij weten welke krijgsmachtsonderdelen, manschappen en materieel hiervoor nodig zijn. Dat is een krijgsmacht die in mensen investeert. In zo'n krijgsmacht kun met minder F16's en minder onderzeeboten toe. In zo'n krijgsmacht beperk je niet de helikoptercapaciteit of de opleidingscapaciteit. In zo'n krijgsmacht investeer je juist in kennis. Maar traditionele ideeën zijn niet aan de kant geschoven en heilige huisjes zijn ontzien. Met een goede analyse van nieuwe dreigingen en toekomstige missies en met voldoende moed kan ook met minder geld een zinvolle en geloofwaardige Defensie in stand worden gehouden.

Wie zich specialiseert, zal samen moeten werken. Mijn fractie pleit daarom voor Europese samenwerking. Tijdens de hoorzitting bleek dat wij op een aantal terreinen met Duitsland en de Benelux bewonderenswaardige samenwerkingsverbanden hebben opgebouwd. Aangezien in heel Europa de defensiebegrotingen onder druk staan, is het nu het moment: niet achteraf elkaar informeren wanneer bezuinigingsplannen al op de tekentafel liggen, maar vooraf om in samenspraak af te stemmen over specialisatie en samenwerking.

Er valt veel winst te halen uit Europese samenwerking. Het probleem van duplicatie is structureel. Zo heeft het Amerikaanse leger een begroting van 600 mld. voor 1,1 miljoen manschappen, van wie de helft operationeel is. In Europese landen is slechts 7% van de 1,8 miljoen manschappen operationeel. Door goede samenwerking kunnen wij duplicatie zo veel mogelijk vermijden. Ik denk daarbij bijvoorbeeld aan onderzoek, wapensystemen, wapenprogramma's, behoefte, opleiding en training, operationele leiding en samenwerking op het gebied van de industrie en de logistieke steun. Samenwerking kost tijd en geld, maar levert op termijn veel op. Je moet durven investeren en harmoniseren en eisen en belangen bij elkaar brengen. Belemmeringen op het gebied van samenwerking zijn vooral technisch van aard, zo werd duidelijk tijdens de hoorzitting. Een concreet voorbeeld van deze samenwerking zou de gezamenlijke inkoop van materieel kunnen zijn. Voor de Nederlandse defensie-industrie biedt het mogelijkheden voor een grotere afzetmarkt. Voor Defensie betekent het minder maatwerk, waardoor er goedkoper ingekocht kan worden en waardoor samenwerking op minder technische problemen stuit.


De heer Hernandez (PVV): Ik ben benieuwd naar de ideeën van de heer El Fassed over de soevereiniteit van Nederland. Als ik hem goed beluister, geeft hij die helemaal weg en zit hij eigenlijk bij D66 op schoot.
De heer El Fassed (GroenLinks): Ik snap dat het voor de PVV moeilijk is om het woord "samenwerking" uit te leggen.

Bij taakspecialisatie houd je een behoorlijke mate van soevereiniteit over. Als elk Europees land blijft werken met een veelzijdig inzetbare krijgsmacht, dan ga je elkaar inderdaad "inschuiven" met als gevolg dat je veel minder soevereiniteit overhoudt. Ik denk dat wij ons niet moeten laten afleiden door de discussie over soevereiniteit en concreet moeten nadenken over de vraag waar samenwerking op het terrein van de logistiek en de inkoop tot meerwaarde leidt. Ik denk dat wij daar behoorlijke stappen kunnen zetten.

Voorzitter. In de beleidsbrief wordt toegegeven dat er onvoldoende tijd is gespendeerd aan overleg met onze buren en bondgenoten over de bezuinigingen en de wijze waarop taakspecialisatie en samenwerking meerwaarde kunnen creëren. Nu pas wordt gekeken of aansluiting bij de Brits/Franse samenwerking mogelijk is. Dat hadden wij natuurlijk van tevoren moeten doen. Er is dus potentie voor meer samenwerking. Welke rol kan het Europese Defensie Agentschap hierbij spelen? Is er voorafgaand aan de beleidsbrief contact geweest met het EDA om bezuinigingen van andere lidstaten op het gebied van Defensie af te stemmen? Kan het EDA hierbij een belangrijke rol spelen?

Taakspecialisatie en samenwerking. Volgens de CdS is het lastig uit te leggen aan internationale partners dat de Cougar-helikopters worden stilgezet. Dat besluit is onverstandig en niet gebaseerd op een visie. Het is louter en alleen ingegeven door de noodzaak om geld te vinden. In de betreffende alinea in de beleidsbrief wordt een inhoudelijk argument gegeven om de Cougar's te behouden en een financieel argument om ze af te schaffen. Bovendien zal de opvolger pas in 2014 worden geleverd en nog veel later operationeel zijn. De Cougar's zijn niet op of versleten en is er, zo bevestigen de OPCO's, bij alle missies grote behoefte aan helikoptercapaciteti.

In een krijgsmacht waar GroenLinks voor kiest, wordt geïnvesteerd in mensen. Het gaat ons dan ook aan het hart dat er klappen vallen bij de opleidingen. Bij een kleinere krijgsmacht hoort ook een kleiner opleidingsveld, maar ik zou de minister toch willen vragen of hij bereid is, te overwegen het opleidingsveld te ontzien. Juist ons kennisniveau is iets waarmee de Nederlandse krijgsmacht zich onderscheidt.
Het voorstel om in het vervolg van de plank te kopen, juich ik toe. Dit geeft, zoals de minister zelf concludeert, op voorhand meer zekerheid over de kosten en de looptijd dan bij de ontwikkeling van een product. Waarom wordt deze wijsheid niet toegepast bij de JSF? Als er één product is waarbij de kosten en de looptijd buitengewoon worden overschreden, dan is het wel de JSF. Met de kennis van nu en de wijsheid over de voordelen van het kopen van de plank, moet dit besluit toch herzien kunnen worden. Wat de JSF betreft, vraag ik mij ook af waarom het planningsaantal ongewijzigd is gebleven. Een antwoord in de trant van "dat beslist het volgende kabinet" is daarbij onaanvaardbaar. Deze bezuinigingen gaan immers het beeld bij Defensie de komende decennia bepalen. Daarbij hoort een visie op het aantal jachtvliegtuigen.

Dan de verkoop van overtollig defensiematerieel. Om te voorkomen dat ons materieel terechtkomt in dictaturen, zoals onze oude pantservoertuigen in Egypte en Bahrein, wordt naar aanleiding van een notitie van mijn hand en een stevige toezegging van het kabinet het wapenexportbeleid aangescherpt. De minister laat weten dat er nog geen kopers zijn gevonden, dat hij geen onderzoek heeft gedaan naar de vraag naar overtollig materieel en dat er geen analyse is gemaakt van potentiële kopers. Dit baart mij zorgen. Er is tot 2020 ruim 400 mln. ingeboekt aan verkopen, gebaseerd op 60% van de geschatte verkoopwaarde. Kan de minister uitleggen aan wat voor landen hij onze tanks, F-16's en fregatten wil verkopen als hij geen marktanalyse heeft gemaakt, de hele westerse wereld met teruglopende defensiebudgetten kampt en op basis van het mensenrechtencriterium een groot aantal landen afvalt?

Bij een bijzondere functie hoort ook een bijzondere zorg. Mijn fractie is blij dat de toezeggingen rondom de veteranenwet overeind blijven en zal de minister aan zijn woord houden.

In het vervolgtraject is veel meer duidelijkheid nodig. Om te beginnen over visie en ambitie, over de hoe-vraag en de wat-vraag en over de verdere invulling van maatregelen die voortkomen uit het plaatje van hoe onze krijgsmacht eruit moet komen te zien.


De heer Knops (CDA): De retorische vragen van de heer El Fassed aan de minister roepen bijna om een antwoord. Niet van hemzelf dus misschien dat ik het mag doen. Mijnheer El Fassed, u had het net over de Grieken. Misschien dat zij nog interesse hebben in wat spul. Het gaat mij echter om iets anders. Aan de ene kant zegt u tegen de minister: u moet aan heel strenge restricties voldoen bij wapenexport. Aan de andere kant vraagt u om opbrengstmaximalisatie. Dat is toch een beetje tegenstrijdig. Kunt u dat verder uitleggen?
De heer

1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   20


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina